Reactie Stichting Limburgs Landschap rapport Locatiestudie jachthaven rvs 2021-70.pdf
Tekst van het document
dossier
onderwerp I
AL 12/09/05/05 verplaatsing jachthaven Venio Locatiestudie verplaatsing jachthaven Ref.: E. Staal
Het Limburgs Landschap
l
II o5. -
College van B&W en Gemeenteraad van de gemeente Venio Postbus 3434 5902 RK Venio
3 ? f cn
Nr.
*
ïi lï
I 11 iS tj
<£>
J ë cd
UX
f-
5 0
1i
ïl fe s. &
=5' S ■?
Iï I □e J3
ba
•s CZJ
1 6 NOV 2021 11 november 2021
Gemeente Venio
Geachte college,
In opdracht van de gemeente is een locatiestudie gedaan naar de meest geschikte locatie voor de te verplaatsen jachthaven. Uit die studie en uw reactie daarop blijkt een voorkeur voor de Océ-Weerd. Als belangenbehartiger voor natuur en landschep en eigenaar van grote delen van het onderhavige gebied willen we graag reageren op die locatiestudie. De studie geeft een groot aantal zaken weer in relatie tot de verschillende locaties om zo een afweging te kunnen maken. De studie geeft aan dat er ook in het Raaijeind goede mogelijkheden zijn. U geeft zelf al aan in uw begeleidende brief; ‘De locatie Raaijeind zou als achtervanglocatie gebruikt kunnen worden in het geval besloten zou worden dat het project Vier Waarden alsnog niet gerealiseerd zou worden.’ Mede gezien de duidelijke reactie van de Commissie MER op de eerdere plannen (die toen beperkt waren tot de Océ-Weerd) is het dan ook logisch om bij een verder onderzoek het Raaijeind als potentiële locatie mee te blijven nemen om uiteindelijk een verantwoorde afweging te kunnen laten zien. We hebben deze studie ook bekeken in relatie tot uw eerder goedgekeurde Havenvisie. In uw Havenvisie staat vermeld dat de ontwikkelingen rondom de haven moeten leiden tot een verbeterde economische Oost-Westas en een verbeterde ecologische Noord-Zuidas langs de Maas.
Dat laatste uitgangspunt is gekoppeld aan de eerdere mede door de gemeente uitgevoerde Maascorridorplannen die mooie, vrij toegankelijke natuur midden in het stedelijk gebied hebben opgeleverd. De aanleg van de jachthaven in de Océ-Weerd maakt een inbreuk op die voorgestelde ecologische as, tenzij er aandacht besteed wordt aan een stimulering van de riviernatuur aansluitend aan het plangebied. Deze insteek missen wij in de nu voorliggende documenten en wij verzoeken u dringend hieraan in het vervolgproces veel meer aandacht te geven. We roepen hier in herinnering dat het weggraven van goed ontwikkelde Maasnatuur eerder de aanleiding voor de Commissie MER was om uw plannen af te wijzen. In de nieuwe afwegingen kan een concrete impuls voorde ontwikkeling van riviernatuur van doorslaggevende betekenis zijn bij een externe beoordeling. Ook voor onze positiebepaling in dit dossier is dat natuurlijk erg belangrijk.
aangesloten bij
ANBI
Landschappen
1
NL
.1
i)
Juist op dat vlak is uw studie nu nog incompleet. Het onderzoek geeft op pagina 27 aan dat er ‘rondom de nevengeul en de jachthavenvoorzieningen ruimte is voor natuurontwikkeling’. Op pagina 32 geeft de studie aan: ‘kunnen aanvullende middelen voor natuurcompensatie noodzakelijk blijken’. Wij hebben in overleggen met de gemeente steeds aangegeven dat die benodigde compensatie een belangrijk feit is en niet een eventuele consequentie. De realiteit is dat er door de aanleg bestaand natuurgebied verdwijnt. Het verbaast ons daarom dat deze verplichte compensatie niet in de begroting is opgenomen. Wij concluderen voorlopig uit de cijfers in de studie dat het om zo’n 10 ha ruimtebeslag gaat voor de nieuwe jachthaven. Ook de omschrijving op pagina 31 ’in de ramingen rekening is gehouden met het natuurlijk inrichten van het plangebied. Het gaat hier primair om de aanplant van bomen, struweel en het realiseren van grasland’, geeft niet aan dat er rekening is gehouden met de (wettelijke) compensatie die nodig is vanwege het verdwijnen van areaal bestaande natuur. Uit alle afwegingen in de studie blijkt een aantal voordelen voor de stad van de aanleg van de jachthaven in de Océ-Weerd. Echter bij het eerste voorstel op pagina 29 wordt de OcéWeerd voor het grootste deel opgeofferd.
Hierdoor wordt de kwaliteit van de Océ-Weerd als uitloopgebied van de stad onnodig aangetast en wordt het integrale natuurbeheer van het overblijvende gebied bemoeilijkt. Bij de variant weergegeven op pagina 30, is dat niet het geval. Mocht er uiteindelijk voor de Océ-Weerd gekozen worden, dan gaat daar onze nadrukkelijke voorkeur naar uit.
In het Maasdal in de gemeenten Venlo en Horst aan de Maas ligt een aantal maatschappelijke opgaven zoals dijkverlegging en rivierverruiming en die bieden inderdaad ook kansen om tot oplossingen te komen. Hierbij zijn de doelen van het HWBP Venlo-Velden de meest concrete. Wij zijn blij dat u in uw studie uitgaat van een regionale aanpak van het Maasdal via de IRM-pilot Vier Waarden. Hierbij kan inderdaad een integrale afweging gemaakt worden en werk aan werk gekoppeld worden. Wij zijn sterk voorstander van een benadering vanuit het perspectief van de Vier Waarden. Wel vinden wij het van belang dat er een passage opgenomen wordt dat in het geval de IRM-pilot niet van de grond zou komen, de integrale planvorming inclusief de benodigde natuurcompensatie vanuit Venlo zal worden opgepakt voor het gebied tussen Valuas en de Hoogwatergeul Lomm, aan de oostzijde van de Maas. Al met al ligt er een grote en gecompliceerde transitie-opgave in het noordelijk Maasdal in Venlo. Gezien het grote maatschappelijke belang denken wij als belangenorganisatie eigenaar en verantwoordelijke natuurbeheerder graag mee over de koppeling van kansen die hoogwaterbestrijding, ontwikkeling van riviernatuur en de aanleg van de jachthaven kunnen bieden. J
Met vriendelijke groet, STICH
ET LIMBURGS LANDSCHAP
W.F.G. Alblas^==~ directeur-bestuurder
2