001 Nalevingsbeleid intrekken VTH beleid (raadsvoorstel)
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Intrekken VTH beleid
Zaaknummer
Steller Team
Raad datum
23 september 2025
Teammanager Portefeuillehouder
Medewerker team Vergunningverlening Toezicht Handhaving, medewerker team Concern VTH/Concern Teammanager VTH, Teammanager Concern Erik van Daal
Openbaarheid Ja, Per direct. Ter advisering/kennisneming/bespreking Ter advisering
Voorstel 1. Het nalevingsbeleid 2025-2026 inclusief de prioriteitenlijst vast te stellen. 2. Het nalevingsbeleid 2025-2026 op de eerstvolgende dag na bekendmaking in te laten gaan. 3. Het VTH-beleidsplan d.d. 7 juli 2020 in te trekken. 4. De intrekking op de eerstvolgende dag na bekendmaking in te laten gaan.
1 van 5
Raadsvoorstel Inleiding Het college heeft op 25 februari 2025 de nota Nalevingsbeleid vastgesteld. Dit nalevingsbeleid komt in de plaats van het VTH-beleidsplan (Vergunningen, Toezicht en Handhaving) dat uw raad op 7 juli 2020 heeft vastgesteld. Uw raad wordt gevraagd dit VTH beleid in te trekken. We willen een betrouwbare overheid zijn die zegt wat zij doet en doet wat zij zegt. Vanaf het begin van deze collegeperiode hebben we al gehandeld in de geest van dit nalevingsbeleid. Hoewel beleid en instrumentarium belangrijk zijn, gaat het er vooral om dat wij dit ook consequent en consistent toepassen, zodat niet de indruk ontstaat dat regels niet nageleefd hoeven te worden omdat de gemeente toch niet optreedt of achteraf zaken alsnog legaliseert. Met andere woorden, wij willen bevorderen dat iedereen de regels uit zichzelf naleeft. Het college heeft het vorige VTH beleidsplan geactualiseerd en verbreed tot een integraal beleid voor het fysieke domein van de gemeente Venray. Vandaar dat we nu spreken over nalevingsbeleid. Het nalevingsbeleid gaat over de vraag hoe we er voor zorgen dat afspraken en regels die voor ons als gemeente, onze inwoners, bedrijven en organisaties gelden ook worden nageleefd.
Deze afspraken en regels vinden we in nationale wet- en regelgeving en in beleidskaders die door uw raad zijn vastgesteld, zoals bijvoorbeeld een omgevingsvisie of een Algemene Plaatselijke Verordening. Het is een beleidsplan voor de uitvoering. Ambtelijk is geadviseerd om dit beleidsplan vast te laten stellen door het college. Het is niet logisch dat de raad, zoals met het VTH beleid is gebeurd, dit beleid vaststelt. De raad gaat immers over de kaders en de controle op de uitvoering daarvan, het college gaat over de uitvoering. In de zin van de Algemene Wet Bestuursrecht (artikel 4:81) is er sprake van een beleidsregel. Het vaststellen van beleidsregels voor de toepassing van een bevoegdheid berust bij hetzelfde orgaan als waar de toepassing van die bevoegdheid berust. Echter, uw raad heeft bij motie van 13 mei 2025 aangegeven het nalevingsbeleid met de prioriteitenlijst vast te willen stellen. Daarbij wordt verwezen naar een advies van de VNG dat is geformuleerd in een handleiding over toezicht en handhavingsbeleid. Het college heeft besloten deze motie te volgen. Echter, navraag bij de VNG leert dat de conclusie dat de bevoegdheid tot vaststelling van het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst bij de raad behoort te liggen zeker niet eenduidig te trekken is. Daarom is het van belang dat óók het college het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst formeel vaststelt.
Dit om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de rechtsgeldigheid van het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst omdat deze niet door het bevoegd gezag zouden zijn vastgesteld. In het geactualiseerde nalevingsbeleid is een omschrijving van de formele rolverdeling tussen raad en college, de reikwijdte van het beleid, ontwikkelingen, de instrumenten die ons ter beschikking staan en een afwegingskader opgenomen waar we gebruik van maken bij de prioritering en het opstellen van de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s. Beoogd resultaat Een nieuw en rechtsgeldig nalevingsbeleid 2025-2026 waarin de toepassing van het beschikbare instrumentarium voor, en de wijze van toezicht en handhaving op, de naleving van de regels en afspraken die voor de inwoners, bedrijven en organisaties in Venray gelden als ook de prioritering voor de uitvoering is geregeld.
2 van 5
Raadsvoorstel
Argumenten 1.1
We werken al in de geest van het nieuwe nalevingsbeleid.
Zoals in de inleiding al is aangegeven heeft dit college, vooruitlopend op en in de geest van dit nalevingsbeleid in de afgelopen twee jaar al het nodige opgepakt en geïntensiveerd. Er is onder andere extra formatie gevraagd die zowel in de backoffice (juridische ondersteuning) als in de frontoffice (toezicht en handhaving ‘in het veld’) is ingezet. Onderstaande tabellen laten zien dat toezicht en handhaving in de afgelopen twee jaar is geïntensiveerd en ook dat, mede op basis van politiek bestuurlijke prioriteiten, de inzet jaarlijks met verschillende focus is gepleegd.
3 van 5
Raadsvoorstel
1.2
De kaderstellende en controlerende rol van raad ten opzicht van de uitvoerende rol van het college van B&W
In nationale wet- en regelgeving vinden we afspraken en regels waar bij het college of (in het geval van openbare orde en veiligheid) de burgemeester moet toe zien op de naleving ervan. Daarnaast stelt de raad kaders vast in bijvoorbeeld een omgevingsvisie of een verordening (zoals bijvoorbeeld de Algemene Plaatselijke Verordening, APV). Ook hier ziet het college toe op de naleving. Het stellen van nadere regels over de wijze waarop dat gebeurt is ook taak van het college. Het nieuwe nalevingsbeleid en het daarop gebaseerde uitvoeringsprogramma, inclusief prioritering, wordt dus opgesteld en vastgesteld door het college. In hoofdstuk 2 van het nieuwe nalevingsbeleid dat als bijlage bij dit raadsvoorstel is gevoegd wordt deze rol en taakverdeling verder uiteengezet. Op hoofdlijnen ziet de rol- en taakverdeling tussen raad en college er als volgt uit:
1.3
De raad heeft aangegeven het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst vast te willen stellen.
De raad heeft bij motie van 13 mei 2025 aangegeven het nalevingsbeleid met de prioriteitenlijst vast te willen stellen. Het college heeft besloten deze motie te volgen. Daarom wordt het nalevingsbeleid inclusief de prioriteitenlijst ter vaststelling aan de raad aangeboden. Echter, navraag bij de VNG leert dat de conclusie dat de bevoegdheid tot vaststelling van het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst bij de raad behoort te liggen zeker niet eenduidig te trekken is. Daarom is het van belang dat óók het college het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst formeel vaststelt. Dit om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de rechtsgeldigheid van het nalevingsbeleid en de prioriteitenlijst omdat deze niet door het bevoegd gezag zouden zijn vastgesteld. In het geactualiseerde nalevingsbeleid hebben we de formele rolverdeling tussen raad en college zo helder mogelijk uiteengezet 2
Het nalevingsbeleid 2025-2026 dient gepubliceerd te worden
Om het nalevingsbeleid 2025-2026 in werking te laten treden moet het gepubliceerd worden. Inwerkingtreding vindt plaats op de dag na publicatie.
4 van 5
Raadsvoorstel 3. Het nalevingsbeleid vervangt het VTH-beleid. Het nalevingsbeleid vervangt het huidige VTH-beleid. Het VTH-beleid 2020 dat op 7 juli 2020 is vastgesteld door de raad dient derhalve door de raad te worden ingetrokken. 4
Intrekking treedt pas in werking na bekendmaking.
Om het VTH-beleid 2020 in te trekken dient het besluit daartoe gepubliceerd te worden. Het besluit treedt in werking de dag na de bekendmaking.
Kanttekeningen en risico’s Bij eenzijdig vaststellen van het nalevingsbeleid door de raad bestaat het risico dat, wanneer het college in concrete situaties handhavend optreedt, de rechtsgeldigheid hiervan ter discussie wordt gesteld omdat het nalevingsbeleid waarop het optreden van het college is gebaseerd niet door het bevoegd orgaan zou zijn vastgesteld. Communicatie De vaststelling van het nalevingsbeleid 2025-2026 en de intrekking van het VTH-beleid 2020 zal gepubliceerd worden via www.overheid.nl Financiële gevolgen Niet van toepassing. Vervolgtraject besluitvorming Niet van toepassing. Evaluatie Niet van toepassing. Bijlagen Nalevingsbeleid 2025-2026. Naslagwerk Artikel 3:40 Algemene wet bestuursrecht (Awb) Artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht (Awb)
5 van 5