CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

031bijl 1.2 BP Ginkelstraat 3 vaststelling Bijlagen bij de toelichting.pdf

Raadsvergadering 26 april 2023, gemeente VenloBij agendapunt: 5.6: RV 31 Vaststellen bestemmingsplan Ginkelstraat 319.368 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan - Bijlagen bij de toelichting -

Ginkelstraat 3 Gemeente Venlo

BESTEMMINGSPLAN - Bijlagen bij de toelichting -

Ginkelstraat 3 Gemeente Venlo

IDN-nummer:

NL.IMRO.0983.BP202224GINKELSTR3-VA01

Status:

Datum:

10 februari 2023

Locatie Nijmegen St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen

Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen

024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl

Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting

5

Bijlage 1

Bodemonderzoek Ginkelstraat

6

Bijlage 2

PvE Archeologische begeleiding sloop

84

Bijlage 3

Notitie beoordeling stikstof

99

Bijlage 4

Quickscan flora en fauna

131

bestemmingsplan Ginkelstraat 3

3

4

bestemmingsplan Ginkelstraat 3

Bijlagen bij de toelichting

bestemmingsplan Ginkelstraat 3

5

Bijlage 1

6

Bodemonderzoek Ginkelstraat

bestemmingsplan Ginkelstraat 3

Vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Ginkelstraat 3 te Venlo MA190987.013.R01.V1.2 25 januari 2022

Vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Ginkelstraat 3 te Venlo Rapportnummer MA190987.013.R01.V1.2 25 januari 2022

Opdrachtgever Gemeente Venlo Postbus 3434 5902RK Venlo

+31 88 130 06 00 info@geonius.nl Postbus 1097 6160 BB Geleen

Geonius.nl Functie

Naam

Adviseur

Caroline Mariotti

Projectleider milieu

Tim Nowottka

MA190987.013.R01.V1.2

Paraaf

2 van 23

Inhoud 1

Inleiding ..........................................................................5

2

Achtergrondinformatie ............................................. 6

2.1

Algemeen

6

2.2

Situering onderzoekslocatie

6

2.3

Historie

6

2.4

Vergunningen

7

2.5

Bodemopbouw, -kwaliteit en geohydrologie

8

2.6

PFAS

12

2.7

Niet gesprongen explosieven (NGE)

12

2.8

Archeologie

12

2.9

Terreininspectie

13

2.10

Samenvatting vooronderzoek, onderzoekshypothese en –strategie

13

2.10.1

Bodem ........................................................................................................................................................ 13

2.10.2

Asbest in bodem..................................................................................................................................... 13

2.10.3

PFAS ........................................................................................................................................................... 14

3

Veldwerk en analyses .............................................. 15

3.1

Onderzoeksprogramma

15

3.2

Samenstelling en analyseparameters bodemmonsters

15

3.3

Veldwerk verkennend bodemonderzoek

16

3.4

Bodemprofiel

16

3.5

Veldwerk verkennend asbestonderzoek

16

4

Analyseresultaten ...................................................... 18

4.1

Toetsingskader

4.1.1

Wet bodembescherming ..................................................................................................................... 18

4.1.2

Besluit en Regeling bodemkwaliteit ............................................................................................... 18

4.1.3

Asbest in bodem..................................................................................................................................... 18

4.1.4

Veiligheidsmaatregelen CROW 400 ................................................................................................. 18

4.2

Toetsing van de analyseresultaten

4.2.1

Bodem ........................................................................................................................................................ 19

4.2.2

Asbest ....................................................................................................................................................... 20

4.2.3

Verontreiniging ..................................................................................................................................... 20

5

Conclusies en aanbevelingen ............................... 22

5.1

Conclusies

22

5.2

Aanbevelingen

22

MA190987.013.R01.V1.2

18

19

3 van 23

Bijlagen Bijlage 1 Topografische overzichtskaart Bijlage 2 Foto’s locatie en proefgaten Bijlage 3 Boorstaten incl. legenda Bijlage 4 Analysecertificaten Bijlage 5 Toetsing Wet bodembescherming Bijlage 6 Toetsing Besluit bodemkwaliteit Bijlage 7 Overzicht bronnen vooronderzoek Bijlage 8 Situatietekening

MA190987.013.R01.V1.2

4 van 23

1 Inleiding Geonius Milieu B.V. heeft in opdracht van Gemeente Venlo een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie Ginkelstraat 3 en aangrenzend perceel (parkeerplaats) te Venlo. Aanleiding voor dit verkennend bodemonderzoek vormt de eigendomsoverdracht van de locatie. In verband hiermee is inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem vereist. Onderhavig bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2017), de NEN 5707+C2 (Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond, december 2017 en de NEN 5740 (Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, januari 2009 en wijzigingsblad NEN 5740/A1, februari 2016). Geonius is gecertificeerd voor SIKB protocol 2001, 2002, 2003 en 2018 behorende bij Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” (BRL SIKB 2000). Het procescertificaat van Geonius Milieu B.V. en het bijbehorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij horende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium (of de opdrachtgever). Geonius Groep B.V.

en de verschillende divisies zijn gecertificeerd volgens de algemene kwaliteitsnorm NENEN-ISO 9001:2015, NEN-EN-ISO 14001:2015, VCA**2017/6.0 en CO2 Prestatieladder niveau 3. Geonius Milieu B.V. streeft naar het uitvoeren van een representatief onderzoek. Het onderzoek is echter steekproefsgewijs uitgevoerd door middel van het uitvoeren van een volgens de norm voorgeschreven aantal boringen en het laten analyseren van grond(meng)monsters op een standaard analysepakket. Eventueel niet getraceerde (punt)bronnen van verontreinigingen kunnen derhalve niet worden uitgesloten. Geonius Milieu B.V. verklaart hierbij geen organisatorische, financiële of juridische binding te hebben met de opdrachtgever en/of onderhavige locatie en daarmee te voldoen aan de vereisten zoals gesteld in KwaliBo (Besluit uitvoeringskwaliteit bodembeheer). In onderhavig rapport worden de resultaten van het vooronderzoek, de gehanteerde onderzoeksopzet, de uitgevoerde veldwerkzaamheden en de resultaten van het analytisch onderzoek beschreven. Tot slot worden de resultaten getoetst aan de referentiewaarden en worden conclusies, en eventueel aanbevelingen, geformuleerd.

MA190987.013.R01.V1.2

5 van 23

2 Achtergrondinformatie 2.1 Algemeen Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een vooronderzoek conform de NEN 5725 verricht. De hierbij gehanteerde bronnen zijn opgenomen in bijlage 7. De resultaten van het vooronderzoek zijn in onderstaande paragrafen opgenomen. Het gehele gebied, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt is verdacht op bodemverontreiniging ten gevolge van een aanwezige verontreinigde ophooglaag (zware metalen, PAK, asbest en minerale olie). De ophooglaag in de directe omgeving van de onderzoekslocatie is reeds onderzocht. Op basis daarvan kan de ophooglaag reeds gedefinieerd worden als een historisch, immobiel geval van ernstige bodemverontreiniging. Ook lagen zonder bodemvreemde bijmengingen kunnen verontreinigd zijn. Het geval van ernstige bodemverontreiniging is echter nog niet beschikt door het bevoegd gezag WBB.

2.2 Situering onderzoekslocatie De onderzoekslocatie betreft de woning gelegen aan de Ginkelstraat 3 en het aangrenzende perceel, momenteel in gebruik als parkeerplaats (perceel gemeente Venlo, I 2801) te Venlo. In Tabel 2.1 zijn enkele gegevens betreffende de onderzoekslocatie weergegeven. De regionale ligging is weergegeven in bijlage 1. In bijlage 8 is een situatietekening met daarop de ligging van de locatie opgenomen. Foto’s van de locatie zijn opgenomen in bijlage 2. Tabel 2.1: overzicht topografische en kadastrale gegevens onderzoekslocatie Algemene en topografische gegevens Oppervlakte onderzoekslocatie

Circa 117 m2

Maaiveldhoogte

Circa 17,73 m + NAP

X-coördinaat, Y-coördinaat

X: 209.479, Y: 376.241

Kadastrale gegevens Kadastrale aanduiding

Gemeente Venlo, sectie I nummers 2801 en 2802

Oppervlakte kadastrale percelen

59 en 58 m2

Eigenaar

Gemeente Venlo, Garnizoenweg 3 TE VENLO

Locatie in eigendom sinds

2007 en 2009

2.3 Historie Op basis van de geraadpleegde historische kaarten blijkt dat de eerst raadpleegbare kaart dateert van omstreeks 1825. Hierop is de ommuurde kern van Venlo, waarneembaar. In deze periode is de onderzoekslocatie onbebouwd en bevindt zich in het centrum en binnen de stadsmuren van Venlo. De Maas en de Maaskade bevinden zich ten westen van de locatie. De onderzoekslocatie is omringd door bebouwing. Vanaf 1895 is de locatie bebouwd en is de Ginkelstraat ten oosten aangelegd. In de periode 1924-1972 zijn een aantal bedrijven gevestigd in de Ginkelstraat en directe omgeving (onder andere een transportbedrijf, benzineservicestation).

MA190987.013.R01.V1.2

6 van 23

De onderzoekslocatie bestaat momenteel deels uit een woonhuis (Ginkelstraat 3) en aangrenzend perceel, dat in gebruik is als parkeerplaats. In het verleden is in het gebied waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, een verontreinigde ophooglaag aangebracht. Na verkoop zal het woonhuis Ginkelstraat 3 gesloopt worden en wordt uitgegaan van toekomstig gebruik van de locatie als wonen met (kleine) tuin. Enkele uitsneden van historisch kaartmateriaal zijn opgenomen in onderstaande afbeeldingen. 1900

1945

1972

2000

2.4 Vergunningen In de archieven van de gemeente Venlo zijn voor de onderzoekslocatie de volgende gegevens bekend omtrent: •

voormalige Hinderwet, Wet milieubeheer, Bouwvergunningen c.q. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), sloopvergunningen;

•

archief BOOT (Besluit Opslaan Ondergrondse Tanks).

In Tabel 2.2 staan de resultaten van het archiefonderzoek vermeld. Tabel 2.2: overzicht vergunningen die ter beschikking zijn gesteld Hinderwet, Wet milieubeheer, bouw- en sloopvergunningen en verdachte activiteiten Ter plaatse en aangrenzende percelen Dossiernummer, datum vergunning

Omschrijving

1843

Voormalige gracht vestingswerken - demping (niet gespecificeerd)

Nr. 49, d.d. 06.08.1951

Ginkelstraat 1, bouwvergunning voor het herbouwen van een woon- en winkelhuis

MA190987.013.R01.V1.2

7 van 23

Dossiernummer, datum vergunning

Omschrijving

Nr. 240, d.d. 05.11.1951

Ginkelstraat 1, bouwvergunning voor het maken van een funderinsconstructie voor het pand te bouwen

Nr. 489-1978, d.d. 11.09.1978

Ginkelstraat 3, bouwvergunning voor het verbouwen van een winkel/woonhuis

Nr. 284/83d.d. 19.08.1983

Ginkelstraat 3, bouwvergunning voor het verbouwen van de woning

Nr. B-88-276, d.d. 12.09.1988

Ginkelstraat 3, bouwvergunning voor het verbouwen van een winkelpuui

Nr. BA97/159A, d.d. 09.06.1997

Ginkelstraat 3, bouwvergunning voor het plaatsen van een poort

Nr. BA98/117A, d.d. 20.04.1998

Ginkelstraat 3, bouwvergunning voor het oprichten van een entree/portaal tbv een bovenwoning

Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn geen gegevens bekend betreffende verontreinigende activiteiten. Uit de geraadpleegde bronnen (o.a. BOOT-archief) blijken ook geen gegevens die duiden op de aanwezigheid van één of meerdere tanks op de onderzoekslocatie. In de nabijheid van de onderzoekslocatie zijn meerdere gegevens bekend betreffende vergunningen, verontreinigende activiteiten en dergelijke. Deze hebben, gezien de aard en/of afstand ten opzichte van de onderzoekslocatie, geen invloed op de bodemkwaliteit ter plaatse. Derhalve zijn enkel voor de onderzoekslocatie relevante gegevens hierboven opgenomen.

2.5 Bodemopbouw, -kwaliteit en geohydrologie In Tabel 2.3 staat de bodemopbouw, geohydrologie, gegevens Bodemkwaliteitskaart/Nota bodembeheer en een samenvatting van de resultaten van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken op en nabij de onderzoekslocatie vermeld. Tabel 2.3: overzicht bodemopbouw, geohydrologie en -kwaliteit Bodemopbouw Diepte in m-mv

Omschrijving

Opmerkingen

[0 - 0,3]

Holocene afzettingen, complexe eenheid

Complexe eenheid, bestaande uit een afwisseling van zandige klei, midden en fijn zand, klei en veen en een weinig grof zand

[0,3 - 1,4]

Formatie van Boxtel, tweede tot vierde zandige

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden

eenheid

en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind

[1,4 - 12,2]

Formatie van Beegden, tweede en derde zandige

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof

eenheid

zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken

[> 12,2]

Kiezeloöliet Formatie, eerste kleiige eenheid

Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, met weinig bruinkool en fijn en grof zand en een spoor grind

Geohydrologische gegevens Hoogte freatisch grondwater

Circa 14,3 m + NAP / Circa 5 m-mv

Stromingsrichting grondwater

Westelijk

Ligging van oppervlaktewater op en/of nabij de locatie

Ja, ten westen van de locatie stroomt de Maas

Het voorkomen van brak of zout grondwater

Nee

MA190987.013.R01.V1.2

8 van 23

Ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied

Nee

Aanwezigheid van grondwateronttrekkingen op de locatie of in de omgeving

Nee

Aanwezigheid van breukstelsels op of nabij de locatie

Nee

Bodemkwaliteitskaart / Nota bodembeheer Kenmerk, datum

Omschrijving

Vs 19.3, november 2019

Nota Bodembeheer Limburg Noord 2020-2029

Deelgebied

Wonen Overige gemeenten

Bodemfunctieklasse

Wonen

Ontgravingsklasse

Bovengrond (0-0,5 m-mv): Wonen Ondergrond (0,5-2,0 m-mv): Achtergrondwaarde

Bodemonderzoeken ter plaatse van onderzoekslocatie Kenmerk, datum

Omschrijving

HMB,

Verkennend bodemonderzoek

07238702A,

Ginkelstraat 3/3a te Venlo

d.d. 11.02.2009 De aanleiding van het onderzoek is de voorgenomen transactie van de locatie.

Enkele parameters zijn verhoogd aangetoond in de bodem (lichte verontreiniging). De aangetoonde verontreinigingen in de grond komen overeen met de verontreinigingen in de oude binnenstad en de verontreinigingen welke zijn aangetoond tijdens eerdere onderzoeken. HMB,

Verkennend onderzoek

07238701A,

Ginkelstraat Ong. te Venlo

d.d. 07.08.2007 De aanleiding van het onderzoek is de voorgenomen verkoop van de locatie (huidige parkeerplaats onderhavig onderzoek).

In de grond is enkel een lichte verontreiniging met PAK aangetroffen. Het grondwater is licht verontreinigd met arseen. Bodemonderzoeken in directe omgeving onderzoekslocatie Kenmerk, datum

Omschrijving

Geonius,

(grenzend ten noordwesten van de onderzoekslocatie)

MA180011.032.R01.V8.2,

Vooronderzoek

d.d. 03.08.2021

Maaskade 31, 32, 32A, 33, 35, 36, Bolwaterstraat 26, 30, 30A, 32, 32A, 36, 38 en 40 te Venlo

Bodem - Het gehele gebied, waar de onderzoekslocatie deel van is verdacht ten gevolge van de aanwezige verontreinigde ophooglaag (zware metalen, PAK, asbest en minerale olie. - Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in het verleden potentieel bodemverontreinigende activiteiten uitgevoerd. - Ter plaatse van Maaskade 34/35 is nog een dieseltank aanwezig, waarbij de bodem voldoende onderzocht is. Voor deze tank geldt geen verwijderingsplicht. - In de huidige situatie en zolang deze verontreinigingen zich onder een verharding bevinden zijn er geen risico’s te verwachten voor de huidige en

MA190987.013.R01.V1.2

9 van 23

toekomstige gebruikers. Voor de voorgenomen eigendomsoverdrachten van de panden is het niet noodzakelijk hier een verkennend bodemonderzoek uit te voeren.

Asbest in bodem Uit diverse bodemonderzoeken blijkt dat in de bodem asbestverdachte bijmengingen (puin) aanwezig zijn die niet zijn onderzocht op de aanwezigheid van asbest. Derhalve is met betrekking tot asbest in bodem de hypothese “verdacht” van toepassing. Voor de voorgenomen eigendomsoverdrachten van de panden is het niet noodzakelijk een asbest in bodemonderzoek uit te voeren.

PFAS in bodem Tijdens de uitvoering van dit vooronderzoek wordt bekeken of op de locatie in het verleden PFAS-houdende stoffen zijn toegepast/opgeslagen. Deze zijn niet aangetoond. Ook al zijn er geen duidelijke puntbronnen aanwijsbaar, ter plaatse van de onbebouwde delen is de locatie diffuus verdacht voor PFAS. Geonius,

Verkennend, aanvullend bodemonderzoek en nader asbestonderzoek

MA190987.004,

Ginkelstraat te Venlo (Ginkelstraat 5a/7, 7a,11/11a, 13 en perceel I4694)

d.d. 06.07.2021 Deellocatie 1 (te verkopen en herontwikkelen gebouwen) - De bovengrond (0-0,5 m-mv) is matig verontreinigd met PAK en licht verontreinigd met zware metalen, PAK, PCB en minerale olie. - De ondergrond (0,5-1,5 m-mv) is licht tot matig verontreinigd met PAK en zink en licht verontreinigd met zware metalen en minerale olie. - Na uitsplitsing van de mengmonsters BG101 en OG102 blijkt dat ter plaatse van boring 102 de bovengrond (0,10-0,5 m-mv) sterk verontreinigd is met PAK en de ondergrond bij boring 103 (0,5-1,0 m-mv) sterk verontreinigd is met zink. - Het grondwater in peilbuis 301 is licht verontreinigd met zware metalen.

Deellocatie 2 (aan te kopen gebouwen en toekomstige gezamenlijke binnentuin) Zowel de bovengrond (0-0,5 m-mv) als de ondergrond (0,5-1,0 m-mv) is licht verontreinigd met PAK en zware metalen.

Deellocatie 1 + 2 (onderzoek puinlagen en nader onderzoek asbest) Ter plaatse van de proefgaten 102, 203, 204 en 205 is een verontreiniging met asbest aangetroffen. Onderhavige proefgaten betreffen zowel puin- als bodemlagen. De aangetroffen verontreinigingen lijken in relatie te staan tot de bijmengingen met puin in de bodem.

Geval van ernstige bodemverontreiniging Op de locatie is sprake van een heterogeen verontreinigde ophooglaag, waarvan het evident is dat deze een geval van ernstige bodemverontreiniging betreft op basis van de aangetroffen gehalten asbest ter plaatse. Daarnaast hebben de aangetoonde sterke verontreinigingen met zink en PAK vermoedelijk een omvang van meer dan 25 m³. Er is geen eenduidige relatie tussen de zintuiglijke verontreinigingen en bijbehorende analyseresultaten. Verdere afperking van de

MA190987.013.R01.V1.2

10 van 23

verontreiniging wordt derhalve niet zinvol geacht. De aangetoonde lichte tot matige verontreinigingen behoren eveneens tot het geval van ernstige bodemverontreiniging. HMB BV,

Oriënterend bodemonderzoek

d.d. 27.02.2009

Ginkelstraat 13 te Venlo

- De bovengrond (zintuigelijk verontreinigd) is licht verontreinigd met barium, koper, chroom, kwik en lood. - Het grondwater is licht verontreinigd met barium. HMB,

Oriënterend onderzoek

07238702A,

Ginkelstraat 1-1a te Venlo

d.d. 11.02.2009 -

Bovengrond (zint. verontr.):

-

Koper, Hg, Pb, Zn, PAK>Streefwaarde

-

Bovengrond (zint. schoon): geen overschrijdingen

-

Grondwater:

Grondwateronderzoek

is

achterwege

gelaten

i.v.m.

ondoordringbare bodemlagen van de geplaatste boringen. Econsultancy BV,

Historisch bodemonderzoek

07101824,

Ginkelstraat 5-13 te Venlo

d.d. 15.12.2008 - 1924- 1972- W.C.W. de Kievit: transportbedrijf (nr.7a-9) - 1949 - S. Bongartz: benzinepompinstallatie (nr.9) - 1957 - W.L.W. de Kievit: oprichting opslagplaats zuurstof- en acetyleencilinders (nr.9) - 1959 - W. de Kievit en Zonen : oprichting opslagplaats zuurstofcilinders (nr.9) - 1988 - Koksal : slagerij (op nr.11; in 2006 was pand leegstaand) - 1996 - Café Arizona: café (op nr.7) Onbekend - Meubelcentrum Venlo bv: meubeldetailhandel (op nr.7-9) HMB B.V.,

(grenzend ten noordwesten van de onderzoekslocatie)

06206201A,

Oriënterend/verkennend bodemonderzoek

d.d. 04.07.2006

Bolwaterstraat 30, 30a, 32 en 32a

Aanleiding van het onderzoek is de voorgenomen aankoop van de panden.

- In de bovengrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. - In de ondergrond zijn licht verhoogde gehalten aan zink en/of EOX aangetoond. - In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten aan arseen, zink en/of minerale olie aangetoond. HMB BV,

Oriënterend bodemonderzoek (asbest)

d.d. 4.06.2006

Ginkelstraat 11 te Venlo

- Bovengrond: asbest > Interventiewaarde. - Ondergrond + Grondwater: niet bepaald HMB BV,

Oriënterend bodemonderzoek

d.d. 30.05.2006

Ginkelstraat 11 te Venlo

MA190987.013.R01.V1.2

11 van 23

- Bovengrond: koper, zink, PAK > Streefwaarde. - Ondergrond: zink, PAK > Streefwaarde. Grondwater: geen overschrijdingen. HMB BV,

Oriënterend bodemonderzoek

d.d. 01.02.2006

Ginkelstraat 5a-7 te Venlo

- Bovengrond: lood, nikkel, zink, PAK, minerale olie > Streefwaarde. - Ondergrond: geen overschrijdingen. - Grondwater: geen overschrijdingen.

In de nabijheid van de onderzoekslocatie zijn meer bodemonderzoeken dan hierboven beschreven uitgevoerd. Deze hebben, gezien de aard en afstand van deze onderzoeken ten opzichte van de onderzoekslocatie, geen invloed op de bodemkwaliteit ter plaatse. Uit voorgaande onderzoeken blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie in het verleden slechts lichte verontreinigingen in de bodem en het grondwater zijn aangetroffen. Het gehele gebied, waar ook de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, is echter verdacht ten gevolge van de aanwezige verontreinigde ophooglaag (zware metalen, PAK, asbest en minerale olie). Ook de directe omgeving van de onderzoekslocatie maakt deel uit van het gebied dat verdacht is, ten gevolge van de aanwezige verontreinigde ophooglaag (zware metalen, PAK, asbest en minerale olie). Dit wordt bevestigd door de voorgaande onderzoeken. Hieruit blijkt dat in de directe omgeving van de locatie in de bovengrond diverse parameters aanwezig zijn in licht (o.a. zware metalen incl. chroom, PCB, minerale olie en PAK) tot sterk (PAK) verhoogde gehalten en in de ondergrond in licht (zware metalen, EOX en minerale olie) tot sterk (PAK en zink) verhoogde gehalten. Het grondwater is, volgens voorgaande bodemonderzoeken, op en nabij de locatie, ook maximaal licht verontreinigd met diverse parameters (o.a. zware metalen, arseen en minerale olie).

2.6 PFAS In opdracht van Provincie Limburg is een historisch onderzoek uitgevoerd naar specifieke PFAS-verdachte locaties binnen de gehele provincie. Hierbij is een inventarisatie gemaakt op basis van UBI-codes. Onderhavige onderzoekslocatie komt in deze inventarisatie niet naar boven. Onderhavige onderzoekslocatie is derhalve geen verdachte locatie (puntbron) voor PFAS. De locatie is derhalve niet verdacht op de aanwezigheid van PFAS, anders dan de verdenking op het diffuus voorkomen van PFAS zoals dat geldt voor heel Nederland.

2.7 Niet gesprongen explosieven (NGE) De onderzoekslocatie is niet gelegen in een gebied dat verdacht is voor “niet gesprongen explosieven”.

2.8 Archeologie Uit de archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart van de provincie Limburg blijkt dat de percelen gelegen zijn in gebieden waarvoor een zeer hoge archeologische verwachting geldt (vesting Venlo).

MA190987.013.R01.V1.2

12 van 23

2.9 Terreininspectie Op 15 oktober 2021 is door de heer B.M.D.M. Houben een terreininspectie uitgevoerd. De onderzoekslocatie bestaat momenteel deels uit een woonhuis (Ginkelstraat 3). Het woonhuis is grotendeels onderkelderd. De kelder is verhard met beton. Het naastgelegen perceel, dat ook deel uitmaakt van de onderzoekslocatie, is momenteel in gebruik als parkeerplaats. De parkeerplaats is verhard met tegels (met wildgroei van onkruid). Dit perceel is langs 3 zijden ommuurd met aan de voorzijde een hekwerk. Gelet op aanwijzingen op deze gevels, kan gesteld worden dat ook dit perceel in het verleden mogelijk bebouwd is geweest (verdere gegevens hieromtrent zijn niet voorhanden). Zowel het woonhuis als de parkeerplaats zijn niet vrij toegankelijk. Er zijn ter plaatse geen aanwijzingen, die kunnen duiden op de (voormalige) aanwezigheid van tanks of andere verdachte activiteiten m.b.t. bodemverontreiniging. Tijdens de terreininspectie is het gehele terrein visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Deze zijn op onderhavige onderzoekslocatie niet waargenomen.

2.10 Samenvatting vooronderzoek, onderzoekshypothese en –strategie 2.10.1 Bodem Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek blijkt dat de onderzoekslocatie verdacht is voor bodemverontreiniging omwille van het volgende: •

Het gehele gebied, waar de onderzoekslocatie en haar directe omgeving deel van uitmaakt, is verdacht ten gevolge van een aanwezige verontreinigde ophooglaag (zware metalen, PAK, asbest en minerale olie). In de omgeving van de locatie is de ophooglaag onderzocht. Op basis van de voorgaande onderzoeken kan de ophooglaag ter plaatse reeds gedefinieerd worden als een historisch, immobiel geval van ernstige bodemverontreiniging. Ook lagen zonder bodemvreemde bijmengingen kunnen verontreinigd zijn. Het geval van ernstige bodemverontreiniging is echter nog niet beschikt door het bevoegd gezag WBB.

•

Uit voorgaande onderzoeken blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie in het verleden lichte verontreiniging in de bodem als in het grondwater zijn aangetroffen

•

Uit voorgaande bodemonderzoeken blijkt dat in de directe omgeving van de locatie in de bovengrond diverse parameters aanwezig zijn in licht tot sterk verhoogde gehalten en in de ondergrond in licht tot sterk verhoogde gehalten. Het grondwater is volgens voorgaande bodemonderzoeken, maximaal licht verontreinigd met diverse parameters (o.a. zware metalen, arseen en minerale olie).

De onderzoeksstrategie voor een “diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming” (VED-HE-NL) is van toepassing.

2.10.2Asbest in bodem In het verleden is in het gebied waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, een ophooglaag aangebracht. Daarnaast blijkt uit diverse in het verleden uitgevoerde bodemonderzoeken, dat in de naastliggende percelen asbestverdachte bijmengingen (puin) aanwezig zijn.

MA190987.013.R01.V1.2

13 van 23

Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek blijkt dat voor de onderzoekslocatie met betrekking tot asbest in bodem de hypothese ”verdacht” van toepassing is. Strategie “Verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld” (VED-HE) is van toepassing.

2.10.3PFAS In een brief van 8 juli 2019 is het ‘Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie' aangeboden aan de Tweede Kamer. Dit Tijdelijk handelingskader is op 1 december 2019 en 2 juli 2020 aangepast. Het Tijdelijk handelingskader biedt een landelijk kader voor de omgang met PFAS-houdende grond en baggerspecie. Voor hergebruik is het noodzakelijk om onderzoek te doen naar de stofgroep PFAS (poly- en perfluor alkyl-verbindingen). Dit verkennend bodemonderzoek heeft tot doel om informatie te verkrijgen voor de eigendomsoverdracht. Voor de aanvraag van de eigendomsoverdracht is het in principe niet nodig onderzoek te doen naar de stofgroep PFAS (poly- en perfluor alkyl-verbindingen), omdat de onderzoekslocatie geen bron voor deze stof is en er dus geen specifieke verdenking is op deze stof. Echter indien tijdens de bouwwerkzaamheden grond dient te worden afgevoerd is het in het kader van hergebruik wel noodzakelijk onderzoek te doen naar deze stofgroep.

MA190987.013.R01.V1.2

14 van 23

3 Veldwerk en analyses 3.1 Onderzoeksprogramma In onderstaande Tabel 3.1 is het uitgevoerde veld- en laboratoriumonderzoek samengevat. Tabel 3.1: onderzoeksprogramma bodem- en asbestonderzoek (Deel)locatie en Oppervlakte (m2) Veldwerk strategie Gehele locatie 117 3*0,5 m-mv (VED-HE-NL) 1*2,0 m-mv 1*peilbuis1)

Analyses2) Grond Verdachte laag: 2*standaardpakket Ondergrond: 1*standaardpakket

Grondwater -

Asbestonderzoek Gehele locatie 117 4 proefgaten (0,3*0,3) 1 asbest in grond (VED-HE) (NEN 5898) 1) Op basis van geohydrologische gegevens is bekend dat binnen 5,0 m-mv grondwater wordt aangetroffen. Grondwateronderzoek is volgens de NEN 5740 in een dergelijke situatie noodzakelijk. 2) Standaardpakket (landbodem en grond): organisch stof en lutum 9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink) som-PCB’s, som-PAK’s (10) en minerale olie

Tijdens

de

veldwerkzaamheden

blijkt

dat

binnen

5,0

m-mv

geen

grondwater

aanwezig

is.

Grondwateronderzoek is volgens de NEN 5740 in een dergelijke situatie niet noodzakelijk. Derhalve heeft geen onderzoek naar de kwaliteit van het grondwater plaats kunnen vinden. De peilbuis is vervangen door een diepe boring tot 5,0 m-mv. De chemische analyses van de grond(meng)monsters zijn conform AS3000 uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam, gecertificeerd volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 en AS3000-erkend. Het grond(meng)monster ten behoeve van het asbestonderzoek is geanalyseerd op asbest conform NEN 5898. De (meng)monsters hebben een geschat drooggewicht van minimaal 10 kg voor grond en minimaal 25 kg voor puin.

3.2 Samenstelling en analyseparameters bodemmonsters Gerelateerd aan de zintuiglijke waarnemingen dan wel analyseresultaten zijn de volgende wijzigingen en/of bijzonderheden te melden: •

Op basis van de analyseresultaten van mengmonster BG002 en OG001 zijn de individuele monsters

van deze mengmonsters separaat geanalyseerd op de parameter PAK (in totaal 6 monsters). De grond(meng)monsters zijn onderzocht op het standaardpakket landbodem en grond uit de NEN 5740. In Tabel 4.1 (hoofdstuk 4) is een overzicht gegeven hoe de grond(meng)monsters zijn samengesteld. Tevens is van elk grond(meng)monster het globale bodemprofiel, de zintuiglijke waarnemingen en de uitgevoerde chemische analyses vermeld. In bijlage 4 zijn de analyseresultaten en een overzicht van de toegepaste analysemethoden weergegeven.

MA190987.013.R01.V1.2

15 van 23

3.3 Veldwerk verkennend bodemonderzoek De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 15 en 22 oktober 2021 conform BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) en het daarbij behorend protocol 2001 (Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen, versie 6.0, 1 februari 2018). De veldmedewerker die de werkzaamheden heeft uitgevoerd, de heer B.M.D.M. Houben, is in dit kader geregistreerd bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Tijdens de veldwerkzaamheden is assistentie verleend door de heer J. Kerckhoffs. Een tekening met de ligging van de uitgevoerde boringen is toegevoegd als bijlage 8. Boring 004 is niet tot de beoogde diepte (2,0 m-mv) geboord kunnen worden wegens het stuiten op een ondoordringbare laag (grind). Ondanks deze afwijking is de bodem in voldoende mate beoordeeld kunnen worden. Ook gezien bodemopbouw en diepte van de boringen (kelderniveau, dus het betreft technisch gezien de diepe ondergrond) is voldoende inzicht verkregen in bodemkwaliteit ter plaatse. Er hebben geen kritieke afwijkingen op de beoordelingsrichtlijn plaatsgevonden.

3.4 Bodemprofiel Tijdens de boor- en bemonsteringswerkzaamheden is het bodemmateriaal beoordeeld op kleur, textuur, bijmenging(en) en eventuele bijzonderheden. De boorstaten zijn als bijlage 3 zijn toegevoegd. Uit de terreininspectie blijkt dat de bodem inpandig (kelder) voorzien is van een betonverharding en uitpandig (parkeerplaats) van een verharding met tegels. De bodem kan globaal als volgt worden omschreven. Vanaf het maaiveld wordt matig fijn zand aangetroffen met plaatselijk sporen kolen, houtskool en kalksteen en zeer plaatselijk resten hout. Tevens is de bodem plaatselijk zwak tot matig baksteenhoudend en zwak kalksteenhoudend. Er zijn verder geen afwijkende geuren (middels passieve geurwaarneming) en/of kleuren waargenomen.

3.5 Veldwerk verkennend asbestonderzoek De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 15 en 22 oktober 2021. De coördinerend veldmedewerker, de heer B.M.D.M. Houben, is in dit kader geregistreerd bij het Ministerie van IenW. Tijdens de veldwerkzaamheden is assistentie verleend door de heer J. Kerckhoffs. Tijdens het veldwerk waren de omstandigheden als volgt: •

Droog (neerslag <10 mm);

•

Helder (zicht >50 m);

•

Bedekking maaiveld: 100 % (beton en tegels);

•

Toplaag: zand, vochtig, vast en geen vegetatie.

De inspectie-efficiëntie van de maaiveldinspectie wordt geschat op circa 0%. Vermeld wordt dat de maaiveldinspectie niet conform BRL SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2018 (Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem, versie 6.0, 1 februari 2018) heeft kunnen plaatsvinden. Bij een inspectieefficiëntie lager dan 50% is de waarde van een maaiveldinspectie namelijk onvoldoende om het verdachte gebied in te perken en een kwantitatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de toplaag. De maaiveldinspectie kan derhalve ook niet dienen om de onderzoekstrategie (eventueel) bij te stellen.

MA190987.013.R01.V1.2

16 van 23

Op basis van de opgestelde strategie zijn proefgaten gemaakt (minimaal 30*30 centimeter) uitgevoerd tot maximaal 0,5 m in de verdachte laag of tot in de ongeroerde ondergrond (maximaal tot 2,0 m-maaiveld). In Tabel 3.2 is een beschrijving gegeven van de verschillende proefgaten. Tabel 3.2: resultaten veldwerk proefgaten Proefgat Onderzocht Bodemomschrijving traject (cm-mv)

Afmetingen Bodemvreemd Asbest Mengmonster (cm) materiaal (%) aangetroffen fijne fractie (l x b)

001

25-54

Zand, matig baksteen, zwak kalksteen, sporen grind

30 x 30

<20

Nee

ASB001

002

20-54

<20

Nee

ASB001

004

12-62

Zand, zwak kalksteen, sporen grind, zwak baksteen, zwak kolen, zwak 30 x 30 beton Zand, matig baksteen, zwak grind, zwak kalksteen, sporen kolen 30 x 30

<21

Nee

ASB001

005

12-62

Zand, matig baksteen, zwak grind, zwak kalksteen, sporen kolen

<21

Nee

ASB001

30 x 30

De uit de proefgaten vrijgekomen grond is voor inspectie gezeefd (maaswijdte zeef 20 mm). De grove fractie van de uitgekomen grond is visueel beoordeeld op asbestverdachte materialen. In het opgegraven materiaal van alle proefgaten is in de grove fractie géén asbestverdacht (plaat)materiaal aangetroffen. Vervolgens is van de grond 1 mengmonster samengesteld ten behoeve van de microscopische analyse van de fijne fractie conform NEN 5898.

MA190987.013.R01.V1.2

17 van 23

4 Analyseresultaten 4.1 Toetsingskader 4.1.1 Wet bodembescherming De analyseresultaten zijn getoetst aan de interventiewaarden (I) voor grond uit de Circulaire bodemsanering 2013 en de achtergrondwaarden (AW) voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (behorende bij het Besluit bodemkwaliteit). De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen, zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor de mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. De “tussenwaarde” (in onderhavig rapport aangeduid als T) betreft het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde/streefwaarde en de interventiewaarde, maar maakt geen onderdeel meer uit van de toetsing die noodzakelijk is vanuit de Circulaire Bodemsanering en Besluit Bodemkwaliteit, maar fungeert in onderhavig rapport als triggerwaarde waarboven het vermoeden van een geval van ernstige verontreiniging bestaat en nader onderzoek wordt aanbevolen. In de navolgende paragrafen wordt de aangetroffen verontreinigingssituatie aangeduid met de termen licht, matig en/of sterk waaraan de volgende definities zijn gegeven: •

Licht verontreinigd: betreft gehalten tussen de achtergrondwaarde en de “tussenwaarde” (gemiddelde van achtergrond- en interventiewaarde).

•

Matig verontreinigd: betreft gehalten tussen de “tussen”- en interventiewaarde.

•

Sterk verontreinigd: betreft gehalten die de interventiewaarden overschrijden.

4.1.2 Besluit en Regeling bodemkwaliteit In het geval van bodem c.q. grond zijn de analyseresultaten (indicatief) getoetst aan de maximale waarden behorende bij de diverse functieklassen zoals vermeld in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit.

4.1.3 Asbest in bodem De resultaten van het asbestonderzoek zijn getoetst aan de interventiewaarden uit de Circulaire bodemsanering 2013 (versie 1 juli 2013). In de Circulaire wordt als interventiewaarde een gehalte van 100 mg/kg d.s. gehanteerd. Het gehalte asbest wordt berekend uit het gewogen serpentijnasbestgehalte vermeerderd met 10 maal het amfiboolgehalte.

4.1.4 Veiligheidsmaatregelen CROW 400 Bij eventuele graafwerkzaamheden dient rekening gehouden worden met de veiligheidsvoorschriften en Arbowetgeving voor grondwerk en bodemsanering. Indien een veiligheidsklasse van toepassing is dient de aannemer vóór aanvang van het werk een (beknopt) V&G-plan uitvoeringsfase op te stellen, welke onderdeel uit kan maken van het veiligheidsplan voor het gehele civiele werk.

MA190987.013.R01.V1.2

18 van 23

Het bepalen van de veiligheidsklassen heeft plaatsgevonden conform de CROW Publicatie 400 (werken in of met verontreinigde grond), de 2e gewijzigde druk: december 2017. Bij het bepalen van de veiligheidsklasse zijn de hoogst verkregen waarden van de geanalyseerde parameters gehanteerd. Ten aanzien van de berekeningen wordt vermeld dat het een indicatie geeft van de betreffende gezondheidsrisico's. Bij werkzaamheden waarbij mogelijke blootstelling aan toxische stoffen mogelijk is wordt geadviseerd contact op te nemen met een deskundige zoals omschreven in module 5 “eisen aan de deskundigheid” van CROW-publicatie 400, 2e gewijzigde druk, december 2017. De aannemer is verantwoordelijk voor de veiligheidsmaatregelen die hij bij de werkzaamheden voor zijn personeel doorvoert.

4.2 Toetsing van de analyseresultaten 4.2.1 Bodem Voor zware metalen en organische verbindingen dient een correctie plaats te vinden op basis van het gemeten lutum- en/of organisch stofgehalte in de bodem. Op basis van de gemeten gehalten aan lutum en organische stof worden de gerapporteerde gehalten omgerekende naar standaard bodem (10% organisch stof en 25% lutum). In Tabel 4.1 (grondmonsters) zijn alleen de onderzochte parameters vermeld waarvan de gehalten de achtergrondwaarden (grondmonsters) overschrijden. De toetsing van alle parameters is opgenomen als bijlage 5. Tabel 4.1: getoetste analyseresultaten grond(meng)monsters in mg/kg ds Analyse-

Boring

monster

BG001

BG002

Traject

Textuur

Visuele waarneming

Analyse

(m -mv)

> AW

GSSD

pakket

005

0,12 - 0,62

Zand

004

0,12 - 0,62

Zand

001

0,25 - 0,54

Zand

002

0,20 - 0,54

Zand

003

0,20 - 0,50

Zand

Uitsplitising BG002 001-3 001

0,25 - 0,54

Zand

002-3

002

0,20 - 0,54

Zand

003-3

003

0,20 - 0,50

Zand

OG001

003

0,50 - 1,00

Zand

1,00 - 1,50

Zand

1,50 - 2,00

Zand

MA190987.013.R01.V1.2

ma. baksteenh., zw. grindh., zw. kalksteenh., sp. kolen ma. baksteenh., zw. grindh., zw. kalksteenh., sp. kolen

ma. baksteenh., zw. kalksteenh., sp. grind zw. kalksteenh., sp. grind, zw. baksteenh., zw. koolh., zw. betonh. zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen

ma. baksteenh., zw. kalksteenh., sp. grind zw. kalksteenh., sp. grind, zw. baksteenh., zw. koolh., zw. betonh. zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen, sp. grind zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen, sp. grind sp. baksteen, sp. kalksteen, sp.

19 van 23

St.pakket

Toets

Toets

Wbb

Bbk

CROW 400

MWI

Basishygiëne

NT

Basishygiëne

Kobalt

16,5

*

Kwik

0,17

*

Lood Zink PAK-10 Minerale olie Koper

113 192 12,51 200

* * * *

42

*

Kwik

0,16

*

Lood

165

*

Zink PAK-10 PCB-7 Minerale olie

195 27,13 44,80 800

* ** * *

PAK

PAK-10

14,13

*

MWI

Basishygiëne

PAK

PAK-10

8,5

*

MWI

Basishygiëne

PAK

PAK-10

26,78

**

MWI

Basishygiëne

St.pakket

Koper

40

*

NT

Basishygiëne

Kwik

0,23

*

Lood

119

*

St.pakket

Analyse-

Boring

monster

Traject

Textuur

Visuele waarneming

Analyse

(m -mv)

> AW

GSSD

pakket

Toets

Toets

Wbb

Bbk

CROW 400

grind, re. hout, sp. houtskool

Uitsplitising OG001 003-4 003

0,50 - 1,00

Zand

003-5

003

1,00 - 1,50

Zand

003-6

003

1,50 - 2,00

Zand

zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen, sp. grind zw. baksteenh., sp. kalksteen, sp. kolen, sp. grind sp. baksteen, sp. kalksteen, sp. grind, re. hout, sp. houtskool

Verklaring gebruikte afkortingen Wbb : Wet bodembescherming AW : achtergrondwaarde 2000 S : streefwaarde T : “tussenwaarde” I : interventiewaarde GSSD : gestandaardiseerde meetwaarde Bbk : Besluit bodemkwaliteit (indicatief) MWI : voldoet indicatief aan klasse “industrie” NT : indicatief “niet toepasbaar” Verklaring der tekens * : groter dan AW en kleiner of gelijk aan T ** : groter dan T en kleiner of gelijk aan I *** : groter dan I : geen waarde vastgesteld

Zink PAK-10 PCB-7 Minerale olie

145 49,8 41,71 750

* *** * *

PAK

PAK-10

12,86

*

MWI

Basishygiëne

PAK

PAK-10

16,59

*

MWI

Basishygiëne

PAK

PAK-10

368

***

NT

Basishygiëne

st. pakket sp. zw. ma. vol. re. -h.

: standaard pakket : sporen : zwak : matig : volledig : resten : -houdend

Gehalte

: gemeten gehalten in mg/kg d.s. PCB in µg/kg

4.2.2 Asbest Het (meng)monster van de fijne fractie is onderzocht op de aanwezigheid van asbest conform NEN 5898. In Tabel 4.2 is een overzicht gegeven van het totale gehalte aan asbest per proefgat. Het gewogen gehalte aan asbest in de fijne fractie is gecorrigeerd in relatie tot het totale monstergehalte. Het totale gehalte asbest per proefgat bestaat uit het totale gewogen gehalte aan asbest in de grove fractie opgeteld met het gecorrigeerde gehalte gewogen asbest in de fijne fractie. Voor een berekening van de correctie van het gewogen gehalte van de fijne fractie wordt verwezen naar bijlage 4. In bijlage 4 zijn ook de analyseresultaten weergegeven. Tabel 4.2: overzicht totaal gehalte asbest per proefgat of RE in mg/kg ds (Meng)monster

Proefgat

fijne fractie

ASB001

Traject

Gewogen gehalte

Gecorrigeerd gewogen

Totaal gehalte gewogen

(cm mv)

grove fractie (mg/kg

gehalte fijne fractie (mg/kg

asbest (mg/kg ds)

ds)

ds)

-

<2

001

25-54

002

20-54

004

12-62

005

12-62

<2

Indien het (maximale) asbestgehalte kleiner is dan de helft van de interventiewaarde is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de interventiewaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. In onderhavige geval is nader onderzoek niet noodzakelijk.

4.2.3 Verontreiniging Na het verkennend bodemonderzoek is gebleken dat de gehele onderzoekslocatie heterogeen verontreinigd (licht tot sterk) is met PAK, zware metalen, PCB en minerale olie. Door het heterogene karakter kan worden

MA190987.013.R01.V1.2

20 van 23

gesteld dat in de omgeving een ophooglaag aanwezig is. De ophooglaag betreft een heterogeen geval van ernstige bodemverontreiniging. De onderzoekslocatie maakt deel uit van deze aanwezige ophooglaag en maakt dus onderdeel uit van een geval van ernstige bodemverontreiniging (ongeacht de mate van verontreiniging). Onderhavig onderzoek bevestigt de hypothese van het vooronderzoek. Gezien de omvang van de ophooglaag (>25 m³) en het vermoeden dat de verontreiniging is ontstaan voor 1987, is conform de Wet bodembescherming sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Het geval van ernstige bodemverontreiniging is perceelsoverschrijdend. Een verdere inkadering van de verontreinigingen wordt daarom niet zinvol geacht.

MA190987.013.R01.V1.2

21 van 23

5 Conclusies en aanbevelingen Geonius Milieu B.V. heeft in opdracht van Gemeente Venlo een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie Ginkelstraat 3 en aangrenzend perceel (parkeerplaats) te Venlo. Aanleiding voor dit verkennend bodemonderzoek vormt de eigendomsoverdracht van de locatie. In verband hiermee is inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem vereist.

5.1 Conclusies Na uitvoering van het verkennend bodemonderzoek blijkt het volgende. •

De onderzoekslocatie maakt onderdeel uit van de in het gebied plaatselijk aanwezige heterogeen verontreinigde ophooglaag (perceelsoverschrijdend geval van ernstige bodemverontreiniging).

•

De bovengrond (0-0,5 m-mv) is licht tot matig verontreinigd met PAK en licht verontreinigd met zware metalen, minerale olie en PCB. Na uitsplitsing van het mengmonster BG002 blijkt dat de bovengrond ter plaatse van de boringen 001 en 002 maximaal licht verontreinigd is met PAK en de bovengrond ter plaatse van de boring 003 matig verontreinigd is met PAK.

•

De ondergrond (0,5-2,0 m-mv) is plaatselijk licht tot sterk verontreinigd met PAK en licht verontreinigd met zware metalen, minerale olie en PCB.Na uitsplitsing van het mengmonster OG001 blijkt dat de ondergrond ter plaatse van boring 3 (1,5-2,0 m-mv) sterk verontreinigd is met PAK.

•

Tijdens de veldwerkzaamheden blijkt dat binnen 5,0 m-mv geen grondwater aanwezig is. Derhalve heeft geen onderzoek naar de kwaliteit van het grondwater plaatsgevonden

•

Indien de resultaten indicatief worden getoetst aan het Besluit en de Regeling Bodemkwaliteit varieert de kwaliteit van indicatief “industrie” tot “niet toepasbaar”.

•

Op basis van de vastgestelde bodemkwaliteit dient de hypothese “verdacht” te worden aanvaard.

•

Op basis van de uitgevoerde inspectie van het maaiveld en de opgeboorde grond dient de hypothese “verdacht” voor asbest te worden verworpen. Dit heeft geen consequenties voor de gevolgde onderzoeksstrategie.

•

Er is met voldoende betrouwbaarheid vastgesteld dat op de locatie geen asbest in de bodem aanwezig is. Vervolgonderzoek en maatregelen zijn niet noodzakelijk.

Geval van ernstige bodemverontreiniging Op de locatie is sprake van een heterogeen verontreinigde ophooglaag. De aangetoonde licht tot sterke verontreiniging behoort tot het geval van ernstige bodemverontreiniging. Verdere afperking van de sterke verontreiniging wordt derhalve niet zinvol geacht, om de reden dat het geval van ernstige bodemverontreiniging perceelsoverschrijdend is.

5.2 Aanbevelingen In de huidige situatie en zolang deze verontreinigingen zich onder een verharding bevinden zijn er geen risico’s te verwachten voor de huidige en toekomstige gebruikers. Voor de voorgenomen eigendomsoverdrachten van de panden is het niet noodzakelijk hier een aanvullend bodemonderzoek uit te voeren.

MA190987.013.R01.V1.2

22 van 23

Aangezien er sprake is van een heterogeen verontreinigde ophooglaag is verder bodemonderzoek niet zinvol/noodzakelijk. Bij ruimtelijke fysieke initiatieven zullen sanerende maatregelen (BUS-melding) noodzakelijk zijn. Ook bij werkzaamheden in de grond is een BUS-melding noodzakelijk. Met inwerkingtreding van de Omgevingswet (verwacht 1 juli 2022) kan wijziging van de wet- en regelgeving optreden. Derhalve is aan te bevelen hieromtrent overleg te plegen met het bevoegd gezag Wbb (gemeente Venlo).

MA190987.013.R01.V1.2

23 van 23

Bijlagen

MA190987.013.R01.V1.2

24 van 23

Bijlage 1 Topografische overzichtskaart

MA190987.013.R01.V1.2

Project

HO + VO Ginkelstraat 3 te Venlo

Onderdeel

Topografische kaart Geonius Milieu +31 (0) 88 1300 600

Projectnr

MA190987.013

Projectleider

Caroline Mariotti

Bijlagenr

T1

Getekend

Robin Rinia

Datum

03-11-2021

Formaat

A4

Schaal

1:25000

X:

209.479

Y:

376.241

De Asselen Kuil 10

6161 RD Geleen www.geonius.nl

Bijlage 2 Foto’s locatie en proefgaten

MA190987.013.R01.V1.2

Bijlage 2 Foto's locatie

F01

F02

F03

F04

MA190987.013

blad: 1 van 2

Bijlage 2 Foto's proefgaten

001.1

001.2

002.1

002.2

004.1

005.1

MA190987.013

blad: 2 van 2

Bijlage 3 Boorstaten incl. legenda

MA190987.013.R01.V1.2

opdrachtnummer

: MA190987.013

projectomschrijving :Ginkelstraat te Venlo

Boring:

001

Boring:

002

Datum: Afmeting gat/sleuf [m]:

22-10-2021 0,30 x 0,30

Datum: Afmeting gat/sleuf [m]:

22-10-2021 0,30 x 0,30

0,00

0,50

0,00 0,04 0,17 0,25

1 3

4

0,54

tegel

0,00

Neutraalgrijs, Edelmanboor, Tegel

2

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin, Schep

1

0,50

3

0,00 0,04

tegel

0,20

Neutraalgrijs, Edelmanboor, Tegel

0,54

Zand, matig fijn, matig siltig, licht geelbruin, Schep

Volledig beton, neutraalgrijs, Schep

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak kalksteenhoudend, sporen grind, zwak baksteenhoudend, zwak koolhoudend, zwak betonhoudend, donker grijsbruin, Schep

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig baksteenhoudend, zwak kalksteenhoudend, sporen grind, neutraal roodbruin, Schep

Boring:

003

Boring:

004

Datum:

22-10-2021

Datum:

15-10-2021

0,00

0,00 0,04 0,10 0,20

1 3

0,50

0,50

Zand, matig fijn, matig siltig, licht geelbruin, Edelmanboor Volledig beton, neutraalgrijs, Edelmanboor

5

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, sporen kalksteen, sporen kolen, licht grijsbruin, Edelmanboor

1,50

1,50 6 2,00

2,00

2,50

2,50

0,00

Neutraalgrijs, Edelmanboor, Tegel

4 1,00

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak baksteenhoudend, sporen kalksteen, sporen kolen, sporen grind, donker grijsbruin, Edelmanboor

0,50

1

0,00 0,12

beton

0,62

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig baksteenhoudend, zwak grindhoudend, zwak kalksteenhoudend, sporen kolen, donker grijsbruin, Schep

2

3 1,00 4

1,40

Volledig beton, neutraalgrijs, Kernboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak kalksteenhoudend, zwak baksteenhoudend, sporen grind, sporen kolen, donker grijsbruin, Schep, Staak op grind

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen baksteen, sporen kalksteen, sporen grind, resten hout, sporen houtskool, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

3,00

3,50 4,00

4,00

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, sporen kalksteen, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor

4,50 5,00

5,00

Boring:

005

Datum:

15-10-2021

0,00

0,50

tegel

1

Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen grind, neutraal bruingrijs, Edelmanboor

0,00 0,12

beton

0,62

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig baksteenhoudend, zwak grindhoudend, zwak kalksteenhoudend, sporen kolen, donker grijsbruin, Schep

2

Volledig beton, neutraalgrijs, Kernboor

pagina

1/1

verticale schaal

1: 75

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters geroerd monster

overige toevoegingen zwak humeus

ongeroerd monster volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

slib

water

peilbuis blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

MA190987.013.R01.V1.2

Bijlage 4 Analysecertificaten

MA190987.013.R01.V1.2

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Postbus 1097 6160 BB GELEEN

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer

Blad 1 van 6

: Ginkelstraat te Venlo - inpandig : MA190987.013 : 13553696, versienummer: 1.

Rotterdam, 23-10-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project MA190987.013. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 6 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 6

Analyserapport GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Projectnaam Ginkelstraat te Venlo - inpandig Projectnummer MA190987.013 Rapportnummer 13553696 - 1

Orderdatum 18-10-2021 Startdatum 18-10-2021 Rapportagedatum 23-10-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grond (AS3000)

BG001 004 (12-62) 005 (12-62)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 88.1 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

1.6

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

2.8

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

76 <0.2 5.1 15 0.12 73 <0.5 12 84

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S 0.04 fenantreen mg/kgds S 0.76 antraceen mg/kgds S 0.23 fluoranteen mg/kgds S 2.7 benzo(a)antraceen mg/kgds S 1.5 chryseen mg/kgds S 1.2 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.98 benzo(a)pyreen mg/kgds S 1.5 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 1.9 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 1.7 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 12.51 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds

S S S S S S S S

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9

MINERALE OLIE

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 3 van 6

Analyserapport GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Projectnaam Ginkelstraat te Venlo - inpandig Projectnummer MA190987.013 Rapportnummer 13553696 - 1

Orderdatum 18-10-2021 Startdatum 18-10-2021 Rapportagedatum 23-10-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grond (AS3000)

BG001 004 (12-62) 005 (12-62)

Analyse

Eenheid

fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

Q

001

S

<5 12 18 11 40

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 6

Analyserapport GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Projectnaam Ginkelstraat te Venlo - inpandig Projectnummer MA190987.013 Rapportnummer 13553696 - 1

Orderdatum 18-10-2021 Startdatum 18-10-2021 Rapportagedatum 23-10-2021

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 5 van 6

Analyserapport GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Projectnaam Ginkelstraat te Venlo - inpandig Projectnummer MA190987.013 Rapportnummer 13553696 - 1

Orderdatum 18-10-2021 Startdatum 18-10-2021 Rapportagedatum 23-10-2021

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

barium

Grond (AS3000)

cadmium

Grond (AS3000)

kobalt

Grond (AS3000)

koper

Grond (AS3000)

kwik

Grond (AS3000)

lood

Grond (AS3000)

molybdeen

Grond (AS3000)

nikkel

Grond (AS3000)

zink

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28

Grond (AS3000)

Grond: conform NEN-EN 16179. Grond (AS3000): conform NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): AS3010-4 AS3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2 (ontsluiting NEN 6961) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

PCB 52

Grond (AS3000)

PCB 101

Grond (AS3000)

PCB 118

Grond (AS3000)

PCB 138

Grond (AS3000)

PCB 153

Grond (AS3000)

PCB 180

Grond (AS3000)

som PCB (7) (0.7 factor)

Grond (AS3000)

totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000)

Grond (AS3000)

AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3010-7 en NEN-EN-ISO 16703

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 001

Y9374297 Y9374290

15-10-2021 15-10-2021

15-10-2021 15-10-2021

ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 6 van 6

Analyserapport GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Projectnaam Ginkelstraat te Venlo - inpandig Projectnummer MA190987.013 Rapportnummer 13553696 - 1 Monsternummer:

001

Monster beschrijvingen

BG001 004 (12-62) 005 (12-62)

Orderdatum 18-10-2021 Startdatum 18-10-2021 Rapportagedatum 23-10-2021

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

GEONIUS MILIEU BV (Heerlen) Tim Nowottka Postbus 1097 6160 BB GELEEN

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer

Blad 1 van 8

: Ginkelstraat te Venlo - uitpandig : MA190987.013 : 13557384, versienummer: 1.

Rotterdam, 01-11-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project MA190987.013. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 8 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/112/documents/4039