CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

486180 Bijl01 Kloosterdorp Steyl, cultuurhistorie en kernwaarden.pdf

Raadsvergadering 22 oktober 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 4.3: Doorontwikkeling Kloosterdorp Steyl (486180)6.054 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kloosterdorp Steyl, cultuurhistorie en kernwaarden Januari 2025

1

Inleiding Kloosterdorp Steyl is een beschermd dorpsgezicht in de gemeente Venlo. De kloosters hebben de status van rijksmonument (zowel de gebouwen als de complexen met tuinen en een aantal van de bijgebouwen). Daar ligt de komende jaren een complexe en omvangrijke opgave van herbestemming, gegeven de afnemende populatie in de kloosters en tal van andere ontwikkelingen. Sint Gregor met bijbehorende tuinen, de drukkerij en andere gebouwen zijn reeds overgedragen aan BOEi. Het is de ambitie om de monumentale complexen te behouden en opnieuw te bestemmen. Dat kan niet zonder een brede benadering, waarin ook de actuele knelpunten en maatschappelijke opgaven in Steyl worden meegenomen (verkeer, wonen, economie, duurzaamheid). In deze beknopte studie wordt het bijzondere verhaal van Steyl geïntroduceerd en zijn de kernwaarden van het beschermde dorpsgezicht benoemd. Het is bedoeld als vertrek- en ijkpunt voor het ontwikkelen van toekomstplannen voor delen van dit gebied. De studie is gebaseerd op bestaande onderzoeken en analyses. Inhoud: 1. Het landschap van Steyl; 2. Het dorp Steyl; 3. De kloosters in Steyl; 4. Het Sint Michaëlklooster en Sint Gregor; 5. Het Heilig Hartklooster; 6. Het heilige Geestklooster; 7. Missiemuseum, Jochumhof en Sint Josephklooster 8. Kernwaarden; 9. Uitgangspunten voor ontwikkeling. SteenhuisMeurs Vennebroek, februari 2025

Verwijzingen: - Norbert Nordmann, Wo sich Theologie und Gartenkunst durchdringen, die Steyler Klostergärten des hl. Arnold Janssen, Regensburg 2010 - Bureau Maes/Emma van Doel, Beschermd dorpsgezicht Steyl, een beschrijving van de cultuurhistorisich waardevolle groenelementen, Utrecht 2005 - SB4, Cultuurhistorische waardering a) tuinen Heilig Hartklooster en Heilige Geestklooster en b) tuinen Missiehuis St. Michael en St Gregorklooster te Steyl , Wageningen 2006 (2 rapporten) - RDMZ, Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van het beschermd dorpsgezicht Steyl gemeente Venlo en gemeente Maasbree (Limburg) ex artikel 35 Monumentenwet 1988, Zeist 2004 AHN NA GA Venlo RCE RDMZ

Algemene Hoogtekaart Nederland Nationaal Archief, Den Haag Gemeentearchief Venlo Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Amersfoort Rijksdienst voor de Monumentenzorg (nu: RCE), Zeist 2

Heilige Geestklooster

Heilig Hartklooster

Drukkerij en ketelhuis Missiehuis St. Michaël

[Google Maps]

St. Gregor Veerplein

3

Dit onderzoek is gebaseerd op bestaande bronnen, zoals deze boeken en rapporten.

4

1. Het landschap van Steyl Het dorp Steyl ligt aan de Maas, iets ten zuiden van Tegelen, in de gemeente Venlo. Het landschap wordt gevormd door Maasterrassen, rivierduinen en beken. Dit wordt op de volgende pagina’s toegelicht en geïllustreerd. Ter hoogte van het dorp maakt de Maas een bocht. Aan de binnenzijde van de bocht liggen hoge rivierduinen. Vruchtbaar waren deze ‘sandberge’ niet, het zand vormde een buffer tussen de dorpen Steyl en Tegelen. Al in de veertiende eeuw moet er vlak voor de bocht, op de plek waar het water langzamer ging stromen, een veerverbinding zijn geweest. Ook was er een loskade. Het veer verbond de Maashoek (Steyl) met Baarlo – en het Rijnland met de Meierei. De geschiedenis van het dorp is nauw verbonden met de Maasvaart en de handel en overslag van goederen als mergel. In de zeventiende en achttiende eeuw ontwikkelde Steyl zich tot een rijk handelsdorp, waar de families De Rijk en Moubis handelshuizen en statige landhuizen bouwden. Door verzanding werd het veer in de achttiende eeuw 250 meter naar het noorden verlegd, waar sinds 1914 de familie Paulus de dienst tussen Steyl en Baarlo onderhoudt. De middeleeuwse handelsroutes lagen op een vanzelfsprekende manier in het landschap. Vlakbij de Maashoek mondde de Steylerbeek uit op de Maas. Evenwijdig aan de beek liep de weg vanaf het (oude) veer naar Tegelen; nu is dat de Maasstraat.

Voorbij de Rochuskapel uit 1676 takte een weg schuin naar het noorden af, richting de losplaatsen (‘Gemeinde Losplaats’) in de bocht van de Maas. Dit werd later de Veerweg, die het nieuwe veer met de Maasstraat verbond. Aan de noordzijde van de Steylerbeek liep ook een weg, die tegenwoordig de Arnoldus Janssenstraat heet. Zo hebben de doorwaadbare plaatsen in de Maas, de rivieroevers, de zandduinen en de beken de structuur van het oude Steyl bepaald. Dat Steyl met recht een dorp in het landschap is, bevestigt de begrenzing van het beschermde dorpsgezicht. De Maas, de oevers van Baarlo en Steyl, de rivierduinen en de oude beken zijn allemaal onderdeel van het beschermde gebied.

5

Breukenkaart Gemert-Koningsbosch []

‘De Maas komt vanuit het Heuvelland via de centrale slenk met grote meandering en breed dal (bij Roermond) door de Peelhorst. De rivier heeft zich diep in de oprijzende Peelhorst ingesneden, zoals bij Steyl is te zien. Steyl ligt op de overgang van de Peelhorst en de Slenk van Venlo. Die overgang wordt gevormd door meerdere tektonische breuken waarvan de Tegelenbreuk de belangrijkste is. Met het oprijzen van de Peelhorst is de Maas min of meer naar het oosten afgegleden waardoor daar hoger gelegen rivierterrassen zijn aangesneden en er hogere oevers zijn. Aan de westzijde is de dalflank breder en loopt geleidelijker op. Dergelijke steile oevers worden als ‘klifoever’ aangeduid (zoals de Musschenberg, Keverberg en de Stalberg). De Maas stroomt in Limburg door een dal met meerdere laag- en middenterrassen. Vooral in de laagterrassen (de jongste) zijn oude geulpatronen of restgeulen aanwezig, vaak geflankeerd door steilranden of glooiingen. Veel geulen vormen nu beekdalen, zoals de Steylerbeek. De Aalsbeek ten zuiden van Steyl komt van het hoogterras (Rijn) Steyl aan de landsgrens en heeft zich vanaf de Maas ingesneden in de hoge oever. Een dergelijk beekdaltraject wordt getypeerd als terrasrandbeek. In de Late Dryas zijn rivierzanden uit de geregeld droogvallende bedding opgestoven op de oostoever van de Maas.

Deze rivierduinen worden Maasduinen genoemd en hebben veelal een parabool- of hoefijzervorm. Dit is ook de grondvorm van de Spekberg (de stuifzandcel waarop de kloostertuinen liggen), die later plaatselijk sterk vergraven is. Deels is het originele reliëf nog aanwezig.’ [Louis Reutelingsperger]

Achtergrond: de vorming van het Maaslandschap

6

A. Steyl B. Baarlo C.

Opbouw Maasdal met terrassen, stuifzandheuvels (A), de Steylerbeek (B) en de Aalsbeek (C) [AHN5]

7

F. E. C. I.

H.

Steyl A. Steylerbeek B. Aalsbeek C. Rivierduinen D. Maashoek E. ‘Gemeinde Losplaats’ F. ‘Gemeinde Weid Grunden’ G. Maasstraat H. Veerweg I. Huidig veer

A. D.

G.

B.

19e eeuw, H. Giehlen [NA]

8

Beschermd dorpsgezicht (grijs): Kloosterdorp Steyl en beide Maasoevers [BRO, geomorfologische kaart]

9

Beschermd gezicht Steyl : Maaslandschap, handelsdorp en missiekloosters [RCE / Nordmann 2010, 20]

10

2. Het dorp Steyl Steyl heeft zich ontwikkeld als een dorp aan de Maas. Hier kon de rivier worden overgestoken en was een losplaats. Waterwegen en landwegen kruisten elkaar. In de middeleeuwen werd in Steyl mergel overgeslagen, de eeuwen erna volgden andere handelswaren, zoals wijn, olie, zout, pek, graan en koloniale waren. De handel richting Duitsland bracht welvaart voor de handelsfamilies, die zaken deden tot in Dulken, Viersen, Mönchengladbach, Kempen, Neuss, Düsseldorf en Keulen [Nordmann 2010, 19]. Op de kadastrale kaart van 1819 zijn de meeste straten uit het huidige dorp reeds aanwezig, maar is het aantal huizen nog gering. De verkavelingsstructuur van het huidige dorp was al goed herkenbaar. Het stilleggen van de handel op de Maas vanwege de Belgische opstand en de komst van de spoorwegen in 1865 zetten een rem op de bloei van Steyl als handelsdorp. De economie stagneerde, hoewel de komst van aardewerk- en steenfabrieken een nieuwe impuls gaf en werkgelegenheid opleverde. In deze periode nam het aantal huizen en daarmee ook het aantal inwoners toe. De bebouwing concentreerde zich in lange linten langs de doorgaande wegen, zoals de Maasstraat en de Arnoldus Janssenstraat. Een nieuwe fase in de geschiedenis van het dorp begon in 1875, met de komst van pater Arnoldus Janssen.

Hij vestigde een Duits missiehuis aan het Veerplein, waarmee de basis was gelegd voor de ontwikkeling van Steyl tot een kloosterdorp en het centrum van de Duitse missie. Janssen kocht geleidelijk aan grond in het dorp op, lapje voor lapje. Uiteindelijk hadden de congregaties van Janssen een groot aaneengesloten bezit. Hier verrezen in het totaal drie kloosters met bijgebouwen en tuinen. Zo ontstond een unieke situatie van grote bebouwingsclusters en uitgestrekte kloostertuinen, die ingebed lagen in een kleinschalige dorpsverkaveling en werden doorsneden door de straten en wegen van de oude dorpsstructuur. Zoals het dorp zich had genesteld in het landschap langs de Maas, nestelden de kloosters zich in de dorpsstructuur. Bij het Veerplein komen de dorpse en de religieuze werelden samen. Het Missiehuis Sint Michaël en Sint Gregor vormen wanden van dit plein en de aangrenzende straten.

11

Opvallend aan de kadastrale minuut uit 1819 is de geringe hoeveelheid bebouwing in Steyl. Langs de Maas waren grote handelshuizen en landhuizen. Aan de Maasstraat stond slechts een handjevol huizen. De op de tekeningen aangegeven percelen werden in de decennia die volgden geleidelijk bebouwd, met woningen in het zuidelijke deel en religieuze gebouwen en parken in het noordelijk deel.

C. B.

A. Maashoek B. Veerplein C. Maasstraat

A.

1819, J.J. Cremers, kadastrale minuut [Kadaster Limburg]

12

1843-44, W. de Petit [NA]

13

Steyl, 1891 en 1934 [RDMZ, 2004]: de transformatie van een dorp met steenfabrieken naar een kloosterdorp.

14

1934: de kloosters en hun tuinen liggen ingebed in de oudere structuur en verkaveling [NA]

15

1.

2.

3. Steyl: 1) St. Michaelstraat 1917 [GA Venlo], 2) overstroming Aalsbeek 1926 [hktegelen], 3) Veerplein z/j [NA]

16

De Rijksdienst voor de Monumentenzorg (de voorloper van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed) schreef een toelichting op de aanwijzing van Steyl tot beschermd dorpsgezicht in 2004. Bovenstaande schematische tekeningen van de groeifases van het dorp komen uit de toelichting. Het begon bij het veer en aan de Maas; het dorp groeide langs de historische routes en vanaf 1875 werden de noordrand van het dorp en de rivierduinen ontwikkeld tot een groot park met kloosters. In de afgelopen eeuw groeiden Steyl en Tegelen naar elkaar toe en bleef het kloosterensemble als een groene oase in het bebouwde gebied over.

Ontwikkeling Steyl [RDMZ 2004]

17

3. De kloosters in Steyl Alvorens in te gaan op de kloosters in Steyl, wordt kort stilgestaan bij het fenomeen kloosters in het algemeen. Kloosters zijn woongemeenschappen waarin mannen of vrouwen zich wijden aan een religieus leven. Ze besteden hun dagen met werken of studie, bidden en bezinnen. Kloosters zijn in hoge mate zelfvoorzienend: ze kunnen grotendeels in hun levensbehoefte voorzien. Op de vaak uitgestrekte terreinen zijn moestuinen en bouwlanden te vinden. Vaak is er ook economische productie, zoals een brouwerij, stokerij (gedestilleerd) of drukkerij. In de middeleeuwen waren de kloosters de plekken waar kennis werd geproduceerd en opgeslagen. De kloosters vormen besloten werelden, die in meer of mindere mate zijn afgezonderd van hun omgeving. Vaak is er ook een zonering te zien, met publiek toegankelijke delen en delen die aan de kloosterlingen zijn voorbehouden. De oudste Nederlandse kloosters dateren uit de middeleeuwen en werden veelal na de Reformatie gesloten, gesloopt of omgebouwd. Pas in de negentiende eeuw werd de Nederlandse rooms-katholieke kerkprovincie opnieuw opgericht. De bisschoppelijke hiërarchie werd in 1853 hersteld. Al in 1840 had Koning Willem II met zijn kloosterbesluit toegestaan dat er nieuwe kloosters mochten komen en kloosterlingen konden intreden. Het leidde tot een ware bouwhausse van kloosters, met name in de zuidelijke provincies.

De kloosters verschillen onderling in opzet en doelstelling – variërend van afgesloten gemeenschappen zonder contact met de omgeving, tot zorg- of welzijnsinstellingen die midden in de samenleving staan. In Duitsland gebeurde het omgekeerde als in Nederland. Otto von Bismarck voerde vanaf 1872 een campagne tegen de Katholieke Kerk, de ‘Kulturkampf’. Zijn ‘Klostergesetz’ uit 1875 betekende dat alle kloosters binnen een half jaar gesloten dienden te zijn. Veel Duitse ordes weken uit naar omringende landen. Het verklaart de explosieve toename van het aantal kloosters in Oost-Limburg in deze periode. Kloostersoorten: A. Het traditionele kloosterleven van werken en bidden, afgesloten van de omgeving. B. Maatschappelijk georiënteerd: onderricht in religieuze achtergronden of geloofsbelijdenis en aanbidding. C. Maatschappelijk geëngageerd: onderwijs, zorg en missie 18

Louise Magdeleine Horthemels, 1709 [Museum Catharijneconvent]

In de architectuur bestaat een aparte kloostertypologie. Het gaat om ensembles, waarin de functies van een klooster logisch zijn gerangschikt. De kloostergangen, tuinen en de kloosterhof zijn herkenbare onderdelen van de klassieke kloosters. In de afgelopen 150 jaar zijn ook varianten op het kloostertype ontwikkeld, waarin de functies anders zijn georganiseerd. Onderdelen klooster: - Woongebouw en gebedsruimte (kerk of kapel) - Bijgebouwen, zoals schuren en gastenverblijf - Werkplaatsen, boerderij, fabriek, nutsvoorzieningen - Tuinen, begraafplaats Functie van de tuinen : - Verbeelding van het goddelijke paradijs en de natuur als goddelijke schepping - Devotiepark: beelden, kapel, Lourdesgrot, kruiswegstaties, calvarieberg - Contemplatie: verstilling, bomenlaantje, bloementuin - Zelfvoorziening: moestuin, kassen, akkers, boerderij - Ontspanning: voetbalveld, wandelpark, tuinieren, conversatie - Begraafplaats Het fenomeen klooster

19

Arnold Janssen (1837-1909) kwam uit Goch (Duitsland) en werd in Münster gewijd tot priester. Hij werd onderwijzer, maar droomde van de missie. Als rector van de Ursulinen in Kempen (bij Krefeld) gaf hij een missietijdschrift uit. Het Klostergesetz bracht Janssen naar Nederland. In Steyl vond hij de ruimte om zijn werk voort te zetten. Vanaf 1875 stichtte hij een missieseminarie en drie congregaties van missiebroeders (SVD), blauwe zusters (SSpS) en roze zusters (SSpSAP). In 1879 vertrokken de eerste missionarissen naar China. Er zouden er velen volgen, die over de wereld uitzwermden. Steyl groeide uit tot het centrum van een wereldwijde missie, met vestigingen in ruim 60 landen met 10.000 geestelijken. Kenmerkend voor de missiekloosters van de congregaties uit Steyl is de enorme aandacht die aan de tuinen werd besteed. Arnold Janssen was hier tot in detail bij betrokken. In de uitwerking was Gerard Rademan (1851-1904) belangrijk. Deze pater was oorspronkelijk opgeleid tot hovenier en ontwierp veel tuinen in Steyl.

Sint Michaëlklooster en Sint Gregor in Steyl 1921 [Nordmann 2010, 34]

Nur wenn ausreichend Gelände für Garten und Park vorhanden war, durfte mit dem Bau eines Missionshauses beginnen werden. Arnold Janssen: ‘Wollen Sie bitte durch Vergleichung mit den Grössenverhältnissen in St. Gabriel festzustellen suchen, ob dieser Hofraum hinreichend ist für Gebäude, Spiel- und Spazierplätze u. die nötigen Gartenanlangen zusammengenommen’. [Nordmann 2010, 26-27]

Kloosters in Steyl - Missiehuis Michaël / Sint Michaëlklooster SVD: Missionarissen van het Goddelijke Woord (broeders) - Heilig Hartklooster SSpS: Dienaressen van de Heilige Geest (blauwe zusters) - Heilige Geestklooster SSpSAP: Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijddurende Aanbidding (roze zusters) - Sint Josephklooster Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid (niet gelieerd aan de missionarissen van Steyl)

Missiekloosters Steyl

20

1875: Arnold Janssen koopt de oude herberg van Nicolaas Ronck (ten noorden van het oude veerhuis aan de Maas) als eerste hoofdverblijfplaats. 1876: bouw missiehuis St. Michaël of St. Michaëlklooster, naast de oude herberg aan de Maas. Missiehuis: seminarie voor vorming missionarissen, allen lid derde orde van St. Dominicus. 1876: zusters Augustinessen uit Essen kopen wijnkoophuis Moubis en trekken erin; grondige verbouwing en uitbreiding. Het complex heet voortaan Notre Dame (pensionaat). 1876: kloosterdrukkerij gebouwd met handpers, binnen een jaar uitgebreid. 1876: komst van de Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid uit Munster naar Steyl. Kopen landhuis mw. Moubis-De Rijk in de Waterloostraat [Josephklooster] 1876: kapel [Josephklooster] 1877: Gerard Rademan treedt in, opgeleid als tuinder; legt zich toe op tuinaanleg. 1878: Mauritzpensionaat komt naar Steyl [Josephklooster]. 1879: eerste uitzending missionarissen vanuit Missiehuis (naar China). 1884: Michaëlklooster: basiliek met onder- en bovenkerk, Keulse priesterarchitect J. Prill. 1885: sloop oude veerhuis voor uitbreiding Michaëlklooster. Pater Erlemann was de architect van de zuidelijke gebouwen. 25 jaar lang aanbouwsels. 1887: Haanderthof Tegelen geschonken door Josephine de Rijk, werd Annahof, een boerderij voor de eigen voedselvoorziening (uitgebreid 1888-89), verkocht 1920.

1888: tramlijn Venlo-Steyl, later autobussen: grote stroom bezoekers uit voornamelijk Duitsland. 1889: congregatie blauwe zusters gesticht door Arnold Jansen en Helena Stollenwerk. 1890: Notre Dame overgenomen door SVD: Generalaat en verzorgingshuis paters en broeders. 1896-1904: slotzusters of roze zusters in Notre Dame. 1892: Woonhuis familie De Rijk (landhuis N Maashoek), eerder onderdak Franse Capucijnen, gekocht door SVD. Generalaat, later noviciaathuis (gezellenhuis). 1894: nieuwe drukkerij met werkplaatsen. Binnen 3 jaar te klein. 1895: begraafplaats St. Michaëlklooster in gebruik. 1895: Notre Dame uitgebreid (architect Scholl) met zijvleugels en een dubbelkerk. 1895: eerste uitzending missiezusters (zorg armen en wezen, ondersteuning vrouw en gezin). 1896: Arnold Janssen sticht derde, gesloten congregatie (om meer te bidden), roze zusters. 1896-1904: roze zusters in Notre Dame. 1897: bouw ketelhuis.

Missiekloosters Steyl: tijdlijn

1901: bouw gastenverblijven SVD in de Arnoldus Janssenstraat. 1901:derde orde uitgegroeid tot echte congregatie met de gewone eenvoudige geloften en goedgekeurd door de Heilige Stoel. 1901: Josephklooster, architect Caspar Franssen ontwierp de kapel. 1903: zusterhuis in de voormalige Kerkstraat, uitgebreid in 1910 [Josephklooster]. 1904: Heilig Hart Klooster, architect Johann Baptist Beckert (en Arnold Janssen). 1904-1914: (roze) slotzusters wonen in zuidvleugel kloostercomplex van het Heilig Hartklooster. 1904: voormalig Notre Dame heet voortaan: St. Gregor . 1905-06: villa Elise en dubbelvilla tabaksfabrikant Kreykamp aan de Veerweg, ontwerp P. Rassaerts uit Venlo. 1909: Arnold Janssen overlijdt. 1909: watertoren, architect P.M. Scholl. 1912: uitbreiding Heilig Hartklooster met school. 1914: Heilig Geestklooster of Slotklooster in het Maasveld, locatie van kleine steenfabriek, architect Prill. Ca. 1915: grote boerderij van Heilig Hartklooster bij Belfeld. 1920: oude dorpskapel Steyl uit 1676 afgebroken voor bouw tabaksfabriek. 1927 bouw ziekenhuis, uitbreiding 1936 [Josephklooster]. 1928: monument ‘De Goddelijke Zaaier’ op Veerplein (huldeblijk gemeente Tegelen). 1929: St. Rochuskerk van Steyl gesloopt, 1931: Missiemuseum in zijvleugel van St. Gregor, ingericht door broeder Berchmans. 1931: nieuwe St. Rochuskerk, ontwerp architect F.

Stoks uit Venlo, op de terrasrand langs de Rozenstraat. 1931: Bisschop van Roermond geeft Steyl de status als eigen parochie. 1933: botanische tuin bij gezellenhuis door pater Peter Jochum (biologieleraar vd priesteropleiding SVD). Jochumshof. 1995: Helena Stollenwerk, medestichteres missiezusters, zalig verklaard. 2000: verkoop van Jozephklooster en - kerk door de zusters, transformatie tot een woonbuurt. 2000: Steyler congregaties actief in 60 landen, met 6000 priesters, broeders, paters, novicen en 4000 zusters. 2003: Arnold Janssen en Jozef Freinademetz door Paus Johannes Paulus II heilig verklaard.

21

Ruimtelijke kenmerken: - Een Duitse enclave in Nederland; - Organisch gegroeid (in korte tijd), geen planmatige opzet; - Verwevenheid van het landschap langs de Maas, het oude dorp en de kloosters; - Grote ommuurde gemeenschappen, die in de dorpsstructuur liggen ingebed; - Uitgestrekte wandel- en devotieparken; - Groenaanleg geënt op de kloosters, de Maas en de zandheuvels; - Sint Michaelklooster en Sint Gregor: straatwanden in het hart van Steyl; - Kloostertuinen onderling zeer verschillend: een park (Sint Michael), bouwland (Heilig Hart) en het rivierenlandschap (Heilige Geest); - Grote religieuze gemeenschap (opleidingen plus wereldcentrum van de congregaties); - Vitrine van de missie (Missiemuseum, Jochumhof, devotiepark). Onderscheidende kwaliteiten: - De tuinen: alles is vanuit het groen bedacht; - De wereldmissie: mensen opleiden en buiten Europa uitzenden, belangrijk daarbij zijn onderwijs en communicatie (drukkerij); - De binnenlandse missie : mensen ontvangen en werven, belangrijk hierbij zijn de devotietuinen, het Missiemuseum en de botanische tuin; - Het samenspel van drie congregaties: de broeders gericht op de missie, de blauwe zusters gericht op missie, onderwijs, zorg en verzorging (landbouw) en de roze zusters die bidden voor ieders zielenheil.

Missiekloosters Steyl: ruimtelijke kenmerken en onderscheidende kwaliteiten

22

Steyl in 1955 [Nordmann 2010, 55]

23

Beschermd gezicht [RDMZ, 2004]

24

4. Sint Michaëlklooster en Sint Gregor (SVD) Het Missiehuis van Sint Michaël is de eerste vestiging van Arnold Janssen in Steyl en dateert uit 1875. Het is het jaar waarin de Congregatie van de Missionarissen van het Goddelijke Woord (Societas Verbi Divini, SVD) werd gesticht. Het Missiehuis is in fases uitgebouwd tot een volwaardig klooster. De basiliek, met een onder- en een bovenkerk, werd ontworpen door priesterarchitect Prill uit Keulen en in 1884 gewijd. Het graf van Arnold Janssen bevindt zich hier. Pater Erleman ontwierp de bebouwing aan het Veerplein. Voor dit complex moesten verschillende gebouwen wijken, zoals het handelshuis van de familie Ronck. Ook het tegenover gelegen gebouwencomplex Sint Gregor behoort tot het Sint Michaëlklooster. Het ligt op de hoek van het Veerplein en de Sint Michaëlstraat. Het complex is om het nog bestaande wijnkopershuis van Moubis heen gebouwd. In dit pand waren vanaf 1876 tijdelijk Augustinessen zusters uit Essen ondergebracht. Voor hen werd een vleugel toegevoegd en veranderde de naam in Notre Dame. Janssen kocht het complex in 1890 en huisvestte er de blauwe zusters en zes jaar later ook de roze zusters. Na hun vertrek naar het nieuw gebouwde Heilig Hartklooster in 1904 werd Notre Dame uitgebreid en kreeg het de naam Sint Gregor. Het werd een verzorgingshuis voor oude paters en broeders van de congregatie SVD.

Arnold Janssen stierf er in 1910. Een derde gebouwencomplex van het ensemble van de SVD bevat het ketelhuis en de drukkerij. De kloosters zijn omgeven door uitgestrekte parktuinen. Ze bestrijken het gebied tussen Veerweg, Arnoldus Janssenstraat, Zusterstraat en Sint Michaëlstraat en worden doorsneden door de Parkstraat. De parken zijn opgebouwd uit verschillende tuinen, velden, grotten, sportterreinen en bossen. De rivierduinen zijn sterk vergraven om het park te vormen.

25

Sint Gregor met daarin opgenomen het oude Moubishuis (links).

Sint Michaëlklooster met rechts Sint Gregor [RCE].

26

Tuinen Sint Michaëlklooster [RCE]

27

Veerplein, waar de werelden bij elkaar komen: veerhuis en Missiehuis Sint Michaël [NA]

28

Ensemble van Sint Michaëlklooster en Sint Gregor, rond 1930 [Nordmann 2010, 64]

29

Ensemble van Sint Michaëlklooster en Sint Gregor [Nordmann 2010, 130-131]

30

Kadastrale Minuutplan 1841 (bewerkt door SB4)

Tuinen Sint Michaëlklooster en Sint Gregor [SB4, 2006]

31

Kloostertuinen: Sint Michaëlklooster en Sint Gregor [SB4, 2021]

32

Kloostertuinen: Sint Michaëlklooster [SB4, 2021]

33

Tuinen Sint Michaëlklooster [SB4, 2006]

34

Kloostertuinen: Sint Michaëlklooster [SB4, 2021]

35

Kloostertuinen: Sint Michaëlklooster (achter de drukkerij) [SB4, 2021]

36

Sint Gregor en tuinen [SB4, 2006]

37

5. Heilig Hartklooster (SSpS) De Congregatie van de Dienaressen van de Heilige Geest (Congregatio Missionalis Servarum Spiritus Sancti, SSpS) werd in 1889 gesticht door Arnold Janssen en Moeder Maria, Helena Stollenwerk. De blauwe zusters waren buiten Europa actief in de missie, waar zij zich richtten op onderwijs en zorg. Het Heilig Hartklooster kon in 1904 in gebruik worden genomen. Het was ontworpen door pater Johann Baptist Beckert. In de plattegrond is de vorm van een duif te onderscheiden. Het Heilig Hartklooster ligt wat afzijdig van Steyl, midden in het gebied met rivierduinen. In de tuinen is het zand deels afgegraven om de vruchtbare ondergrond als bouwland te kunnen gebruiken. Rondom de tuinen ligt een ring van zandduinen, waar bos, devotietuinen en de begraafplaats zijn aangelegd. Het klooster had een belangrijke rol in de voedselvoorzieningen van de drie congregaties. De congregatie bezat ook landbouwgrond in de omgeving, zoals een grote boerderij in Belfeld. Door de jaren heen werd het klooster uitgebreid tot een enorm gebouwencomplex.

38

Tuinen Heilig Hartklooster (paars) en Heilige Geestklooster (oranje) [SB4, 2006]

39

Heilig Hartklooster, 1960 [Nordmann 2010, 100]

40

Kloostertuinen: Heilig Hartklooster [SB4, 2021]

41

Tuinen Heilig Hartklooster [SB4, 2006]

42

Tuinen Heilig Hartklooster [SB4, 2021]

43

6. Heilige Geestklooster (SSpSAP) De Congregatie van de Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijd Durende Aanbidding (Congregatio Servarum Spiritus Sancti de Adoratione Perpetua, SSpS) dateert uit 1896 en richt zich op het bidden voor de zielenheil, een taak die 24/7 doorgaat. Het klooster is gesloten (een zogenaamd slotklooster), wat betekent dat er minimaal contact met de buitenwereld is. De roze zusters waren in de beginjaren in Notre Dame gevestigd (Sint Gregor). Ze verhuisden in 1904 met de blauwe zusters mee naar het Heilig Hartklooster en betrokken tien jaar later hun eigen Heilige Geestklooster aan de Kloosterstraat, met uitzicht over de Maas. Naast het klooster was destijds nog een steenfabriek actief. De tuin rond het klooster is ingericht voor het verbouwen van eigen voedsel. Een tunnel onder de Kloosterstraat zorgt voor de verbinding met de eigen, ommuurde begraafplaats.

44

Tuinen Heilige Geestklooster [SB4, 2006]

45

Heilige Geestklooster [SB4, 2006]

46

7. Overige elementen: Missiemuseum, Jochumhof (botanische tuin) en Josephklooster De missionarissen brachten uit de hele wereld voorwerpen mee terug naar Steyl. Zo ontstond een belangrijke collectie, waaruit in 1931 het Missiemuseum is voortgekomen. Het is gevestigd in Sint Gregor. Pater Jochum, die biologie doceerde aan de missieopleiding, zette twee jaar later een botanische tuin op. De tuin ligt vlakbij de Maas, tussen het Veerplein en de Maashoek. Door paters van meegebrachte zaden en planten kwamen hier terecht en geleidelijk groeide dit uit tot een belangrijke botanische verzameling met een rotstuin, rozenhof, heemtuin, kas en kruidentuin. Het beheer is sinds 1971 overgenomen door een stichting.

Impressie van het Missiemuseum

Behalve de congregaties van Arnold Janssen vestigden zich in 1876 ook de zusters van de Goddelijke Voorzienigheid uit Münster zich blijvend in Steyl. Zij bouwden het Sint Josephklooster, vlakbij de monding van de Aalsbeek op de Maas. Dit terrein is enkele jaren geleden herontwikkeld tot een woonbuurt. Het kloostergebouw is herbestemd tot Joseph Staete. 47

Jochumhof, Steyl [Maes, 2005 II]

48

Jochumhof, Steyl [Maes, 2005 II]

49

St. Josefklooster in Waterloostraat, Steyl, 1876 [collecties Venlo]

50

8. Kernwaarden kloosterdorp Steyl Kloosterdorp Steyl heeft een belangrijke cultuurhistorische betekenis, die in vier kernwaarden is te omschrijven. Het gaat hierbij om landschappelijke, tuinhistorische, stedenbouwkundige en architectonische principes die bepalend zijn voor het gebied, alsmede om (associatieve) waarden die samenhangen met het gebruik. Waar een waardenstelling met waarderingstekeningen erfgoed typeert met een nadruk op de materiële verschijningsvorm (onderdelen van ‘hoge waarde’, ‘positieve waarde’ of ‘indifferente waarde’), krijgen in de kernwaarden ook de conceptuele en immateriële waarden een plaats. De kernwaarden duiden het karakter van dit voor Nederland zo bijzondere kloosterdorp aan de Maas. Ze kunnen in de loop van de tijd anders worden ingevuld of veranderen. De kernwaarden worden in deze rapportage gevolgd door waarderingstekeningen van het beschermd dorpsgezicht (RDMZ, 2004) en de groenelementen in het dorp (Maes, 2005).

51

Kernwaarde 1. Het levenswerk van de heilige Arnold Janssen De missiekloosters van Steyl zijn het levenswerk van Arnold Janssen (1837-1909). Hij kwam in 1875 uit Duitsland naar Nederland met het doel om het Missiehuis op te zetten. Hieruit groeide een groots ensemble van drie kloosters met drie congregaties, die allemaal door Janssen werden gesticht. In Steyl is de devotie, bezieling en energie van Janssen en zijn volgelingen zichtbaar en voelbaar. Een belangrijk thema in zijn denken was ‘Gastfreundschaft’. Vanuit het geloof dat God in alles zit, heeft de mens alles lief: de natuur en de mensen. Dat gaf Janssen de motivatie voor het missiewerk, dat in korte tijd uitgroeide tot een wereldwijde religieuze beweging. Arnold Janssen is in 2003 heilig verklaard. De zusters Maria Helena Stollenwerk (‘moeder Maria’, 1852-1900) en Hendrina Stenmanns (‘moeder Josepha’, 1852-1903), die samen met Janssen, de congregatie van de blauwe zusters stichtten zijn beiden zalig verklaard. Kloosterdorp Steyl getuigt van het belangrijke en omvangrijke werk dat zij, met vele anderen, voor de katholieke kerk hebben verricht.

Kernwaarden

52

Kernwaarde 1. Het levenswerk van de heilige Arnold Janssen De betekenis van Steyl als levenswerk van Arnold Janssen is zichtbaar in: - Het sterfbed en de graftombe van de heilige Arnold Janssen; - De graven van de zalig verklaarde zusters Maria Helena Stollenwerk en Hendrina Stenmanns; - De begraafplaatsen en de kapel van Sint Gregor, met herdenkingsschilden voor overleden broeders; - Het organisch gegroeide ensemble van congregaties: een skyline van grote gebouwen en kerktorens; - De grote schaal en sterke ruimtelijke samenhang van de complexen in Steyl; - De sociale structuur van de missiekloosters in Steyl, ook in relatie tot het dorp en in de hele wereld, die een reflectie vormt van denken en doen Arnold Janssen.

Betekenis voor ontwikkeling: - Ruimte geven aan het herdenken en het zichtbaar maken van de ‘hand van Arnold Janssen’; - Vasthouden aan de integriteit van het cultuurlandschap: kloosterensembles als een (samengesteld) geheel; - Nieuwe invulling geven aan de kenmerkende ‘Gastfreundschaft’ van Arnold Janssen, het liefhebben en weldoen voor de natuur en de medemens.

Kernwaarden

53

Kernwaarde 2. Het hart van de missie Vanwege de gedwongen sluiting van de kloosters in Duitsland in 1875, kon Steyl zich ontwikkelen tot het centrum van de Duitse katholieke missie. Vanuit hier werd het geloof en het woord over de wereld verspreid. De kloosters en kloostertuinen in Steyl zijn de spil in een wereldwijd netwerk van kloosters en vestigingen van de congregaties. Dit netwerk strekt zich uit over 80 landen en er waren tot 10.000 geestelijken (met 70 nationaliteiten) tegelijkertijd in betrokken. In kloosterdorp Steyl staan de moederhuizen van drie congregaties (het hoofdkwartier van SVD is sinds 1928 in Rome gevestigd), het opleidings- en trainingscentrum van de wereldmissie, de thuisbasis waar missionarissen tot rust komen en het graf of de gedenkplek voor de overleden broeders en zusters. Behalve de wereldmissie ontwikkelde Steyl zich tot een centrum van de regionale missie. De uitgestrekte devotietuinen, musea en de botanische tuin fungeerden als een etalage van het missiewerk, waarmee geld en nieuwe aanwas werd binnengehaald. Kloosterdorp Steyl is van bijzondere waarde, als centrum van een wereldwijd netwerk, gericht op religie, morele verbinding, opleiding en kennisoverdracht.

Kernwaarden

54

Kernwaarde 2. Het hart van de missie De betekenis van Steyl als hart van de missie is zichtbaar in: - Het Missiehuis (trainingscentrum/gastenverblijf, moederhuis); - De drukkerij; - Devotietuinen (religieus park); - Het Missiemuseum (de hele wereld bijeen); - De botanische tuin Jochumhof.

Betekenis voor ontwikkeling: - Inzetten op het versterken van Steyl als publieke religieuze en toeristische bestemming (exclusief en met een maximale spankracht); - Aanvullende programmering vanuit het gedachtengoed van de missie: zingeving, retraite, onderwijs, internationale uitwisseling en training, musea, collectieve woon/zorgconcepten.

Kernwaarden

55

Kernwaarde 3. Een symbiose van landschap, dorp en kloosters Steyl ligt aan de Maas, op de plek waar al eeuwenlang een veerverbinding bestaat. De bocht in de Maas was tevens een natuurlijke losplaats. Direct ten noorden van het dorp wierp de rivier hoge zandduinen op. Steyl ligt op een natuurlijke manier in het landschap gevlijd: gericht op de Maas, gestructureerd door de beken, ingebed in het reliëf en ingericht al naar gelang de grondsoort (zand of klei). De kloosters, die dateren van na 1875, zijn op een vergelijkbare, organische manier in de dorpsstructuur ingebed. Zo ontstonden grote gebouwencomplexen en uitgestrekte parken binnen het fijnmazige patroon van straten en kavels van het oude dorp. Het leverde scherpe contrasten op binnen eenzelfde structuur. Het resultaat was een symbiose van het landschap, de dorpsstructuur en de religieuze ensembles. Steyl is een bijzonder cultuurlandschap, ontstaan vanuit de interactie tussen de mens en de natuurlijke omgeving. De verwevenheid is ook terug te zien in het gebruik: het kloosterleven en het dorpsleven zijn op vele manieren verweven met elkaar. Aan het Veerplein ontmoeten beide sferen elkaar: twee kloosters, een monument, het veerhuis, een frietkot en de pont. De organische vervlechting van grote kloosters, een kleinschalig dorp en het spectaculaire terrassenlandschap langs de Maas is een voor Nederland ongekende kwaliteit.

Kernwaarden

56

Kernwaarde 3. Een symbiose van landschap, dorp en kloosters De betekenis van Steyl als symbiose van landschap, dorp en kloosters is zichtbaar in: - Het organisch gegroeide en later getransformeerde cultuurlandschap; - De herkenbaarheid van het natuurlijke landschap (Maas, beken, oversteekplaats, rivierduinen, historische routes); - De historische routes, parallel aan de beken, waarlangs het dorp is ontstaan en gegroeid; - De dorpse verkaveling die aan de noordzijde van Steyl is ingevuld met grote religieuze complexen en uitgestrekte parken, waardoor binnen de dorpsstructuur contrasten zijn ontstaan tussen grootschalige en kleinschalige elementen. Dit is goed zichtbaar in het Sint Michaëlklooster en Sint Gregor; - Het Veerplein als episch centrum, waar de werelden van Steyl samenkomen (het dorp, het veerhuis, de Jochumhof en het Sint Michaëlklooster en Sint Gregor).

Betekenis voor ontwikkeling: - Continuïteit van organische (her)ontwikkeling en doorontwikkeling in de logica van het landschap en de dorpsstructuur, met expliciete aandacht voor de open plekken en hun betekenis voor het dorp; - Het landschap als ruimtelijke drager (hoofdstructuur van groen en water, de rivier en de beken); - Dorp en kloosters als afgebakende werelden (in zichzelf consistent), die tegen elkaar liggen en allerlei verbanden en connecties hebben (naar de toekomst: behoud de eigenheid, voorkom nivellering en verrommeling); - Uiteenlopende sferen die kansen bieden voor differentiatie en een hoge en gevarieerde ruimtelijke kwaliteit (rivierengebied, dorpsplein, dorpse gemeenschap en de kloosters met elk een eigen sfeer en invulling).

Kernwaarden

57

Kernwaarde 4. De tuin als spiegel van het kloosterleven Onderscheidend voor de missiekloosters van Steyl is de tuinaanleg. Arnold Janssen bedacht zijn complexen vanuit de groene contramal. De parken en tuinen hebben een rijke schakering en uiteenlopend gebruik. Het gaat om sociale, sacrale, productieve en recreatieve ruimtes. De parken waren en zijn gericht op (interne) connecties, religieuze beleving, ontspanning en educatie. De ontwerpen voeren terug op de ideeën van Arnold Janssen en het talent en vakmanschap van Pater Gerard Rademan. Na de oorlog zijn de tuinen verder geëvolueerd, met de introductie van wintergroene soorten als Californische cipres, Laurierkers, soorten naaldhout. De tuin als spiegel van het kloosterleven is een grote waarde voor Steyl, vanwege de tuinhistorische, cultuurhistorische, recreatieve en sociale betekenis voor de kloosters, het dorp en tegenwoordig ook de bezoekers. De differentiatie van functies, waarbij een voetbalveld pal naast een begraafplaats of plek van verstilling en bezinning kan liggen, is een waarde die het kloosterleven invoelbaar maakt.

Kernwaarden

58

Kernwaarde 4. De tuin als spiegel van het kloosterleven De betekenis van de tuinen van Steyl als spiegel van het kloosterleven is zichtbaar in: - Beslotenheid van ommuurde binnenwerelden; - Zelfvoorzienendheid: moestuin, akker, boomgaard, werkplaatsen, eigen voorzieningen; - Een ongekend gevarieerd tuinrepertoire met paradijs-, devotie-, collectie- en werktuinen, bouwland, sport- en speeltuinen, wandelparken en begraafplaatsen; - Gebouwen en programma’s gericht op en georganiseerd door het groen; - De ruimte om te tuinieren en te ‘brevieren’ (de religieuze ervaring van een route, meditatie of rituele handelingen); - De bijzondere kwaliteit van de groenaanleg van Gerard Rademan (1851-1904); - Het eigen karakter van ieder klooster, dat in de tuinen is terug te zien. Bij het Sint Michaëlklooster en Sint Gregor is een typisch missiepark, gericht op de religieuze ervaring en devotie. Het Heilig Hartklooster richt zich op zorg en verzorging, wat terug is te zien in de uitgestrekte nutstuinen. Voor de overdenking, het gebed en de bezinning in het Heilige Geestklooster biedt het grootse landschap van de Maas een passend decor.

Betekenis voor ontwikkeling: - Groen als bepalend element voor ruimtelijke ontwikkeling en programmering (gradueel, diversiteit, duidelijk); - Grote gebouwencomplexen in een doorlopend groene omgeving en cultuurlandschap; - Doorwerken op de eigenheid van de kloostertuinen;

Kernwaarden

59

Toelichting aanwijzing dorpsgezicht, RDMZ 2004-08

60

Cultuurhistorische waardering groenelementen, Steyl [Maes, 2005 I]

61

Cultuurhistorische waardering groenelementen Steyl [Maes, 2005 II]

62

Uitgangspunten voor doorontwikkeling De bijzondere cultuurhistorische waarde van Kloosterdorp Steyl geeft specifieke kansen, maar stelt ook eisen aan nieuwe ontwikkelingen. Van alles is mogelijk, maar de vraag is steeds of het past in het dorp, in het landschap en bij de kernwaarden waar Steyl voor staat. In een erfgoedontwikkelingsstrategie is de cultuurhistorische waarde en de ruimtelijke kwaliteit van het dorp het vertrekpunt voor ontwikkeling. Het beschermde dorpsgezicht is maatgevend en bepaalt het ‘maximum laadvermogen’ voor veranderingen. Dit gaat om bouwvolumes, maat en schaal, maar evengoed om passende functies en de (ruimtelijke) kwaliteit van transformaties, in relatie tot de bestaande context.

Vanuit de kernwaarden kunnen de uitgangspunten voor een erfgoedontwikkelstrategie worden samengevat: - Het landschap als bepalende structuur (het groen en het water van de rivier en de beken); - De historische dorpsstructuur Steyl (zoals al weergegeven op de kadastrale kaart van 1819) als ijkpunt voor de toekomst (de structuur van straten en pleinen); - De kloostertuinen als bepalend en structurerend element van de kloosters voor wat betreft eventuele interventies en het introduceren van nieuw gebruik (gericht op het behoud van kwaliteit, van de eigenheid, van de verschillende sferen en soorten tuinen en de enorme cultuurhistorische rijkdom, kwaliteit en diversiteit die in de tuinen is te vinden); - Het vasthouden aan het dorp en de kloosters als afgebakende werelden (in zichzelf consistent), met onderlinge contrasten maar ook met raakvlakken, verbanden en connecties. Voorkomen van nivellering en verrommeling; - Het Veerplein koesteren en versterken als centraal punt van Steyl, waar de werelden van de kloosters en het dorp samenkomen; - Organisch ontwikkelen vanuit de logica van de plek (landschap, dorp, kloosters); (wordt vervolgd op de volgende pagina)

Erfgoedontwikkelstrategie 1/2

63

Uitgangspunten voor doorontwikkeling (vervolg): - Vasthouden aan de integriteit van het cultuurlandschap met drie kloosterensembles als een (samengesteld) geheel, met duidelijke grenzen en overgangen, gelegen in een historische dorpsstructuur die op zijn beurt ligt ingebed in het landschap van de Maas en de beken; - Aansluiten op de verschillende karakters en kwaliteiten van de deelgebieden: rivierengebied, Veerplein, dorp en de kloosters, die elk op zich ook weer hun eigen karakter en kwaliteiten hebben; - Consolideren van de congregaties en doorwerken in de ‘geest van’ Arnold Janssen; - Invulling geven aan de kenmerkende eigenschappen van het kloosterdorp: Gastfreundschaft, zelfvoorzienendheid, beslotenheid, collectiviteit en verbindingen; - Ruimte geven aan het herdenken / zichtbaar maken van de ‘hand van Arnold Janssen’; - Versterken van Steyl als publieke religieuze en toeristische bestemming (met oog voor de spankracht van het dorp); - Aanvullende programmering vanuit het gedachtengoed van de missie: zingeving, retraite, onderwijs, internationale uitwisseling en training, musea, collectieve woon/zorgconcepten; - Doorwerken op de kenmerken van de kloostertuinen en deze nieuwe (maatschappelijke) relevantie geven: zelfvoorzienendheid, gezonde leefomgeving, meditatieve ruimte en meditatief tuinieren.

Erfgoedontwikkelstrategie 2/2

64

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/891/documents/23569