CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

538257 RIB Bijlage 1 Vragen en antwoorden commissie sociaal 20 augustus 2025 definitief.pdf

Raadsvergadering 27 augustus 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 3.1: Uitvoeringskader Fier Verdiept (472159)6.148 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht vragen en antwoorden Commissie Sociaal Venlo d.d. 20 augustus jl. Inleiding Op 20 augustus heeft u in de commissie Sociaal gesproken over het uitvoeringskader Fier Verdiept. Tevens heeft u een aantal vragen gesteld. In deze notitie vindt u de antwoorden op deze vragen. Daar waar het vragen omtrent de opdracht sociale basis betreft, geven de antwoorden de (voorlopige) denkrichting van het college weer. Uw op- en aanmerkingen zullen wij meewegen en meenemen in de definitieve opdracht sociale basis.

De heer Addarrazi (PvdA) 1.

Hoe zorgt het college dat lokale organisaties of regionale organisaties meer kans krijgen naast landelijke partijen?

De (brede) sociale basis vormt het fundament van het sociaal domein en bestaat, naast institutionele zorg, uit een groot aantal initiatieven die inwoners ondersteunen in het samenredzaam worden en blijven. Via subsidies blijven we ruimte bieden aan lokale initiatieven en organisaties, zoals bijvoorbeeld lokale KBO's, Resto vanHarte, Humanitas en Groenewold. Daarnaast zijn we voornemens de (institutionele) opdracht sociale basis op te knippen in twee percelen. Hiermee zorgen we ervoor dat lokale en regionale organisatie een kans krijgen naast landelijke partijen. Door de opsplitsing kan ook kleinere organisatie inschrijven op een perceel zonder dat zij de volledige omvang hoeven uit te voeren. Tegelijkertijd geldt dat we in een aanbesteding geen partijen mogen uitsluiten. Alle organisaties, landelijk of lokaal, mogen inschrijven. Door de perceelindeling creëren we echter bewust meer toegang voor kleinere lokale spelers, zodat zij volwaardig een kans hebben hun specifieke kennis van de lokale context in te brengen. 2.

Hoe wordt de rol van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties concreet verankerd in de opdracht Sociale Basis?

Vrijwilligers zijn essentieel binnen de sociale basis. Zowel in bestaande samenwerkingsrelaties als met de in 2024 vastgestelde de uitvoeringsagenda vrijwilligers wordt er duurzaam ingezet op concrete acties om het aantal vrijwilligers te vergroten en de bestaande vrijwilligers te ondersteunen. De inzet op het verstevigen van het vrijwilligersveld, inclusief uitvoeringsagenda, is onderdeel van Fier Verdiept. In de opdracht sociale basis is de rol van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties nadrukkelijk en concreet verankerd. De opdracht ziet vrijwilligers en informele netwerken niet slechts als aanvulling, maar als volwaardige partners in de uitvoering. Van de opdrachtnemers wordt 1

verwacht dat zij vrijwilligers actief betrekken, toerusten en ondersteunen in hun bijdrage aan de sociale basis. Als voorbeeld hebben zij een volwaardige rol in informatie en adviespunten en openinloop voorzieningen. 3.

Hoe blijft er naast institutionele organisaties financiële ruimte voor kleine lokale initiatieven en projecten?

Naast de opdracht sociale basis blijven we via de subsidie sociale basis financiële ruimte bieden voor lokale initiatieven en projecten. Daarnaast geldt dat lokale organisaties die een meerwaarde zien binnen de uitvoering van de institutionele opdracht, zich kunnen samenvoegen met andere partijen en zich kunnen inschrijven als consortium. Ook blijft de mogelijkheid bestaan zich te melden als onderaannemer bij de inschrijvende partijen. 4. Wordt cultuursensitieve zorg expliciet opgenomen in de Sociale Basis? Cultuursensitieve zorg is reeds opgenomen in Fier Verdiept, in hoofdstuk 3.2 benoemen we expliciet dat het belangrijk is dat iedereen kan meedoen. De sociale basis moet toegankelijk zijn voor iedereen ongeacht achtergrond of beperking. In dat kader hebben we oog voor een cultuursensitieve aanpak. We zijn voornemens dit uitgangspunt expliciet mee te nemen in de opdracht Sociale Basis. 5.

Hoe wordt de doelgroep LVB en samenwerking met o.a. MEE geborgd?

Het uitgangspunt van Fier Verdiept is een samenleving waarin niemand wordt buitengesloten en waar iedereen, ongeacht achtergrond of beperking, de mogelijkheid heeft om actief mee te doen en zich ondersteund voelt in zijn of haar omgeving. . Fier Verdiept vormt het inhoudelijke kader voor de opdracht sociale basis. Daarmee is de doelgroep LVB binnen de opdracht sociale basis geborgd. Van de opdrachtnemer wordt verwacht dat zij passende ondersteuning bieden en daarbij samenwerken met gespecialiseerde organisaties zoals bijvoorbeeld MEE. Dit geldt voor zowel individuele ondersteuning als voor collectieve initiateven, zoals het G-debat, Sociale Cafés (themabijeenkomsten) en ondersteuning bij een Informatie & Adviespunt. 6.

Wordt juridisch verankerd dat tussentijds kan worden bijgestuurd op (de beëindiging van) de opdracht Sociale Basis?

Ja, dit wordt verankerd in het contract. Het is daarmee juridisch mogelijk het contract tussentijds op te zeggen. We hebben hier twee mogelijkheden: - Reguliere beëindiging: de opdracht kan worden opgezegd aan het einde van een contractperiode of verlengingsperiode, conform de afgesproken termijnen - Tussentijdse beëindiging: ongeacht de reden 7.

Kan de splitsing jeugd/volwassenen worden heroverwogen?

2

Wij hebben uw zorgen over dit onderdeel duidelijk gehoord. We zullen deze ter overweging meenemen. Onderstaand een korte opsomming van de overwegingen die zijn gemaakt tot het komen van twee percelen. - Meer kansen voor lokale organisaties Door de opdracht op te knippen, verlagen we de drempel tot inschrijving en ontstaat er meer ruimte voor kleinere en lokale organisaties die reeds zijn verankerd in het Venlose. Daarmee voorkomen we dat lokale partijen uitsluitend als onderaannemer mee kunnen doen, afhankelijk van de keuze van de hoofdaannemer. In zo'n constructie zijn er vaak weinig prikkels om echt vernieuwend te werken. - Innovatieve stap jongeren en veiligheid Door het gehele jongeren en veiligheidsveld samen te brengen (regulier jongerenwerk, jongerenwerk op school, straatcoaches en het specialistisch jongerenwerk waarvan een deel uit het programma preventie met gezag komt) versterken we de samenhang tussen preventie, vroeg signalering en veiligheid van jongeren die niet vanzelf meekomen in de samenleving en die dreigen af te glijden richting criminaliteit of uitval. - Vakmanschap (Specialistisch) Jongerenwerk en straatcoaches (deze worden onderdeel van het perceel jongeren) vragen om een ander type professional, met een specifieke manier van werken en het aansluiten bij jongeren.

Dit zijn per definitie professionals met een eigen, specifieke aanpak, die op hun manier respect verkrijgen van de jongeren. Dit vraagt in de uitvoering een andere vorm van aansturing en intervisie dan de professionals zoals maatschappelijk werk en opvoedondersteuners. - Heldere focus De opdracht bestaat uit een breed palet aan inzet: van openinloop voorzieningen, maatschappelijk werk tot specialistisch jongerenwerk en straatcoaches. Middels de opsplitsing brengen we meer focus aan en komen middelen niet op één hoop. Hierdoor zorgen we ervoor dat er voldoende inzet plaats vindt op ieder onderdeel. - Beheersmaatregel voor opsplitsing: gerichte samenwerking tussen percelen We onderkennen dat een splitsing in percelen ook een risico kan meebrengen; het risico dat partijen naast elkaar gaan werken in plaats met elkaar. Dit risico ondervangen we door duidelijke beheersmaatregelen op te nemen in de opdracht. Zo organiseren we verplichte gezamenlijke accountgesprekken en verankeren we samenwerking als contractuele verplichting. Door de opsplitsing kunnen we beide partijen afzonderlijk bevragen en stimuleren op hun samenwerking zodat de verbinding tussen gezin, wijk en jongere gerealiseerd wordt.

Mevrouw Billekens (D66) 1.

Is er wel naar alternatieven voor aanbesteding gekeken, zoals publieke modellen?

In de voorbereiding van de nieuwe opdracht Sociale Basis is gekeken naar de wijze waarop dit het beste kon worden vormgegeven. Hier is ook onafhankelijk juridisch advies over ingewonnen. Dit advies is verwerkt in de inkoopnotitie die aan uw raad is toegezonden op d.d. 1 3

juli jl. Op basis van dit advies is geconcludeerd dat het aanbesteden van de nieuwe opdracht Sociale Basis de enige kansrijke optie is. Daarnaast worden andere elementen binnen de brede Sociale Basis gesubsidieerd of inbesteed.

2.

Kunnen we de Sociale Basis niet zien als een publiek goed, dat je niet aanbesteed?

De sociale basis in de context zoals hij aan u is voorgelegd, gaat over twee zaken. De institutionele sociale basis (ook wel bekend als de opdracht sociale basis) en de brede sociale basis zoals het in Fier Verdiept wordt omschreven: ‘De sociale basis gaat over het gewone dagelijkse leven. Over het draagvlak en de betrokkenheid van diverse groepen binnen de samenleving, zoals bewoners, vrijwilligers, professionals en organisaties, die gezamenlijk bijdragen aan het welzijn en de sociale samenhang in een gemeenschap.’ De brede sociale basis is in die zin een publiek goed met een eigen dynamiek. Echter, kan de brede sociale basis niet alles zelf oplossen. Er zal altijd een geïnstitutionaliseerde vorm nodig zijn die inwoners en initiatieven met elkaar verbindt en ondersteund. Ook de opdracht sociale basis kan in theorie gepositioneerd worden als een publiek goed, echter biedt dit juridisch geen grondslag om de sociale basis buiten een aanbesteding te plaatsen. Zodra een gemeente concrete prestaties of diensten inkoopt boven de drempelwaarde, geldt de aanbestedingswet. 3.

Hoeveel gesprekken zijn er gevoerd met vrijwilligersorganisaties en wijkraden in de voorbereiding?

In de voorbereiding van Fier Verdiept hebben we op verschillende manieren de inbreng van vrijwilligersorganisaties en wijkraden en andere partners opgehaald. Zo zijn er drie brede meedenksessies georganiseerd waarin zowel vrijwilligers, professionals als ambtelijke organisatie hun visie kon inbrengen en hierover het gesprek kan voeren. Daarnaast vinden er structureel twee jaarlijks accountgesprekken plaats met een aantal subsidierelaties, waar wordt teruggekoppeld en vooruitgekeken. Bijvoorbeeld, Groenlicht, Groenewold, Manresa, Humanitas, Resto vanHarte en Leger des Heils. Los van deze georganiseerde momenten onderhouden onze ambtenaren uit de uitvoeringsteams, beleidsafdelingen tot stadsdeelmanagers het hele jaar intensief contact met het veld. Denk aan inwoners met een ondersteuningsvraag voor Wmo, Jeugd of Particiaptie, Wijk- en dorpsraden, Buurten met Talent, Wijkakkoord Positieve Gezondheid Venlo-Noord, Dakpanoverleg Tegelen, Bondgenoten, inclusiepanel, Jongerenraad. Vanuit deze dagelijkse praktijk is input verzameld die mede de basis vormt voor Fier Verdiept en voor de opdracht sociale basis. 4. Waarom ontbreekt een beleidsplan voor vrijwilligerswerk?

4

Vertrekpunt voor de in 2023 ontwikkelde uitvoeringsagenda vrijwilligers was enerzijds het besef dat er met Fier op Venlo een voldoende richtinggevend beleidskader is, met echter wel een behoefte aan verbijzondering en operationalisering op het thema vrijwilligers. De uitvoeringsagenda vrijwilligers is daarop in nauwe samenspraak en dialoog met het veld aan vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties ontstaan. Aan dat proces is door vele tientallen partijen uit het veld actief meegewerkt. De inhoud van de agenda - agendering en prioritering - is samengesteld door dat werkveld en na voorlegging aan het college van burgemeester en wethouders als uitvoeringsplan vastgesteld. Met de uitvoeringsagenda is gezocht naar verbreding van afzonderlijke producten (zoals collectieve vrijwilligersverzekering, vrijwilligerswaardering etc) naar inzet samen met netwerkpartners. Uiteraard faciliteren we daarnaast bijvoorbeeld middels subsidies verschillende maatschappelijke organisaties die veel met vrijwilligers werken. En ook zijn we bezig met het ontwikkelen van een shared service-centrum voor vrijwilligers(organisaties), waarin alle vrijwilligers(organisaties) zich vinden en kunnen halen en brengen waaraan zij behoefte hebben We blijven de komende periode verder investeren in het behouden en ondersteunen van bestaande vrijwilligers en het aantrekken van nieuwe vrijwilligers.

Dit met als doel om te komen tot die sterke, sociale basis.

5.

Wat heeft de huidige aanbesteding concreet opgeleverd aan duurzame wijkverbinding?

De huidige opdrachtnemers werken wijkgericht. Zij zijn zichtbaar en bereikbaar in de wijk. Zij sluiten aan bij de leefwereld van inwoners, organiseren themabijeenkomsten op thema's die spelen in de wijk en stimuleren buurtinitiatieven. De evaluatie bevestigd dit; inwoners ervaren de ondersteuning als toegankelijk en dichtbij, de inzet van de opdrachtnemer draagt bij aan buurtinitiatieven en verbinding. 6.

Hoeveel geld is er naar juridische en administratieve kosten gegaan?

Deze vraag is niet specifiek op kostensoort te beantwoorden. Afspraak in het huidige contract is dat maximaal 19% van de inkomsten besteed mag worden aan overheadkosten. Dat is ook het geval. Op dit percentage is jaarlijks gerapporteerd middels de financiële verantwoording (en op gestuurd).

De heer Bastiaans (VGV) 1.

Wie zijn de partners naast de Adviesraad Sociaal Domein en welke adviezen hebben zij afgegeven?

In de voorbereiding van Fier Verdiept hebben we op verschillende manieren de inbreng van vrijwilligersorganisaties en wijkraden en andere partners opgehaald. Zo zijn er drie brede meedenksessies georganiseerd waarin zowel vrijwilligers, professionals als ambtelijke organisatie hun visie kon inbrengen en hierover het gesprek kan voeren. Daarnaast vinden er 5

structureel twee jaarlijks accountgesprekken plaats met een aantal subsidierelaties, waar wordt teruggekoppeld en vooruitgekeken. Enkele partners zijn: Unik, Mee / DeMeentgroep, Bibliotheek, Wijkoverleg Venlo-Noord, Woonwenz, VVGi, Co de Cultuurontwikkelaar, Resto van Harte, Antares, PVOV, Buurten met Talent, Bij ons Voor Elkaar, Stichting Groenlicht, SmAv. Zij hebben in de brede zin meegdacht en advies gegeven. Deze adviezen zijn meegenomen in de definitieve versie van Fier Verdiept. 2.

Wat gebeurt er als de verwachte inverdieneffecten niet worden gerealiseerd?

Met dit raadsvoorstel borduren we voort op een beweging die al in in gang gezet is, die leidt tot een andere manier van werken. Op basis van de informatie die we nu hebben, proberen we zo nauwkeurig mogelijk weer te geven welke (inhoudelijk en financiële) verschuivingen we daarmee verwachten. In de uitvoeringsplannen worden deze verwachtingen nog nader gespecifieerd. We willen in 2026 starten met een aantal pilots om te kijken op welke wijze deze beweging zijn weerslag vindt in de praktijk. Bij de begroting zullen we daarom met twee voorstellen komen om deze pilots te bekostigen. Op basis van de resultaten van de pilots zullen we vervolgens beoordelen wat er exact nodig is. Wanneer dit financiële consequenties heeft, zullen wij aan uw raad voorstellen voorleggen binnen de reguliere P&C-producten. Op basis van deze aanpak kunnen we de komende periode stappen zetten, maar houden we grip op de financiën en blijft u als raad in positie om hierin keuzes te maken. 3. Waarom is er geen ruimte voor lokale specialistische instanties? Deze ruimte is er wel. Lokale specialistische organisaties kunnen inschrijven op de opdracht, mits hun aanbod aansluit bij de uitvraag. Zij kunnen dit zelfstandig doen, maar ook samen in een consortium of als onderaannemer bij een hoofdaanbieder. 4. Waarom een looptijd van 16 jaar en niet korter? Er wordt een maximale looptijd van vier jaar gevraagd.

Uw zorgen over de (te) lange doorlooptijd hebben we duidelijk gehoord. We gaan dit onderdeel heroverwegen. Aanvullend willen we onze beweegredenen van 16 jaar nogmaals toelichten. We stellen een lange looptijd van 16 jaar voor omdat we geen traditionele inkoopopdracht wegzetten. We vragen om een ontwikkelbeweging en dat vraagt om continuïteit en vertrouwen. Het opbouwen van netwerken, gemeenschapskracht en duurzame samenwerkingen kost tijd en kan niet binnen twee of drie jaar worden gerealiseerd. Een langere looptijd biedt opdrachtnemers de zekerheid om te investeren in kwaliteit, innovatie en langdurige relaties met zowel inwoners als partners. En voorkomt frictiekosten en extra ambtelijke inzet als van partners die gepaard gaan met steeds nieuwe aanbestedingen. Daarbij gaat het om een maximale looptijd van 16 jaar. We hebben verschillende mogelijkheden om het contract te beëindigen. We hebben hier twee mogelijkheden: 6

-

Reguliere beëindiging: de opdracht kan worden opgezegd aan het einde van een contractperiode of verlengingsperiode, conform de afgesproken termijnen Tussentijdse beëindiging: ongeacht de reden

Mevrouw Kuijs (VSP) 1.

Waarom wordt er ingezet op een cultuuromslag? Voelen medewerkers in de uitvoering zich onvoldoende gesteund?

Integraal werken is vanaf de start van de decentralisaties een belangrijk werkwijze binnen het sociaal domein geweest. Tegelijkertijd zien we dat écht integraal werken in de praktijk soms lastig blijkt. Dit heeft onder andere te maken met de wijze waarop we onze organisatie en dienstverlening ingericht hebben en de opdrachten die aan medewerkers gegeven worden. Door de aanscherping in Fier Verdiept krijgen medewerkers, en ook de organisatie, meer de ruimte en het comfort om de ondersteuningsvragen van de inwoner als vertrekpunt te nemen en de ruimte op te zoeken als de situatie hier om vraagt. We zijn ervan overtuigd dat dit onze ondersteuning aan inwoners verder verbeterd. De manier van werken vraagt echter wel iets van medewerkers: medewerkers zullen meer dan eerder over hun eigen specialisme heen moeten kijken en actiever de samenwerking opzoeken. Een casusregisseur bij complexe casussen kan hierbij helpen. We willen medewerkers ondersteunen en faciliteren in deze nieuwe manier van werken. 2. Er wordt gevraagd om naar de adviezen van de ASD. Kunnen ervaringsdeskundigen en professionals worden betrokken bij evaluaties? We onderschrijven het belang hiervan. We kunnen toezeggen dat ervaringsdeskundigen en professionals worden betrokken bij de evaluatiemomenten. De adviesraad vertegenwoordigd de ervaringsdeskundigen.

Aanvullend kunnen we toezeggen dat we zowel ervaringsdeskundigen als professionals zullen betrekken bij de evaluatiemomenten.

3.

Waarom zijn alternatieven voor aanbesteding al uitgesloten?

In de voorbereiding van de nieuwe opdracht Sociale Basis is gekeken naar de wijze waarop dit het beste kon worden vormgegeven. Hier is ook onafhankelijk juridisch advies over ingewonnen. Dit advies is verwerkt in de inkoopnotitie die aan uw raad is toegezonden op d.d. 1 juli jl. Op basis van dit advies is geconcludeerd dat het aanbesteden van de nieuwe opdracht Sociale Basis de enige kansrijke optie is. Daarnaast worden andere elementen binnen de brede Sociale Basis gesubsidieerd of inbesteed.

7

De heer Frings (GroenLinks) 1.

Wie gaat de 80% WMO-trajecten uitvoeren die naar de sociale basis verschuiven? Wat betekent dit voor de medewerkers die nu de maatwerkvoorzieningen uitvoeren, gaan zij naar de Sociale Basis?

De verschuiving van 80% van maatwerk naar de sociale basis is een ambitie. We blijven nadrukkelijk, samen met de opdrachtnemer, monitoren welke impact dit heeft in de praktijk. Waar nodig sturen we bij. De uitvoering van de WMO-trajecten die we willen onderbrengen in de sociale basis betreffen de producten ”begeleiding individueel” en “dagbesteding”. De feitelijk uitvoering ligt bij de medewerkers van de sociale basis. Met deze beweging geven we concreet vorm aan de gewenste normalisering en de-medicalisering. Het is aan de opdrachtnemer om passend bij de opdracht het team te vormen. 2.

Krijgen burgers ook meer zeggenschap als zij meer verantwoordelijkheid krijgen?

De gemeente zet al in op burgerbetrokkenheid, ook binnen het sociaal domein. Het spreekt voor zichzelf dat meer verantwoordelijkheid en meer zeggenschap elkaars spiegelbeelden zijn. De vertaling hiervan is onderdeel van het te volgen ontwikkeltraject 3.

Kan een experiment met burgercollectieven worden toegezegd?

Momenteel loopt er een pilot in twee buurten, waarbij nadrukkelijk samen met inwoners wordt gekeken welke initiatieven zij waardevol achten om de leefbaarheid van de buurt, de sociale cohesie en de ervaren gezondheid van de inwoners te vergroten. Er is ook budget beschikbaar om op kleine schaal, passend bij de behoefte van de inwoners, initiatieven te ontplooien. De pilot maakt onderdeel uit van de opdracht Positieve Gezondheid in de Wijk, waarmee we als gemeente een verschuiving willen maken van het sturen op zorg naar het stimuleren van gezondheid en veerkracht in de wijk. De kern hiervan is dat we integraal naar de wijk kijken, bestaande initiatieven bundelen en inwoners en professionals nadrukkelijk in positie stellen om hier zelf vorm en inhoud aan te geven. Concreet betekent dit dat in de pilots: 

de behoeften, wensen en uitdagingen van inwoners en professionals in kaart worden gebracht;

samen met de buurt de belangrijkste thema’s worden bepaald en in wijkplannen vastgelegd;

laagdrempelige initiatieven en activiteiten worden opgezet die bijdragen aan vitaliteit, sociale cohesie en positieve gezondheid;

inwoners, professionals en partners (zoals huisartsen, GGD, Incluzio en verenigingen) beter met elkaar verbonden worden; 8

de resultaten worden gemonitord en vastgelegd in een “blauwdruk”, zodat deze later ook in andere wijken kan worden toegepast.

De resultaten van deze pilot worden meegenomen bij de verdere doorontwikkeling van de (opdracht) Sociale Basis en zal daar waar dat zinvol is worden uitgebreid. We zeggen toe dat we uw raad op de hoogte houden van deze ontwikkelingen.

4. Wordt dagbesteding losgekoppeld van de maatwerkvooziening en is deze toegankelijk zonder indicatie? Ja, dat is wel de insteek. Deze wordt ondergebracht bij de Sociale Basis, waardoor er geen indicatie meer nodig is. Alle ondersteuning binnen de opdracht sociale basis is indicatie-vrij. De ambitie is dat dit gefaseerd zal worden geïmplementeerd: enkel bij het eventueel verlengen van indicaties en bij nieuwe cliënten zal worden gekeken of zij via de sociale basis ondersteuning kunnen ontvangen. Aan reeds bestaande en lopende indicaties zal in principe niet worden getornd. Hierdoor hoeven cliënten gedurende een lopende indicatie/ traject niet te switchen van zorgaanbieder en tevens heeft de opdrachtnemer meer tijd en ruimte om zowel organisatorisch als inhoudelijk de benodigde voorbereidingen te treffen.

5.

Hoe gaat het college om met specifieke doelgroepen, zoals mensen met een beperking of een migratieachtergrond?

In hoofdstuk 3.2 van Fier Verdiept benoemen we expliciet dat het belangrijk is dat iedereen kan meedoen. De sociale basis moet toegankelijk zijn voor iedereen ongeacht achtergrond of beperking. In dat kader hebben we oog voor een cultuursensitieve aanpak. Dit uitgangspunt wordt tevens expliciet meegenomen in de opdracht Sociale Basis. Ook is de doelgroep inwoners met een Licht Verstandelijke Beperking binnen de opdracht sociale basis expliciet geborgd. We sluiten daarbij aan op de actiepunten vanuit de Venlose Inclusie Agenda. 6.

Er wordt voorgesteld om een onafhankelijk stedelijk punt in te stellen met diverse expertises, die bepaald wat er nodig is in casuïstiek en wie dat moet leveren. Dit stedelijk punt heeft mandaat en doorzettingsmacht. Kan het college hierop reflecteren?

Wat ons betreft is dit een wezenlijke taak van de toegangsteams, in lijn met de visie van de Sterke Lokale Teams. Onze eigen teams hebben de verantwoordelijkheid om, op basis van een gedegen analyse met verschillende expertises, te bepalen wat er nodig is om een inwoner zo goed mogelijk te ondersteunen én deze ondersteuning te organiseren. Daar waar er meerdere professionals betrokken zijn, kan er een casusregisseur worden aangesteld die de zorginzet coördineert en die fungeert als aanspreekpunt voor de inwoner. We beleggen deze verantwoordelijk bij de gemeente vanuit onze juridische en inhoudelijke verantwoordelijkheid.

9

7.

Participatie beperkt zich niet tot de bijstandsgerechtigden. Hoe gaan we andere doelgroepen betrekken?

Het onderdeel re-integratie In Fier verdiept concentreert zich op bijstandsgerechtigden. De gemeente heeft primair voor bijstandsgerechtigden een wettelijke pro-actieve verantwoordelijkheid (ingevolge de Participatiewet). De in Fier Verdiept voorgestelde intensivering van ondersteuning voor inwoners die onder de Participatiewet vallen, ziet met name op een reeds langer ook door uw gemeenteraad gevraagde concretere, pro-actievere benadering van deze doelgroep, met focus op positieve gezondheid, menselijke maat en ondersteuning. Bijstandsgerechtigden zijn niet de enige groep inwoners waarvoor de gemeente een meedoenverantwoordelijkheid voelt: ook andere inwoners wil, kan en blijft de gemeente bijstaan in het naar vermogen meedoen, zowel maatschappelijk (meedoen) als economisch (meedoen). Voor wat betreft een groot deel van dit meedoen ondersteunen we de sociale basis. Dit is toegankelijk voor iedereen, ongeacht de financiële situatie. Voor wat betreft werk blijven we uiteraard ook waar mogelijk en nodig onze rol pakken, zeker wanneer vanaf 2026 als gevolg van landelijke ontwikkelingen ook het nieuwe Werkcentrum in de arbeidsmarktregio Noord-Limburg operationeel wordt.

8. Wat is een sterke Sociale Basis? Een sterke sociale basis bestaat uit mensen en groepen die elkaar helpen, zoals buren, families, verenigingen, krachtige gemeenschapsaccommodaties en netwerken. Ze worden ondersteund door bijvoorbeeld de gemeente en organisaties. Samen zorgen zij ervoor dat iedereen mee kan doen in de samenleving en zich goed kan ontwikkelen." 1.

In het uitvoeringskader Fier Verdiept onderscheiden we 3 sferen die wat ons betreft essentieel zijn voor een sterke Sociale Basis. Wij zien een sterke Sociale Basis als een sterk maatschappelijk middenveld, bestaande uit: a. Inwoners die zich gezond en zelfredzaam voelen; b. Vitale buurten waar mensen naar elkaar omkijken, elkaar ondersteunen via o.a. vrijwilligerswerk en met een sterk cultureel- en verenigingsleven dat de sociale cohesie verder versterkt; c. Een stevig netwerk van –veelal lokale en regionale- organisaties die zich in de haarvaten van de samenleving bevindt, die inwoners op maat ondersteund daar waar het niet lukt binnen het eigen sociale netwerk. We richten een vangnet zodat alle inwoners mee kunnen doen naar vermogen.

9. Hoe verhoudt de opdracht sociale basis tot de aanpak van de Sterke Lokale Teams van de Hervormingsagenda Jeugd?

10

Het Sterke Lokale Team is een netwerk van professionals die actief zijn in de wijk of de kern. De samenstelling van het Sterke Lokale Team is afhankelijk van het profiel en de problematiek van de wijk of de kern. Vaste deelnemers zijn in ieder geval de professionals die werkzaam zijn in de sociale basis en bij het gemeentelijke wijkteam. Aangevuld met bijvoorbeeld de jeugdgezondheidszorg, thuiszorg en de woningbouwcorporatie. Door samen te werken in het Sterke Lokale Team voorkomen we dat de inwoner van loket naar loket verwezen wordt, steeds opnieuw het verhaal moet vertellen en zorg afgeschaald kan worden. 10. Wat wordt de rol van de huidige toegangsteams en wat gaan zij zelf uitvoeren als er 80% naar hen toe komt? Op dit moment kennen we buurtteams en sociale wijkteams. Het buurtteam is onderdeel van de huidige opdracht sociale basis en we hebben de ambitie dat zij zelf 80% van de hulp te gaan bieden. Voor hen gaat dit betekenen dat er minder snel doorverwezen zal worden naar het sociale wijkteam. De wijze waarop dit ingericht gaat worden is aan de opdrachtnemer. Het sociale wijkteam richt zich daarmee op de complexe casuïstiek waar een maatwerkvoorziening noodzakelijk is. Waar nodig voeren zij ook casusregie.

11. Waarom wordt er gekozen voor een contractduur van 16 jaar, en niet bijvoorbeeld voor 10 jaar? De inzet was vooral te kiezen voor een lange contractperiode met een hoge mate van flexibiliteit zowel inhoudelijk, financieel als opties tot opzegging. 10 jaar is ook een mogelijkheid. Deze zullen we ter overweging nemen. Aanvullend willen we onze beweegredenen van 16 jaar nogmaals toelichten. We stellen een lange looptijd van 16 jaar voor omdat we geen traditionele inkoopopdracht wegzetten. We vragen om een ontwikkelbeweging en dat vraagt om continuïteit en vertrouwen. Het opbouwen van netwerken, gemeenschapskracht en duurzame samenwerkingen kost tijd en kan niet binnen twee of drie jaar worden gerealiseerd. Een langere looptijd biedt opdrachtnemers de zekerheid om te investeren in kwaliteit, innovatie en langdurige relaties met zowel inwoners als partners. En voorkomt frictiekosten en extra ambtelijke inzet als van partners die gepaard gaan met steeds nieuwe aanbestedingen. Daarbij gaat het om een maximale looptijd van 16 jaar. We hebben verschillende mogelijkheden om het contract te beëindigen. We hebben hier twee mogelijkheden: - Reguliere beëindiging: de opdracht kan worden opgezegd aan het einde van een contractperiode of verlengingsperiode, conform de afgesproken termijnen - Tussentijdse beëindiging: ongeacht de reden

De heer Donders (PVV) 1.

Wanneer krijgen we duidelijkheid over evaluatiepunten en informatiemomenten? 11

Wij stellen voor om uw raad periodiek te informeren via de rapportage Sociaal Domein. Deze rapportage komt jaarlijks in juni naar uw raad. We zijn voornemens om de drie thema's binnen Fier Verdiept mee te nemen in deze rapportage en u op deze wijze inzicht te geven over de voortgang van Fier Verdiept. In eerste instantie zal deze rapportage vooral output cijfers laten zien. We willen echter de effecten van Fier Verdiept gaan meten middels de methodiek van Impactmeten. Zo zien we niet alleen welk bereik we hebben, maar vooral wat het effect is van onze interventies. De rapportage Sociaal Domein zal de komende jaren steeds verder worden verrijkt met deze informatie.

2.

Waarom zijn inbesteding en alternatieven niet meegenomen?

Deze zijn in de voorbereiding wel meegenomen. In de voorbereiding van de nieuwe opdracht Sociale Basis is gekeken naar de wijze waarop dit het beste kon worden vormgegeven. Hier is ook onafhankelijk juridisch advies over ingewonnen. Dit advies is verwerkt in de inkoopnotitie die aan uw raad is toegezonden op d.d. 1 juli. Op basis van dit advies is geconcludeerd dat het aanbesteden van de nieuwe opdracht Sociale Basis de enige kansrijke optie is. Daarnaast worden andere elementen binnen de brede Sociale Basis gesubsidieerd of inbesteed.

Mevrouw Duckers (CDA) 1.

Wat gebeurd er met de open inlopen en I&A-punten? Wie mag hier gebruik van maken?

De open inlopen en de I&A punten zijn en blijven een belangrijk onderdeel van de sociale basis. Zij zijn toegankelijk voor iedereen en sluiten met hun activiteiten aan bij de belevingswereld van inwoners. Daarnaast richten specifieke accommodaties zich op bepaalde doelgroepen in combinatie met andere inwoners, zoals inwoners met een GGZ achtergrond en jongeren. De I&A punten worden georganiseerd bij Open Inlopen, de bibliotheek of in andere passende wijkvoorzieningen. Vrijwilligers werken hier samen met beroepskrachten. Inwoners kunnen hier terecht met vragen over onder andere zorg en welzijn, mantelzorg, vervoer, activiteiten in de wijk, geld en administratie en vrijwilligerswerk. 2.

Hoe weten mensen straks waar ze terecht kunnen?

Er zal in brede zin ingezet worden op communicatie, waardoor inwoners worden geïnformeerd over de voor hen relevante informatie. 3.

Gaat u ons in de toekomst wel goed informeren over de resultaten? 12

Wij stellen voor om uw raad periodiek te informeren via de rapportage Sociaal Domein. Deze rapportage komt jaarlijks in juni naar uw raad. We zijn voornemens om de drie thema's binnen Fier Verdiept mee te nemen in deze rapportage en u op deze wijze inzicht te geven over de voortgang van Fier Verdiept. In eerste instantie zal deze rapportage vooral output cijfers laten zien. We willen echter de effecten van Fier Verdiept gaan meten middels de methodiek van Impactmeten. Zo zien we niet alleen welk bereik we hebben, maar vooral wat het effect is van onze interventies. De rapportage Sociaal Domein zal de komende jaren steeds verder worden verrijkt met deze informatie.

4. Kunt u praktisch inzichtelijk maken welke producten / taken (bijvoorbeeld de I&Apunten) veranderen in de nieuwe aanbesteding? En op welke termijn? Onderstaande voorbeelden zijn uitsluitend bedoeld als denkrichtingen om richting te geven aan de verdere uitwerking van de opdracht. Het zijn nadrukkelijk geen vastgestelde of voorgeschreven producten. Hiermee houdt gemeente Venlo zich aan de Aanbestedingswet (2012) waar geen definitieve producten voorafgaand aan de publicatie gedeeld mogen worden.

5.

Waarom beslist het college eind 2025 en niet de raad? Hoe kan de raad nog richting geven als zij alleen wordt geïnformeerd? Wat kunt u toezeggen?

De opdracht sociale basis valt binnen de bevoegdheid van het college. Uw raad wordt middels het uitvoeringkader Fier Verdiept in positie gesteld om te sturen op de kaders van het Sociaal Domein. Fier Verdiept zal op meerdere onderdelen nader moeten worden uitgewerkt. Dat gebeurt onder meer via de opdracht Sociale Basis. Fier Verdiept vormt het kader voor deze opdracht. Middels de rapportage Sociaal Domein nemen we u mee in de voortgang en is er ruimte om bij te sturen op de uitvoering van de opdracht . 6.

Wanneer krijgt de raad een volledig beeld van kosten en investeringen? Kan de raad eerder worden geïnformeerd?

Om te komen tot uitvoering van Fier Verdiept worden op dit moment uitvoeringsplannen gemaakt incl. de financiële consequenties. De financiering van de uitvoeringsplannen wordt meegenomen in de P&C cyclus en is expliciet onderdeel van de begrotingsbehandeling. 13

7.

Het CDA vraagt inzicht in de afwegingen: welke andere opties zijn overwogen en waarom zijn deze afgevallen en wat zijn de lessen uit het verleden? Het CDA vraagt deze alsnog in te zien? Er wordt gevraagd dit voor de vergadering van 27 augustus inzichtelijk te maken.

Bij het uitvoeringskader Fier Verdiept is ook een inkoopnotitie meegestuurd. In deze inkoopnotitie hebben we de verschillende mogelijkheden, inclusief voor- en nadelen, inzichtelijk gemaakt. Dit is de basis geweest voor de keuzes die we aan uw raad voorleggen. 8. Hoe wordt een stevig vangnet voor inwoners geborgd, die niet kunnen terugvallen op een eigen netwerk? Er wordt gevraagd dit mee te nemen met concrete en toetsbare afspraken binnen de aanbesteding. Kunt u dit toezeggen? Vitale wijken en netwerkversterking, ook voor inwoners met geen of een beperkt netwerk, zijn expliciet onderdeel van de opdracht. Uiteraard organiseren we ook dat niemand onverantwoord aan zijn lot wordt overgelaten. Zo wordt er ook ruimte geboden in de aanbesteding voor individuele ondersteuning, kort en lang. Maar meer dan voorheen ligt het primaat in de aanpak op het aan de voorkant ontwikkelen van sociale cohesie, netwerken en verbindingen. Bovendien houdt de gemeente zelf ook de ruimte om als vangnet te kunnen fungeren, indien dit binnen de voorliggende voorzieningen niet lukt of passend is. 9. Hoe wordt de expertise en kennisoverdracht bij nieuwe opdrachtnemers geborgd? Een transitieplan is verplicht. Er komt een transitieplan waarin kennisoverdracht, behoud van professionals en zorgcontinuïteit centraal staan. 10.

Kunt u nader toelichten hoe de casusregisseur in de praktijk wordt gerealiseerd? Wanneer er sprake is van meervoudige of complexe problematiek pakt een van de betrokken medewerkers de regie op deze casus. In principe is dit de medewerker wiens expertise het beste aansluit bij het zwaartepunt van de ondersteuningsvraag. Professionals die eveneens betrokken zijn bij deze inwoner of het gezin stemmen hun actie altijd van tevoren af met de casusregisseur. Of casusregisseurs onderdeel gaan vormen van de reguliere teams of dat er een team met casusregisseurs gevormd worden die zich richten op de complexere problematiek zal nog verder uitgewerkt worden.

11. Wat is de stand van zaken van het eigen vrijwilligersbeleid binnen de gemeente Venlo De in 2024 vastgestelde uitvoeringsagenda Vrijwilligers is een aanvulling op het staande vrijwilligersbeleid binnen het sociaal beleid, om vrijwilligers vooral te waarderen, stimuleren en te faciliteren. Met de uitvoeringsagenda is gezocht naar verbreding van afzonderlijke producten (zoals collectieve vrijwilligersverzekering, vrijwilligerswaardering etc) naar inzet samen met netwerkpartners. Uiteraard faciliteren we daarnaast bijvoorbeeld middels subsidies verschillende maatschappelijke organisaties die veel met vrijwilligers werken. En ook zijn we 14

bezig met het ontwikkelen van een shared service-centrum voor vrijwilligers(organisaties), waarin alle vrijwilligers(organisaties) zich vinden en kunnen halen en brengen waaraan zij behoefte hebben

De heer Cangir (EEN Lokaal) 1.

Hoe wordt integrale samenwerking geborgd in de praktijk?

Binnen Fier Verdiept wordt toegewerkt naar sterke lokale teams, waaronder ook het vormen van een integrale toegang. Sterke lokale teams zijn teams waarin verschillende disciplines vanuit het sociaal domein en de sociale basis samenwerken om inwoners met eenvoudige tot complexe hulpvragen te ondersteunen. De samenwerking richt zich op het doen van triage en een brede integrale intake, het direct bieden van hulp of het bieden van een maatwerkvoorziening. Door het vormen van deze teams, wordt integrale samenwerking geborgd. Daar waar dit door de complexiteit van de problematiek niet vanzelf lukt, kan een casusregisseur extra ondersteuning bieden om tot een integrale uitvoering te komen. En bij zeer complexe casuïstiek biedt doorbraakmethode een uitkomst. Daarnaast werkt de gemeente nauw samen met diverse andere maatschappelijke organisaties. In de komende jaren zal er meer aandacht komen om toe te werken naar een gezamenlijke impact. 2.

Kan cultuursensitieve en specifieke zorg verankerd worden, in navolging van de Inclusieagenda?

Ja, wij onderschrijven het belang hiervan en zeggen dit toe. 3.

Kan de raad tijdig en frequent geïnformeerd worden?

Ja, wij willen dit vormgeven binnen de rapportage Sociaal Domein. Zie hiervoor ook het antwoord op vraag 1 van dhr. Donders (PVV). 4. Kan tussentijdse opzegging zonder kosten worden gegarandeerd? Ja, wij kunnen en zullen dit juridisch als voorwaarde stellen.

Mevrouw Simons (VVD) 1.

Kan de aanbesteding korter dan 16 jaar worden of kan er aanbesteed worden met een goede escape?

Beide is mogelijk: wij hebben voorgesteld om een aanbesteding aan te gaan voor 16 jaar, met daarin juridisch de ruimte om tussentijds (eenzijdig) het contract te beëindigen. We hebben uw bezwaren over de lange doorlooptijd echter duidelijk gehoord en gaan dit punt heroverwegen. 2.

Hoe worden lokale zorgverleners meer betrokken?

15

We zijn we voornemen de (institutionele) opdracht sociale basis op te knippen in twee percelen. Hiermee zorgen we ervoor dat lokale en regionale organisatie een kans krijgen naast landelijke partijen. Door de opsplitsing kunnen ook kleinere lokale organisaties inschrijven op een deel van de opdracht, zonder dat zij de volledige omvang hoeven uit te voeren. Zij kunnen dit zelfstandig doen, maar ook samen in een consortium of als onderaannemer bij een hoofdaanbieder.

3.

Hoe wordt de positie van vrijwilligers versterkt?

Fier Verdiept bouwt verder aan verbreding van het vrijwilligersbeleid en het vrijwilligersveld. Onder andere met zaken als uitvoeringsagenda vrijwilligers en een breder shared service centrum. Venlo mag zich – getuige verschillende onderzoeken - gelukkig prijzen met een hoge vrijwilligersbereidheid, met ook een onderkend aantal matchingsvraagstukken. Er liggen op dit vlak veel risico's en kansen, die actiever verkend en opgepakt moeten worden Dat doet zij vooral ook in samenspraak en afstemming met het brede werkveld. De beweging naar meer inzet op sociale basis, is op meerdere manieren een stimulans om de vrijwilligersbereidheid beter te helpen stimuleren en activeren.

4. Hoe wordt het financieel risico beheerst? Met dit raadsvoorstel borduren we voort op een beweging die al in in gang gezet is, die leidt tot een andere manier van werken. Op basis van de informatie die we nu hebben, proberen we zo nauwkeurig mogelijk weer te geven welke (inhoudelijk en financiële) verschuivingen we daarmee verwachten. In de uitvoeringsplannen worden deze verwachtingen nog nader gespecifieerd. We willen in 2026 starten met een aantal pilots om te kijken op welke wijze deze beweging zijn weerslag vindt in de praktijk. Bij de begroting zullen we daarom met twee voorstellen komen om deze pilots te bekostigen. Op basis van de resultaten van de pilots zullen we vervolgens beoordelen wat er exact nodig is. Wanneer dit financiële consequenties heeft, zullen wij aan uw raad voorstellen voorleggen binnen de reguliere P&C-producten. Op basis van deze aanpak kunnen we de komende periode stappen zetten, maar houden we grip op de financiën en blijft u als raad in positie om hierin keuzes te maken.

5.

Waarom koerst het college perse op aanbesteden?

In de voorbereiding van de nieuwe opdracht Sociale Basis is gekeken naar de wijze waarop de opdracht het beste kon worden vormgegeven. Hier is ook onafhankelijk juridisch advies over ingewonnen. Dit advies is verwerkt in de inkoopnotitie die aan uw raad is toegezonden op d.d. 1 juli. Op basis van dit advies is geconcludeerd dat het aanbesteden van de nieuwe opdracht 16

Sociale Basis de meest kansrijke optie is. Daarnaast worden andere elementen binnen de brede Sociale Basis gesubsidieerd of inbesteed.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/948/documents/23356