CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Toelichting Bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum

Gemeenteraad 1 november 2022, gemeente VenrayBij agendapunt: Bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b Oostrum12.345 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Daarnaast is van belang of de populatie een negatief effect zelf teniet kan doen, bijvoorbeeld of er voldoende uitwijkmogelijkheden zijn naar een volwaardig leefgebied elders. Als een populatie het effect niet zelf teniet kan doen is de kans groter dat het effect als wezenlijke invloed kan worden aangemerkt. Bij vogels is verstoring tijdens het broedseizoen niet langer verboden als de gunstige staat van instandhouding niet in gevaar is. De wet voorziet in ruime mogelijkheden voor het verlenen van vrijstellingen, ook voor vogels en strikt beschermde soorten. Bij het verlenen van de vrijstelling moet aan dezelfde voorwaarden worden voldaan als bij het verlenen van de vroegere ontheffing. Een ontheffing van een verbod ex artikel 3.1 Wn kan slechts worden verleend indien: er geen andere bevredigende oplossing voorhanden is; er geen sprake is van verslechtering van de staat van instandhouding van de soort; en er een limitatief opgesomde ontheffingsgrond aan de ontheffing ten grondslag kan worden gelegd.

4.9.2

Quick scan flora en fauna

Het plangebied is op dit moment al bebouwd en in gebruik als bedrijf respectievelijk wonen, hetgeen betekent dat de onbebouwde gronden worden gebruikt voor parkeren, achtertuinen en de gebruikelijke menselijke activiteiten. Op basis van de natuurgegevens van de provincie Limburg valt te zien dat in de directe omgeving van het plangebied geen beschermde planten zijn waargenomen. Tevens is gebruik gemaakt van actuelere flora- en faunagegevens uit onder andere het www.waarneming.nl. Over een heel kalenderjaar (april 2020 - april 2021) is voor het gebied 'Venray - Bedrijventerrein De Hulst ' nagegaan welke dier- en plantensoorten in dit gebied (meer specifiek binnen en op korte afstand van het plangebied) waargenomen zijn welke bescherming verdienen. Hieruit is | bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 2 8

gebleken dat ter plaatse van het plangebied geen beschermde soorten zijn aangetroffen.

Het omzetten van de bestemming Bedrijf naar de bestemming Wonen (zonder bouwactiviteiten) heeft in essentie uitsluitend positieve ecologische gevolgen.

Ten overvloede wordt gewezen op de algemene zorgplicht welke in artikel 3.5 van de Wn is opgenomen. Door eventuele (graaf)werkzaamheden buiten de periode van maart tot augustus te starten, is de kans op verstoring van broedende vogels het kleinst. Ook buiten deze periode mogen broedende vogels niet worden verstoord en moet gewacht worden tot het broeden voorbij is en de jongen zijn uitgevlogen.

4.10 Cultuurhistorie en archeologie Het betreft een gebied met middelhoge archeologische verwachtingswaarden, volgens de cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Limburg. Op de door de gemeente Venray opgestelde archeologische beleidskaart valt af te lezen dat het plangebied een hoge archeologische verwachtingswaarde heeft (categorie 4).

Figuur: archeologische beleidskaart

Ten aanzien van archeologie is het uitgangspunt dat het archeologisch erfgoed moet worden beschermd op de plaats waar het wordt aangetroffen. Gezien dit uitgangspunt mogen bekende archeologische monumenten niet aangetast worden en moet in geval van voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen in gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde, in principe een nader onderzoek plaatsvinden.

Binnen het gebied aangeduid als categorie 4 geldt vanuit archeologisch oogpunt een onderzoeksplicht indien de verstoringsdiepte meer dan 50 cm onder maaiveld gaat én een oppervlakte heeft van meer dan 500 m2. Aan deze gebieden is in het vigerende bestemmingsplan De Hulst I dan ook een archeologische dubbelbestemming toegekend. Deze dubbelbestemming zal op het plangebied blijven rusten.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 2 9

Nader archeologisch onderzoek is, gezien omvang en impact van het project op de bodem, verder niet noodzakelijk.

4.11 Kabels en leidingen Nabij het plangebied loopt in noord-zuidrichting een 150 kVhoogspanningsverbinding. In het vigerende bestemmingsplan is op de verbeelding een dubbelbestemming (belemmeringszone) opgenomen, rekening houdend met de belangen van de beheerder van deze leiding. De hoogspanningsverbinding heeft een belemmeringszone (uitwaaizone) van 20 meter aan weerszijden van de hartlijn van de leiding. Binnen deze zone mag niet worden gebouwd. Deze belemmeringszone reikt net niet tot aan het plangebied. Daarnaast zijn in en om het plangebied diverse telecomkabels, elektriciteitsleidingen, gasleidingen, rioolleidingen en waterleidingen aanwezig welke geen planologische bescherming behoeven, maar waarmee tijdens eventuele werkzaamheden wel rekening dient te worden gehouden.

4.12 Verkeer Het plangebied wordt via de Stationsweg rechtstreeks richting het centrum van Venray ontsloten. Deze maakt deel uit van de ontsluitingsstructuur van Venray en wordt getypeerd als een wijkontsluitingsweg. Via de Oirloseweg wordt aangesloten op de Deurneseweg (regionale ontsluiting in oost-westrichting), welke tevens de toerit vormt naar de A73 in noord-zuidrichting. Centraal door het bedrijventerrein loopt, ten westen van het plangebied, een belangrijke langzaamverkeersverbinding (Oostrumsveld) tussen de Stationsweg en de Henri Dunantstraat. Het betreft een doodlopende weg, bedoeld voor fietsers en voetgangers. De gemeente Venray is verder voornemens om een nieuwe verbindingsweg aan te leggen tussen de Henri Dunantstraat en de Stationsweg, parallel aan en aan de oostkant van de A73.

Parkeren ten behoeve van het schildersbedrijf (en eveneens voor de lichtere functies welke hier mogelijk voor in de plaats kunnen komen) geschiedt op eigen perceel aan de voorzijde van het bedrijfsgebouw; hierin zullen geen wijzigingen plaatsvinden. De bestaande parkeerruimte is op onderstaande luchtfoto in het rode kader te zien:

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 0

Parkeren binnen bedrijfsbestemming

Voor de woningen (of het nu bedrijfs- of burgerwoningen betreft) zal gebruik moeten worden gemaakt van de ruimte tussen de voorgevels en de openbare weg. De breedte bedraagt circa 4 meter, maar is slechts voor een klein deel in eigendom van initiatiefnemer. Echter, de feitelijke bebouwingsstructuur en de inrichting van de openbare ruimte laat geen andere mogelijkheid open. Over de lengte van de voorgevels van de woningen (circa 21 meter) kunnen 3 voertuigen worden geparkeerd. Langs de rechter zijgevel van de Stationsweg 106 zou ook nog één parkeerplek op eigen perceel kunnen worden gerealiseerd.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 1

Parkeerstrook aan voorzijde van plangebied

Toe te voegen parkeerplek

Nu de gronden tussen het bedrijfsgebouw en de openbare weg ook eigendom zijn van initiatiefnemer, bestaat de mogelijkheid voor dubbel ruimtegebruik; gedurende de werktijden van het bedrijf zal die parkeerplaats gebruikt worden door personeel, maar buiten werktijden zullen de bewoners of bezoekers hier ook gebruik van kunnen maken, hetgeen de verkeersveiligheid en parkeersituatie langs de Stationsweg ten goede zal komen. Om te waarborgen dat bij de woning aan de Stationsweg 106 te allen tijde op eigen perceel kan worden geparkeerd, zal de bestemming 'Wonen' ter plaatse van de zijgevel worden verruimd, tot aan de parkeerplaatsen welke toebehoren aan de bedrijfsruimte. Hierdoor is het zelfs

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 2

mogelijk om voertuigen achter de achtergevel van de woning te parkeren. Hiertoe is het echter ook noodzakelijk dat bij verkoop van de woning dit deel van het perceel mee wordt overgedragen. Deze verschuiving van kadastrale grenzen en bestemmingen leidt tot het volgende beeld dat tevens is doorvertaald naar de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan:

Verlegging kadastrale grens en bestemmingsgrens ten behoeve van parkeerruimte bij Stationsweg 106

Al met al zorgt deze ontwikkeling voor een lagere parkeerdruk in het openbaar gebied.

De bereikbaarheid per openbaar vervoer is goed te noemen: het stationsgebied van Venray / Oostrum bevindt zich op minder dan 1 km van het plangebied. Naast het treinstation zijn een busstation en een taxistandplaats gesitueerd.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 3

4.13 Niet gesprongen explosieven Op vele locaties in Nederland bevinden zich nog conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de ondergrond, zoals niet ontplofte vliegtuigbommen (blindgangers, granaten, mijnen en (handwapen)munitie. Het gehele grondgebied van de gemeente Venray heeft in de Tweede Wereldoorlog zwaar onder vuur gelegen. Bij eventuele grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen in het besluitgebied, dient er uit het oogpunt van veiligheid en zorgvuldigheid gezocht te worden naar niet gesprongen explosieven (NGE). Met behulp van het explosievenonderzoek worden de aanwezigheid en risico’s van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in kaart gebracht. De gemeente Venray adviseert bij grondwerkzaamheden en nieuwe ontwikkelingen een detectieonderzoek uit te (laten) voeren.

Voorafgaand aan het roeren van de bodem, anders dan door regulier gebruik van de grond, dient door de initiatiefnemer te worden aangetoond dat in de grond geen niet-gesprongen explosieven aanwezig zijn.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 4

Hoofdstuk 5 Ruimtelijke ontwikkeling In dit hoofdstuk wordt het project, waarvoor deze wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk is, beschreven. Er wordt ook ingegaan op de architectonische kwaliteit en duurzaam bouwen.

5.1

Project

Eind 2020 heeft initiatiefnemer een verzoek bij het college ingediend tot wijziging van de bedrijfsbestemming in een bestemming Wonen, met behoud van de bedrijfsbestemming voor de werkplaats aan de Stationsweg 106a te Oostrum. Het initiatief heeft betrekking op de percelen kadastraal bekend als gemeente Venray sectie E nummers 4974, 4975 en 4976 en plaatselijk bekend als Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum. Door deze wijziging zal de bestemming in overeenstemming worden gebracht met het toegestane gebruik, hetgeen de eigendomsoverdracht vereenvoudigt. Binnen de bestemming Wonen zal een aanduiding ten behoeve van kleinschalige dienstverlening worden opgenomen; in beginsel is deze bedoeld om het vergunde gebruik als kapsalon op deze locatie te bestendigen, maar tevens de mogelijkheid te bieden om een andere gebruiksfunctie toe te staan welke passend is binnen de bestaande bebouwing, zowel qua vloeroppervlak als qua gebruiksmogelijkheden. Ter plaatse van het positief bestemde en bestaande schildersbedrijf zijn eveneens andere bedrijfsactiviteiten mogelijk, weliswaar in een lagere milieucategorie als voor het schildersbedrijf geldt.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 5

Figuur: schets functietoedelingen

5.2

Architectonische kwaliteit en erfbeplanting

De architectonische kwaliteit van de bedrijfsgebouw en woningen wijzigt niet. Het achtererf, in de richting van het aangrenzende nieuwe bedrijfsperceel dat buiten dit plangebied valt, is als tuin ingericht met veel bomen en struiken. In beginsel blijft deze begroeiing behouden; in geval van herinrichting zal ervoor zorg worden gedragen dat er zeer substantieel groen in de vorm van bomen en planten terug zal komen. Hierbij zal aandacht zijn voor biodiversiteit en hemelwaterinfiltratie.

5.3

Ontsluiting en parkeren

Het plangebied wordt via de Stationsweg rechtstreeks richting het centrum van Venray ontsloten. Deze maakt deel uit van de ontsluitingsstructuur van Venray en wordt getypeerd als een wijkontsluitingsweg. Via de Oirloseweg wordt aangesloten op de Deurneseweg (regionale ontsluiting in oost-westrichting), welke tevens de toerit vormt naar de A73 in noord-zuidrichting. Centraal door het bedrijventerrein loopt, ten westen van het plangebied, een belangrijke langzaamverkeersverbinding (Oostrumsveld) tussen de Stationsweg en de Henri Dunantstraat.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 6

Het betreft een doodlopende weg, bedoeld voor fietsers en voetgangers.

Parkeren ten behoeve van het schildersbedrijf (en eveneens voor de lichtere functies welke hier mogelijk voor in de plaats kunnen komen) geschiedt op eigen perceel aan de voorzijde van het bedrijfsgebouw; hierin zullen geen wijzigingen plaatsvinden. De bestaande parkeerruimte is op onderstaande luchtfoto in het rode kader te zien:

Parkeren binnen bedrijfsbestemming

Voor de woningen (of het nu bedrijfs- of burgerwoningen betreft) zal gebruik moeten worden gemaakt van de ruimte tussen de voorgevels en de openbare weg. De breedte bedraagt circa 4 meter, maar is slechts voor een klein deel in eigendom van initiatiefnemer. Echter, de feitelijke bebouwingsstructuur en de inrichting van de openbare ruimte laat geen andere mogelijkheid open. Over de lengte van de voorgevels van de woningen (circa 21 meter) kunnen 3 voertuigen worden geparkeerd. Langs de rechter zijgevel van de Stationsweg 196 zou ook nog één parkeerplek op eigen perceel kunnen worden gerealiseerd.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 7

Parkeerstrook aan voorzijde van plangebied

Toe te voegen parkeerplek

Nu de gronden tussen het bedrijfsgebouw en de openbare weg ook eigendom zijn van initiatiefnemer, bestaat de mogelijkheid voor dubbel ruimtegebruik; gedurende de werktijden van het bedrijf zal die parkeerplaats gebruikt worden door personeel, maar buiten werktijden zullen de bewoners of bezoekers hier ook gebruik van kunnen maken, hetgeen de verkeersveiligheid en parkeersituatie langs de Stationsweg ten goede zal komen. Om te waarborgen dat bij de woning aan de Stationsweg 106 te allen tijde op eigen perceel kan worden geparkeerd, zal de bestemming 'Wonen' ter plaatse van de zijgevel worden verruimd, tot aan de parkeerplaatsen welke toebehoren aan de bedrijfsruimte. Hierdoor is het zelfs

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 8

mogelijk om voertuigen achter de achtergevel van de woning te parkeren. Hiertoe is het echter ook noodzakelijk dat bij verkoop van de woning dit deel van het perceel mee wordt overgedragen. Deze verschuiving van kadastrale grenzen en bestemmingen leidt tot het volgende beeld dat tevens is doorvertaald naar de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan:

Verlegging kadastrale grens en bestemmingsgrens ten behoeve van parkeerruimte bij Stationsweg 106

Al met al zorgt deze ontwikkeling voor een lagere parkeerdruk in het openbaar gebied.

De bereikbaarheid per openbaar vervoer is goed te noemen: het stationsgebied van Venray / Oostrum bevindt zich op minder dan 1 km van het plangebied. Naast het treinstation zijn een busstation en een taxistandplaats gesitueerd.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 3 9

5.4

Duurzaamheid

Voorzover van toepassing zullen bij eventuele toekomstige wijzigingen aan de woningen en bedrijfsgebouw zal aandacht zijn voor duurzaamheid en zal worden beoordeeld of voor energievoorziening gebruikt zal worden gemaakt van zonne-energie, aardwarmtepomp ter verwarming en koeling van de gebouwen of toepassing van balansventilatie (warmte-terugwin-installatie), en zal er voor worden gezorgd dat de nieuwe gebouwen zeer goed geïsoleerd worden en een zeer lage warmtevraag hebben.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 4 0

Hoofdstuk 6 Juridisch plan 6.1

Algemeen

Het bestemmingsplan heeft als doel het planologisch-juridisch kader te geven voor de ontwikkeling van het beschreven plan. De nadere juridische invulling is gedetailleerd geregeld. Dit bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: plantoelichting planregels; verbeelding. Bij het opstellen van het onderhavige bestemmingsplan is aansluiting gezocht bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. Waar dat noodzakelijk was , is afgeweken van de standaard en is het plan specifiek toegesneden op de feitelijke situatie in het onderhavige plangebied. De plansystematiek voldoet aan de volgende RO-standaarden 2012: Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) 2012; PraktijkRichtlijn BestemmingsPlannen (PRBP) 2012; Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten (STRI) 2012.

6.2

Planmethodiek

Er is, volgens de Wro, gekozen voor een analoge en digitale verbeelding van het plan. Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik. Verder is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de systematiek van het bestemmingsplan De Hulst I.

6.3

Verbeelding

In de analoge en digitale verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis ingevolge het voorliggende plan, indien en voor zover deze in de regels daaraan wordt gegeven. Als een aanduiding juridisch gezien geen enkele betekenis heeft, is deze niet opgenomen in de verbeelding. Ten behoeve van de leesbaarheid is het plan wel op een topografische ondergrond gelegd. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in de hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn bij de verbeelding opgenomen in een renvooi. Opgemerkt wordt nog dat de analoge en digitale verbeelding qua verschijning van elkaar verschillen, immers de wijze van raadplegen is ook verschillend. Inhoudelijk zijn geen verschillen te vinden.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 4 1

6.4

Planregels

De planregels zijn ondergebracht in inleidende regels, in bestemmingsregels, in algemene regels en in overgangs- en slotregels. De Inleidende regels (hoofdstuk 1) bestaan uit begrippen en de wijze van meten, teneinde te voorkomen dat discussie ontstaat over de interpretatie van de regels. In de Begrippen (artikel 1) wordt een omschrijving gegeven van de in de regels gehanteerde begrippen. Als gebruikte begrippen niet in deze lijst voorkomen, dan geldt de uitleg/interpretatie conform het dagelijks taalgebruik. In het artikel over de "Wijze van meten" (artikel 2) worden de te gebruiken meetmethodes vastgelegd. Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingen. De bestemmingen vangen steeds aan met de bestemmingsbenaming. Daarna wordt in de doeleindenomschrijving weergegeven voor welke doeleinden de betreffende gronden bestemd zijn. Indien er sprake zou kunnen zijn van conflicterende belangen, is er een nadere detaillering van de doeleinden opgenomen waarin wordt vermeld welke doeleinden prevaleren. Vervolgens wordt in de bebouwingsregeling aangegeven welke bouwwerken bij recht mogen worden opgericht en welke situerings- en maatvoeringseisen hiervoor gelden. In sommige bestemmingen wordt bovendien nader ingegaan op de toegestane voorzieningen. Vervolgens is een gebruiksbepaling opgenomen waarin wordt aangegeven dat gronden en opstallen niet in strijd met de bestemming mogen worden gebruikt.

Voor de duidelijkheid is in een aantal situaties aangegeven die in ieder geval in strijd met de bestemming worden geacht. In de Algemene regels (hoofdstuk 3) zijn opgenomen de Anti-dubbeltelbepaling, de algemene bouwregels, de algemene afwijkingsregels, de algemene wijzigingsregels, de algemene procedureregels voor wijzigingen, ontheffingen en nadere eisen en de overige regels. In de Overgangs- en slotregels (hoofdstuk 4) zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 4 2

Hoofdstuk 7 Economische haalbaarheid De realisatie van het project geschiedt voor rekening van de initiatiefnemer. De gemeentelijke financiën zijn hierbij niet in het geding. Verder zijn de gronden eigendom van initiatiefnemer. De gronden zijn niet belast met een beperkt zakelijk recht van derden. Er zal een planschadeverhaalsovereenkomst worden afgesloten. Hiermee wordt gewaarborgd dat eventueel te vergoeden planschade niet voor rekening van de gemeente Venray komt maar voor rekening van de initiatiefnemer. Er is geen sprake van een bouwplan in de zin van de grondexploitatiewet: er hoeven door het bevoegd gezag geen kosten te worden gemaakt voor algemene voorzieningen, nutsvoorzieningen, de inrichting van de openbare ruimte of het bouwrijp maken van de locatie.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 4 3

Hoofdstuk 8 Procedure 8.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Het project heeft geen nieuwe ontwikkelingsmogelijkheden tot gevolg, zodat gesteld kan worden de maatschappelijke uitvoerbaarheid niet in het geding is.

8.2

Procedure

Elk nieuw bestemmingsplan ontstaat uit een initiatief. De totstandkoming begint met de beslissing dat een bestemmingsplan zal worden opgesteld. Artikel 3.8 Wro regelt de procedure van het bestemmingsplan. Op de voorbereiding van een bestemmingsplan is afdeling 3.4 van de Awb van toepassing. Hierbij zijn een aantal aanvullingen: 1. kennisgeving, zoals bedoeld in artikel 3:12 Awb, dient tevens te worden gepubliceerd in de Staatscourant en langs elektronische weg te worden verzonden; 2. het ontwerpbestemmingsplan dient te worden verstuurd aan het Rijk, provincie, waterschappen en aan de besturen van bij het plan een belang hebbende gemeenten; 3. kennisgeving aan de eigenaren van percelen welke de bestemming in de naaste toekomst zal worden verwezenlijkt; 4. door een ieder kunnen zienswijzen naar voren worden gebracht; 5. de gemeenteraad dient binnen 12 weken na de ter inzagetermijn, te beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Dit betreft een termijn van orde. Binnen twee weken wordt het besluit tot vaststelling bekend gemaakt. Indien door Gedeputeerde Staten (GS) een zienswijze is ingediend en deze niet volledig is overgenomen, dan vindt bekendmaking plaats binnen zes weken na vaststelling. Dit geldt tevens indien de gemeenteraad wijzigingen aanbrengt in het ontwerp.

In deze gevallen zend het college na vaststelling onverwijld een afschrift van het raadsbesluit aan GS. Indien het Rijk of de provincie gebruik wil maken van haar aanwijzingsbevoegdheid gaat deze termijn niet op. Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt dan, met uitsluiting van het onderdeel waarop het aanwijzingsbesluit ziet, samen met het aanwijzingsbesluit bekend gemaakt. Het besluit treedt in werking 1 dag na afloop van de beroepstermijn.

8.3

Omgevingsdialoog

Omwonenden zijn door initiatiefnemer op de hoogte gesteld van de plannen. Een verslag van deze omgevingsdialoog is aan het bevoegd gezag ter hand gesteld.

8.4

Zienswijzen ontwerp-bestemmingsplan

Het ontwerp-besluit tot herziening van het bestemmingsplan heeft vanaf 17 juni tot en met 28 juli 2022 voor een ieder ter inzage gelegen.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

Pagina | 4 4

Gedurende deze periode zijn geen zienswijzen ingediend.

| bestemmingsplan Stationsweg 106, 106a, 108 en 108b te Oostrum | status: vastgesteld |

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11860213/1