080 Bijl10 BP toelichting_Bijlage 9 Cultuurhistorisch onderzoek.pdf
Tekst van het document
HWBP Noordelijke Maasvallei
Cultuurhistorisch bureauonderzoek dijkring 65 Arcen Res nova Monumenten 2022 www.resnovamonumenten.nl
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Inhoudsopgave 1
Inleiding ......................................................................................................................... 5 1.1 Opmaat ................................................................................................................. 5 1.2 Opbouw van het rapport .................................................................................... 7 1.3 Bronnen en opname ............................................................................................ 8 1.4 Productie en regie ................................................................................................ 8
2
Ontwikkelingsgeschiedenis ......................................................................................... 9 2.1 Landschappelijke situatie .................................................................................... 9 2.2 Romeins en vroege middeleeuwen ................................................................. 13 2.3 De heerlijkheid Arcen ......................................................................................... 18 2.3.1 Voogdij van Straelen ................................................................................ 18 2.3.2 Het Alde Huys: een vrije heerlijkheid ...................................................... 19 2.3.3 Nabij Alde Huys: watermolen en Tiegelerhof ........................................ 21 2.3.4 De oude vesting ....................................................................................... 25 2.3.5 Tolvesting en Maashandel ...................................................................... 36 2.3.6 Dorpskern ................................................................................................... 46 2.3.7 Barbara’s Weerd....................................................................................... 50 2.3.8 Het kasteel van Arcen: Huys den Kamp en Nije Huys .......................... 52 2.3.9 Het huidige kasteelcomplex ...................................................................
58 2.3.10 Watermolens ............................................................................................. 70 2.3.11 Landbouw ................................................................................................. 79 2.3.12 Einde van de heerlijkheid ........................................................................ 83 2.4 Arcen op oude kaarten ..................................................................................... 85 2.4.1 Tranchotkaart ............................................................................................ 85
2
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
2.4.2 Kadastrale minuutkaart 1811-1832 ......................................................... 90 2.4.3 Topografische kaart 1837-1844 ............................................................. 100 2.4.4 Topografische kaart 1897 ...................................................................... 102 2.4.5 Topografische kaart 1937 ...................................................................... 106 2.4.6 Topografische kaart 1958 ...................................................................... 112 2.4.7 Topografische kaart 1968 ...................................................................... 116 2.4.8 Topografische kaart 1999 ...................................................................... 118 3
Historische elementen in het projectgebied ........................................................ 123 3.1 Methode ............................................................................................................ 123 3.2 Plangebied ........................................................................................................ 125 3.3 Beschrijving en waardering op detailniveau ................................................ 129 3.3.1 Noord: historische ontwikkeling ............................................................ 130 3.3.2 Noord: waardering ................................................................................. 133 3.3.3 Kruisweg: historische ontwikkeling ........................................................ 135 3.3.4 Kruisweg: waardering ............................................................................ 142 3.3.5 Midden: historische ontwikkeling .......................................................... 145 3.3.6 Midden: waardering .............................................................................. 149 3.3.7 Nederzetting: historische ontwikkeling ................................................. 152 3.3.8 Nederzetting: waardering ..................................................................... 155 3.3.9 Kasteeldomein: historische ontwikkeling .............................................
158 3.3.10 Kasteeldomein: waardering.................................................................. 165
4
Synthese cultuurhistorie en archeologie ............................................................... 170
5
Aanbevelingen en aandachtspunten .................................................................. 174
6
Bronnen ...................................................................................................................... 178
3
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
7
Bijlage: waardenkaart ............................................................................................. 182
Arcen, gezien vanaf de westoever van de Maas, anno 1920.
4
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
1
Inleiding
bureauonderzoek is noodzakelijk om te bepalen of in het onderzoeksgebied archeologische waarden aanwezig kunnen
1.1 Opmaat
zijn, en wanneer mogelijk een uitspraak te doen over de aanwezigheid en de diepteligging van eventuele archeologisch
Opdrachtomschrijving
relevante lagen. Door middel van een synthese van de
In het kader van het Hoog Water Beschermingsprogramma
onderzochte gegevens wordt een gespecificeerde
Maasdal (HWBP) Noordelijke Maasvallei worden verschillende
archeologische verwachting opgesteld en een advies opgesteld
dijkringen langs de Maas in Noord Limburg, aangelegd, verstevigd
over een eventueel vervolgonderzoek.
en vervangen. Aanvullend op dit archeologisch onderzoek voert Res nova In 2017 is, in het kader van de beoogde ontwikkelingen, een
Monumenten in samenwerking met Bodac B.V. een aanvullend
archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het gehele
cultuurhistorisch bureauonderzoek uit te voeren naar de
HWBP Noordelijke Maasvallei.1 Ten tijde van het opstellen van dit
projectlocatie ‘dijkring 65’.
rapport was er nog geen concept-ontwerp beschikbaar voor de uit te voeren werken. Nu op grote lijnen bekend is waar
In een in juni 2021 opgestelde archeologisch advies/memo, wordt
werkzaamheden gaan plaatsvinden, is bepaald welke strategie
het stappenplan voor de te hanteren onderzoeksstrategie
wordt gehandhaafd voor het vervolg van het traject. Onderdeel
uitgewerkt. Met betrekking tot het onderdeel cultuurhistorie staat
daarvan is om het archeologisch onderzoek uit 2017 uit te breiden.
vermeld dat het volgende noodzakelijk is: (een) ‘Cultuurhistorische analyse van het Arcense landschap met detail-inventarisatie van
In het kader hiervan heeft Bodac B.V., in opdracht van het
cultuurhistorische objecten en patronen met een waardering van
Waterschap Limburg een aanvullend archeologisch
degene die door het (beoogde) tracé geïmpacteerd dreigen te
bureauonderzoek uitgevoerd voor de projectlocatie Arcen. 2 Het
worden’.
▄▄▄▄▄▄▄ 1
Oosterhout, F. van (Arcadis), Bureaustudie Archeologie en Cultuurhistorie inclusief advies, studie naar 12 dijkringen Hoogwaterbeschermingsprogramma Noordelijke Maasvallei, ’s-Hertogenbosch 2017 (pp. 66-80 hebben betrekking op Arcen).
2
5
Sommers, N., et al, Bureauonderzoek Archeologie – A1023 HWBP te Arcen, gemeente Venlo, Schijndel 19 oktober 2021.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Het studiegebied voor de cultuurhistorische (landschaps)analyse betreft het in de adviesnotitie in figuur 2 omkaderde terrein (zie afbeelding 1, zwarte li). Het betreft het gebied dat ruwweg wordt begrensd door de Maas ten westen, de N271 ten oosten, de Looiweg ten zuiden (nabij het veer naar Lottum) en de uiterwaarden (ter hoogte van de Rootsenweg) ten noorden. Doel is om het onderzoek van ‘groot’ naar ‘klein’ uit te voeren, waarbij in eerste instantie wordt gekeken naar de algehele landschappelijke en cultuurhistorische karakteristieken. Daarna wordt ingezoomd op het plangebied (zie afbeelding 2, rode belijning), waarbij de inventarisatie in het bureauonderzoek uit 2017 wordt geactualiseerd (getoetst) en waar nodig wordt aangevuld naar aanleiding van het nu vastgestelde impactgebied. Binnen (en in de directe periferie van) dit impactgebied wordt cultuurhistorische objecten en structuren gewaardeerd.
Afb. 1 Cultuurhistorische waardenkaart, opgenomen in het verkennende bureauonderzoek uit 2017: Oosterhout 2017, pp.78-79 (gebaseerd op de Cultuurhistorische waardenkaart Provincie Limburg: portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default 6
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
1.2 Opbouw van het rapport In het rapport worden de volgende onderdelen behandeld: • •
Ontwikkelingsgeschiedenis in hoofdlijnen (hoofdstuk 2) Historische elementen en structuren in het plangebied (hoofdstuk 3)
•
Waardenstelling (hoofdstuk 4)
•
Synergie archeologie en cultuurhistorie (hoofdstuk 5)
•
Aandachtspunten (hoofdstuk 6)
•
Bronnenlijst (hoofdstuk 7).
•
Bijlage: waardenkaarten
Ontwikkelingsgeschiedenis Arcen — In hoofdstuk 2 wordt aan de hand van de voor handen zijnde literatuur, de ontwikkelingsgeschiedenis van Arcen beschreven. Hierbij komen de belangrijkste thema’s aan bod, gevolgd door een overzicht van enkele historisch relevante kaarten. Het hoofdstuk heeft betrekking op het onderzoeksgebied als geheel (afb. 1, zwarte contour), dus ook de gebieden buiten het plangebied. Historische elementen en structuren in het plangebied — In hoofdstuk 3 wordt ingezoomd op het plangebied. Het plangebied is hierbij opgedeeld in een vijftal deelgebieden. Per deelgebied wordt eerst in detail gekeken naar de ontwikkeling aan de hand van enkele historische kaarten. Hierop volgend worden de historische elementen binnen het plangebied geduid en
Afb. 2 Topografische ligging van het plangebied.
gewaardeerd. Voor het opstellen van een cultuurhistorische 7
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
waardenstelling ontbreekt een breed geaccepteerde,
Bronnenlijst — Het rapport eindigt met een overzicht van de
geïntegreerde erfgoed-brede waarderingssystematiek.3 Om toch
gebruikte literatuur, archiefstukken, beeldmateriaal en websites.
enige handvaten te bieden voor een (universele) waarderingssystematiek, wordt vaak teruggegrepen op specifieke
Bijlage — In de bijlage worden de waardenkaarten die per
richtlijnen, zo ook in deze waardenstelling. De waardenstelling is
deelgebied in hoofdstuk 3 zijn opgenomen, achter elkaar
uitgevoerd conform de Richtlijnen tuinhistorisch onderzoek 2012
geplaatst.
waarbij onder meer wordt ingegaan op de onderlinge samenhang, de relatie met de omgeving, herkenbaarheid en functionaliteit van deelgebieden en elementen.
1.3 Bronnen en opname
Synergie — De resultaten uit het archeologisch en cultuurhistorisch
Hoewel het een bureauonderzoek betreft, heeft er in november
onderzoek worden in dit hoofdstuk met elkaar verbonden, zodat
2021 een globale opname plaatsgevonden. Deze opname is
boven- en ondergronds erfgoed vanuit een integrale visie in de
uitgevoerd in het kader van de bouwhistorische onderzoeken die
verdere planvorming kunnen worden meegenomen.
in 2021-2022 door Res nova Monumenten worden uitgevoerd naar de gebouwen van kasteel Arcen, inclusief de Wymarsche
Aandachtspunten — Op basis van de bevindingen uit het
watermolen. De informatie die uit deze onderzoeken naar boven
onderzoek wordt er een reeks aandachtspunten en
is gekomen, is meegenomen in onderhavig cultuurhistorisch
aanbevelingen geformuleerd. Deze punten hebben betrekking op
onderzoek.
cultuurhistorische waarden en karakteristieken die door de beoogde werkzaamheden (mogelijk) worden beïnvloed. Uit deze aandachtspunten komt naar voren waar aanvullend onderzoek
1.4 Productie en regie
wenselijk/noodzakelijk is en waar de ontwerpopgave nog enige aandacht behoeft.
Dit rapport is van de hand van drs Don Rackham.
▄▄▄▄▄▄▄ 3
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Cultuurhistorisch onderzoek in de vormgeving van de ruimtelijke ordening, Amersfoort 2013, p.17-18. 8
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
2
Ontwikkelingsgeschiedenis
2.1 Landschappelijke situatie4
Over de ontwikkelingsgeschiedenis van Arcen is in het verleden al
Arcen ligt in de Venloslenk. Deze slenk wordt ten zuidwesten
meerdere malen geschreven. Een laatste, alomvattende
begrensd door het Peelblok, ook wel Peelhorst genoemd, en in het
omschrijving betreft het in 2009 door RAAP opgesteld rapport: Dijk,
noordoosten door het Krefeldblok, waarvan de rand zich net aan
X.C.C. (RAAP), Een archeologische beleidsadvieskaart voor de
de andere kant van de Nederlands-Duitse grens bevindt. In de
gemeente Arcen en Velden. Deel I Samenvattingen en
laagte tussen deze twee blokken heeft de Maas zich in de laatste
aanbevelingen, deel II A en B: landschap en archeologie, Weesp
700.000 jaar een weg gezocht, voordat zij zich een stuk noordelijker
2009.
in westelijke richting afbuigt. De Venloslenk bestaat van west naar oost uit de rand van de Peelhorst, een relatief laaggelegen gebied,
In dit rapport is in deel II, onder het onderdeel ‘landschap’ een
gevormd door een oude bedding van de Maas, een lage, NNW-
gedetailleerde chronologische en thematische omschrijving van de
ZZO georiënteerde lage rug en de huidige riviervlakte. Ter plaatse
gehele gemeente opgenomen, waarin per hoofdcategorie wordt
van het plangebied verplaatst de Maas zich in oostelijke richting,
ingegaan op de nog aanwezige landschappelijke en bebouwde
waardoor de oostelijke rand van de riviervlakte is ingesneden in de
elementen. De daarbij gehanteerde opzet wordt in onderhavig
rand van het Krefeldblok. De oostelijke hellingen van het rivierdal
hoofdstuk als leidraad gebruikt en toegespitst op alleen het
zijn bedekt met rivierduinen (de Maasduinen).
onderzoeksgebied. De resultaten van dit onderzoek zijn uitgebreid met aanvullend bronnenonderzoek.
De geomorfologische kaart laat zien dat het plangebied wordt gevormd door noord-zuidgeoriënteerde restgeulen, dekzandruggen, dalvlakterrassen, rivierdalbodems en landduinen.
▄▄▄▄▄▄▄ 4
Informatie over de aardkunde en geomorfologie is afkomstig uit het archeologisch bureauonderzoek van Bodac (paragraaf 2.4).
9
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Afb. 4 Geomorfologische kaart, geprojecteerd op de hoogtekaart (AHN3 DTM, hillshade). Voor de legenda, zie afb. 3. Bron: hub.arcgis.com.
Afb. 3 Geomorfologische kaart, opgenomen in het rapport van Bodac. Het impactgebied is blauw omkaderd.
10
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Het Maasdal ter plekke van Arcen (tussen Roermond en Arcen) is relatief smal en relatief diep. Renes (1999) geeft aan dat in de eerste opheffing van de Peelhorst de Maas niet naar het westen is uitgeweken, maar haar oude loop heeft behouden en zich is gaan insnijden. Dit insnijden is ze nadien blijven doen, waardoor de loop van de Maas hier in historische tijd alleen in detail is veranderd. Door haar hoge natuurlijke oevers was het achterland vrij veilig van overstromingen en waren dijken, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Stevensweert, Roermond (Hatenboer) en Horn (De Weerd) niet nodig geweest. Vanaf de verplaatsing van de Maas in oostelijke richting wordt het rivierdal weer geleidelijk breder. Pas vanaf Mook is de Maas van oudsher al aaneengesloten bedijkt.5
Afb. 5 Dijken langs de Maas (midden 19e eeuw). Tussen Roermond en Arcen zien we duidelijk het smalle, holocene Maasdal en zijn geen dijken aanwezig. Bron: Renes 1999, p.141.
▄▄▄▄▄▄▄ 5
Renes, J., Landschappen van Maas en Peel. Een toegepast historischgeografisch onderzoek in het streekplangebied Noord- en Midden-Limburg, Leeuwarden 1999, p.130.
11
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Afb. 7 Detail Arcen. Boven Arcen zien we de enige dijk, haaks op de Maas georiënteerd. Dit is de Martewal, zichtbaar op de minuutkaart (zie hierna).
De dorpskern van Arcen en de oude cultuurgronden bevinden zich op het dalvlakterras tussen de Maas en de ten oosten gelegen restgeul. De restgeul zelf vormde, vanwege zijn lagere, waterrijke ligging, juist de optimale locatie voor de bouw van kastelen. Niet alleen het huidige kasteel Arcen, gebouwd als een waterburcht, maar ook het ‘Alde Huys’, dat meer naar het noorden was gelegen en al eeuwen is verdwenen, zijn in deze restgeul opgetrokken. De
Afb. 6 Dijken langs de Maas (midden 19e eeuw). Tussen Roermond en Arcen zien we duidelijk het smalle, holocene Maasdal en zijn geen dijken aanwezig. Bron: Renes 1999, p.141.
grachten werden voorzien van water middels de beekjes die vanuit de oostelijke rivierduinen richting de Maas stroomden. Op de geomorfologische kaart is een aantal in het rapport van Bodac als
12
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
‘dijk’ aangeduide belijningen opgenomen. 6 Hierbij wordt
N271. De dijk houdt dan ook verband met de aanleg van deze
aangegeven dat deze van geomorfologisch belang zijn, maar dat
weg.
er weinig over bekend is. De derde op de geomorfologische kaart (zie afb.3) aangeduide De dijk ten noorden van Arcen wordt gevormd door de Maasstraat
dijk volgt het tracé van de Schans. Deze dijk heeft vrijwel zeker te
(zie afb.3). Dit is het oude tracé van de Rijksstraatweg tussen
maken met de aanleg van het kasteelcomplex in haar huidige
Maastricht en Nijmegen. Deze weg en het tracé zijn ontstaan in
hoofdopzet, in de tweede helft van de zeventiende eeuw.
1840-1845. Bij de aanleg is geen rekening gehouden met de oude
Vermoedelijk was ze bedoeld om het hoogwater uit het park te
verkaveling of infrastructuur. De dijk is als hoogte dan ook niet
houden en is ze opgehoogd met de grond die vrijkwam uit de
ouder dan het tweede kwart van de negentiende eeuw. De
uitgegraven kasteelgrachten.
opvallende zigzagvorm aan het noorden houdt verband met een oudere situatie en zijn, deels als weg (Roolandsche weg), deels als pad en deels als wal (de Martewal) aangeduid. In Stoel (1979)
2.2 Romeins en vroege middeleeuwen
wordt deze Martewal, samen met een tweede, op de minuutkaart zichtbar wal (Kerkewal) genoemd als mogelijk relict van een
Romeinse villa — Zoals hiervoor vermeld, wordt de Martewal door
Romeinse nederzetting.7
Stoel vermeld als mogelijk waardevol relict dat is terug te voeren tot de Romeinse tijd. Deze aanname wordt echter niet nader
Ook als we naar de dijk ten zuidoosten van het kasteel kijken (zie
uitgewerkt in het door RAAP in 2009 uitgevoerd archeologisch
afb.3), dan zien we dat deze geen relatie houdt tot een oude
onderzoek. In haar huidige ruimtelijke context en ook op de wijze
verkaveling en dwars over een op de kadastrale minuutkaart als de
waarop de Martedijk op de kadastrale minuutkaart is aangeduid
‘Lange Weyde’ aangeduid perceel loopt. De dijk loopt parallel
als een opvallend kort dijklichaam, kan met enige mate van
aan de in de jaren zestig aangelegde Rijksstraatweg, de huidige
zekerheid worden gesteld dat ze het relict vormt van een grotere,
▄▄▄▄▄▄▄ 6
Zie ook de Cultuurhistorische waardenkaart van de Provincie Limburg, laag ‘geomorfologie (vlak)’: portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default
7
13
Stoel, J.G.M., Arcen, historie – natuurschoon in woord en beeld, Venlo 1979, p.9.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
al vroeg verdwenen dijkstructuur. Of dit is terug te voeren is tot de
van 1,5 hectare hebben gestaan. Op de cultuurhistorische
Romeinse tijd, is onbekend.
waardenkaart van de provincie Limburg wordt gesproken over een ‘terrein met sporen van bebouwing (villacomplex) uit de Romeinse
Ten zuiden van deze wal wordt, in het gebied met het toponiem
tijd’.10 De locatie is aangeduid als een archeologisch rijksmonument
‘Op de Steening’ (aanduiding op de kadastrale minuutkaart) een
(nummer 45000). Of de Martedijk als structuur is terug te voeren tot
Romeinse nederzetting op de kaart met Romeinse vindplaatsen
deze villa, is tot op heden niet onderzocht.
aangeduid.8 In haar artikel uit 1979 gaat Stoel in op dit toponiem. Ze geeft aan dat het verhaal gaat dat op deze locatie de voorloper van het dorp (‘het verdronken dorp’) heeft gelegen en dat deze bij een grote vloed is verwoest en verderop, waarna op de huidige locatie werd gebouwd. Deze aanname werd versterkt door de vondst van fragmenten van een groot aantal oude bakstenen en scherven die in de oorlog op deze locatie waren aangetroffen. 9 In 1982 (na het artikel van Stoel) is archeologisch onderzoek verricht en is vastgesteld dat op deze locatie een Romeinse villa heeft gestaan, daterend uit de Midden Romeinse tijd. De villa is in of kort na de Romeinse tijd verdwenen. De funderingen zijn echter gaaf behouden en laten zien dat het om een complex van 20 bij 37 meter gaat. Booronderzoek van de Historische Werkgroep heeft aangetoond dat er vier opstallen met een bebouwd oppervlak
▄▄▄▄▄▄▄ 8 9
Dijk 2009, p.95. Stoel 1979, p.9.
10
14
Dijk 2009, p.50; https://portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
In de archeologische verwachtingenkaart in het rapport van Bodac wordt de locatie van een vermoedelijke Romeinse weg aangeduid. 11 Ook in het rapport van Dijk (RAAP) wordt ingegaan op de wegenstructuur. Hierin wordt ook aangegeven dat er geen concrete vondsten zijn gedaan voor een Romeinse weg door Arcen, maar dat de aannemelijke ligging over de hoogte tussen de Maas en de oude Maasgeul liep.12 Vroege middeleeuwen — In de vijfde eeuw werd onder koning Clovis, door het samenvoegen van enkele Frankische rijkjes, het Merovingische Rijk gesticht. Om de schatkist van de koning gevuld te houden, werden gronden verkopen. Hiervoor gebruikten ze koninklijk grondbezit en nog niet ontgonnen gronden. In de achtste
Afb. 8 Archeologische vindplaatsen Romeinse tijd. Linksboven de locatie van de Romeinse villa (geel omcirkeld). De rode pijl wijst de locatie van de Martedijk aan. Bron: Dijk (RAAP) 2009, p.95.
eeuw veranderde men de strategie. Grond werd niet meer verkocht, maar in leen gegeven aan trouwe volgelingen. Zij droegen de zorg voor het innen van de belasting en moesten een deel aan de koning afstaan. Dit was het begin van het feodale stelsel, dat onder Karel de Grote (vanaf 771) verder werd uitgebreid.13 Het rijk werd opgedeeld in gouwen, met aan het hoofd een graaf. Het Maasdal telde vijf gouwen. Het Mulgouw
▄▄▄▄▄▄▄ 11 12
Sommers 2021, pp. 57-58 (archeologische verwachtingskaart). Dijk 2009, p.102; Sommers 2021, p.27, 52, 55;
13
15
Venner, J., Geschiedenis van Limburg, deel 1, Maastricht 2000, p.77.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
werd gevormd door het gebied tussen de Maas en een oude
versloegen uiteindelijk het monster, dat steeds maar ‘Gelre’ riep. Uit
Rijnarm, waarbij de noordelijke grens bij Gennep en Straelen lag.
dankbaarheid bouwden de bewoners een burcht en een stad, die
Het ligt met name op huidig Duits grondgebied, met een smalle
Geldern werd genoemd. Geschiedkundigen gaan ervan uit dat
strook, langs de oostelijke Maasoever, in Nederland.14
deze legende is ontstaan uit een overval van de Noormannen, onder leiding van Godfried. Hierbij vertegenwoordigt Godfried de
Langs de grenzen van zijn rijk werden burchten en paltsen
draak. Symbolisch gezien kan dit ook worden beschouwd als een
gebouwd en werden graven en hertogen aangesteld. In deze
overwinning van het Christendom op het heidendom. In Keltjens
periode werd ook de basis gelegd voor het huidige
(1997) wordt ook nog een andere betekenis aan de sage
cultuurlandschap. De Maas vormde hierbij een primaire
gegeven. De twee heren weten een eind te maken aan een
handelsroute, zoals blijkt uit het bestaan van tollen en de
eeuwenlange strijd tegen het water in het natte en moerassige
nederzettingen die in de nabijheid werden gesticht. Veel plaatsen
gebied rondom Geldern, dat regelmatig door overstromingen door
zijn in oorsprong nog terug te voeren tot deze periode.15
de Niers werd geteisterd.17
Na het overlijden van Karel de Grote nam de centrale macht, door
Terugkomende op de Noormannen. Bekend is dat zij in 881 een
een veelvoud aan factoren, geleidelijk af. Zo wordt het rijk in 843,
groot kamp in ‘Ascloha’ hadden, van waaruit het gehele
bij het Verdrag van Verdun opgedeeld in drie rijken, verdeeld over
Rijngebied werd geplunderd. Dit kamp fungeerde als winterkwartier
drie erfgenamen. Het gebied waaronder Arcen valt, is Oost-
en was voorzien van aarden wallen. In 882 werd, onder leiding van
Frankenland. Een andere factor was de inval van de Noormannen.
keizer Karel de Dikke een aanval op het kamp uitgevoerd. De strijd
Ook in de omgeving van Arcen zijn de Noormannen actief
werd geteisterd door ziektes en door noodweer ontstond een bres
geweest.16 Een sage spreekt over het jaar 878. In het moerassig
in de wal. Een inval kwam er, tot frustratie van de keizerlijke troepen
gebied in de omgeving van Pont, nabij Straelen, huisde een draak
uiteindelijk niet. De keizer ging over tot vredesoverleg. In ruil voor
die de streek terroriseerde. De twee zonen van de Heer van Pont
een einde aan de onrusten, bood Karel zijn nicht, een geldbedrag
▄▄▄▄▄▄▄ 14 15
Dijk 2009, p.105. Renes 1999, p.28.
16 17
16
Stoel 1995, p.8; Dijk 2009, p.108-110 Keltjens 1997, p.29.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
en een groot stuk land in het kustgebied van de Friezen aan Godfried. Lange tijd werd gedacht dat Ascloha in de omgeving van Elsloo ligt. Venner plaats het kamp in Asselt, nabij Roermond. Dijk en Stoel noemen ook de aannemelijke mogelijkheid dat het gehucht Hasselt, ten zuiden van Lomm de locatie van het Noormannenkamp was. Hiervan is bekend dat het in 1326 werd aangeduid als ‘Asklo’. Ditzelfde geldt echter ook voor Asselt. In de annalen staat vermeld dat Ascloha 14 mijl van de Rijn ligt. Omdat het niet duidelijk is met welke mijl is gerekend, geeft dit echter geen uitsluitsel.18 Noch voor Asselt, noch voor Hasselt zijn er ooit concrete vondsten gedaan die de locatie en aanwezigheid van Ascoloha hebben bevestigd. Afb. 9 Vredesbespreking tussen Karel de Dikke en Godfried. Bron: archief.ntr.nl/verreverwanten/themas/vreemdelingen/nederland_ krijgt_vorm792.html
▄▄▄▄▄▄▄ 18
Stoel 1995, p.8; Venner 2000, p.88; Dijk 2009, pp.108-110.
17
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
2.3 De heerlijkheid Arcen 2.3.1 Voogdij van Straelen In 1064 wordt de abdij van Siegburg gesticht door Anno de tweede, aartsbisschop van Keulen.19 Hierbij worden talrijke landerijen geschonken. Graaf Bruno en Gravin Irmintrude, broer en zus die ieder de helft van het land van Straelen bezitten, schenken hun bezittingen aan Arno, die het weer doorgeeft aan de abdij. Tot dit land van Straelen behoorde ook Arcen. Arcen valt zo onder de heerschappij van de abt van Siegburg. Omdat hij volgens de kerkelijke wetten echter niet (altijd) als rechter mocht optreden, benoemde hij een voogd. De heren van Geldre namen deze functie op zich, om het uitoefenen van het rechterambt later weer over te laten aan een ridderlijk geslacht in Straelen. Langzamerhand breidden de taken van de voogd zich uit en uiteindelijk werd het ambt erfelijk. Rond 1275 was Arnold van Straelen de voogd. Omdat hij geen mannelijke nakomelingen heeft, volgt zijn dochter Elisabeth hem
Afb. 10 Verspreidingskaart vroegmiddeleeuwse nederzettingen. Bron: Dijk 2009, p.106
op. Zowel haar eerste huwelijk met Hendrik van Gelre als haar
▄▄▄▄▄▄▄ 19
Stoel, J.G.M., ‘De kastelen van Arcen’, in: Castellogica 1991 (deel 2), pp.205-220; Stoel, J.G.M, Arcen: De heerlijkheid, de Heren en Huizen, Lomm 1995; Sluyterman, K., et al, Nederlandsche kasteelen en hun historie, Amsterdam 1914
18
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
tweede huwelijk met Giselbert van der Leck, bleven kinderloos. Ze
de lange relatie tussen het geslacht Van Gelre en het kasteel
stond het voogdambt na het overlijden van haar tweede man af
ontstond.
aan haar zus, Justina van Straelen. Elisabeth trouwde ondertussen voor de derde keer, met Arnold van Buren. Nadat Justina de overeengekomen jaarlijkse som niet kon betalen, eiste Elisabeth
2.3.2 Het Alde Huys: een vrije heerlijkheid
haar voogdambt terug. Deze strijd werd na het overlijden van Elisabeth en Arnold voortgezet door zijn twee zoons, Arnt en Otto.
Als Arcen een heerlijkheid wordt, dan moet er ook ergens een
Uiteindelijk kwam Graaf Reinoud van Gelre tussen beiden.20 Hij
adellijk huis hebben gelegen. Of er in 1330 al een huis stond, of dat
sprak in 1330 de scheiding uit, waarbij Arcen los kwam van Straelen
het ontstaan van de heerlijkheid de aanleiding is voor de bouw van
en een vrije heerlijkheid werd. De heerlijkheid liep van de Rode
een kasteel, is onbekend. Lange tijd werd gedacht dat de ruïne
Beek in het noorden tot aan Venlo in het zuiden. De veengebieden
van de schanstoren de relicten van het oude kasteel vormden.22 In
ten oosten werden verdeeld tussen Arcen en Straelen.21
de jaren zeventig wisten lokale historici, onder leiding van mevrouw Stoel, de locatie van het kasteel te vinden. Allereerst door
Arnt en Otto werden zo heren van Arcen. De Van Burens bleven tot
bevindingen in het kasteelarchief, waarin in 1600 werd gesproken
het eind van de vijftiende eeuw eigenaar van de heerlijkheid. Na
over ‘het Huys’ en ‘de Schans’, gevolgd door archeologische
het overlijden van Jan van Buren in 1461, kwam Arcen via zijn
vondsten, waaruit bleek dat de schans een oude tolvesting was en
dochter Aleid, in handen van haar echtgenoot Dirk Schenk van
geen kasteel. 23 Uit het archiefonderzoek bleek ook dat het huidige
Nydeggen. Hij bezat ook de kastelen van Walbeck (huidige
kasteel niet het oorspronkelijke kasteel was. Zo wordt er in 1575
Duitsland) en Bleyenbeek. Uiteindelijk erfde zijn kleindochter Aleid,
gesproken over een ‘alt huys’. De aanduiding van een oud huis,
die in 1503 was getrouwd met Reinier van Gelre, Arcen, waardoor
betekent dat er toen ook al een nieuw huis moet zijn geweest (zie hierna: de voorloper van het huidige kasteel). De locatie van het
▄▄▄▄▄▄▄ 20
21
Een transcriptie van de afscheiding is opgenomen in Keltjens, J., et al, Een bloemlezing uit de geschiedenis der dorpen Arcen, Lomm en Velden, Arcen 1997, pp.30-32. Stoel 1991, p.207; Stoel 1995, pp.9-12; Keltjens 1997, pp.30-32;
22
23
19
Onder andere: Verzijl, J., ‘Het kasteel en de heeren van Arcen’, in: De Maasgouw (6), jrg. 68, nov-dec 1940, p.72. Stoel 1991, p.207.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
huis bevindt zich ten oosten van de straat Sijzenbroek, op het op de
tijd sprake moet zijn geweest van een kasteel, dan moet dit zijn
kadastrale minuutkaart als Seyzenbroek aangeduid gebied. De
gebouwd volgens de typologie van de woontoren.
naam broek verwijst naar de lage ligging in de oude riviergeul. Dit is voor de kasteelbouw vanaf ruwweg 1200 een voor de hand
Woontorens hebben over het algemeen een standaard opbouw.
liggende locatie, omdat de lage en natte gronden bij uitstek
Ze hebben een buitendiameter van acht tot tien meter, drie
geschikt zijn voor de aanleg van een waterhoudende gracht.
verdiepingen met elk één groot vertrek en een ingang op de eerste verdieping. De toren is bereikbaar via een brug die
Bij opgravingen in 1975 is men op funderingen van ijzeroer en
opgehaald kan worden. De kelderverdieping is alleen bereikbaar
maaskeien gestuit. De fundering, met een grondslag van ongeveer
vanaf de eerste verdieping. Het dak ligt meestal verborgen achter
140 centimeter, had een plattegrond van ongeveer 14 bij 9 meter.
de met kantelen bekroonde opgaande muren om zo te
Hupperetz (2005) gaat er op basis van deze afmetingen vanuit dat
voorkomen dat tijdens beschietingen het houtwerk in brand wordt
de opbouw een omvang van zo’n 13 bij 8 meter had en muurdiktes
geschoten. De dikte van de bakstenen muren bedraagt 1 à 2
van 55 centimeter.24
meter.26
Over het Alde Huys is een archiefstuk behouden uit circa 1487. Dit
Uitgaande van de vrij universele omvang van de woontoren, dan
stuk had betrekking op een erfscheiding van de heerlijkheid tussen
kunnen we concluderen dat het Alde Huys niet alleen een
Aleid van Buren, de weduwe van Dirk Schenk van Nydeggen, en
opvallend grote plattegrond had, maar ook vrij dunne muren.
haar kinderen. In dit stuk wordt gesproken over de onderste kamer. Mevrouw Stoel leidt hieruit dat de onderste kamer de begane grond is geweest en dat er meerdere bouwlagen moeten zijn geweest.25 Als we uitgaan van het jaartal 1487 en dat er dan al een ▄▄▄▄▄▄▄ 24
25
Hupperetz, W., et al, Kastelen in Limburg. Burchten en landhuizen (1000-1800), Utrecht 2005, p.146. Stoel 1991, p. 209.
26
20
Hupperetz 2005, pp.54-56; Janssen, H.L., Hupperetz, W., ‘de bouwkundige ontwikkeling van middeleeuwse kastelen in Limburg’, in: Middeleeuwse kastelen in Limburg. Verschijningsvorm van een kasteel, zijn adellijke bewoners en hun personeel, Venlo 1996, p.82.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Het Alde Huys moet volgens Stoel rond 1511 (door de troepen van Margaretha van Oostenrijk) zijn verwoest, omdat dan in de archiefstukken wordt gesproken over de bouw van ‘het nije werk’. Of dat ook daadwerkelijk het geval is geweest, is onbekend. Het is niet ongebruikelijk om de namen oud en nieuw toe te kennen aan huizen om het onderscheid tussen beide duidelijk te maken. Hupperetz (2005) geeft aan dat het in ieder geval in 1627 niet meer aanwezig kan zijn geweest, aangezien het niet is opgenomen op de kaart van Michael Floris van Langeren (zie paragraaf 2.3.8).27 Afb. 11 Cultuurhistorische waardenkaart Limburg (laag ‘archeologie’). Het roodgearceerde vlak betreft de locatie van het Alde Huys. Bron: portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default.
2.3.3 Nabij Alde Huys: watermolen en Tiegelerhof Bij het Alde Huys lag zowel een watermolen als een hoeve. Al in 1421 wordt melding gedaan van de molen. Stoel (1991) verwijst naar een vermelding uit 1880 (in weekblad De Maasgouw) waarin wordt gesproken over de verpachting in 1421 van de voor het huis Arcen gelegen molen door Johan van Buren aan Derich den Tymmermann.28 In de op pagina 19 genoemde erfscheidinsakte uit 1487, wordt de molen ook vermeld. Ze wordt hier aangeduid als
Afb. 12 De locatie van het Alde Huys, nu ingericht als trapveldje. Bron: google streetview.
▄▄▄▄▄▄▄ 27 Hupperetz 2005, p.146.
28
21
Stoel 1991, p.208-209.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
een ‘kornmoelen’ (een korenmolen).29 De meeste bronnen gaan
Het terrein waarop de molen heeft gestaan, ligt aan de straat
ervan uit dat deze molen is verwoest in 1511.30 Dit zou betekenen
Brandemolen (hoek Sijsenbroek). Deze straat loopt door in
dat het is verwoest tijdens de inval van Arcen door de troepen van
noordoostelijke richting (en kruist de N271). Of de naam verwijst
Margaretha van Oostenrijk.31
naar de oude (koren)molen, is onbekend. Dijk (2009) en Stoel opperen de mogelijkheid dat de naam verband houdt met de
Deze watermolen lag ietwat ten oosten van het kasteel en werd
verwoeste (verbrande) molen.33 Een andere mogelijkheid is dat de
van water voorzien via de Lingsfortbeek, om vervolgens via de
naam verwijst naar het type watermolen, namelijk een mout- of
Leigraaf (de Boerenhuizenlossing) in noordelijke richting, via de
brandermolen, waar men de mout voor de branderijen (en
Rode Beek in de Maas af te wateren. Uit een gesprek met de
brouwerijen) maalde.34 Aangezien in de archieven wordt
bewoners van de Withuizerhof weet Stoel (1991) te vertellen dat
gesproken over een korenmolen, ligt de verwijzing naar een
Duitse soldaten in 1944, bij het aanleggen van loopgraven ten
moutmolen echter niet meteen voor de hand.
zuiden van de Wijdtvelderhof op opvallend diep gelegen muurfundamenten. Gelet op de diepte, zouden deze verband
Als we naar de kadastrale minuutkaart kijken, dan zien we dat het
kunnen houden met de molen (opstelling van het gangwerk). Voor
toponiem Brandemolen betrekking heeft op een complex akkers
zover bekend is hier geen nader onderzoek naar verricht. Waar de
aan weerszijde van de huidige Wilde Kampweg. Bij een deel van
fundamenten exact zijn aangetroffen, is onbekend. De (sporen van
deze percelen is tot op de dag van vandaag nog de structuur van
de) watermolen zijn ook niet vermeld op de provinciale
de kamp herkenbaar aan de omringende van bomen voorziene
cultuurhistorische waardenkaart, noch op de verspreidingskaart
wal.
van de laat-middeleeuwse vindplaatsen in het rapport van RAAP (figuur 58, p.112).32
▄▄▄▄▄▄▄ 29 30 31
Keltjens 1999, p.38. Stoel 1995, p.20; Dijk 2009, p.116. Keltjens 1999, p.10. Dijk gaat er in zijn verhaal vanuit dat het Alde Huys en
32
33 34
22
Dijk 2009, p.116. De molen wordt wel in de tekst vermeld. De vondsten van fundamenten in 1944 staat hierbij niet vermeld. Dijk 2009, p.116. www.molendatabase.org/molendb.php?step=details&nummer=16370.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Afb. 14 De rode cirkel geeft de locatie van het Alde Huys weer. De groene cirkel de globale locatie van de oude watermolen. Het op de minuutkaart als Brandemolen aangeduide complex, bevindt zich meer naar het noorden (gele cirkel). Bron: ruimtelijkeplannen.nl Afb. 13 Kadastrale minuutkaart (sectie B01), met daarop het toponiem Brandemolen. In rood de locatie van het voormalige Alde Huys, gelegen in het Seyzenbroek. Bron: beeldbank RCE, inv.nr. MIN11003A01.
De straat Brandemolen werd op deze vroeg-negentiende-eeuwse kaart aangeduid als de hoofdweg van Arcen naar Walbeck. Het zuidelijke deel, ten zuiden van de het terrein waarop de molen heeft gelegen, wordt op de minuutkaart de Tegelersdijk genoemd. Het dijklichaam is op deze locatie nog aanwezig. Het loopt aan de oostzijde in noordelijke richting door. Opvallend genoeg wordt aan
23
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
de minuutkaart nog een dijk ingetekend, ter plekke van het afbuigen van de Lingsforterbeek naar het zuiden (meteen ten zuiden van het huidige Brandemolen 7). Deze dijk wordt aangeduid als de Witvelterdijk. Of deze dijken een relict zijn van een kamp, of dat ze op enige wijze een relatie houden tot de oude molen, is onbekend. Stoel gaat ervan uit dat de Molenbeek, het verlengde van de Lingsforterbeek, handmatig is uitgegraven om de huidige watermolen van water te voorzien. Een aanwijzing hiervoor zouden de scherpe bochten rond de Brandemolen zijn (zie paragraaf 2.3.10). De naam Tegelaarsdijk verwijst naar de Tiegelerhof, die ook in dit deel van Arcen heeft gelegen.35 Al in 1379 wordt gesproken over Willem van Tiegelen, die de tienden en de kerkgift van Arcen hadden ontvangen. In het begin van de vijftiende eeuw was er een familiaal verband met de Van Burens. Over de geschiedenis van de Tiegelerhof is weinig bekend. Mogelijk dat bovengenoemde kampstructuur (Tegelerdijk-Witvelderdijk), direct is verbonden tot de Tiegelerhof. Afb. 15 Plattegrond van Arcen met daarop aangeduid de verschillende (verdwenen) historische gebouwen, opgesteld door J. Stoel. Bron: Stoel 1991, p.206.
▄▄▄▄▄▄▄ 35
Stoel 1991, pp.209-210.
24
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
2.3.4 De oude vesting Aan het eind van de veertiende eeuw had Arcen het aanzien van een vesting, wat opvallend is voor een plaats die nooit stadsrechten heeft gehad. Hoewel de daadwerkelijke vesting grotendeels is verdwenen, is de omvang op basis van het huidige stratenpatroon en divers archeologisch onderzoek wel te herleiden. De eerste vestingwerken dateren uit de veertiende en vijftiende eeuw. Hierbij werd een aarden wal om de nederzetting gelegd en werd aan de buitenzijde een gracht uitgegraven. Deze wal volgde het tracé van de Kurversgraaf aan de zuidzijde, Wal aan de oostzijde en de Graaf aan de noordzijde. Aan de Maasstraat, Koestraat en de Schans lagen de stadspoorten, bakstenen volumes die waren opgenomen in de aarden wal.
Afb. 16 Locatie van de aarden wallen (Kurversgraaf, Wal en Graaf) en poorten.
25
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Langs de westzijde zijn sporen gevonden van een stadsmuur. Het enige (zichtbare) relict dat nog verband houdt tot de veertiendeeeuwse stadsmuur, is een klein halfrond fundament dat zichtbaar is naast de ruïne van de zogenaamde schanstoren (zie paragraaf 2.3.5). Het fundament presenteert zich als een halfrond rondeel dat is geplaatst tegen een tot de schanstoren doorlopende stadsmuur.36 Tijdens archeologisch onderzoek in de periode 19801984 is echter kunnen worden vastgesteld dat de ronding doorliep en dat de rechte muur tussen het rondeel en de schanstoren een latere toevoeging uit de zestiende eeuw was.37 Het oudere tracé, dat deel uitmaakt van het rondeel en de naar het noorden lopende stadsmuur, liep in zuidoostelijke richting door richting de traptoren van de schanstoren (zie afb. 16).
Afb. 17 Tekening van de schanstoren, opgesteld door Dilz in 1983. Boven de fragmenten van de oude stadsmuur. Bron: Dilz 1983, p.XI.
▄▄▄▄▄▄▄ 36
Hundertmark, H., De Schanstoren. Een bouwhistorische documentatie, uitwerking en verslaglegging van de Schanstoren te Arcen, Oss 2010; Stoel, J., Herwonnen historie. Geschiedkundige bijdragen over de gemeente Arcen en Velden,
37
26
Velden 1993; Schulte, A., Ruïnes in Nederland, cultuurhistorische studies, Zeist 1993, pp.171-172; Stoel 1995. Dilz, E., ‘Zomerkamp N.J.B.G. Arcen III’, in: Castellogica I, Doorn 1983, pp. X-XII.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Bij de restauratie in de jaren tachtig heeft men de toren en de noordelijke muur gerestaureerd en deels gereconstrueerd. De oudere muur, die dwars tussen rondeel en de schanstoren was geplaatst en ouder is dan de schanstoren, heeft men niet tot het maaiveld herbouwd. Door de wijze waarop het werk is uitgevoerd, lijken het rondeel en de noord-zuid georiënteerde muur deel uit te maken van één bouwfase en is de beleefbaarheid van de historische gelaagdheid vertroebeld geraakt.
Afb. 19 Bij de reconstructie is de oude, diagonale muur niet gereconstrueerd en zijn het rondeel en de jongere muur als één samenhangend geheel opgemetseld, waardoor de historische gelaagdheid is verstoord.
Men gaat ervan uit dat het ronde fundament het relict is van een
Afb. 18 Schanstoren en noordelijke stadsmuur met rondeel. De reconstructie dateert uit de jaren tachtig.
oude stadspoort, horende bij de oorspronkelijke vesting.38 Deze poort, de Maaspoort, werd geflankeerd door twee ronde torens. De fundamenten van de oostelijke toren heeft men in de jaren
▄▄▄▄▄▄▄ 38
Hundertmark 2010, p.7.
27
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
tachtig ook onder de bestrating aangetroffen, maar niet gedocumenteerd.39 De opzet van de bouwsporen komen in hoofdlijnen overeen met de weergave van een stadspoort die verschijnt op een schepenbankzegel uit het laatste kwart van de veertiende eeuw. Deze schepenbank wordt in de archieven voor het eerst vermeld in 1371. De poort op het zegel toont een hoog poortgebouw voorzien van een poort, een door een boogfries afgesloten en van kantelen voorziene gevel en een hoge vierzijdige spits. De ranke flankerende torens zijn eveneens voorzien van kantelen en hebben een ronde spits. Tussen de ronde torens is ook het wapenschild van de heren van Arcen weergegeven. De ronding bij de stadsmuur werd hierbij beschouwd als bevestiging dat het op het zegel zichtbare poortgebouw het volume op het zegel is. Hard bewijs dat het zegel de Maaspoort toont, is er overigens niet.
Afb. 20 Het laat-veertiende-eeuwse schepenbankzegel. Het fundament van de linker hoektoren is in de jaren tachtig deels op het oude fundament herbouwd. Bron: Hundertmark 2010, p.7.
▄▄▄▄▄▄▄ 39
Sommers 2021, p.28; Hundertmark 2010, p.7
28
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Uit archeologisch onderzoek is bekend dat in ieder geval de Maaszijde een versteend vestingwerk aanwezig is geweest. De datering van deze muur is onbekend, maar lijkt in de 15e eeuw aangelegd te zijn, kijkend naar de ontwikkeling van de vestingwerken. De muur ten noorden van de schanstoren is hier een relict van. Deze muur had een verdedigende functie, maar beschermde de kern van Arcen ook tegen hoogwater van de Maas. Afb. 21 Aangetroffen stadsmuur bij voorbereidende werkzaamheden bij Maashotel. De rode pijl wijst een steunbeer aan. Bron: Sommers 2021, bijlage 6, foto van Hay Gout).
Bij de bouw van het Maashotel (Tour de Meuse) heeft men bij archeologisch onderzoek resten van de oude muur aangetroffen. Het onderzoek is nooit volledig gerapporteerd. Wel is er een artikel verschenen over de vondsten (Stoel 1995), zijn er enkele foto’s genomen door de Historische Werkgroep van de aangetroffen muur en zijn er enkele opgravingstekeningen bekend.40 De muur heeft een basis van mergelblokken van circa 1,7 meter breed en 0,8 meter hoog, met daarbinnen Maaskeien met mortel. Hier bovenop is een massieve bakstenen muur van circa 1,3 tot 1,5 meter dikte. Aan de Maaszijde van de muur is bij de opgraving van ’95 een dikke sliblaag aangetroffen, wat ondersteunt dat de muur
Afb. 22 Aangetroffen stadsmuur bij voorbereidende werkzaamheden bij Maashotel. Bron: Sommers 2021, bijlage 6, foto van Hay Gout).
ook een functie als hoogwaterbescherming had.
▄▄▄▄▄▄▄ 40
Sommers 2021, pp.28-29 (verwijzend naar artikel Stoel, J., ‘De Omwalling van Arcen’, in: Archeologie in Limburg 6-2, pp.66-67).
29
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Over een lengte van circa 66,5 meter, vanaf de Schanstoren naar het noorden toe, is het tracé van de stadsmuur bekend. Van deze lengte is circa 44 meter daadwerkelijk vastgelegd. Iets naar het noorden, achter Raadhuisplein 11-12 is nog eens bijna 20 meter muurwerk geregistreerd. De muurfragmenten waren al gesloopt voordat ze konden worden gedocumenteerd. De muur is wel vastgelegd door het ROB. Opvallend is de knik in de muur. Deze bevindt zich recht tegenover de Koepoort. Dit wordt geinterpreteerd als een voormalige toren. De suggestie wordt gemaakt dat hier de voorloper van de schanstoren stond. Hoeveel van deze muur nog behouden is, is onbekend.41 Tussen deze stukken gedocumenteerd muurwerk is een zone van circa 55 meter waar de locatie van de muur logischerwijs gelokaliseerd kan worden. Ten noorden van dit muurwerk kan het muurwerk moeilijker gereconstrueerd worden omdat hier aanknopingspunten missen. Wel is bekend dat het muurwerk aan zal sluiten op de voormalige Leypoort op de kruising MaasstraatGraaf. Sommers(2021) heeft op basis van de bekende gegevens een plattegrond opgesteld waarin zowel de gedocumenteerde muurdelen, als het te verwachten muurtracé loopt.42
Afb. 23 Locatie vastgestelde stadsmuur (oranje lijn) en vermoedelijke tracé van de nog niet gedocumenteerde stadsmuur (stippellijn). Bron: Sommers 2021, p.29.
▄▄▄▄▄▄▄ 41
Sommers 2021, p.30.
42
30
Sommers 2021, p.29.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Als we de locatie van de bekende stadsmuurdelen projecteren op de kadastrale minuutkaart, dan zien we een opvallende overlap. Beide gedocumenteerde stadsmuurdelen bevinden zich exact op de locatie van de achtergevels van de woonhuizen. Hierbij is de knik in de muur, die wordt toegeschreven aan een voormalige toren, ook terug te voeren door de zuidwestelijke hoek van een bijgebouw op het achterterrein van Raadhuisplein 12. Ter plekke van het indicatieve tracé van de rest van de stadsmuur is er geen duidelijke overlap met de aanwezige verkaveling of locatie van de achtergevels. In het noordelijke deel vormen de westelijke grenzen van de tuinpercelen meteen achter de bebouwing (welke een vrij rechtlijnig verloop hebben), mogelijk het tracé van de oude muur.
Afb. 24 Detail van de verkaveling langs de Maaszijde.
31
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Afb. 25 Projectie van de kadastrale minuutkaart (zuidelijke deel) over de onderlegger met daarop de vastgestelde muurdelen (geel omcirkeld) en het verwachte tracé. Bij de bekende muurdelen is er een duidelijk verband tot de achtergevels van de huizen: gebouwd op de oude fundering.
Afb. 26 Projectie van de kadastrale minuutkaart (noordelijke deel) over de onderlegger met daarop de vastgestelde muurdelen (geel omcirkeld) en het verwachte tracé. Dit verloop kan mogelijk meer geconcretiseerd worden door de op de minuutkaart zichtbare verkaveling achter de gevelwand (gele pijl)
32
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Verder lijkt uit archeologisch onderzoek in de kern van Arcen het
aangetoond dat de voormalige stadsgracht een breedte van 10
beeld naar voren te komen dat de noord-, oost- en zuidkant geen
tot 16 meter en een diepte van 2.3 tot 4.6 meter had. Hierbij werd
versteende vestingwerken hebben gekend.43 Bij een
de gracht richting de Maas dieper en breder.45
archeologische begeleiding in de straat Schans is op circa 30 meter van de huidige Schanstoren muurwerk aangetroffen dat in de Middeleeuwen of vroege nieuwe tijd stamt. Hier lijkt dus wel muurwerk te aanwezig te zijn. Of dit verband houdt tot het oorspronkelijke poortgebouw of een ander (verdwenen woonhuis), is onbekend. De locatie van de oude vestingwerken is nog bekend in het huidige straatbeeld en aan de huidige straatnamen. De muur liep vanaf de Schanstoren in oostelijke richting om ter plekke van de Wal naar het noorden af te buigen. De Graaf vormde de noordelijke begrenzing. Op deze locaties lag in eerste instantie een wal, voorzien van een gracht. In Renes (1999) wordt gesproken over een dubbele gracht.44 De Kurversgraaf, gelegen aan de zuidzijde
Afb. 27 De zuidelijke graaf (Kurversgraaf) is nog duidelijk herkenbaar in het landschap. Gezien vanaf de Schans.
van de dorpskern is een relict van de oude vestingwerken. De Kurversgraaf is aangewezen als rijksmonument (monumentnummer 8266). In 2017 heeft archeologisch onderzoek
▄▄▄▄▄▄▄ 43 44
45
Sommers 2021, p.41. Renes 1999, p.315.
Sommers 2021, p.31 (verwijzend naar: Dijk, X.C.C. van, Plangebied Kurversgraaf in Arcen, gemeente Venlo; archeologisch vooronderzoek: een karterend booronderzoek, (RAAP-Notitie 5116), Weesp 2017).
33
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
Stadspoorten — Aan het eind van de Maasstraat en de Koestraat
kan ook de directe verbinding tussen een laad- en loskade en de
(op de minuutkaart aangeduid als ‘Kooistraat’) stond een
vesting zijn geweest.47
stadspoort, respectievelijke de Leypoort en de Koepoort. Via de Leypoort liep Le Grand Chemin d’Arcen a Well. Via de Koepoort
Landweren — Behalve de vesting, lag er rond Arcen nog een
liep, over de huidige Lingsforterweg Le Grand Chemin d’Arcen a
aantal aanvullende defensieve werken. Aan de zuidelijke grens van
Walbeck et Straelen. Uit de kadastrale minuutkaart kunnen we
het onderzoeksgebied, ter hoogte van de Witbroekstraat en de
verder herleiden dat er geen grote straat in zuidelijke richting liep.
Kloosterhof (kantoor van het Limburgs Landschap), ligt een oude
De verbindingsweg naar Velden (Le Grand Chemin d’Arcen a
landweer.48 Een landweer was een aarden wal, dicht beplant met
Velden) liep vanaf de huidige kruising Schans-Lingsforterweg. De
struiken en jonge bomen, waarbij de takken werden vervlochten.
huidige verbinding vanuit het zuiden naar de kern is ontstaan in
De wallen hadden naast een defensieve functie ook een functie
1840-1845 en maakt deel uit van de aanleg van de
als veekering.
Rijksstraatweg.46 Een tweede opvallende wal die als structuur al zichtbaar is op de Vanaf de Maaspoort liep alleen een smal pad richting de molen.
kadastrale minuutkaart, bevindt zich ten oosten van de N271. Deze
Dit Sentier du Moulin bevindt zich op de overgang tussen de
loopt vanaf de Lingsforterweg in zuidelijke richting en ligt pal langs
Molenkamp en de uiterwaarde van de Maas (aangeduid als de
de Lange Hek (zie ook paragraaf 2.3.8). Ten zuiden buigt ze naar
Kreeftswaard), die hier ter plekke van de uitmonding van de
het zuidwesten af om te eindigen in het Egelder broek. Op de
Molenbeek, verbreedt. Het huidige wandelpad volgt nog
minuutkaart worden deze smalle, lange percelen aangeduid als
grotendeels deze eeuwenoude route. Of er oorspronkelijk, vóór de
‘hakhout’. Lange tijd werd aangenomen dat ook dit een landweer
bouw van de watermolen en de aanleg van het kasteelcomplex,
is geweest (Reutelingsperger, 2003).49 Of dit daadwerkelijk een
wel een grotere weg heeft gelopen, is onbekend. De Maaspoort
landweer is geweest, wordt nu door Reutelingsperger zelf in twijfel
▄▄▄▄▄▄▄ 46
47
Renes 1999, p.243. Hierin wordt aangegeven dat de Maaspoort de hoofdentree vanuit het zuiden was. Oude kaarten lijken dit in ieder geval niet te bevestigen. Hierover is in de literatuur niets te vinden.
48 49
34
Hoek, R. van der, Arcen Lomm Veldenclopedie, Venlo 2013, p.75. Hoek 2013, p.75 (verwijzend naar een artikel van L. Reutelingsperger uit 2003 in de Rin, een uitgave van de Historische vereniging).
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
getrokken.50. In de huidige opzet wordt de wal doorbroken door een aantal doorgangen en zijn er oost-westelijke wallen tegen geplaatst. Deze lijken verband te houden met de aanleg van enkele percelen loofbos in de late negentiende eeuw. Aangezien de structuur al wel op de minuutkaart zichtbaar, is het mogelijk dat een oude landweer is hergebruikt en aangepast. Uit de aanduiding als perceel hakhout kan al met zekerheid worden gesteld dat het hier ook al aan het begin van de negentiende eeuw een
Afb. 28 Kadastrale minuutkaart van het gebied ten oosten van Arcen (twee kaarten samengevoegd). De opvallende lange smalle percelen op de minuutkaart (rode pijlen) corresponderen met een nu nog aanwezige wal. Bron: beeldbank RCE, inv.nr. MIN11003A02 en MIN11003B01.
aangeplante wal betrof.
▄▄▄▄▄▄▄ 50
Dhr. Reutelingsperger heeft bij de auteur aangegeven dat hij nu, op basis van aanvullend onderzoek, van mening is dat de huidige structuur niet (meer) overeenkomt met een landweer.
35
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
2.3.5 Tolvesting en Maashandel
Dat op deze locatie een laad- en losplaats heeft gelegen, wordt ondersteund door de benamingen van de wegen en gebieden op
Maashandel51 — Arcen is al in de vroege veertiende eeuw een
de minuutkaart. Het toponiem Hamer (of Amer/Aemer) zien we
belangrijke handelsplaats. Het heeft stapelrecht op de Maas. Dat
regelmatig verschijnen voor aan de rivier gelegen locaties. Het
betekent dat van alles wat er per schip over de Maas langs Arcen
gaat hierbij altijd om vroegere overslaglocaties, en dan ook nog
komt, bepaalde goederen eerst in Arcen moeten worden
meestal vooral voor mergel.55 Het meteen ten noorden gelegen
opgeslagen en aangeboden, voordat het schip mag doorvaren.
gebied wordt aangeduid als het ‘Magazijn’. Dit lijkt te duiden op
De plaatsen in het graafschap Gelder maakten hier dankbaar
een opslagplaats. In een akte met betrekking tot Geldern en
gebruik van.
Wachtendonk wordt het magazijn bij Arcen vermeld. Hier lagen op 15 januari 1761 3000 bossen zuiver stro voor dakbedekking
In 1420 claimde Geldern het recht tot verladen van goederen bij
opgeslagen.56
Arcen. Om de vrijhandel te borgen, werd in 1441 door Pont, Veert het Ambt en de stad Geldern ook een tolvrije route naar de Maas
Een derde referentie is de oude benaming van de Eikenweerd.
bedongen.52 De goederen mochten over een zogenaamde
Deze wordt op de minuutkaart aangeduid als Mergelsteeg. Dit is
vrijstraat (vrij van tol) worden vervoerd. Deze liep via het Lingsfort.
passend bij de functie van een Hamer(t) als overslagplaats voor
Keltjens (1997) en Reutlingsperger (2020) geven aan dat de
mergel. Over de Mergelsteeg werd de mergel naar de Kruisweg
losplaats is gelegen aan het eind van de Derckxstraat, in het
vervoerd. Op deze kruising, ter plekke van het huidige Kruisweg 47,
gebied dat bekent staat als de Gelderse Hamert. 53 Mogelijk dat het
stond ooit een veerhuis dat tevens bekend stond als ‘kalkschop’,
toponiem ‘Gelders’ ook is gerelateerd aan deze vrijstraat. Bovendien vermeldt Keltjens (1999) dat Geldern in 1544 een laaden losplaats voor 62 goudgulden in Arcen koopt. 54 ▄▄▄▄▄▄▄ 51
52
Stoel, J., ‘Arcen en de handel op de Maas’, in: Jaarverslag Historische Werkgroep Arcen, Velden en Lomm, 1993, pp.31-38. Reutlingsperger, L., ‘Gelders Hamer, Magazijn, Mergelsteeg en Kalkschop: een historisch landschappelijke eenheid’, in: De Rin, nr.22 najaar 2020, p.16.
53 54 55 56
36
Keltjens 1999, p.38; Reutlingsperger 2020, p.16. Keltjens 1999, p.10. Reutlingsperger 2020, p.17. Reutlingsperger 2020, p.17.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
waar gebluste kalk werd opgeslagen.57 Dit volume is al vóór het optekenen van de kadastrale minuutkaart in 1811-1832 verdwenen. In de negentiende eeuw wordt op deze locatie een herberg gebouwd (zie paragraaf 2.4.3). Het is bekend dat mergel en stenen via de Rode Beek op vlotten over de Rode Beek naar het oosten werden getransporteerd.58 Gelet op de specifieke vermelding van het gebruik van vlotten, geeft Dijk (2009) aan dat we hieruit kunnen opmaken dat de beek ook toen al ondiep was (en dat het een moeizame transportroute moet zijn geweest).59 De naam Mergelsteeg kan erop duiden dat over deze steeg, vanaf het Magazijn, de stenen richting de Rode Beek werden getransporteerd. Een tweede overslagplaats lag aan de schanstoren, ter plekke van het huidige veer.60
Afb. 29 Detail van de kadastrale minuutkaart uit 1811-1832. De gele cirkel geeft de locatie van de oude laad- en losplaats weer. Hierboven zien we ‘het Magazijn’. De rode pijl wijst de naam Mergelsteeg aan. Bron: beeldbank RCE, inv.nr.MIN1003A02.
▄▄▄▄▄▄▄ 57 58
Reutlingsperger 2020, p.18. Stoel 1995, p.13, Dijk 2009, p.111; Renes 1999, p.155.
59 60
37
Dijk 2009, p.232. Reutlingsperger 2020, p.18.
10-februari-2022— CONCEPT
HWBP Noordelijke Maasvallei dijkring 65, Arcen Cultuurhistorisch bureauonderzoek
belang bij dat het stapelrecht blijft bestaan en ook het Gelderse achterland heeft de voorkeur voor de bestaande situatie, met een kortere ontsluiting. De handel blijft dan ook gewoon voortgaan. Tot circa 1400 zijn er geen archiefstukken bekend waaruit blijkt dat het doorgaan van de handel tot conflicten met Venlo heeft geleid. Daar komt rond 1400 verandering in. Een directe aanleiding is vermoedelijk de bouw van een nieuwe tolvesting, waarvan de resten tot de dag van vandaag behouden zijn. Na de bouw komt Venlo in verweer, zowel op schrift als fysiek. In het kasteelarchief (kasteel Arcen), aanwezig in het Gemeentearchief van Venlo, Afb. 30 De Eikenweerd, gezien vanaf de Derckxweg. Dit is de plek geweest waar een oude laad- en loskade lag. De velden aan weerszijde van dit pad, dat op de minuutkaart als Mergelsteeg wordt aangeduid, werden voorheen het Magazijn genoemd. Bron: google streetview.