CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Was-wordt-tabel, reglement raad

Gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente VenrayBij agendapunt: Actualiseren Reglement van orde Raad4.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was Artikel 1. Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: 1. voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger. 2. griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger; 3. voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de vergadering; 4. amendement: voorstel van een of meerdere raadsleden tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; 5. subamendement: voorstel van een of meerdere raadsleden tot wijziging van een aanhangig amendement; 6. motie: verklaring van een of meerdere raadsleden waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; 7. initiatiefvoorstel: voorstel van een of meerdere raadsleden voor een verordening of ander voorstel;

Wordt Artikel 1. Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: 1. voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger. 2. griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger; 3. amendement: voorstel van een of meerdere raadsleden tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; 4. subamendement: voorstel van een of meerdere raadsleden tot wijziging van een aanhangig amendement; 5. motie: verklaring van een of meerdere raadsleden waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; 6. initiatiefvoorstel: voorstel van een of meerdere raadsleden voor een verordening of ander voorstel; 7. wet: Gemeentewet

Toelichting De definitie genoemd in lid 3 wordt al gegeven in het artikel over voorstellen van orde. Daarmee is deze definitie hier overbodig. Conform modelverordening is het advies om de Gemeentewet te vermelden in dit rijtje.

Artikel 2. Het presidium 1. De raad heeft een presidium. 2. De gemeenteraad stelt het reglement vast voor de taak, samenstelling en werkwijze van het presidium.

Artikel 2. Het presidium 1. De raad heeft een presidium. 2. Het presidium is belast met het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen. 3. De gemeenteraad stelt het reglement vast voor de overige taken, samenstelling en werkwijze van het presidium. Artikel 4. De griffier 1. De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen en vergaderingen van het presidium en seniorenconvent. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervanger.

Het bestaande lid 2 is erg summier. Het geniet aanbeveling in dit reglement iets te zeggen over waar de concept agenda (de voorlopige agenda) tot stand komt.

Artikel 4. De griffier 1. De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen en vergaderingen van het presidium en seniorenconvent. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad benoemde plaatsvervanger.

De wet spreekt van het “aanwijzen” van een griffier. Dat geldt logischerwijs ook voor een plaatsvervanger.

3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in raadsvergaderingen deelnemen. Artikel 5. (…) 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter in afwijking van het voorgaande onder lid drie en vier van dit artikel een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. Artikel 7. Fracties 1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. 2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. 5.

Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.

3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in raadsvergaderingen deelnemen. Artikel 5.

Bijzin is overbodig en staat ook niet in het model.

5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. Artikel 7. Fracties 1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd. 2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. 5. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.

Lid 1: de juiste term is “zittingsperiode”. Lid 5: het verzoek is de verwijzing naar de Kieswet iets preciezer te omschrijven, conform het model.

Artikel 8. Oproep en voorlopige agenda 1. De voorzitter zendt ten minste veertien dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. 2. Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 9, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de raadsvergadering aan de leden gezonden. Artikel 9. Aanvullende agenda; vaststellen agenda 1. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt. 2. Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid geheim en worden deze aan raadsleden verstrekt. Daarbij staat er duidelijk op het document vermeld dat het om geheime stukken gaat. 3. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld.

Artikel 8. Oproep en agenda 1. De voorzitter zendt ten minste veertien dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken. 2. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de raadsvergadering wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden. 3. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 9, derde lid, van toepassing. 4. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld.

Het voorstel is om artikelen 8 en 9 te vervangen door één nieuw artikel. Het nieuwe artikel is gebaseerd op de modelverordening. Er verandert niets aan de deadline voor verzending van de raadsagenda. De verwijzingen naar artikel 25 van de Gemeentewet zijn niet meer actueel. Artikel 25 wet is komen te vervallen. In plaats van deze verwijzingen komt een verwijzing naar lid 3 van artikel 9 van het reglement (zie hieronder). Die bepaling verwijst op zijn beurt weer naar het nieuwe hoofdstuk over geheimhouding in de Gemeentewet.

Artikel 10. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, kunnen indien gewenst gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Stukken worden digitaal ter inzage geplaatst op de website van de gemeente. 3. Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid geheim en worden deze alleen aan raadsleden verstrekt. Daarbij staat er duidelijk op het document vermeld dat het om geheime stukken gaat.

Artikel 9. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. 3. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier.

Het advies is om de tekst van de modelverordening te volgen. De verwijzing naar artikel 25 van de Gemeentewet is achterhaald.

Artikel 12. Presentielijst 1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening vastgesteld.

Artikel 11. Presentielijst 1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die lijst door de griffier door ondertekening vastgesteld.

Hier wordt voorgesteld om ondertekening op te dragen aan de griffier (in plaats van de griffier en de voorzitter). Dit is in lijn met het raadsbesluit van 26 maart 2024 over enkelvoudige ondertekening.

Artikel 14 Spreekrecht burgers

(vervalt)

Spreekrecht vindt in een aparte bijeenkomst plaats (het Sprekersplein).

In verband met de invoering van het Sprekersplein komt het spreekrecht burgers te vervallen.

Artikel 15. Aantal spreektermijnen 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.

Artikel 13. Aantal spreektermijnen 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 3. Raadsleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. 4. Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend ten aanzien van de beraadslaging daarover. 5. Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde of het plegen van een interruptie.

Het advies is om dit artikel uit te breiden met enkele bepalingen uit de modelverordening. Dit zou beter aansluiten bij wat reeds gebruikelijk is. Bovendien zouden het reglement van de raad en de commissieverordening hiermee dezelfde bepalingen hanteren v.w.b. spreektermijnen. Bovendien wordt geadviseerd duidelijk te maken dat een interruptie geen spreektermijn is.

Artikel 16. Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.

Artikel 14. Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21, eerste en tweede lid, van de wet, kan de raad op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.

Kleine aanpassing conform de modelverordening.

Artikel 19. Beslissing De voorzitter sluit de beraadslaging nadat de raad heeft vastgesteld dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht.

Artikel 17. Beslissing 1. De voorzitter sluit de beraadslaging nadat de raad heeft vastgesteld dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht. 2. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.

Het voorstel is om het tweede lid toe te voegen. Dit is overgenomen uit de modelverordening. In de praktijk is het reeds gebruikelijk dat de voorzitter het te nemen besluit voorleest.

Artikel 20. Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 lid 1 en lid 3 van de Gemeentewet niet aan de stemming te hebben deelgenomen. 3. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping op alfabetische volgorde, volgend op het aangewezen raadslid. 5. Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 lid 1 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging. 6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd.

Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 7. De voorzitter of de griffier deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet

Artikel 18. Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 lid 1 van de wet niet aan de stemming te hebben deelgenomen. 3. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping op alfabetische volgorde, volgend op het aangewezen raadslid. 5. Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 lid 1 van de wet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging. 6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd.

Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 7. De voorzitter of de griffier deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.

Verwijzing naar artikel 28 lid 3 was niet correct.

daarbij tevens mededeling van het genomen besluit. Artikel 21. Volgorde stemming over amendementen en moties 1. Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3. Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken. 5. De stemming over moties kan worden aangehouden; heeft zij niet plaats gevonden in de derde raadsvergadering na het raadsbesluit tot aanhouden, dan wordt de motie geacht te zijn vervallen. De raad kan anders besluiten. Een vervallen motie kan opnieuw worden ingediend.

Artikel 19. Volgorde stemming over amendementen en moties 1. Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3. Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken.

Over lid 5: dit ontbreekt in de modelverordening. Het lid voegt niets toe.

Artikel 23. Besluitenlijst 1. De ontwerpbesluitenlijst van de voorgaande vergadering wordt, zo mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep. De ontwerpbesluitenlijst wordt gelijktijdig aan de overige personen die het woord gevoerd hebben, toegezonden.

Artikel 21. Besluitenlijst 1. De ontwerpbesluitenlijst van de voorgaande vergadering wordt, zo mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep. De ontwerpbesluitenlijst wordt gelijktijdig aan de overige personen die het woord gevoerd hebben, toegezonden.

Het voorstel is om enkele verbeteringen en tekstuele aanscherpingen door te voeren. De suggesties zijn gebaseerd op de modelverordening. Daarnaast wordt voorgesteld om ondertekening op te dragen aan de griffier (in plaats van de griffier en de voorzitter). Dit is

Ook zonder dit lid is het mogelijk om besluitvorming over een motie uit te stellen. Het initiatief om een motie opnieuw te agenderen, ligt bij de indieners. Een “vervallen” motie betekent in wezen niets anders dan een ingetrokken motie. De laatste zin van het huidige lid bevestigt dat een dergelijke status geen gevolgen heeft.

2.

3.

4.

5. 6. 7.

Bij het begin van de vergadering wordt, zoveel mogelijk, de besluitenlijst van de vorige vergadering vastgesteld. De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien de besluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor het vaststellen van de besluitenlijst bij de raadsgriffier te worden ingediend. De besluitenlijst moet inhouden: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de ter vergadering aanwezige leden, alsmede van de leden die afwezig waren en overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; c. een vermelding van de door de raad genomen besluiten. d. een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de leden, met vermelding van hun partij, die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de leden, met vermelding van hun partij, die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben moeten onthouden; e. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen en voorstellen van orde; f. het dictum van de moties en amendementen; De besluitenlijst wordt opgesteld onder de zorg van de raadsgriffier.

De vastgestelde besluitenlijst wordt door de voorzitter en de raadsgriffier ondertekend. De vastgestelde besluitenlijst wordt op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.

2.

3.

4.

5.

Bij het begin van de vergadering wordt, zoveel mogelijk, de besluitenlijst van de vorige vergadering vastgesteld. De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien de besluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor het vaststellen van de besluitenlijst bij de raadsgriffier te worden ingediend. De besluitenlijst moet in ieder geval inhouden: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een aantekening van welke raadsleden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een vermelding van de door de raad genomen besluiten. e. een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de leden, met vermelding van hun partij, die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de leden, met vermelding van hun partij, die zich overeenkomstig de wet van stemming hebben moeten onthouden; f. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen en voorstellen van orde; g. het dictum van de moties, amendementen en subamendementen; h.

bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van artikel 14 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. De besluitenlijst wordt opgesteld onder de zorg van de raadsgriffier.

in lijn met het raadsbesluit van 26 maart 2024 over enkelvoudige ondertekening.

6. 7. Artikel 24. Audio- en beeldverslag 1. Van alle raadsvergaderingen worden audioverslagen gemaakt. Deze audioverslagen worden op de gemeentelijke website geplaatst. 2. Ook bestaat de mogelijkheid om van de raadsvergaderingen een beeldverslag te maken. Het beeldverslag kan eveneens op de gemeentelijke website geplaatst worden.

De vastgestelde besluitenlijst wordt door de raadsgriffier ondertekend. De vastgestelde besluitenlijst wordt op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.

Artikel 22. Audio- en beeldverslag Een beeld- en geluidsopname maakt onderdeel uit van de verslaglegging. De beeld- en geluidsopname wordt op de gemeentelijke website geplaatst.

Het voorstel is om dit artikel bij te werken. Het bestaande artikel sluit niet meer aan bij de praktijk. De voorgestelde formulering is gelijk aan die van de raadscommissies.

Artikel 25. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden door de griffie op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd. 2. Na de vaststelling van de besluitenlijst stelt de raad op voorstel van het presidium de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.

Artikel 23. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden door de griffie op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd. 2. Na de vaststelling van de besluitenlijst stelt de raad op voorstel van de griffier de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.

Artikel 27. Verslag besloten vergadering 1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden uitsluitend aan raadsleden beschikbaar gesteld. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.

Artikel 25. Verslag besloten vergadering 1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de griffier. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het opheffen van de geheimhouding op het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.

Artikel 28. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.

Artikel 26. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.

In de praktijk komen ingekomen stukken meestal eerst bij de griffie binnen. De griffie zorgt dat de raad (en commissie) deze stukken kunnen inzien. Het advies is om de griffier te belasten met de taak om een voorstel te doen voor de wijze van afdoening. De vaststelling van die wijze van afdoening blijft een taak van de raad. Het advies is om de tekst van de modelverordening te volgen. Er verandert niets aan de systematiek achter verslagen en besluitenlijsten van besloten vergaderingen.

Het advies is om de tekst van de modelverordening te volgen. Er verandert inhoudelijks niets aan de procedure in kwestie.

Artikel 36. Vragenuur (…) 2 Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp de werkdag voorafgaand aan de raadsvergadering voor 09.00 uur bij de griffie. De voorzitter kan in overleg met het presidium weigeren een onderwerp tijdens het vragenuur aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt, dan wel de vraag beter (eerst) via de griffier aan de gemeentelijke organisatie kan worden voorgelegd of worden behandeld in de betreffende raadscommissie. De voorzitter brengt het onderwerp waarover vragen zullen worden gesteld uiterlijk 24 uur voor aanvang van het vragenuur ter kennis van het college of de burgemeester. (…) Artikel 40. Intrekken oude reglement Het Reglement van Orde Gemeenteraad Venray 2015 wordt ingetrokken. Artikel 41. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking op 22 februari 2017. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Venray 2017.

Artikel 34. Vragenuur (…) 2. Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen, meldt dit bij de griffie onder aanduiding van het onderwerp uiterlijk de werkdag voorafgaand aan de raadsvergadering om 09.00 uur. De voorzitter kan in overleg met het presidium weigeren een onderwerp tijdens het vragenuur aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt, dan wel de vraag beter (eerst) via de griffier aan de gemeentelijke organisatie kan worden voorgelegd of worden behandeld in de betreffende raadscommissie. De voorzitter brengt het onderwerp waarover vragen zullen worden gesteld uiterlijk 24 uur voor aanvang van het vragenuur ter kennis van het college of de burgemeester. (…) (vervalt)

Het advies is om het woord “uiterlijk” toe te voegen. Met de huidige formulering zou men kunnen denken dat vragen uitsluitend op de maandag voor de raad ingediend kunnen worden. Dat is niet wat er wordt bedoeld.

Artikel 38. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Venray. 2. Dit reglement treedt in werking op de dag volgende op die van de bekendmaking van dit besluit. 3. Het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Venray 2017 wordt ingetrokken met ingang van de in het tweede lid bepaalde datum.

Dit artikel spreekt voor zich

Intrekking van de bestaande verordening is opgenomen in het volgende artikel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14266890/1