003 Bijlage 1, Reactienota ontwerpregeling Regio Noord-Limburg
Tekst van het document
Memo
Aan
De colleges van B&W van de gemeenten in Noord-Limburg
Van
Anouk Hofman
Plaats/Datum
Venlo, 18 april 2025
Betreft
Reactienota ontwerpregeling regio Noord-Limburg
Op 10 april jl. hebben de gemeentesecretarissen van de gemeenten in Noord-Limburg de ontwerpregeling voor de regio Noord-Limburg met elkaar besproken. Naar aanleiding daarvan zijn nog enkele vragen gerezen. De vragen worden hierna beantwoord. Vraag 1:
Toevoeging bij overwegingen
Graag zien de secretarissen aan de overwegingen toegevoegd dat het streven van de deelnemers is gericht op het bereiken van rechtmatigheid en transparantie. Antwoord: Deze aanvulling is overgenomen in de ontwerpregeling. Vraag 2:
Aanduiding Venray in artikel 1 sub b
In artikel 1 sub b (pagina 2) staat “en/of Venray”. Dit moet “en Venray” zijn. Antwoord: Deze aanvulling is overgenomen in de ontwerpregeling. Vraag 3:
Bevoegdheden collegeregeling
In artikel 6 zijn de aan de GR over te dragen bevoegdheden benoemd. De GR is een collegeregeling. Dat houdt in dat de gemeenteraden geen bevoegdheden overdragen. Het budgetrecht is van de gemeenteraad en blijft bij de raden. Er worden enkel collegebevoegdheden belegd bij de GR. In dat verband wordt de vraag gesteld hoe het financieel commitment aan de entiteit dan geregeld gaat worden. Kan het college commitment afgeven op de financiën? Antwoord: Het klopt inderdaad dat de ontwerpregeling voor de regio Noord-Limburg is vormgegeven als een collegeregeling. Dit leidt ertoe dat er ook enkel collegebevoegdheden kunnen worden overen opgedragen aan de GR. De in artikel 6 opgenomen bevoegdheden betreffen enkel collegebevoegdheden. Feit is wel dat het treffen van een gemeenschappelijke regeling verplicht met zich brengt dat de deelnemers er altijd voor moeten zorgen dat de regeling over voldoende middelen beschikt Ontwerpregeling regio Noord-Limburg/AH/BZ/7025598/03. Reactienota ontwerpregeling Regio Noord-Limburg.docx
1/4
waardoor het de aan haar toegekende taken naar behoren kan vervullen. 1 Het begrotingsrecht van de raad wordt in zoverre bij het treffen van een gemeenschappelijke regeling dus hoe dan ook ingeperkt: de raad zal voldoende budget ter beschikking moeten stellen. De wijze waarop de deelnemers de regio Noord-Limburg van financiële middelen gaan voorzien, kan verschillend worden ingeregeld. De Wet gemeenschappelijke regelingen bepaalt daarover niets. Dit kan bijvoorbeeld geschieden via een vooraf vast te stellen verdeelsleutel, maar het kan ook op basis van de mate waarin de regeling haar taken verricht ten behoeve van de deelnemer. In de GR voor de Regio Noord-Limburg wordt in artikel 26 voorgesteld om de kosten van het samenwerkingsverband te verdelen naar rato van het aantal inwoners per deelnemer op 1 januari van het jaar waarop die kosten betrekking moeten hebben. De hoogte van de bijdrage van de deelnemers wordt opgenomen in de begroting. Deze systematiek is ook van toepassing bij het vullen van het stimuleringsfonds en de investeringsfondsen, zo volgt uit artikel 8 lid 1 en 2 van de GR. Zoals hierna uiteengezet zal worden, is voor de systematiek van de stimuleringsen investeringsfondsen aangesloten bij de al bestaande systematiek uit de Metropoolregio Eindhoven.
Uit de programmabegroting van de MRE volgt duidelijk hoe de gemeentelijke bijdragen per inwoner wordt berekend, ook voor de fondsen (2024-07-03-AB-Begroting-MRE2025.pdf). Vraag 4:
Stimuleringsfonds en investeringsfondsen
Artikel 8 ziet op het in te stellen stimuleringsfonds en investeringsfonds. Graag wensen de secretarissen dat in de toelichting bij de regeling wordt opgenomen waarom dit onderscheid wordt gemaakt en dat er bovendien een duidelijke definitie van deze fondsen in de begripsbepalingen wordt opgenomen, zodat er geen verwarring ontstaat over het verschil tussen deze fondsen. Ook vindt men de terminologie enigszins verwarrend in relatie tot de reeds in gebruik zijnde termen “Investeringsagenda” en “Innovatiefonds”. Dit zijn (af)lopende trajecten onder het huidige samenwerkingsverband die vooral het karakter hebben van een stimuleringsfonds. Antwoord: Het doel van de stimulerings- en investeringsfondsen is om de ontvangen gelden uit de regiodeals op transparante wijze te verdelen binnen de regio, passend binnen de kaders van de regionale agenda. Voor de systematiek van de stimulerings- en investeringsfondsen is aangesloten bij de al bestaande systematiek van de Metropoolregio Eindhoven. De MRE werkt namelijk al vele jaren naar grote tevredenheid met een stimuleringsfonds (Samen investeren! | Metropool Regio Eindhoven). Per 1 juli 2024 is er bij de MRE een investeringsfonds bijgekomen. Dit laatste is dus een nieuw instrument.
1
Circulaire van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 8 juli 1999, kenmerk F099/U5911.
Ontwerpregeling regio Noord-Limburg/AH/BZ/7025598/03. Reactienota ontwerpregeling Regio Noord-Limburg.docx
2/4
Voorgesteld wordt om voor de regio Noord-Limburg ook te gaan werken met de voornoemde fondsen, zodat de Regio echt slagkracht krijgt en als katalysator kan dienen voor een verantwoorde verdeling van de gelden uit de Regiodeal. In de toelichting bij de gemeenschappelijke regeling zal hier nader bij worden stilgestaan. Het stimuleringsfonds heeft het stimuleren (of aanjagen) van projecten van derden die de economische structuur in de regio versterken en die passen binnen de kaders van de regionale agenda, tot doel. Zie daarvoor ook artikel 8 lid 1 sub a. Bij de investeringsfondsen gaat het om de investering in concrete projecten die passen bij de thema's van de regionale agenda, eventueel in combinatie met middelen van andere overheden en private partijen. Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om het afgeven van garanties of het aangaan van leningen. Het voornoemde is thans ook opgenomen in de begripsbepalingen. Voorstelbaar is overigens om – gelijk aan de MRE – in eerste instantie enkel te gaan werken met stimuleringsfondsen. Wel wordt geadviseerd om de optie om te gaan werken met investeringsfondsen alvast in de regeling op te nemen, zodat de tussentijdse aanpassing van de regeling niet nodig is. Vraag 5:
Artikel 8.2 en de mogelijkheid tot het extra beschikbaar stellen van middelen
In artikel 8.2 wordt de mogelijkheid omschreven voor het extra beschikbaar stellen van middelen. De secretarissen vernemen graag wie dan over deze middelen gaat. Antwoord: Binnen de gemeenschappelijke regeling beschikt het Algemeen Bestuur over het begrotingsrecht. In de begroting wordt opgenomen welke middelen beschikbaar zijn voor het stimulerings- en investeringsfonds. Het is, met andere woorden, het AB dat daartoe besluit. Voor zover met het extra beschikbaar stellen van middelen wordt gedoeld op de aanvullende mogelijkheid tot het aangaan van samenwerkingsovereenkomsten met deelnemende gemeenten en derden, geldt voor de gemeenten dat de gemeenten in dat geval zelf besluiten of zij extra middelen beschikbaar wensen te stellen. Indien daarvoor eerst een raadsbesluit nodig is, dan is dat de procedure die doorlopen zal moeten worden. Vraag 6:
Bevoegdheden ten aanzien van personeel
In artikel 14 sub e is opgenomen dat het DB verantwoordelijk is voor het aannemen, schorsen en ontslaan van personeel. Dit terwijl in artikel 24 lid 3 iets anders lijkt te staan, namelijk dat de secretaris hiervoor verantwoordelijk is. De secretarissen zien graag een verduidelijking opgenomen in de regeling.
Ontwerpregeling regio Noord-Limburg/AH/BZ/7025598/03. Reactienota ontwerpregeling Regio Noord-Limburg.docx
3/4
Antwoord: In artikel 14 sub e is opgenomen dat het DB bevoegd is tot: e. het aannemen, schorsen en ontslaan van personeel, dit met uitzondering van de secretaris. In artikel 24 lid 3 is opgenomen dat de secretaris namens het dagelijks bestuur kan worden belast met het aannemen, het schorsen en het ontslaan van personeelsleden van het samenwerkingsverband. Hieruit volgt aldus dat het een DB-bevoegdheid is, die gemandateerd kan worden aan de secretaris. De verantwoordelijkheid voor het personeel blijft daarmee altijd bij het DB liggen. ***
Ontwerpregeling regio Noord-Limburg/AH/BZ/7025598/03. Reactienota ontwerpregeling Regio Noord-Limburg.docx
4/4