CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

143 2023 RIB bijlage 1. Beantwoording vragen Beleidskader Koers Gemeenschapsaccommodaties Venlo 2023-2033.pdf

Commissie Sociaal 20 november 2023, gemeente VenloBij agendapunt: 5: Beleidskader Koers Gemeenschapsaccommodaties Venlo 2023-2033 (RV 2023-75)4.282 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1

Beantwoording vragen over Beleidskader Koers Gemeenschapsaccommodaties 2023-2033

(Fractie Bastiaans) 1. Hoe kunnen we voor de toekomst meten/weten of de GA’s voldoende inspelen/faciliteren op de behoeften van de wijk? Antwoord: Jaarlijks zullen wij verslag uitbrengen aan de gemeenteraad. Dit verslag houdt rekening met zowel de input van de GA's (jaarlijkse evaluatie) als de behoeften van de wijk of het dorp, die voornamelijk voortkomen uit gegevens verkregen via stadspeilingen, wijkanalyses en gebruikersanalyses. Dit vormt de basis voor de samenwerking tussen de GA's en de gemeente Venlo om zo effectief mogelijk in te spelen op veranderende behoeften in de wijk of het dorp. De stadspeilingen spelen een belangrijke rol bij het verzamelen van feedback van de wijkbewoners. Ze bieden inzicht in hoe mensen de huidige gemeenschapsaccommodaties ervaren, welke voorzieningen ze graag zouden willen, welke activiteiten ze wensen, en hoe ze denken dat deze accommodaties kunnen bijdragen aan aspecten zoals sociale interactie, cultuur, welzijn en leefbaarheid in hun omgeving. Deze peilingen richten zich op diverse aspecten, waaronder: 1. Toegankelijkheid: Hoe gemakkelijk kunnen mensen toegang krijgen tot de accommodaties? Is de locatie handig gelegen? 2. Diversiteit van activiteiten en evenementen: Wordt er een breed scala aan activiteiten en evenementen aangeboden die aansluiten bij de interesses van de gemeenschap? 3.

Kwaliteit van faciliteiten: Hoe goed zijn de voorzieningen in de accommodaties onderhouden? Zijn ze schoon en veilig? 4. Behoeften van verschillende leeftijdsgroepen en doelgroepen: Wordt er rekening gehouden met de behoeften van zowel jongere als oudere wijkbewoners? Zijn er specifieke voorzieningen voor verschillende doelgroepen? Door deze informatie te verzamelen, kan de gemeente een beter beeld krijgen van wat er speelt in de gemeenschap en hoe de gemeenschapsaccommodaties kunnen worden verbeterd om aan de behoeften van de inwoners te voldoen.

2. Hoe kunnen we als raad optimaal geïnformeerd worden over bezoekersaantallen per GA per jaar en met welke reden iemand naar het GA bezoekt? Antwoord: Wij gaan met SMAV overleggen of het mogelijk is om deze informatie op te halen via gebruikersonderzoeken die de GA’s zelf verrichten en of SMAV hierin een centrale rol kan vervullen. Zoals u in de RIB kunt lezen zullen we u jaarlijks van informatie voorzien over de voortgang van het uitvoeringsprogramma.

3. Hoe kunnen we als raad objectief beoordelen of een GA voldoende of teveel subsidie ontvangt, waarbij wij een gelijk speelveld voorop willen stellen? Antwoord: Het zo objectief mogelijk beoordelen of aan een gemeenschapsaccommodatie (GA) een passende subsidie wordt verstrekt kan door gebruik te maken van duidelijke subsidieregels en het toepassen van prestatie-indicatoren. Deze aanpak zorgt voor een gelijk speelveld voor alle GA's, terwijl rekening wordt gehouden met hun unieke kenmerken. Helemaal objectiveren blijft lastig omdat het vaak ook afhangt van de vrijwilligers waarover een GA kan beschikken. Soms is een GA bijvoorbeeld genoodzaakt een betaald beheerder in dienst te nemen om onder meer de openingstijden van een GA te kunnen garanderen. Dit brengt extra kosten met zich mee. Daarnaast is het van grote invloed of een GA in een oud of een nieuw pand is gevestigd. Bij een nieuw pand zijn de afschrijvingslasten en dus de huur hoger dan bij een oud ‘afgeschreven’ pand. Deze huurlasten drukken op de exploitatie van de GA. Hierin kunnen grote verschillen zitten. De subsidieregels vormen de basis voor de subsidietoekenning en moeten zo worden opgesteld dat ze eerlijk en transparant zijn. Tegelijkertijd begrijpen we dat elke GA anders is qua aard en exploitatieomvang. Daarom is maatwerk in de subsidiëring noodzakelijk.

Een belangrijk onderdeel van het objectief beoordelen van de subsidie is het gebruik van prestatie-indicatoren. Deze indicatoren, zoals bezoekersaantallen, gebruiksfrequentie, diversiteit van activiteiten, betrokkenheid van de wijkbewoners en financiële stabiliteit, bieden een meetbare manier om de prestaties van elke GA te beoordelen en stellen ons in staat om objectieve gegevens te verzamelen over hoe goed elke GA functioneert. Het is belangrijk op te merken dat minder subsidie niet noodzakelijkerwijs betekent dat een GA beter functioneert. Sommige GA's kunnen inzetten op verdiencapaciteit, wat kan leiden tot minder subsidiebehoefte. Dit kan echter ook betekenen dat de accommodatie minder toegankelijk wordt voor wijkbewoners. Het is dus van belang om een gebalanceerde aanpak te hanteren. 4. Hoe komen wij af van niet natuurlijke rechtspersonen in stichtingen die wij subsidiëren? Antwoord: Wij subsidiëren de stichtingen en als de stichtingen voor bepaalde activiteiten een commercieel bedrijf inhuren dan nemen we dat mee in de subsidieafweging. 5.

Hoe kunnen we borgen dat ook alle inkomsten (dus ook horeca) zichtbaar zijn in de financiële verantwoording en inkomsten niet beheerd word door meerdere (lees: andere) stichtingen? Antwoord: Indien er sprake is van een subsidierelatie met de gemeente worden deze gegevens bij de subsidieverantwoording in de vorm van een jaarrekening ingediend. Dit geldt voor alle inkomsten van de exploiterende stichting. Verder heeft een subsidieontvanger op grond van de ASV de verplichting om relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden, onverwijld schriftelijk aan het college mede te delen.

6. Hoe kunnen we de bezoekersdrempel verlagen voor georganiseerde bijeenkomsten ter bevordering van leefbaarheid in wijken, op gebied van gratis gebruik? Antwoord: In het beleidskader hebben we een actualisatie van de subsidieregels als een van de actiepunten opgenomen. We willen onderzoeken of het mogelijk is om GA's toegankelijker te maken voor wijkbewoners die bijeenkomsten willen organiseren ter bevordering van de leefbaarheid in de wijken. Het doel is om een evenwicht te vinden tussen het aanmoedigen van het gebruik van GA's voor dergelijke activiteiten en het behouden van zelfsturing en financiële stabiliteit van de GA. Een zorgvuldig ontworpen subsidieregeling kan helpen om deze balans te bereiken. Als u echt voor bepaalde doelgroepen gratis gebruik wenst dan betekent dit dat we het beleidskader op dit onderdeel moeten aanpassen en hier ook de bijbehorende financiële middelen voor vrijmaken. 7. Hoe houden zowel college als ook raad zicht op functionaliteit en evenwichtigheid? Kan SMAV een rol spelen in toezicht/raadgever/functieloket en rapporteur? Benoemen kaders! Hoe houden wij toezicht op kwaliteit, doelstellingen, financiën en samenstelling beheerstichtingen? Antwoord: SMAV behartigt de belangen van de GA’s in onze gemeente, staat de accommodaties bij met haar kennis en treedt regelmatig op als vertegenwoordiger namens de aangesloten GA’s.

Gemeente en SMAV hebben veelvuldig contact. Indien er een subsidierelatie met de GA is heeft de gemeente via deze weg inzicht in de exploitatie en activiteiten van de GA. Indien er geen subsidierelatie is en de GA de exploitatie volledig zelf sluitend maakt, zien we geen financiële of inhoudelijke verslagen van de GA. Wel vinden er twee keer per jaar met alle GA’s ambtelijke accountgesprekken plaats waar deze zaken op de agenda staan. De stichtingen functioneren volgens het principe van zelfsturing. Zoals eerder aangegeven informeren we u jaarlijks over de voortgang van het uitvoeringsprogramma. Hierin kan afgewogen worden van welke extra informatie we u voorzien. 8. Informatie- en Adviespunten. Kunnen we niet een eenvoudiger naam bedenken, zoals bijvoorbeeld wijkservicepunt of wijkinformatiepunt? Antwoord: Indien er een meerderheid is die dit wenst dan is dat mogelijk.

9. Kunnen we volksvertegenwoordigers gratis gebruik laten maken van deze accommodaties? Denk aan wijk- en dorpsraden, maar ook aan raadsleden die met bewoners(-groepen) gesprekken willen voeren! Antwoord: Zie antwoord op vraag 6. 10. We laten los dat er in ieder wijk of dorp minstens een GA dient te zijn. Kunt u aangeven, waar dat niet nodig zou zijn? Zo nee, waarom deze regel? Antwoord: Het is niet onze intentie om top down te bepalen waar geen GA nodig zou zijn. Het nieuwe beleidskader legt de nadruk op de behoefte van inwoners en toegankelijkheid binnen een redelijke afstand, in plaats van te focussen op het hebben van minstens één gemeenschapsaccommodatie in elke wijk of dorp. Dit biedt naar de toekomst toe flexibiliteit en voordelen zoals efficiënter gebruik van middelen, meer flexibiliteit om aan lokale behoeften te voldoen, verbeterde kwaliteit en betrokkenheid van de gemeenschap bij besluitvorming. Het nieuwe beleid is gericht op het beter inspelen op diverse en veranderende behoeften van inwoners. Uiteraard wordt u als raad geconsulteerd als er wijzigingen gaan plaatsvinden.

(Fractie GroenLinks) 11. Kan het college inzicht geven in de financiële overwegingen die zij voor zich ziet op korte (2 jaar) en middellange termijn (5-10) in de financieringsbehoefte van de gemeenschapsaccommodaties? Daarbij onderscheid makend tussen jaarlijkse exploitatiebudget en investeringsbudget. Antwoord: Zie de financiële doorkijk in de raadsinformatiebrief onder de kop ‘Eerste financiële vertaling van het beleidskader’. 12. Kan het college aangeven hoe, vanuit het perspectief van de samenleving, i.c. zelfsturing, zij het streven naar financiële zelfstandigheid ziet, in relatie tot het exploitatiebudget? Antwoord: Het creëren van Sociaal-Maatschappelijke Waarde heeft meer prioriteit dan het streven naar een budget neutrale exploitatie. Als de nadruk wordt gelegd op strikte budgetneutraliteit, kan dit ten koste gaan van de sociale en maatschappelijke voordelen die gemeenschapsaccommodaties bieden. Het is van belang dat deze voorzieningen in staat worden gesteld om een positieve impact te hebben op de gemeenschap, zelfs als dit betekent dat er financiële ondersteuning nodig is om dit te realiseren. Het streven naar Sociaal-Maatschappelijke Waarde moet de leidende drijfveer zijn in het beleid en de besluitvorming met betrekking tot

gemeenschapsaccommodaties. In het kader van het creëren van ‘Vitale Gemeenschappen’ geven wij ook de stem van de inwoners een actieve rol; dit sluit ook aan bij het beleidskader Burgerbetrokkenheid. Het streven naar financiële zelfstandigheid past binnen het bredere beleid van zelfsturing van de GA’s, waarbij gemeenschappen en lokale organisaties meer verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen voorzieningen en activiteiten. Het biedt GA's de mogelijkheid om flexibeler te opereren, hun aanbod af te stemmen op lokale behoeften en de duurzaamheid van hun activiteiten op lange termijn te waarborgen. Wij ondersteunen dit streven naar meer financiële zelfstandigheid, maar hebben ook oog voor de realiteit dat niet alle GA's in staat zullen zijn om volledig zelfvoorzienend te zijn, afhankelijk van hun locatie, omvang en de aard van hun activiteiten. In dergelijke gevallen bieden wij passende subsidie- of ondersteuningsmaatregelen om ervoor te zorgen dat GA's toegankelijk blijven voor de gemeenschap en hun sociale functie behouden. 13. Hoe denkt het college over de inrichting van een investeringsfonds voor GA’s. Immers, er zijn een aantal gebouwen die dringend vragen om renovatie, verduurzaming en/of zelfs nieuwbouw. (uiteraard zijn er sowieso de posten “Meerjarig onderhoud gemeentegebouwen” en “verduurzaming gemeentelijk vastgoed” al in de begroting beschikbaar).

Antwoord: Zie raadsinformatiebrief onder de kop ‘Beleidskader en toekomstige investeringen’. Het vormen van een investeringsfonds voor gemeenschapsaccommodaties vereist een solide financiële basis. Op dit moment is het echter uitermate lastig om zelfs maar een ruwe schatting te geven van de toekomstige investeringsbehoefte voor gemeenschapsaccommodaties. De benodigde financiering zal afhangen van haalbaarheidsonderzoeken en de daaropvolgende besluitvorming. Deze onderzoeken kunnen verschillende uitkomsten hebben, waaronder de mogelijkheid om ruimtes van derde partijen te huren in plaats van zelf te investeren, vooral in grootschalige ontwikkelingen waar andere investeerders bij betrokken zijn. De behoefte aan financiering zal dus sterk afhangen van de specifieke omstandigheden en vereisten die naar voren komen uit deze haalbaarheidsonderzoeken. 14. Kan het college aangeven waar zij staat in de discussie over zelfsturing (op inhoud) door de GA’s of (sterke) regierol voor de gemeente? Immers, hoe wordt “behoefte” van de wijk gedefinieerd.

Hoe gaat het college om met mogelijke discrepanties tussen behoeften die voortvloeien uit maatschappelijke ontwikkelingen, zoals blijkt uit de wijkanalyse, en de behoeften die voortvloeien uit bewoner enquêtes/buurtpanels? Antwoord: Wij streven naar een balans tussen zelfsturing door de gemeenschapsaccommodaties (GA's) en een regierol voor de gemeente. Dit betekent dat de GA's ruimte krijgen voor autonomie en zelfbeschikking, maar dat de gemeente ook een rol speelt in het definiëren en bewaken van de behoeften van de wijk. De behoeften van de wijk worden gedefinieerd op basis van verschillende bronnen, waaronder maatschappelijke ontwikkelingen, stadspeilingen, wijkanalyses en bewonersenquêtes of buurtpanels. Wij erkennen dat er mogelijke discrepanties kunnen zijn

tussen deze behoeften, maar streven ernaar om deze te begrijpen en aan te pakken door middel van open dialoog en samenwerking met de GA's en de wijkbewoners. Het uiteindelijke doel is om gemeenschapsaccommodaties te laten functioneren als centrale punten in de wijken, waar de behoeften van de gemeenschap centraal staan en waar zowel zelfsturing als gemeentelijke betrokkenheid effectief samenkomen om de leefbaarheid te verbeteren. Zie ook het antwoord op vraag 1. 15. Kan het college meer duiding geven aan de cruciale rol die vrijwilligers in het beleidskader spelen en de constatering dat het steeds moeilijker wordt om vrijwilligers te vinden en te binden? Antwoord: Wij erkennen de cruciale rol van vrijwilligers in het beleidskader voor gemeenschapsaccommodaties. Vrijwilligers vormen vaak het hart van gemeenschapsaccommodaties en dragen in belangrijke mate bij aan het functioneren en de levensvatbaarheid ervan. Ze zijn betrokken bij tal van taken, zoals beheer, organisatie van activiteiten en evenementen, onderhoud en andere ondersteunende functies. Het is echter een feit dat het werven en behouden van vrijwilligers een groeiende uitdaging is. Dit kan te maken hebben met veranderende maatschappelijke trends, zoals een toename van tijdsdruk bij mensen, een groter aantal verplichtingen en veranderingen in de manier waarop mensen betrokken willen zijn bij vrijwilligerswerk.

Wij begrijpen dat het belangrijk is om vrijwilligers te ondersteunen en te waarderen en zullen ons inzetten om mogelijkheden te bieden voor training, erkenning en ondersteuning van vrijwilligers in gemeenschapsaccommodaties. Hierbij kan samengewerkt worden met lokale organisaties en netwerken om vrijwilligers te vinden en te binden. Het shared service center kan hierbij ook een belangrijke rol spelen door bestuurders te ontlasten waardoor de bestuurstaak makkelijker te volbrengen is. Het behoud en de groei van het vrijwilligersbestand is van groot belang om de gemeenschapsaccommodaties levendig en toegankelijk te houden voor de gemeenschap en zal een voortdurend aandachtspunt zijn in het beleid. Zoals u weet komen we op korte termijn rondom het thema vrijwilligers bij u terug.

(Fractie CDA) Vraagt om doorkijk over: 16. Wat is het beeld van alle GA’s op dit moment, hoe hangt de vlag erbij? Bij voorkeur in de vorm van een sterkte/zwakte-analyse. Antwoord: Nadat de gemeenteraad het beleidskader heeft vastgesteld, zullen we dit vertalen naar een concreet uitvoeringsprogramma. Dit programma zal in het eerste kwartaal van 2024 aan de raad worden gepresenteerd via een raadsinformatiebrief. Hierin zullen de specifieke acties en maatregelen worden beschreven die voortvloeien uit het beleidskader, evenals de zaken die

spelen bij de individuele GA’s. Dit programma biedt een gedetailleerd overzicht van de te nemen stappen en de voortgang op het gebied van GA’s. Het programma wordt voorzien van actuele informatie per GA. Deze informatie komt voort uit de gesprekken die wij periodiek voeren met de GA’s. Bouwkundige aspecten worden meegenomen in het Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP). 17. Welke GA’s voldoen aan de voorwaarden gesteld in het nieuwe beleidskader, welke (nog) niet maar kunnen/gaan we wel op dat niveau brengen? Waar zitten risico’s? Antwoord: In de doorkijk naar het uitvoeringsprogramma (bijlage 2 van de raadsinformatiebrief) gaan wij in op de individuele GA’s en de zaken die hier spelen. 18. Bij Pastoorshof Lomm staat geen open inloop vermeld terwijl daar al meer dan 10 jaar als burgerinitiatief een open inloop (elke dinsdag) en een maaltijdvoorziening (1x2 weken op vrijdag) wordt gefaciliteerd door stichting ZON (Zorg om Naasten). Wat is de reden dat we deze niet opnemen? Antwoord: Dit heeft geen specifieke reden. We voegen deze toe aan de tabel. 19. Als laatste nog een opmerking over Informatie- en adviespunten, ik denk niet dat Incluzio beslist toch? Of er in elke GA een dergelijke voorziening moet komen, vraag ik mij serieus af. Ik weet dat initiatieven in het verleden zijn “gesneuveld” bij gebrek aan behoefte/belangstellenden in Arcen, Lomm en Velden.

Antwoord: Wat ons betreft is de behoefte leidend. Dat betekent dat er niet per definitie in elke GA een Informatie- en Adviespunt hoeft te zijn. Wij gaan in overleg met Incluzio en de betreffende GA’s om dit te optimaliseren. Wij streven immers naar het zo optimaal mogelijk afstemmen van aanbod en behoefte.

(Fractie PvdA) 20. Wat is de concrete stand van zaken m.b.t. dit haalbaarheidsonderzoek GA Venlo-Oost en wanneer wordt de haalbaarheidsstudie opgeleverd? Antwoord: In eerdere beantwoording (artikel 45 vragen – april 2023) hebben wij aangegeven dat het onderzoek bijna is afgerond. Wij hebben ook aangegeven dat er vervolgens in 2024 een nadere verdieping zal plaatsvinden waarin we zullen ingaan op zaken zoals oppervlakte, locatie, benodigde faciliteiten, en de kosten die daaraan verbonden zijn. Het lopende onderzoek richt zich op:

-

een inventarisatie van de wijk op basis van het huidige voorzieningenniveau en een beeld vanuit wijkanalyses en stadspeilingen; een terugkoppeling van gesprekken met verschillende belanghebbenden, die via Ons Venlo Oost zijn verbonden. Met hun waardevolle inbreng kunnen we overgaan tot afronding van de eerste fase van dit onderzoek. Hierin spreken wij dan tevens de vervolgroute af voor 2024.

Zie ook de raadsinformatiebrief onder de kop ‘Ontwikkeling gemeenschapsaccommodatie VenloOost’. 21. Welke maatschappelijke organisaties en (potentiële) gebruikers zijn of worden bij dit onderzoek betrokken? Antwoord: Wij voeren gesprekken met het Wijkoverleg Venlo-Oost, Stichting Leutherberg (Op d'n Berg), PROVO (Projectgroep Ons Venlo). Deze organisaties hebben zich verenigd in het samenwerkingsverband Ons Venlo-Oost. Het samenwerkingsverband Ons Venlo-Oost is relatief nieuw en momenteel wordt er nog intensief overleg gevoerd tussen de betrokken partijen. De conclusies en aanbevelingen die voortkomen uit deze overleggen zijn van groot belang voor ons haalbaarheidsonderzoek. Ze bieden waardevolle inzichten en zullen ons helpen om in 2024 specifieke stappen te zetten in de verdere uitwerking. 22. Zijn er in de meerjarenbegroting 2024-2027 bedragen opgenomen om een GA in VenloOost te realiseren? Antwoord: Voor de realisatie van een GA in Venlo-Oost zijn nog geen bedragen opgenomen. De benodigde investeringsruimte wordt pas volledig duidelijk bij de verdere uitwerking van elk individueel accommodatieplan. Wij kiezen ervoor hier niet op vooruit te lopen en eerst gedetailleerd nader onderzoek te doen in overleg met de lokale gemeenschap. Dit is volgens ons een realistische aanpak, omdat verschillende factoren van invloed kunnen zijn op de uiteindelijke investeringskosten. 23.

Waarom is er geen gedegen financiële paragraaf opgesteld? Antwoord: Er zijn middelen aangevraagd in de Programmabegroting 2024-2027 voor de uitvoering van een aantal acties die voortvloeien uit het beleidskader. In de raadsinformatiebrief lichten wij toe om welke activiteiten en bedragen het gaat. Wij hebben nog geen zicht op de investeringsbedragen omdat de plannen voor accommodatieontwikkelingen nog veel variabelen kennen en eerst verder moeten worden uitgewerkt. 24. Waarom stelt het college voor om jaarlijks bij de begrotingsbesprekingen te bezien of er extra geld wordt uitgetrokken voor investeringen t.b.v. GA’s en hoe verhoudt zich dit

tot de ravijnjaren vanaf 2026? Is de kans niet groot, dat er gekozen wordt om niet te investeren in GA’s net zoals in de vorige beleidsperiode?

Antwoord: Zie ons antwoord op vraag 23. U beslist als raad wat er opgenomen wordt in de programmabegroting. Natuurlijk zullen er voor de ‘ravijnjaren’ keuzes gemaakt moeten worden, maar dit doen we altijd samen met u. 25. Hoe staat het college tegenover het vormen van een investeringsfonds of het instellen van een -reserve om nog uit te werken renovatie en nieuwbouwplannen te kunnen voorbereiden en te kunnen uitvoeren? En tegenover een substantiële voeding in 2024 en 2025? Antwoord: Dit is nu niet opgenomen in de programmabegroting die nu voorligt. Vooralsnog gaan we ervan uit dat we jaarlijks de bedragen via de programmabegroting aan u voorleggen. Zie ook ons antwoord op vraag 13. 26. Hoe ontwikkelt de subsidiebehoefte van GA’s zich in de nieuwe beleidsperiode? Hoeveel extra budget is er nodig om de subsidieregels voor GA’s te kunnen uitvoeren? Antwoord: Wij hebben in de Programmabegroting 2024-2027 extra middelen gevraagd van € 350.000 per jaar in 2024 en 2025 voor subsidiëring van de GA's. Wij stellen vast dat steeds meer gemeenschapsaccommodaties (een hogere) subsidie nodig hebben om tot een sluitende exploitatie te komen als gevolg van een toenemende kostendruk. Hoe hoog de subsidiebehoefte precies gaat zijn kunnen we op dit moment nog niet aangeven. Dit wordt de komende periode duidelijk bij het toetsen van de subsidieaanvragen voor 2024.

Wij zullen daarna bezien in welk bedrag structureel opgevoerd moet gaan worden. 27. Wat is er financieel nodig om GA’s bij de tijd te brengen? Antwoord: Wij hebben in de Programmabegroting 2024-2027 extra middelen gevraagd van € 300.000 per jaar in 2024-2025-2026 voor het verbeteren van het gebruikscomfort van de gemeenschapsaccommodaties in eigendom van de gemeente. Het betreft gemeentelijke accommodaties die door het hanteren van onderhoudsniveau 3 een achterstand in gebruikscomfort hebben opgelopen. Deze accommodaties zijn afhankelijk van gemeentelijke investeringen, omdat ze zelf geen technische ingrepen in het gebouw mogen doen. Met de extra middelen willen we deze achterstanden inlopen.

28. Voorziet het college dat er meer jongerencentra nodig zijn en wat is financieel nodig voor de exploitatie. Komt er een subsidieregel voor jongerencentra? Antwoord: Dit is maatwerk per wijk. Indien er in een bepaalde wijk behoefte is aan een jongerencentrum gaan we in overleg met de wijk. Een recent voorbeeld is Jeugdhuis Venlo-Oost. Ook vrij recent is jongerencentrum Jacx in Blerick. Een nieuw bestuur, nauwere samenwerking met andere organisaties en meer reuring rondom Jacx hebben in ieder geval al veel positiefs opgeleverd voor zowel de individuele jongeren als ook de wijken rondom Jacx. Wij streven in de toekomst naar accommodaties die voor multifunctioneel gebruik zijn en waar een combinatie van een GA met een jongerencentrum kan worden gemaakt. Daarbij zal het jongerencentrum wel een bepaalde eigenheid moeten hebben om het aantrekkelijk te laten zijn voor de jongeren. Bij de voorgenomen actualisatie van de subsidieregels voor GA's hebben we ook aandacht voor de jongerencentra. We zetten samen met de Gemeenschapsaccommodaties (GA's) stappen om de mogelijkheden binnen deze accommodaties te verkennen voor het organiseren van activiteiten en evenementen gericht op jongeren. In sommige GA's gebeurt dit al, en we willen dit verder uitbreiden en ondersteunen waar nodig. 29.

Is er volgens het college sprake van voldoende GA’s in Blerick? Hoe ziet het college in dit verband de situatie in De Vossener per 01-01-2024 en in de Molenbossen/Annakamp? Antwoord: Een van de uitgangspunten van het beleidskader 2023-2033 is dat we streven naar een dekkend netwerk van gemeenschapsaccommodaties waarin elke inwoner binnen redelijke afstand toegang tot een geschikte voorziening heeft. We maken gebruik van stadspeilingen, wijkanalyses en wijk- en dorpsraden om te bepalen welke specifieke behoeften er in een wijk zijn en welke maatregelen er nodig zijn om aan de behoeften te voldoen. Als voorbeeld: In De Vossener doet zich de situatie voor dat het Vossener Ontmoetingscentrum (VOC) besloten heeft om per 1 januari 2024 te stoppen met haar wijkactiviteiten die plaatsvonden in "Op Expeditie." Dit besluit heeft tot gevolg dat er na deze datum geen overkoepelende stichting meer actief zal zijn op deze locatie voor het organiseren van wijkactiviteiten. De stadsdeelmanager is momenteel in gesprek met verschillende partijen in de wijk om te verkennen wat er nodig is om de activiteiten in en voor de wijk voort te kunnen zetten. Dit verkenningsproces is nog gaande, en zodra er meer duidelijkheid is over de behoeften en mogelijkheden, zal dit worden opgenomen in het definitieve uitvoeringsprogramma. Voor de Annakamp hanteren we eenzelfde aanpak.

Voor de Molenbossen geldt dat iedere flat een “eigen” koffiekamer heeft i.s.m. Antares. Er zijn geen signalen uit de wijk dat hier op korte termijn behoefte is aan verandering.

30. Kan het college schetsen aan de hand van een voorbeeld (wijk of dorp) hoe aan de hand van de wijkanalyse en wijkmonitor de behoefte van bewoners m.b.t. het gebruik van een GA concreet kan worden bepaald?

Antwoord: Dit kunnen we op dit moment nog niet, maar zullen dit als actie meenemen in het uitvoeringsprogramma. 31. Wat is de stand van zaken m.b.t. de verduurzaming van GA’s, wat gebeurt er in 2024 en is voldoende budget beschikbaar om GA’s te verduurzamen? Antwoord: De gemeenteraad zal in november een besluit nemen over de Nota Grondbedrijf en Vastgoed. Hierin is ook aangegeven welk maatschappelijk vastgoed in 2024 verder zal worden verduurzaamd:

In het komende jaar wordt gestart met enkele andere GA's als onderdeel van het verduurzamingsplan. In de komende weken zal een gedetailleerde planning voor 2024 worden opgesteld. De intentie is om de gemeenteraad voor het einde van dit jaar nader te informeren via een raadsinformatiebrief over de voortgang en de plannen voor verduurzaming in 2024. Op dit moment is er voldoende budget beschikbaar om de verduurzamingsinspanningen in 2024 voort te zetten. 32. Wat is de rol van SMAV en de Vereniging Kleine Kernen Limburg m.b.t. het beleidskader en het uitvoeringsplan? Speelt PVOV en/of Incluzio ook een rol bij het onderzoek naar de haalbaarheid van een Shared Service Center? Antwoord: De rol en betrokkenheid van het SMAV bij de totstandkoming van het beleidskader staat uitgebreid omschreven in het kader. De vereniging Kleine Kernen is hier niet bij betrokken. Wat betreft het onderzoek naar het Shared Service Center (SSC), moeten de rollen nog worden bepaald. Dit onderzoek moet nog beginnen, en er wordt geen exclusiviteit toegekend aan een enkele partij om het proces open en onbevooroordeeld te houden, aangezien de behoefte leidend is. PVOV en Incluzio spelen op dit moment geen rol in het onderzoek naar het Shared Service Center.

33. Wordt het aangevulde raadsvoorstel eerst behandeld in de oordeelvormende commissievergadering van 15 november? Antwoord: Het raadsvoorstel wordt behandeld in de oordeelsvormende vergadering op 15 november. 34. Zijn de GA’s ook betrokken bij het opstellen van een meerjarenuitvoeringsplan? Antwoord: Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma hebben wij gebruik gemaakt van de informatie die wij hebben opgehaald bij de GA's via SMAV en via de accountgesprekken met de individuele GA's. Het uitvoeringsprogramma zal in overleg met de GA's en SMAV, periodiek worden geactualiseerd aan de hand van de ontwikkelingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/241/documents/6181