01 Bestemmingsplan Westsingel 1, Venray (raadsvoorstel)
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Bestemmingsplan Westsingel 1, Venray
Zaaknummer
Z23001432
Raad datum
27 juni 2023
Steller
Alexander Dunlop
Team
Ruimtelijke Ontwikkeling
Teammanager
Veronique Nabben
Portefeuillehouder
Jan Jenneskens
Openbaarheid Ja, Per direct. Ter advisering/kennisneming/bespreking Ter advisering
Voorstel 1. De ingediende zienswijzen ontvankelijk te verklaren; 2. De ingediende zienswijzen gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond te verklaren conform bijgevoegde zienswijzennota; 3. In te stemmen met de ambtelijke wijzigingen; 4. Het bestemmingsplan ‘Westsingel 1, Venray’ (NL.IMRO.0984.BP22028-va01) op grond van het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) gewijzigd vast te stellen; 5. Geen exploitatieplan vast te stellen.
1 van 5
Raadsvoorstel Inleiding Het plan heeft betrekking op de herontwikkeling van het perceel Westsingel 1 in Venray. Op deze locatie is een voormalige onderwijsinstelling gelegen en de gebouwen staan nu leeg. Ontwikkelaar LPM Development uit Weert heeft de locatie aangekocht met het doel er woningbouw te realiseren. De ontwikkeling van deze locatie tot woningbouw is wenselijk en logisch. Het draagt bij aan het vervullen van de Venrayse woonbehoefte. Reden waarom het college van b&w eerder positief heeft gereageerd op het principeverzoek van de ontwikkelaar. Het plan bestaat in totaal uit 102 wooneenheden en kent een combinatie van onderdelen: een complex met 24 zorgappartementen in de sociale huursector, een appartementencomplex met 32 appartementen in de categorie betaalbaar, een appartementencomplex met 37 appartementen grotendeels in de bereikbare koopsector en 9 grondgebonden levensloopbestendige woningen. De geplande wooneenheden kunnen niet gerealiseerd worden op basis van het huidige bestemmingsplan. Om de voorliggende ontwikkeling planologisch mogelijk te maken dient het bestemmingsplan herzien te worden en hiervoor de bestemmingsplanprocedure te worden doorlopen. Onderstaand een uitsnede van de plankaart voor de nieuwe ontwikkeling.
2 van 5
Raadsvoorstel Op 17 januari heeft het college ingestemd met het ter inzage leggen van het ontwerp bestemmingsplan. Het bestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 27 januari 2023 tot 10 maart 2023 en er zijn in totaal 13 zienswijzen ingediend. Beoogd resultaat Met dit bestemmingsplan uitvoering geven aan het Omgevingsprogramma Wonen en het realiseren van woningbouw. Argumenten 1.1.
De zienswijzen zijn allen ontvankelijk De zienswijzen zijn allen tijdig ingediend en voldoen aan de gestelde voorwaarden. De zienswijzen zijn ontvankelijk.
2.1.
De zienswijzen zijn gedeeltelijk gegrond Wij hebben de zienswijzen inhoudelijk getoetst. Gebleken is dat er in het bestemmingsplan inderdaad enkele onvolledigheden en omissies zaten. Het betreft dan enkele verfijningen van de regels. Tevens zijn enkele onderzoeken aangepast/toegevoegd en zijn teksten in de toelichting verscherpt. Voor een volledige toelichting op de inhoudelijke afwegingen en wijzigingen verwijzen wij naar bijlage 3.
2.2.
De zienswijzen zijn voor het overige ongegrond In de zienswijzen worden ook veel zaken aangedragen qua massa van de gebouwen/woningbouwaantallen en de verwachte overlast van de ontwikkeling. Gebleken is dat deze onderdelen van de zienswijzen ongegrond zijn. Zie voor de uitgebreide reactie en weerlegging bijlage 3.
3.1.
Er zijn twee ambtelijke wijzigingen noodzakelijk Gebleken is dat er twee onvolkomenheden zitten in het plan waarover geen zienswijzen zijn ingediend. Het gaat dan om de volgende zaken: 1. de oriëntatie van de grondgebonden levensloopbestendige woningen Na afstemming in de omgevingsdialoog zijn deze woningen omgedraaid. In de regels van het ontwerpplan is deze draai onvoldoende geborgd. Zodoende is aan de regels een voorschrift toegevoegd dat de woningen met de voorzijde moeten worden gericht naar het binnenterrein/park. 2. Gebleken is dat er een aanvullend geuronderzoek noodzakelijk was naar de voorgrondbelasting van het agrarische bedrijf aan de Enge Steeg 1 te Leunen. Hiervoor is een aanvullend geuronderzoek uitgevoerd. Op grond van het gemeentelijk geurbeleid bedraagt de maximale voorgrondbelasting in de kern Venray 6,5 oue/m³. Uit het onderzoek blijkt dat de voorgrondbelasting als gevolg van het bedrijf aan de Enge Steeg 1 maximaal 2,2 oue/m³ bedraagt. Hiermee wordt voldaan aan het gemeentelijk geurbeleid en is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat qua voorgrondbelasting. Tevens blijkt uit de gemeentelijke geurkaarten dat er qua achtergrondbelasting sprake is van een redelijk goed woon- en leefklimaat. Geur is zodoende geen belemmering van het plan.
3 van 5
Raadsvoorstel
4.1.
Het bestemmingsplan kan gewijzigd worden vastgesteld Gezien de reactie op de zienswijzen zijn er aanpassingen gedaan aan het bestemmingsplan. Zie hoofdstuk 5 van de zienswijzennota voor een overzicht van de aanpassingen. Het plan past in het gemeentelijk beleid en de toekomstvisie van de gemeente qua woningbouw. En met de aanpassingen worden enkele kleine onvolledigheden in het bestemmingsplan hersteld. Zodoende kan het bestemmingsplan, met de genoemde wijzigingen, worden vastgesteld.
5.1.
Omdat er een anterieure overeenkomst is gesloten is er geen exploitatieplan noodzakelijk Het betreft hier een bouwplan waarop de grondexploitatie wetgeving van afdeling 6.4 van de Wro van toepassing is. Dit omdat er nieuwe hoofdgebouwen en nieuwe functies mogelijk worden gemaakt. Daarom moet een exploitatieplan worden vastgesteld om de gemeentelijke kosten (kostenverhaal) te dekken. Alleen wanneer het kostenverhaal op een andere wijze is vastgelegd is dit exploitatieplan niet nodig. In dit geval is met de ontwikkelaar een anterieure overeenkomst gesloten waarin het kostenverhaal is vastgelegd. Zodoende is er geen exploitatieplan noodzakelijk.
Kanttekeningen of risico’s 4.1.
De provincie dient na vaststelling in te stemmen met de wijzigingen Op grond van artikel 3.8 van de Wro dient een bestemmingsplan wat gewijzigd wordt vastgesteld afgestemd te worden met de provincie voordat het gepubliceerd wordt. In dit geval betreft het kleine wijzigingen waarmee het plan naar aard en omvang niet wijzigt.
Communicatie Indieners van zienswijzen zullen geïnformeerd worden dat het bestemmingsplan ter vaststelling wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. Na besluitvorming door de raad wordt het vastgestelde bestemmingsplan gepubliceerd op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Ook wordt bekendmaking met beroepstermijn gepubliceerd in het gemeenteblad. En krijgen indieners van zienswijzen bericht over de vaststelling en beroepsmogelijkheden. Op het plan is artikel 1.6 en 1.6a van de Crisis en Herstelwet van toepassing. Hierdoor zijn pro forma beroepen niet toegestaan, mogen geen aanvullende beroepsgronden worden aangevoerd na het verstrijken van de beroepstermijn en moet de bestuursrechter binnen 6 maanden na afloop van de beroepstermijn uitspraak doen. In de publicaties en communicatie moeten we dit ook aangeven. Financiële gevolgen Het betreft een plan waarvoor een anterieure overeenkomst is gesloten. Met de ontwikkelaar zijn afspraken gemaakt over kosten, planschade en proces. Hiermee zijn de financiële gevolgen voor de gemeente gedekt.
4 van 5
Raadsvoorstel
Vervolgtraject besluitvorming Na besluitvorming wordt het bestemmingsplan voor de beroepsfase ter inzage gelegd. Na inwerkingtreding van het bestemmingsplan gaat de ontwikkelaar aan de slag met indienen van de noodzakelijke vergunningen voor sloop en nieuwbouw. Evaluatie n.v.t. Bijlagen 1. Raadsbesluit 2. Zienswijzennota inclusief geanonimiseerde zienswijzen 3. Vast te stellen versie bestemmingsplan ‘Westsingel 1, Venray’ (NL.IMRO.0984.BP22028va01) Naslagwerk 1. Niet geanonimiseerde zienswijzen (niet openbaar)
5 van 5