RV79 Beantwoording techn vragen EENLokaal Leon van den Beucken.pdf
Tekst van het document
Leon van den Beucken
TECHNISCHE VRAGEN
RV 2021-79 Technische vragen Vaststelling bestemmingsplan verbrede reikwijdte Tegelen “De nieuwe omgevingswet gaat uit van één gebiedsdekkend omgevingsplan voor de gehele gemeente Venlo.” Echter nu is dit experiment beperkt tot Tegelen. We kunnen ons voorstellen dat er gedurende dit leerproces en de experimentele fase een uitbreiding komt met bijvoorbeeld Venlo-Zuid, Belfeld of Velden. Om uiteindelijk tot een gebiedsdekkend plan te komen, zo begrijpen wij. Deze gebieden zitten anders in elkaar, met andere ruimtelijke mogelijkheden, ligging, infra en behoeften Vraag 1 Hoe wordt geborgd dat het totale gebiedsdekkende omgevingsplan wel rekening houdt met deze verschillen per locatie in onze gemeente? Antwoord: Bij het totale gebiedsdekkende omgevingsplan wordt rekening gehouden met verschillen per locatie/gebied. Maatwerk is mogelijk en ook noodzakelijk om de kwaliteiten en mogelijkheden van de verschillende gebieden tot hun recht te laten komen. Vraag 2 Welke risico’s kleven er (voor gemeente en initiatiefnemers) eventueel aan het opnemen van een “voorlopige bestemming”? Antwoord: Het opnemen van een voorlopige bestemming is een mogelijkheid om een tijdelijke ontwikkeling voor bepaalde tijd mogelijk te maken. Na afloop van de tijdelijkheid is een definitieve bestemming van toepassing. Het biedt vooral ruimte voor tijdelijke ontwikkelingen, met weinig risico’s.
We lezen in het voorstel “onderzoekverplichtingen kunnen worden doorgeschoven naar de vergunning-fase, evenals de financieel-economische uitvoerbaarheid.” Vraag 3 Betekent dit dat een aantal van deze zaken in een omgevingsvergunning nog zal worden onderzocht, alsmede de financiële haalbaarheid en dat de gemeenteraad dan “buiten spel” staat? Antwoord: In het bestemmingsplan moet worden aangetoond dat toegestane ontwikkelingen en initiatieven haalbaar zijn. Daarvoor is het niet meer nodig om uitgebreide en gedetailleerde onderzoeken uit te voeren. Deze kunnen worden doorgeschoven naar de fase van de omgevingsvergunning. Deze onderzoeken en financiele uitvoerbaarheid kunnen dan namelijk specifieker voor het concrete plan/initiatief, waarvoor de omgevingsvergunning wordt aangevraagd, worden uitgevoerd. Het college is het bevoegde orgaan voor de omgevingsvergunning. De raad blijft ook na inwerkingtreding van de Omgevingswet in de positie om in het kader van het omgevingsplan de kaders te formuleren, waarmee bij de verlening van een omgevingsvergunning rekening moet worden gehouden.
Vraag 4 Welke risico’s horen hier eventueel bij en wat betekent dit voor de positie van de Raad en voor de initiatiefnemer? Antwoord: Het biedt ruimte en mogelijkheden voor globale bestemmingsplannen (Omgevingsplan), waarbij ontwikkelingen en initiatieven niet op voorhand concreet en in detail worden vastgelegd. De initiatiefnemer hoeft dan niet meer onderzoeken te doen naar de maximale planologische mogelijkheden, maar alleen naar het concrete initiatief waarvoor omgevingsvergunning wordt aangevraagd.
De raad blijft het bevoegde gezag voor het vaststellen van het bestemmingsplan en omgevingsplan, ook voor globale plannen. Daarmee geeft de raad de kaders weer, waarmee in een later stadium bij de omgevingsvergunning rekening moet worden gehouden. Vraag 5 Hoe vindt de koppeling van dit raadsvoorstel met het Omgevingsplan plaats, zijn er tussentijds vaste momenten waarbij omgevingsvisie en het gebiedsdekkend omgevingsplan (of de delen ervan gedurende de opbouw) naast elkaar gelegd worden om te kijken of er zaken schuren of tegenstrijdig zijn? Antwoord: Het nu voorliggende bestemmingsplan met verbrede reikwijdte Tegelen gaat na de inwerkingtreding van de Omgevingswet over in het tijdelijk Omgevingsplan van rechtswege (net als alle andere bestemmingsplannen). Vervolgens zal dit tijdelijk Omgevingsplan ‘omgebouwd’ worden naar een definitief Omgevingsplan. Daarvoor is een plan van aanpak op hoofdlijnen opgesteld, gezamenlijk met de aanpak van de Omgevingsvisie. Zie ook de Raadsinformatiebrief 2021-145. Het Omgevingsplan is een planologisch juridische uitwerking van o.a. de Omgevingsvisie. Dit vergt voortdurende afstemming ter voorkoming van strijdigheden en hiaten.
In 2016 (RV 24) hebben we al een uitgangspuntennotitie beschreven met de volgende “transities” Van (bestemmingsplan) Goede ruimtelijke ordening Sectoraal Statisch Restrictief Norm-denken Star Ge- en verboden Toelatingsplanologie Nee, tenzij Toetsen initiatieven Gedetailleerd, waar het moet Buitenplanse / binnenplanse afwijkingen De
Naar (omgevingsplan) Veilige en gezonde fysieke leefomgeving Integraal Dynamisch Uitnodigend en verleidend Sturen op doelen en ambities Flexibel Basisnormen met flexibiliteit en bewegingsruimte Randvoorwaarden-planologie …. Ja, mits …. Meedenken, dialoog Loslaten, waar het kan Zoveel als mogelijk rechtstreeks
Onder andere in 5. Bestemmingsplan met verbeterde Reikwijdte Tegelen (Wat is anders t.o.v. regulier bestemmingsplan) zien we een flink aantal van deze elementen terug. Vraag 6 Zijn al deze bovengenoemde transities nog volledig van kracht, c.q. uitvoerbaar of zijn er transities die nu nog niet (volledig) meegenomen worden in dit raadsvoorstel (dan wel stadium) en zo ja, kunt u dat toelichten? Komen er eventueel nog transities bij? Antwoord: De vermelde uitgangspunten komen in het algemeen wel terug in het bestemmingsplan. Dat kan echter per uitgangspunt verschillen (het ene uitgangspunt zie je meer terug dan het andere). Zo is het voorliggende bestemmingsplan nog steeds vrij gedetailleerd opgesteld en is het ‘loslaten’ nog niet echt van de grond gekomen. Ontwerpbestemmingsplan is bekend gemaakt op 16 juni 2021 heeft ter inzage gelegen tot en met 28 juli 2021. 21 zienswijzen zijn ingediend. Veel van deze zienswijzen hebben betrekking op het borgen van vigerende rechten of behoud van een bestaande situatie, als het gaat om detailhandel, dienstverlening en wonen. U geeft aan: “•Detailhandel. Ter uitwerking van het Uitvoeringsplan detailhandel Tegelen is het door uw raad vastgestelde compacte centrumgebied verwerkt in dit bestemmingsplan. In dit kernwinkelgebied is
detailhandel toegestaan. Buiten het kernwinkelgebied is detailhandel niet toegestaan. Daar waar mogelijk zijn vigerende detailhandel-rechten, die niet meer worden benut, komen te vervallen. Hiervoor is een traject van voorzienbaarheid gevolgd. Eigenaren zijn in de gelegenheid gesteld om hun vigerende rechten alsnog te realiseren. Daar waar dit niet is gebeurd binnen de gestelde termijn, komen deze rechten te vervallen. In totaal gaat het om 25 panden met een totale oppervlakte aan detailhandel van 4153 m2 buiten het kernwinkelgebied. Voorts is er een uitsterfconstructie opgenomen, waarbij de detailhandelsfunctie buiten het kernwinkelgebied komt te vervallen, indien deze functie gedurende 1 jaar niet is benut.” Dit is mij niet duidelijk. Vraag 7a Hoeveel panden (m2) kwamen in 2018 buiten het kernwinkelgebied te liggen en kwamen in aanmerking? Antwoord: In totaal ging het binnen het plangebied om ong. 5500 m2 detailhandel wat in aanmerking kwam om wegbestemd te worden. Het betreft dan panden niet in gebruik als detailhandel dan wel panden die leeg stonden. Vraag 7b Hoeveel panden (m2) zijn sinds dien wegbestemd (creatie voorzienbaarheid) Antwoord: In het kader van de aanpak voorzienbaarheid in het kader van dit bestemmingsplan zijn in totaal ong. 4153 m2 detailhandel wegbestemd (25 panden).
Vraag 7c Hoeveel panden (m2) hebben nu nog steeds de bestemming detailhandel? Antwoord: Dit is niet exact aan te geven, omdat in het kader van het wegbestemmen van detailhandelspanden alleen die panden zijn beoordeeld, die daadwerkelijk in aanmerking komen om wegbestemd te worden. De panden (m2) buiten het kernwinkelgebied die wel in gebruik zijn als detailhandel zijn daarbij niet meegenomen. Vraag 8 Valt het dit bestemmingsplan met verbrede Reikwijdte op geen enkele manier samen met “Voorbereidingsbesluit Industriestraat-Stationsstraat-Parallelweg” Tegelen, welk we ieder jaar nemen (laatste keer oktober RB 63) ? Zo nee, wat is de wederzijdse invloed? Antwoord: Nee. Het gebied waarvoor het voorbereidingsbesluit is genomen valt buiten het plangebied van dit bestemmingsplan. Voor het gebied waarvoor het voorbereidingsbesluit is genomen is een nieuw bestemmingsplan in voorbereiding. Indien dit bestemmingsplan in voorbereiding niet tijdig voor 1 juli 2022 ter inzage kan worden gelegd, dan zal het bestemmingsplan worden omgebouwd naar een Omgevingsplan. Vraag 9 Wanneer komt de eerste evaluatie van dit experiment richting de raad (of raadswerkgroep), is dat nog voor de omgevingswet 1 juli 2022, of op een later moment? Antwoord: Volgens het plan van aanpak Omgevingsvisie en Omgevingsplan wordt er in juni 2022 een nota van uitgangspunten voorgelegd aan de raad.
Ik kan mij voorstellen dat dit een goed moment is voor een evaluatie van deze pilot voor de raad. “Het bestemmingsplan wordt beleidsneutraal opgesteld. M.a.w. het vigerende beleid en visies zijn inhoudelijk bepalend en richtinggevend voor het bestemmingsplan.” Vraag 10
Kunt u in enkele zinnen uitleggen, hoe dat geland is vanuit de beleidsneutraliteit, naar een gezonde en veilige leefomgeving? Antwoord; Een gezonde en veilige leefomgeving is een nieuw thema voor het Omgevingsplan. In dit bestemmingsplan met verbrede reikwijdte is dit nieuwe thema nog niet of slechts summier opgenomen. In dit plan is alleen rekening gehouden met de basisnormen in wet- en regelgeving op gebied van milieu, zoals geluid en externe veiligheid. De nota van zienswijzen (samenvatting): “Tenslotte wordt tegemoet gekomen aan de overige ingebrachte zienswijzen. Dat betekent dat het bestemmingsplan wordt aangepast, - zodat wonen op de verdieping in de vorm van 1 woning per pand per bouwlaag op de verdieping rechtstreeks is toegestaan in het centrum van Tegelen, - zodat het oprichten van een bedrijfswoning bij één van zijn panden mogelijk blijft, - zodat de bestaande situatie wordt geborgd voor wat betreft de dienstverlenende activiteiten van één van zijn panden” Vraag 11 Wordt er, hier afdoende gehandhaafd, zodat er geen over bewoning en onveilige situaties op de verdiepingen plaatsvinden? Om hoeveel woonmogelijkheden gaat het in dit bestemmingsplan, die nu nog niet benut mogen worden? Antwoord: Ja, er wordt afdoende gehandhaafd op illegale kamerbewoning en overbewoning.
Het gaat om leegstaande verdiepingen op een gedeelte van de Kerkstraat, waar nu nog niet gewoond wordt en waar 1 woning per verdieping per pand wordt toegestaan. De begane grond is hiervan uitgezonderd. Voor zover we dat kunnen nagaan, wordt in dit gedeelte van de Kerkstraat op de verdiepingen reeds overal gewoond en is dit niet het geval voor de Kerkstraat 27 en 27a. Dan zou het om 2 en maximaal 4 woningen, even afhankelijk van het Bouwbesluit, kunnen gaan. Dit bestemmingsplan voorziet niet in grote ruimtelijke transitieopgaven (het compact worden van het Tegelse winkelhart volgt uit een vorige opgave) maar heeft een verbrede reikwijdte. Vraag 12 Kan dit voorstel ook worden aangemerkt (behalve als een plan met verbrede reikwijdte) als een “conserverend” plan? Antwoord: Het nu voorliggende bestemmingsplan is overwegend een conserverend plan, waarbij zoveel als mogelijk is uitgegaan van de bestaande situatie (bestaand stedelijk gebied) en van bestaand beleid. Vraag 13 We zien de dat er zich heel wat reclamanten hebben gemeld. Stel dat er na de vaststelling van dit raadsvoorstel, nog een reclamant komt met een pand dat in principe ook voldoet aan detailhandel en wonen op dezelfde manier zoals reclamanten waarbij een aanpassing is gedaan, zijn daar reparatiemogelijkheden? Antwoord: Daar zijn reparatiemogelijkheden voor.
Op korte termijn via een partiele herziening van dit bestemmingsplan. Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet via een wijziging van het Omgevingsplan. Daarnaast is er nog een mogelijkheid om via een omgevingsvergunning-afwijking bestemmingsplan te repareren. Vraag 14 Kunt u een paar treffende voorbeelden geven van de “nee,tenzij” naar “ja,mits” attitude, zoals beoogd in dit stuk? Antwoord: In het bestemmingsplan zijn enkele ‘ontwikkellocatie’ opgenomen. Op deze locaties laat het bestemmingsplan ontwikkelingen toe, mits er wordt voldaan aan het opgenomen afwegingskader.
Leon van den Beuken