077rv+rb Opvolgingsonderzoek schuldhulpverlening in Venlo.pdf
Tekst van het document
xx
Raadsvoorstel
GEMEENTERAAD
raadsnummer 2021
77 22 december 2021 Leefbaar Venlo
ons kenmerk 1813142
A. Vervoort
e-mail y.vangeel@venlo.nl
raadsvergadering d.d. programma portefeuillehouder
team RBRGRF steller drs. MAY van Geel doorkiesnummer datum 18 november 2021 bijlage(n) rapport rekenkamer datum verzonden 1 december 2021
Onderwerp Opvolgingsonderzoek schuldhulpverlening in Venlo.
Advies Vaststelling van de conclusies van het opvolgingsonderzoek van de rekenkamer naar de Schuldhulpverlening in Venlo en te blijven toezien op de uitvoering van alle 18 aanbevelingen, met name in de verbetering van het slim en systematisch gebruik van onderzoeksgegevens.
Aanleiding In december 2019 presenteerde de Rekenkamer Venlo haar rapport over schuldhulpverlening in Venlo aan de gemeenteraad. In de zomer van 2021, ruim anderhalf jaar na het verschijnen van het oorspronkelijke rapport, heeft de rekenkamer opnieuw naar de schuldhulpverlening gekeken met een zogenaamd opvolgingsonderzoek.
Beoogd effect In dit opvolgingsonderzoek is onderzocht hoe de door de raad vastgestelde aanbevelingen van het onderzoek van de rekenkamer zijn uitgevoerd. Rekenkamers doen van tijd tot tijd dergelijk onderzoek, met als voornaamste doel om vast te stellen of de door de gemeenteraad vastgestelde aanbevelingen daadwerkelijk zijn uitgevoerd. De rekenkamer Venlo is niet van plan om jaarlijks opvolgonderzoek te doen, maar alleen als er een goede reden voor is. In dit geval was dat het grote belang van goede schuldhulpverlening voor de inwoners van de Venlo en de noodzaak van verbetering daarvan. De rekenkamer hoopt de gemeenteraad hiermee te ondersteunen in zijn controlerende rol.
Raadsvoorstel
Argumenten De analyse van de wijze waarop het college de aanbevelingen heeft uitgevoerd, levert een gemengd beeld op. Geconstateerd wordt dat er op allerlei manieren en plekken in de organisatie hard is gewerkt aan de uitvoering van de 18 aanbevelingen. Er was heel veel te doen en te verbeteren, met een beperkte (ambtelijke) capaciteit. In de tussentijd kreeg de gemeente te maken met de coronacrisis, wat de zaken zeker niet heeft vergemakkelijkt. Anno december 2021 is een aantal aanbevelingen afgerond maar zijn diverse aanbevelingen niet of onvoldoende opgepakt. Dat is teleurstellend, omdat aan de raad was toegezegd (in het plan van aanpak van juni 2020 – zie RIB 062) dat veel zaken eind 2020 zouden zijn geregeld. Zie ook onderstaande toelichting per thema en het overzicht.
Toelichting per thema Thema 1 Uitvoeringsproces en samenwerking met PLANgroep In de uitvoering van de gemeentelijke schuldhulpverlening zijn diverse aanbevelingen goed opgepakt, zo blijkt uit het onderzoek. De gemeente maakt nog geen gebruik van een gevalideerd screeningsinstrument om de mogelijkheden van de klant bij het oplossen van de schuldproblematiek scherp in beeld te krijgen (aanbeveling 7). De argumentatie om dit niet te doen is niet overtuigend: screenen met behulp van een gevalideerd screeningsinstrument is niet strijdig met de persoonlijke aanpak die Venlo belangrijk vindt. Thema 2 Probleemanalyse en beleid schuldhulpverlening De rekenkamer stelt vast dat de gemeente het schuldhulpverleningsbeleid nog niet van een goede (informatie)basis heeft voorzien. Diverse aanbevelingen die hieraan bijdragen zijn onvoldoende uitgevoerd. Er is geen goede probleemanalyse van de aard en de omvang van de doelgroepen gemaakt (aanbeveling 1). Beschikbare data zijn niet (zichtbaar) gebruikt. Daardoor heeft de gemeente geen zicht op de vraag hoeveel mensen het betreft, waar ze kunnen worden gevonden, etc. Wat betreft de aanscherping en concretisering van de beleidsdoelen (aanbeveling 3) is het beeld gemengd. Er zijn wel op diverse plekken indicatoren geselecteerd, maar de gegevens daarvoor zijn niet altijd beschikbaar.
De indicatoren worden ook niet gebruikt voor (bestuurlijke) rapportages over de uitvoering van de schuldhulpverlening. Verder heeft de gemeente geen onderzoek uitgevoerd dat zicht biedt op de vraag of inwoners met schulden goed worden geholpen, en dat informatie oplevert over mensen met schulden die niet bij de gemeentelijke schuldhulpverlening aankloppen (aanbeveling 18). In combinatie met een adequate probleemanalyse van de schuldenproblematiek onder (groepen) inwoners, geeft een onderzoek naar het perspectief van de cliënt een belangrijke informatiebasis voor een verdere verbetering van het beleid en van de uitvoering op dit belangrijke beleidsterrein. 2
Raadsvoorstel
Thema 3 Aansturing gemeentelijke schuldhulpverlening De aansturing van de schuldhulpverlening is voor een deel aangepakt, maar zeker niet op alle onderdelen. Wat is verbeterd, is dat de vaste teamleiding van het team Werk tot meer consistentie en structuur in de aansturing van de uitvoering van de schuldhulpverlening heeft geleid (aanbeveling 6). Ook is er serieus naar de omvang en continuïteit van de bezetting van het cluster schuldhulpverlening gekeken en met de huidige vraag naar schuldhulpverlening lijkt de bezetting in kwantitatieve zin te voldoen (aanbeveling 4). De gemeente heeft echter geen zicht op de omvang en aard van de problematiek in de stad, weet dus niet hoeveel mensen ondanks hun problematische schulden geen beroep op de schuldhulpverlening doen en heeft dus ook geen zicht op de vraag wat ‘voldoende’ capaciteit is. Anders gesteld: ‘je bent er nog niet als je alleen de mensen in beeld hebt die zichzelf aan het loket melden’. Zicht op de (potentiële) doelgroep(en) is cruciaal voor het formuleren van concrete (beleids)doelen en voor het bepalen van het gewenste aanbod in de schuldhulpverlening. Een belangrijke aanbeveling was om te zorgen voor betere managementinformatie over de omvang en aard van de schuldhulpvraag als op de geboden schuldhulpverlening en de effectiviteit daarvan (aanbeveling 8).
Het onderzoek laat zien dat er een dashboard met verscheidene uitvoeringsindicatoren is ontwikkeld, dat sinds januari 2021 (betrouwbare) gegevens kan leveren. Het dashboard, dat nog in (door)ontwikkeling is, wordt gebruikt voor de interne monitoring van de uitvoering, maar (nog) niet voor (bestuurlijke) rapportages die zicht bieden op de resultaten van het beleid. De stand van zaken in de uitvoering van schuldhulpverlening wordt regelmatig op managementniveau geagendeerd (aanbeveling 9). Daarbij volgt men de invulling van de acties uit het teamplan Werk. Onduidelijk is wie de regie voert over het uitvoeren van het actieplan naar aanleiding van het rekenkamerrapport. De rekenkamer stelt verder vast dat binnen of buiten de P&Ccyclus geen herkenbare rapportage van de resultaten van de schuldhulpverlening heeft plaatsgevonden. Thema 4 Toegang tot de schuldhulpverlening De toegang tot de schuldhulpverlening via het wijkniveau is niet structureel aangepakt. Het is tot nu toe niet gelukt om een voor iedereen duidelijk beeld te schetsen (visualisatie) van de diverse toegangsmogelijkheden tot de schuldhulpverlening, de rol en positie van het cluster Schuldhulpverlening en de rol van de wijk- en I&A-punten daarin (aanbeveling 12).
Daardoor is er geen duidelijkheid gecreëerd voor de (professionele en vrijwillige) organisaties in de wijk over wat zij wel en niet kunnen en mogen aanbieden aan hulpverlening, en kan de training en coaching van wijkmedewerkers en -vrijwilligers op het vlak van schuldhulpverlening niet worden verbeterd. Het zicht van de gemeente op de problematische schuldenomvang in de stad is beperkt. Er is geen ‘overall’ registratie bij de gemeente van aantal, aard en afhandeling van vragen over schulden op wijkniveau en de gemeente beschikt niet over de bij Incluzio bekende
3
Raadsvoorstel
gegevens over aanmeldingen en afhandeling van (schuld)hulpvragen binnen de I&Apunten (aanbeveling 11). In de registratie van het cluster Schuldhulpverlening wordt wel vastgelegd of een schuldhulpvraag afkomstig is via een wijkpunt of via andere organisaties (zoals Humanitas en SchuldHulpMaatje). Verder is er geen herkenbare voortgang geboekt in het maken van concrete afspraken met de relevante organisaties in de wijken over toegang tot en informatiedeling over de gemeentelijke schuldhulpverlening (aanbeveling 13). Thema 5 Aanpak en opbrengsten van preventie en vroegsignalering Hoewel preventie veel aandacht krijgt in het beleidsplan en in het Addendum van het beleidsplan, is het beleid op dit punt niet zichtbaar uitgewerkt. Er wordt wel voorlichting gegeven over risico’s op het ontstaan van financiële problemen (bij ‘‘life events’’), maar omdat de gemeente onvoldoende zicht heeft op de aard en omvang van de schuldenproblematiek in de stad is deze vorm van preventie tamelijk ongericht. De rekenkamer stelt verder vast dat er geen zicht is op bereik en effectiviteit van de gekozen aanpak (aanbeveling 15). In de uitvoering is de vroegsignalering goed georganiseerd mede door het sluiten van convenanten met een groot aantal relevante organisaties. Deze aanpak wordt ook met wettelijke maatregelen ondersteund.
Er is een samenwerking met woningcorporaties en andere maatschappelijke partijen om tijdig zicht te krijgen op mensen die schulden ontwikkelen (aanbeveling 16). Vroegsignalering is in de werkprocessen van de SHV opgenomen en is onderdeel van het dashboard. Er is geen verslaglegging van de resultaten van vroegsignalering voorhanden. Thema 6 Kosten schuldhulpverlening en bewindvoering De aanbeveling om op gerichte wijze de hoge kosten van bewindvoering terug te dringen, is in beperkte mate uitgevoerd (aanbeveling 17). Een grondige analyse van de bewindvoering met een concreet plan om de inzet en de kosten van bewindvoering terug te dringen is niet opgesteld. De gemeente heeft inmiddels wel beter zicht op de bestaande groep inwoners in bewindvoering en de kosten die daarmee gepaard gaan. Er is een kleinschalige pilot gestart met extra begeleiding voor personen die mogelijk zouden kunnen uitstromen. De doelstelling van de gemeente om het aantal trajecten bewind te laten afnemen, door daar (onder meer) budgetbeheer voor in de plaats aan te bieden, lijkt nog niet behaald. De rekenkamer heeft geconstateerd dat de kosten van bewindvoering in de jaren 2019 en 2020 verder zijn toegenomen. Sinds voorjaar 2021 is sprake van een (zeer) licht dalende lijn. Opvallend is dat de kosten voor schuldhulpverlening (sterk) zijn gedaald.
Dat is (mede) een gevolg van de verminderde vraag naar, of noodzaak van, schuldregelingen (en van de inzet van PLANgroep in dit kader).
4
Raadsvoorstel
Aanbevelingen
Opvolging van aanbeveling
Oordeel
1. Maak een analyse van het schuldenprobleem en de risicogroepen 2. Stel een gemeentelijke verordening vast (geamendeerde aanbeveling) 3. Scherp samen met de uitvoering de doelen aan
niet uitgevoerd
4. Zorg voor goede bezetting
grotendeels uitgevoerd
5. Verbind beleid en uitvoering
uitgevoerd
6. Zorg voor meer structuur en aansturing van de uitvoering 7. Creëer beter zicht op (on)mogelijkheden van de klant aan de 'voorkant' 8. Registreer belangrijke gegevens over de uitvoering 9. Versterk de aansturing
grotendeels uitgevoerd
10. Organiseer betere afstemming en samenwerking binnen de gemeente 11. Registreer de schuldhulpvragen in de buurten
grotendeels uitgevoerd
12. Maak de toegang tot schuldhulpverlening inzichtelijk 13. Werk beter samen met de vrijwilligersorganisaties
niet uitgevoerd
14. Versterk de samenwerking met PLANgroep
grotendeels uitgevoerd
15. Werk doelgerichter en meer structureel aan preventie 16. Organiseer de vroegsignalering goed en inzichtelijk 17. Verbeter het inzicht en de grip op bewindvoering
deels uitgevoerd
18. Kies het perspectief van de inwoners
niet uitgevoerd
uitgevoerd deels uitgevoerd
niet uitgevoerd deels uitgevoerd deels uitgevoerd
enigszins uitgevoerd
enigszins uitgevoerd
grotendeels uitgevoerd enigszins uitgevoerd
5
Raadsvoorstel
Kanttekeningen Welke aanbevelingen belangrijk zijn, en welke misschien minder, bepaalt uiteindelijk de gemeenteraad. De rekenkamer wil zelf graag op één rode draad in het onderzoek wijzen. In het dossier schuldhulpverlening is ons inziens veel verbetering mogelijk als het gaat om een slim en systematisch gebruik van onderzoeksgegevens, al dan niet reeds (elders) beschikbaar. De gemeente heeft geïnvesteerd in het beschikbaar maken van noodzakelijke sturingsinformatie, om zo de uitvoering van de schuldhulpverlening te kunnen monitoren en eventueel bijsturen. Dat is een goede zaak. Juist aan de voorkant en aan de achterkant van het proces werkt de gemeente in zekere zin in het duister. We duiden dan met name op de aanbevelingen 1 en 18. Aan de voorkant is er weinig zicht op de vraag wie waar in de stad last heeft van problematische schulden, en of die mensen wel worden bereikt. Pas als mensen eenmaal bij de klantadviseurs schuldhulpverlening hebben aangeklopt, heeft de gemeente ze in het vizier. Maar je zou graag willen dat de gemeente meer werk maakt van het ‘vinden’ van mensen, zodat ze eerder kunnen worden geholpen. Juist bij schuldenproblemen kan een tijdige aanpak veel ellende voorkomen.
Aan de achterkant zou de gemeente moeten willen onderzoeken of mensen goed geholpen zijn, of ze structureel uit de problemen zijn en welke lessen zij de gemeentelijke schuldhulpverleners eventueel kunnen meegeven. Zowel aan de voorkant als aan de achterkant is dus stevig onderzoek nodig, vanuit het perspectief van de inwoners. Niet wachten tot mensen ‘in het systeem’ zitten, maar onderzoeken of en in welke mate zij met schulden kampen, of daar patronen in zitten, wat mensen eventueel weerhoudt om hulp te zoeken, en ook wat het ze oplevert als ze dat daadwerkelijk hebben gedaan. Daar kan je als gemeente veel aan hebben voor de bijsturing en eventueel aanpassing van je beleid. Deze oproep sluit ons inziens naadloos aan bij het ambitieuze programma van de gemeente Venlo voor informatiegestuurd (ofwel datagestuurd) handelen. Het zou mooi zijn als daar voor de schuldhulpverlening op korte termijn werk van wordt gemaakt.
Financiën Het onderzoek is in opdracht van de rekenkamer uitgevoerd door onderzoeksbureau BBSO voor een bedrag van € 18.360, exclusief btw (budget rekenkamer).
Communicatie Voor de beoordeling van de uitvoering van de 18 aan het college gerichte aanbevelingen uit het schuldhulpverleningsonderzoek zijn interviews afgenomen met sleutelinformanten
6
Raadsvoorstel
van de gemeente, uitvoerende professionele en vrijwilligersorganisaties en externe betrokkenen.
Agendering presidium Op verzoek van de rekenkamer wordt het voorstel nu behandeld in de gemeenteraad.
Vervolgprocedure raad Met deze analyse beschouwt de rekenkamer haar werk op het thema schuldhulpverlening als afgerond. Het is nu aan de gemeenteraad om de vinger aan de pols te houden bij de verdere verbeteringen van de schuldhulpverlening in Venlo. Rekenkamer van de gemeente Venlo De voorzitter
De secretaris
Klaartje Peters
Yvon van Geel
Bijlagen Nr. 1.
Naam Opvolgingsonderzoek schuldhulpverlening Venlo.
Datum
7
Raadsbesluit onderwerp raadsnummer 2021 raadsvergadering d.d.
GEMEENTERAAD Opvolgingsonderzoek schuldhulpverlening in Venlo. 77 22 december 2021
team RBRGRF steller drs. MAY van Geel doorkiesnummer e-mail y.vangeel@venlo.nl datum 1 december 2021
De raad van de gemeente Venlo; Gelezen het advies van de rekenkamer en het advies van presidium, registratienummer 1813142; besluit: Vaststelling van de conclusies van het opvolgingsonderzoek van de rekenkamer naar de Schuldhulpverlening in Venlo en te blijven toezien op de uitvoering van alle 18 aanbevelingen, met name in de verbetering van het slim en systematisch gebruik van onderzoeksgegevens. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 december 2021. De griffier
De voorzitter
Geert van Soest
Antoin Scholten