004 Bijlage 2, Verslag bijeenkomst 16 april 2025 Governance Regio Noord-Limburg
Tekst van het document
Verslag regionale raadsbijeenkomst - Herijking Governance Regio Noord-Limburg 16 april 2025, Villa Flora te Venlo
I.
Aftrap door burgemeesters Scholten en Vostermans
Dhr. Scholten geeft aan dat de raden in februari 2025 door de colleges zijn geïnformeerd over het voornemen om een volgende stap te zetten in de regionale samenwerking in Noord-Limburg. Met het toenemen van het ambitieniveau van de samenwerking tussen de gemeenten in de regio NoordLimburg en het sluiten van de Regio Deals van 2020 en 2024, zijn ook de bestuurlijke en ambtelijke intensiteit en de financiële belangen rondom de regionale samenwerking toegenomen. De colleges van de acht Noord-Limburgse gemeenten hebben bureau &VandeLaar om advies gevraagd over de toekomst van de regionale samenwerking in onze regio. Dit rapport is ook beschikbaar gesteld aan de gemeenteraden. Bureau &VandeLaar adviseert om de regionale samenwerking te formaliseren in een openbaar lichaam. Deze lijn wordt onderschreven door de colleges in Noord-Limburg. De afgelopen periode hebben de raden al met het eigen college kunnen discussiëren over het ‘waarom’ van deze formalisatie. Tijdens de bijeenkomst vanavond zal vooral de ‘hoe-vraag’ centraal staan. Dhr. Vostermans vult aan dat de bijeenkomst van vanavond ook tot doel heeft om met de aanwezige raadsleden van de acht Noord-Limburgse gemeenten te verkennen op welke wijze de positie van de raden t.a.v. de regionale samenwerking verbeterd kan worden.
Dit vraagt dat raden en colleges samen afstemmen wat ieders rol is en waar ieders verantwoordelijkheid ligt. II.
Ambtelijke toelichting op het proces en de inhoud
Jonathan Felix (senior adviseur bestuurszaken bij de gemeente Venlo en ambtelijk ondersteuner van de door het regionale secretarissenoverleg ingestelde regionale werkgroep governance) geeft ter vergadering een uitgebreide presentatie waarin de aanleiding voor het proces nogmaals wordt geschetst als ook de karakteristieken van een openbaar lichaam en de wijze waarin de beoogde situatie verschilt van de huidige praktijk. In de presentatie wordt onder andere uitgebreid stil gestaan bij de wijze waarop de controlerende rol van de gemeenteraden ten aanzien van een openbaar lichaam is georganiseerd. N.B. De sheets die de heer Felix tijdens de bijeenkomst heeft getoond zijn als bijlage bij dit verslag gevoegd. Naar aanleiding van de presentatie worden door de aanwezigen de volgende vragen gesteld, dan wel opmerkingen geplaatst: Raadslid Peel en Maas: Benadrukt de wens van de gemeenteraad van Peel en Maas om de positie van de gemeenteraden in dit proces goed te borgen. Raadslid Mook en Middelaar: Burgemeester Scholten verwijst naar een adviesrapport. Om welk rapport gaat het precies? ➢ Het betreft het adviesrapport van Bureau &VandeLaar dat als bijlage bij de raadsinformatiebrief van 25 februari jl. door alle colleges met de raden is gedeeld. Ook het advies van het regionaal aanjaagteam waarin de diverse mogelijkheden t.a.v.
het juridisch vehikel zijn benoemd, is als bijlage bij deze brief gevoegd. Raadslid Peel en Maas: Wie stuurt de medewerkers van het regiobureau in de nieuwe opzet aan? ➢ Het merendeel van de medewerkers is nu in dienst van de gemeente Venlo. In het nieuwe construct is het zo dat er een Algemeen Bestuur en een Dagelijks Bestuur wordt gevormd. Dit 1
laatste is formeel belast met het werkgeverschap van de directeur van het regiobureau, die op zijn beurt de medewerkers aanstuurt. Raadslid Horst aan de Maas: Wie nemen er zitting in het Algemeen Bestuur? ➢ De colleges van de deelnemende gemeenten wijzen ieder uit hun midden een bestuurder aan die namens de deelnemende gemeente toetreedt tot het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur kiest uit zijn midden het Dagelijks Bestuur. Raadslid Horst aan de Maas: Heeft de regionale beleidsafstemming een verplichtend karakter? ➢ Neen. Het gaat hier bijvoorbeeld om de portefeuillehouders uit de regio die bijeenkomen en bovenregionale zaken met elkaar bespreken. Hier vindt geen besluitvorming plaats. De vaststelling van beleid blijft voorbehouden aan de individuele gemeenteraden. Raadslid Beesel: Zijn de voors en tegens van een privaatrechtelijke stichting ook in kaart gebracht? ➢ Een stichting kan geschaard worden in het rijtje van de coöperatie (m.a.w. de argumenten om niet te kiezen voor een coöperatie, gelden onverwijld ook voor een stichting). Zie artikel 160 lid 2 Gemeentewet1. De wetgever heeft in dit artikel een nadrukkelijke voorkeur voor een publiekrechtelijke entiteit geuit.
Een privaatrechtelijke entiteit zoals een stichting of vereniging is slechts mogelijk indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht ter behartiging van het door de samenwerking te dienen openbaar belang. Raadslid Beesel: Voorziet een gemeenschappelijke regeling ook in deelname door niet-overheden? ➢ Neen. Een gemeenschappelijke regeling betreft enkel een samenwerking tussen overheden. In regionaal verband is er ook het construct Crossroads waarin niet-overheden een positie hebben. De samenhang tussen de regio en Crossroads vergt een nadere inhoudelijke afweging die mogelijk aan de orde kan zijn bij de herijking van de regiovisie. Raadslid Venlo: Hoe is de informatiepositie van raden geborgd in een gemeenschappelijke regeling? ➢ De informatiepositie raden wordt beter geborgd in een gemeenschappelijke regeling. Raden / raadsleden kunnen zich niet enkel richten tot de colleges maar ook rechtstreeks tot het Algemeen Bestuur en/of Dagelijks Bestuur van de regeling (in het huidige construct kan dit enkel via de lijn van de colleges). Raadslid Mook en Middelaar: Hoe zit het met de bestuurlijke wegingsfactor, hebben alle gemeenten een gelijke stem in de gemeenschappelijke regeling? ➢ Dit is uiteindelijk een bestuurlijke keuze.
Raadslid Horst aan de Maas: Gaan de raden in het nieuwe construct ook actief samenwerken op inhoud? ➢ Ja, dat kan indien de raden besluiten tot oprichting van een raadsadviescommissie. Een raadsadviescommissie is een adviesorgaan voor het Algemeen Bestuur en rapporteert tevens aan de raden. Een raadsadviescommissie is nadrukkelijk niet politiek van aard. Let wel: een raadsadviescommissie kan enkel worden ingesteld indien alle deelnemende raden hiervoor kiezen. Raadslid Venray: Is het advies van een raadsadviescommissie bindend? ➢ Neen, het advies is niet bindend, maar is vanzelfsprekend ook niet geheel vrijblijvend. Raadslid Gennep: Wat wordt de positie van de raad in de nieuwe regeling? ➢ Colleges moeten de raden in positie brengen bij het vaststellen van beleid. Om welke beleidsinhoud het gaat, bepaalt u zelf bij de herijking van de regionale visie. Raadslid Bergen: Wat is dan het verschil met huidige samenwerking? Raden stellen nu toch ook het beleid vast? ➢ In het huidige construct gaan de raden niet over het budget van de regio. Hier gaat enkel de raad van de gemeente Venlo over (begroting). Het college van de gemeente Venlo is penvoerder en kassier binnen de kaders die zijn meegegeven door de colleges van de overige 1 Art. 160 lid 2 gemeentewet : “Het college besluit slechts tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen,
vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang.”
2
gemeenten. Kortom: er blijft heel veel hetzelfde, zaken worden alleen beter geborgd. Ook lokale rekenkamers krijgen met de oprichting van een gemeenschappelijke regeling een formele positie om zaken aan de kaak te stellen die de GR aangaan. De GR behelst ook een exit-regeling. Raadslid Mook en Middelaar: Wordt de RES in de toekomst ook ondergebracht in de regio-GR? ➢ Vooralsnog niet: het doel is nu om een compacte en slagvaardige gemeenschappelijke regeling op te richten die enkel betrekking heeft op de taken van het regiobureau. Hoe de samenwerking in de toekomst groeit, vergt een politiek-bestuurlijke afweging. Raadslid Gennep: Wordt straks in GR ook al duidelijk wat het inhoudelijke spoor (regiovisie) wordt? ➢ Nu nog niet, de inhoud komt pas aan de orde op het moment dat de regiovisie herijkt wordt. Streven is echter wel om vorm en inhoud gelijktijdig bij de raden te brengen. Raadslid Venray: Wat indien de raden inhoudelijk niet op één lijn zitten bij de vaststelling van de regiovisie? ➢ Dat maakt het ingewikkeld. Iedere raad is individueel bevoegd, wat technisch betekent dat een raad op inhoud een voorbehoud kan maken. Dit vraagt wel ‘bestuurlijke lenigheid’ en is ook niet de insteek van de regionale samenwerking. De uitdaging is om in de regionale visie te definiëren wat ons als regio bindt.
Raadslid Peel en Maas: Aan wie legt het Algemeen Bestuur verantwoording af? ➢ De leden van het Algemeen Bestuur leggen verantwoording af aan de eigen colleges en aan de eigen raad. U kunt zich als individueel raadslid ook richten tot het Algemeen Bestuur of het Dagelijks Bestuur. Raadslid Venlo: Is het ‘alles of niets’ in deze regeling? ➢ Voor wat betreft de vorm: ja. De raden krijgen een concrete ontwerpregeling toegestuurd (na vaststelling door de colleges). Daar kunnen zienswijzen op gegeven worden door de raden, en vervolgens bepalen de raden individueel of ze toestemming geven (aan hun colleges) voor de oprichting. Op het moment dat een raad ertoe zou besluiten om geen toestemming te verlenen, dan heeft dat voor die gemeente consequenties voor de regionale samenwerking. Het uitgangspunt is echter wel: samen uit, samen thuis. Voor wat betreft de inhoud is het technisch mogelijk dat een raad afwijkend besluit, maar dat zou wel een vreemde situatie opleveren. Gestreefd wordt naar een regionale visie die herkenbaar is voor alle raden: wat bindt ons in de regionale samenwerking? Raadslid Mook en Middelaar: het is belangrijk dat we samen het doel van de regeling voor ogen houden. Het formaliseren van de samenwerking biedt ons de mogelijkheid om onze regio sterker te positioneren ten opzichte van andere regio’s, overheden en rijk (verwerving derdengelden).
Samen staan we sterker. Raadslid Peel en Maas: Het is belangrijk dat inhoud en vorm parallel lopen. Van is van belang om gemeenteraden goed te positioneren op beide sporen. Raadslid Venlo: Is ten aanzien van het inhoudelijke spoor ook voorzien in een gezamenlijke bijeenkomst met alle raden? ➢ Dat staat nog niet vast, maar behoort zeker tot de mogelijkheden. Door alle aanwezigen wordt de wens onderschreven om ook op het inhoudelijke spoor de raden stevig te positioneren, met de concrete oproep om ook voor het inhoudelijke spoor een regionale bijeenkomst te organiseren. Deze oproep wordt ter vergadering afgehecht. Raadslid Bergen: is in het voortraject overwogen om toe te werken naar één grote regiogemeente? ➢ Aanname is dat deze variant niet op tafel is gekomen.
3
III.
Ruimte voor dialoog aan de hand van stellingen en vragen van aanwezige raadsleden
Waar denkt u aan bij regionale samenwerking?
Ter kennisname, de uitkomst leidt niet tot een inhoudelijke discussie. Stelling 1:
Raadslid Bergen: Als de gemeente Venlo geen deadline had gesteld voor het afstoten van de kassiersfunctie per 1-1-1026, hadden we hier dan nu samen ook gezeten? ➢ Burgemeester Scholten: Jazeker, omdat de urgentie voor het formaliseren van de regionale samenwerking al langere tijd nadrukkelijk aanwezig is. Getuige ook de conclusies uit het rapport van &VandeLaar Raadslid Venray: Waarom zijn de raden niet eerder geïnformeerd over de keuze van het Burgemeesters Overleg Noord-Limburg om een onderzoeksvraag uit de zetten bij &VandeLaar?
4
➢ ➢ ➢
Burgemeester Scholten: het besluit van het Burgemeesters Overleg Noord-Limburg is gestoeld op een gedragen besluit om vaart te gaan maken met het formaliseren van de regionale samenwerking. Burgemeester Vostermans: de echte urgentie bij de overige gemeenten is pas gevoeld op het moment dat Venlo heeft aangegeven de kassiersfunctie af te willen stoten (ca. 1,5 jaar geleden). Raadslid Venlo (tevens lid raadswerkgroep Regionale Samenwerking Noord-Limburg): verwijst naar de toelichting die burgemeester Scholten en burgemeester Teunissen op 28 november 2024 hebben gegeven aan de regionale raadswerkgroep.
Burgemeester Scholten: Regionale samenwerking gaat ook om vertrouwen. Willen we elkaar vooruit helpen? De huidige situatie (kassiersfunctie Venlo) is onvoldoende democratisch. Dit moet veranderen. Daarnaast worden we in toenemende mate geconfronteerd met maatschappelijke thema’s en vraagstukken die op regionaal niveau besproken moeten (denk o.a. aan het woonvraagstuk). Hier moeten we als regio samen iets van vinden. Het is van belang dat wij als regio een eensluidend geluid laten horen naar andere regio’s, provincie en rijksoverheid. Raadslid Peel en Maas: het krachtenveld om ons heen verandert continu. We hebben als NoordLimburg een unieke positie die we meer en beter moeten gaan uitnutten. Raadslid Gennep: de volgordelijkheid van dit proces is niet juist. Urgentie tot regionale samenwerking is wel aanwezig, maar vorm zou inhoud moeten volgen en niet andersom. Burgemeester Vostermans: u heeft nu de kans om als raden samen richting te geven aan de regionale visie. Dit impliceert ook keuzes maken. Dit helpt ons uiteindelijk om focus aan te brengen op de grote thema’s die ons als regio raken. Stelling 2:
Toelichting door een van beide personen die ‘anders’ heeft gekozen: : Het is voor mij nog onvoldoende duidelijk welke stappen nu volgen. Wellicht was het beter geweest om gelijk bij aanvang al te kiezen voor een regeling waarin ook niet-overheden kunnen participeren.” Naschrift: In een regeling kunnen alleen overheden participeren. Zie ook hiervoor: de samenhang tussen regio en Crossroads (waarin ook niet-overheden een positie hebben) is een interessante afweging bij de herijking van de regiovisie.
5
Stelling 3:
De meeste deelnemers aan de bijeenkomst hebben een voorkeur voor een formele raadsadviescommissie. Een kleine groep is van mening dat een informele raadswerkgroep volstaat. Overige opmerkingen:
6
Raadslid Horst aan de Maas: Is voorzien in een extra regionale bijeenkomst met de acht gemeenteraden tussen 3 juni 2025 ( = zienswijze raden op ontwerpregeling colleges) en 17 september ( = vaststelling zienswijzen door de raden) om te spreken over de zienswijzen en waar mogelijk zaken regionaal af te stemmen? ➢ Jonathan Felix: Dit verzoek noteren we, waarbij dit mogelijk gecombineerd kan worden met de door de raden gevraagde regionale sessie over de inhoud van de regiovisie.
7
Vervolgproces
Bijlage: - Hand-out presentatie raadsbijeenkomst 16 april 2025
8