03 Bijlage Evaluatie KODE
Tekst van het document
Evaluatie KODE; conclusies en aanbevelingen na 2 jaar KODE
Inhoud 1
Beleidskaders ......................................................................................................................... 3 1.1
Fit for 55 Europese Commissie ......................................................................................... 3
1.2
Rijk ............................................................................................................................... 3
1.3
Provincie ....................................................................................................................... 4
1.4
Gemeente ...................................................................................................................... 4
1.5
Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg ........................................................ 4
1.5.1
Afstemmingsmethode RES ............................................................................................ 4
1.5.2
Handreiking Landschap ................................................................................................ 4
1.5.3
Versnellingsteam Zon op Dak ........................................................................................ 5
1.6 2
3
4
Gemeentelijk .......................................................................................................................... 5 2.1.1
Voortgang energiebeleid gemeente Venray ..................................................................... 6
2.1.2
Conclusies en aanbevelingen ........................................................................................ 8
Kernwaarden en uitgangspunten ............................................................................................... 8 3.1.1
De resultaten .............................................................................................................. 8
3.1.2
Vervolg ...................................................................................................................... 9
3.1.3
Interviews met initiatiefnemers / Beepower .................................................................... 9
3.1.4
Interviews met dorpsraden ........................................................................................... 9
3.1.5
Conclusies en aanbevelingen ...................................................................................... 10
Kader voor zonneprojecten .................................................................................................... 11 4.1
Spoor 1; op daken ........................................................................................................ 12
4.2
Spoor 2; Stroken langs snel- en spoorwegen, plassen, oude stortplaatsen, e.d. .................... 12
4.3
Spoor 3; Bouwvlakgerelateerde zonneparken ................................................................... 13
4.4
Spoor 4; Oude ontginningen .......................................................................................... 13
4.5
Spoor 5; Jonge ontginningen. ......................................................................................... 14
4.6
Netbeheer.................................................................................................................... 14
4.7
Leges en financiële vergoedingen.................................................................................... 15
4.7.1
Kwaliteitsbijdrage ...................................................................................................... 15
4.7.2
Leges ....................................................................................................................... 15
4.8 5
Conclusies en aanbevelingen ............................................................................................ 5
Conclusies en aanbevelingen .......................................................................................... 16
Kader voor windprojecten ...................................................................................................... 16 5.1 5.1.1
Brede dialoog ............................................................................................................... 17 Conclusies en aanbevelingen ...................................................................................... 18 1
Aanleiding Op 29 oktober 2019 is KODE (Kader Opwek Duurzame Energie) vastgesteld door de gemeenteraad. Dit kader richt zich binnen het brede thema duurzaamheid op het onderdeel energietransitie en daarbinnen specifiek op de lokale opwekking van duurzame energie ( focus op zonne- energie en windenergie). KODE Venray is een uitnodigingskader tot stand gekomen in samenspraak met verschillende partners en belangenorganisaties en uiteindelijk vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin staat op welke locaties wat mogelijk is, op welke manier en hoe inwoners en gebruikers van het gebied meegenomen worden in het ontwikkelproces en welke mogelijkheden er zijn voor participatie. De kwaliteit van de landschapscomponent (van landschap tot kavel tot objecten) en de participatieve component (van omgevingsdialoog tot partnerschap) staat voorop. Zowel de ruimtelijke component als de participatiecomponent is gedetailleerd omschreven. In een vroeg stadium biedt KODE Venray handvatten om te bezien of een initiatief voldoende kwaliteit heeft om op enig moment het vergunningstraject in te gaan. Echter, de toekomst is niet voorspelbaar. We gaan zeker tegen verrassingen aanlopen. Er komen ontwikkelingen die de energietransitie zullen versnellen, maar ook kunnen vertragen. Reden dat we graag spreken over een adaptief kader dat kan worden bijgesteld als ontwikkelingen daartoe aanleiding geven.
Het is belangrijk voor de gemeente om te monitoren of het kader het beoogde effect heeft. Er is sprake van veel dynamiek op het terrein van zonne- en windenergie, de infrastructuur, ontplooiing van participatie, etc. Reden om ca. 2 jaar na vaststelling een eerste evaluatie te plannen. Dit maakt het mogelijk om het kader op onderdelen bij te stellen en in een goede balans van ‘uitnodiging’ en ‘kwaliteit’ te blijven. Redenen zijn bijvoorbeeld dat de initiatieven toch te weinig kwaliteit realiseren als we voor ogen hebben, opgave niet behaald wordt, blijkt dat de inpassingseisen te hoog zijn, etc. Tussentijdse ervaringen, aanvullingen en verbetersuggesties bundelen we en worden in een actualisatie verwerkt.
Leeswijzer De evaluatie is opgebouwd in de volgorde van KODE: Hoofdstuk 1 behandeld hoofdstuk 2.1 tot en met 2.3. Beleidskaders van Rijk, provincie, regio en daar is EU regelgeving aan toegevoegd. Hoofdstuk 2 behandeld paragraaf 2.4, de gemeentelijke uitgangspunten gebaseerd op de Energiestrategie 2030. Hoofdstuk 3 gaat over de gevoerde uitgangspunten eveneens hoofdstuk 3 in KODE, met name bij de tender voor spoor 4. In hoofdstuk 4 wordt verder ingegaan op het kader voor zonneprojecten, de landschappelijke inpassing en de resultaten in de verschillende sporen. Hoofdstuk 5 behandeld het kader voor wind, met name de verkenning van duurzame opwek via wind staat centraal. In elk hoofdstuk zijn conclusies en aanbevelingen geformuleerd.
2
1
Beleidskaders
1.1
Fit for 55 Europese Commissie
Op 28 juni 2021 is de Europese Klimaatwet aangenomen. Daarmee zijn de doelstelling van een klimaatneutrale Europese Unie in 2050 en een tussendoel van 55 procent reductie van broeikasgassen in 2030 ten opzichte van 1990 vastgelegd in wetgeving. Op 14 juli heeft de Europese Commissie onder de titel Fit for 55 een pakket beleidsvoorstellen gepresenteerd om het Europese klimaatbeleid met die doelstellingen in lijn te brengen Het Fit for 55-pakket vraagt in heel Europa een hoger tempo van verduurzaming en zorgt voor een gelijker Europees speelveld. -
Als ingevoerd zoals voorgesteld, betekent dit pakket een flinke tempoversnelling in het klimaatbeleid in Europa, met implicaties voor alle gerelateerde sectoren
-
Hoger aandeel hernieuwbare energie. De Europese Commissie rekent voor Nederland als een kostenefficiënte bijdrage met een aandeel hernieuwbare energie van 36 procent. In de KEV 2020 ( Klimaat- en Energie Verkenning, PBL) is het aandeel bij voorgenomen beleid in 2030 op 25 procent geraamd. Om het aandeel tot de genoemde kostenefficiënte bijdrage op te hogen, zou dus een aanzienlijke extra inspanning nodig zijn.
We weten nog niet hoe dit wordt uitgewerkt en geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving, maar we kunnen ons al wel hierop voorbereiden
1.2
Rijk
Op nationaal vlak zijn er geen wijzigingen geweest in de periode dat KODE in werking is getreden. In KODE werd onder Stimuli voor zonnepanelen op daken gesproken over de mogelijkheid om meer zon op daken af te dwingen. Na een consultatie in 2021 (einddatum 5-2-2021) krijgt deze bevoegdheid voor gemeenten gestalte in het herziene Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het Bbl is een van de vier besluiten (AMvB’s) onder de Omgevingswet en zal met de inwerkingtreding van de wet in 2022 van kracht worden. Gemeenten krijgen hiermee een steviger instrument in handen om de energietransitie af te dwingen voor panden met ‘industriefuncties en overige gebruiksfuncties’. Onder dat laatste vallen bijvoorbeeld parkeergarages en schuren. Bedrijven kunnen in plaats van zonnepanelen ook kiezen voor een groen dak in het kader van klimaatadaptatie. Daken met sedum of ander groen kunnen tijdelijk regenwater opvangen bij extreme wateroverlast. Bovendien bevordert de begroeiing van daken de biodiversiteit. Gemeenten kunnen hierin maatwerk aanbieden. Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen heeft de Partij voor de Dieren een motie ingediend om mestvergisters uit de subsidieregeling voor duurzame energie te krijgen. Deze motie is aangenomen maar of de motie wordt uitgevoerd is nog niet bekend.
Het zou hier gaan om zowel mono- als covergisting (uitsluitend mest of met toevoeging van reststromen zoals gras of mais).
3
1.3
Provincie
Naar verwachting zal de Omgevingsverordening Limburg (2021) in december 2021 worden vastgesteld. Hoofdstuk 13 hierin behandeld Energie. Voor windenergie wordt gesteld dat een omgevingsplan dat betrekking heeft op het uitsluitingsgebied windturbines, binnen dat gebied geen plaatsing toelaat van een windturbine met een masthoogte van 25 meter of hoger. Artikel 13.3 voorziet in instructieregels voor grondgebonden zonneparken. In deze instructieregels worden uitsluitingsgebieden bepaald (Natuurnetwerk Limburg / waterwingebied / bos- en natuurgebieden in de groenblauwe mantel). Daarnaast worden alleen omgevingsplannen toegestaan die in lijn zijn met Provinciale Omgevingsvisie en in afstemming met Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg ( RES NML).
1.4
Gemeente
In aansluiting op de Omgevingswet proberen we beleidskaders meer gebiedsgericht te maken Bijv. de kleine zonneopstellingen zullen we niet toestaan in centrum Venray. Dus die geldt voor 1 of meer van de andere gebieden.
1.5
Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg
De RES NML heeft geleid tot een bod in juli 2021 van 1,2 TWh aan grootschalige zon- en windprojecten voor de regio. Dit bod is niet verdeeld naar rato aan de deelnemende gemeenten. Niet elke gemeente heeft dezelfde mogelijkheden om bij te dragen en onder andere om die reden is gekozen om er een gezamenlijke opgave van te maken.
1.5.1 Afstemmingsmethode RES In de RES is besloten met een afstemmingsmethode te gaan werken met als hoofdreden de beperkte capaciteit op het net ( zie ook hoofdstuk 4; netbeheer). In de wetenschap dat er meer projecten gepland zijn in de regio dan dat er capaciteit op het net is is besloten een methode te gebruiken om die projecten voorrang te geven die het beste bijdragen aan de gestelde doelen in de RES. De methode wordt nu nog getest.
1.5.2 Handreiking Landschap Door de werkgroep Landschap RES NML is een handreiking opgesteld voor grootschalige energie opwek van zon op land. Uitgangpunt hierin zijn zoekgebieden waar mogelijkheden voor grootschalige opwek van energie van zon niet zijn uitgesloten. De handreiking bestaat uit een deel waarin de uitgangspunten en kernmerken worden beschreven van de geschikt bevonden landschapstypen die de basis vormen voor leidende beginselen en ontwerpprincipes. In een tweede deel volgt de methodiek voor een lokale toepassing via een stappenplan.
4
1.5.3 Versnellingsteam Zon op Dak in de opgave voor de RES van 1,2 TWh zat een nog in te vullen restopgave zon op dak van 0,1 TWh. Om die reden is besloten een versnellingsteam zon op dak op te richten om projecten te ondersteunen met expertise om tot realisatie te komen. Van deze trajecten kan ook weer geleerd worden voor andere projecten. Echter, door het vollopen van het netwerk heeft het geen zin om projecten te ondersteunen in het voortraject als er toch niet kan worden aangesloten. Er wordt nu in overleg met de netbeheerder bekeken of er gestart kan worden in die gebieden waar voorlopig nog ruimte voorhanden is. Dit project is doorgeschoven naar 2023, nu het nog niet zeker is of het Rijk ook voldoende financiering ter beschikking stelt voor de uitvoering van de RES in 2022. Dit betekent voor Venray dat er voorlopig nog niet op de inzet van dit versnellingsteam gerekend kan worden.
1.6
Conclusies en aanbevelingen
1. De plannen van de EU laten zien dat de opgave vergroot zal worden, zowel voor opwek, besparing als emissie reductie. Aanbeveling is om hiermee rekening te houden bij het bepalen van de nieuwe doelstellingen. 2. In 2022 krijgt de gemeente mogelijkheden om verduurzaming af te dwingen voor panden met een industriefunctie en/of overige functie. Advies is om deze mogelijkheid aan te grijpen. 3. De afstemmingsmethode van de RES heeft vooralsnog geen gevolgen omdat er geen grootschalige projecten gaan lopen in Venray tot er weer ruimte op het net is. 4. Het versnellingsteam zon op dak zal niet actief worden in Venray vanwege hetzelfde gebrek aan capaciteit. Voor de punten 3 en 4 geldt wel dat we de ontwikkelingen nauwlettend blijven volgen, zodat op het moment dat er kansen en/of mogelijkheden ontstaan, wij daarmee aan de slag kunnen. 5. De instructieregels van de Provincie liggen in lijn met de zonnewaaier die al in KODE was beschreven. De Handreiking RES is met deze regels in het achterhoofd vorm gegeven. Aanbeveling is om de nieuwe KODE met deze Handreiking vorm te geven.
2
Gemeentelijk
In 2013 heeft de gemeente Venray is de ambitie vastgesteld om in 2030 CO2-neutraal te zijn, in lijn met de toenmalige landelijke ambitie. Dit wil zij bereiken door een besparing te realiseren op het totale energieverbruik van 37,5% ten opzichte van 2013. Hierbij wil de gemeente 45% van de resterende energiebehoefte in de gemeente produceren met schone technieken. Volgende stap is volledig energieneutraal in 2050. Deze ambities zijn verwoord in de Energiestrategie 2030 ‘Energie voor groene groei’. De plannen voor grootschalige zonne- en windenergie zijn verder uitgewerkt in het Kader Opwekking Duurzame Energie (KODE). De doelen waren als volgt beschreven;
5
De beoogde opwekking in 2030 volgens gekozen scenario Energiestrategie Elektriciteit via: Zonne-energie op daken en velden Windenergie
Warmte via Warmtepompen Groen gas Biomassa
2.080 TJ
Indicatief
980 TJ 250 TJ
250 ha (1 ha = 4 TJ) 10 turbines (1 turbine = 25 TJ)
320 TJ 450 TJ 80 TJ
KODE beoogde ruim 1200 TJ op te wekken met zon en wind. Er was ( op basis cijfers 2017) ca 160 TJ aan duurzame opwek gerealiseerd via zon in Venray. De restopgave was ca 1.070 TJ te realiseren met ca 4 windturbines en ca 250 ha aan zon. Bio vergisting, biomassacentrales, mestvergisting en vergelijkbare installaties zijn buiten beschouwing gelaten in KODE. Reden hiervoor is dat deze over het algemeen bedrijfsgebonden zijn en worden voorzien door passende wet- en regelgeving. Bij ontwikkeling van biomassa projecten doorlopen zij een maatwerkaanpak. Zoals uit de monitoringscijfers blijkt is er veel meer biomassa gerealiseerd in Venray door de aanwezigheid van mest en een gunstig subsidie regime voor vergisting. Daarnaast is er een forse verbrander van houtachtige biomassa in Venray gevestigd.
2.1.1 Voortgang energiebeleid gemeente Venray Om duidelijkheid te verschaffen is CE Delft opdracht gegeven om inzicht te geven in waar we nu staan in de energietransitie. Tijdens dit onderzoek bleek dat niet alle gegevens over de energietransitie voor een gemeente te achterhalen zijn. Zo bleken er veel meer projecten in de planning te zitten dan waar wij zicht op hadden op basis van de gegevens van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) . Daarnaast is een deel van de informatie gebaseerd op een toerekening op basis van vermogen van provinciale gegevens en dit is een ‘best estimate’ van wat er geproduceerd wordt in Venray.
6
Doel was om in 2030 CO2 neutraal zijn met compensatie. Ondertussen is de landelijke ambitie echter bijgesteld naar CO2-neutraal in 2050. Ook het landelijk beleid (het Klimaatakkoord, de Transitievisie warmte en het mobiliteitsbeleid) is er niet op ingericht om in 2030 al CO2-neutraal te zijn. Deze studie concludeert dat door deze ontwikkelingen en het achterblijven van de verwachte energiebesparingen, het praktisch niet meer mogelijk zal zijn om als gemeente Venray in 2030 CO2-neutraal te zijn. Advies is om de ambitie CO2-neutraal door te schuiven naar 2050, daarmee sluit zij dan aan bij de huidige landelijke ambities. Verdere opvallende conclusies uit het rapport: Naast CO2-emissies zijn ook de overige broeikasgassen (voornamelijk methaan en lachgas) een belangrijke rol gaan spelen in de metingen en doelstellingen. Voornamelijk landbouw stoot de meeste overige broeikasgassen uit. Venray verbruikt 5.322 TJ aan energie op jaarbasis. Het energieverbruik laat een licht dalende trend zien, maar de boogde besparingen in de Energiestrategie zijn niet haalbaar gebleken en de kans is groot dat deze ook niet haalbaar zijn voor 2030.
Hiernaast heeft de gemeente de ambitie om 45% van de resterende energievraag in te vullen met lokaal opgewekte hernieuwbare energie. Wanneer de gemeente haar energiebesparingsambities vervult, en alle (nog) niet gerealiseerde SDE(+)-beschikkingen (zowel voor zon als biomassa) worden gerealiseerd, kan de doelstelling voor hernieuwbare opwek worden behaald. Op dit moment lijkt het echter niet realistisch dat alle projecten gerealiseerd worden vanwege schaarste op het elektriciteitsnet. Aangezien de kans groot is dat de doelstellingen voor energiebesparing niet gehaald worden, vergroot dit waarschijnlijk de opgave voor hernieuwbare opwek. Energieprojecten buiten de eigen gemeente De gemeente Venray overweegt om deel te nemen aan het project Energielandgoed Wells Meer. Belangrijk hierbij is wel dat er geen dubbeltellingen worden gedaan ( opwek aan meerdere gemeenten toekennen). Voorwaarde is wel dat er een klimaatneutraal doelstelling is afgesproken en geen energieneutraaldoelstelling.
7
2.1.2 Conclusies en aanbevelingen 1. Er dient opnieuw gekeken te worden naar de cijfermatige opgave. Hierin dient ook rekening te worden gehouden met de gerealiseerde biomassa in Venray. Daarnaast moet ook rekening worden gehouden met afnemende steun voor biomassa projecten door afname van bron materiaal (stoppende agrariërs), verdwijnen van subsidie en circulaire gedachte bij met name verbranding van houtachtige biomassa. 2. Wells Meer kan onder voorwaarden een bijdrage leveren aan de doelstelling.
3
Kernwaarden en uitgangspunten
Eind 2020 is een maatschappelijke tender in de markt gezet om potentiele initiatiefnemers de gelegenheid te bieden om hun projectplannen te presenteren. Deze werden door een beoordelingscommissie getoetst op de kernwaarden en uitgangspunten in KODE.
3.1.1 De resultaten In de beoordelingscommissie is Solar Fields met een locatie aan Beemdweg nabij de A73 unaniem als winnaar aangewezen op basis van het puntentotaal en het voldoen aan alle vereisten uit de tender en KODE. Daarnaast heeft LC Energy met een locatie aan Wüsterweg eveneens een heel hoge score behaald. Het zonnepark Wüsterveld lag echter op minder dan 500m van de rand van een kern (Castenray), waardoor de voorwaarde geldt dat de omwonenden eerst moeten instemmen met het plan. De initiatiefnemers zijn erop gewezen dat de Raad bij plannen groter dan 5 hectare wordt verzocht om wensen en bedenkingen af te geven.
8
3.1.2 Vervolg Solar Fields en LC Energy zijn beide toegelaten tot de vergunningprocedure. Solar Fields ( zonnepark Oirlo – Leunen) heeft geleid tot een onherroepelijke vergunning, LC Energy is in de Raad van 2 november 2021 afgewezen. Er waren vraagtekens bij de omgevingsdialoog en uiteindelijk oordeelde de Raad dat de 500m regel hier strikt van toepassing diende te zijn.
3.1.3 Interviews met initiatiefnemers / Beepower In het kader van de evaluatie zijn interviews afgenomen met de winnaars van de tender voor zonneparken, LC Energy ( zonnepark Wüsterveld) en Solar Fields ( zonnepark Oirlo – Leunen). Daarnaast is ook gesproken met Beepower als lokale energie coöperatie en beoogd deelnemer in beide projecten voor 50% eigendom (doelstelling). 1) tenderprocedure; van beide initiatiefnemers waren complimenten over de helderheid die KODE verschafte. Verder was men overwegend positief over de snelheid en communicatie in het tenderproces. Punt van aandacht was de rol van de gemeente: deze zou duidelijk vóór de initiatieven moeten gaan staan die uit de tender komen. Verder werd het uitstellen van de procedure door Corona genoemd als oorzaak. Dit bemoeilijkte enigszins de dialoog doordat sommige uitgangspunten inmiddels waren achterhaald. Beepower heeft een stappenplan aangeleverd voor de fasen voor de tender. Beepower had ook graag nader overleg gezien in de tenderwaardering. 2) vergunningprocedure: hier werd in beide gevallen gewag gemaakt van het feit dat er capaciteitsproblemen waren op de betrokken afdeling. Punt van aandacht was punctualiteit; maken van een duidelijke planning en deadline. Complimenten waren er ook voor de connectie met de verschillende afdelingen in Venray.
Bij het park dat geen zienswijzen kreeg was de indruk dat dat lag aan het feit dat de wethouder in de raad duidelijk voor het initiatief ging staan. Genoemd werd ook dat er lange aanlevertijden waren en weinig mogelijkheden tot contact met de gemeenteraad. Beepower gaf als advies mee een betere vastlegging te doen van hetgeen besproken en besloten is. 3) omgevingsdialoog; nadrukkelijk kwam de aanbeveling voor de gemeente om hier nadrukkelijk een regierol te pakken. De gemeente zou nadrukkelijker naar buiten moeten treden over haar ambities en hoe dit project erin past. De gemeente dient duidelijkheid over gevoeligheden te verschaffen (o.a. geluidsdiscussie, landbouwgrond etc.). 4) Participatie: Beepower: Solarfields heeft hier een goede zet gedaan door een bijeenkomst te organiseren over de gehele projectarchitectuur en de opmerkingen mee te nemen in het finale ontwerp. Dit zorgde voor veel draagvlak. Bij LC Energy had de gemeenteraad ook haar oor te luisteren kunnen leggen bij de initiatiefnemers en niet alleen de tegenstanders. 5) Financiële bijdrage: tegen de leges is beroep aangetekend; een percentage van de bouwkosten is in de optiek van de initiatiefnemer niet reëel. Positief was het uitstel in afwachting van de beroepszaak. De leges en grondslag zouden concreter vermeld mogen worden in het beleid.
De RES NML zou een rol kunnen spelen in het duidelijk maken waarom er onderscheid is tussen gemeenten.
3.1.4 Interviews met dorpsraden Er is een gesprek geweest met de voorzitter van de dorpsraad van Castenray en de werkgroep Duurzaamheid van de dorpsraad Leunen heeft dezelfde vragen per mail beantwoord. Beide contactpersonen gaven aan dat zij als dorpsraad neutraal zijn, maar wel hebben gefaciliteerd waar dat
9
nodig was (onder andere het gemeenschapshuis voor de bijeenkomsten in Castenray beschikbaar stellen en de mogelijkheid een bord en postbus op een prominente plek te plaatsen). 1) proces in het algemeen. Beide partijen zijn goed meegenomen door de projectontwikkelaars in de procesgang en hebben open en eerlijk gecommuniceerd over de plannen. KODE heeft erg geholpen bij het verkrijgen van duidelijkheid omtrent uitgangspunten. 2) omgevingsdialoog. Beide ontwikkelaars hebben aandacht besteed aan de omgeving, met meerdere bijeenkomsten en keukentafelgesprekken. Helaas hebben de tegenstanders in Castenray zich op een laat moment gemeld en zich ook rechtstreeks tot de raad gericht zonder het gesprek vroegtijdig met de initiatiefnemer aan te gaan over hun bezwaren (die mogelijkheid is nadrukkelijk geboden). In de postbus waren 2 reacties ontvangen, één over mogelijke geluidhinder en de andere een anonieme reactie dat men tegen was. Hierbij is ook uitgesproken dat het jammer was dat de raad alleen naar de bezwaarmakers heeft geluisterd. 3) rol van de gemeente. De gemeente had de argumenten van de tegenstanders moeten controleren (o.a. blokkeren woningbouw, gebruik landbouwgrond). Zij had onderzoek kunnen laten doen wat er werkelijk van klopt. De gemeente had zich meer moeten laten zien; het belang van waarom zonneparken duidelijk maken.
3.1.5 Conclusies en aanbevelingen 3.1.5.1 omgevingsdialoog Het volgen van een zorgvuldige omgevingsdialoog is als uitgangspunt in KODE opgenomen. Het is duidelijk dat het voeren van een zorgvuldige omgevingsdialoog belangrijk is. Maar wanneer je kunt spreken van een zorgvuldige omgevingsdialoog is subjectief en hierover ontstaat dus geregeld discussie. Op dit moment wordt de werking van de omgevingsdialoog geëvalueerd met als doel duidelijker vast te leggen waaraan een zorgvuldige omgevingsdialoog moet voldoen. De resultaten hiervan moeten bij de aanpassing van KODE betrokken worden. 3.1.5.2 500 meter regel In KODE is als uitgangspunt opgenomen dat zonneweides groter dan 5 ha op minimaal 500 meter van de rand van een dorp of wijk liggen, tenzij omwonenden akkoord gaan in geval de zonneweide dichterbij ligt. We gaan uit van een zone van 500 meter rond de bebouwde kom (bron is POL 2006). In KODE is vastgelegd dat dit uitgangspunt onderdeel uit maakt van de evaluatie aangezien bij het opnemen van deze voorwaarde niet onderzocht was in hoeverre deze voorwaarde te veel beperkingen met zich mee zou brengen en daarmee de ambitie in gevaar zou brengen. Daarnaast is de gedetailleerdheid van de kaart uit het POL niet voldoende om goed te kunnen bepalen waar de 500 meter grens nu loopt en loopt deze grens niet gelijk met de grens van de bebouwde kom.
Dat komt ook omdat we de voorziene uitbreidingsgebieden woningbouw ook wilden beschermen, dus loopt het ook niet altijd gelijk met de bebouwde kom. De uitzonderingsmogelijkheid tenzij omwonenden akkoord gaan, is niet goed toe te passen. Onduidelijk is om welke omwonenden het gaat: is dat iedereen die binnen 500 meter woont of zijn dat alleen de direct omwonenden? Daarnaast is de realisering van een zonnepark maatschappelijk gevoelig waardoor er altijd wel één omwonende niet met het park kan instemmen. 3.1.5.3 Mandaat raad In KODE is opgenomen dat het mandaat voor zonneparken groter dan 5 ha bij de gemeenteraad ligt. In de praktijk, beredeneerd vanuit de wetgeving, bleek onduidelijk wat onder de term mandaat verstaan wordt. Heeft de gemeenteraad een beslissende stem of kunnen zij enkel wensen en bedenkingen kenbaar
10
maken. Om discussie hierover, ook achteraf in een juridische procedure, te voorkomen, moet duidelijker vastgelegd worden wat hieronder verstaan wordt. Dit is ook van belang met het oog op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 3.1.5.4 Rol van de gemeente Bij de rol van de gemeente is het advies om zichtbaarder als gemeente voor de gekozen projecten te gaan staan. Van begin af aan betrokkenen duidelijk maken waarom de gemeente voor deze weg kiest.
4
Kader voor zonneprojecten
We onderscheiden vijf sporen waar onder voorwaarden mogelijkheden bestaan voor zonne-energie. De sporen van de Venrayse zonneladder zijn:
Zonneladder Venray tot 2030
In % van de opgave
In Tjoule productie tot 2030
In hectare
Typering
Spoor 1 Daken van bedrijven, kantoren, woningen, woongebouwen en accommodaties Spoor 2 Stroken langs snel- en spoorwegen, plassen, oude stortplaatsen, e.d. Spoor 3 Bouwvlakgerelateerde zonneparken Spoor 4 Oude ontginningen
24%
Ca. 240
Min. ca. 60
8%
Ca. 80
Min. ca. 20
16%
Ca. 160
Max. ca. 40
Max. grootte 2 ha
20%
Ca. 200
Max. ca. 50
Spoor 5 Jonge ontginningen
32%
Ca. 320
Max. ca. 80
Min. grootte 2 ha Max. grootte 25 ha Min. grootte 10 ha Max. grootte 40 ha
Totaal
100%
Ca. 1.000 TJ
250 ha
11
4.1
Spoor 1; op daken
Zonneladder Venray tot 2030 Spoor 1 Daken van bedrijven, kantoren, woningen, woongebouwen en accommodaties
Status 1/1/2021 in TJ Gerealiseerd Vergunningaanvraag
241
Spoor 1 SDE subsidie, nog niet gerealiseerd
Vergund maar nog niet in % gerealiseerd opgave TJ (1.080 TJ)
niet vergunning plichtig niet vergunning plichtig
22%
269
25%
In spoor 1 is tot heden ca 240 TJ van de opgave gerealiseerd. Ca 170 TJ hiervan zijn daken van bedrijven (bron RVO juli 2021) en de resterende 70 TJ zijn particuliere daken ( bron: open data Enexis). Er staan voor 269 TJ aan projecten in de pijplijn bij RVO, maar zoals eerder geconstateerd zijn deze erg onzeker aangezien de SDE subsidie beschikking in het gunstigste geval 3 jaar loopt ( met een jaar extra uitloop) en daarna komen te vervallen. Dat zou voor de huidige beschikkingen 2025 betekenen, terwijl het netwerk pas weer aansluitingen toestaat na uitbreiding in op zijn vroegst 2027.
4.2 Spoor 2; Stroken langs snel- en spoorwegen, plassen, oude stortplaatsen, e.d.
Zonneladder Venray tot 2030 Spoor 2 Stroken langs snel- en spoorwegen, plassen, oude stortplaatsen, e.d.
Vergund Status maar nog 1/1/2021 in niet in % TJ Vergunningaanvraag gerealiseerd opgave Gerealiseerd in TJ TJ (1.080 TJ)
24
2,22%
Dit betreft zonnepark Venraysbroek op de voormalige vuilstort die in samenwerking met Bodemzorg wordt ontwikkeld. De vergunningaanvraag is lopende. Als gevolg van nieuwe inzichten hanteert de handreiking landschap RES een ‘nee, tenzij’ principe voor de ontwikkeling van een zonnepark op water. KODE hanteert het uitgangspunt om ontwikkelingen zo ver mogelijk van infrastructuur aan te leggen, dit was ingegeven door het uitgangspunt ‘waar kan het niet’ en dit bleek veel bij infrastructuur te zijn; ook geldende voor spoor 4 en 5. De handreiking landschap RES geeft juist aan om aan te sluiten bij dergelijke landschappelijke structuren en is het uitgangspunt geweest ‘waar past het bij het gebied en landschappelijke structuren’. Voor inpassing in grote open gebieden zorgen nieuwe inzichten voor een genuanceerder beeld en is ontwikkeling en precieze locatie afhankelijk van landschapstype en bestaande landschappelijke structuren, met andere woorden maatwerk. Voor een goede landschappelijke inpassing biedt een koppeling met het bomenplan beschreven in het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie een kans.
12
De uitgangspunten 7 en 8 uit KODE, het stellen van kwalitatieve ontwerpprincipes en eisen aan landschap, kavel en object (7) en actief monitoren op bodemgesteldheid en biodiversiteit (8) worden in de handreiking landschap RES nadrukkelijk beschreven.
4.3
Spoor 3; Bouwvlakgerelateerde zonneparken
Zonneladder Venray tot 2030 Spoor 3 Bouwvlakgerelateerde zonneparken
Status 1/1/2021 in TJ Gerealiseerd Vergunningaanvraag
Vergund maar nog niet in % gerealiseerd opgave TJ (1.080 TJ)
5
0,46%
Tot heden zijn er 5 projecten aangevraagd. De provincie is in breder verband aan het evalueren over zonneparken bij stoppende agrariërs. De huidige projecten, op één na ( deze heeft een bestaande aansluiting) zijn allemaal stopgezet door gebrek aan netwerkcapaciteit of omdat de projecten om andere redenen niet doorgingen. Op termijn (bij voldoende netwerkcapaciteit) de evaluatie van de provincie en aanbevelingen voor stoppende agrariërs meenemen in het stimuleren van dit spoor. Deelnemers aan spoor 3 zouden eventueel ook in de gelegenheid gesteld kunnen worden deel te nemen aan een grotere ontwikkeling (spoor 5). Door inzet van grondruil/grondbank zou dit tot minder versnippering leiden.
4.4
Spoor 4; Oude ontginningen
Zonneladder Venray tot 2030 Spoor 4 Oude ontginningen Buiten KODE (liep daarvoor al)
Status 1/1/2021 in TJ Gerealiseerd Vergunningaanvraag
Vergund maar nog niet in % gerealiseerd opgave TJ (1.080 TJ) 87
8,06%
12
1,11%
Voor KODE werd vastgesteld liepen al enkele zonneparken in aanvraag. Deze zijn wel getoetst op de kernwaarden en uitgangspunten in KODE. Naga Solar (zonnepark Blakt) heeft geresulteerd in een goedgekeurde vergunningaanvraag, deze is nog niet onherroepelijk. Uit de tender is Solar Fields (zonnepark Oirlo- Leunen) uiteindelijk vergund. Solar Fields heeft geen aansluit capaciteit, Naga Solar onvoldoende en beide onderzoeken nu directe levering aan omliggende afnemers. De Provinciale verordening verwijst naar de afstemming met de RES NML. De Handreiking landschap van de RES sluit beekdalen uit. Aansluitend op de provinciale Omgevingsvisie en omgevingsverordening zijn bepaalde begrippen met betrekking tot landschap gewijzigd. De inhoud en daarbij behorende
13
randvoorwaarden voor behoud en herstel van kwaliteiten van het landschap zijn echter wel gelijk gebleven. In KODE wordt uitgegaan van een beschikbare locatie waarop de mogelijkheden voor inpassing worden onderzocht. De Handreiking landschap RES geeft sturing door juist de focus te leggen op landschapstypen die een grootschalige opwek van zon op land zouden kunnen dragen. Deze zoekgebieden liggen buiten de landschapstypen voor spoor 4 uit KODE. De zoekgebieden uit de handreiking RES komen voor een groot deel overeen met de Jonge ontginningen uit KODE en veel minder met de Oude ontginningen. De restopgave van spoor 4 kan worden overgeheveld naar spoor 5. Daarnaast zou er naar voorbeeld van Venlo op initiatief van inwoners kleinere zonneparken bij dorpskernen gerealiseerd kunnen worden, mits er sprake is van100% participatie en de wens vanuit de dorpskern.
4.5
Spoor 5; Jonge ontginningen.
De Provinciale verordening verwijst naar de RES. De Handreiking landschap van de RES sluit beekdalen uit. Daarbovenop zijn de zoekgebieden voor grootschalige opwek RES gelegen buiten de beekdalen. De benaderingswijze van de handreiking landschap RES is daarmee afwijkend van KODE. Verder aansluitend op de provinciale Omgevingsvisie en omgevingsverordening zijn bepaalde begrippen met betrekking tot landschap gewijzigd. De inhoud en daarbij behorende randvoorwaarden voor behoud en herstel van kwaliteiten van het landschap zijn echter wel gelijk gebleven. De handreiking geeft meer sturing op locatiekeuze aan de hand van vooraf bepaalde geschiktheid. Vanwege de andere benaderingswijze die de handreiking landschap RES volgt is het aan te bevelen om de omvang voor spoor 5 opnieuw te bepalen. Dit wordt mede ingegeven door in te zetten op een gebiedsgerichte benadering met buurgemeenten (peelregio) binnen de zoekgebieden grootschalige opwek van zon op land. Het is het onderzoeken waard om de mogelijkheden voor een actieve rol van de gemeente in een grondbank te onderzoeken. Voor een goede landschappelijke inpassing biedt een koppeling met het bomenplan beschreven in het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie een kans. Spoor 5 ligt dermate ver van Keizersveld dat het nodig zal zijn een nieuw onderstation te ontwikkelen voor dit gebied. Dit is bekend bij Enexis.
Voor spoor 5 dienen nog nadere kaders gesteld te worden. In overleg met omliggende gemeenten ( Deurne/Horst) in de Peel blijkt dat er bij de gemeenten soortgelijke vraagstukken liggen. Spoor 5 past in de zoekgebieden van de RES NML voor grootschalige opwek zoals Energielandgoed Wells Meer. Advies is om onderzoek te doen door middel van gebiedsontwikkeling dat perspectief biedt aan het gebied, met daarin oog voor de zaken die spelen in dit gebied (onder andere stoppende agrariërs, verdroging vernatting etc), meer dan alleen de energie opgave.
4.6
Netbeheer
Tijdens de voorbereidingen voor de maatschappelijke tender werd al duidelijk dat het netwerk niet berekend was op de snelle toename van duurzame opwek. Uiteindelijk leidde dit tot transport schaarste fase 2 waar Keizersveld zich nu nog in bevindt (geen capaciteit voor aansluiting groter dan een
14
particuliere aansluiting). Met de initiatiefnemers werd besproken of zij met deze wetenschap door wilden gaan om hun plannen in te dienen. Het antwoord was unaniem ja. Om levering en terug levering van energie op het net mogelijk te maken hebben we netwerken nodig. Deze netwerken zijn publiek eigendom en worden beheerd door netbeheerders. Voor Venray hebben we te maken met 2 netbeheerders: TenneT voor het landelijke en Europese hoogspanningsnet en Enexis voor de lagere distributienetten tot aan de huisaansluitingen. Beide moeten samenwerken om de benodigde energie te leveren en de teveel opgewekte energie te distribueren naar plekken waar het op dat moment gebruikt kan worden. In het geval van Venray gaat het om TenneT die een extra kabel dient aan te leggen naar Boxmeer voor ontsluiting naar de hoger gelegen netten. Er zijn 2 trajecten in voorbereiding om onderstation Keizersveld aan te passen op de toegenomen vraag naar terug lever capaciteit: -
kabel van Wellsmeer naar Keizersveld om Energielandgoed Wellsmeer te ontsluiten naar het landelijke hoogspanningsnet
-
extra kabel van Boxmeer naar Venray
Deze uitbreidingen zijn op zijn vroegst voor 2027 voorzien. Tot die tijd komen aanvragen op een interesselijst. Indien projecten niet meer doorgaan kunnen de andere projecten op de interesselijst naar boven schuiven. Daarbij is het zo dat onderstation Keizersveld een belangrijk station is voor de regio. Projecten uit omliggende gemeenten (zie ook Wells Meer), maar ook de provincie Noord Brabant (o.a. Sint Anthonis) sluiten op dit station aan. Projecten met een aansluitwaarde van 6 MVA (staat nu ongeveer gelijk aan 6 ha of 6 MW aan vermogen) krijgen een directe kabel naar een onderstation als Keizersveld en kunnen niet op lager gelegen distributiestations worden aangesloten.
4.7
Leges en financiële vergoedingen
4.7.1 Kwaliteitsbijdrage In Spoor 4 en 5 is er sprake van een kwaliteitsbijdrage. Als gevolg van de Omgevingswet die in 2022 in werking treedt wordt alles weer anders. Het is dan de vraag of deze bijdrage onder de nieuwe ‘financiële bijdrage’ valt en wat dan het bestedingsdoel is dat eraan gekoppeld moet zijn. Hiervoor volgt nog uitzoekwerk.
4.7.2 Leges De huidige leges zijn gebaseerd op een berekening over de volledige installatie, dus inclusief de panelen en installatie daarvan. De mogelijkheid is gecreëerd om daarover een bedrag terug te geven na realisatie. Destijds was al een voorkeur voor zon op dak en wilde de gemeente de zonneweides niet bovenmatig stimuleren: het moest in ieder geval niet aantrekkelijker zijn om een zonneweide aan te leggen vanwege de lage leges. Op dit moment loopt een bezwaar bij de rechtbank over de rechtmatigheid van dit principe. De uitkomst hiervan zal ook worden meegenomen bij de vaststelling van de toekomstige leges.
15
Zonneweides worden minder gestimuleerd dan zon op daken, omdat de voorkeur wordt gegeven aan dubbel ruimtegebruik. Het effect en de noodzaak van de legesregeling zal worden geëvalueerd.
4.8
Conclusies en aanbevelingen
Totaal sporen op basis van KODE (doelstelling 2030: 1.080 TJ)
Daadwerkelijk gerealiseerd (spoor 1)
22%
inclusief in vergunningaanvraag
25%
inclusief vergunningaanvraag, inclusief vergund
34%
In aanvraag spoor 1; SDE subsidie verkregen, maar nog niet operationeel (vraag is wat hiervan nog operationeel wordt ivm vervallen SDE voor er weer netwerkcapaciteit is)
25%
1. Indien alles wat vergund is en in vergunningaanvraag zit doorgaat, is 34% van de opgave bereikt. 2. In Spoor 1 zijn er voor 25% van de opgave aan projecten met een subsidie. De vraag is of deze projecten nog doorgaan. 3. In lijn met de Handreiking RES is het aan te bevelen om de restopgave van spoor 4 te verplaatsen naar spoor 5. Voor spoor 5 zou gebiedsontwikkeling een goed instrument zijn om de opgave in een breder kader te plaatsen. Een grondbank zou hierin een rol kunnen spelen. 4. De financiële vergoedingen die nu in KODE beschreven staan dienen nader bekeken te worden. 5. Door netcongestie zijn er tot minimaal 2027 geen mogelijkheden om grootschalige projecten voor opwek van energie aan te sluiten.
5
Kader voor windprojecten
Resultaten verkenning windpark Venray Met het vaststellen van KODE heeft de gemeenteraad aan het college van B&W de opdracht gegeven een verkenning uit te voeren naar een mogelijk windpark. In de verkenning zijn de mogelijkheden voor een windpark onderzocht op basis van de volgende vier elementen:
locaties
wat vinden inwoners en grondeigenaren
haalbaarheid
opbrengsten 16
Eindrapport verkenning Windpark Venray De conclusie van de verkenning is dat veel inwoners bezwaren hebben tegen de komst van een windpark. Een windpark in zoekgebied 1 en eventueel zoekgebied 2 is vanuit de geldende wetgeving mogelijk, financieel haalbaar en kan een substantiële bijdrage leveren aan de productie van lokale energie. Echter, het besluit van grondeigenaren om geen medewerking te verlenen aan een windpark, maakt de ontwikkeling ervan vrijwel onmogelijk. De resultaten van de verkenning zijn in een rapport gepresenteerd, op de website van Venray Vergroent is alle relevante informatie met betrekking tot de wind verkenning gebundeld. De planning is dat in 2023 een handreiking RES voor wind op land wordt opgesteld. Daarnaast is een inventarisatie gaande binnen de RES NML welke ondersteuning gemeenten nodig achten. Wet – en regelgeving naar aanleiding van uitspraak RvS Een uitspraak van de Raad van State over een windturbinepark heeft gevolgen voor ruimtelijke inpassing, vergunningverlening en het toepassen van de regels in het Activiteitenbesluit. Bestaande vergunningen en bestemmingsplannen blijven wel geldig. Naar aanleiding van de uitspraak hebben 3 ministeries een gezamenlijk actieprogramma opgestart. De RES NML heeft de uitspraak geanalyseerd voor de wind projecten in de RES regio en deze bleek geen gevolgen te hebben voor de huidige pijplijn.
Deze planning gaat gewoon door. De planning is dat in 2023 een handreiking RES voor wind op land wordt opgesteld (conform het de handreiking landschap voor zon op land). Daarnaast is een inventarisatie gaande binnen de RES NML welke ondersteuning gemeenten nodig achten. Het RIVM voert momenteel een vragenlijstonderzoek uit naar de manier waarop mensen risico’s waarnemen van hun leefomgeving, hun leefstijl en van infectieziekten. Daarvoor is ook een steekproef getrokken van 3500 adressen in de buurt van windmolenparken. De uitkomsten van dat onderzoek komen naar verwachting in de loop van 2022 beschikbaar. Omdat het aantal windmolenparken in Nederland de komende jaren zal toenemen, is het daarnaast zinvol om de gezondheidseffecten van geluid te monitoren op landelijk niveau. In opdracht van het ministerie van EZK Economische Zaken en Klimaat brengt het RIVM op dit moment in kaart welke onderzoeksvragen er leven bij bewoners, de lokale en regionale overheden en bij de betrokken ministeries.
5.1
Brede dialoog
Naar aanleiding van de gesprekken die de portfeuillehouder met betrokkenen heeft gevoerd over de verkenning van wind en ook de zonnepark projecten is verzocht een brede dialoog op te starten met de inwoners van Venray over de energietransitie. Deze brede dialoog zou in het najaar van 2021 van start gaan. Door nieuwe Corona regels kon de fysieke bijeenkomst niet doorgaan en in overleg is besloten om deze niet online te laten plaatsvinden. De brede dialoog zal mede als input dienen voor de nieuw op- en vast te stellen KODE. 17
5.1.1 Conclusies en aanbevelingen Plaatsing van windturbines is op basis van de uitgevoerde verkenning vooralsnog niet mogelijk gebleken in Venray. Voor de toekomst is de komst van windturbines niet uitgesloten. De Rijksoverheid is met verschillende onderzoeken bezig waarvan de uitkomsten afgewacht dienen te worden.
Slotparagraaf Voor u ligt de evaluatie van KODE; de input die we hebben opgehaald zal gebruikt worden om een nieuwe KODE op te stellen en aan te bieden aan de raad. Hiervoor zullen er zaken nog uitgezocht dienen te worden en sommige zaken zullen meer duidelijkheid krijgen in de tijd, zoals de uitwerking van Fit for 55 voor onze doelstellingen. Daarnaast zal de brede dialoog ook richting geven voor deze nieuwe KODE. Graag wil ik iedereen bedanken die mee heeft geholpen om deze evaluatie op te kunnen stellen.
18
Bijlage Samenvatting rapport CE Delft
Links en websites: -
Fit for 55; https://www.pbl.nl/sites/default/files/downloads/pbl-2021-nederland-fit-for55_4697.pdf
-
Klimaat- en Energie verkenning PBL; https://www.pbl.nl/publicaties/klimaat-enenergieverkenning-2020
-
Klimaatakkoord Rijk: https://www.klimaatakkoord.nl/
-
Omgevingsverordening Limburg 2021: https://www.limburg.nl/onderwerpen/omgeving/omgevingsverordening/
-
wind verkenning; https://www.venray.nl/verkenning-windpark
-
Ontwerp Omgevingsverordening Limburg (2021); https://www.limburg.nl/onderwerpen/omgeving/omgevingsverordening/
-
RES NML; https://www.resnml.nl/
-
Klimaatmonitor: https://klimaatmonitor.databank.nl/home
-
Netcongestie: https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/
-
InfoMil uitspraak RvS: https://www.infomil.nl/onderwerpen/integrale/uitspraak-raadstate/gevolgen-raad-state-uitspraak-windturbineparken/uitspraak-raad-state/
-
RIVM gezondheidsonderzoek Wind; https://www.rivm.nl/windenergie/windmolens-gezondheid
-
RVO; projecten SDE++ subsidie: https://www.rvo.nl/subsidie-en-financieringswijzer/sde/feitenen-cijfers-sde
19