01 Vaststellen bp Kamillepad 15-17 Wanssum (raadsvoorstel)
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Vaststelling bestemmingsplan ‘Kamillepad 15 en 17 Wanssum’ (NL.IMRO.0984.BP20013-va01)
Zaaknummer
Steller
Jeroen Giesen
Kenmerk
Team
Ruimtelijke Ontwikkeling
Teammanager
Veronique Nabben
Portefeuillehouder
Daan Janssen
Raad datum
13 december 2022
Openbaar
Ja
Ter advisering/
Ter advisering aan de Commissie Wonen
kennisneming/ bespreking
Voorstel 1. De zienswijze tegen het bestemmingsplan ‘Kamillepad 15 -17 Wanssum’ (NL.IMRO.0984.BP20013-va01) ontvankelijk te verklaren en ongegrond te verklaren overeenkomstig de overwegingen als opgenomen in de beoordeling van zienswijzen dat als separate bijlage deel uitmaakt van het bestemmingsplan; 2. Het bestemmingsplan ‘Kamillepad 15 en 17 Wanssum’ (NL.IMRO.0984.BP20013-va01) op grond van het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) ongewijzigd ten opzichte van het ontwerpplan vast te stellen, overeenkomstig het advies van het college en de daarbij behorende stukken. 3. Geen exploitatieplan vast te stellen in de zin van artikel 6.12, tweede lid Wro.
Pagina 1 van 6
Samenvatting A. Bestemmingsplan 1. Uitgangspunten bestemmingsplan 1.1. Planopzet Het plan heeft betrekking op de herbestemming van de twee agrarische bedrijven op de locaties Kamillepad 15 en 17 in Wanssum naar Wonen en Bedrijf. De wens van initiatiefnemers is om de locatie en de bestaande bebouwing ter plaatse een andere invulling te geven, nu de huidige bedrijfsactiviteiten op de locatie (een paardenhouderij en een melkveebedrijf) minder toekomstperspectief hebben. Dit vanwege de kleinschaligheid van de activiteiten (waardoor investeringen nodig zijn) en de herbestemming van het omliggende gebied in de Gebiedsontwikkeling Ooijen-Wanssum (waardoor de activiteiten minder goed passen in de omgeving).
Afbeelding 1: bestemmingsplan Kamillepad 15 en 17 Wanssum, weergave huidige (bestemmings)plannen
Na de herbestemming mag de bestaande bebouwing worden gebruikt ten behoeve van kleinschalige bedrijvigheid (waarbij aangesloten wordt bij de Staat van Bedrijfsactiviteiten die gelden voor de andere bedrijven in het landelijk gebied) en de bebouwing bij de bestemming Wonen mag worden gebruikt ten behoeve van opslag (ook in lijn met de regels die elders in het landelijk gebied gelden). De gebouwen bij de woningen hebben ook een zekere afschermende werking voor de bedrijfsactiviteiten. De bedrijfswoningen hebben nu de bestemming (burger)woning. Om de voorliggende ontwikkeling planologisch mogelijk te maken dient het bestemmingsplan herzien te worden en hiervoor wordt de bestemmingsplanprocedure doorlopen.
Pagina 2 van 6
Afbeelding 2: ontwerp verbeelding Kamillepad 15 en 17 Wanssum
1.2. Maatschappelijke afweging In de toelichting op het bestemmingsplan is een zorgvuldige belangenafweging gemaakt inzake het maatschappelijk belang van het initiatief. 2. Verloop van de bestemmingsplanprocedure In deze paragraaf wordt het verloop van de planologische procedure in beeld gebracht. Hier wordt onder meer beschreven of er gedurende de procedure reacties zijn binnengekomen en zo ja, of deze hebben geleid tot wijzigingen aan het bestemmingsplan ten opzichte het ontwerpplan. Ook wanneer er ambtshalve aanpassingen hebben plaatsgevonden, dan wordt dit gegeven in deze paragraaf aangegeven. 2.1. Vooroverleg Er is bestuurlijk vooroverleg gepleegd als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening met de daarvoor in aanmerking komende instanties. Provincie Vooroverleg met de provincie heeft plaatsgevonden en de provincie heeft op 9 april 2021 laten weten in te kunnen stemmen met het plan Inspectie voor Leefomgeving en Transport Vooroverleg met de Inspectie voor Leefomgeving en Transport was in dit kader niet noodzakelijk. In de brief van de VROM-inspectie van 26 mei 2009 is aangegeven dat geen vooroverleg noodzakelijk is indien er bij gemeentelijke ruimtelijke plannen geen sprake is van een rechtstreekse invloed op nationale belangen. Aangezien deze ontwikkeling geen invloed heeft op nationale plannen is er geen vooroverleg gevoerd. Waterschap
Pagina 3 van 6
Met het waterschap is vooroverleg gepleegd, zij hebben op 7 april 2021 laten weten akkoord te zijn met het plan. Rijkswaterstaat Met Rijkswaterstaat is vooroverleg gepleegd, zij hebben op 9 april 2021 laten weten akkoord te zijn met het plan. 2.2. Ontwerp bestemmingsplan Op grond van de Inspraakverordening 2007, deels aangepast bij algemeen besluit gemeenteraad 4 november 2008 is besloten tot delegatie van de bevoegdheid tot het verlenen van inspraak aan het college. Dit in verband met doublures in de procedure, de duidelijkheid voor de burgers en ter bevordering van de deregulering. In principe is de insteek om geen inspraak te verlenen, behalve als er sprake is van politiek- of maatschappelijk gevoelige kwesties. Dan kan het college besluiten om toch inspraak te verlenen. Aangezien er in onderhavig geval hier geen sprake van is, hebben burgemeester en wethouders op 28 juni 2022 besloten om geen inspraak te verlenen in deze procedure. Het college heeft op 28 juni 2022
met het ontwerpbestemmingsplan ingestemd. Gedurende de nadien
plaatsgevonden terinzagelegging van het ontwerpplan is één zienswijze ontvangen. Ook is de kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan conform 3.8 Wro aan de provincie, waterschap en Rijkswaterstaat elektronisch toegezonden. 2.3. Geen gewijzigde vaststelling bestemmingsplan De reacties op het ontwerp bestemmingsplan gaven geen aanleiding tot aanpassingen in de regels en verbeelding van het plan. Er was ook geen aanleiding voor ambtshalve aanpassingen. Formeel is het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan daarom niet gewijzigd. Wel is naar aanleiding van de zienswijze de toelichting bij het bestemmingsplan aangevuld en verbeterd. Daarnaast is het gegeven dat er een zienswijze is ingekomen thans verwerkt in de toelichting van het bestemmingsplan. 2.4 Behandeling zienswijzen Rijkswaterstaat maakt bezwaar tegen het ontwerp bestemmingsplan omdat de sloop van de berging en verplaatsing van deze functie niet in ogenschouw is genomen. Wij stellen voor de zienswijze ongegrond te verklaren. Kortheidshalve verwijzen wij verder naar de beoordeling van zienswijze welke als bijlage bij het bestemmingsplan is opgenomen en de daarin opgenomen overwegingen Beoogd resultaat Het vaststellen van het bestemmingsplan Kamillepad 15 – 17 (NL.IMRO.0984.BP20013-va01).
Argumenten 2.1 De gemeenteraad is bevoegd om bestemmingsplannen, eventueel gewijzigd ten opzichte van het ontwerp, vast te stellen en om een standpunt in te nemen omtrent de ontvangen zienswijzen. In de beoordeling van zienswijzen wordt gemotiveerd aangegeven waarom de zienswijzen gegrond dan wel ongegrond zijn. 3.1 Het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het bestemmingsplan begrepen gronden is anderszins verzekerd. Risico’s
Pagina 4 van 6
Er bestaat een risico op beroep, aangezien wij voorstellen ons op een ander standpunt te stellen dan de indiener van de zienswijze. Kanttekeningen Geen Communicatie 1.
Het vastgestelde bestemmingsplan wordt op grond van artikel 3.8 Wro gepubliceerd (conform DROP)
in het Gemeenteblad. Tevens wordt deze kennisgeving elektronisch verzonden aan de provincie, waterschap en de Inspectie voor Leefomgeving en Transport. 2.
Betrokkenen, waaronder de indieners van zienswijzen, worden persoonlijk omtrent de besluitvorming
door uw raad geïnformeerd. 3.
De kennisgeving, het bestemmingsplan, het raadsbesluit en de bijbehorende onderzoeken zullen ook
elektronisch worden weergegeven op de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl en via de link op de gemeentelijke website. Het vastgestelde plan is tevens op papier te raadplegen aan de balie van het gemeentehuis. 4.
De kennisgeving wordt tevens als extra service bekendgemaakt in de Peel en Maas.
Financiële gevolgen Geen Personele/organisatorische gevolgen Geen Juridische gevolgen Het bestemmingsplan treedt in werking daags na afloop van de beroepstermijn. De beroepstermijn vangt aan op de dag na die van de terinzagelegging. Indien binnen de beroepstermijn bij de voorzitter ABRS een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, treedt het besluit niet in werking totdat op het verzoek is beslist. Rechtmatigheid De gemeenteraad is bevoegd om bestemmingsplannen, eventueel gewijzigd ten opzichte van het ontwerp, vast te stellen en om een standpunt in te nemen omtrent de ontvangen zienswijzen. In de beoordeling van zienswijzen wordt gemotiveerd aangegeven waarom de zienswijzen gegrond dan wel ongegrond zijn. Fatale termijnen In de Wro is opgenomen dat de gemeenteraad binnen 12 weken na de termijn van terinzagelegging beslist omtrent vaststelling van het bestemmingsplan. Dit is echter geen fatale termijn, maar een termijn van orde. Vervolgtraject besluitvorming Na vaststelling bestaat gelegenheid om beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Evaluatie n.v.t.
Bijlagen 1. Het concept-raadsbesluit
Pagina 5 van 6
2. Bestemmingsplan ‘Kamillepad 15 en 17 Wanssum’ (NL.IMRO.0984.BP20013-va01) 3. Eindrapport beoordeling zienswijze 4. Ontwerpbestemmingsplan ‘Kamillepad 15 en 17 Wanssum’ (NL.IMRO.0984.BP20013-on01) Naslagwerk n.v.t.
Pagina 6 van 6