CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

085 Technische vraag en beantwoording - Veur Groeët Venlo - Afvalstoffenverordening - antwoordbijl vraag 2.pdf

Commissie Omgeving 5 november 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 6.3: Afvalstoffenverordening gemeente Venlo 2026 (317722)1.762 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage bij vraag 2: Relevante wijzigingen Afvalstoffenverordening 2010 -> 2026 Afvalstoffenverordening 2010 (vóór wijziging) Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan: a. wet: Wet milieubeheer; b. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; c. ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of -voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; d. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een huisvuilzak, minicontainer, duocontainer, afvalemmer, kca-box of big bag, ten behoeve van één huishouden; e. inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of plaats, bijvoorbeeld een verzamelcontainer, wijkcontainer of brengdepot, ten behoeve van meerdere huishoudens; f. inzameldienst: de krachtens artikel 2, eerste lid, aangewezen inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; g.

andere inzamelaars: de krachtens artikel 2, tweede lid, aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; h. gebruiker van een perceel: degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt; i. straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde

Afvalstoffenverordening 2026 (na wijziging) Artikel 1. Definities In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - inzamelmiddel: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van een huishouden; - inzamelplaats: daartoe op grond van artikel 5 aangewezen plaats; - inzamelvoorziening: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats ten behoeve van meerdere huishoudens; - perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan; - centrumgebied Venlo zonder minicontainers: dat deel van Venlo dat wordt begrensd door (inbegrepen de daarbij genoemde straten): Havenkade, Maaskade, Puteanusstraat, NoordBuitensingel, Noord-Binnensingel, St. Martinusstraat, Grote Kerkstraat, Parade, Keulsepoort, Koninginneplein, Koninginnesingel, Prinsessesingel (bijlage 1).

klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; j. wegen: de wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet 1994 ; k. motorrijtuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c van de Wegenverkeerswet 1994; l. afvalwijzer: jaarlijks in opdracht van de gemeente onder alle burgers verspreid informatiedocument, waarin alle gegevens staan vermeld ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk afval; m. hoog- en stapelbouw: die woonsituaties waarbij er sprake is van bewoning boven en/of beneden de betreffende woning; n. laagbouw: die woonsituaties waarbij er geen sprake is van hoogbouw zoals omschreven onder m. van dit artikel, en het een grondgebonden pand betreft; o. binnenstad: dat deel van Venlo dat wordt begrensd door, inbegrepen de daarbij genoemde straten: Havenkade, Maaskade, Puteanusstraat, Noord-Buitensingel, NoordBinnensingel, St. Martinusstraat, Grote Kerkstraat, Parade, Keulsepoort, Koninginneplein, Koninginnesingel, Prinsessesingel. In de huidige afvalstoffenverordening staat geen artikel ‘Doelstelling’. Artikel 2. Aanwijzing inzameldienst en andere inzamelaars 1. Het college wijst de inzameldienst aan, die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. 2.

Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen. 3. Het college kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van de bescherming van het milieu. 4. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet

Artikel 2. Doelstelling De toepassing van deze verordening is gericht op de bescherming van het milieu, met inbegrip van een doelmatig beheer van afvalstoffen. Artikel 3. Aanwijzing van de inzameldienst 1. De gemeentelijke inzameldienst is als inzameldienst belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt.

tijdig beslissen) is niet van toepassing. Artikel 3. Afzonderlijke inzameling 1. Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: a. groente-, fruit- en tuinafval; b. klein chemisch afval; c. glas; d. oud papier en karton; e. kunststof verpakkingen; f. textiel; g. elektrische en elektronische apparatuur; h. bouw- en sloopafval; i. (verduurzaamd) hout; j. grof tuinafval; k. asbest en asbesthoudend afval; l. grof huishoudelijk afval; m. huishoudelijk restafval; n. (herbruikbare) huisraad p. kunststof verpakkingsafval q. luierafval 2. Het college kan een omschrijving vaststellen van de categorieën huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in het eerste lid. Artikel 4. Inzamelmiddelen en –voorzieningen 1. De inzameling kan plaatsvinden via: a. een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel; b. een inzamelvoorziening voor de gebruikers van een aantal percelen;

Artikel 7. Gescheiden afvalinzameling 1. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. 2. In ieder geval worden de volgende bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: - bioafval; - papier en karton; - metaal; - kunststof; - glas; - textiel; - gevaarlijke afvalstoffen; - afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA); - PMD; - fijn huishoudelijk restafval. 3. Burgemeester en wethouders kunnen meer bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen vaststellen die afzonderlijk worden ingezameld. 4. In afwijking van het tweede lid wordt bioafval bij hoogbouw en het centrumgebied Venlo zonder minicontainers pas na realisatie van inzamelvoorzieningen afzonderlijk ingezameld. Burgemeester en wethouders stellen hiervoor een planning vast. Bij locaties waar scheiding van bioafval technisch niet haalbaar is of uitsluitend tegen buitensporig hoge economische kosten kunnen burgemeester en wethouders ervoor kiezen om bioafval gezamenlijk met restafval in te zamelen. 5.

In afwijking van het tweede lid worden plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankpakken (PMD) gezamenlijk ingezameld in gebieden met laagbouw, met uitzondering van het centrumgebied Venlo zonder minicontainers. 6. In afwijking van het tweede lid worden plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankpakken (PMD) met het restafval ingezameld bij hoogbouw en het centrumgebied Venlo zonder minicontainers.

c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau. 2. Het college kan aanwijzen via welk al dan niet van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt. Artikel 5. Frequentie van inzamelen 1. Huishoudelijk restafval en plastic verpakkingsafval worden ten minste een maal per 2 weken bij elk perceel ingezameld. 2. In afwijking van het eerste lid wordt huishoudelijk restafval bij de hoog- en stapelbouw en in de binnenstad nabij elk perceel ingezameld. 3. Groente-, fruit- en tuinafval wordt ten minste een maal per 2 weken afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. 4. In afwijking van het derde lid wordt groente-, fruit- en tuinafval bij de hoog- en stapelbouw en in de binnenstad, integraal met het huishoudelijk restafval nabij elk perceel ingezameld. 5. Het college kan de frequentie van inzameling vaststellen van de overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk in aangewezen delen van de gemeente bij elk perceel worden ingezameld. Artikel 15a. Ongeadresseerd drukwerk In de huidige afvalstoffenverordening staat geen artikel ‘Ongeadresseerd drukwerk’.

1. In dit artikel wordt verstaan onder: - huis-aan-huisblad: ongeadresseerd blad dat met een vaste frequentie gratis huis aan huis wordt verspreid in een geografisch beperkt gebied, waarvan tenminste 10% van de inhoud bestaat uit informatie over en nieuws uit het eigen verspreidingsgebied, niet zijnde reclame; - ongeadresseerd reclamedrukwerk: reclamedrukwerk of proefmonsters van producten die gratis huis aan huis worden verspreid zonder vermelding van naam, adres of postbus en woonplaats van de ontvanger, niet zijnde: a. een huis-aan-huisblad of andere informatie over werkzaamheden of activiteiten in de buurt die voor de bewoners of gebruikers van een woning, bedrijf of woonschip in die buurt van belang zijn om te weten; b. drukwerk van vrijwilligers of niet-commerciële

organisaties. 2. Een huis-aan-huisblad mag worden bezorgd bij een perceel, tenzij de bewoner of gebruiker expliciet kenbaar heeft gemaakt geen prijs te stellen op het ontvangen ervan.

Artikel 19. Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht: a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; b. zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd;

3. Het is verboden ongeadresseerd reclamedrukwerk te bezorgen bij een perceel als de bewoner kenbaar heeft gemaakt geen prijs te stellen op het ontvangen ervan. Artikel 16. Zwerfafval rondom inrichtingen Degene die een inrichting drijft waar eet-, drinkof rookwaren worden verkocht en/of kunnen worden genuttigd of waar andere wegwerpproducten of -verpakkingen aan klanten worden verkocht of meegegeven, draagt zorg voor de aanwezigheid in en/of nabij de inrichting van voldoende steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbakken of soortgelijke inzamelmiddelen op logische locaties.

c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd. Artikel 19a. Kadavers van gezelschapsdieren In de huidige afvalstoffenverordening staat geen artikel ‘Kadavers van gezelschapsdieren’.

1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder gezelschapsdier verstaan: een dier dat de mens in of rond het huis houdt en verzorgt, niet zijnde een hobby- of landbouwhuisdier. 2. Burgemeester en wethouders wijzen een of meer verzamelplaatsen aan waar kadavers van gezelschapsdieren worden ingezameld. 3. Van ingezamelde kadavers wordt aangifte gedaan bij Rendac Son B.V. De kadavers worden bewaard en overgedragen aan Rendac Son B.V. in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens artikel 3.1 van de Wet dieren. 4. Uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de dag waarop het gezelschapsdier dood is aangetroffen, geeft de houder van het kadaver dit af bij de inzamelplaats bedoeld in het tweede lid.

5. Tot het tijdstip van afgifte bewaart de houder het kadaver zodanig dat er geen vermenging is met ander materiaal. 6. Het vierde lid is niet van toepassing op het kadaver dat wordt begraven op een terrein dat ter beschikking staat van de houder van het kadaver of dat uiterlijk de eerste werkdag na overlijden wordt afgegeven aan een ondernemer die is erkend op grond van artikel 24, eerste lid, onder b, c of d, van de Verordening 1069/2009/EG.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/867/documents/24089