CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

107 Antwoord op zienswijzen begroting 2026 en versterkingsplan GGD (geanonimiseerd).pdf

Raadsvergadering 17 september 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 2.3: Vaststelling lijst ingekomen stukken nr. 66.838 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht zienswijzen gemeenteraden Gemeente Beesel

Zienswijze * Begroting 2026 Er zijn een aantal ontwikkelingen die de grootste financiële invloed hebben op de begroting. De financiële middelen vanuit het Rijk naar de gemeenten zijn de komende jaren onzeker. Dit dwingt ons ertoe dat we nog kritischer zullen moeten zijn in welke ambities we investeren , hoe we ons beleid uitvoeren en hoe we onze reserves inzetten. We vragen dezelfde houding van de Veiligheidsregio. Wij willen u daarom oproepen om bij de opstelling van de Kadernota 2027 en de daaropvolgende begroting 2027 als uitgangspunt te hanteren dat de meerjarenbegroting beleidsarm dient te zijn. Dit houdt in dat eventuele extra kosten voor nieuw beleid binnen de eigen exploitatie van de Veiligheidsregio Limburg Noord opgevangen moeten worden. Het is van belang dat de uitvoering van wettelijke taken gewaarborgd blijft en financiële prioriteit krijgt boven nieuwe ambities. Alleen hogere kosten als gevolg van indexering of contractuele prijsverhogingen van derden komen in aanmerking voor compensatie via de gemeentelijke bijdrage. Monitoring Naast de uitvoering van het Versterkingsplan GGD is er een groot aantal onzekerheden in de conceptbegroting 2026 opgenomen. Deze onzekerheden kunnen tot extra financiële risico's leiden voor zowel de Veiligheidsregio als de deelnemende gemeenten.

Als gemeenteraad willen wij daarom proactief en periodiek , aan de hand van kwartaalrapportages , over de voortgang , financiële prognoses en voorgenomen maatregelen worden geïnformeerd.

Antwoord De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn. In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de tweede over de eerste 8 maanden van het jaar.

Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

Bergen

Geen zienswijze

Echt-Susteren

De raad doet een oproep aan de VRLN dat de (meerjaren)begroting beleidsarm dient te zijn of dat extra kosten van zowel bestaand als nieuw beleid moeten worden opgevangen binnen de exploitatie van de VRLN.

De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn.

Gennep

De gemeente Gennep sluit zich aan bij de zienswijze van de gemeenteraad van Roermond d. d. 3 juli 2025 inzake het versterkingsplan GGD. Aan deze zienswijze worden de volgende aanvullende accenten toegevoegd: 1 Resultaatgerichte uitvoering: Verzoekt het Dagelijks Bestuur van de VRLN om het versterkingsplan GGD te voorzien van SMART-geformuleerde doelen , concrete mijlpalen en prestatieindicatoren , zodat benchmarking en gerichte monitoring mogelijk worden. Minimaal halfjaarlijkse rapportages hierover worden beschikbaar gesteld aan de gemeenteraden.

Zie Roermond.

2 Voorwaardelijke financiering: Structurele aanvullende financiering wordt alleen toegekend indien sprake is van aantoonbare voortgang binnen het versterkingsplan.

Pagina 1

Om de implementatie van de versterking GGD te kunnen volgen zijn KPI's opgesteld. Dit betreft zowel strategische als operationele KPI's. De status van deze KPI's wordt periodiek gemonitord en in de reguliere P&C documenten van de VRLN wordt hierover gerapporteerd. In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

Conform de planning- en controlcyclus van de VRLN wordt de begroting inclusief financiering jaarlijks aan de gemeenteraden aangeboden. In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

Eventuele vrijval van middelen (bijvoorbeeld door onvervulde vacatures) dient te worden gerestitueerd aan de deelnemende gemeenten.

3 Toezicht en governance: Verzoekt om versterking van de interne toezichthoudende functie binnen de GGD , bij voorkeur met financiële expertise.

Overweegt een onafhankelijke doorlichting van de GGD-organisatie ten behoeve van transparantie en vergelijkbaarheid met andere regio's. (benchmarking)

Indien bij de jaarverantwoording sprake is van een positief rekeningresultaat kunnen voorstellen gedaan worden door het Dagelijks Bestuur voor de bestemming van dit positieve resultaat. Hierbij is het mogelijk om , indien daar aanleiding voor is , geld te reserveren voor een bepaald doel. De algemene lijn is dat overschotten terugbetaald worden aan de deelnemende gemeenten. De suggestie om een mogelijke onderbesteding binnen het versterkingsplan GGD terug te betalen aan de deelnemende gemeenten zal meegenomen worden bij het traject van de jaarverantwoording en de reacties daarop van de gemeenteraden. De interne toezichthoudende rol is binnen de VRLN ingericht binnen het team Financiën & Control. De checks & balances zijn ingericht conform de daartoe geldende richtlijnen. De toezichthoudende rol wordt o. a. ook geborgd en verder versterkt aan de hand van de Financiële verordening , Controle- en Rechtmatigheidsprotocol en de aanbevelingen ten aanzien van aanvullende beheersingsmaatregelen vanuit de accountant en de Provincie Limburg als externe toezichthouder. Om inzicht te krijgen in organisatieprocessen binnen de VRLN/GGD-LN en deze te optimaliseren zijn in de afgelopen jaren verschillende analyses en interventies verricht binnen de organisatie , onder andere door extern deskundigen (bijvoorbeeld Lysias Advies).

Iedere twee jaar wordt door GGD GHOR Nederland een landelijke benchmark analyse uitgevoerd van de 25 GGD'en. In deze benchmark worden GGD-en met elkaar vergeleken op verschillende inhoudelijke en organisatorische thema's. De resultaten van deze benchmark zijn ook afgezet tegen en als referentiekader gehanteerd voor de uitkomsten van het Versterkingsplan.

Horst aan de Maas Geen zienswijze -

Leudal

Actualisatie nota risicobeheersing en weerstandsvermogen: Het voorstel is om een zienswijze in te dienen met betrekking tot de nota risicobeheersing en weerstandsvermogen om deze cijfers te actualiseren en te delen , zodat de gemeente beter kan beoordelen in hoeverre lokale risico's betrekking hebben op de VRLN. Daarbij rekening houdend met de hoogte van het weerstandsvermogen.

Door het Algemeen Bestuur is op 4 juli 2025 de Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen vastgesteld. Om het weerstandsvermogen te beoordelen wordt de beschikbare weerstandscapaciteit afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit. In de Nota is bepaald dat het weerstandsvermogen een ratio dient te omvatten van 1 , waarbij een marge van 02, (zowel positief als negatief) wordt aangehouden. De volgende stap na het vaststellen van de Nota , is het actualiseren van de risicoparagraaf. Zowel in de jaarverantwoording als in de begroting wordt telkens een geactualiseerd overzicht van de risico’s opgenomen. Mocht hierin tussentijds een wijziging optreden , dan wordt dit meegenomen in de tussentijdse rapportages.

Beleidsarme meerjarenbegroting en financiële prioritering van wettelijke taken: Het voorstel is om een zienswijze in te dienen dat de Veiligheidsregio haar begroting De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vanaf 2027 beleidsarm opstelt. Eventuele extra kosten voor nieuw beleid dienen in dat vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud geval binnen de bestaande exploitatie te worden opgevangen , tenzij sprake is van mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de wettelijke verplichtingen. Bovendien dient de uitvoering van wettelijke taken prioriteit te veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er krijgen boven nieuwe ambities. kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het Aleen hogere kosten als gevolg van indexering of contractuele prijsverhogingen van derden komen dan in aanmerking voor aanvullende gemeentelijke bijdragen. gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan Wij achten het van beland dat de begroting vanaf 2027 beleidsarm wordt opgesteld. de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk.

Eventuele extra kosten voor nieuw beleid dienen binnen de bestaande exploitatie te worden opgevangen , tenzij sprake is van wettelijke verplichtingen. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn. Ontvangen van kwartaalrapportages: Het voorstel is om een zienswijze in te dienen om periodiek rapportages te ontvangen In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages van de Veiligheidsregio waarin wordt gerapporteerd over de voortgang , financiële opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de prognoses en eventuele noodzakelijke besturing , bij voorkeur per kwartaal. tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur.

Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR). Restitutie bij vrijval middelen versterkingsplan GGD: Het voorstel is om een zienswijze in te dienen waarbij de eventuele onderbesteding binnen het versterkingsplan (zoals niet-ingevulde vacatures) aan gemeenten wordt gerestitueerd vanwege het aanzienlijke bedrag wat wordt gevraagd aan de deelnemende gemeenten.

Pagina 2

Indien bij de jaarverantwoording sprake is van een positief rekeningresultaat kunnen voorstellen gedaan worden door het Dagelijks Bestuur voor de bestemming van dit positieve resultaat. Hierbij is het mogelijk om , indien daar aanleiding voor is , geld te reserveren voor een bepaald doel. De algemene lijn is dat overschotten terugbetaald worden aan de deelnemende gemeenten. De suggestie om een mogelijke onderbesteding binnen het versterkingsplan GGD terug te betalen aan de deelnemende gemeenten zal meegenomen worden bij het traject van de jaarverantwoording en de reacties daarop van de gemeenteraden.

Verbetering besluitvormingsproces en gemeentelijke betrokkenheid: Het besluitvormingsproces met betrekking tot de toekomstbestendige GGD is niet optimaal verlopen , mede door beperkte betrokkenheid in de beginfase. Het voorstel is om zienswijze in te dienen waarbij de Veiligheidsregio en de GGD relevante trajecten projectmatig aanpakt en gemeenten , met name op ambtelijk niveau , tijdig betrekt bij het voortraject. Daarbij worden gemeenten gedurende het proces actief geïnformeerd over de voortgang.

Maasgouw

De aanloop naar Toekomstbestendige GGD is een proces van enkele jaren geweest. Toen duidelijk werd dat de GGD-LN het zelf , met interne maatregelen , niet meer kon oplossen is – vanwege de impact van de boodschap - ervoor gekozen het signaal eerst bestuurlijk af te geven. De BC GGD , het DB VRLN en ook het AB VRLN zijn via de bestaande overlegstructuur geïnformeerd en betrokken. Daaropvolgend is direct een raadsinformatiebrief ten behoeve van de gemeenteraden opgesteld en zijn in het verdere verloop van het proces diverse raadsinformatiebrieven en - bijeenkomsten over dit thema door de VRLN georganiseerd. De contactambtenaren zijn na de betreffende BC GGD door de GGD via de RAO’s (Regionaal Ambtelijk Overleg) geïnformeerd en betrokken. Voor het opstellen van het versterkingsplan is bestuurlijk een klankbordgroep ingesteld (afvaardiging uit BC GGD) die het traject heeft begeleid. Daarnaast is een werkgroep met contactambtenaren gezondheid georganiseerd en zijn – naast het reguliere Regionaal Ambtelijk Overleg – periodiek bijpraatmomenten geweest om alle contactambtenaren te informeren en te betrekken. Het traject heeft gezorgd voor een intensivering van de relatie met het bestuur en de gemeentelijke ambtenaren. Met de lessons learned uit het traject zijn we aan de slag.

Zo zijn de contactambtenaren en de GGD op dit moment bezig om het regionaal overleg opnieuw vorm te geven , zodat dit overleg (nog) beter aansluit bij de verwachtingen beiderzijds , waarbij gewerkt wordt met een gezamenlijke jaarkalender en een digitaal platform. Ook gaan we – op belangrijke ontwikkelingen en projecten – werken met werkgroepen. Een voorbeeld hiervan is het actualiseren van het productenboek. Naast de periodieke regionale overleggen met de contactambtenaren publieke gezondheid , vindt ook periodiek afstemming plaats met de controllers en financieel specialisten (ook over het Versterkingsplan) en de ambtenaren openbare orde en veiligheid van de deelnemende gemeenten.

Voor de begroting 2027 e. v. geldt als uitgangspunt dat de meerjarenbegroting beleidsarm dient te zijn dan wel dat extra (ruimtevragende) kosten van nieuw beleid worden opgevangen binnen de eigen exploitatie van de GR. Alleen hogere kosten bij de GR als gevolg van indexering c. q. contractuele prijsverhogingen van derden en het kunnen voldoen aan wettelijke taken komen voor compensatie via de gemeentelijke bijdrage in aanmerking.

De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn.

Geen zienswijze voor het Versterkingsplan.

-

Mook en Middelaar Gemeenten staan financieel onder druk. Dat betekent dat gemeenten genoodzaakt zijn om keuzes te maken ten aanzien van de eigen begroting. Wij verwachten van andere samenwerkingspartners en gemeenschappelijke regelingen dat zij diezelfde keuzes maken in hun begroting. Wij verzoeken de VRLN om als uitgangspunt te hanteren dat extra kosten van zowel bestaand als nieuw beleid worden opgevangen binnen de exploitatie van de VRLN.

De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn.

Geen zienswijze op het Versterkingsplan GGD.

-

Nederweert

Geen zienswijze

-

Peel en Maas

Geen zienswijze begroting 2026 en versterkingsplan

-

Roerdalen

Wij doen de inhoudelijke oproep dat de meerjarenbegroting beleidsarm dient te zijn en dat extra kosten van zowel bestaand als nieuw beleid moeten worden opgevangen binnen de exploitatie van de VRLN. Alleen hogere kosten als gevolg van indexering en contractuele prijsverhogingen van derden komen voor compensatie via de gemeentelijke bijdrage in aanmerking.

Roermond

Ontwerpbegroting 2026 We zijn ons bewust dat de bedragen opgenomen in de ontwerpbegroting 2026 ook het De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te gevolg zijn van autonome ontwikkelingen zoals de stijging van loonkosten. Echter vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mede gezien de stijging van de gemeentelijke bijdragen blijven wij de verbonden mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de partijen oproepen om als uitgangspunt te hanteren dat de meerjarenbegroting van de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er betreffende verbonden partij beleidsarm dient te zijn. Extra middelen voor nieuw beleid kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de dienen in beginsel te worden opgevangen binnen de eigen begroting van de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het verbonden partij. gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken.

In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn.

Pagina 3

De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn.

We constateren dat er -naast de uitvoering van het versterkingsplan GGD- meerdere onzekerheden in de ontwerpbegroting 2026 zijn opgenomen. De genoemde onzekerheden in uw ontwerpbegroting kunnen leiden tot extra financiële risico’s voor zowel de gemeenten als de veiligheidsregio’s. Daarom willen wij proactief en periodiek , aan de hand van kwartaalrapportages , over de voortgang en financiële prognoses en voorgenomen maatregelen worden geïnformeerd.

In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

In uw ontwerpbegroting vraagt u aandacht voor het thema weerbare samenleving. Dit thema wordt in 2025 opgestart. Tegelijk schrijft u dat dit in de toekomst structureel meer aandacht zal vragen. Momenteel is er geen enkele financiële specificatie opgenomen over genoemd thema. Gelet op de ontwikkelingen in de wereld verwachten ook wij dat dit de komende jaren een belangrijk thema gaat zijn. Daarom roepen wij u ook op om zo snel mogelijk te komen met een plan van aanpak , gepaard met eventuele financiële consequenties voor deelnemende gemeenten. Hierin willen wij uiteraard meegenomen worden.

Inmiddels is er door de VRLN een plan van aanpak opgesteld en is dit gedeeld met de bestuurscommissie Veiligheid waarin alle burgemeesters van de deelnemende gemeenten zitting hebben. Met dit plan van aanpak wordt een eerste stap gezet om van losse initiatieven te komen tot een samenhangend programma. Het vergroot de zichtbaarheid van het thema weerbaarheid , structureert de inzet van middelen , verbindt partijen en versterkt de relatie met inwoners. Cruciaal hierbij is dat het slagen van deze aanpak staat of valt met de bereidheid van gemeenten (en mogelijk nog andere partijen) om hun bijdrage te leveren. Het betreft een opgave voor de hele samenleving en omdat de gemeenten met de haarvaten in de samenleven zitten , is het noodzakelijk dat ook zij meewerken aan de ontwikkeling van een meer weerbare samenleving. De personele en daarmee ook financiële consequenties worden nader uitgewerkt. Gemeenten en veiligheidsregio trekken hierin gezamenlijk op. Eventuele landelijke financiering is nog onduidelijk.

Daarnaast is het van belang dat de indexaties die u hanteert in de begroting in lijn zijn met de indexaties van onze gemeentelijke begroting 2026. Eventuele negatieve verschillen dienen in beginsel binnen de eigen begroting van de VRLN te worden opgevangen. Indien dit leidt tot een begrotingswijziging dit ter kennisgeving aan de Raden wordt gestuurd.

Conform besluit van het Algemeen Bestuur hanteert de VRLN een indexatie voor de loon- en prijsstijgingen. De loonontwikkelingscompensatie wordt berekend op basis van de Macro Economische Verkenning (MEV) van het Centraal Planbureau. Voor de ontwikkeling van de materiële kosten wordt uitgegaan van de Index Materiële Overheidsconsumptie (IMOC) uit de MEV. Dit zijn uitgangspunten die worden gehanteerd in de begroting VRLN en dus regiobreed gelden. Er kan hierbij geen rekening gehouden worden met indexatiemethodes van individuele gemeenten.

Toekomstbestendige GGD Wij roepen u op kritisch te zijn ten aanzien van het uitvoeringsniveau van uw wettelijke Het uitgangspunt van de versterking van de GGD-LN , maar ook van de VRLN als taken , deze sober en doelmatig uit te voeren en daar waar beleidsvrijheid is , vooraf in geheel , is het sober en doelmatig uitvoeren van alle wettelijke taken. Dit is ook de gesprek te gaan met de gemeenten over het door de gemeenten gewenste insteek van de versterking. Het gaat over ‘need to have’. De uitvoering van deze taken uitvoeringsniveau en mogelijke kostenbesparingen. is veelal (landelijk) geprotocolleerd en daardoor sterk gestandaardiseerd aan de hand van richtlijnen. Dit betekent dat er vaak géén of maar zeer beperkt sprake is van beleidsruimte. Via de lokale uitvoeringsplannen die de GGD samen met de gemeenten opstelt , worden maatwerkafspraken gemaakt. Het versterkingsplan legt een groot aanvullend beslag op onze schaarse Indien bij de jaarverantwoording sprake is van een positief rekeningresultaat kunnen gemeentelijke middelen. Daarom roepen wij u op om eventuele vrijval van financiële voorstellen gedaan worden door het Dagelijks Bestuur voor de bestemming van dit middelen voortkomend uit het versterkingsplan te restitueren aan de gemeenten. Wat positieve resultaat.

Hierbij is het mogelijk om , indien daar aanleiding voor is , geld te bijvoorbeeld voor kan komen in het geval dat vacatures niet direct kunnen worden reserveren voor een bepaald doel. De algemene lijn is dat overschotten terugbetaald ingevuld. worden aan de deelnemende gemeenten. De suggestie om een mogelijke onderbesteding binnen het versterkingsplan GGD terug te betalen aan de deelnemende gemeenten zal meegenomen worden bij het traject van de jaarverantwoording en de reacties daarop van de gemeenteraden. Wij realiseren ons dat toekomstige ontwikkelingen van invloed kunnen zijn op de taken In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages en financiering van de GGD. Wij willen graag weten hoe de GGD borgt dat een opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de situatie zoals nu zich niet opnieuw voordoet , zowel bij de VRLN op bestuurlijk niveau e tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op als voor de tijdige communicatie naar de raden van de deelnemende gemeente. Wij afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en verzoeken dan ook inzicht te krijgen in hoe de versterking gemonitord wordt en welke kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. concrete beheersmaatregelen de VRLN hiertoe neemt.

We blijven graag geïnformeerd Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname over de voortgang van het versterkingsplan via de kwartaalrapportages tot het einde aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de van de uitvoeringsperiode van het versterkingsplan. veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd. In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

Wij gaan ervan uit dat u ons proactief informeert. Wij blijven uiteraard graag geïnformeerd over alle relevante landelijke en regionale ontwikkelingen en maatregelen die ingezet worden alsook over de planning en monitoring van deze maatregelen.

Pagina 4

De versterkingsopgave van de GGD wordt gemonitord aan de hand van een aantal indicatoren waarover de GGD rapporteert aan het bestuur binnen de reguliere P&Ccyclus. Voor de begroting en de jaarverantwoording geldt dat de gemeenteraden daarin conform de Gemeenschappelijke Regeling worden gevraagd een zienswijze c. q. een reactie te geven. Op inhoud wordt periodiek het gesprek gevoerd met de bestuurscommissie GGD waarin alle gemeenten via de portefeuillehouder gezondheid vertegenwoordigd zijn. De gemeenteraad beschikt daarnaast over een aantal aanvullende instrumenten om de vinger aan de pols te houden. Zo kan zij de bestuurlijk portefeuillehouder actief om informatie vragen. In de planning- en controlcyclus van de VRLN zijn 2 tussentijdse rapportages opgenomen. Het betreft een eerste rapportage over de eerste 4 maanden en de tweede over de eerste 8 maanden van het jaar. Deze rapportages gaan in op afwijkingen ten opzichte van de in de begroting opgenomen plannen , doelstellingen en kostenramingen. Er wordt ook ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en risico’s. Deze rapportages worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur en ter kennisname aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Deze rapportages worden niet door de veiligheidsregio rechtstreeks aan de gemeenteraden gestuurd.

In de tussentijdse rapportages wordt specifiek aandacht besteed aan de monitoring van het versterkingstraject GGD. Het onderdeel in de rapportages dat betrekking heeft op het versterkingsplan GGD wordt integraal als bestuurlijke mededeling , separaat verstuurd aan de leden van het Algemeen Bestuur om in het kader van hun actieve informatieplicht de gemeenteraad te kunnen informeren (artikel 27 en 28 GR).

Venlo

Voortzetting programma “Kansrijke start” , “Nu Niet Zwanger” en “VoorZorg” In het programma Publieke Gezondheid is onder ambitie 1 opgenomen dat de Het belang van de genoemde programma's wordt door de VRLN onderschreven en Dienstverleningsopdrachten (DVO’s) “Kansrijke Start” , “Nu Niet Zwanger” en voortzetting is gewenst. De betreffende programma's sluiten weliswaar aan op , maar “VoorZorg” zijn of worden verlengd voor 2025. Gemeenten hebben hun voorkeur zijn echter geen wettelijke taken van de GGD. Financiering vanuit de huidige uitgesproken om de DVO’s daarna structureel te maken en op te nemen in de gemeentelijke bijdrage brengt daarin geen verandering. Landelijk lopen wel initiatieven gemeentelijke bijdrage. Aangezien hier nog geen concrete afspraken over zijn (bijvoorbeeld Aanvullend Zorg- Welzijnsakkoord) om deze programma's structureel te gemaakt , zijn deze DVO’s in de begroting 2026 meegenomen als overige baten en borgen. In het najaar 2025 verwacht VRLN een besluit te nemen over de financiering zitten dus niet in de gemeentelijke bijdrage. (DVO's voortzetten of borgen in de gemeentelijk bijdrage) van deze programma's. Ambtelijk is door alle gemeenten aangegeven dat deze programma’s structureel dienen opgenomen te worden in de begroting en in de gemeentelijke bijdrage. Dit is in de huidige stukken niet het geval , waardoor de continuïteit in het geding komt.

De programma’s sluiten aan bij de wettelijke taken van de GGD. Als gemeente vinden we deze programma’s belangrijk gelet op de brede opgave binnen het sociaal domein en willen we deze structureel borgen bij de GGD. Welke concrete afspraken missen we om de programma’s op te nemen in de begroting en kan dit alsnog gedaan worden. Toekomstbestendige GGD Wij verzoeken om samen met de deelnemende gemeenten inzichtelijk te maken hoe De aanloop naar Toekomstbestendige GGD is een proces van enkele jaren geweest. de samenwerking en afstemming tussen de VRLN en de gemeenten verbeterd wordt , Toen duidelijk werd dat de GGD-LN het zelf , met interne maatregelen , niet meer kon om een herhaling van de problemen die in het verleden ontstaan zijn te voorkomen. oplossen is – vanwege de impact van de boodschap - ervoor gekozen het signaal eerst bestuurlijk af te geven. De BC GGD , het DB VRLN en ook het AB VRLN zijn via de bestaande overlegstructuur geïnformeerd en betrokken. Daaropvolgend is direct een raadsinformatiebrief ten behoeve van de gemeenteraden opgesteld en zijn in het verdere verloop van het proces diverse raadsinformatiebrieven en - bijeenkomsten over dit thema door de VRLN georganiseerd. De contactambtenaren zijn na de betreffende BC GGD door de GGD via de RAO’s (Regionaal Ambtelijk Overleg) geïnformeerd en betrokken.

Voor het opstellen van het versterkingsplan is bestuurlijk een klankbordgroep ingesteld (afvaardiging uit BC GGD) die het traject heeft begeleid. Daarnaast is een werkgroep met contactambtenaren gezondheid georganiseerd en zijn – naast het reguliere Regionaal Ambtelijk Overleg – periodiek bijpraatmomenten geweest om alle contactambtenaren te informeren en te betrekken. Het traject heeft gezorgd voor een intensivering van de relatie met het bestuur en de gemeentelijke ambtenaren. Met de lessons learned uit het traject zijn we aan de slag. Zo zijn de contactambtenaren en de GGD op dit moment bezig om het regionaal overleg opnieuw vorm te geven , zodat dit overleg (nog) beter aansluit bij de verwachtingen beiderzijds , waarbij gewerkt wordt met een gezamenlijke jaarkalender en een digitaal platform. Ook gaan we – op belangrijke ontwikkelingen en projecten – werken met werkgroepen. Een voorbeeld hiervan is het actualiseren van het productenboek. Naast de periodieke regionale overleggen met de contactambtenaren publieke gezondheid , vindt ook periodiek afstemming plaats met de controllers en financieel specialisten (ook over het Versterkingsplan) en de ambtenaren openbare orde en veiligheid van de deelnemende gemeenten.

Paragraaf “Weerstandsvermogen en risicobeheersing”: In de huidige richtlijn is opgenomen dat de algemene reserve maximaal 2% dient te bedragen van de benodigde weerstandscapaciteit. Wordt in het nieuw beleid opgenomen dat dit minimaal het bedrag dient te zijn van de benodigde weerstandscapaciteit?

Venray

Geen zienswijze

Pagina 5

Door het Algemeen Bestuur is op 4 juli 2025 de Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen vastgesteld. Om het weerstandsvermogen te beoordelen wordt de beschikbare weerstandscapaciteit afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit. In de Nota is bepaald dat het weerstandsvermogen een ratio dient te omvatten van 1 , waarbij een marge van 02, (zowel positief als negatief) wordt aangehouden. De volgende stap na het vaststellen van de Nota , is het actualiseren van de risicoparagraaf.

Weert

Projectmatige aanpak voor besluitvorming Het besluitvormingsproces met betrekking tot de toekomstbestendige GGD is niet optimaal verlopen , vooral door het gebrek aan tijdige betrokkenheid in de beginfase. Wij verzoeken de VRLN om relevante onderwerpen projectmatig aan te pakken , waarbij ambtenaren van de deelnemende gemeenten voorafgaand aan het besluitvormingsproces tijdig worden betrokken. Daarnaast is het van belang om de gemeenten te informeren over de voortgang.

Restitutie ongebruikte middelen versterkingsplan GGD Het versterkingsplan legt een groot aanvullend beslag op schaarse gemeentelijke middelen. Het is reëel om eventuele vrijval met betrekking tot het versterkingsplan GGD (bijvoorbeeld in geval van het niet direct invullen van vacatures) te restitueren aan de gemeenten. De VRLN wordt opgeroepen om hieraan gevolg te geven.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen is bij het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit letterlijk de tabel uit de jaarrekening 2024 opgenomen (de tabel in de begroting 2026 is ook genoemd “Weerstandsvermogen 2024”). Betekent dit dat er geen wijzigingen in deze tabel voor 2026 en verder worden voorzien? De VRLN wordt nogmaals verzocht om de nota risicobeheersing en weerstandsvermogen zo snel mogelijk in 2025 te actualiseren. Wij kunnen op basis van de huidige paragraaf onvoldoende beoordelen of het lokaal opnemen van risico’s met betrekking tot de VRLN wel of niet aan de orde is. Opvangen kosten binnen eigen exploitatie Er is een tendens te zien dat de gemeentelijke bijdrage aan de VRLN de afgelopen jaren flink is gestegen en ook de komende jaren fors toeneemt. Dit komt mede door het versterkingsplan voor een toekomstbestendige GGD. Van de VRLN wordt verwacht dat zij vanaf begrotingsjaar 2027 in principe extra (ruimtevragende) kosten van zowel bestaand beleid als nieuw beleid opvangt binnen de eigen exploitatie. Alleen hogere kosten als gevolg van indexering van lonen en prijzen komen dan voor compensatie via de gemeentelijke bijdrage in aanmerking.

Verkenning lobby We roepen onszelf als Algemeen Bestuursleden op om samen met de GGD een verkenning te doen of een lobby richting het ministerie passend is om meer financiële middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de gemeentelijke taken , waaronder de taken van de GGD en de Veiligheidsregio.

* de zienswijzen zijn 1 op 1 overgenomen vanuit de ontvangen zienswijzen

Pagina 6

De aanloop naar Toekomstbestendige GGD is een proces van enkele jaren geweest. Toen duidelijk werd dat de GGD-LN het zelf , met interne maatregelen , niet meer kon oplossen is – vanwege de impact van de boodschap - ervoor gekozen het signaal eerst bestuurlijk af te geven. De BC GGD , het DB VRLN en ook het AB VRLN zijn via de bestaande overlegstructuur geïnformeerd en betrokken. Daaropvolgend is direct een raadsinformatiebrief ten behoeve van de gemeenteraden opgesteld en zijn in het verdere verloop van het proces diverse raadsinformatiebrieven en - bijeenkomsten over dit thema door de VRLN georganiseerd. De contactambtenaren zijn na de betreffende BC GGD door de GGD via de RAO’s (Regionaal Ambtelijk Overleg) geïnformeerd en betrokken. Voor het opstellen van het versterkingsplan is bestuurlijk een klankbordgroep ingesteld (afvaardiging uit BC GGD) die het traject heeft begeleid. Daarnaast is een werkgroep met contactambtenaren gezondheid georganiseerd en zijn – naast het reguliere Regionaal Ambtelijk Overleg – periodiek bijpraatmomenten geweest om alle contactambtenaren te informeren en te betrekken. Het traject heeft gezorgd voor een intensivering van de relatie met het bestuur en de gemeentelijke ambtenaren. Met de lessons learned uit het traject zijn we aan de slag.

Zo zijn de contactambtenaren en de GGD op dit moment bezig om het regionaal overleg opnieuw vorm te geven , zodat dit overleg (nog) beter aansluit bij de verwachtingen beiderzijds , waarbij gewerkt wordt met een gezamenlijke jaarkalender en een digitaal platform. Ook gaan we – op belangrijke ontwikkelingen en projecten – werken met werkgroepen. Een voorbeeld hiervan is het actualiseren van het productenboek. Naast de periodieke regionale overleggen met de contactambtenaren publieke gezondheid , vindt ook periodiek afstemming plaats met de controllers en financieel specialisten (ook over het Versterkingsplan) en de ambtenaren openbare orde en veiligheid van de deelnemende gemeenten.

Indien bij de jaarverantwoording sprake is van een positief rekeningresultaat kunnen voorstellen gedaan worden door het Dagelijks Bestuur voor de bestemming van dit positieve resultaat. Hierbij is het mogelijk om , indien daar aanleiding voor is , geld te reserveren voor een bepaald doel. De algemene lijn is dat overschotten terugbetaald worden aan de deelnemende gemeenten. De suggestie om een mogelijke onderbesteding binnen het versterkingsplan GGD terug te betalen aan de deelnemende gemeenten zal meegenomen worden bij het traject van de jaarverantwoording en de reacties daarop van de gemeenteraden. Door het Algemeen Bestuur is op 4 juli 2025 de Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen vastgesteld. Jaarlijks wordt bij het opstellen van de jaarverantwoording en de begroting een geactualiseerd overzicht opgenomen van de risico's en de daarmee gepaard gaande benodigde weerstandscapaciteit. Omdat deze documenten nagenoeg gelijktijdig worden opgesteld , zijn de overzichten aan elkaar gelijk. De volgende stap na het vaststellen van de Nota , is het actualiseren van de risicoparagraaf. Zowel in de jaarverantwoording als in de begroting wordt telkens een geactualiseerd overzicht van de risico’s opgenomen. Mocht hierin tussentijds een wijziging optreden , dan wordt dit meegenomen in de tussentijdse rapportages.

De insteek van de VRLN is altijd om zoveel mogelijk binnen de eigen begroting op te vangen. Bij nieuwe ontwikkeling zullen we altijd de afweging maken of nieuw voor oud mogelijk is. We zien echter dat er steeds meer taken bij komen voor de veiligheidsregio's en dit niet leidt tot een afname van taken op andere taakvelden. Er kan ook sprake zijn van nieuwe taken voor de veiligheidsregio , waarvoor de gemeenten gecompenseerd worden door middel van een hogere bijdrage in het gemeentefonds. Dit kan leiden tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan de veiligheidsregio. Dit leidt per saldo niet tot een kostenverhoging voor de gemeenten in verband met de compensatie door het rijk. Vaak gaat het hierbij om wettelijke taken of landelijke opdrachten waarin we geen keuze hebben. Prioriteit ligt uiteraard bij de wettelijke taken. In het versterkingsplan GGD stond bijvoorbeeld ook het waarborgen van de uitvoering van wettelijke taken centraal. Indien in de toekomst we ons toch genoodzaakt zien om een extra beroep te doen op de gemeenten , zal dit altijd op grond van een goed onderbouwd voorstel zijn. Op dit moment vindt er op diverse niveau’s al een landelijke lobby plaats. Via NIPV en GGD GHOR Nederland , via bestuurlijke portefeuillehouders in de diverse Bestuurlijke Adviescommissies (BAC’s) , het Veiligheidsberaad en door de VNG.

Daarnaast is het altijd goed als individuele bestuurders via hun eigen contacten lobbyen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/945/documents/23389