Reactie Nota van zienswijzen Albertushof 12-10-2022.pdf
Tekst van het document
Betr.: Oordeelsvormende Raadsbijeenkomst, Woensdag 12 oktober 2022 Agendapunt 4e, Vaststelling bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo (Albertushof) (RV 2022-47)
Leden van de Venlose Gemeenteraad, Namens het bedrijf Akarton BV dat direct aan het plangebied van het ontwerpbestemmingsplan grenst en LVD Vastgoed BV dat eigenaar is van meerdere percelen langs de Hakkesstraat waarop Akarton gevestigd is, wil ik enkele bezorgde woorden tot u richten. Wij hebben samen met enkele bewoners een zienswijze ingediend (zie 6: Reclamant 11). Het antwoord dat wij daarop in de nota van zienswijzen aantreffen, is voor ons zeer onbevredigend. Het blijkt mede gebaseerd op hele en halve ónwaarheden alsmede discutabele aannames. In 2012 stelde uw raad het Bestemmingsplan Bedrijventerrein Veegtes vast. Het nu ter discussie staande ontwerp-bestemmingsplan Hakkesstraat-Hendrikkenhofstraat Venlo resp. het gebied Albertushof maakt deel uit van dit bedrijventerrein. Over Albertushof staat in het vigerende bestemmingsplan: “ De kwaliteit van het groengebied rond Albertushof wordt versterkt en krijgt de kenmerken van een stadspark. De inrichting krijgt een landschappelijk karakter: gras, bomen en water domineren. Het bosgebied blijft gehandhaafd. De oude kloostergebouwen zijn markante plekken op Veegtes. De kloosters zullen een bijdrage gaan leveren aan het unieke karakter en de uitstraling van Veegtes.” De laatste vaststelling werd in 2014 in de Structuurvisie van de gemeente Venlo nogmaals onderschreven.
Hierin is het plangebied Albertushof aangeduid als een “ bestaande hoofdgroenstructuur”. Verder wordt in het vigerende bestemmingsplan gesteld (5.3.1): “In het bestemmingsplan is de vestiging van nieuwe (bedrijfs)woningen voor het gehele plangebied uitgesloten.” Deze bepaling is ons inziens terecht opgenomen. Ze sluit immers aan op nog steeds geldend landelijk beleid om woonfuncties en bedrijven consequent van elkaar te scheiden en woonfuncties op een bedrijventerrein als onwenselijk te beschouwen. Amper zes jaar later, in 2018, liggen de eerste plannen op tafel die leiden naar het nu ter discussie staande ontwerp:
Terwijl in 2012 bij het vaststellen van het vigerende bestemmingsplan een initiatief tot de bouw van een crematorium enkele honderden meters verderop – mijns inziens terecht – als
1
onwenselijk verworpen werd, stoot een resomeercentrum nu plots niet meer op bezwaren. Vreemd en niet consistent. Bovendien is naar huidig recht resomeren niet gelegaliseerd en derhalve illegaal. Een lagere overheid mag geen medewerking verlenen, b.v. door middel van een bestemmingsplan, aan illegale activiteiten, ook niet vooruitlopend op een mogelijke wetswijziging. De jurisprudentie is hierover eenduidig.
De omschreven waardevolle kwaliteit van het groengebied rondom Albertushof speelt plotseling geen rol meer. En de vaststelling in de plantoelichting dat het plan in overeenstemming is met de Structuurvisie is meer wensdenken dan werkelijkheid.
Essentieel is voor Akarton echter de vaststelling (zie nota van zienswijzen blz. 39) dat de huisvesting van internationale werknemers zich binnen de richtafstand van 200 m (voor bedrijven onder milieucategorie 4.2) vanaf Akarton bevindt. Akarton groeit zoals u bekend mag worden verondersteld sterk. We werken in twee en soms zelfs drie ploegen en genereren veel vrachtverkeer. Toekomstige bewoners kunnen hier overlast van ondervinden en gaan reclameren. Dit kan voor ons bedrijf ernstige consequenties hebben. We hebben onze zorgen hierover in onze zienswijze duidelijk gemaakt. De gemeente Venlo brengt daar in reactie tegenin: “ Er moet geconstateerd worden dat aan weerszijden van Akarton burgerwoningen zijn gesitueerd en aan de overzijde een gevoelige functie in de vorm van een onderwijsinstelling voor kinderen is gelegen”. De opstellers van de reactie leiden hieruit af dat een verdere uitbreiding van woonfuncties voor de bedrijfsvoering van Akarton dus niet relevant is . Echter: De vaststelling van een volgens het vigerende bestemmingsplan onwenselijke situatie (woonfuncties op een bedrijventerrein) kan moeilijk als argument gelden om deze onwenselijke situatie verder uit te breiden.
Als de opstellers hun huiswerk goed hadden gedaan, zouden zij bovendien geweten hebben, dat voor een van de twee woningen aan de westzijde bij de gemeente een principeverzoek is ingediend om de bestemming te wijzigen van “ wonen” naar “ bedrijf” en dat de andere woning ons (LVD Vastgoed) toebehoort. Met de bewoner van de derde woning aan de oostzijde zijn afspraken gemaakt met betrekking tot mogelijke overlast. Nog vreemder is de verwijzing naar een onderwijsinstelling die aan de overzijde van Akarton gelegen zou zijn. Deze is namelijk al 4 jaar geleden gesloopt. Met name de laatste constateringen geven mij sterk het gevoel niet serieus genomen te worden. We spreken hier over de toekomst van een echt Venloos bedrijf met tientallen medewerkers. Reacties met halve waarheden en onwaarheden vind ik onder het niveau dat de Gemeente Venlo zou moeten ambiëren. Ik neem aan dat de raad het met mij eens is.
2
Gezien bovengenoemde onvolkomenheden, die niet uitputtend doch slechts symptomatisch zijn, wil ik de Raad dringend verzoeken het voorliggende concept-bestemmingsplan niet vast te stellen. Bert Haffmans namens Akarton en LVD Vastgoed BV
3