Art 45 vragen EENLokaal - Beweegtoestellen historisch verloop.pdf
Tekst van het document
In november 2021 gaf de gemeenteraad van Venlo het college een opdracht (amendement) mee om beweegtoestellen in de openbare ruimte te plaatsen en maakte daar een budget voor vrij ter grootte van €200.000, gedekt uit het jaarresultaat 2020. Op 22 december 2021 antwoordde het College over de stand van zaken van het aangenomen amendement op 5 november 2021 inzake het jaarresultaat 2020, zowel in uitvoeringsvorm als in tijdspad. Er was conform de geldende regels in 2021 reeds een aanvang gemaakt met de activiteiten waardoor de bedragen onlosmakelijk zijn geoormerkt. Voor werd in 2022 een investeringsbedrag opgenomen van€ 200.000. Na diverse vragen over de stand van zaken van de realisatie hiervan ontving de raad als bijlage bij de jaarstukken pas in 2022 een overzicht. Uit de toelichting op deze resultaatsbestemmingen lazen wij dat in 2023 drie projecten zouden worden gerealiseerd voor “naar verwachting” 115.000 Euro. In 2024 werd de overige realisatie “verwacht”. 2 april 2024. Beantwoording artikel 44 vragen. Blauw is de tekst uit de beantwoording. Uit dit krediet zijn op twee locaties beweegtoestellen gerealiseerd (bij MFA Arcen en bij Muspelheim in Blerick).
Voor zover ons bekend zijn de toestellen bij het Muspelheim niet gefinancierd vanuit het door de raad vastgelegde budget van 200.000 Euro, maar vanuit buurtbudgetten en is dit een foutieve voorstelling van zaken, klopt dit? We erkennen dat de huidige locatie (Muspelheim) momenteel niet voldoende toegankelijk is voor de inwoners, wat ook niet voldoet aan de opdracht die door de raad is gegeven. In overleg met buurtbewoners en Stichting Muspelheim is destijds besloten om de toestellen op deze locatie te plaatsen, waarbij alle partijen ervan overtuigd waren dat dit de beste optie was en dat de ruimte voldoende openbaar toegankelijk zou zijn. Uitgangspunt van de opdracht aan het college betrof openbare locaties, door deze keuze te maken, in overleg met wie dan ook, behalve de indieners van het amendement, wijkt u af van de opdracht, waarbij de Raad niet geraadpleegd werd, bent u het daarmee eens? Om die reden hebben we afgelopen jaar in samenwerking met de Fontys Hogeschool een onderzoek naar beweegvoorzieningen voor ouderen in de openbare ruimte uitgevoerd. Het doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in succes- en faalfactoren van bestaande beweegplekken en het proces om te komen tot goed gebruikte beweegplekken waar ouderen zich op hun gemak voelen en met plezier naar toe gaan. Een van de onderzochte locaties is Muspelheim. Het onderzoeksrapport ontvangen we in mei 2024.
Het onnodig geld spenderen aan nog een onderzoek is naar onze mening een zinloze kapitaalvernietiging. Bent u het met ons eens om beweegtoestellen in de openbare ruimte te plaatsen en heldere en eenduidige op opdracht was die geen nader breed en uitwaaierend onderzoek vereiste? Daarnaast zijn er nog diverse andere voorzieningen gerealiseerd uit reguliere budgetten. Kunt u uitleggen wat de relatie tot het plaatsen, of juist niet plaatsen, van beweeg toestellen in deze context is? Het resterend krediet is beschikbaar voor het vervolg van de aanpak hoogwaardige beweegvoorzieningen. U heeft niet beantwoord wat de hoogte van het bedrag is van het resterend krediet en wat is de waarde van het resterend krediet na correctie van de gemaakte kosten voor het Muspelheim, omdat deze locatie onrechtmatig werd uitgevoerd binnen het raamwerk van de opdracht (amendement); wat is nu het resterend te besteden bedrag voor beweegtoestellen? Op 4 april 2023 heeft u het onderzoeksrapport en de daarbij horende RIB ontvangen (2023-32). Rond de zomer wordt u geïnformeerd over de voortgang van de vervolgopdracht. In RIB 2023-32 schrijft u het volgende. Op 5 november 2021 heeft uw raad unaniem de motie 'onderzoek mogelijkheid trapveldjes in iedere kern'
aangenomen. Met deze motie verzoekt de gemeenteraad om onderzoek te doen naar de mogelijkheden voor het aanleggen van hoogwaardige trapveldjes in alle kernen in samenwerking met lokale ondernemers en mogelijke foundations. Op 14 juni 2022 heeft wij besloten om de onderzoeksvraag uit te breiden door 'onderzoek te doen naar hoogwaardige beweegmogelijkheden' in de openbare ruimte' (zie raadsinformatiebrief 2022 -75). Bent u het met ons eens dat het onderbrengen van de beweegtoestellen zoals gedefinieerd in het amendement afwijkt van de opdracht aan het college? We hebben besloten om de beschikbare middelen in te zetten op de locaties waar ze het meest nodig zijn en waar ze de grootste waarde kunnen toevoegen. Om dit proces zorgvuldig te laten verlopen, hebben we na het vaststellen van de vervolgstappen het aanbestedingsproces in gang gezet. Momenteel bevinden we ons in de fase van voorbereiding op de uitvoering. U bevindt zich in de fase van voorbereiding en het vaststellen van de vervolgstappen; wij nemen aan dat u deze fases pas start na ontvangst van het onderzoeksrapport van Fontys? De verwachting is dat het resterend krediet in 2024 en 2025 wordt uitgegeven aan de realisatie van twee plekken.
Wij gaan ervan uit dat twee plekken drie plekken gaan worden, na correctie van het Muspelheim, klopt deze aanname? Vanuit de Wijkanalyse heeft EENLokaal een eigen korte analyse gemaakt en zijn tot de conclusie gekomen dat er drie locaties in aanmerking komen. Steyl, waar best nog wel een plekje te vinden is, Venlo-Noord, bij voorkeur in de nabijheid van de Witte Kerk, en Blerick-Zuid, nabij de Molenbossen. Neemt u deze analyse mee in uw uitvoering? We nemen daarbij uiteraard de doelstelling vanuit de raad die bij het vrijgestelde bedrag hoort zo veel mogelijk mee. Een amendement biedt het college geen ruimte voor interpretatie; met “zoveel mogelijk” wordt afgeweken van de opdracht van het hoogste orgaan in deze stad, bent u het daarmee met ons eens? Middels een RIB wordt u in 02 op de hoogte gebracht van de voortgang van de vervolgopdracht hoogwaardige beweegvoorzieningen, de resultaten het onderzoek van de Fontys en de vervolgacties.
Wij nemen aan dat u met “02” het tweede kwartaal 2024 bedoelt en het dus zo maar op 30 juni kan verschijnen; onze vraag gaf aan het antwoord vóór behandeling van de Kadernota te kunnen ontvangen; bent u het met ons een dat u hiermee de P&C cyclus voor de raad dermate verstoort en u onze kaderstellende rol ontneemt? U kunt zich wellicht voorstellen dat we vandaag, ruim 850 dagen, ofwel 71 maanden, ofwel bijna 2,5 jaar na het amendement, uitermate ontevreden zijn en verwachten dan ook op korte termijn, uiterlijk vóór de behandeling van de Kadernota dit jaar een heldere uiteenzetting van de uitvoering van dit amendement, wanneer kunnen wij dat tegemoetzien?