CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

057bijl5 Bestemmingsplan Zwembad Venlo bijlagen toelichting.pdf

Raadsvergadering 27 september 2023, gemeente VenloBij agendapunt: 6.5: RV 57 Vaststellen bestemmingsplan Zwembad Venlo25.915 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

8

verkennend bodemonderzoek

onderzocht op het standaardpakket bodem en PFAS. Op basis van de (indicatieve) resultaten kan gekozen worden voor afvoer of mogelijk hergebruik binnen het project. Asbest in grond Gegevens over de eventuele aanwezigheid van bijmengingen met puin in de grond zijn momenteel niet bekend. Vooralsnog wordt de grond op de onderzoekslocatie als ‘onverdacht’ beschouwd op het voorkomen van asbest. Mocht tijdens uitvoering van het onderzoek puinhoudende grond worden aangetroffen, dan zal die als ‘verdacht’ worden beschouwd op het voorkomen van asbest. Infiltratie Ter plaatse van de voorgenomen infiltratiegebieden dient de doorlatendheid te worden bepaald. De doorlatendheid wordt bepaald conform de richtlijn C2510.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

9

verkennend bodemonderzoek

3 | VERKENNEND BODEMONDERZOEK 3.1 | Onderzoeksstrategie verkennend bodemonderzoek Het onderzoek wordt uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 'Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek' (NEN 5740). De te volgen strategie is weergegeven in de navolgende tabel. Omdat het huidige binnenzwembad nog in gebruik is, zijn in overleg met de opdrachtgever inpandig geen boringen verricht. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek. omschrijving

boorwerk (in m-mv)

chemische analyses

boringen

peilbuis1)

grond

ONV-GR-NL

16 x (1,0)

1)

zwembad

VED-HO-NL

8 x (4,0)

B. Bestaand

VED-HE-NL

18 x (1,0)

VED-HO-NL

6 x (2,0)

A. Nieuw

strategie

14.700 m²

9.800 m²

zwembad

-

grondwater1) 3)

-1)

4 x NEN-g,

-1)

5 x NEN-g , 2 x PFAS

1)

-

2 x PFAS 1 x Ph2)

C. Opslag chloren <100 m²

VEP

-1)

3 x (3,0)

en zuren

1 x VOCl, Vinylchloride,

-1)

Ph en organische stof

D. Zuidwestelijke

-

indicatief

1 x 50 grepen -

grondwal (nr. 2) E. Oostelijke

1 x NEN-g,

-

1 x PFAS -

indicatief

1 x 50 grepen -

grondwal (nr. 1)

1 x NEN-g,

-

1 x PFAS

1)

Gelet op de ligging en de actuele grondwaterstand bevindt het grondwater zich dieper dan 5,0 m-mv. Conform

2)

Ter referentie wordt een monster aanvullend ingezet op Ph.

3)

Aanvullend op de strategie wordt een monster van de ondergrond (2-4 m-mv) geanalyseerd op het NEN-g pakket.

*

NEN-g: Standaardpakket grond (NEN 5740): zware metalen (9 metalen), PAK, PCB, minerale olie, lutum en

de NEN 5740 komt het plaatsen van een peilbuis te vervallen.

organische stof;

De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grondmonsters worden conform AS3000 voorbewerkt

3.2 | Uitvoering verkennend bodemonderzoek Kwalibo De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) gecertificeerde vestiging van HMB B.V. te Maasbree. De werkzaamheden zijn uitgevoerd conform het protocol 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de navolgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 3.2: erkende veldwerkers HMB B.V. veldwerker(s)

datum uitvoering

werkzaamheden

T. Boots

8 en 9 september 2022

grondboringen

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

10

verkennend bodemonderzoek

Hierbij wordt opgemerkt dat de werkzaamheden ten behoeve van het bepalen voor de indicatieve kwaliteit van grondwallen niet onder certificaat zijn uitgevoerd. Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau. De onafhankelijkheidsverklaring is opgenomen in bijlage 1.

3.2.1 | Grondonderzoek Op 8 en 9 september 2022 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 3.1. De verrichte boringen zijn gecodeerd vanaf: - nummers A1 t/m A24 voor deellocatie A het nieuwe zwembad; - nummers B1 t/m B24 voor deellocatie B het bestaande zwembad; - nummers C1 t/m C3 voor deellocatie C de chloor- en zurenopslag. De monsters van de grondwallen zijn samengesteld op basis van het nemen van 50 grepen. De boringen met grepen zijn verdeeld over de partij genomen om zo een representatief mogelijk beeld van de kwaliteit van de partij te vormen. De grondwallen bestonden uit zwak siltig, matig fijn zand. In het opgeboorde materiaal van de grondwallen zijn geen bodemvreemde bijmengingen of bijzonderheden aangetoond. De plaats van de boringen en grondwallen is weergegeven in bijlage 6. De boorprofielen zijn weergegeven in bijlage 1. Uit de boorprofielen blijkt dat de vaste bodem op de locatie tot 4,0 m-mv (maximaal verkende diepte) bestaat uit zwak tot sterk siltig, matig fijn tot matig grof zand. Plaatselijk zijn in enkele boringen bijmengingen met grind aangetroffen. Bij de uitvoering van het veldwerk zijn in enkele boringen bodemvreemde bijmengingen bestaande uit baksteen, kolengruis of beton aangetroffen.

Tevens is onder de verharding van het bestaande zwembad bij de boringen B5, B19 en B20 is een puinverharding (niet vormgegeven bouwstoffen; >50% bodemvreemd materiaal) aangetroffen. Voor het onderzoek naar de bouwstoffen wordt verwezen naar hoofdstukken 4 en 5. In de navolgende tabel is een gedetailleerde omschrijving van de waargenomen bijmengingen weergegeven. Tabel 3.3: zintuiglijke waarnemingen. boring

traject (m-mv)

zintuiglijke waarnemingen

nieuw zwembad (deellocatie A) A13

0,0 – 0,5

sporen baksteen

A19

0,5 – 1,0

sporen baksteen

A22

0,0 - 0,5

sporen baksteen

bestaand zwembad (deellocatie B) B5

0,15 – 0,4*

volledig puin

B6

0,7 – 1,2

sporen beton

B12

0,0 – 0,5

B19

0,15 – 0,4

B20

0,04 – 0,25

sporen kolengruis

0,25 – 0,7 B22 *

volledig puin

*

=

*

volledig puin sporen kolengruis

0,3 – 0,8 sporen kolengruis betreft een bodemvreemde laag (>50% bodemvreemd materiaal)

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

11

verkennend bodemonderzoek

Ter plaatse van boringen B6, B7, B9, B10 en B24 is een ondoordringbare laag aangetroffen. De betreffende boringen zijn gestaakt op diepte circa 0,5 m-mv. Dit betreft voornamelijk de noordwesthoek van het bestaande zwembad. De oorzaak van de gestaakte boringen betreft vermoedelijk de langdurige droge periode. De grond was zo opgedroogd dat deze helemaal was uitgehard. Het was derhalve niet mogelijk om de boringen handmatig door te zetten tot de geplande diepte van 1,0 m-mv. Op het maaiveld en in het omhoog gebrachte materiaal zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen.

3.3 | Analyseresultaten verkennend bodemonderzoek De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan de RvA-geaccrediteerde laboratoria Eurofins Analytico B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven aanleiding de analysestrategie, zoals in voorgaande paragraaf omschreven, aan te passen. Vanwege het aantreffen van diverse bodemvreemde bijmengingen op zowel deellocatie A als deellocatie B zijn respectievelijk 1 en 3 monsters aanvullend geanalyseerd op het NEN-g pakket (standaardpakket bodem). In de navolgende tabel zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 3.4: monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters. monster- boringen

traject

geanalyseerde

code

(m-mv)

parameters

*

motivatie

**

nieuw zwembad (deellocatie A) MMA-1

A6, A8, A15, A16, A18, A21 en A23

0,0 – 0,5

NEN-g en PFAS

zintuiglijke schone bovengrond

MMA-2

A1, A2, A3, A9, A12 en A14

0,0 – 0,5

NEN-g en PFAS

zintuiglijke schone bovengrond

MMA-3

A13, A19 en A22

0,0 – 0,5

NEN-g

bovengrond met bijmengingen

MMA-4

A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7 en A8

0,5 – 1,5

NEN-g

zintuiglijke schone ondergrond

MMA-5

A1, A2, A3, A4, A5, A7 en A8

2,0 – 3,0

NEN-g

zintuiglijke schone ondergrond

MMA-6

A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7 en A8

3,0 – 4,0

NEN-g

zintuiglijke schone ondergrond

baksteen

bestaand zwembad (deellocatie B) MMB-1

B14, B15, B17 en B18

0,04 – 0,5 NEN-g en PFAS

zintuiglijke schone bovengrond

MMB-2

B1, B7, B8 en B24

0,0 – 0,5

zintuiglijke schone bovengrond

MMB-3

B2, B3, B21 en B23

0,04 – 0,5 NEN-g

zintuiglijke schone bovengrond

MMB-4

B4, B9, B10 en B13

0,0 – 0,5

NEN-g

zintuiglijke schone bovengrond

MMB-5

B12, B20 en B22

0,0 – 0,8

NEN-g en Ph

rond met bijmengingen

NEN-g en PFAS

kolengruis MMB-6

B6

0,7 – 1,2

NEN-g

ondergrond met bijmengingen beton

MMB-7

B5 en B19

0,4 – 0,7

NEN-g

grond onder puinfundering

1,5 – 3,0

VOCl, vc en Ph

meest verdachte bodemlagen

opslag chloren en zuren (deellocatie C) MMC-11)

C1, C2 en C3

MM

grondmengmonster

1)

conform de BRL2000 dient monstername voor vluchtige parameters te gebeuren met steekbussen. Vanwege het ontbreken van zintuiglijke waarnemingen zijn geen steekbussen genomen.

*

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

12

verkennend bodemonderzoek

**

NEN-g:

standaardpakket grond : zware metalen (9), PAK, PCB, minerale olie, lutum en organische stof;

3.3.1 | Toetsingskader Wet bodembescherming (Wbb) Wet bodembescherming (Wbb) De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn vergeleken met de toetsingstabel 'Streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater' uit de circulaire bodemsanering (Nederlandse Staatscourant, nr.16675, 27 juni 2013). Bij onderhavig onderzoek zijn het organische stof- en lutumgehalte analytisch bepaald en weergegeven op het analysecertificaat. Met behulp van de bodemtype-correctieformules uit de Regeling bodemkwaliteit zijn de meetwaarden van de grond omgerekend naar waarden voor standaardbodem (met een lutum percentage van 25 % en een organische stof percentage van 10 %). Voor de grond wordt de achtergrondwaarde beschouwd als het niveau waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Deze achtergrondwaarden zijn landelijk vastgesteld en weergegeven in de Regeling Bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en daarop volgende aanpassingen). Voor het grondwater wordt de streefwaarde beschouwd als het niveau waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De interventiewaarde betreft het niveau waarbij voor zowel de grond als het grondwater sprake kan zijn van risico's voor het milieu en de volksgezondheid. Een sanering van de bodem kan dan noodzakelijk zijn.

Indien de resultaten van het actualiserend bodemonderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging, kan een nader onderzoek noodzakelijk zijn. In voorliggende rapportage wordt als criterium voor het uitvoeren van nader onderzoek de tussenwaarde gehanteerd. De tussenwaarde voor grond betreft het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde en voor het grondwater het gemiddelde van de streefen interventiewaarde. De aanduiding van de mate van verontreiniging in het rapport is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.5: aanduiding mate van verontreiniging. aanduiding in rapport

betekenis voor grond

betekenis voor grondwater

- = niet verontreinigd

het aangetoond gehalten ligt beneden de achtergrondwaarde

het aangetoond gehalten ligt beneden de streefwaarde

* = licht verontreinigd

het aangetoond gehalten ligt tussen de achtergrondwaarde en tussenwaarde

het aangetoond gehalten ligt tussen de streefwaarde en tussenwaarde

** = matig verontreinigd

het aangetoond gehalten ligt tussen de tussenwaarde en interventiewaarde

het aangetoond gehalten ligt tussen de tussenwaarde en interventiewaarde

*** = sterk verontreinigd

het aangetoond gehalten ligt boven de interventiewaarde

het aangetoond gehalten ligt boven de interventiewaarde

Actuele handelingskader PFAS In het actuele handelingskader PFAS zijn toepassingsnormen opgenomen voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Hierbij dient opgemerkt te worden dat tot de stofgroep PFAS (poly- en perfluoralkylstoffen) onder andere de stoffen perfluoroctaanzuur (PFOA), perfluoroctaansulfonaat (PFOS) en HFPO-DA (GenX) behoren. De in het actuele handelingskader opgenomen toetsingsnormen zijn gebaseerd op het advies van RIVM over risicogrenzen voor PFOS, PFOA en GenX. Verdere informatie over het toetsingskader PFAS is opgenomen in bijlage 8. Besluit bodemkwaliteit (Bbk)

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

13

verkennend bodemonderzoek

Om een indicatie te verkrijgen van de hergebruiksmogelijkheden van de grond voor een toepassing als landbodem zijn de analyseresultaten van de grondmonsters aanvullend vergeleken met tabellen 1 en 2 in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en de daaropvolgende wijzigingen). De aanduiding van de milieuhygiënische classificering is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.6: aanduiding bodemkwaliteitsklasse. aanduiding in rapport

betekenis voor grond

achtergrondwaarde/altijd toepasbaar

grond kan vrij worden toegepast bij elke bodemfunctie en bodemkwaliteit

wonen

grond kan binnen het algemene generieke toetsingskader worden toegepast bij de bodemfuncties en bodemkwaliteiten “Wonen en Industrie”

industrie

grond kan binnen het algemene generieke toetsingskader enkel worden toegepast bij de bodemfunctie en bodemkwaliteit “Industrie”

niet toepasbaar

grond kan elders niet worden toegepast. Indien deze grond vrijkomt moet deze worden afgevoerd naar een erkend verwerker

3.3.2 | Grond De analysecertificaten van de grondmonsters zijn opgenomen in bijlage 2. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond- en interventiewaarden en indicatief volgens het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit. Tevens zijn de gehalten PFAS getoetst aan de geldende normen voor zowel toepassing op landbodem als toepassing op waterbodem. Het resultaat van de toetsing is in bijlage 3 en 4 numeriek weergegeven. Een samenvatting hiervan is opgenomen in de navolgende tabel. In tabel 3.7 is het resultaat van de toetsing samengevat weergegeven. Tabel 3.7: monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing. code

boringen

grond-

bijmeng-

soort1

ingen2)

MMA-1 A6, A8, A15, A16, A18, A21 en A23

zand

-

MMA-2 A1, A2, A3, A9, A12 en A14

zand

-

MMA-3 A13, A19 en A22

zand

MMA-4 A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7 en A8

zand

MMA-5 A1, A2, A3, A4, A5, A7 en A8 MMA-6 A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7 en A8

resultaat toetsing3)

PFAS

klasse-

>AT4)

indeling5)

-

-

AT

-

-

AT

baksteen

-

n.b.

AT

-

-

n.b.

AT

zand

-

-

n.b.

AT

zand

-

-

n.b.

AT

MMB-1 B14, B15, B17 en B18

zand

-

-

-

AT

MMB-2 B1, B7, B8 en B24

zand

-

-

-

AT

MMB-3 B2, B3, B21 en B23

zand

-

*: PCB(0,0055)

n.b.

AT

MMB-4 B4, B9, B10 en B13

zand

-

-

n.b.

AT

MMB-5 B12, B20 en B22

zand

kolengruis

*: kobalt(10), koper(46),

n.b.

industrie

-

n.b.

AT

-

n.b.

AT

-

n.b.

n.b.

nieuw zwembad (deellocatie A)

bestaand zwembad (deellocatie B)

nikkel(20), lood(65), zink(100) MMB-6 B6

zand

MMB-7 B5 en B19

zand

beton

opslag chloren en zuren (deellocatie C) MMC-1 C1, C2 en C3 *

zand

-

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte;

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

14

verkennend bodemonderzoek

1)

indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen;

2)

voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 1;

3)

mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s;

4)

toepassingsnormen voor altijd toepasbare grond (zowel op landbodem als in oppervlaktewater)

5)

indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer / hergebruik van grond;

-

geen bijmengingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden.

AT

Altijd toepasbaar

NT

Niet toepasbaar

n.b. niet bepaald

zuurgraad (pH) Ten behoeve voor mogelijke lekkage van zuren zijn zowel het monster MMB-5 (referentiemonster) als monster MMC-1 (zurenopslag) geanalyseerd op de zuurgraad. Het monster MMB-5 heeft een zuurgraad van 6,6 en het monster MMC-1 van 5,1. Hoewel het gehalte ter plaatse van de zurenopslag lager is dan het referentiemonster wordt dit niet als afwijkend gezien. De zuurgraad van 5,1 is representatief voor voedselarme zandgronden.

3.3.3 | Indicatieve kwaliteit grondwallen Ten behoeve voor het bepalen van de indicatieve kwaliteit van de twee aanwezige grondwallen zijn de grondmonsters geanalyseerd op het standaardpakket bodem en PFAS. De monsters zijn gecodeerd als grondwal 1 voor de oostelijke wal en grondwal 2 voor de westelijke en zuidelijke grondwal. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 2. De resultaten zijn indicatief getoetst volgens het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit. Tevens zijn de gehalten PFAS getoetst aan de geldende normen voor zowel toepassing op landbodem als toepassing op waterbodem. Het resultaat van de toetsingen is in bijlage 3 en 4 numeriek weergegeven. Op basis van de toetsingen worden beide grondwallen indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. In de grondwallen zijn tevens geen verhoogde gehalten PFAS boven de landbouw- natuurnormen aangetoond. Er bestaan derhalve geen belemmeringen voor hergebruik binnen het projectgebied.

3.4 | Bespreking resultaten verkennend bodemonderzoek Deellocatie A (nieuw zwembad) Ter plaatse van het nieuw aan te leggen zwembad c.q. de huidige ligweide zijn zowel in de boven- als in de ondergrond geen verontreinigingen met de onderzochte parameters aangetroffen. Alle grondmonsters worden indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform de toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit. Gelet op de resultaten blijft de hypothese voor een onverdachte locatie stand houden. Deellocatie B (bestaand zwembad) Ter plaatse van de boringen B2, B3, B21 en B23 is in het mengmonster MMB-3 van de bovengrond een lichte verontreiniging met PCB aangetoond. De grond kan indicatief worden beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform het Besluit bodemkwaliteit. 22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

15

verkennend bodemonderzoek

In de bovengrond met bijmengingen kolengruis (MMB-5) zijn lichte verontreinigingen met zware metalen (kobalt, koper, nikkel, lood en zink) aangetroffen. Vermoedelijk worden de verontreinigingen veroorzaakt door de bodemvreemde bijmengingen. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeel als klasse ‘industrie’. In de overige grondmonsters (MMB-1, MMB-2, MMB-4, MMB-6 en MMB-7) zijn geen verontreinigingen van de onderzochte parameters aangetoond. De grond wordt indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform het Besluit bodemkwaliteit. Vanwege het aantreffen van enkele lichte verontreinigingen wordt beoordeeld dat de hypothese ‘verdachte locatie’ stand houdt. Gelet op aangetroffen gehaltes wordt nader onderzoek vooralsnog niet noodzakelijk geacht. Ter plaatse van het (noord)westelijke deel van de deellocatie B zijn enkele boringen gestaakt. De boringen zijn vermoedelijk gestaakt vanwege de langdurige droge periode. Gelet op de oorzaak van de gestaakte boringen en de overige analyseresultaten wordt niet verwacht dat het staken van de boringen een negatieve invloed heeft gehad op de kwaliteit van het onderzoek. Deellocatie C (opslag chloren en zuren) Ter plaatse van de chloren en zuren opslag zijn geen verontreinigingen aangetroffen van de onderzochte parameters. Tevens is de aangetoonde zuurgraad representatief voor de zandgrond.

Er is derhalve geen vermoeden dat de opslag van zuren en/of chloren heeft geleid tot significante bodemverontreiniging. Gelet op de resultaten kan de hypothese ‘verdacht’ komen te vervallen. Hierbij wordt opgemerkt dat de monstername niet (geheel) conform de BRL 2000 heeft plaatsgevonden omdat er geen steekbussen zijn genomen. Gelet op de zintuiglijke waarnemingen en de analyseresultaten worden de huidige gegevens als representatief beschouwd. PFAS In geen van de onderzochte monsters landbouw/natuur normen aangetroffen.

zijn

verhoogde

gehalten

PFAS

boven

de

Grondwallen Op basis van de toetsingen worden beide grondwallen indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. In de grondwallen zijn tevens geen verhoogde gehalten PFAS boven de landbouw/natuur normen aangetoond. Er bestaan derhalve geen belemmeringen voor hergebruik binnen het projectgebied. Slotconclusie Op basis van de resultaten bestaan er geen belemmeringen voor de herontwikkeling van de onderzoekslocatie. Aanvullend onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem wordt niet noodzakelijk geacht. Veiligheidsmaatregelen Ter plaatse van alle drie de deellocaties zijn geen veiligheidsmaatregelen van toepassing (basishygiëne van toepassing). De toetsing voor de aangetroffen gehaltes bij deellocatie B is uitgevoerd met de hoogst aangetroffen gehalten (worst-case scenario). In bijlage 7 is de toetsing aan de CROW 400 opgenomen.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

16

verkennend bodemonderzoek

Bovenstaande conclusies zijn gebaseerd op een indicatieve toetsing aan de CROW P400 (veiligheidsmaatregelen). De definitieve veiligheidsklasse dient vastgesteld te worden door een veiligheidskundige.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

17

verkennend bodemonderzoek

4 | VERKENNEND ASBESTONDERZOEK 4.1 | Onderzoeksstrategie verkennend asbestonderzoek Het verkennend asbestonderzoek is gebaseerd op de NEN 5897 (december 2017). Ter plaatse van de boringen B5, B19 en B20 was sprake van een puinfundering. Puin waarvan de herkomst onbekend is, is verdacht op het voorkomen van asbest. Op basis van voorgaande bevindingen zijn de verdachte boringen onderzocht op asbest. Conform de strategie kleinschalige afgedekte fundering, uit de NEN 5897, dienen voor een locatie van 500 m² minimaal vijf proefgaten gerealiseerd te worden en één monster geanalyseerd te worden op het voorkomen van asbest. Doordat de boringen reeds ruimtelijk verdeeld waren, is besloten om per boring waar puin is aangetroffen een proefgat te graven. Van het aangetroffen puin is vervolgens één monster geanalyseerd op het voorkomen van asbest. Voorafgaand aan de werkzaamheden wordt het maaiveld geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Indien asbestverdachte materialen worden aangetroffen, worden deze bemonsterd en ter verificatie aangeboden aan het laboratorium. De puinmonsters worden door een geaccrediteerd laboratorium geanalyseerd.

4.2 | Uitvoering verkennend asbestonderzoek Kwalibo De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 6, 1 februari 2018) gecertificeerde vestiging van HMB B.V. te Maasbree. De werkzaamheden worden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 6, 1 februari 2018) conform protocol 2018 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de navolgende tabel zijn de namen weergegeven van de erkende veldwerker, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk heeft uitgevoerd. Tabel 4.1: erkende veldwerkers HMB B.V. veldwerker(s)

datum uitvoering

werkzaamheden

T. Boots

8 en 9 september 2022

graven proefgaten B5, B19 en B20

Opgemerkt wordt dat de funderingslagen bestaan uit meer dan 50% bodemvreemde materialen. Voor werkzaamheden in grond met meer dan 50% bodemvreemde materialen is het protocol 2018 niet van toepassing is. Dit heeft geen invloed op de onderzoeksstrategie en de resultaten van het onderzoek.

4.2.1 | Veldwerk asbestonderzoek Maaiveldinspectie Tijdens de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld. Hierbij dient opgemerkt te worden dat ter plaatse van de aangetroffen

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

18

verkennend bodemonderzoek

puinfundering c.q. het bestaande zwembad een verharding aanwezig was. Vanwege het aantreffen van de verharding kon geen gedegen maaiveldinspectie worden uitgevoerd. Ter plaatse van de onverharde terreindelen is wel een gedegen maaiveldinspectie uitgevoerd. Op het maaiveld van zowel het bestaande als het nieuwe zwemband zijn geen asbestverdachte materialen aangetoond. De efficiëntie van de inspectie van het onverharde terreindeel wordt geschat op 90-100%. Bodem De plaats van de inspectiegaten is weergegeven in bijlage 6. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 1. Uit de boorprofielen blijkt dat de vaste bodem op de locatie tot 4,0 m-mv (maximaal verkende diepte) bestaat uit zwak tot sterk siltig, matig fijn tot matig grof zand. Plaatselijk zijn in enkele boringen bijmengingen met grind aangetroffen. Onder de verharding van het bestaande zwembad bij de boringen B5, B19 en B20 is een puinverharding (niet vormgegeven bouwstoffen; >50% bodemvreemd materiaal) aangetroffen. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen zijn in de puinfundering geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In de grond van de overige boringen (zowel deellocaties A, B als C) worden enkele bijmengingen met baksteen, beton en kolengruis aangetroffen. Gelet op de homogeniteit van de bijmengingen zijn de lagen niet verdacht op het voorkomen van asbest.

Voor een overzicht van de aangetroffen bijmengingen wordt verwezen naar paragraaf 3.2.1. Het bij de graafwerkzaamheden vrijkomende materiaal is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn, naast het aangetroffen puin, geen waarnemingen gedaan die kunnen duiden op een bodemverontreiniging met asbest.

4.2.2 | Analyses De monsters zijn volgens navolgende tabel geanalyseerd door Eurofins Omegam te Amsterdam (geaccrediteerd). In de navolgende tabel zijn de monsteromschrijving en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 4.2: monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters

*

monstercode

boringen

traject (m-mv)*

geanalyseerde parameters

ASB-1

B5, B19 en B20

0,0 – 0,5

asbest (in puin)

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte.

4.3 | Analyseresultaten verkennend asbestonderzoek 4.3.1 | Toetsingskader De analyseresultaten van de grondmonsters zijn vergeleken met de toetsingstabel 'Streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater' uit de circulaire 22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

19

verkennend bodemonderzoek

bodemsanering (Nederlandse Staatscourant, nr. 16675, 27 juni 2013). De interventiewaarde voor asbest is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. gewogen asbest (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbest-concentratie). De te toetsen concentratie aan asbest betreft een optelling van de (omgerekende) gewogen concentratie aan asbest in het asbesthoudende materiaal (fractie >20 mm) en de gewogen concentratie aan asbest in de grond (fractie < 20 mm). De maximale waarde voor hergebruik van grond, baggerspecie en puin(granulaat) die verontreinigd zijn met asbest is weergegeven in de Regeling Bodemkwaliteit en is eveneens vastgesteld op 100 mg/kg d.s. gewogen asbest (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbest-concentratie). Het Arbeidsomstandighedenbesluit en het Asbestverwijderingsbesluit zijn niet van toepassing op handelingen met materialen met een asbestconcentratie beneden de maximale hergebruikswaarde. In dat geval zijn geen aanvullende maatregelen ten aanzien van asbest vereist bij bewerking of verwerking van de grond/puin. Bij overschrijding van de hergebruikswaarde is sprake van een verontreiniging met asbest en dienen werkzaamheden met de grond/puin onder asbestcondities te worden uitgevoerd.

Indien de resultaten van het verkennend onderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde, dient een nader onderzoek plaats te vinden. Conform de NEN 5897 wordt nader onderzoek noodzakelijk geacht indien het gewogen gehalte aan asbest (hoogste gehalte) groter is dan de helft van de hergebruikswaarde. Indien de resultaten van het verkennend bodemonderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dient een nader onderzoek plaats te vinden. Nader onderzoek moet duidelijk maken of het hiervoor geldende criterium wordt overschreden. Conform de NEN 5897 wordt voor het uitvoeren van nader onderzoek de volgende criteria gehanteerd: • voor asbestinspectiegaten (0,3 x 0,3 m) : indien voor een (deel)locatie en bodemlaag het gewogen gehalte aan asbest (hoogste gehalte) groter is dan de helft van de interventiewaarde; • voor boringen (diameter < 35 cm) : indien in het opgeboorde materiaal uit minimaal één boring binnen een (deel)locatie asbest wordt aangetroffen. Verder kan nader onderzoek zinvol zijn als op basis van de visuele inspectie van het maaiveld blijkt dat het gehalte aan asbest in de toplaag (bovenste 2 cm) niet overeenkomt met het gehalte in de inspectiegaten.

4.3.2 | Analyseresultaten Tijdens de veldwerkzaamheden is in de actuele contactzone van het puin in de grove fractie (>20 millimeter) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter controle van de fijne fractie (<20 millimeter) is een mengmonster ter analyse aangeboden. Het analysecertificaat is weergegeven in bijlage 2. In de navolgende tabel staat het (gewogen) asbestgehalte weergegeven.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

20

verkennend bodemonderzoek

Tabel 4.3: (gewogen) asbestgehalten in de fijne fractie (gehalten in mg/kg d.s.). analysemonster

ASB-1

proefgaten

B5, B19 en B20

traject (m-mv)

(gewogen) asbestgehalte fractie <20 mm (mg/kg d.s.)

(gewogen) asbestgehalte fractie >20 mm (mg/kg d.s.)

totaal (gewogen) asbestgehalte (mg/kg d.s.)

<0,6

-

<0,6

0,0 – 0,5

4.4 | Bespreking resultaten verkennend asbestonderzoek Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. In geen van de boringen en/of proefgaten is asbestverdacht materiaal (>20 mm) aangetroffen. Ter plaatse van het bestaande zwembad (deellocatie B) is plaatselijk een puinverharding aangetroffen. Op het overige terrein en op de andere deellocaties zijn geen asbestverdachte puinlagen aangetroffen. Analytisch is geen asbest aangetoond in de puinfundering. Daarom mag aangenomen worden dat de puinfundering niet verontreinigd is met asbest.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

21

verkennend bodemonderzoek

5 | ONDERZOEK HERGEBRUIK PUINFUNDERING 5.1 | Onderzoeksstrategie Voor het indicatief bepalen van de samenstelling en uitloging van de aangetroffen puinfundering wordt eveneens een monster onderzocht op samenstelling en uitloging. Op basis van de resultaten kan een (indicatieve) uitspraak gedaan worden over de hergebruiksmogelijkheden van de niet-vormgegeven bouwstoffen.

5.2 | Analyseresultaten De puinverharding is geanalyseerd door Eurofins Analytico te Barneveld (geaccrediteerd). In de navolgende tabel zijn de geanalyseerde monsters weergegeven. Tabel 5.2: geanalyseerde monsters onderzoek wegfundering. monstercode

boring

traject (m-mv) chemische analyses1)

motivatie

UIT-1

B19 en B20

0,0 – 0,5

puinfundering

1)

org. parameters + uitloog

verklaring analyses: org. parameters:

de organische parameters PAK, PCB en minerale olie;

uitloog:

schudproef met een eluaatanalyse op 15 metalen en 4 anionen.

5.2.1 | Toetsingskader De analyseresultaten van de monsters zijn vergeleken met tabellen 1 en 2 in bijlage A van de Regeling Bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en daarop volgende aanpassingen). In deze tabellen zijn normwaarden opgenomen ter beoordeling van de toepassing van bouwstoffen. Binnen het toetsingskader wordt voor het classificeren van een partij bouwstoffen één van de volgende aanduidingen gebruikt.

NV-bouwstof:

: Niet vormgegeven bouwstoffen voldoen aan de kwaliteit "N-bouwstof" wanneer voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: • geen van de onderzochte anorganische parameters overschrijdt de maximale emissiewaarde “niet-vormgegeven” en • geen van de onderzochte organische parameters overschrijdt de maximale samenstellingswaarden.

IBC-bouwstof:

: Niet vormgegeven bouwstoffen voldoen aan de kwaliteit "IBC-bouwstof" wanneer voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: • geen van de onderzochte anorganische parameters overschrijdt de maximale emissiewaarde “IBC-bouwstoffen” en • geen van de onderzochte organische parameters overschrijdt de maximale samenstellingswaarden. Niet toepasbaar: : Bouwstoffen wordt als "niet toepasbaar" geclassificeerd als de gemeten concentraties boven de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse "IBCbouwstoffen" liggen. 22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

22

verkennend bodemonderzoek

5.2.2 | Analyseresultaten Bepalen hergebruiksmogelijkheden De analysecertificaten zijn weergegeven in bijlage 2. De toetsing van de analyseresultaten is opgenomen in bijlage 5. In de onderstaande tabel is een samenvatting van de resultaten weergegeven. Tabel 5.3: analyseresultaten samenstellingsonderzoek en toetsing (gehalten in mg/kg d.s.) monster- boringen code UIT-1 2

B19 en B20 =

traject (m-mv) 0,0 – 0,5

soort bouwstof

samenstelling2

emissie2

puin

<T

<T

<T: toetsingswaarde wordt niet overschreden >T: toetsingswaarde wordt overschreden

5.3 | Bespreking resultaten onderzoek puinfundering Uit de resultaten van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat de aangetroffen puinverharding voldoet als “NV-bouwstof”. NV-bouwstoffen zijn niet-vormgegeven bouwstoffen die zonder isolatie-, beheers- en controlemaatregelen mogen worden toegepast. Bouwstoffen, niet zijnde grond of bagger, moeten in een nuttig werk worden toegepast. Deze moeten zodanig worden toegepast, dat deze niet met de (water)bodem kunnen worden vermengd en ter zijner tijd ook weer kunnen worden verwijderd. Bouwstoffen, niet zijnde grond en bagger, hoeven echter niet te worden verwijderd, als deze verwijdering tot een grotere aantasting van de bodem zou leiden dan het niet verwijderen (artikel 33 Bbk). Op verzoek van het bevoegd gezag moet degene die bouwstoffen gebruikt gegevens verstrekken van de bouwstoffen met betrekking tot de samenstelling en emissie, of, indien beschikbaar, een erkende kwaliteitsverklaring van die bouwstoffen.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

23

verkennend bodemonderzoek

6 | DOORLATENDHEIDSONDERZOEK Om de mogelijkheden tot het infiltreren van hemelwater vast te stellen dient de doorlatendheid van de bodem (k-waarde) bepaald te worden. Het (indicatieve) doorlatendheidsonderzoek wordt gebaseerd op de module C2510 (bepalen doorlatendheden in verschillende bodemlagen). De gevraagde werkzaamheden zijn weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 6.1: strategie indicatief doorlatendheidsonderzoek. locatie

boorwerk

veldmetingen1)

chemische analyses

Infiltratievoorziening ca. 2.000 m²

-2)

6 x omgekeerde putproef

6 x SCG-zeefkromme

1)

2)

verklaring analyses: SCG-zeefkromme : gehalte organische stof en fractiebepaling (2 mm). De boringen worden gecombineerd met het verkennend bodemonderzoek

Bij het uitvoeren van de veldwerkzaamheden worden bodemprofielen opgesteld, hierbij zal aandacht worden besteed aan de volgende bodemkundige hydrologische aspecten: • de samenstelling, structuur, textuur en kleur van het bodemmateriaal; • de historische GHG en de GLG op basis van gleyverschijnselen (roest en reductie); • de diepte en dikte van eventueel aanwezige leemlagen; • de actuele grondwaterstand.

6.1 | Uitvoering veldwerk Op 8 en 9 september 2022 is het veldwerk volgens de in voorgaande paragraaf weergegeven onderzoeksstrategie uitgevoerd. De plaats van de uitgevoerde meting is weergegeven op tekening in bijlage 6. De boorprofielen zijn eveneens opgenomen in de bijlagen. De boorprofielen zijn weergegeven in bijlage 1. Uit de boorprofielen blijkt dat de vaste bodem tot 4,0 m-mv (maximaal verkende diepte) ter plaatse van de nieuwe infiltratievoorzieningen voornamelijk bestaat uit zwak siltig, matig fijn tot matig grof zand. Gleyverschijnselen Uit de boorprofielen blijkt dat in de boringen tot 4,0 m-mv geen gleyverschijnselen (roest en reductie) zijn aangetroffen. Grondwaterstand De actuele grondwaterstand wordt op basis van de bureaustudie bepaald op 6,2 tot 7,0 mmv. Hierbij dient opgemerkt te worden dat ten behoeve van onderhavig onderzoek geen peilbuizen zijn geplaatst. Bij de uitgevoerde boringen is tot de maximaal verkende diepte (4,0 m-mv) geen grondwater aangetroffen.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

24

verkennend bodemonderzoek

6.2 | Resultaten Doorlatendheidsproeven Op basis van de meetgegevens van de veldproeven is de doorlaatfactor (k-waarde) van de bodem bepaald. De berekeningen zijn opgenomen in de bijlagen. Een samenvatting is weergegeven in de navolgende tabel. Opgemerkt wordt dat op andere punten dan waar de metingen zijn uitgevoerd, het mogelijk is dat de infiltratiecapaciteit afwijkt van de berekende k-waarden. Alle metingen zijn boven de grondwaterstand uitgevoerd. Tabel 6.2: berekende doorlatendheden. boring

bodemlaag

lithologische beschrijving

A1

2,0 – 2,5

zand, matig grof, zwak siltig

8,0 (7,8/8,2) *

A3

1,5 – 2,0

zand, matig fijn, matig siltig

5,4

A4

1,0 – 1,5

zand, matig fijn, zwak siltig

1,7

A5

3,0 – 3,5

zand, matig grof, zwak siltig

5,9

A6

2,0 – 2,5

zand, matig fijn, zwak siltig

5,6

(m-mv)

berekende doorlatendheid (m/d)

A8 1,5 – 2,0 zand, matig fijn, zwak siltig 5,7 Ter plaatse van boring A1 is de doorlatendheidsmeting in duplo uitgevoerd. De berekende doorlatendheden van de afzonderlijke metingen zijn tussen haakjes weergegeven.

*

Analyses Voor het bepalen van de fractieverdeling van de grondsoort is per boring een SCGzeefkromme analyse verricht. De certificaten van de SCG-zeefkromme zijn opgenomen in de bijlagen. Conform de opstelde strategie (paragraaf 6.1) is per boring een analyse ingezet voor het bepalen van de SCG-zeefkromme. In de navolgende tabel zijn de monsteromschrijving en de parameters waarop het betreffende monster is onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 6.3: monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters. monstercode

boringen

traject (m-mv)*

geanalyseerde parameters

SCG-1

A1

2,0 – 2,5

zeefkromme1) en M50-getal

SCG-3

A3

1,5 – 2,0

zeefkromme en M50-getal

SCG-4

A4

1,0 – 1,5

zeefkromme en M50-getal

SCG-5

A5

3,0 – 3,5

zeefkromme en M50-getal

SCG-6

A6

2,0 – 2,5

zeefkromme en M50-getal

SCG-8

A8

1,5 – 2,0

zeefkromme en M50-getal

*

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven;

1)

droge stof, <2 mm, <1 mm, <500 μm, <250 μm, <125 μm, <63 μm, <45 μm, <16, <2 μm en M63-getal.

De resultaten van de korrelgrootteverdeling is weergegeven op de certificaten in bijlage 2.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

25

verkennend bodemonderzoek

Berekening Naast de veldmetingen is, van per boring c.q. grondlaag, de doorlatendheid berekend op basis van de korrelgrootteverdeling. Hiertoe is in het voorliggende geval de ‘formule van Grontmij’ gebruikt. Hierbij dient opgemerkt te worden dat bij een gehalte aan lutum (<2 μm) van meer dan 12% de formule niet meer gebruikt mag worden. De ‘formule van Grontmij’ luidt als volgt: k = (M50/60)2 x 10-0,2 x L waarbij: k = L = M50 =

doorlatendheid [m/dag] lutumgehalte (deeltjes kleiner dan 2 µm) [%] mediaan van de zandfractie [µm]

De berekende doorlatendheid van de bodem op basis van de korrelgrootteverdeling is per monster weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 6.4: berekende doorlatendheid op basis van de korrelverdeling. monstercode

boringen

traject

grondsoort

(m-mv)

*

berekende doorlatendheid (m/d)

*

SCG-1

A1

2,0 – 2,5

zand, matig grof, zwak siltig

4,4

SCG-3

A3

1,5 – 2,0

zand, matig fijn, matig siltig

0,04

SCG-4

A4

1,0 – 1,5

zand, matig fijn, zwak siltig

0,15

SCG-5

A5

3,0 – 3,5

zand, matig grof, zwak siltig

4,9

SCG-6

A6

2,0 – 2,5

zand, matig fijn, zwak siltig

0,19

SCG-8

A8

1,5 – 2,0

zand, matig fijn, zwak siltig

0,02

het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven;

6.3 | Bespreking resultaten doorlatendheidsonderzoek Op basis van de uitgevoerde veldmetingen blijkt dat de zandgrond zeer goed (>0,75 m/dag) doorlatend is. De metingen van de boringen A1 en A5 worden bevestigd door de uitgevoerde berekeningen. Hieruit blijkt dat de matig grove zandgronden zeer goed doorlatend zijn. Ter plaatse van de boringen A3, A4, A6 en A8 zijn de berekende doorlatendheden echter veel lager. Vermoedelijk is het berekende gehalte (veel) lager door het aangetroffen lutum percentage (variërend van 7,1 tot 11,9 %) in de betreffende lagen. Gelet op de resultaten worden de veldmetingen als meer leidend gezien dan de theoretische doorlatendheden. Verwacht wordt derhalve dat de matig fijne zandgronden goed doorlatend zijn. Indien wordt overwogen om het hemelwater te infiltreren wordt geadviseerd om met deze wisselende bodemlagen en verschillen in doorlatendheden rekening te houden. Indien nabij of op (sterk) siltige lagen wordt geïnfiltreerd, wordt aanbevolen wordt om op deze plaatsen grondverbetering toe te passen. Door het toepassen van grondverbetering kan de infiltratiecapaciteit worden verbeterd. Gelet op de betere doorlatendheden in de diepere (grove) zandlagen wordt aanbevolen om het hemelwater zoveel mogelijk juist in deze lagen

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

26

verkennend bodemonderzoek

te infiltreren. Verder wordt geadviseerd om het ontwerpen en het aanleggen van een infiltratievoorziening door een op dit gebied ervaren specialist uit te laten voeren. Het opstellen van een nader plan van aanpak (detailtekening en berekening), het toepassen van grondverbetering en het realiseren van onderhoudsmogelijkheden maken in de regel onderdeel uit van deze werkzaamheden. Op deze wijze moet voorkomen worden, dat de toekomstige infiltratievoorziening onjuist gedimensioneerd is, op de verkeerde diepte wordt aangelegd, onvoldoende functioneert of dat de infiltratiecapaciteit na verloop van tijd te snel en te veel terugloopt.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

27

verkennend bodemonderzoek

7 | CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 7.1 | Verkennend bodemonderzoek Deellocatie A (nieuw zwembad) Ter plaatse van het nieuw aan te leggen zwembad c.q. de huidige ligweide zijn zowel in de boven- als in de ondergrond geen verontreinigingen met de onderzochte parameters aangetroffen. Alle grondmonsters worden indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform de toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit. Gelet op de resultaten blijft de hypothese voor een onverdachte locatie stand houden. Deellocatie B (bestaand zwembad) Ter plaatse van de boringen B2, B3, B21 en B23 is in het mengmonster MMB-3 van de bovengrond een lichte verontreiniging met PCB aangetoond. De grond kan indicatief worden beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform het Besluit bodemkwaliteit. In de bovengrond met bijmengingen kolengruis (MMB-5) zijn lichte verontreinigingen met zware metalen (kobalt, koper, nikkel, lood en zink) aangetroffen. Vermoedelijk worden de verontreinigingen veroorzaakt door de bodemvreemde bijmengingen. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond beoordeel als klasse ‘industrie’. In de overige grondmonsters (MMB-1, MMB-2, MMB-4, MMB-6 en MMB-7) zijn geen verontreinigingen van de onderzochte parameters aangetoond. De grond wordt indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’ conform het Besluit bodemkwaliteit.

Vanwege het aantreffen van enkele lichte verontreinigingen wordt beoordeeld dat de hypothese ‘verdachte locatie’ stand houdt. Gelet op aangetroffen gehaltes wordt nader onderzoek vooralsnog niet noodzakelijk geacht. Ter plaatse van het (noord)westelijke deel van de deellocatie B zijn enkele boringen gestaakt. De boringen zijn vermoedelijk gestaakt vanwege de langdurige droge periode. Gelet op de oorzaak van de gestaakte boringen en de overige analyseresultaten wordt niet verwacht dat het staken van de boringen een negatieve invloed heeft gehad op de kwaliteit van het onderzoek. Deellocatie C (opslag chloren en zuren) Ter plaatse van de chloren en zuren opslag zijn geen verontreinigingen aangetroffen van de onderzochte parameters. Tevens is de aangetoonde zuurgraad representatief voor de zandgrond. Er is derhalve geen vermoeden dat de opslag van zuren en/of chloren heeft geleid tot significante bodemverontreiniging. Gelet op de resultaten kan de hypothese ‘verdacht’ komen te vervallen. Hierbij wordt opgemerkt dat de monstername niet (geheel) conform de BRL 2000 heeft plaatsgevonden omdat er geen steekbussen zijn genomen. Gelet op de zintuiglijke waarnemingen en de analyseresultaten worden de huidige gegevens als representatief beschouwd. PFAS In geen van de onderzochte monsters landbouw/natuur normen aangetroffen.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

zijn

verhoogde

gehalten

PFAS

boven

de

28

verkennend bodemonderzoek

Grondwallen Op basis van de toetsingen worden beide grondwallen indicatief beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. In de grondwallen zijn tevens geen verhoogde gehalten PFAS boven de landbouw/natuur normen aangetoond. Er bestaan derhalve geen belemmeringen voor hergebruik binnen het projectgebied. Slotconclusie Op basis van de resultaten bestaan er geen belemmeringen voor de herontwikkeling van de onderzoekslocatie. Aanvullend onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem wordt niet noodzakelijk geacht.

7.2 | Verkennend asbestonderzoek Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. In geen van de boringen en/of proefgaten is asbestverdacht materiaal (>20 mm) aangetroffen. Ter plaatse van het bestaande zwembad (deellocatie B) is plaatselijk een puinverharding aangetroffen. Op het overige terrein en op de andere deellocaties zijn geen asbestverdachte puinlagen aangetroffen. Analytisch is geen asbest aangetoond in de puinfundering. Daarom mag aangenomen worden dat de puinfundering niet verontreinigd is met asbest.

7.3 | Onderzoek puinfundering Uit de resultaten van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat de aangetroffen puinverharding voldoet als “NV-bouwstof”. NV-bouwstoffen zijn niet-vormgegeven bouwstoffen die zonder isolatie-, beheers- en controlemaatregelen mogen worden toegepast. Bouwstoffen, niet zijnde grond of bagger, moeten in een nuttig werk worden toegepast. Deze moeten zodanig worden toegepast, dat deze niet met de (water)bodem kunnen worden vermengd en ter zijner tijd ook weer kunnen worden verwijderd. Bouwstoffen, niet zijnde grond en bagger, hoeven echter niet te worden verwijderd, als deze verwijdering tot een grotere aantasting van de bodem zou leiden dan het niet verwijderen (artikel 33 Bbk). Op verzoek van het bevoegd gezag moet degene die bouwstoffen gebruikt gegevens verstrekken van de bouwstoffen met betrekking tot de samenstelling en emissie, of, indien beschikbaar, een erkende kwaliteitsverklaring van die bouwstoffen.

7.4 | Veiligheidsmaatregelen Ter plaatse van alle drie de deellocaties zijn geen veiligheidsmaatregelen van toepassing (basishygiëne van toepassing). De toetsing voor de aangetroffen gehaltes bij deellocatie B is uitgevoerd met de hoogst aangetroffen gehalten (worst-case scenario). In bijlage 7 is de toetsing aan de CROW 400 opgenomen. Bovenstaande conclusies zijn gebaseerd op een indicatieve toetsing aan de CROW P400 (veiligheidsmaatregelen). De definitieve veiligheidsklasse dient vastgesteld te worden door een veiligheidskundige.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

29

verkennend bodemonderzoek

7.5 | Doorlatendheidsonderzoek Op basis van de uitgevoerde veldmetingen blijkt dat de zandgrond zeer goed (>0,75 m/dag) doorlatend is. De metingen van de boringen A1 en A5 worden bevestigd door de uitgevoerde berekeningen. Hieruit blijkt dat de matig grove zandgronden zeer goed doorlatend zijn. Ter plaatse van de boringen A3, A4, A6 en A8 zijn de berekende doorlatendheden echter veel lager. Vermoedelijk is het berekende gehalte (veel) lager door het aangetroffen lutum percentage (variërend van 7,1 tot 11,9 %) in de betreffende lagen. Gelet op de resultaten worden de veldmetingen als meer leidend gezien dan de theoretische doorlatendheden. Verwacht wordt derhalve dat de matig fijne zandgronden goed doorlatend zijn. Indien wordt overwogen om het hemelwater te infiltreren wordt geadviseerd om met deze wisselende bodemlagen en verschillen in doorlatendheden rekening te houden. Indien nabij of op (sterk) siltige lagen wordt geïnfiltreerd, wordt aanbevolen wordt om op deze plaatsen grondverbetering toe te passen. Door het toepassen van grondverbetering kan de infiltratiecapaciteit worden verbeterd. Gelet op de betere doorlatendheden in de diepere (grove) zandlagen wordt aanbevolen om het hemelwater zoveel mogelijk juist in deze lagen te infiltreren.

Verder wordt geadviseerd om het ontwerpen en het aanleggen van een infiltratievoorziening door een op dit gebied ervaren specialist uit te laten voeren. Het opstellen van een nader plan van aanpak (detailtekening en berekening), het toepassen van grondverbetering en het realiseren van onderhoudsmogelijkheden maken in de regel onderdeel uit van deze werkzaamheden. Op deze wijze moet voorkomen worden, dat de toekomstige infiltratievoorziening onjuist gedimensioneerd is, op de verkeerde diepte wordt aangelegd, onvoldoende functioneert of dat de infiltratiecapaciteit na verloop van tijd te snel en te veel terugloopt.

22270001A | Venlo, Drie Decembersingel 52 en 54

30

Bijlage | 1 Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk

Boring:

A1

Datum: 0

9-9-2022

0

gras

Boring:

A2

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

50

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

2

3

3 150

4

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

4

Zand, matig grof, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

5

200

5

6

6

7

7

8

8 400

Boring:

A3

Datum: 0

9-9-2022

0

400

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor

1

Boring:

A4

Datum: 0

9-9-2022

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

2

0

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

3

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

100

3

4

4

5

5

6

6

7

7

8

8 400

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

400

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Boring:

A5

Datum: 0

9-9-2022

0

gras

Boring:

A6

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

1

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

3

3 150

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

4

4

5

5 250

Zand, matig grof, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

6

6 300

7

8

8 400

Boring:

A7

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig grof, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

7

0

1

400

gras

Boring:

A8

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

50

2

100

3

3

4

4

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Edelmanboor

200

5

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Edelmanboor

5 250

Zand, matig grof, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

6

6

7

7

8

8 400

Boring:

A9

Datum: 0

9-9-2022

0

400

gras Zand, matig fijn, sterk siltig, lichtbruin, Edelmanboor

1

Boring:

A10

Datum: 0

9-9-2022

0

gras Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50

2

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2 100

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

100

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Boring:

A11

Datum: 0

9-9-2022

0

gras

Boring:

A12

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, lichtbruin, Edelmanboor

1

0

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50

2 100

Boring:

A13

Datum: 0

9-9-2022

0

100

gras

Boring:

A14

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin, Edelmanboor

1

A15 9-9-2022

0

gras

Boring:

A16

Datum: 0

9-9-2022

A17

Datum: 0

9-9-2022

0

1

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

100

Boring:

0

1

50

2

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor 100

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2

100

Datum: 0

gras

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

1

50

Boring:

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, lichtbruin, Edelmanboor

2

100

gras

Boring:

A18

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

50

2 100

Boring:

A19

Datum: 0

9-9-2022

0

gras

30

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor

1 2 60

3

Boring:

A21

Datum: 0

9-9-2022

100

A20

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Edelmanboor

0

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2 100

Boring:

A22

Datum: 0

9-9-2022

0

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, licht geelbruin, Edelmanboor

100

1

Boring:

100

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

2

70

3 100

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, lichtbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Boring:

A23

Datum: 0

9-9-2022

0

1

gras

Boring:

A24

Datum: 0

9-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigebruin, Edelmanboor

2

0

gras Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

50

2 100

Boring:

B1

Datum: 0

8-9-2022

0

100

bosgrond

Boring:

B2

Datum: 0

8-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

tegel Edelmanboor

1

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

0 4

2 80

3

Zand, matig grof, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

3 150

4

Zand, matig fijn, sterk siltig, lichtbruin, Edelmanboor

4 5

200

Boring:

B3

Datum: 0

8-9-2022

0 8

klinker

Boring:

B4

Datum: 0

8-9-2022

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

200

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

1

2

gras

2 100

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

3

3

150

150

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgeel, Edelmanboor

4 200

Boring:

B5

Datum: 0

8-9-2022

1

0 8 15

40

2 70

3 100

4

Zand, matig fijn, matig siltig, donkerbruin, Edelmanboor

4 200

klinker

Boring:

B6

Datum: 0

8-9-2022

Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs, Graven

1

Volledig puin, oranjebruin, Graven, Puintotaal 90%, >20mm 25%, geen a.v.m MM1

2

0

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

70

3

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

gras

120

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen beton, donkergrijs, Edelmanboor, Gestaakt i.v.m ondoordringbare laag

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor 5

Boring:

B7

Datum: 0

8-9-2022

200

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

0

bosgrond

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor, Gestaakt i.v.m. ondoordringbare laag

1

Boring:

B8

Datum: 0

8-9-2022

0

bosgrond Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

1 50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2 100

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Boring:

B9

Datum: 0

8-9-2022

0

bosgrond

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor, Gestaakt i.v.m ondoordringbare laag

0

gras

1

Boring:

B11

Datum: 0

8-9-2022

Boring:

B10

Datum: 0

8-9-2022

Boring:

B12

Datum: 0

8-9-2022

B13

Datum: 0

8-9-2022 1

0 20

2 50

3

Boring:

B15

Datum: 0

8-9-2022

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen kolengruis, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2 100

gras

Boring:

B14

Datum: 0

8-9-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalgeel, Edelmanboor

0 4

tegel

0 4

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

2 100

Boring:

B16

Datum: 0

8-9-2022

Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

0 4 20

3 100

B17

Datum: 0

8-9-2022

0 4

100

tegel

Boring:

B18

Datum: 0

8-9-2022

0 4

Edelmanboor 1

1 50

2 100

B19

Datum: 0

8-9-2022

1

0 8 15

40

2 70

3 100

100

klinker

Boring:

B20

Datum: 0

8-9-2022

Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs, Graven

1

Volledig puin, oranjebruin, Graven, Puintotaal 90%, >20mm 25%, geen a.v.m MM1

2

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

Edelmanboor

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen grind, lichtbruin, Edelmanboor

tegel Edelmanboor

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

2

Boring:

tegel

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor

2

2

Boring:

tegel Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalbruin, Edelmanboor

100

1

0

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor 100

Boring:

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor, Gestaakt i.v.m ondoordringbare laag

1

50

2

bosgrond

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

1

0

0 4

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

tegel Graven

25

70

3 100

Volledig puin, oranjebruin, Graven, Puintotaal 90%, >20mm 25%, geen a.v.m MM1 Zand, matig fijn, matig siltig, sporen kolengruis, groengrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Boring:

B21

Datum: 0

8-9-2022 1

0 4

tegel

15

Edelmanboor

2 50

3 80

4

Boring:

B23

Datum: 0

8-9-2022

100

1 50

2 100

Boring:

C1

Datum: 0

8-9-2022 1

0 3

30

2

8-9-2022 1

2

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

3

Zand, matig fijn, matig tegel siltig, lichtbruin, Edelmanboor

0 4

Boring:

B24

Datum: 0

8-9-2022

tegel Edelmanboor

30

80 100

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, bruinbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, sporen kolengruis, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, donkergrijs, Edelmanboor

0

bosgrond

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor, Gestaakt i.v.m ondoordringbare laag

0

gras

1

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen wortels, lichtbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak wortelhoudend, lichtbruin, Edelmanboor

tegel Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor Zand, matig grof, sterk siltig, lichtbruin, Edelmanboor

3

B22

Datum: 0

Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor

Zand, matig fijn, matig siltig, donkerbruin, Edelmanboor 0 4

Boring:

Boring:

C2

Datum: 0

8-9-2022

50

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

2

4

3

5

4

6

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalbruin, Edelmanboor

1

5 250

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

7 300

Boring:

C3

Datum: 0

8-9-2022

0

6 280

7

300

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin, Edelmanboor

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50

Zand, matig fijn, matig siltig, donkerbruin, Edelmanboor

2

3

4 200

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin, Edelmanboor

5

6 300

Projectcode:22270001A Projectnaam:Venlo Drie Decembersingel 54

Getekend volgens NEN 5104 Schaal: 1: 50

Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

VERKLARING ONAFHANKELIJKHEID UITVOERING VELDWERK

Projectcode: Locatie: Projectleider:

22270001A Drie Decembersingel (ong.) Blerick Gido van Lier

BRL SIKB:

   

1000 2000 2100 6000

Monsterneming voor partijkeuringen Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek Mechanisch boren Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen en nazorg

Protocollen:

 

1001 1002

2001

    

2002 2003 2018 2101 6001

6002

Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven bouwstoffen Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem Mechanisch boren Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ methoden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/116/documents/5413