471921 Bijl01 Onderzoek toekomstscenario's voorziening Buitenbad Venlo.pdf
Tekst van het document
Definitieve rapportage
Toekomst buitenbad Groot-Venlo Gemeente Venlo
10 november 2023
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
1
1.1
Context
1
1.2
Vraagstelling
1
1.3
Opzet rapportage
1
2.
Technische analyse ten behoeve van instandhouding BVG
2
2.1
Inleiding
2
2.2
Analyse
2
2.3
Bevindingen
4
3.
Marktanalyse ten behoeve van een toekomstbestendig BVG
5
3.1
Inleiding
5
3.2
Gebruiksanalyse
5
3.3
Concurrentieanalyse
5
3.4
Trends en ontwikkelingen
6
3.5
Beheer en exploitatie
7
4.
Uitwerking scenario’s
8
4.1
Inhoudelijke uitwerking
8
4.1.1
Scenario 1
8
4.2
Scenario 2
10
4.3
Investeringskosten en jaarlasten
12
5.
Samenvatting
15
5.1
Samenvattende conclusies
15
5.2 Slotbeschouwing Bijlage 1 Investeringskostenramingen
15 17
1.
Inleiding
1.1
Context
In de kern Blerick van de gemeente Venlo bevindt zich buitenbad Groot-Venlo (verder: BGV), gelegen naast het binnenbad De Wisselslag. In 2014 heeft het college van B&W besloten om BGV te sluiten. Op basis van maatschappelijk draagvlak heeft de gemeenteraad de keuze gemaakt BGV open te houden en beheer, onderhoud en exploitatie in handen te geven van een vrijwilligersorganisatie (stichting buitenbad Groot-Venlo). Bij het besluit in 2020 om een nieuw binnenbad te realiseren, ter vervanging van zwembad De Wisselslag, heeft het college gekozen om géén koppeling (meer) te maken met het buitenbad. Zodra het nieuwe binnenbad is gebouwd zal het oude zwembad De Wisselslag inclusief verenigingsgebouwen gesloopt worden, waarmee de koppeling met het buitenbad verdwijnt. Praktisch betekent dit dat het buitenbad geen technische ruimte en kassagebouw meer heeft. De huidige zwembadinstallatie wordt beheerd door de technische dienst van zwembad De Wisselslag. Voor de gemeente is deze ontwikkeling aanleiding om onderzoek te laten verrichten naar de mogelijkheden en consequenties van een toekomstbestendig BGV. Daarbij speelt nog de actuele situatie dat het voor de stichting lastig blijkt om voldoende vrijwilligers te mobiliseren met als gevolg dat het buitenbad het afgelopen zomerseizoen beperkt open is gesteld.
Vanwege de onzekerheid over de toekomst van het buitenbad blijkt het behouden van vrijwilligers een extra lastige opgave.
1.2
Vraagstelling
De gemeente Venlo heeft onderstaande onderzoeksvragen geformuleerd met betrekking tot de toekomst van BGV:
Centrale opdracht Voer een onderzoek uit naar de technische situatie van BGV, breng in beeld wat nodig is om BGV nog 25 jaar als zelfstandig functionerend buitenbad in stand te houden en maak voor een toekomstbestendig BGV onderscheid in scenario’s. In het verlengde van de centrale onderzoeksopdracht zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1. Hoe zorgen we er voor dat het buitenbad wordt gerenoveerd en verduurzaamd zodat het weer jarenlang mee kan voor de inwoners van Venlo en omgeving? 2. Is het nodig en mogelijk om de configuratie van BGV aan te passen aan het huidige en toekomstige gebruik? 3. Welke technische voorzieningen zijn nodig na de sloop van De Wisselslag, omdat de waterbehandeling en nuts voorzieningen van het buitenbad ook in dit pand staat? 4. Welke voorzieningen zijn nodig om, na de realisatie van zwembad De Wisselslag op de huidige ligweide, een ligweide te realiseren op de plaats van het oude zwembad, zodat BGV zelfstandig kan functioneren? 5. Wat kunnen / moeten we doen met de bestaande opstallen? Om een toekomstvisie vast te kunnen stellen voor BGV maken we in deze rapportage onderscheid tussen de volgende twee scenario’s: Renoveren, verbouwen en verduurzamen van de accommodatie in de huidige configuratie. Renoveren, verbouwen en verduurzamen van de accommodatie in een aangepaste configuratie.
1.3
Opzet rapportage
Conform ons plan van aanpak komen in het vervolg van dit rapport de volgende onderwerpen aan bod: Hoofdstuk 2: de uitkomsten van de technische analyse ten behoeve van de instandhouding van BGV. Hoofdstuk 3: de uitkomsten van de gebruiksanalyse, de exploitatieanalyse, de concurrentieanalyse en de trends en ontwikkelingen ten behoeve van een toekomstbestendig BGV. Hoofdstuk 4: de uitwerking van scenario’s in investeringskosten, exploitatie en jaarlasten. Hoofdstuk 5: de samenvattende bevindingen en conclusies van het onderzoek, afgerond met een slotbeschouwing. 1
2.
Technische analyse ten behoeve van instandhouding BVG
2.1
Inleiding
Als onderdeel van de opdracht hebben we ter plaatse een technische opname gedaan. Omdat BGV uit diverse onderdelen en opstallen bestaat maken we bij de technische analyse onderscheid tussen de volgende elementen: De zwembassins. De horecavoorziening. De badmeesterpost. Sanitair en omkleedruimte. Verenigingsruimten. Technische ruimten. Ligweide, speeltoestellen en straatwerk.
2.2
Analyse
Zwembassins Op het terrein zijn diverse zwembassins aanwezig met in totaal circa 1.900 m2 zwemwater: Een 50x21 meter wedstrijdbad van 1.060 m2. Een familie/recreatiebad van 720 m2. Een springkuil van 115 m2. Een peuterbad van 28 m2. Alle bassins zijn gemaakt van beton met een gecoate afwerklaag. Bij de meeste bassins is zichtbaar dat de coating aan slijtage onderhevig is. Zo is de belijning in het 50-meter bad aan het vervagen en is de dekking bij het peuterbad zichtbaar onvoldoende. Vanuit de locatie hebben we begrepen dat de bassins om de twee jaar bijgewerkt worden. Vanwege eerder straalwerk is de betonconstructie niet overal mooi egaal meer, wat vuilophoping en bacteriegroei in de hand werkt. Verder ligt afbladdering van de coating op de loer als de ondergrond niet juist is afgewerkt met een vlak oppervlak en de juiste primers. Dit blijkt ook wel uit de vele coatingbeurten die het zwembad heeft ondergaan. Normaliter kan een goede coating 5 jaar mee. Maar omdat een Vista-coating is gebruikt (chloorrubber) in plaats van een 1-component acrylhars coating is een dergelijke levensduur niet realistisch.
2
Ter plaatse van de wanden is op de eerste meter tegelwerk aangebracht. Daarbovenop ligt een muurafdekker die onderling is gekit. Het tegelwerk is op enkele plaatsen beschadigd en/of gerepareerd en het voegwerk begint poreus te worden. Aan de straatzijde is de betonnen muur ook gecoat. Hierop zijn enkele beschadigingen zichtbaar.
Horecavoorziening De horecavoorziening is gesitueerd nabij de oude kassa en voormalige toegangsruimte. Wat opvalt is dat de RVS keuken nog in prima staat verkeerd, maar dat het gebouw zelf gedateerd is. Er is geen sprake van een geïsoleerd opstal, de ruimten zijn erg klein en de luchtbehandeling c.q. verwarming en koeling is ondermaats. De ruimten worden in de winter alleen vorstvrij gehouden, verdere conditionering van de gebouwen is er niet. Er staan ook diverse energievretende apparaten in de ruimten. Het is goed zichtbaar dat de opstallen inmiddels anders gebruikt worden dan bij de realisatie is beoogd. Zo is de kassaruimte inmiddels een berging geworden en wordt een toiletruimte gebruikt als opslag voor vriezers.
Badmeesterpost De badmeesterpost is een toren tussen de duikkuil en het 50-meter bad in, zodat er vanuit de toren goed zicht is op alle bassins. Je kunt binnen zitten maar ook rondom de toren lopen. De toren is prima onderhouden en bestaat uit een stalen constructie met houten puien. De toren is geschilderd en er zijn verder geen noemenswaardige onderhoudsgebreken geconstateerd. Aan de toren zijn diverse camera’s geplaatst, en er is verlichting en een omroepcentrale aanwezig. Sanitair & omkleedruimte Het sanitair c.q. de omkleedruimten zijn zichtbaar op leeftijd. De ruimten zijn bijzonder functioneel, maar tegelwerk, voegwerk, metselwerk etc. vertonen de verwachte vormen van slijtage in de vorm van poreus voegwerk, beginnende scheurtjes en hier en daar is een vuile waas op het tegelwerk zichtbaar. Belangrijk punt is dat de vloeren gladder zijn geworden dan gebruikelijk en dat het voegwerk poreus is geworden. Verder valt op dat de toiletten veelal staande toiletpotten zijn, waardoor het lastiger is schoon te maken. Dit komt de hygiëne niet ten goede. Het schilderwerk van de ruimten is wel goed bijgehouden. Het is logisch dat deze opstallen gesloopt worden omdat deze zichtbaar aan het einde van de technische levensduur zijn.
3
Verenigingsruimten De verenigingsruimten zijn uit 1996 en zijn over het algemeen goed onderhouden maar hebben wel een modernisatieronde en verduurzaming nodig. Door de gemeente is eerder besloten dat deze opstallen gesloopt zullen worden. Deze opstallen bestaan uit schoon metselwerk met houten buitenkozijnen. Het gebouw is geïsoleerd volgens de destijds geldende normen, wat voor een buitenbadvoorziening volstaat. In de winter worden de ruimten namelijk alleen vorstvrij gehouden, waardoor extra isoleren niet noodzakelijk is. De ruimten worden verwarmd door middel van radiatoren, hebben een eigen meterkast met CV-ruimte en er zijn diverse keukens in gesitueerd. Ook beschikken deze ruimten over enkele toiletruimten.
Technische ruimte De technische ruimte van BVG is gelegen in het binnenbad. Vanuit de technische ruimte wordt het badwater gefilterd en (chemisch) behandeld. Er bestaat ook nog de mogelijkheid om hiervandaan het badwater te verwarmen, maar dat wordt al langer niet meer gebruikt. Zodra het binnenbad gesloopt wordt zal deze technische ruimte vervallen. Dit betekent dat er, met uitzondering van de verenigingsruimten, ook geen gas-, elektra- en wateraansluitingen meer zullen zijn voor de eerder genoemde opstallen. Ligweide, speeltoestellen, straatwerk Het buitenbad heeft een uitgebreide ligweide, waarop diverse speeltoestellen zijn gesitueerd. Deze verkeren nog in goede staat en zijn mogelijk mee te nemen als de ligweide verplaatst wordt. Rondom de bassins is bestrating aangebracht, die nog in goede staat verkeerd. Er is een scheiding tussen de bassins gemaakt door middel van een haag. Nabij de kleedruimten ligt een pannakooi en er staat een tafeltennistafel.
2.3
Bevindingen
Voor instandhouding van het huidige voorzieningenniveau van BVG moeten de bassins gerenoveerd worden door het tegelwerk te verwijderen, de coating goed te stralen en de ondergrond weer vlak af te werken. Vervolgens moet een nieuwe goede coating worden aangebracht, die er in voorziet dat niet zo frequent meer overschilderd hoeft te worden. De badmeesterpost behoeft alleen periodiek geschilderd te worden, verder zijn geen maatregelen noodzakelijk. De horecavoorziening en de kleedruimten zijn gedateerd en moeten grondig gerenoveerd worden. Momenteel zijn de kassa en het kleed-/douchegebouw (bij De Wisselslag) gescheiden van het horecagebouw. Dit betekent dat op rustige momenten niet geprofiteerd kan worden van efficiënte (lees: gecombineerde) inzet van medewerkers. Deze efficientie kan worden bewerkstelligd door in de toekomst horeca en terras te verplaatsen naar c.q. te integreren met het kassa/entreegebied. In de uitwerking van de scenario’s wordt dit verder toegelicht. Wat verder opvalt is dat de stichting veel instandhoudingsinvesteringen heeft gedaan, zoals het vervangen van de horeca inventaris, schilderwerkzaamheden, aanschaffen nieuw kassasysteem met pasjesregistratie, toevoegen camerabewaking, realiseren wifipunten, aanbrengen terreinverlichting, uitbreiden speeltoestellen en pannakooi, bijhouden coating zwembassins, bijhouden straatwerk, etc.
4
3.
Marktanalyse ten behoeve van een toekomstbestendig BVG
3.1
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt de kaders voor een toekomstbestendig BVG in beeld gebracht op basis van de uitkomsten van de volgende analyses: Gebruiksanalyse. Concurrentieanalyse. Trends en ontwikkelingen. Beheer en exploitatie.
3.2
Gebruiksanalyse
Volgens opgave van het bestuur van stichting BGV hebben in 2022 23.366 bezoekers het buitenbad bezocht, maar zijn de jaren daarvoor geen bezoekersaantallen geregistreerd. Op basis van een schatting zou het in 2019 (het jaar voor Corona) om ongeveer 29.000 bezoekers gaan. Zoals in paragraaf 1.1 omschreven is BGV in de zomer van 2023 beperkt opengesteld als gevolg van gebrek aan voldoende vrijwilligers. Dit heeft in het afgelopen buitenbadseizoen geleid tot slechts 12.500 bezoekers. Uit een onderzoek dat in 2010 door Synarchis is uitgevoerd (‘Ontwikkelen visie zwemvoorziening - gemeente Venlo) blijkt dat in de periode 2003-2005 sprake was van gemiddeld bijna 24.000 bezoekers en dat in 2010 (bij uitzondering) ruim 50.000 recreanten BGV bezocht hebben. Als we uitgaan van een bezoekerspotentieel van 25.000 tot 30.000 bezoekers dan kunnen daar op basis van kengetallen de volgende conclusies aan verbonden worden: Met 25.000 tot 30.000 bezoekers en een totaal van circa 1.900 m2 zwemwater is sprake van een verhouding van 13 tot 16 bezoekers per m2 zwemwater. Op basis van landelijke kengetallen is sprake van een efficiënte verhouding bij 30 tot 45 bezoekers per m2 zwemwater. Dit betekent dat BGV over fors meer zwemwater beschikt dan nodig is voor het bedienen van de bezoekers.
Voor 25.000 tot 30.000 bezoekers zou op basis van deze kengetallen volstaan kunnen worden met een oppervlak van 550 tot 1.000 m2 zwemwater. Met 25.000 tot 30.000 bezoekers en een primair verzorgingsgebied van ruim 25.000 inwoners (aantal inwoners van Blerick) en een secundair verzorgingsgebied van ruim 100.000 inwoners (aantal inwoners van de gehele gemeente Venlo) is sprake van een animocijfer van respectievelijk 1,0 tot 1,2 (primair verzorgingsgebied) en 0,25 tot 0,30 (secundair verzorgingsgebied). Het landelijke animocijfer van vergelijkbare buitenbaden bedraagt 1,0 tot 1,5. Als BGV als voorziening voor Blerick moet worden beschouwd dan is sprake van een passend bezoekersaantal. Als BGV als voorziening voor heel de gemeente moet worden beschouwd dan blijkt dat de inwoners van Venlo de weg naar BGV niet zo goed kunnen vinden. Naast een kwantitatieve benadering van het gebruik moet ook gekeken worden naar de maatschappelijke waarde van BGV. Niet alleen is BGV het enige buitenbad van Venlo en is BGV de belangrijkste gemeenschapsaccommodatie in Blerick. Op 200 meter afstand van BGV bevindt zich nog wel speeltuin Ôs Blie Riëk. Verder zijn buitenslandse werknemers en Oekraïense vluchtelingen regelmatig te gast en wordt BGV af en toe gebruikt door basisscholen voor hun sportdagen en kleinschalige culturele evenementen.
Vanuit de stichting wordt aangegeven dat BGV vooral bezocht worden door inwoners die behoren tot de lagere sociale milieus. Zoals uit de volgende paragraaf is op te maken is ook het aanbod buitenbaden in de omgeving van Venlo beperkt.
3.3
Concurrentieanalyse
Het in verhouding beperkte aantal buitenbad bezoekers (laag animocijfer) lijkt niet veroorzaakt te worden door grote concurrentie van buitenbaden in de omgeving. In het volgende overzicht zijn de vijf buitenbaden weergegeven binnen een straal van 20 km, waaronder Blaue Lagune en het Waldfreibad in Duitsland.
5
Zwembad Recreatiepark Breebonne De Bercken
Plaats (gemeente) Maasbree (Peel en Maas) Reuver (Beesel)
Afstand vanaf Venlo 11 km 14 km
Landal Domein De Schatberg Sevenum (Horst aan de Maas)
14 km
Blaue Lagune Waldfreibad
15 km 20 km
Wachtendonk (Duitsland) Walbeck
Functies Recreatieplas Drie buitenbassins, peuterbad, recreatieve elementen Buitenbad met glijbaan, peuterbad, stroomversnelling Waterpark Buitenbad met drie bassins, glijbaan en recreatieve speelelementen
Wij onderschrijven de mening van het stichtingsbestuur dat vooral De Bercken in Reuver als concurrerende voorziening moet worden beschouwd. De afstand en de prijs van de verder commerciële accommodaties is voor veel inwoners van Venlo, en met name de minder bedeelden, aanleiding voor bezoek aan het buitenbad in de eigen gemeente.
3.4
Trends en ontwikkelingen
Het aantal buitenbaden in Nederland neemt af. Dit neemt niet weg dat het algemeen besef groeit dat de ongeveer 250 openbare buitenbaden in Nederland (één buitenbad op iedere 70.000 inwoners) in de zomerperiode een belangrijke recreatieve functie vervullen, zeker ook voor ‘thuisblijvers’ en minder draagkrachtigen. De exploitatie van buitenbad staat onder druk. Hoge energielasten, oplopende onderhoudskosten van verouderde accommodaties en stijgende personeelskosten zijn hier debet aan. Veel buitenbaden, zoals BGV, zijn aangewezen op vrijwilligers en/of oproepkrachten. Met name na Corona blijkt het voor veel buitenbaden nog lastiger te zijn om voldoende medewerkers (vrijwilligers en professionals) beschikbaar te krijgen. Beheer en exploitatie van buitenbaden kan efficiënter plaatsvinden als sprake is van een combinatie met binnenbaden. De afhankelijkheid van goede weersomstandigheden neemt af en de organisatie is makkelijker toekomstbestendig te krijgen ten opzichte van een ‘stand alone’ situatie. De combinatie van BGV en De Wisselslag is hier een voorbeeld van, al hoewel de organisaties van deze accommodaties gescheiden zijn. Uit de volgende overzichten blijkt dat het aantal inwoners in Venlo de komende jaren nog iets oploopt, maar daarna daalt tot minder dan 100.000. Net als in de rest van Nederland is sprake van een vergrijzende bevolking.
Omdat buitenbaden het vooral moeten hebben van gezinnen met jonge kinderen en in mindere mate tieners is dit niet per sé een gunstige ontwikkeling. Het biedt wel mogelijkheden om ruimte te bieden aan banen zwemmen en doelgroepactiviteiten voor senioren.
6
3.5
Beheer en exploitatie
De gemeente is eigenaar van BGV, beheer en exploitatie wordt verzorgd door stichting Buitenbad Groot-Venlo. De exploitatie werd tot Corona gedraaid door circa 75 vrijwilligers, waarvan er enkelen in het dagelijks leven afhankelijk zijn van een uitkering. De afgelopen jaren is een aantal vrijwilligers via het vrijwilligerswerk en bijbehorende opleidingen begeleid naar een betaalde baan. Na Corona is het aantal vrijwilligers afgenomen tot zo’n 60. Daarmee is het niet langer mogelijk de verschillende diensten, variërend van badtoezicht, kassa, horeca en onderhoud, adequaat te bemensen. De stichting ontvangt geen financiële bijdrage van de gemeente. De inkomsten hebben betrekking op entree en horeca. In het huurcontract (2015) is afgesproken dat de stichting jaarlijks een bedrag van € 57.000 aan de gemeente afdraagt voor energie, water, chemicaliën, belastingen en verzekeringen (eigenaarsdeel) en de inzet vanuit de technische dienst. Op basis van door het stichtingsbestuur beschikbaar gestelde informatie is in het volgende overzicht de exploitatie van BGV in beeld gebracht voor de periode 2016-2022 (uitgezonderd de twee Coronajaren 2020 en 2021), de begroting 2023-2024 en het voorlopige exploitatieresultaat 2023.
Exploitatie BGV Bezoekersaantallen Baten - entree - horeca - sponsoring - verhuur totaal baten: Lasten - doorbelasting gemeente - vrijwilligers - inkoop horeca - inkoop overig - onderhoud - belasting en verzekering - marketing, ict en website - overige kosten totaal lasten: Saldo
gemiddeld 2016-2022 28.264
begroting rekening 2023 2024 2023 9.455 4.062 12.500
€ 91.857 € 30.730 € 31.888 € 12.390 € 7.527 € € 881 € € 132.153 € 43.120
€ 13.201 € 43.493 € 2.107 € 18.051 € - € 500 € - € € 15.308 € 62.044
€ 44.094 € 3.490 € 19.824 € 10.523 € 15.547 € 6.738 € 8.342 € 11.887 € 120.445 € 11.709
€ 55.000 € 5.000 € 1.054 € 1.000 € 21.268 € 8.050 € 7.000 € 5.000 € 103.372 € -88.064
€ 55.000 € 5.000 € 6.195 € 1.000 € 23.268 € 8.050 € 7.000 € 7.500 € 113.013 € -69.893
€ € 3.555 € 12.793 € 1.550 € 8.397 € 7.671 € 4.043 € 4.552 € 42.561 € 19.483
Toelichting: Gemiddeld is in de periode 2016-2022 sprake geweest van een omzet van ruim € 130.000. Op basis van een gemiddelde entree van € 3,25 per bezoeker leidt dit tot ruim 28.000 bezoekers. De gemiddelde entree is vastgesteld op basis van de (geregistreerde) bezoekersaantallen en exploitatieresultaten van 2019 en 2022. De gemiddelde totale kosten bedroegen over de periode 2016-2022 € 120.000, waarvan ruim 35% is afgedragen aan de gemeente. Per saldo leidde dit tot een positief exploitatiesaldo van gemiddeld bijna € 12.000. Per 31 december 2022 beschikte de stichting over een eigen vermogen van bijna € 77.000. In algemene zin gesproken is hiermee voor de stichting tot 2023 sprake geweest van een gezonde financiële situatie. De steeds grotere uitdaging van de stichting is gelegen in het beschikbaar krijgen en houden van voldoende vrijwilligers. Deze uitdaging blijkt inmiddels te groot, getuige de beperkte openstelling in 2023 en naar verwachting van de stichting ook in 2024. Uit de voorlopige rekening 2023 is de ‘schade’ beperkt gebleven ten opzichte van de begroting 2023. Zonder afdracht aan de gemeente is een positief resultaat geboekt van bijna € 20.000. Met een afdracht aan de gemeente van begroot € 55.000 zou een fors beroep gedaan worden op het opgebouwde eigen vermogen van de stichting.
Met het beheer en de exploitatie van BGV hebben het stichtingsbestuur en de vele vrijwilligers de afgelopen jaren een belangrijke maatschappelijke rol vervult en een keurige financiële prestatie geleverd. Een mooi toekomstperspectief voor BGV zal stimulerend werken om ook de komende jaren inzet van vrijwilligers te vragen en te krijgen. Tegelijkertijd is het ook een teken van de tijd dat vrijwilligersorganisaties meer inspanning moeten leveren om de inzet op peil te houden (geldt ook voor sportverenigingen, maar die hebben een andere rol dan het beheren en exploiteren van het enige buitenbad in Venlo). Een complicerende factor daarbij is de tijdelijke sluiting van het bad, die verband houdt met het renoveren, verbouwen, verduurzamen en wellicht aanpassen van BGV. 7
Uitwerking scenario’s
4.
Zoals aan het begin van dit rapport beschreven wenst de gemeente een toekomstvisie voor BGV vast te stellen op basis van een uitwerking van de volgende twee scenario’s: Scenario 1: renoveren, verbouwen en verduurzamen van de accommodatie in de huidige configuratie. Scenario 2: renoveren, verbouwen en verduurzamen van de accommodatie in een aangepaste configuratie. In dit hoofdstuk worden deze scenario’s inhoudelijk uitgewerkt en financieel vertaald.
4.1
Inhoudelijke uitwerking
4.1.1
Scenario 1
In dit scenario is gekeken welke maatregelen nodig zijn om BGV in de huidige vorm te behouden en te verduurzamen voor een periode van minimaal 25 jaar. De maatregelen zijn gebaseerd op de uitgevoerde technische analyse en zijn hieronder toegelicht, waarbij de letters corresponderen met de afbeelding.
A. Coating bassins inclusief ondergrond dient grondig aangepakt te worden De bassins zijn gecoat en worden om het jaar opnieuw gecoat. De coating is echter op diverse plaatsen slecht en vertoont tekenen van onthechting. Er is geen sprake van een vlakke laag, waardoor vuilophoping ontstaat en de bodemstofzuiger niet goed zijn werk kan doen. Het is aan te bevelen om het bassin in zijn geheel te stralen en weer vlak af te werken en vervolgens aan te helen met nieuwe coating, zodat de frequentie van jaarlijks coaten naar circa 5-jaarlijks coaten kan worden gebracht. Hierbij adviseren we ook om het tegelwerk te verwijderen en direct mee te stralen en te behandelen, zodat er alleen een gecoate bak ontstaat. Hierdoor zal het repareren van tegelwerk tot het verleden behoren en oogt het ook tot een strakker geheel. B. Technische ruimte dient compleet vernieuwd te worden De huidige technische ruimte zit aan het binnenbad vast, inclusief de nutsvoorzieningen gas, water en elektra. Omdat het huidige binnenbad geheel gesloopt zal worden moet er een nieuwe technische ruimte voor BGV worden gerealiseerd. De firma Lotec heeft een nieuwe configuratie gemaakt voor een technische ruimte in de hoek van het park. Hierin zijn bouwkundige filters opgenomen, maar vanwege de levensduur van de renovatie (25 jaar) adviseren we om polyester filters te plaatsen. 8
C. Het kleed-/douchegebouw nieuwbouwen De huidige kleedvoorzieningen en douches worden qua nutsvoorzieningen gevoed vanuit het binnenbad. Met de sloop van het binnenbad verdwijnt de aanvoer van gas, water en elektra. Dit gebouw zal verder ook gesloopt worden en moet weer opnieuw gebouwd worden, incl. aansluiten op de nieuwe nutsvoorzieningen. D. (Bij)bouwen van kassa ruimte in combinatie met renovatie keuken/uitgifte Omdat de huidige kassaruimte in/aan het binnenbad is gesitueerd en dus gesloopt gaat worden zal er een nieuwe kassaruimte gerealiseerd moeten worden. Uit overwegingen van een efficiënte inzet van medewerkers is een combinatie van kassa en keuken/uitgifte aan te bevelen. Daarom stellen we voor de renovatie van de keuken/uitgifte en de kassa/entree van het buitenbad op een nader te bepalen wijze te combineren. E.
Verenigingsruimten
De verenigingsruimten worden bij de sloop en nieuwbouw van zwembad De Wisselslag ook gesloopt. Daardoor ontstaat er op deze plaats ruimte om een nieuw kassapunt (onderdeel D.) en een nieuw kleed-/douchegebouw (onderdeel C.) te realiseren. Zoals bij onderdeel D. toegelicht adviseren we ook om een horecavoorziening mee te nemen, zodat een combinatie van kassa en keuken/uitgifte ontstaat. Dit draagt bij aan een efficiënte exploitatie. In dit scenario is een nieuwe horeca opgenomen. F.
Ligweide
Op de positie van het oude binnenbad ontstaat een mooie grote ruimte voor een ligweide. Deze kan weer ingericht worden met allerlei spelelementen, zoals het terugplaatsen van de speeltuin, voetbalveldje en een beachvolleybalveld.
9
4.2
Scenario 2
Ook in dit scenario gaan we uit van een levensduurverlenging met minimaal 25 jaar, maar combineren we dit met een configuratie die beter aansluit bij het aantal bezoekers en voorziet in een kwaliteitsimpuls voor de locatie. Ook hier corresponderen de letters van de voorgestelde maatregelen met de hieronder weergegeven afbeelding.
A. Coating bassins inclusief ondergrond dient grondig aangepakt te worden De bassins zijn gecoat en worden om het jaar opnieuw gecoat. De coating is echter op diverse plaatsen slecht en vertoont tekenen van onthechting. Er is geen sprake van een vlakke laag, waardoor vuilophoping ontstaat en de bodemstofzuiger niet goed zijn werk kan doen. Het is aan te bevelen om het bassin in zijn geheel te stralen en weer vlak af te werken en vervolgens aan te helen met nieuwe coating, zodat de frequentie van jaarlijks coaten naar circa 5-jaarlijks coaten kan worden gebracht. Hierbij adviseren we ook om het tegelwerk te verwijderen en direct mee te stralen en behandelen, zodat er alleen een gecoate bak ontstaat. Hierdoor zal het repareren van tegelwerk tot het verleden behoren en oogt het ook tot een strakker geheel. B. Halvering 50-meter bad in combinatie met realisatie technische ruimte Wij stellen in dit scenario voor het 50-meter bad te halveren tot een 25-meter bad. Hierdoor wordt de watercapaciteit met ruim 500 m2 teruggebracht en is sprake van een betere afstemming van vraag en aanbod. Met de halvering van het 50-meterbad ontstaat ruimte voor het realiseren van een technische ruimte. Dit bespaart kosten ten opzichte van renovatie (coatingswerk) maar ook ten opzicht van de realisatie van een bouwkundige technische ruimte elders op de locatie.
De meest voor de hand liggende plek voor de technische ruimte is aan de rechter zijde van het bassin, omdat daar de waterbuffer onder de grond ligt. Dit scheelt leiding- en graafwerk. Functioneel en ten aanzien van de veiligheid hebben wij echter een voorkeur voor een combinatie van het 25-meter bad en de duikkuil (doelgroep jongeren) en een betere scheiding tussen het 25-meterbad en het peuterbad (doelgroep: gezinnen met jonge kinderen). Bovenop de technische ruimte kan een aantal heatpipes geplaatst worden, zodat het zwembadwater door de zon verwarmd wordt. Ook kan een deel functioneel worden ingezet worden als podium of als loopvlak. Indien er heatpipes geplaatst worden dienen deze wel afgeschermd te worden van het publiek, omdat deze erg warm worden. Alternatief is nog om een (familie)glijbaan op de technische ruimte te plaatsen. Dit kan bijvoorbeeld door een glijbaan met skim-out op het dek te plaatsen, die het water vanuit het 25 meter bassin gebruikt. Hiervoor is dan geen apart bassin nodig. Dit alternatief is in deze fase van onderzoek niet doorgerekend en zou in een vervolgtraject verder uitgewerkt kunnen worden.
10
C. Kleed-/douchegebouw slopen en herstraten Wij stellen voor om de huidige kleed-/douchegebouw te slopen. Op deze locatie kan dan een horecaplein gemaakt worden dat mooi grenst aan de ligweide. Hierdoor is het horecaplein de centrale plek tussen entree, ligweide en de zwembassins. D. Verbouwen en deels slopen horecagebouw Met het voorstel tot integratie (zie onderdeel E) kan het oude horecagebouw worden gesloopt en verwijderd. Ter plaatse van dit gebouw is het gezien de ligging wel verstandig om een toiletruimte te creëren, inclusief baby verkleedruimte en een omkleedvoorziening voor de ouders met de kleinste kinderen. Hierdoor is alleen stroom, water en riolering nodig in dit gebouw. Op de hiernaast afgebeelde plattegrond is een richtinggevend voorstel gedaan voor de inrichting van het oude horecagebouw. Het oude gebouw wordt gesloopt, maar de buitenwanden van de berging en toiletten zullen gerenoveerd moeten worden. Aan de linkerzijde komt dan een heren- en damestoiletgebouw. Aan de rechterzijde komen twee MIVA/baby verkleedruimten. Op deze manier is op deze locatie van BGV een belangrijke sanitaire voorziening aanwezig voor een specifieke doelgroep. Omdat de elektra aansluiting, riool en wateraansluiting vervallen vanaf het hoofdgebouw moeten deze nog wel verlegd worden. Dit kan vanaf de nieuwe technische ruimte. E.
Horeca, kassa en kleed-/douchegebouw positioneren in de verenigingsruimten
Wij stellen voor om op de fundatie van de verenigingsruimten een nieuwe moderne inrichting te maken door er een geïntegreerde voorziening te realiseren voor de personeelsruimte, horeca, de kassa en de kleedkamers/douches. Door al deze voorzieningen te koppelen aan elkaar is er minder geveloppervlak nodig en kan synergie/efficiëntie in de bedrijfsvoering worden bewerkstelligd. De entree blijft aan dan ook aan de parkeerzijde en wordt gecombineerd met kassa en horeca. Bijkomend voordeel is dat de horeca op een meer centrale plek komt te liggen. Voor de inrichting van het nieuwe entreegebouw hebben we gekeken naar een logische indeling. In het hieronder afgebeelde vlekkenplan is zichtbaar dat er een (kleine) horeca is te realiseren. De toegang is gesitueerd in het midden van het gebouw. Hierdoor kan de bezoeker een kaartje kopen van de medewerker die bij de kassa c.q. het horecaverkooppunt staat. Op rustige momenten kunnen deze functies door één medewerker worden vervuld. Hierdoor is minder inzet van vrijwilligers nodig. De bezoekers kunnen vervolgens doorlopen naar de garderobe met kluisjes, zich omkleden aan de linkerzijde van de entree en douchen. Daarna kunnen de bezoekers het zwembad betreden. Aan de rechterzijde is de horeca gesitueerd, samen met de toiletruimten. De personeelsruimte zit hier weer aan vast, incl. een douche en omkleedvoorziening.
11
F.
Ligweide
Op de positie van het oude binnenbad ontstaat een mooie grote ruimte voor een ligweide. Deze kan weer gevuld worden met allerlei spelelementen, zoals het terugplaatsen van de speeltuin, voetbalveldje en een beachvolleybalveld. G. Halvering familie-/recreatiebad met realisatie spraypark Met het halveren van het 50-meter bad is weliswaar het zwemwateroppervlak teruggebracht, maar zien wij nog een andere mogelijkheid om de voorzieningen van BGV beter aan te laten sluiten bij de behoeften van de bezoekers (‘kwaliteit voor kwantiteit’). Door het familie-/recreatiebad van 720 m2 te halveren ontstaat ruimte om een spraypark (foto links) of een interactieve waterspeelplaats (foto rechts) toe te voegen. In combinatie met het peuterbad en het resterende deel van het familie-/recreatiebad ontstaat dan een attractievere voorziening voor gezinnen met jonge kinderen.
4.3
Investeringskosten en jaarlasten
De investeringskosten van scenario 1 en 2 worden door ons geraamd op respectievelijk € 6,2 en € 6,8 miljoen, inclusief BTW. In de bijlage is de opbouw van de ramingen weergegeven. Sinds 1 januari 2019 kunnen gemeenten de BTW die hen in rekening wordt gebracht voor investeringen in sport niet meer in aftrek brengen. Om de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmaterialen te stimuleren, kunnen gemeenten sinds die datum gebruikmaken van de regeling Specifieke uitkering stimulering sport (SPUK Sport). De regeling subsidieert maximaal 17,5% van de bestedingen, inclusief btw. De regeling SPUK Sport loopt tot en met 2023. Over de voortzetting van SPUK Sport is nog geen definitief besluit genomen. De verwachting is wel dat de middelen op een nog nader te bepalen manier bij gemeenten terecht zullen komen. In het volgende overzicht zijn de kapitaallasten berekend voor beide scenario’s. Daarbij zijn in overleg met de gemeente de volgende uitgangspunten gehanteerd: Omdat sprake is van een levensduurverlening wordt de totale investering in 25 jaar afgeschreven. De rente waarmee gerekend wordt bedraagt 2,5%. De kapitaallasten zijn zowel berekend op basis van lineaire afschrijving in jaar 1 als op basis van annuïteiten en er is in beeld gebracht wat het effect is als gebruik kan worden gemaakt van de SPUK Sport.
Daarbij is onderscheid gemaakt tussen een volledige toekenning van de SPUK en van een toekenning van 67%, het percentage waar het afgelopen jaar sprake van is geweest als gevolg van de overschrijding van het beschikbare budget.
12
Investering inclusief BTW Afschrijvingstermijn Rente Kapitaallasten lineair jaar 1 Kapitaallasten annuitair
Scenario 1 € 6.189.655 25 2,50% € 402.000 € 336.000
Scenario 2 € 6.788.000 25 2,50% € 441.000 € 368.000
Investering met volledige SPUK Afschrijvingstermijn Kapitaallastenlineair jaar 1 Kapitaallasten annuitair
€ 5.106.000 25 € 332.000 € 277.000
€ 5.600.000 25 € 364.000 € 304.000
Investering met 67% SPUK Afschrijvingstermijn Kapitaallastenlineair jaar 1 Kapitaallasten annuitair
€ 5.832.000 25 € 379.000 € 317.000
€ 6.396.000 25 € 416.000 € 347.000
In het volgende overzicht zijn de gevolgen van de scenario’s vertaald in een aangepaste exploitatiebegroting voor BGV.
Exploitatie BGV Bezoekersaantallen Baten - entree - horeca - sponsoring - verhuur
scenario 1B scenario 2 25.000 27.500 € € € € totaal baten: €
81.000 27.000 7.500 1.000 116.500
€ € € € €
89.000 29.000 7.500 1.000 126.500
Lasten - energie, water en chemicaliën € - eigenaarslasten WOZ en opstal € - technische dienst / dagelijks onderhoud € - vrijwilligers € - inkoop horeca € - inkoop overig € - onderhoud € - belasting en verzekering € - marketing, ict en website € - overige kosten € totaal lasten: € Exploitatiesaldo € Kapitaallasten € Jaarlast €
25.000 20.000 10.000 5.000 16.000 10.000 20.000 7.500 7.500 10.000 131.000 -14.500 277.000 291.500
€ € € € € € € € € € € € € €
22.500 20.000 10.000 5.000 17.000 10.000 20.000 7.500 7.500 10.000 129.500 -3.000 304.000 307.000
Toelichting: Uitgangspunt is continuering van de huidige beheervorm, waarbij de stichting uiteindelijk weer in staat moet zijn om met voldoende vrijwilligers de exploitatie van BGV te verzorgen (zie ook paragraaf 5.2). Bij handhaving van de huidige configuratie (scenario 1) is onze verwachting dat het gemiddeld aantal bezoekers zal stabiliseren op zo’n 25.000 bezoekers. Met de kwaliteitsimpuls waarvan sprake is in scenario 2 is de verwachting van een beperkte groei tot zo’n 27.500 bezoekers gerechtvaardigd. De entreegelden zijn berekend op een gemiddelde opbrengst van € 3,25 per bezoeker. Dit is vergelijkbaar met de gemiddelde baten in de afgelopen jaren. Dit geldt ook voor de opbrengsten uit sponsoring en verhuur. Waar voorheen sprake was van een afdracht aan de gemeente van begroot € 55.000 is nu deze post gesplitst in de posten energie, water en chemicaliën, eigenaarslasten WOZ en opstal ten technische dienst / dagelijks onderhoud. Als gevolg van een compacter buitenbad is in scenario 2 sprake van lagere energiekosten. De post inkoop horeca bedraagt 60% van de omzet horeca (vergelijkbaar met de huidige marge). In beide scenario’s is rekening gehouden met een post onderhoud van gemiddeld € 20.000 met als uitgangspunt een levensduurverlenging van BGV met 25 jaar. De overige kostenposten zijn vergelijkbaar met de exploitatie van BGV in de afgelopen jaren.
13
Er is gemiddeld € 20.000 per jaar opgenomen als reservering voor het groot onderhoud. Dit is noodzakelijk voor vervangingsinvesteringen die in de komende 25 jaar nodig zijn. Hierbij is bijvoorbeeld de coating van de bassins meegenomen, maar ook vervangingen van onderdelen van de installatieruimte. De opgenomen post is gebaseerd op ongeveer 10% van de kapitaallast per jaar. Er is in deze fase nog geen MJOP opgesteld, omdat de exacte configuratie van BGV nog bepaald moet worden. Uiteindelijk leiden deze baten en lasten tot een negatief exploitatiesaldo van € 14.500 in scenario 1 en van € 3.000 in scenario 2. Dit negatief saldo zal door de gemeente gesubsidieerd moeten worden om de stichting in de gelegenheid te stellen om een sluitende begroting te voeren. Voor de jaarlasten die verband houden met de scenario’s is niet het exploitatiesaldo, maar zijn de kapitaallasten maatgevend. Rekening houdend met een volledige bijdrage uit de SPUK Sport en op basis van gemiddelde kapitaallasten (annuitair) moet de komende 25 jaar rekening worden gehouden met een jaarlast voor de gemeente van respectievelijk € 291.500 in scenario 1 en van € 307.000 in scenario 2. Als net als het afgelopen jaar sprake is van 67% toekenning uit de SPUK dan heeft dit een negatief effect op de jaarlast van zo’n € 47.000 in de scenario’s 1 en van ongeveer € 52.000 in scenario 2.
14
5.
Samenvatting
5.1
Samenvattende conclusies
Puntsgewijs kan het door ons uitgevoerde onderzoek naar een toekomstbestendig BGV als volgt worden samengevat: Uit de technische analyse blijkt dat de bassins grondig gerenoveerd moeten worden door het tegelwerk te verwijderen en nieuwe coating aan te brengen. Dit geldt ook voor de kleedruimte. De horecavoorziening is gedateerd. Aan de badmeesterpost zijn geen werkzaamheden noodzakelijk. De realisatie van het nieuwe zwembad en de sloop van het bestaande binnenbad en bijgebouwen biedt mogelijkheden voor een meer efficiënt, geïntegreerd gebouw voor entree, kassa, horeca, kleed-/was voorziening en eventuele overige functies. Op basis van de gebruiksanalyse hebben we geconstateerd dat BGV op basis van het verleden een bezoekerspotentieel heeft van zo’n 25.000 tot 30.000 bezoekers. Met als veronderstelling dat het verzorgingsgebied van BGV zich voornamelijk beperkt tot de inwoners van Blerick is dit een passend potentieel. Er is nauwelijks concurrentie van financieel laagdrempelige buitenbaden in de omgeving. Met een zwemwatercapaciteit van 1.800 m 2 is wel sprake van overcapaciteit. Met een halvering van de capaciteit zou volstaan kunnen worden. Het landelijke beeld is dat de exploitatie van buitenbaden onder druk staat van hoge energielasten, oplopende onderhoudskosten en verminderde beschikbaarheid van personeel en/of vrijwilligers. BGV is hier geen uitzondering op.
Desalniettemin is stichting Buitenbad Groot-Venlo tot voor kort in staat gebleken gemiddeld een positieve exploitatie te draaien en een behoorlijk eigen vermogen op te bouwen. Helaas is hier het afgelopen jaar de klad ingekomen door een tekort aan vrijwilligers. Dit heeft geleid tot een beperkte openstelling in 2023. Zonder afdracht aan de gemeente kan ook dit jaar nog afgesloten worden met een positief resultaat. Voor een toekomstbestendig BGV zijn door ons twee scenario’s uitgewerkt. Een scenario (1) dat uitgaat van noodzakelijke renovatie, verbouw en verduurzaming met handhaving van de huidige configuratie en een scenario (2) waarin de watercapaciteit wordt aangepast aan de behoefte (halvering 50-meterbad en halvering familie-/recreatiebad) met inbegrip van een kwaliteitsimpuls (realisatie spraypark). De investeringskosten van de scenario is geraamd op respectievelijk € 6,2 miljoen en van scenario 2 op € 6,8 miljoen, inclusief BTW. In deze rapportage is een toelichting gegeven op de uit te voeren werkzaamheden met een onderbouwing van de geraamde investeringskosten. Op basis van een afschrijving in 25 jaar, een rente van 2,5% en rekening houdend met een volledige toekenning uit de SPUK-regeling, bedragen de kapitaallasten op basis van annuïteiten respectievelijk € 277.000 (scenario 1) en € 307.000 (scenario 2).
De kapitaallasten vormen voor het grootste deel ook de jaarlasten, omdat in de exploitatie de baten en lasten dicht bij elkaar liggen. Wel rekenen we in scenario 2 met hoge bezoekersaantallen (27.500 om 25.000) als gevolg van de kwaliteitsimpuls.
5.2
Slotbeschouwing
Dit onderzoek richt zich op een toekomstbestendig BGV, waarbij functioneel twee scenario’s zijn onderscheiden en financieel vertaald. In deze fase willen wij graag aandacht vragen voor twee aspecten die raken aan de toekomst van BGV in relatie tot de ontwikkeling van de nieuwe Wisselslag, maar geen onderdeel uitmaken van dit onderzoek: De twee hiervoor gepresenteerde scenario’s zijn opgesteld met als uitgangspunt dat sprake is van een stand alone BGV. De praktijk is dat ook in de toekomst het binnen- en het buitenbad weliswaar niet fysiek maar voor de bezoekers wel als geclusterde zwemvoorziening aan elkaar verbonden blijven. Wij zijn van mening dat op het gebied van installatietechniek en het combineren van gebouwde voorzieningen functioneel en financieel voordeel is te behalen, die de toekomstbestendigheid van BGV ten goede komt. Net als tal van andere vrijwilligersorganisaties in Nederland heeft stichting Buitenbad Groot-Venlo problemen om de continuïteit van de organisatie te waarborgen, resulterend in een beperkte openstelling in het afgelopen zomerseizoen. Een optie is om in de toekomst te kiezen voor de inzet van betaalde medewerkers. De inzet van een betaalde parkmanager, die voorheen 9 jaar als vrijwilliger in BGV actief is geweest, is echter geen succes gebleken (bron: stichtingsbestuur).
De rol van werkgever leidt voor de stichting tot een andere opdracht en resulteert in hogere lasten waarover met de gemeente aanvullende afspraken gemaakt moeten worden. Het is onze ervaring dat gecombineerd beheer en exploitatie van binnenen buitenbad leidt tot efficiëntie en meer continuïteit, ongeacht of sprake is van een door de gemeente gevoerde exploitatie (Venlo Fit, het team Sportontwikkeling van de gemeente Venlo) of door een gespecialiseerde landelijke partij.
15
Na een positief besluit over de toekomst van BGV moet het voorkeursscenario verder uitgewerkt worden, onder andere in de vorm van een Programma van Eisen, en moet een aanbesteding van de werkzaamheden worden voorbereid. Afhankelijk van het tijdpad van voorbereiding en uitvoering moet rekening worden gehouden met een sluiting van BGV voor één of twee zomerseizoenen. Zoals ook uit het gesprek met het stichtingsbestuur gebleken zal dit een zware wissel trekken op het vrijwilligersbestand. Dit kan een argument zijn om het organisatorisch toekomstperspectief van BGV nog eens tegen het licht te houden, zoals ook in het tweede punt van de slotbeschouwing beschreven.
16
17