070bijl Locatiestudie jachthaven Venlo.pdf
Tekst van het document
Opdrachtgever: Projectnr: Datum:
Gemeente Venlo VNO146 21 september 2021
Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:
Gemeente Venlo VNO146 VNO146-locatiestudie jachthaven Venlo -V4.0 Definitief 21 september 2021
Opsteller: SR
T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
-+C0SR+-
Verificatie: PV/EGERA
-+R0PV/EGERA+-
Validatie: EGERA
© 2019 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
-+V0EGERA+-
INHOUDSOPGAVE 1.1 1.2 1.2.1 1.2.2 1.3 1.4
Aanleiding / doelstelling.......................................................................................................................................................7 Programma .........................................................................................................................................................................8 Doel en gebruikers ...............................................................................................................................................................8 Ruimtegebruik .....................................................................................................................................................................8 Locaties ............................................................................................................................................................................ 10 Opbouw rapportage ........................................................................................................................................................... 12
2.1 2.2 2.3 2.4
Inleiding ........................................................................................................................................................................... 13 Opgaves ........................................................................................................................................................................... 13 Cross-overs ........................................................................................................................................................................ 13 Planologisch proces ............................................................................................................................................................ 14
3.1 3.2 3.3 3.4
Inleiding ........................................................................................................................................................................... 17 (Hoogte)ligging ................................................................................................................................................................. 17 Conditionering ................................................................................................................................................................... 18 Eigendom ......................................................................................................................................................................... 19
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Algemeen ......................................................................................................................................................................... 21 Locatie Raaijeind ............................................................................................................................................................... 21 Locatie Lomm.................................................................................................................................................................... 23 Locatie Maaswaard ............................................................................................................................................................ 25 Locatie Océ-Weerd ............................................................................................................................................................. 27
5.1 5.2
Opbouw ........................................................................................................................................................................... 31 Verwachte investeringskosten.............................................................................................................................................. 32
6.1 6.2 6.2.1 6.2.2 6.2.3 6.2.4 6.2.5
Advies .............................................................................................................................................................................. 35 Overwegingen ................................................................................................................................................................... 35 Locatie Océ-Weerd ............................................................................................................................................................. 35 Locatie Raaijeind ............................................................................................................................................................... 36 Locatie Maaswaard ............................................................................................................................................................ 36 Locatie Lomm.................................................................................................................................................................... 37 Vogelvlucht over de alternatieven ........................................................................................................................................ 38
Bijlage 1: Locaties Bijlage 2: Beleidsanalyse Bijlage 3: Ruimtelijke analyse Bijlage 4: SSK-ramingen
5
6
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding / doelstelling Deze locatiestudie voor de nieuw te realiseren jachthaven in Venlo is uitgevoerd in opdracht van de gemeente Venlo. Op 29 januari 2014 heeft de raad van de gemeente Venlo de beleidsnota Ruimte voor de Haven! industriehaven Venlo vastgesteld. Hiermee heeft de raad ingestemd om een verdere ontwikkeling van de industriehaven in beginsel mogelijk te maken. In lijn met de Havenvisie Venlo 2020-2030 is verplaatsing van de bestaande jachthaven noodzakelijk gebleken om de doorontwikkeling van de industriehaven mogelijk te maken. De veiligheid van de gebruikers van de jachthaven kan op termijn – bij een combinatie van de beide functies – immers niet voldoende worden gewaarborgd.
Figuur 1. Huidige jachthaven. Bron luchtfoto: www.pdok.nl
In totaal zijn er vier locaties in beeld als mogelijke nieuwe locatie voor de jachthaven. Deze locaties bevinden zich allen direct aan de Maas, zowel ten zuiden als ten noorden van de huidige jachthaven. Drie locaties liggen binnen de gemeentegrens van Venlo, een locatie is gelegen op grondgebied van de gemeente Horst aan de Maas. Voorliggende studie bevat een advies voor een voorkeursoplossing voor de nieuwe jachthaven. Deze voorkeursoplossing is geselecteerd op basis van een beleids- en gebiedsanalyse waarbij op structuurniveau schetsen en bijbehorende investeringsbegrotingen zijn opgesteld. Bij het opstellen van het advies is tevens rekening gehouden met de benodigde tijdsspanne die nodig zal zijn om de beoogde functies ook daadwerkelijk te realiseren.
7
1.2
Programma
1.2.1
Doel en gebruikers De gemeente heeft als doelstelling om de brede watersportaccommodatie te behouden bij doorontwikkeling van de industriehaven, waarin: Watersport als een verenigingssport dient te worden gezien. De verenigingen een meerwaarde zien in samenwerking op een nieuwe locatie. Het noodzakelijk is om te voorzien in goede en moderne faciliteiten. Het delen van kosten voor gemeenschappelijke voorzieningen wordt gezien als koppelkans. Behoud van eigen identiteit voorop staat, maar niet in alle facetten mogelijk is. De huidige jachthaven wordt gebruikt door een drietal verenigingen: 1. WSV de Maas Kent een gebruik in motorbootvaren, zeilen en (sloep)roeien met circa 200 ligplaatsen waarvan maximaal 20% beschikbaar is voor passanten. 2. Waterscouting Belletable – Stella Maris Scoutingvereniging met circa 100 leden, waarvan ongeveer 70% jeugd. Daarnaast kent deze vereniging een omvangrijke groep steunende oud-leden. 3. Venlose Reddingsbrigade Voert in de jachthaven haar watergebonden activiteiten uit. De jeugdleden vormen het bestaansrecht voor de waterscouting, kanovereniging en voor het onderdeel (sloep)roeien. Doordat het gros van deze jeugdleden woonachtig is in de nabije omgeving heeft het voor de verenigingen de voorkeur dat de nieuwe locatie van de jachthaven wordt gesitueerd tussen de A67 en de A73.
Hierbij is bereikbaarheid per fiets essentieel voor het voortbestaan. De ligging van de nieuwe jachthaven in of vlakbij het stedelijke centrum kan daarnaast een impuls zijn op met name het meerdaagse verblijf van passanten, mits hiertoe bij realisatie de nodigde voorzieningen worden getroffen. Aanvullend op bovenstaande gebruikers heeft Kanovereniging Viking in het recente verleden aangegeven in beginsel meerwaarde te zien in de integratie van activiteiten binnen een brede watersportaccommodatie. In het kader van onderhavige studie wordt integratie van deze activiteiten dan ook als ‘meekoppelkans’ meegenomen. In de huidige situatie heeft Kanovereniging Viking haar accommodatie aan de Vikingweg 1 in Venlo (direct ten noorden van het Viecuri Medisch Centrum).
1.2.2
Ruimtegebruik Het huidige en beoogde ruimtegebruik wordt uitgesplitst in watergebonden en droge voorzieningen. Daarnaast worden overige activiteiten beschreven die in de huidige situatie gecombineerd worden met de jachthaven en die gebruikers in de toekomst ook graag behouden. Watergebonden voorzieningen. De huidige locatie heeft de beschikking over een ‘eigen plas’ die gebruikt wordt als oefenplas (circa 3,2 ha) én als jachthaven (2 ha). Een ‘eigen’ oefenplas is noodzakelijk omdat jeugdleden zonder diploma’s niet de Maas op mogen. In de huidige situatie wordt de monding van de industriehaven gebruikt als aanvullende oefenplas voor de wat meer geoefende leden.
8
Voor een nieuwe locatie komt dit neer op: Invaart met een breedte van minimaal 10 meter en een diepte van minimaal 4 meter. Een jachthaven met een oppervlakte tussen de 2 - 2,5 hectare met een diepte van circa 4 meter. Een oefenplas met een oppervlakte van circa 5 - 6 hectare met een variabele diepte. De invaart van jachthaven mag door de oefenplas. Droge voorzieningen In onderstaande tabellen wordt, per gebruiker, specifiek ingezoomd op de droge voorzieningen (gebouwen en buitenruimte). WSV de Maas (inclusief roeien) Havengebouw + restaurant Buitenterras Toilet en doucheruimte (kan in havengebouw) Loods Parkeerterrein Buitenopslag
360 m² 100 - 120 m² 70 m² 360 m² 1.200 m² 4.500 m²
Waterscouting Belletable – Stella Maris Verenigingsgebouw Ruimte voor activiteiten Evenemententerrein (1 à 2 keer per jaar)
600 m² (zonder integratie) + 150 m² berging 2.650 m² 10.000 m²
Venlose Reddingsbrigade Loods inclusief instructieruimte
Verenigingsgebouw Kampeerweide Overig terrein
150 m² (zonder integratie) + 24/7 bereikbaar
Kanovereniging Viking (meekoppelkans) 250 m² (zonder integratie) 1.000 m² 4.000 m² (huidig, wens verdubbelen)
Overige activiteiten Tot slot heeft WSV de Maas aangegeven in de huidige situatie haar begroting sluitend te krijgen zonder eventuele subsidies. Dit is mogelijk door inkomsten uit restaurant en camperplaatsen (twintig plaatsen) en door liggelden van leden en passanten. Deze activiteiten wenst men in de toekomst, op een eventueel andere locatie, te behouden.
9
1.3
Locaties In onderhavige studie worden de volgende potentiële locaties beschouwd. De locaties en gebiedsafbakening staan weergegeven in bijlage 1 van deze rapportage. 1. Raaijeind Gesitueerd aan de westzijde van de Maas, gelegen buiten het centrum van Venlo (grondgebied gemeente Horst aan de Maas), direct ten noorden van de A67. Deze locatie wordt momenteel ontgrond. De locatie wordt na de exploitatiefase (ontgronding en herinrichten plas) opgeleverd als natuur. 2. Hoogwatergeul Lomm Gesitueerd aan de oostzijde van de Maas, nabij Lomm. Deze locatie wordt momenteel nog deels ontgrond en heringericht als natuur. In het noorden van deze locatie is een nevengeul gegraven welke in gebruik is als natuurlijk dagstrand. 3. Maaswaard Venlo Gesitueerd aan de oostzijde van de Maas, direct ten zuiden van de binnenstad van Venlo. Deze locatie kent momenteel een klein open water De Oude Beemden (< 1 ha). Er is geen open verbinding met de Maas aanwezig. Het gebied is grotendeels ingericht als natuur- en stadspark. 4. Océ-Weerd Gesitueerd aan de oostzijde van de Maas, direct ten noorden van Venlo (Genooi). De locatie wordt opgesplitst in een binnendijks en buitendijks gebied. Het buitendijkse gebied is momenteel ingericht als natuurgebied en het binnendijkse gebied wordt grotendeels agrarisch gebruikt; een kleiner deel is in gebruik als sportveld.
Deze locatie vormt onderdeel van een zoekvraag voor rivierverruiming; daarnaast rust er nog een opgave in het kader van dijkversterking.
10
Figuur 2. Beoogde locaties. Bron luchtfoto: www.pdok.nl
11
1.4
Opbouw rapportage Doel van deze rapportage is het analyseren van de haalbaarheid van de vier potentiële locaties en op basis hiervan het formuleren van een voorkeurslocatie. Het haalbaarheidsonderzoek bestaat uit de volgende onderdelen Hoofdstuk 2: Beleidsanalyse Analyse van de inpasbaarheid van het initiatief op basis van ruimtelijke ordening en vigerende beleidskaders, met de daarbij behorende aandachtspunten. Hoofdstuk 3: Ruimtelijke analyse Analyse van de inpasbaarheid van het initiatief op basis van de conditionerende aspecten en de eigendomssituatie, met de daarbij behorende aandachtspunten. Hoofdstuk 4: Inrichtingsschetsen Inrichtingsschetsen per locatie met bijbehorende uitgangspunten. Hoofdstuk 5: Investeringskosten Investeringskostenraming gebaseerd op de opgestelde inrichtingsschetsen. Hoofdstuk 6: Advies Advies aan gemeente Venlo.
12
2
BELEIDSANALYSE
2.1
Inleiding In bijlage 2 van deze rapportage is een analyse van relevante beleidsdocumenten opgenomen. Het betreft: Kaderrichtlijn Water Beleidslijn grote rivieren Hoogwaterbeschermingsprogramma POVI Ruimtelijke structuurvisie Venlo Voorverkenning Vierwaarden Actieplan Waterrecreatie Midden- en Noord-Limburg Naast het beleid bevat deze bijlage ook een analyse van het vigerende planologische kader op de vier beoogde locaties. Dit hoofdstuk bevat een beknopte managementsamenvatting met daarin, gerelateerd aan de beoogde ontwikkeling, de belangrijkste aandachtspunten.
2.2
Opgaves Uit analyse van het Deltaprogramma, Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), Kaderrichtlijn Water en Integraal Riviermanagement (IRM) blijkt dat er in het gebied rondom de Maas gelegen in de gemeenten Horst aan de Maas en Venlo nog opgaves liggen in het kader van hoogwaterbescherming. Deze ontwikkelingen zijn met name relevant voor de locatie Océ-Weerd. Deze locatie is immers gelegen binnen de projectgrens ‘Velden-Venlo’ van het HWBP. Daarnaast vindt er aan de noordzijde van dit gebied een verkenning van mogelijke KRW-maatregelen plaats. Recent is onder penvoering van Waterschap Limburg een pilot onder IRM gestart in de vorm van een voorverkenning Vierwaarden, om te komen tot een samenhangende aanpak voor opgaves. Locatie Raaijeind is momenteel in gebruik door de Centrale Verwerkingsinstallatie (CVI) Raaijeind. Deze installatie is noodzakelijk om ruwe grondstoffen te verwerken die vrijkomen vanuit het project Zandmaas / Maasroute, specifiek het gebied tussen Venlo en Arcen. Het project Zandmaas bestaat uit meerdere deelprojecten. Eén van de onderdelen van dit plan betreft het verbreden van de rivier op bepaalde trajecten, waarbij ook de vaarroute wordt verbeterd (verdiept). De locatie Raaijeind zal de komende vijftien jaar nog in gebruik zijn voor de CVI.
Na afloop van de exploitatieperiode wordt invulling gegeven aan de natuurdoelstellingen die voor delen van het plangebied zijn vastgelegd. Het zoekgebied in Lomm vormt eveneens onderdeel van het project Zandmaas. In het gebied is een hoogwatergeul gerealiseerd in combinatie met de ontwikkeling van nieuwe, 'natte' natuur. Het project wordt aankomend jaar afgerond. Voor het gebied Maaswaard ligt er géén, nog te realiseren, beleidsmatige opgave in het kader van waterveiligheid en/of natuurontwikkeling.
2.3
Cross-overs In de gemeentelijke Structuurvisie 2014 is reeds een zoekgebied opgenomen voor het realiseren van een nieuwe jachthaven, ter vervanging van de jachthavenfunctie in de industriehaven.
13
Het zoekgebied is gelegen tussen het gebied A67 en A73, vanwege de beoogde synergie van de jachthavenfunctie met de stad. Dit sluit aan bij de ambities vanuit het actieplan Waterrecreatie Midden- en Noord-Limburg. Het behouden van een veilige jachthaven voor de gemeenschap is vanuit perspectief op een duurzame ontwikkeling van de waterrecreatiesector van vitaal belang. Zeker gezien het aandeel jongeren dat via deze voorzieningen kennis maakt met het water. Voor een duurzame ontwikkeling van de waterrecreatiesector is het verder van belang dat gezocht wordt naar ‘cross-overs’ met andere vormen van recreatie en een combinatie van ‘nat’ en ‘droog’ aanbod. Het gaat ook over bereikbare en goed ontsloten locaties en locaties waarbij het ook financieel mogelijk is een duurzame exploitatie te realiseren. In dit kader is het in ieder geval belangrijk dat de beoogde locatie geschikt is voor clustering van verschillende activiteiten. Dit sluit eveneens aan bij wensen van gebruikers om te komen tot een brede watersportaccommodatie. De synergie met de stad geeft kansen voor verdere verbreding van doelgroepen en van recreatief aanbod (nat en droog). Ook voor de bereikbaarheid van de voorzieningen levert dit voordeel. Gesteld wordt dat de Locatie Lomm, vanwege haar geografische ligging, minder voordelen biedt.
Locatie Raaijeind is gezien de ligging vergelijkbaar aan de huidige locatie van de jachthaven maar biedt minder synergievoordelen dan locaties Maaswaard en Océ-Weerd. Deze locaties staan veel directer in verbinding met het centrum van Venlo wat diverse cross-overs mogelijk maakt. Voor de locatie Océ-Weerd ontstaan er vanuit de beleidsmatige opgaves en programma’s kansen om de jachthaven een plek te geven in een integrale gebiedsontwikkeling, gericht op het versterken van de waterveiligheid, het versterken van natuurwaarden én het versterken van de relatie van de stad met de Maas. Deze kansen liggen er niet, of slechts in beperkte mate, voor locatie Maaswaard.
2.4
Planologisch proces Op basis van de vigerende bestemmingsplannen is het op dit moment op géén van de vier locaties mogelijk een nieuwe jachthaven te realiseren. Een wijziging van het vigerende planologische kader zal derhalve op alle locaties aan de orde zijn. Lomm Voor locatie Lomm geldt dat de realisatie van de nevengeul zich in een afrondende fase bevindt. Het project voorziet in de eindsituatie in nieuwe (natte) natuur. Afspraken over natuurcompensatie zijn juridisch-planologisch en contractueel vastgelegd. Om te komen tot realisatie van de jachthaven op deze zoeklocatie dient de impact van beoogde activiteiten op het gebied inzichtelijk gemaakt te worden. Hierover moeten vervolgens nieuwe afspraken gemaakt worden met betrokken partijen, waaronder de omgeving en de natuurbeherende instanties. Daarnaast vraagt dit de aankoop van compenserende gronden voor de realisatie van goudgroene natuur. Naast de natuurontwikkeling geldt dit ook voor de impact op de rivierverruiming. Beoogde ontwikkeling van de jachthaven mag geen negatief effect opleveren op de reeds gerealiseerde doelstelling in het kader van waterstanddaling bij hoogwater. Dit betekent dat bij de realisatie van de jachthaven goed gekeken dient te worden naar de positie van ‘natte’ en ‘droge’ voorzieningen en dat wellicht compenserende maatregelen nodig zijn.
Op basis van bovenstaande wordt voorzichtig ingeschat dat planuitwerking en voorbereiding op deze locatie circa vijf jaar in beslag zal nemen en dat over 5 jaar gestart kan worden met fysieke realisatie.
14
Raaijeind Het vigerende bestemmingsplan voor Locatie Raaijeind is vastgesteld in 2015. In dit plan is vastgelegd dat het gebied Raaijeind de komende twintig jaar (op basis van hetgeen gesteld in het bestemmingsplan tot medio 2035) gebruikt wordt voor de Centrale Zandwininstallatie (CVI). In het kader van deze functie is in het plangebied een plas (havenfunctie) gerealiseerd. Daarnaast is op het hoger gelegen terras, gelegen buiten het stroomvoerende en bergende regime van de Maas, de industriefunctie gepositioneerd. Na afronding van de functie van CVI wordt het gebied ingezet voor natuurontwikkeling. Het zwaartepunt voor wat betreft natuurontwikkeling ligt hierbij in het noordelijk deel van het plangebied. Bestemmingsplantechnisch is er in het gebied Raaijeind dus al een duidelijke locatie aanwezig, buiten het stroomvoerende en bergende regime van de Maas, waar ‘droge’ functies van de jachthaven een plek kunnen krijgen. Vanzelfsprekend geldt ook voor deze locatie dat afspraken gemaakt moeten worden met betrokken partijen, waaronder de grondeigenaar, omgeving en de (toekomstige) natuurbeherende instanties over herziening van onder andere de compensatieopgaves als gevolg van de beoogde functie als jachthaven. Belangrijk aandachtspunt is natuurlijk dat onderhavige locatie gelegen is in de gemeente Horst aan de Maas.
Bevoegdheid tot wijziging van het vigerende planologische kader ligt dan ook bij de gemeenteraad van gemeente Horst aan de Maas. Hoewel hier beleidsmatig en juridisch planologisch nog géénzins sprake van is, is het in het kader van onderhavige studie wél van belang om, op regionaal abstractieniveau, alternatieve invalshoeken voor het gebied Raaijeind te duiden. Verplaatsing van de jachthaven moet, naast de veiligheidsoverweging (scheepvaartverkeer) ook fysiek ruimte bieden voor de doorontwikkeling van de industriehaven in Venlo. Met verplaatsing van de jachthaven ontstaat de mogelijkheid om de industriehaven op termijn door te ontwikkelen tot aan de verkeersader A67. Deze doorontwikkeling is noodzakelijk om als motor te kunnen fungeren voor het gebied greenport Venlo. Het gebied Raaijeind grenst direct aan de noordzijde van deze A67. In dit kader is verdere doorontwikkeling van watergebonden industrie aan de noordzijde van de A67, in de toekomst, een logische gedachte. Zeker gezien het feit dat dit gebied in zuidelijke- en westelijke richting al omgeven wordt door industrie. Gezien de bestaande contracten op de locatie Raaijeind wordt tenslotte ingeschat dat dit gebied niet eerder beschikbaar is dan medio 2035. Maaswaard Het vigerende bestemmingsplan voorziet ter plaatse van de beoogde locatie in de bestemmingen Natuur en Water. Hierbij is ruimte voor recreatief medegebruik.
Bij ontwikkeling van onderhavig plan is geen sprake meer van medegebruik, maar van recreatie als hoofdfunctie. Het bestemmingsplan dient gewijzigd te worden, rekening houdend met eventuele compensatie van natuurwaarden. Daarnaast zal, binnen of buitenplans, compensatie gezocht moeten worden voor het realiseren van (hoger gelegen) ‘droge functies’ binnen het stroomvoerend rivierbed van de Maas. Ook dient rekening gehouden te worden met de functie van Waterkering welke van toepassing is op een deel van het plangebied. Op basis van bovenstaande wordt voorzichtig ingeschat dat planuitwerking en voorbereiding op deze locatie circa vijf jaar in beslag zal nemen en dat over 5 jaar gestart kan worden met fysieke realisatie.
15
Océ-Weerd Ook voor locatie Océ-Weerd is een wijziging van het vigerende planologische regime noodzakelijk. Uit voorgaande beleidsanalyse is al gebleken dat op onderhavige locatie meerdere opgaves samenkomen. Hoewel de realisatie van een jachthaven op onderhavige locatie beleidsmatig goed past, dient er voor deze locatie een integraal plan (gebiedsontwikkeling) uitgewerkt te worden waarbij verschillende opgaves een plek krijgen. Recent is middels het project Vierwaarden, onder penvoering van Waterschap Limburg, gestart met een voorverkenning, waarbij onder meer gekeken wordt naar deze locatie. Vanuit deze voorverkenning kan, bij een positief resultaat, verder gewerkt worden aan verkenning en haalbaarheid van deze gebiedsontwikkeling. Op basis van bovenstaande wordt voorzichtig ingeschat dat planuitwerking en voorbereiding op deze locatie circa vijf jaar in beslag zal nemen en dat over 5 jaar gestart kan worden met fysieke realisatie.
16
3
RUIMTELIJKE ANALYSE
3.1
Inleiding In het kader van deze studie is een verkenning uitgevoerd naar relevante conditionerende en ruimtelijke aspecten. Deze aspecten kunnen van invloed zijn op de haalbaarheid (en betaalbaarheid) van locaties voor wat betreft de te realiseren jachthaven. In bijlage 3 van deze rapportage zijn relevante aspecten uitgewerkt, te weten: Hoogteligging Ontgrondingen Archeologie Milieu hygiënische kwaliteit Grondwater Natuurbeleid Milieubeschermingsgebieden Explosieven Kabels en leidingen Eigendomssituatie Dit hoofdstuk bevat een beknopte managementsamenvatting met daarin, gerelateerd aan de beoogde ontwikkeling, de belangrijkste aandachtspunten.
3.2
(Hoogte)ligging Voor elk van de vier locaties is gekeken naar de globale hoogteligging. Dit geeft inzicht in hoeverre het gebied nu al geschikt is voor de beoogde realisatie van de jachthaven met bijbehorende droge voorzieningen of welke maatregelen er genomen dienen te worden om het gebied geschikt te maken. Hierbij is tevens gekeken of er in het verleden al grondwerkzaamheden (ontgrondingen) hebben plaatsgevonden. Dit laatste aspect kan interessant zijn in verband met mogelijk te winnen delfstoffen die een positief effect kunnen hebben op de investeringen die nodig zijn om het gebied geschikt te maken voor beoogde functies. Het is relevant te vermelden dat voor elk van de locaties geldt dat de hoogteligging ruim voldoende is om buiten de Boringsvrije zone Venloschol te blijven. Alle zoekgebieden zijn gelegen binnen deze zone en het is niet toegestaan hier beneden 5 m+ NAP grond te roeren en te werken op of in de bodem. Raaijeind Voor locatie Raaijeind geldt dat er vanuit de huidige functie als CVI reeds een waterplas aan het ontstaan is, welke een directe verbinding heeft met de Maas. Het realiseren van deze plas vormt onderdeel van de lopende ontgronding van het gebied. De CVI installatie ligt op hoger gelegen gronden. Deze gronden zijn, na beëindiging van de huidige functie, geschikt voor het realiseren van de ‘droge’ voorzieningen behorende bij de jachthaven.
De gerealiseerde plas kan ingezet worden als jachthaven én oefenplas. Kortom, de huidige (hoogteligging) en inrichting van de locaties sluiten goed aan bij de beoogde functie van jachthaven.
17
Locatie Lomm Het plangebied is de afgelopen jaren ontgrond ten behoeve van de realisatie van de nevengeul met bijbehorende natuurontwikkeling. In het noordelijk deel van het plangebied is een aparte nevengeul gegraven welke gebruikt wordt voor extensieve recreatie (dagstrand). Rondom deze nevengeul zijn er, vanuit de hoogteligging, kansen voor het realiseren van de jachthaven. Hier is echter wel beperkt ruimte beschikbaar waardoor het voorstelbaar is dat de noordelijke nevengeul wordt ingezet als jachthaven terwijl de grotere nevengeul gebruikt wordt als oefenplas. Kanttekening daarbij is dat er op dit moment geen fysieke verbinding bestaat tussen deze plassen. Dat betekent dat beginners over de Maas naar de oefenplas zouden moeten varen. Dit is vanuit de gebruikers (jeugd en onervaren watersporters) geen optimale situatie. Locatie Maaswaard Het noordelijk deel van deze locatie heeft in het verleden een functie gehad als stadshaven. Betreffende zone is in het verleden dus ontgrond. Voor de rest van het plangebied geldt dit, voor zover bekend, niet. In de huidige situatie is de voormalige haven gedempt en zijn gronden in gebruik als uitloopgebied voor de stad. Daarnaast heeft het gebied een ecologische functie. In het midden van het plangebied ligt een plas (De oude Beemden). De oostelijke grens van het plangebied wordt gevormd door de waterkering (dijk).
In de zuidelijke punt bevindt zich de accommodatie van Kanovereniging Viking; deze voorziening ligt duidelijk hoger ten opzichte van de rest van het gebied, dat tevens deel uitmaakt van het stroomvoerende deel van de Maas. Om onderhavige locatie geschikt te maken voor de beoogde functie is ontgronding noodzakelijk. Aandachtspunt hierbij is dat het gebied relatief smal (breedte 50 - 120 meter) en lang (circa 1,3 km) is. Met name voor wat betreft de breedte dient bij het ontwerp rekening gehouden te worden met stabiliteit van de bestaande kering, maar ook met de stabiliteit van de afscherming tussen de Maas en de te realiseren nevengeul. Dit vergt kostbare technische ingrepen en beperkt wellicht de beschikbare ruimte voor open water. In het zuiden van het gebied is ophoging noodzakelijk om voldoende ruimte te creëren voor droge functies. Deze ophoging mag niet ten koste gaan van het stroomvoerend vermogen van de Maas. Locatie Océ-Weerd Het plangebied loopt in hoogte op van Maas naar bestaande waterkering. Het zoekgebied heeft een lengte van circa 1,2 km. In breedte varieert het gebied tussen de 130 en 280 meter. Om het gebied geschikt te maken voor functie is ontgronding nodig. Bij het inrichten van het gebied kan een (nieuwe) grens gezocht worden voor wat betreft de waterkering.
Hiervoor kan aansluiting worden gezocht bij de natuurlijke terrasranden die verder landinwaarts nog zichtbaar zijn. Op deze grens kunnen de hoger gelegen, droge functies van de jachthaven een plek krijgen. Op basis van beschikbare gegevens heeft er in het gebied, in het verleden, nog geen ontgronding plaatsgevonden. Mogelijk is het gebied derhalve nog geschikt voor delfstofwinning. Het vergt nader onderzoek om te bepalen of het gebied nog geschikt is voor delfstofwinning en zo ja, wat de mogelijke opbrengstpotentie is.
3.3
Conditionering Voor wat betreft conditionerende aspecten gaat het om de milieuhygiënische kwaliteit, mogelijke aanwezigheid van archeologie en explosieven, alsmede de aanwezigheid van natuurwaarden. Ten aanzien van deze aspecten is er een duidelijk verschil tussen locaties Raaijeind en Lomm en locaties Maaswaard en Océ-Weerd. Voor locaties Lomm en Raaijeind geldt immers dat conditionerende aspecten reeds onderzocht zijn in het kader van de rivierverruimende ontwikkelingen die hier gerealiseerd worden.
18
Eventueel toekomstig onderzoek en eventuele vervolgstappen zijn op deze locaties enkel nodig voor zover er ontwikkeling plaatsvindt op gronden gelegen buiten de scope van voornoemde projecten. Hierbij is het wel van belang te vermelden dat het realiseren van een jachthaven binnen de scope van deze projecten invloed kan hebben op de gemaakte afspraken waar het gaat over natuurontwikkeling en rivierverruiming. Eventuele ontwikkelingen die ten koste gaan van deze afspraken moeten (opnieuw) gecompenseerd worden. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de tijd die het kost om te komen tot een, door partijen, geaccordeerd compensatieplan. Tevens dient rekening gehouden te worden met de kosten voor compensatie. Voor wat betreft natuurontwikkeling liggen er bij locatie Océ-Weerd, in tegenstelling tot andere locaties, juist kansen om binnen het projectgebied natuur en rivierverruiming te ontwikkelen. Bij de ontwikkeling van locaties Maaswaard en Océ-Weerd geldt dat conditionerende aspecten in dit kader een belangrijk onderdeel vormen bij de verdere verkenning en uitwerking van plannen. Met name voor locatie Océ-Weerd geldt dat de aanwezigheid van kruisende (en parallel in het gebied gelegen) kabels en leidingen een aandachtspunt vormt in de planvorming. Eventueel noodzakelijke verleggingen hebben impact op kosten en planning.
Het verdient dan ook de aanbeveling om in het verdere ontwerpproces (positionering van de jachthaven) rekening te houden met de aanwezigheid van kabels en leidingen. Indien vanuit de voorverkenning Vierwaarden een integrale oplossingsrichting naar voren komt, die verplaatsing van kabels en leidingen noodzakelijk maakt, dan ontstaat er ten aanzien van dit aspect meer ontwerpvrijheid. Voor locatie Maaswaard geldt ook de aanwezigheid van kabels en leidingen. Gezien het verschil in type kabels en leidingen wordt de impact op kosten en planning op deze locatie kleiner geacht.
3.4
Eigendom Complexiteit van een ontwikkeling kan ook beïnvloed worden door de eigendomsstructuur van een locatie. Het gaat hierbij niet alleen om het juridisch eigendom maar ook over de bovenliggende zakelijke rechten en juridische beperkingen. Ten behoeve van voorliggende rapportage is een eerste analyse uitgevoerd naar de omvang van het te doorlopen verwervingsproces per locatie. Hoewel het aantal percelen en de diversiteit aan eigenaren niet per definitie iets zegt over de haalbaarheid van het grondverwervingstraject, is het wél aannemelijk dat versnippering (percelen en type eigenaar) zorgt voor complexiteit. Uit deze analyse komt naar voren dat locaties Lomm en Océ-Weerd versnipperd zijn qua eigendomsposities. Voor locatie Lomm geldt dat grondeigenaren een rol en belang hebben in de realisatie van het project rivierverruiming en realisatie goudgroene natuur. Het betreft bovendien veelal ook natuurbeherende en overheidsinstanties. Voor locatie Océ-Weerd geldt naast versnippering qua percelen ook diversiteit aan grondeigenaren, zowel particulier, bedrijf als overheid. Ook liggen er zakelijke rechten op gronden, met name ten aanzien van aanwezige kabels en leidingen. Locaties Maaswaard en Raaijeind zijn minder versnipperd qua grondpositie. Locatie Raaijeind is (hoofdzakelijk) in eigendom van Delfstoffen Combinatie Maasdal (DCM).
Gronden behorende bij de locatie Maaswaard zijn overwegend in eigendom van rijk en gemeente.
19
4
INRICHTINGSSCHETSEN
4.1
Algemeen Voor elke locatie is een eerste verkennende schets opgesteld. Op basis van input uit de uitgevoerde analyse (beleid en ruimtelijk) is gezocht naar een realistische invulling van de jachthavenfuncties binnen het zoekgebied. Bij elke locatie is ter vergelijking de huidige jachthaven indicatief ingetekend. Per schets volgt een beknopte toelichting van uitgangspunten en aandachtspunten. De verkennende schetsen vormen tevens de basis voor de globale raming (hoofdstuk 5). *In elk ontwerp is de invaart van de plas, stroomafwaarts, van de beoogde jachthaven gesitueerd. Hiermee wordt, bij normale waterstanden, voorkomen dat de jachthaven hinder heeft van de stroming van de Maas. **Deze verkennende schetsen hebben nadrukkelijk als doel een eerste indruk te geven van de mogelijke situering en inrichting van de jachthavens binnen de verschillende zoekgebieden. Vanzelfsprekend is optimalisatie en nadere detaillering mogelijk en zelfs noodzakelijk. Deze nadere detaillering vormt onderdeel van een vervolgproces op basis van de gekozen voorkeursvariant.
4.2
Locatie Raaijeind Voor locatie Raaijeind geldt dat zo veel mogelijk aansluiting gezocht is bij de bestaande kwaliteiten van de plek. Op basis van de huidige functie van het gebied is er een duidelijk hoger gelegen ‘terras’ aanwezig. Dit terras ligt hoog, en daarmee buiten het stroomvoerend/bergend regime van de Maas. Het is hiermee geschikt voor het realiseren van de droge functies van de jachthaven. De oppervlakte van de in ontwikkeling zijnde plas voldoet aan de wensen van huidige gebruikers daar waar het gaat over natte voorzieningen (oefenplas en jachthaven). De jachthavenfunctie is zo gesitueerd dat gebruikersgroepen elkaar binnen de plas zo min mogelijk kruisen. Voor wat betreft natuurontwikkeling is aansluiting gezocht bij de bestaande opgaves. Deze concentreren zich met name in het noordelijk deel van de locatie. Binnen het gebied is nog ruimte voor toevoeging van andere functies en de combinatie met verblijfsrecreatie (camperplaatsen), zoals ook aanwezig in de huidige jachthaven. Voordelen Ontwerp maakt optimaal gebruik van aanwezige kwaliteiten waardoor investeringskosten voor het inrichten van het terrein (grondwerk) beperkt zijn. Locatie voldoet aan programmatische wensen van gebruikers (multifunctionele accommodatie is mogelijk). Integratie van Kanovereniging Viking is mogelijk.
Nadelen / onzekerheden De gewenste synergievoordelen die gerealiseerd kunnen worden in nabijheid van de stad zijn op deze locatie minder sterk. De locatie kan pas gerealiseerd worden na beëindiging van huidige activiteiten. Mogelijk zijn er aanvullende maatregelen nodig ter compensatie van de impact van de realisatie van de jachthaven op de bestaande projectafspraken bij de beoogde inrichting van het gebied.
21
Afbeelding 3 Indicatieve inrichtingsschets locatie Raaijeind
22
4.3
Locatie Lomm Bij de uitwerking van de zoeklocatie Lomm is gekozen om de jachthaven in het noordelijke deel van het plangebied te situeren. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de reeds bestaande nevengeul. Voordeel van deze situering is dat er géén werkzaamheden hoeven plaats te vinden aan de grote zuidelijke nevengeul. Hiermee ontstaat zo min mogelijk impact op reeds overeengekomen en (in ontwikkeling zijnde) natuurdoelstellingen voor dit gebied. Hoewel dit geen beleidsmatige opgave is, ontstaat er als gevolg van deze positionering, direct grenzend aan de kern van Lomm, mogelijk enige synergievoordelen. De gebouwde voorzieningen van de jachthaven grenzen immers direct aan het dorp Lomm. Een breder gebruik van (horeca)voorzieningen is mogelijk (inwoners en dagrecreanten). Om de jachthaven te realiseren zal de bestaande (noordelijke) nevengeul verbreed en verdiept moeten worden. Gezien het beschikbare ruimtebeslag is deze geul vervolgens alleen geschikt als jachthavenfunctie. De zuidelijke nevengeul kan gebruikt worden als oefenplas. In basis kan deze oefenplas bereikt worden via de Maas. Voor de jonge gebruikers, die nog niet de Maas op mogen, kan er een aparte directe toegang (via land en/of water) gemaakt worden. Dit laatste vraagt echter om nader rivierkundig onderzoek (stromingen) om te bepalen of een directe toegang mogelijk is.
Voordelen Kwaliteiten van de rivierverruiming Lomm blijven onaangetast. Areaal nieuwe natuur blijft onaangetast (waardoor er voor deze natuur geen nieuwe compensatieverplichting ontstaat). Jachthaven kan worden ingezet om het dorp Lomm een duidelijk front te geven aan de Maas. Het gebruik van het huidige dagstrand kan worden geïntensiveerd. Er ontstaan kleinschalige synergievoordelen tussen het dorp Lomm en de jachthaven (gebruik horeca en aantrekkingskracht op dagrecreanten, wandelaars, fietsers). Nadelen / onzekerheden De gewenste synergievoordelen die gerealiseerd kunnen worden in nabijheid van de stad zijn op deze locatie niet aanwezig. Er wordt een splitsing aangebracht tussen jachthaven en oefenplas; met name voor jeugd en onervaren watersporters kan dit problematisch zijn, doordat ze over de Maas naar de oefenplas moeten varen. Onderhavige ontwikkeling wijkt af van gemaakte afspraken met het dorp Lomm. Het is thans niet duidelijk hoe het dorp tegenover deze ontwikkeling staat. Mogelijk zijn er aanvullende maatregelen nodig ter compensatie van de impact van de realisatie van de jachthaven op de bestaande projectafspraken op het, in afronding zijnde, rivierverruimings- en natuurontwikkelingsproject.
23
Afbeelding 4 Indicatieve inrichtingsschets locatie Lomm
24
4.4
Locatie Maaswaard Zoals reeds eerder benoemd is de Maaswaard een smalle en lange locatie. In basis is er dan ook te weinig ruimte om het gehele programma (nat en droog) op deze locatie te realiseren. Droge voorzieningen zijn zo veel mogelijk gesitueerd rondom de bestaande accommodatie van Kanovereniging Viking. Om het gehele ‘droge’ programma te realiseren is het echter ook nodig gebleken om parallel aan de bestaande kering, droge voorzieningen te positioneren. De ruimte om naast de jachthaven ook nog ruimte te creëren voor een oefenplas is beperkt. Bovendien is er hierbij voor een groot deel sprake van kruisende functies binnen deze plas. Voordelen Gunstige ligging van de jachthaven nabij stedelijke functies (gecombineerd gebruik). Nadelen / onzekerheden Onvoldoende ruimte beschikbaar voor gewenste programma (met name nat). Onvoldoende ruimte voor gewenste nevenfuncties zoals de camperplaatsen. Locatie leent zich, vanwege de beperkte ruimte, minder als multifunctionele accommodatie. De impact van onderhavige ontwikkeling op bestaande natuurwaarden is nog onduidelijk. Het gebied gaat verloren als (groen) uitloopgebied voor de stad. Het realiseren van de smalle landtong tussen Maas en jachthaven is complex, zowel procesmatig (afstemming met Rijkswaterstaat en waterschap), als civieltechnisch, als kostentechnisch.
25
Afbeelding 5 Indicatieve inrichtingsschets locatie Maaswaard
26
4.5
Locatie Océ-Weerd Voor de locatie Océ-Weerd zijn twee schetsen gepresenteerd. De basisschets is opgesteld op basis van voorliggende studie. De variant betreft een uitwerking van, in het verleden, gepresenteerde ideeën voor onderhavige locatie.
Basisschets De basisschets maakt gebruik van het breedste deel van het zoekgebied om zodoende een robuuste nevengeul te kunnen realiseren. Afhankelijk van de beoogde functie van voetbalvelden en de mogelijke dijkverlegging (Vierwaarden) kan dit mogelijk nog verder geoptimaliseerd worden. Een robuuste nevengeul draagt bij aan de opgaves die in dit gebied spelen vanuit waterveiligheid en natuurontwikkeling. De inlaat van de nevengeul ligt in het midden van de plas. Hierdoor ontstaat stroomafwaarts ruimte voor de jachthaven en stroomopwaarts van de inlaat bevindt zich de oefenplas. Bij de keuze voor de locatie van de invaarroute is zoveel mogelijk afstand gehouden van de invaart van de industriehaven. Hiermee wordt kruising van verkeersstomen zo veel mogelijk voorkomen. Of dit daadwerkelijk voldoende is, moet in het vervolgproces getoetst worden. De droge voorzieningen worden gecombineerd aangelegd met de nieuw te realiseren waterkering. (buiten het stroomvoerende regime). Rondom de nevengeul en de jachthavenvoorzieningen ontstaat ruimte voor natuurontwikkeling en voor de afronding van de stad (gezicht naar de Maas). Bij de basisvariant is bovendien rekening gehouden met het voorkomen van graafwerkzaamheden met kruisende kabels en leidingen. Dit heeft een kostendrukkend effect. Voordelen Combinatie van opgaves mogelijk.
o Rivierverruiming o Natuurontwikkeling o Verleggen en versterken waterkering o Ontwikkeling jachthaven o Het verbinden van de stad met Maas en uitloopgebied naar het noorden Voldoende ruimte beschikbaar voor beoogde functies (nat, droog en beoogde nevenfuncties. Veilige oefenplas. Realiseren van een multifunctionele accommodatie (watersportcluster). Gunstige ligging van de jachthaven nabij stedelijke functies (gecombineerd gebruik mogelijk). Voldoende ruimte voor verdere ontwerpoptimalisatie. Ontwerp blijft buiten ruimtebeslag van kruisende kabels en leiding (kruisen de Maas). Mogelijke kansen voor het winnen van delfstoffen, die mogelijk een positief effect kunnen hebben op de investeringskosten voor realisatie. Nadelen / onzekerheden Ontwerpoptimalisatie (en bijkomende procestijd) is nodig om alle opgaves op een juiste wijze in het ontwerp te laten landen. Dit is afhankelijk van het proces van IRM-pilot Vierwaarden. Naar verwachting omlegging noodzakelijk van parallel lopende leiding.
27
Variant De ontwerpvariant voorziet in het realiseren van de jachthaven in de zuidelijke punt van het plangebied. Hiermee wordt de jachthaven nog dichter richting het centrum van Venlo gebracht. Aandachtspunt hierbij is, evenals bij de locatie Maaswaard, dat de voorziening smal en langgerekt wordt. Hierdoor ontstaat er minder ruimte voor de oefenplas en vindt er binnen de beschikbare ruimte meer menging van verkeersstromen plaats. Dit kan ondervangen worden door in het noordelijk deel van het plangebied een aparte hoogwatergeul te realiseren. Deze hoogwatergeul kan dan tevens als oefenplas fungeren. Een ander aandachtspunt is dat er gegraven dient te worden boven de kruisende leidingstrook waarbij het nog onduidelijk is wat dit betekent voor eventuele verleggingskosten.
28
Afbeelding 6 Indicatieve inrichtingsschets locatie Océ-Weerd
29
Afbeelding 7 Indicatieve inrichtingsschets locatie Océ-Weerd – Variant
30
5
INVESTERINGSKOSTEN
5.1
Opbouw Voor elke locatie is een kostenraming opgesteld. Deze kostenraming is opgesteld conform de SSK-systematiek (Standaardsystematiek voor kostenramingen - SSK 2018, CROW). Het betreft een raming van de investeringskosten benodigd voor het realiseren van een nieuwe jachthaven. De raming geeft inzicht in de volgende kostencomponenten: Bouwkosten (de aanneemsom) Vastgoedkosten (kosten voor grondverwerving) Engineeringskosten (kosten voor planvoorbereiding en onderzoek) Overige bijkomende kosten De bandbreedte waarbinnen investeringskosten gepresenteerd worden sluit aan bij het abstractieniveau en de bijbehorende onzekerheden van deze studie. De SSK-raming is als bijlage 4 toegevoegd aan deze rapportage Hoeveelheden zijn bepaald op basis van vervaardigde schetsontwerpen in combinatie met de verkregen inzichten in hoofdstuk 2 en 3 van deze studie. Het is van belang te benadrukken dat er verschil zit in de impact en omvang van ontwerpen; dit verschil vertaalt zich terug in de investeringskosten per locatie. Ter nadere duiding: bij locatie Raaijeind is de bestaande situatie, na afronding van huidige activiteiten, als uitgangspunt genomen in de kostenraming. Dit houdt in dat er maar beperkte investeringskosten voorzien zijn om het terrein, geschikt voor functie, in te richten.
Voor locatie Océ-Weerd geldt daarentegen dat in de kostenraming ook de kosten voor aanleg van de nevengeul en ophogen van de kering zijn meegenomen. Kosten die feitelijk niet toebehoren aan het verplaatsen van de jachthaven maar, vanuit de overige opgaves die hier spelen, wél noodzakelijk zijn bij de inrichting van dit gebied. In onderstaande ramingen zijn een aantal aspecten buiten beschouwing gelaten. Navolgend worden deze kort toegelicht. Cofinanciering. Voor de locatie Océ-Weerd ligt er een duidelijke meekoppelkans daar waar het gaat om cofinanciering. In het gebied komen verschillende opgaves samen. Zo ligt er een opgave om te komen tot dijkversterking maar zijn er ook kansen om te komen tot rivierverruiming. Gezien de ligging ten opzichte van bestaand stedelijk gebied ontstaan er nadrukkelijk ook kansen voor programmatische invulling van het gebied. Bij deze opgaves zijn verschillende stakeholders betrokken. Om dit gebied, vanuit de gezamenlijke ambities, te ontwikkelen is cofinanciering noodzakelijk. De kansen voor cofinanciering zijn daarmee beduidend groter dan op overige locaties waar realisatie van de jachthaven de primaire opgave is. Opbrengstpotentie. Met name voor de locatie Océ-Weerd geldt dat eventuele delfstofwinning, vanwege de opbrengstpotentie, een positief effect kan hebben op de investeringskosten.
Dit is vanwege de onzekerheid, in onderhavige ramingen, buiten beschouwing gelaten. Natuurcompensatie. In de ramingen is rekening gehouden met het natuurlijk inrichten van het plangebied (conform de gepresenteerde schetsen). Het gaat hier primair om de aanplant van bomen, struweel en het realiseren van grasland. In de raming is géén rekening gehouden met het realiseren van eventueel noodzakelijke natuurcompensatie (binnen- of buitenplans).
31
5.2
Verwachte investeringskosten De navolgende tabellen geven per locatie inzicht in verwachte investeringskosten én in de bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval) van investeringskosten. Hierbij wordt nogmaals benadrukt dat pas bij een nadere detaillering van ontwerpen en locaties een gerichter beeld afgegeven kan worden van verwachte investeringskosten. In dit kader hechten we in dit stadium met name waarde aan de bandbreedte van kosten en aan de nuanceringen die hierop van invloed zijn. Raaijeind Onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringskosten van de locatie Raaijeind. Belangrijkste kostencomponenten in deze raming zijn: Inrichten jachthaven van het watergebonden gedeelte. Inrichting, bouw en woonrijp, van het droge deel. Realiseren van gebouwde voorzieningen o Restaurant – havengebouw o Loodsen voor jachthaven en reddingsbrigade o Verenigingsgebouw o Douche en toiletvoorzieningen. Prijspeil: juni - 2021 Projectkosten exclusief btw afgerond Investeringskosten (Mu)
Bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval 70%)
€ 11.200.000,00 Bandbreedte laag € 9.520.000,00
tot
Bandbreedte hoog € 12.850.000,00
Lomm Onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringskosten van de locatie Hoogwatergeul Lomm. Belangrijkste kostencomponenten in deze raming zijn: Verbreden van bestaande nevengeul Realiseren (verplaatsen) recreatief dag-strand Inrichten jachthaven van het watergebonden gedeelte. Inrichting, bouw en woonrijp, van het droge deel. Realiseren van gebouwde voorzieningen o Restaurant – havengebouw o Loodsen voor jachthaven en reddingsbrigade o Verenigingsgebouw o Douche en toiletvoorzieningen. Op basis van de verdere detaillering van het ontwerp, in combinatie met het gebruik van de grote nevengeul als oefenplas, kunnen aanvullende middelen voor natuurcompensatie noodzakelijk blijken.
32
Prijspeil: juni - 2021 Projectkosten exclusief btw afgerond Investeringskosten (Mu)
Bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval 70%)
€ 16.830.000,00 Bandbreedte laag € 14.270.000,00
tot
Bandbreedte hoog € 19.380.000,00
Maaswaard Onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringskosten van de locatie Maaswaard. Belangrijkste kostencomponenten in deze raming zijn: Ontgraven van het gebied t.b.v. realisatie vaarroute/oefenplas. Versterkte aanleg van smalle landtong tussen Maas en jachthaven. Verleggen aanwezige kabels en leidingen. Inrichten jachthaven van het watergebonden gedeelte. Inrichting, bouw en woonrijp, van het droge deel. Realiseren van gebouwde voorzieningen o Restaurant – havengebouw o Loodsen voor jachthaven en reddingsbrigade o Verenigingsgebouw o Douche en toiletvoorzieningen. Prijspeil: juni - 2021 Projectkosten exclusief btw afgerond Investeringskosten (Mu)
Bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval 70%)
€ 20.680.000,00
Bandbreedte laag € 17.660.000,00
tot
Bandbreedte hoog € 23.770.000,00
Océ-Weerd - Basisontwerp Onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringskosten van de locatie Océ-Weerd. Belangrijkste kostencomponenten in deze raming zijn: Ontgraven van het gebied t.b.v. realisatie nevengeul (tevens geschikt als vaarroute en oefenplas). Verplaatsen en ophogen dijkring (ter plaatse van jachthaven wordt dijkversterking gecombineerd met droge voorzieningen. Verplaatsen van parallel gelegen kabels en leidingen. Inrichten en aanplant nevengeul. Inrichten jachthaven van het watergebonden gedeelte. Inrichting, bouw en woonrijp, van het droge deel. Realiseren van gebouwde voorzieningen o Restaurant – havengebouw o Loodsen voor jachthaven en reddingsbrigade o Verenigingsgebouw o Douche en toiletvoorzieningen.
33
Prijspeil: juni - 2021 Projectkosten exclusief btw afgerond Investeringskosten (Mu)
Bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval 70%)
€ 33.145.000,00 Bandbreedte laag € 28.670.000,00
tot
Bandbreedte hoog € 37.650.000,00
Océ-Weerd - Variant Onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringskosten van de variant locatie Océ-Weerd. Belangrijkste kostencomponenten in deze raming zijn: Ontgraven van het gebied t.b.v. realisatie nevengeul (tevens geschikt als vaarroute en oefenplas). Verplaatsen en ophogen dijkring (ter plaatse van jachthaven wordt dijkversterking gecombineerd met droge voorzieningen. Versterkte aanleg van smalle landtong tussen Maas en jachthaven. Verplaatsen van parallel gelegen kabels en leidingen, rekening houden met kruisende kabels en leidingen. Inrichten en aanplant nevengeul. Inrichten jachthaven van het watergebonden gedeelte. Inrichting, bouw en woonrijp, van het droge deel. Realiseren van gebouwde voorzieningen o Restaurant – havengebouw o Loodsen voor jachthaven en reddingsbrigade o Verenigingsgebouw o Douche en toiletvoorzieningen. Prijspeil: juni - 2021 Projectkosten exclusief btw afgerond Investeringskosten (Mu)
Bandbreedte (betrouwbaarheidsinterval 70%)
€ 36.940.000,00 Bandbreedte laag € 31.920.000,00
tot
Bandbreedte hoog € 41.900.000,00
34
6
ADVIES
6.1
Advies Op basis van bevindingen uit deze rapportage luidt het advies aan de gemeente Venlo om niet in te zetten op de realisatie van een jachthaven op de locaties Maaswaard en Lomm, maar voorkeur te geven aan de ontwikkeling van een jachthaven binnen een bredere gebiedsontwikkeling op locatie Océ-Weerd. De locatie Océ-Weerd biedt immers de grootste meerwaarde daar waar het gaat over versterking van opgaves, zowel binnen het gebied als voor de stad Venlo en de brede regio. We adviseren daarmee ook om Raaijeind, ondanks de ogenschijnlijk relatief gunstige investeringskosten, niet te beschouwen als voorkeurslocatie. Waar de functionele en programmatische synergievoordelen op de locatie Océ-Weerd juist zo gunstig zijn, betekent een ontwikkeling van locatie Raaijeind een keuze voor een meer op zichzelf staande jachthaven. Het verdient echter wel de aanbeveling om de haalbaarheid van de locatie Raaijeind, in gezamenlijkheid met gemeente Horst aan de Maas, verder te verkennen. Wat ons betreft richt deze verkenning zich in eerste instantie op de betekenis van deze locatie in regionaal perspectief; de lange termijn doorontwikkeling van watergebonden industrie in relatie tot Greenport. Vanuit dit perspectief kan vervolgens beoordeeld worden of de realisatie van een jachthaven op locatie in Raaijeind op lange termijn voor deze locatie wenselijk is.
Indien dit het geval is dan kan de locatie Raaijeind gezien worden als acceptabel alternatief, indien de realisatie van een jachthaven binnen een bredere gebiedsontwikkeling in het gebied Océ-Weerd niet haalbaar blijkt.
6.2
Overwegingen Aan dit advies liggen een aantal overwegingen ten grondslag. Overwegingen die verband houden met specifieke aspecten op de verschillende locaties maar ook een aantal overwegingen die ontstaan wanneer de verschillende locaties met elkaar in verband gebracht worden. In navolgende paragrafen worden deze overwegingen toegelicht.
6.2.1
Locatie Océ-Weerd Op de locatie Océ -Weerd komen verschillende opgaves samen. Majeure opgaves zijn: Het realiseren van rivierverruiming. Het versterken van ecologische doelstelling. Het ophogen van de kades conform de kaders van het HWBP programma. Het versterken van het programmatische en functionele gebruik van het gebied en de bredere betekenis hiervan voor de stad Venlo. (Gezicht van Venlo naar de Maas. Een jachthaven sluit qua programma en functies goed aan op deze opgaves. Daarnaast biedt de locatie vanwege haar ligging nabij het centrum van Venlo ook legio kansen voor cross-overs tussen verschillende vormen van (water)recreatie, wonen en werken. Binnen het zoekgebied is voldoende ruimte beschikbaar voor een robuust ontwerp waarbinnen het gewenste programma een plek kan krijgen. De gepresenteerde variant kent haar beperkingen in het beschikbare ruimtebeslag en leidt mogelijk ook tot hogere kosten vanwege ondergronds gelegen kabels en leidingen. Het gepresenteerde basisontwerp biedt echter kansen voor verdere optimalisatie. Ook de wens tot het realiseren van een multifunctioneel cluster voor waterrecreatie kan hier landen. Gezien de centrale ligging is de plek bovendien goed bereikbaar voor verschillende gebruikersgroepen.
35
Op dit moment is er een voorverkenning “Vierwaarden” gestart (penvoering door Waterschap Limburg) waarbij gekeken wordt naar kansen om de verschillende opgaves in dit gebied, te vertalen naar een integraal en gedragen plan. Dat er sprake is van verschillende opgaves komt ook tot uiting in de geschatte investeringskosten die nodig zijn om het gebied te realiseren. De ontwikkeling van locatie Océ-Weerd is daarmee alleen kansrijk indien het project gerealiseerd wordt met cofinanciering vanuit meerdere partijen. Tenslotte ligt in de ontwikkeling van de locatie Océ-Weerd ook de grootste kans op versterking van opgaves, het gebied en de stad.
6.2.2
Locatie Raaijeind Na afronding van de functie als Central Zandwinningsinstallatie (CVI) is het gebied, qua inrichting, in basis geschikt om de beoogde jachthaven te realiseren. Omvorming van de huidige functie naar een jachthaven wordt derhalve als kostenefficiënte oplossing gezien (geschatte investeringskosten liggen tussen de 9,5 en 12,9 miljoen). Locatie Raaijeind ligt op korte afstand van de bestaande jachthaven. De locatie is bovendien groot genoeg om invulling te geven aan het gewenste programma (zowel droog als nat). Deze locatie ligt, zeker met de beoogde doorontwikkeling van de industriehaven, ingekapseld tussen industriefuncties. De keuze voor locatie Raaijeind is daarmee automatisch een keuze voor een ‘op zichzelf staande’ ontwikkeling van de jachthaven. Deze locatie biedt immers weinig kansen op synergie met in de directe omgeving gelegen functies. Dit maakt deze locatie in de toekomst mogelijk wat kwetsbaarder indien de behoefte aan watergebonden recreatie veranderd. Dit in tegenstelling tot locaties die dichter gelegen zijn bij het centrum van Venlo waar er meer kansen zijn voor functiemenging en een brede programmering. De uitbreiding van de industriehaven van Venlo is daarnaast een strategische keuze om het brede gebied, regio Greenport, nog meer betekenis te geven.
Vanuit dit perspectief is het niet ondenkbaar dat er op lange termijn behoefte ontstaat aan een verdere doorontwikkeling van haven gebonden industrie. Door haar geografische ligging (grenzend aan industrie en vanwege de goede ontsluiting) is locatie hier in potentie geschikt voor. De locatie Raaijeind komt naar verwachting, op zijn vroegst, in 2035 beschikbaar een andere invulling. Een gelijktijdig gebruik van deze locatie als CVI én Jachthaven is, nog los van de eventueel beschikbare ruimte, vanuit veiligheidsoverwegingen geen optie. Tenslotte vormt het een belangrijk aandachtspunt dat de beslissingsbevoegdheid voor deze locatie ligt bij de gemeenteraad van de gemeente Horst aan de Maas. Daar staat tegenover dat een jachthaven met watersportactiviteiten hier wellicht verdere ontwikkelkansen biedt voor deze gemeente. Het verdient de aanbeveling om deze kans samen te verkennen. Resumerend adviseren wij locatie Raaijeind niet te beschouwen als eerste optie vanwege: Minder synergievoordelen en cross-overkansen dan een locatie die dichter gelegen is bij het centrum van Venlo. Langetermijnperspectief in relatie tot de doorontwikkeling van Greenport. De locatie Raaijeind is op z’n vroegst in 2035 beschikbaar. De gemeente Venlo heeft geen mandaat voor de keuze voor deze locatie.
6.2.3
Locatie Maaswaard Het advies om niet in te zetten op verdere verkenning van de locatie Maaswaard heeft met name te maken met de verhouding tussen kosten en baten. Ontwikkeling van deze locatie vraagt om een stevige financiële inspanning (tussen de 17,7 en 23,8 miljoen). Ondanks deze investeringssom kan het gewenste programma niet optimaal gerealiseerd worden. Met name de oefenplas zal (te) beperkt zijn in omvang. Deze plas wordt tevens gecombineerd gebruikt voor invaart van de jachthaven. Bovendien wordt het nog een uitdaging (procesmatig, civieltechnisch) om het geschetste ontwerp naar realisatie te brengen, mede
36
vanwege de beperkte breedte van deze locatie. Vanwege de geografische ligging biedt deze locatie, als gezicht naar de Maas, kansen voor cross-overs tussen verschillende functies. Kortom een bredere programmatische invulling is mogelijk. Toch zien wij deze locatie ook op een andere manier van waarde zijn voor de stad Venlo. In de huidige situatie vormt het gebied een waardevolle en veel gebruikte groenblauwe uitloper voor het naastgelegen stedelijke gebied. Resumerend vormt de combinatie van onderstaande factoren een negatief advies op de ontwikkeling van locatie Maaswaard als jachthaven: De locatie is te klein om het volledige programma te realiseren. Technisch zitten er uitdagingen aan het realiseren van het beoogde ontwerp die het ook kostbaar maken. Een multifunctionele accommodatie met optimaal gebruik van droge en natte voorzieningen is niet mogelijk. Hoewel er nadrukkelijk kansen liggen voor het realiseren van cross-overs op deze locatie, heeft de huidige invulling van het gebied ook een belangrijke betekenis voor de stad.