CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

071 bijl1 BESTUURLIJK RAPPORT_aanpak leegstand Venlo.pdf

Raadsvergadering 30 november 2022, gemeente VenloBij agendapunt: 4.6: RV 71 Rekenkameronderzoek aanpak winkelleegstand binnenstad2.017 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo Venlo, 27 september 2022

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Bestuurlijk rapport

Pagina 1

SECRETARIAAT REKENKAMER VENLO Secretaris Debbie Steens d.steens@venlo.nl Adres Postbus 3434 5902 RK Venlo Telefoonnummer 077 – 359 9642 Website https://www.venlo.nl/rekenkamer

SAMENSTELLING REKENKAMER VENLO Leden Klaartje Peters, voorzitter Jan-Willem van Giessen Lars Heuvelmans Johan de Kruijf Raquel van de Put Inge Simons I&O RESEARCH Uitgave I&O Research Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam Auteurs Thijs Lenderink Anouk Smeltink-Mensen Charlot Stensen

Het overnemen uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld.

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 2

1. INLEIDING De rekenkamer Venlo heeft onderzoek laten doen naar de aanpak van leegstand in het centrum van Venlo. Aanleiding voor het onderzoek was onder meer de zorgelijke verwachting dat de coronacrisis negatieve effecten zou hebben op de leegstand in binnensteden en het - mede op grond daarvan - in september 2021 gepresenteerde Plan Binnenstad Venlo 2030. Doel van het onderzoek was om te vast te stellen of de gemeente de bestrijding van leegstand goed aanpakt. De hoofdvraag van het onderzoek luidt: Welke rol kiest de gemeente Venlo - en welke instrumenten gebruikt de gemeente om leegstand in het centrum van Venlo te voorkomen en aan te pakken? En wat zijn hiervan de effecten? Deze hoofdvraag is uitgewerkt in een aantal deelvragen. Die zijn te vinden in het bijgevoegde bevindingenrapport. Antwoorden op de onderzoeksvragen zijn gebaseerd op dossierstudie en interviews binnen de gemeente en met de stakeholders waar de gemeente mee optrekt (centrumondernemers, vereniging vastgoedeigenaren Venlo, centrummanagement) (zie het bevindingenrapport). De rekenkamer komt op basis van de bevindingen uit het onderzoek tot een aantal conclusies en aanbevelingen, die hieronder worden gepresenteerd.

2. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Algemene conclusie: het gaat behoorlijk goed, maar verbetering is mogelijk De rekenkamer oordeelt op basis van het onderzoek dat de gemeente in de vorige coalitieperiode redelijk voortvarend werk heeft gemaakt van de leegstand. De inzet van de gemeente heeft ogenschijnlijk effect: de leegstand is gedaald, al hebben daar ook andere factoren aan bijgedragen (b.v. economische voorspoed en vraag naar woningen). De gemeente heeft samen met stakeholders een visie op de binnenstad 2030 laten opstellen, het Plan Binnenstad 2030. De uitvoering van de actiepunten in die visie wordt momenteel door de gemeente en andere betrokken partijen opgepakt. De rol van de gemeente bij de aanpak van leegstand kan worden getypeerd als een faciliterende rol. Zij zet daarbij een aantal instrumenten in. Het transformatiefonds springt daarbij het meest in het oog, en vraagt ook de meeste financiële middelen. De rekenkamer is van mening dat een deel van het instrumentarium nog wel gerichter kan worden ingezet. Dat is ook nodig nu de coronasteun aan ondernemers wordt afgebouwd en er een gerichter en mogelijk ook zwaarder instrumentarium nodig is voor de zuidelijke binnenstad en andere concentraties van leegstand. Daarbij is het ook van belang dat de andere partners (vastgoedeigenaren en ondernemers) hun financiële inzet vergroten.

De gemeenteraad wordt goed maar wel gefragmenteerd geïnformeerd over de leegstand en de aanpak daarvan. De raad zelf zou een actievere rol kunnen pakken op het dossier om bijvoorbeeld ook de continuïteit van de aanpak te borgen.

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 3

Conclusie: Leegstand centrum gedaald, onder meer door inzet gemeente De leegstand in Venlo centrum ontwikkelde zich veel gunstiger dan men tijdens de corona-periode verwachtte en ook gunstiger dan gemiddeld in winkelgebieden van vergelijkbare omvang. Op 1 januari 2022 lag de leegstand met 9,7 procent voor het eerst onder het streefniveau van de gemeente: 10% leegstand van de vierkante meters detailhandel. Er is wel een tweetal plekken in het centrum (zuidelijke binnenstad en Lomstraat/Vleesstraat) waar concentratie van leegstand een zorgpunt is. De gemeente heeft de leegstand scherp in beeld. De positieve ontwikkeling van leegstand is niet één op één toe te wijzen aan de beleidsinspanningen. Wel is het de perceptie van alle betrokkenen dat de uitvoering van Plan Binnenstad 2030, de ingezette samenwerking tussen stakeholders en de inzet van centrummanagement hier een bijdrage aan hebben geleverd. Daarnaast hebben marktontwikkelingen (zoals de vraag naar woningen), economische voorspoed en de coronasteunmaatregelen een positieve invloed op de leegstand gehad.

Conclusie: Optimisme overheerst, maar er zijn aandachtspunten Gemeente en stakeholders zien de toekomst van de binnenstad en de leegstand eerder rooskleurig dan somber in. Dat geeft ook de energie om eraan te werken. Maar er zijn wel aandachtspunten. Het centrum draait in economisch opzicht nog niet op het niveau van voor corona. En de afbouw van de coronasteun en het kwakkelende consumentenvertrouwen hebben mogelijk een negatief effect op het functioneren van de binnenstad. Omdat het onderzoek indirect ook over het functioneren van de binnenstad als geheel gaat, noemen we nog een punt van zorg. Het lijkt aan een uitgesproken (actuele) visie te ontbreken op de afhankelijkheid van de Duitse consument en het daarmee samenhangende beeld van de ‘2 binnensteden’: de noordkant voor de Duitse kooptoeristen, en de zuidkant voor het Nederlandse publiek. De segregatie op zich is niet zozeer een probleem, maar de grote afhankelijkheid van het Duitse kooppubliek mogelijk wel. Het Plan Binnenstad 2030 waarschuwt al: als de binnenstad van Venlo om wat voor reden dan ook in de (nabije) toekomst minder interessant wordt voor Duitse consumenten, dan heeft dat direct grote gevolgen voor het aanbod aan de noordkant van de binnenstad, en daarmee voor de leegstand.

Aanbeveling: Expliciteer in de komende detailhandelsvisie in samenspraak met de stakeholders welk type binnenstad Venlo wil zijn, op welke doelgroepen ze zich daarmee richt en hoe eventuele ‘schuurpunten’ daarbij beheersbaar blijven. Besteed in de voorbereiding en de raadsbehandeling expliciet aandacht aan (kans en omvang van) het risico van de 'Duitse afhankelijkheid'.

Conclusie: Aanpak leegstand eerder reactief dan preventief De afgelopen 10 jaar (Visie Stedelijk centrum, 2012) voerde de gemeente beleid om de kwaliteit van het centrum te vergroten. De reductie van leegstand is in die periode regelmatig een beleidsdoel geweest. Ook in relatie tot maatschappelijke effecten die dat tot gevolg hebben: verbeteren kwaliteit van de openbare ruimte, voorkomen van verloedering en realisatie van een aantrekkelijk en toekomstbestendig centrum. Er is geen sprake van een separaat geformuleerd leegstandsbeleid. Het streefniveau van maximaal 10 procent leegstaande meters detailhandel wordt niet expliciet beargumenteerd. Er wordt door het gemeentebestuur ook geen expliciet verband gelegd tussen de ontwikkeling van de leegstand en verandering van de beleidsinspanningen. De laatste jaren is er in Venlo meer aandacht gekomen voor de aanpak van leegstand en de middelen die daarvoor nodig zijn. De reden hiervoor lijkt deels financieel (Venlo kreeg meer armslag) en deels politiek te zijn (nieuw college in 2018). Daarnaast speelde ook de oplopende leegstand in 2018 en 2019 een rol (urgentie).

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 4

Conclusie: Huidig instrumentarium voldoet nu maar biedt minder soelaas bij komende uitdagingen De gemeente zet vooral het transformatiefonds in om leegstand direct of indirect aan te pakken. De keuzes van de gemeente voor instrumenten lijken niet optimaal aan te sluiten bij de beoogde (inhoudelijke) koers van de binnenstad en de rol die de verschillende functies, stakeholders en locaties daarin vervullen. Als keuzes vanuit deze bredere context worden gemaakt, kan de gemeente meer focussen, andere (steviger) instrumenten inzetten of het huidige instrumentarium meer doelgericht inzetten. Dat zal bij de zuidelijke binnenstad en Lomstraat/Vleesstraat ook nodig zijn, verwacht de rekenkamer op basis van dit onderzoek. Aanbeveling: Evalueer de resultaten van het transformatiefonds tot nu toe. Moet het overal inzetbaar zijn, of kan het gerichter? Stuur daarbij dus meer op het beoogde resultaat. Mogelijk dat een transitie- of transformatiecoach hierbij behulpzaam kan zijn.

Aanbeveling: Overweeg een systematischer inzet van het instrument “matchmaking” (bijeenbrengen vraag en aanbod) onder andere ten behoeve van de nieuwe gebiedsprofielen. De wijze waarop dit instrument in Blerick en Tegelen wordt ingezet, kan hierbij mogelijk als inspiratie dienen.

Conclusie: Samenwerking met en tussen stakeholders kan beter Hoewel met het Plan Binnenstad 2030 in 2021 nadrukkelijk de samenwerking met vastgoedeigenaren en ondernemers werd gezocht, is er ruimte voor verbetering. Zo vinden de ondernemers en vastgoedeigenaren dat de (formele) organisatie van de samenwerking beter kan, bijvoorbeeld door hen formeel te betrekken bij het aansturen van het centrummanagement. Vanuit de gemeente is de wens dat de stakeholders het algemeen belang in het oog houden. De afgelopen jaren is de inzet van gemeentelijke middelen bij de aanpak van de binnenstad en de leegstand opgelopen. Hoewel er zowel bij de vastgoedeigenaren als bij de binnenstadondernemers (die op dit moment via reclamebelasting bijdragen aan de binnenstad) ideeën leven voor het oprichten van een BIZ (een zogenaamde BedrijvenInvesteringsZone), is de gemeente de partij uit de “gouden driehoek” die duidelijk het meest bijdraagt aan de uitvoering van het Plan Binnenstad 2030. Tot nu toe wordt door de bij de leegstandsaanpak betrokken actoren in Venlo veel naar elkaar en vooral naar de gemeente gekeken. Maar de gemeente is niet alleen verantwoordelijk voor het functioneren van de binnenstad. Wél is het aan de gemeente om duidelijk te zijn over wat zij met de binnenstad voor ogen heeft en welke rol zij daarin voor zichzelf ziet weggelegd.

Ook de andere stakeholders zullen hiervoor bij zichzelf en hun achterban te rade moeten gaan en zich dusdanig moeten organiseren (bijvoorbeeld in de vorm van een BIZ) dat ze een volwaardige rol in de beoogde binnenstadsorganisatie kunnen vervullen. Aanbeveling: Zorg voor een duidelijke en gedragen binnenstadsorganisatie. Zie de binnenstad hierbij als bedrijf dat om goed bestuur vraagt en waarin de verschillende afdelingen en functies (stakeholders) een eigen, duidelijk omschreven rol vervullen. Het is essentieel dat de verschillende bedrijfsonderdelen (stakeholders) zien dat zij hierin een verantwoordelijkheid hebben. De binnenstadsorganisatie van Deventer (zie https://www.sdbm.nl/organisatie-sdbm/ is daar een goed voorbeeld van. Overigens is de organisatiestructuur ook een thema waarin bij de uitwerking van het Plan Binnenstad 2030 wordt voorzien.

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 5

Conclusie: Rol gemeente is niet duidelijk De inzet van de instrumenten en de middelen door de gemeente lijkt niet gebaseerd op een bewust gekozen eenduidige rol voor de gemeente in de binnenstad. Stakeholders vragen -al dan niet terecht- om een (nog) actievere regierol van de gemeente of om middelen om zelf de regie te kunnen nemen.

Aanbeveling: Wees duidelijk over de rol die die de gemeente voor zichzelf voor ogen heeft en over de plek die ze daarmee inneemt binnen de beoogde binnenstadsorganisatie. De keuze voor instrumenten en de inzet van middelen moeten passen bij deze rol.

Conclusie: Informatievoorziening aan de raad compleet maar gefragmenteerd De raad wordt van de juiste informatie voorzien, maar de informatie is weinig gestructureerd. Informatie over de door de gemeente gekozen rol en een financieel overzicht van de inspanningen worden enigszins impliciet gemeld. De raad ontving recentelijk de meest actuele leegstandscijfers in een update van Meetbaar Venlo, die deels al eerder beschikbaar waren in de Thermometer Binnenstad van Venlo Partners. De rekenkamer stelt verder vast dat de raad zich niet actief bezighoudt met kaderstelling en controle op dit dossier.

Aanbeveling: Wees als gemeentebestuur richting raad duidelijk over hoe beleid, (actie-)plannen, instrumenten en middelen samenhangen. Geef een onderbouwing voor inzet van instrumenten en middelen. Ook de rolneming is een onderwerp om met de raad te bespreken.

Aanbeveling: Vraag Venlo Partners om de Thermometer Binnenstad aan te bieden aan de raad. Uitleg over de definitie van leegstand en de afbakening van het gebied waarover wordt gerapporteerd is daarbij belangrijk.

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 6

3. BESTUURLIJK WEDERHOOR

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 7

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 8

4. NAWOORD De rekenkamer is blij met de reactie van het college op het rapport Aanpak Leegstand Venlo. Het college herkent de bevindingen en wil aan de slag met de aanbevelingen. Zo is de gemeente van plan haar rol in de samenwerking met ondernemers en vastgoedeigenaren scherper te definiëren en het instrumentarium uit te breiden. Wij zullen die acties en de uitvoering van Plan Binnenstad 2030 met belangstelling blijven volgen. Indien nodig zal de rekenkamer, bijvoorbeeld in de vorm van een opvolgonderzoek, opnieuw aandacht aan het onderwerp leegstand besteden.

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 9

Bestuurlijk rapport - Aanpak winkelleegstand binnenstad Venlo

Pagina 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/32/documents/2752