CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

472223 Bijl04 Bijlagen bij regels Bijl 3 Natuurinclusief Veilingterrein Venlo.pdf

Raadsvergadering 11 juni 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 5.3: Vaststellen bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Veilingterrein (401218)3.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Natuurinclusief Veilingterrein Venlo

Dit document is de weergave van: een natuur-analyse van het gebied rondom het Veilingterrein Venlo, selectie en beschrijving van relevante doelsoorten voor het Veilingterrein met bijbehorende overzichten van natuurinclusieve maatregelen en habitateisen, en een overzicht van ideeën voor de waarborging van klimaatadaptatie en gezondheid in het Veilingterrein. Het doel is om de natuurinclusiviteit van het Veilingterrein te waarborgen waarmee de lokale biodiversiteit wordt ondersteund en versterkt. De opdracht is verstrekt door JPO (Niels Schmeets en Ilse Nellen). Auteurs: Nora Thierry en Victor Beumer (Aveco de Bondt). Mei-Juni 2024. Visie natuurinclusief: de ontwikkeling sluit aan op het bestaande landschap en de ecosystemen die zich daarin bevinden. De maatregelen die hiervoor worden voorgesteld liggen zowel in de buitenruimte als in/aan de gebouwen. Om het hanteerbaar te maken wordt een tiental doelsoorten voorgesteld en uitgewerkt die relevant zijn voor het landschap, de ecosystemen, de bebouwde omgeving en aanwezigheid hebben in de regio. Voor deze doelsoorten worden de natuurinclusieve maatregelen verder ingevuld en geïmplementeerd in het ontwerp. Dit laatste gebeurt mede in overleg met de landschapsarchitect.

Eén van de grootste negatieve effecten op de biodiversiteit is het gebruik van pesticiden en herbiciden en wij raden met klem aan om pesticide-vrije planten te gebruiken. In het plan Veilingterrein is bewust gekozen om te focussen op het thema natuurinclusief, waarbij de nadruk ligt op de gezonde groene buitenruimte die centraal staat in het inrichtingsplan van DELVA Landschapsarchitecten dat fungeert als belangrijk onderdeel binnen het ‘Positive Living’ concept van het Veilingterrein.

1 Natuuranalyse

Veilingterrein Venlo

Opbouw natuur-analyse Wat is de relevante ecologie waarin Veilingterrein zich bevindt? Onderzoek naar beheertypen, landschapssysteem en welke onderdelen daarvoor relevant zijn voor Veilingterrein: 1. Provinciale kaart beheertypen 2. Stedenbouwkundig ontwerp 3. Positionering Veilingterrein binnen beekdalsysteem 4. Combineren van gevonden kennis in SO Veilingterrein

Natuurbeheertype

Stedenbouwkundig plan Veilingterrein

Natuurfuncties in de wijk Loofbomen met struweel rondom wijk

Groene as bomen met grasland en wadi’s in combinatie met recreatie

Combinatie van sociaal, recreatie en natuur

Oever met nat grasland oplopend naar kruidenrijk grasland

Beekherstel

Beeksystemen in Noord-Limburg Hoe ziet dat er eigenlijk uit? Kunnen we dat terug laten komen bij Veilingterrein?

Vanuit de beekloop landinwaarts kunnen we verschillende zones onderscheiden:

Kleine beekdalen zijn diep in het plateau ingesneden landschapsvormen met een vrij steil verhang die zelf dalwanden en plateauranden vormen. Hierin komen kleine beeklopen (zoals de Molenbeek), droge dalbodems, natte, komvormige laagten en moerige laagten voor.

Beheertypen relevant voor deze beeksystemen: • N03.01 Beek en bron (relevant voor Veilingterrein) • N07.01 Droge heide • N10.01 Nat schraalland • N10.02 Vochtig hooiland (relevant voor VT) • N11.01 Droog schraalland • N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland (relevant voor VT) • N14.03 Haagbeuk- en essenbos • N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos (relevant voor VT)

Combineren gevonden kennis in SO Om de groenelementen in de wijk zoveel mogelijk te koppelen aan het beeksysteem waar het veilingterrein deel van maakt is het belangrijk om gebruik te maken van soorten uit de bijbehorende beheertypen.

Gelijkend op Kruiden- en faunarijk grasland

Bestaande vegetatie Gelijkend op Dennen-, eiken-, beukenbos met combi van Kruiden- en faunarijk grasland Gelijkend op Kruiden- en faunarijk grasland Gelijkend op Beek en bron Gelijkend op Vochtig hooiland en/of Kruiden- en faunarijk grasland

2 Doelsoorten

Veilingterrein Venlo

Bepaling doelsoorten Overzicht natuurbeheertypen op en om het veilingterrein 1. Fauna analyse: NDFF waarnemingen en bestaande QuickScan Tritium (2021) 2. Op basis van de verschillende natuurtypen worden vanuit de fauna analyse doelsoorten bepaald 3. Per doelsoort een sheet met keuze onderbouwing, habitateisen en maatregelen

Elke kleur stip staat voor een waarneming van een bepaalde soort, de achterliggende data wordt in een apart document bijgeleverd

Aantallen Waarnemingen

4594

Fauna soorten

380

Vogelsoorten

88

Geleedpotigen soorten

253

Zoogdieren

17

Amfibieën en reptielen

6

Vissen

9

Weekdieren

7

01-04-2021 tot 01-04-2024

Let wel: het gaat hier om waarnemingen. Dat betekent dat het per definitie een onderschatting is aan soorten die hier daadwerkelijk leven, want waarnemingen zijn in bepaalde mate afhankelijk van toeval.

Doelsoorten Veilingterrein Venlo

Bloedrode heidelibel

Boomblauwtje

Eekhoorn

Egel

Gehoornde metselbij

Gewone dwergvleermuis

Gierzwaluw

Grote vos

Kerkuil

Spreeuw

Foto’s zijn gemaakt door Gerwin van de Maat

De doelsoorten in de groene elementen van het Veilingterrein De 10 doelsoorten zijn relevant voor het Veilingterrein en worden in verschillende groene elementen ondersteund hoewel ze overal kunnen gaan worden waargenomen. De selectie komt voort uit relevantie voor het landschapssysteem, voorkomen in regio en relevantie voor bebouwde omgeving. Vanwege de relevantie voor bebouwd gebied maakt bijvoorbeeld dat aquatische soorten zijn uitgesloten als doelsoort voor deze ontwikkeling en de focus van onze doelsoorten komt te liggen op de groene elementen binnen de wijk. Dit neemt niet weg dat de beek en het beekpark een bron van biodiversiteit zullen zijn, er zullen zich hier allerlei bijzondere dieren en planten gaan vestigen of gebruik maken van de ruimte maar die we in mindere mate gaan zien rondom de bebouwingen. Beek

Groene rand

Beekpark

Tuinen & Hoven

In/aan gebouw

Groene as

Waarnemingen uit het NDFF

Let wel: het gaat hier om waarnemingen. Dat betekent dat het per definitie een onderschatting is aan soorten die hier daadwerkelijk leven, want waarnemingen zijn in bepaalde mate afhankelijk van toeval.

Bloedrode heidelibel Maatregelen openbare ruimte • Zo breed mogelijke verlandingszone • Aanwezigheid oever- en waterplanten • Aanwezigheid van voldoende foerageergebied met insecten • Water van beek op peil in de winter • Ecologisch oever beheer (met name gefaseerd i.v.m. larve en eieren)

Keuze onderbouwing

Uit de analyse van NDFF-waarnemingen kwam naar voren dat de bloedrode heidelibel momenteel al voorkomt bij de bestaande beek bij het Veilingterrein. Deze soort is het een indicator voor de kwaliteit van de beek en de oever/watervegetatie.

Leefgebied

Deze libel komt vooral voor bij wateren met voedselrijke omstandigheden en een verlandingszone. De larven leven bij de wortels van oeverplanten en tussen de waterplanten.

Voedsel

Libellen zijn roofdieren en jagen op andere insecten. Als imago eten ze insecten die voorkomen in de buurt van de oever en als larven eten ze waterbeestjes die kleiner zijn dan zijzelf.

Nest/voortplanting

De bloedrode heide libel heeft een cyclus van één jaar. De soort overwinterd als ei of larve. De eieren worden in de modder aan de oever afgezet

Connectiviteit

Voor libellen is het van belang dat het hele jaar door het waterpeil hoog genoeg is voor de overleving van de libellenlarven. Daarnaast is de kwaliteit van het water en de oeverplanten een belangrijk aspect.

Boomblauwtje Maatregelen gebouw/kavel • Gevels waartegenop klimop (waardplant) groeit • Erfafscheiding met waardplanten zoals struikhei, hulst en rode kornoelje Maatregelen openbare ruimte • Aanplanten waardplanten: sprokkelhout, wegendoorn, klimop, grote kattenstaart, struikhei, hulst, vlinderstruik en rode kornoelje. • Aanleg houtwallen iom de landschapsarchitect • Ecologisch beheer van struweel en bomen

Keuze onderbouwing Het boomblauwtje is een soort die veel voorkomt in bebouwd gebied. Uit de NDFF analyse blijkt dat het ook eens is waargenomen op het Veilingterrein vlakbij de beek. Daarnaast zijn vlinders een goede indicator voor de aanwezigheid van nectar en ecologische connectiviteit.

Leefgebied Soort uit de blauwtjes familie die veel voorkomt in stedelijk gebied. Vliegt tussen maart en oktober in twee generaties. Ze vliegen dan ook meestal vrij hogen in bomen of struiken.

Voedsel Boomblauwtjes voeden zich met honingdauw van bomen. De aanwezigheid van bomen en houtwallen is hierom van belang.

Nest/voortplanting Zetten eitjes af op de waardplant: sporkehout, wegedoorn, klimop, grote kattenstaart, struikhei, hulst, vlinderstruik en rode kornoelje.

Connectiviteit Boomblauwtjes bewegen zich langs houtwallen en struweel. Het verbinden van groenzones met deze landschapselementen is hierbij van belang.

Eekhoorn Maatregelen openbare ruimte • Aanwezigheid oude bomen en voldoende schaduw

Keuze onderbouwing

De eekhoorn kwam zowel tijdens de recente NDFF-analyse, als bij de QuickScan van Tritium uit 2023 naar voren. De soort is al vaker waargenomen in en op het Veilingterrein en leeft in de randen met loofbomen en struweel.

Leefgebied

zuidwesten, op minimaal 3 meter hoog en huis is

De eekhoorn komt vaak voor in loof- en naaldbossen, maar is ook te vinden in parken e tuinen. De eekhoorn leeft liefst bij oudere bossen/bomen omdat hiermee voedsel en nestgelegenheid beschikbaar is (naaldbomen ouder dan 20 jaar en loofbomen ouder dan 40 jaar).

minimaal 44x39x37,5cm)

Voedsel

• Voldoende voedselbomen met boomzaden • Installeren eekhoornhuis in bomen (opening naar

• Connectie tussen bomen en indien mogelijk ook tussen projectlocatie en bos. Eventueel eekhoornbruggen bij verkeerspunten die de verbinding belemmeren.

De eekhoorns eten veel boomzaden, zoals noten, dennenappels, etc. Daarnaast eten ze ook bladknoppen, schors, bessen en paddenstoelen.

Nest/voortplanting

Eekhoorns bouwen nesten in bomen, maar zitten ook boomholtes of oude kraai- of eksternesten. Wanneer er voldoende oude bomen/bos aanwezig is het installeren van een eekhoornhuis niet nodig, maar indien dit niet het geval is kunnen eekhoornhuisjes geïnstalleerd worden.

Connectiviteit

De eekhoorn verplaatst zich meestal via bomen. De verbinding tussen de bomen is daarom ook van belang. Bij een druk verkeerspunt is het van belang om een verbinding te maken waardoor de eekhoorn zich kan verplaatsen.

Egel Maatregelen gebouw/kavel • Openingen in erfafscheidingen • Geen pesticide gebruik Maatregelen openbare ruimte • Verbinding groenzones zonder drukke wegen

Keuze onderbouwing De egel is een soort die we vaak in bebouwd gebied tegenkomen. De NDFF waarnemingen toont aan dat de egel al in de omgeving van het Veilingterrein voorkomt. Gezien de groene verbinding in de toekomstige wijk verwachten we dat de egel zich ook hier zal vestigen.

Leefgebied Komt voor in bijna alle landschappen, zoals tuinen, bosranden, struweel en loofbos. Egels komen in steden voor zolang er voldoende verbonden groen is en schuilplaatse aanwezig zijn.

Voedsel Voornamelijk wormen, slakken en diverse soorten insecten

Nest/voortplanting Zomers verblijven zo op kale grond, in holtes onder boomwortels, in composthopen of konijnenholen. ’s Winters verblijven egels onder de grond, in een gebouw of in een composthoop.

Connectiviteit Egels komen voor waar voldoende verbonden groenzones aanwezig zijn zonder te drukke wegen. Ze hebben een leefgebied van 10 tot 40 hectare, maar hebben geen vast territorium.

Gehoornde metselbij Maatregelen gebouw • Nestelstenen, gaatjes in betimmering of bijenhotel (zorg hierbij voor ecologische verantwoorde producten). • Gevels waar tegenop klimplanten groeien vanuit de volle grond • Houtstronk op het dak Maatregelen openbare ruimte • Voldoende inheemse en nectarrijke kruiden. De • Maximale afstand van 50-100 meter tussen nectarplekken. • Houtstronken in de openbare ruimte

Keuze onderbouwing

De gehoornde metselbij is een bijensoort die verticaal nestelt en daarom ook vaker wordt waargenomen in bijenhotels. Deze soort kwam naar voren uit de NDFF-analyse van de omgeving van het Veilingterrein en is een mooie indicator soort voor nectaraanwezigheid en ecologische connectiviteit.

Leefgebied

De gehoornde metselbij is een soort die verticaal nestelt. Het is een zeldzamere soort die zeker in het noorden van Nederland schaars is, maar steeds meer toeneemt.

Voedsel

Deze soort is een zeer efficiënte bestuiver, omdat hij graag bloemen bezoekt die in grote getale bloeien. Meestal blijft hij dan ook bij dezelfde plant. Favoriete planten zijn longkruid, aalbes en kruisbes. De gehoornde metselbij leeft vroeg in het voorjaar, dus vroegbloeiers (maart-april) zijn van belang.

Nest/voortplanting

De gehoornde metselbij nestelt verticaal in gaten in boomstammen, holle stengels en bijenhotels. De soort metselt het holletje vervolgens dicht, van daar de naam “metselbij”. De holletjes zijn 7 tot 9 mm en splintervrij.

Connectiviteit

Verbinden van groenzones met voldoende nectarbeschikbaarheid om zich te verspreiden.

Gewone dwergvleermuis Maatregelen gebouw • Nestelgelegenheid aan of in het gebouw: in de spouw, als inbouwkast, losse kast of achter gevelbetimmering. Kast met opening naar zuid of zuidwest, met vrije aanvliegroute (3 meter), en plaatsing tussen de 4 en 50 meter hoog. Maatregelen openbare ruimte • Insectenrijke omgeving: faunarijkgrasland en water met muggen • Bomen en water lijnen in en om het gebied waarlangs de soort zich beweegt • Vleermuisvriendelijke verlichting

Keuze onderbouwing

De gewone dwergvleermuis is een soort die vaak voorkomt in de gebouwde omgeving en zich graag vestigt in spouwen of onder betimmering van gebouwen. Daarnaast is dit ook een aandachtsoort die naar voren kwam in een QuickScan van Tritium uit 2023 als soort die zich waarschijnlijk zal vestigen in de toekomstige wijk.

Leefgebied

De gewone dwergvleermuis is een algemene soort die veel in bebouwd gebied voorkomt. Vaak leeft deze in en aan gebouwen met daaromheen voldoende groen als foerageergebied.

Voedsel

Deze soort eet grotere insecten zoals vlinders, spinnen, kevers, sprinkhanen en muggen. Het jaaggebied is 2 tot 5 kilometer van de nestplaats.

Nest/voortplanting

Leven vaak als kraamkolonies in de spouw of achter betimmering. Deze kolonies variëren tussen de tientallen tot meer dan 200 vleermuizen.

Connectiviteit

De vleermuizen vliegen langs bomenrijen en waterlijnen. Voor de ecologische connectie moeten deze voldoende aanwezig en verbonden zijn.

Gierzwaluw Maatregelen gebouw • Gierzwaluw kast: Hang meerdere nestkasten op onder een overstek of dakgoot. Zorg dat de aanvliegroute vrij is van obstakels, zoals bomen of vlaggenmasten. Vlieg opening op noorden of oosten en een vrije invliegroute. Minimaal 3 meter hoog • Gevels waartegenop klimplanten groeien vanuit de volle grond Maatregelen openbare ruimte • Insectenrijk grasland

Keuze onderbouwing De gierzwaluw is een soort die veel in bebouwd gebied voorkomt en zo ook in de omgeving van het Veilingterrein blijkt uit de NDFF-analyse. Deze soort is ook naar voren gekomen in een eerdere QuickScan (2017) en kan zich met de juiste maatregelen ook in de nieuwe wijk vestigen.

Leefgebied Huizen, kantoorgebouwen, kerken en andere bouwsels van de mens; zijn voor gierzwaluwen net een rots landschap vol met holtes, waarin zij kunnen broeden. Vooral oude gebouwen, vaak in de binnenstad van steden, zijn in trek.

Voedsel Ze jagen boven uiteenlopende habitats in dorpen en steden. Al het voedsel wordt gevangen in de lucht. Het voedsel bestaat uit vliegende insecten, zoals muggen, (zweef)vliegen en dag- en nachtvlinders.

Nest/voortplanting Voor hun nestgelegenheid zijn gierzwaluwen afhankelijk van beschikbaarheid van gebouwen met geschikte holtes. Het is een koloniebroeder wanneer er voldoende aanbod van nestgelegenheid is. Ze hebben hun nest in gebouwen, onder dakgoot, achter regenpijp, dakkapel, dakpan, of in een gat in de muur en ook wel in neststenen

Connectiviteit Voldoende groen om insecten aan te trekken

Grote vos Maatregelen gebouw • Winterverblijfplaats zoals vlinderhuisje • Gevels waartegenop inheemse klimplanten groeien vanuit de volle grond Maatregelen openbare ruimte • Voldoende bomen en struweel*/houtwal • Aanplanten waardbomen: iep, populier, zoete kers en wilgen • Winterplaats: holle bomen of stapels hout * Struweel is een struikgewas

Keuze onderbouwing

De grote vos is een vlinder soort die op de Rode Lijst staat. De soort lijkt echter vaker waargenomen te worden en zo ook in de omgeving van het Veilingterrein volgens de NDFF-analyse. Met de juiste maatregelen kan deze ook in de toekomstige wijk voorkomen.

Leefgebied

De grote vos is een soort die sterk achteruit is gegaan, maar sinds enkele jaren weer vaker te zien is. Deze vlinder staat op de Rode lijst. In tegenstelling tot de meeste vlinders overwinterd de grote vos als imago op beschutte plekjes met hout, zoals zolders, schuurtjes, in holle bomen of stapels hout. Daarnaast zijn bomen, bossen of bosranden altijd onderdeel van het habitat van deze soort.

Voedsel

Als imago's voedt de grote vos zich met sap van bomen en honingdauw. Hierbij gaat de voorkeur uit naar inheemse en biologische soorten.

Nest/voortplanting

De voornaamste waardplant is iep, maar ook populier, zoete kers en sommige wilgensoorten.

Connectiviteit

Deze soort is zeer mobiel wat betekent dat het zich makkelijk over afstanden verplaatst zonder grote belemmeringen.

Kerkuil Maatregelen gebouw • Kerkuil nestkast Maatregelen openbare ruimte • Afwisselend kruidenrijke randen, struweel en houtwallen • Zitposten*

* Dit kunnen lage paaltjes zijn van waaraf de kerkuil jaagt

Keuze onderbouwing

De kerkuil is een standvogel en komt volgens de analyse voor in de omgeving van het Veilingterrein. Deze soort kwam ook naar voren in de QuickScan van Tritium uit 2023. Met oog op het uitbreiden van de populaties kan deze soort zich met de juiste maatregelen vestigen in de toekomstige wijk.

Leefgebied

De kerkuil leeft vaak in een cultuurlandschap met veel afwisseling. Verschillend landgebruik en landschapselementen dragen hier aan bij. De aanwezigheid van nestgelegenheid en foerageergebied is daarbij wel een vereiste.

Voedsel

Deze soort jaagt graag in open velden, maar wel bij voorkeur bij afwisseling van grasland en bouwland met kruidenrijke akkerranden, struweel en houtwallen. De kerkuil leeft met namen van verschillende muissoorten. Jaagt ook vanaf een geschikte zitposten.

Nest/voortplanting

De voortplanting periode vind plaats van februari tot ver in het najaar, maar de nesten zijn jaarrond in gebruik. De uil vestigt zich in schuren, kerken of molens, mits deze toegankelijk zijn. Hier kan ook een nestkast worden geplaatst.

Connectiviteit

Afwisselend landschap met voldoende houtwallen, kruidenrijke randen en struweel.

Spreeuw Maatregelen gebouw • Ophangen nestkasten. Minimaal 5 nestkasten op 2 tot 5 meter hoogte met de ingang naar het noordoosten. De minimale binnenmaat is 30x16x16 cm met een opening van minimaal 45mm. • Besdragende struiken als erfafscheiding (bv lijsterbes) Maatregelen openbare ruimte • Insectenrijk grasland • Besdragende struiken • Ecologisch beheer van bermen en struweel

Keuze onderbouwing De spreeuw is een typische vogelsoort voor de vbebouwde omgeving, maar de soort gaat in aantallen achteruit (sinds 1980 nog maar 40% van de populatie over). De spreeuw wordt zowel in als om het veilingterrein waargenomen.

Leefgebied De spreeuw is een algemene broedvogel die vaak in de bebouwd gebied voorkomt. De soort heeft een gevarieerd dieet en leeft vaak in een omgeving waar bomen voor nestgelegenheid en grasland voor voedsel aanwezig is.

Voedsel De soort heeft een gevarieerd dieet van insecten, maar ook besjes en fruit.

Nest/voortplanting De spreeuw plant zich voort in oudere bomen met holtes, in gaten en kieren van gebouwen of nestkasten. In bebouwd gebied is het ophangen van een nestkast voor spreeuwen erg effectief.

Connectiviteit Spreeuwen zijn opportunisten. Met voldoende grasvelden en besdragende planten on de buurt van hun nesten zijn spreeuwen al snel tevreden.

Waardplanten* voor de doelsoorten van Veilingterrein • Sporkehout

• Populier

• Struikhei

• Zoete kers

• Wegendoorn

• Wilgensoorten

• Klimop • Grote kattenstaart • Struikhei • Hulst • Vlinderstruik • Rode kornoelje • Iep

Deze soorten kunnen gebruikt worden in landschapelementen of in de groene elementen zie volgende slide.

* Waardplanten zijn planten waar soorten van afhankelijk zijn voor voedsel of nestelen

Relevante inheemse plantsoorten per groen element op het Veilingterrein: Beek: niet relevant omdat hier niet aangeplant wordt Beekpark*: beemdooievaarsbek, gevlekte orchis, gewone dotterbloem, grote pimpernel, moeraskartelblad, waterkruiskruid, wilde kievitsbloem, echte koekoeksbloem, kamgras, knoopkruid, moerasstruisgras, grote ratelaar, gewone margriet, Tuinen en hoven: echte koekoeksbloem, kamgras, knoopkruid, moerasstruisgras, grote ratelaar, gewone margriet, longkruid, aalbes en kruisbes Groene rand**: vuilboom, lijsterbes, gewone salomonszegel, grote veldbies, koningsvaren, lelietje-van-dalen, mispel, schaduwkruiskruid, steenbraam, valse salie Groene as: vuilboom, lijsterbes, berk, beuk, echte koekoeksbloem, kamgras, knoopkruid, moerasstruisgras, grote ratelaar, gewone margriet, longkruid, aalbes en kruisbes Aan/op gebouwen: klimplanten (wilde kamperfoelie, hop, klimop, wilde bosrank) en op groene daken (longkruid, moerasstruisgras, grote veldbies, kamgras) * Geschiktheid zeer afhankelijk van vochtigheidsgradiënt ** Dit is een element met bestaande bomen en kruiden, de genoemde soorten dienen ter aanvulling wanneer mogelijk

3 Klimaat- en gezondheidsmaatregelen

Klimaatadaptatie maatregelen Hittestress Gevels met klimplanten vanuit de volle grond

X

Natuurlijke wadi’s

Wateroverlast

Droogte

X X

Voldoende bomen

X

Vermijden verharding

X

X

Gezonde bodem (niet verdicht en natuurlijk)

X

X

Half verharding bij parkeerplaatsen

X

X X

Beekherstel

X

X

Hagen in plaats van hekken

X

X

Gezondheidsmaatregelen

Er zijn 10 natuurinclusieve maatregelen opgesteld met aantoonbare effect op de gezondheid van bewoners: 1. Groene verbindingsroutes met grotere parken/natuurgebieden en naar voorzieningen in de omliggende wijken 2. 3-30-300 streefwaarde 3. Gevarieerd groen in de wijk met hoge biodiversiteit

Zeer haalbaar voor Veilingterrein: Iedereen moet vanuit hun huis 3 bomen kunnen zien, minimaal 30% bedekking door boomkronen, en maximaal 300m tot een hoog-kwalitatief stukje natuur

4. Groene fiets- en wandelpaden

Gebruik van veel verschillende soorten en structuren (grasland, bomenrijen, hagen, houtwallen)

5. Rust- en ontmoetingsplekken in het groen

Creatie van wandelpad door beekpark (rondje Veilingterrein voor hardlopers mogelijk?)

6. Gezamenlijke buurt(moes/pluk)tuin 7. Natuurlijke speelplekken voor kinderen

Bankjes en tafels zijn essentieel (ook op schaduwrijke plekken) en maak ze onderscheidend zodat je er makkelijk kan afspreken (wellicht de naam en verwijzing naar de doelsoorten gebruiken)

8. Water opvangplekken 9. Groen in de straat vanaf de voordeur 10. Groene particuliere tuinen

Zorgen voor (deels) groene stoepen en geveltuintjes waar mogelijk

Luchtzuiverende plantensoorten Met name langs wegen kunnen planten en bomen worden geplant om lucht te zuiveren. Dit is vooral de afvang van fijnstof. Volgens een Vlaams onderzoek zijn onderstaand de 10 plantensoorten die het best fijnstof afvangen: Vlinderstruik (Buddleja davidii), gelderse roos (Viburnum opulus), haagbeuk (Carpinus betulus), steeneik (Quercus ilex), wollige sneeuwbal (Viburnum lantana), Japanse bottelroos (Rosa rugosa), meelbes (Sorbus aria), witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum), douglasspar (Pseudotsuga menziesii) en veldesdoorn (Acer campestre).

Van dit groepje soorten zijn vooral de volgende soorten relevant voor de omliggende ecologie van Veilingterrein Venlo: gelderse roos (Viburnum opulus), haagbeuk (Carpinus betulus), en veldesdoorn (Acer campestre). Let wel: gebruik geen kweek- of siervarianten maar authentieke soorten zodat biodiversiteit maximaal benut wordt. Plantlokatie: aan de buitenranden van de ‘de groene rand’, met name waar veel verkeer is.

4 Menukaart

maatregelen

Overzicht natuurinclusieve maatregelen om doelsoorten te faciliteren: Dit overzicht is gebruikt als basis voor de menukaart van de 7 fasen van ontwikkelingen in het veilingterrein waarmee een toetsingskader tot stand is gekomen. Per maatregelen is daarin geschat welke kwantiteit voldoet en in welke fase dit het meest effectief is. (Menukaart natuurinclusief Veilingterrein Venlo; Aveco de Bondt 2025)

Nestegelegenheid gebouw: gevelgeïntegreerde nestkasten die overeen komen met het beeldkwaliteitplan.

Belangrijkste conclusies voor te nemen maatregelen Aan/rond de gebouwen: - Vermijden gebruik pesticiden: 

 

Bewoners aanraden pesticide-vrije planten te gebruiken voor hun tuinen (Online bestellen: Biologische tuinplanten & Duurzame kamerplanten vind je bij Sprinklr; https://www.puurvantveld.eu/ en https://natuurlijksterker.nl/ Opties rond Venlo: Kwekerij Lovendaal in Grubbenvorst en Soontjiens in Eindhoven) Mogelijk korting aanbieden voor bewoners als zij via biologische kweker inkopen? De gemeente kan zich richten tot Staatsbosbeheer welke autochtone pesticidevrije zaden en zaailingen kan leveren van houtige soorten (Zaden en plantmateriaal). Voor de kruidachtige planten zijn ook zij aangewezen op de online leveranciers als hierboven.

⁻ Gevels waartegenop inheemse klimplanten groeien vanuit de volle grond (zon-zijde: hop, wilde kamperfoelie, wilde bosrank; schaduw-zijde: klimop, wilde kamperfoelie) ⁻ Inheemse erfafscheidingen (gebruik van verschillende soorten binnen 1 afscheiding: sporkehout, hulst, boswilg, lijsterbes) ⁻ Integratie van nestgelegenheid in gevels (dus mee-ontwerpen in de architectuur): voor gierzwaluw, kerkuil, spreeuw en gewone dwergvleermuis) In openbare ruimte: - Vermijden gebruik pesticiden en herbiciden bij beheer en inkoop biologisch gekweekte planten:  Zie hierboven voor leveranciers - Ecologisch groen en waterbeheer als uitgangspunt nemen en dit ook zowel in de inrichtings- als beheerplannen implementeren. ⁻ Aanleg kruiden- en faunarijk grasland met soorten genoemd op slide 28: relevante inheemse plantsoorten. ⁻ Aanleg/verbetering van houtwallen en struweel (gebruik van verschillende soorten: sporkehout, wegendoorn, hulst, vlinderstruik, rode kornoelje, iep, populier, zoete kers, wilgensoorten, vuilboom, lijsterbes, berk, beuk, aalbes, kruisbes, braam)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/889/documents/22539