030 bijl1.2 bp Helschiksel vaststelling bijlage toelichitng.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan - Bijlagen bij de toelichting -
Helschriksel ong Gemeente Venlo
BESTEMMINGSPLAN - Bijlagen bij de toelichting -
Helschriksel ong Gemeente Venlo
IDN-nummer:
NL.IMRO.0983.BP202216HELSCHRONG-VA01
Status:
vast te stellen vastgesteld
Datum:
10 februari 2023
Locatie Nijmegen St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen
Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen
024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl
Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting
5
Bijlage 1
Bodemonderzoek Helschriksel
6
Bijlage 2
Notitie beoordeling stikstof
88
Bijlage 3
Quickscan flora en fauna
111
bestemmingsplan Helschriksel ong
3
4
bestemmingsplan Helschriksel ong
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplan Helschriksel ong
5
Bijlage 1
6
Bodemonderzoek Helschriksel
bestemmingsplan Helschriksel ong
VERKENNEND BODEMONDERZOEK (ASBEST) Helschriksel (ong.) Venlo kenmerk HMB B.V.: 19216701A
opdrachtgever:
Gemeente Venlo
datum rapport:
22 februari 2019
kenmerk:
19216701A
status:
Definitief
uitgevoerd door:
Combinatie HMB B.V. - Peeters Milieuadvies
projectleider:
Gido van Lier | g.vanlier@hmbgroep.nl
rapporteur:
Gido van Lier
autorisatie:
Luuk Peeters | info@peetersmilieuadvies.nl
HMB B.V. | Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree | 077-4652808 | info@hmbgroep.nl | www.hmbgroep.nl Peeters Milieuadvies | Rembrandtstraat 10 | 5995 CP Kessel | 06-80050968 | info@peetersmilieuadvies.nl
INHOUDSOPGAVE 1
Inleiding .............................................................................................................. 3
2
Vooronderzoek ..................................................................................................... 4 2.1 Locatiegegevens ......................................................................................... 4 2.2 Eerder uitgevoerd onderzoek ....................................................................... 5 2.3 Bodemopbouw ........................................................................................... 6 2.4 Bodemkwaliteitskaart .................................................................................. 6 2.5 Conclusies vooronderzoek ........................................................................... 6
3
Verkennend bodemonderzoek ................................................................................ 7 3.1 Onderzoeksstrategie verkennend bodemonderzoek ......................................... 7 3.2 Uitvoering verkennend bodemonderzoek ....................................................... 7 3.2.1 Grondonderzoek ................................................................................ 8 3.2.2 Grondwateronderzoek ........................................................................ 8 3.3 Analyseresultaten verkennend bodemonderzoek ............................................ 9 3.3.1 Toetsingskader ................................................................................. 9 3.3.2 Grond ............................................................................................. 11 3.3.3 Grondwater ..................................................................................... 11 3.4 Bespreking resultaten verkennend bodemonderzoek ...................................... 12
4
Verkennend asbestonderzoek ................................................................................ 13 4.1 Onderzoeksstrategie verkennend asbestonderzoek ........................................ 13 4.2 Uitvoering verkennend asbestonderzoek ....................................................... 13 4.2.1 Veldwerk asbestonderzoek ................................................................ 14 4.2.2 Analyses ......................................................................................... 14 4.3 Analyseresultaten verkennend asbestonderzoek ............................................ 14 4.3.1 Toetsingskader ................................................................................ 14 4.3.2 Analyseresultaten ............................................................................. 15 4.4 Bespreking resultaten verkennend bodemonderzoek ...................................... 16
5
Conclusies en aanbevelingen ................................................................................. 17 5.1 Verkennend bodemonderzoek ..................................................................... 17 5.2 Verkennend asbestonderzoek ...................................................................... 17
BIJLAGEN 1 | Omgevingsrapportage gemeente Venlo 2 | Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk 3 | Analysecertificaten 4 | Toetsing analyseresultaten 5 | Uittreksel kadastrale kaart, omgevingskaart en situatietekening 6 | Historische kaarten en luchtfoto’s 7 | Toets CROW P400
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
1
INLEIDING
In opdracht van de gemeente Venlo is door de combinatie HMB B.V. - Peeters Milieuadvies een verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest) uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de straat Helschriksel (ong.) – ten westen van huisnummer 4-6 - te Venlo. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest) betreft de voorgenomen verkoop van de locatie. Doelstelling Het doel van het verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest) is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit. Een nadere uitwerking van deze doelstelling is omschreven in paragraaf 2.3. Normering en verantwoording Het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek (asbest) is uitgevoerd conform de NEN 57071 en de NEN 57402. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 57253. Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen. Opgemerkt wordt dat zowel HMB B.V. als Peeters Milieuadvies geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de beschouwde locatie.
1 2 3
NEN 5707, Bodem. Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond, Delft 2015 NEN 5740, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2009 NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
3
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
2
VOORONDERZOEK
Als onderdeel van het milieutechnisch onderzoek is een beperkt vooronderzoek uitgevoerd volgens de Nederlandse norm NEN 5725. De resultaten van het vooronderzoek zijn verwerkt in voorliggende rapportage. Het vooronderzoek heeft betrekking op de onderzoekslocatie en de directe omgeving. De volgende bronnen zijn geraadpleegd: het kadaster; de opdrachtgever; de gemeente Venlo; het bodemloket en andere websites; de grondwaterkaart van Nederland en / of het DINOloket. Voorafgaand aan de uitvoering van het milieutechnisch onderzoek zijn de onderzoekslocatie en de omgeving visueel geïnspecteerd. De ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 5. In de navolgende paragrafen worden de bevindingen beknopt verwoord en geïnterpreteerd. Daarnaast is relevante aanvullende informatie opgenomen. 2.1
Locatiegegevens
Topografische en algemene gegevens Enkele topografische gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in tabel 1. Tabel 2.2: Topografische en algemene gegevens locatie Algemeen Adres onderzoekslocatie Gemeente
Venlo
Kadastrale aanduiding
Gemeente Venlo, sectie I, perceel 6343 en 6367
Oppervlakte perceel
844 m²
Oppervlakte onderzoekslocatie
844 m²
X-coördinaat
209.518
Y-coördinaat
376.143
Eigenaar Naam
Gemeente Venlo
Adres
Hanzeplaats 1
Postcode en plaats
5912 AT Venlo
*
=
ten aanzien van dit perceel/deze percelen zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is
Ter plaatse van de Helschriksel (ong.) is een braakliggend perceel aanwezig. Heterogeen over het terrein zijn resten puin op het maaiveld waargenomen. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 844 m².
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
4
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Historisch gebruik Uit historische kaarten valt af te leiden dat de locatie is gelegen in de oude stadskern van Venlo. Het terrein is voor zover bekend altijd bebouwd geweest. Op basis van de omgevingsrapportage hebben er ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie, de voormalige huisnummers (Helschriksel) 10 t/m 32, geen bodembedreigende activiteiten plaatsgevonden. De aanwezige bebouwing is in 2014 gesloopt. De locatie is vanaf 2014 tot op heden braakliggend. 2.2
Eerder uitgevoerd onderzoek
Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn twee onderzoeken bekend. De resultaten van de onderzoeken zijn in navolgende tabel beknopt weergegeven. In de directe omgeving zijn de in de navolgende tabel vermelde onderzoeken bekend. Tabel 2.2: voorgaande bodemonderzoeken. Bergstraat e.o. Venlo Type onderzoek
Aanvullend en Nader bodemonderzoek
Onderzoeksbureau
HMB B.V.
Datum rapport
17 juni 2008
Kenmerk rapport
08214101A
Aanleiding
De aanleiding van het onderzoek vormt de ontwikkeling van het plangebied “Q4” en in verband daarmee het inzichtelijk maken van de huidige, milieukundige toestand van de bodem ter plaatse.
Resultaten grond
Opgemerkt dient te worden dat het onderzoek een veel groter gebied betreft dan alleen onderhavige onderzoekslocatie. Ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie zijn in de zintuiglijk schone bovengrond geen van de onderzochte parameters verhoogd aangetoond. De grond met (zwak tot sterke) bijmengingen met baksteen, puin en kolen is licht verontreinigd met koper, kwik en zink. De grond met bijmengingen met puin is niet onderzocht op asbest.
Conclusies
De lichte verontreinigingen kunnen waarschijnlijk gerelateerd worden aan de bijmengingen kolen, baksteen en puin. De aangetoonde gehalten voldoen aan de bodemgebruikswaarden I, welke (destijds) door de overheid zijn vastgesteld als terugsaneerwaarden voor terreinen die een woonfunctie hebben.
Bij de Zeepzieder 17a Venlo Type onderzoek
Verkennend bodemonderzoek
Onderzoeksbureau
HMB B.V.
Datum rapport
3 april 2009
Kenmerk rapport
08214102A
Aanleiding
De aanleiding is een voorgenomen transactie (aankoop) van het perceel, alsmede de mogelijke aanvraag van een bouwvergunning.
Resultaten bovengrond
Geen verhoogde gehalten
Resultaten ondergrond
Geen verhoogde gehalten
Resultaten grondwater
Geen verhoogde gehalten
Conclusies
De vastgestelde milieuhygiënische kwaliteit vormt geen belemmering voor de voorgenomen aankoop van de locatie, alsmede voor de verlening van een bouwvergunning.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
5
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Ter plaatse van het Mgr. Nolensplein (ten noorden van onderhavige locatie) is in het verleden een sterke verontreiniging met PAK, minerale olie, vluchtige aromaten, zware metalen en cyanide aanwezig geweest. De verontreiniging is in het jaar 2000 gesaneerd. De beschikking op de sanering dateert uit 2001. Op het terrein aan de Helschriksel 36-58 en de Kwietheuvel 8-20 (ten westen van onderhavige locatie) is een sterke verontreiniging met minerale olie aangetroffen. Op basis van de evaluatierapporten blijkt dat deze verontreiniging in zijn geheel is ontgraven. Op basis van de uitgevoerde saneringen en de aanwezige bodemrapporten wordt niet verwacht dat ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie sprake is van geval van ernstige bodemverontreiniging in de zin van de Wet bodembescherming. De omgevingsrapportage van de gemeente Venlo is opgenomen onder bijlage 1. 2.3
Bodemopbouw
Ten behoeve van de bodemopbouw en geohydrologische situatie is DINOloket geraadpleegd. Regionaal bestaat de bodem tot een diepte van circa 15 m-mv uit zandlagen. De regionale grondwaterstroming is westelijk gericht (richting de Maas). De onderzoekslocatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermings- of grondwaterwingebied. 2.4
Bodemkwaliteitskaart
De gemeente Venlo beschikt over een bodemkwaliteitskaart. De locatie is gelegen binnen de zone ‘1. Wonen en werken <1987’. De bovengrond in deze zone wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse ‘wonen’ en de ondergrond wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse ‘AW2000’. Voor de parameter asbest zijn landelijk richtlijnen en normen afgesproken. De interventiewaarde c.q. hergebruiknorm is 100 mg/kg d.s. en de norm voor nader asbestonderzoek betreft een gewogen gehalte van 50 mg/kg d.s.. 2.5
Conclusies vooronderzoek
Op basis van de beschikbare gegevens wordt, ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek, de onderzoekslocatie vooralsnog als onverdacht beschouwd. Wel wordt op basis van de uitgevoerde onderzoeken, de ligging en het gebruik verwacht dat de grond licht verontreinigd is met zware metalen. Deze verontreinigingen betreffen diffuse verontreinigingen, waarvan de aanwezigheid afdoende vastgesteld kan worden door middel van een standaard verkennend onderzoek. Deze diffuse verontreinigingen leiden niet tot een aangepaste strategie. Gelet op de aangetroffen bijmengingen met puin tijdens eerder uitgevoerde (bodem)onderzoeken kan worden geconcludeerd dat de onderzoekslocatie wel verdacht is op de aanwezigheid van asbest.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
6
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
3
VERKENNEND BODEMONDERZOEK
3.1
Onderzoeksstrategie verkennend bodemonderzoek
Het onderzoek wordt uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 'Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek' (NEN 5740). De te volgen strategie is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek. omschrijving
Helschriksel
strategie boorwerk (diepte in m-mv)
844 m2
ONV-NL
boringen
peilbuizen
4 x (0,5) 1 x (2,0)
2
1)
chemische analyses grond
grondwater1)
2 x NEN-g*
1 x NEN-gw**
1) Indien er geen grondwater wordt aangetroffen op een diepte van 5,0 m-mv komt het plaatsen van een peilbuis conform NEN 5740 te vervallen. *
NEN-g: Standaardpakket grond (NEN 5740): Zware metalen (9 metalen), PAK, PCB, minerale olie, lutum en
**
NEN-gw: Standaardpakket grondwater (NEN 5740): Zware metalen (9 metalen), minerale olie, Vluchtige
organische stof; organische halogeenkoolwaterstoffen, Vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen.
De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grond- en grondwatermonsters worden conform AS3000 voorbewerkt. 3.2
Uitvoering verkennend bodemonderzoek
Kwalibo De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 5, 12 december 2013) gecertificeerde vestiging van HMB B.V. te Maasbree. De werkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen 2001 en 2002 (versie 3.2, 12 december 2013) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de navolgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 3.2: erkende veldwerkers HMB B.V. veldwerker(s)
datum uitvoering
werkzaamheden
G. Niëns
7 februari 2019
uitvoeren van boringen en plaatsen van peilbuizen
G. Niëns
14 februari 2019
bemonsteren peilbuizen
Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau. De onafhankelijkheidsverklaring is opgenomen in bijlage 2.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
7
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
3.2.1 Grondonderzoek Op 7 februari 2019 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 3.1. De verrichte boringen, proefgaten en peilbuizen zijn gecodeerd vanaf nummer 1. De plaats van de boringen is weergegeven in bijlage 5. De boorprofielen zijn weergegeven in bijlage 2. Uit de boorprofielen blijkt dat de vaste bodem op de locatie tot 2,8 m-mv (maximaal verkende diepte) bestaat uit zwak siltig zand met lokaal bijmengingen met grind. Bij de uitvoering van het veldwerk is ter plaatse van de boringen/proefgaten 02, 03, 04, 05 en 06 een zwakke tot matige bijmenging met puin in de bovengrond aangetroffen. In de ondergrond van boring 02 worden op een diepte van 1,0 tot 1,5 m-mv bijmengingen met baksteen (sporen) aangetroffen. Ter plaatse van de overige boringen zijn geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen. In de navolgende tabel is een gedetailleerde omschrijving van de waargenomen bijmengingen weergegeven. Tabel 3.3: zintuiglijke waarnemingen. boring
traject (m-mv)
zintuiglijke waarnemingen
02
0,0 – 0,25
matig puinhoudend
1,0 – 1,5
sporen baksteen
03
0,0 – 0,7
matig puinhoudend
04
0,0 – 0,14
zwak puinhoudend
05
0,0 – 0,35
zwak puinhoudend
06
0,0 – 0,25
matig puinhoudend
Op het maaiveld en in het omhoog gebrachte materiaal zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. 3.2.2 Grondwateronderzoek Het grondwater is bemonsterd op 14 februari 2019. Gelijktijdig zijn de stand, de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (ec) en de troebelheid van het grondwater bepaald. In de navolgende tabel zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater schematisch weergegeven. Tabel 3.4: veldmetingen grondwater. peilbuis 01
datum monstername
grondwaterstand (m-mv)
zuurgraad (-)
geleidbaarheid (µS/cm)
troebelheid (NTU)
14 februari 2019
1,50
7,1
598
60,4
De genoemde waarden aan zuurgraad en geleidbaarheid kunnen als normaal beschouwd worden. De troebelheid in peilbuis 01 is hoger dan 10 NTU. Ondanks goed voorpompen en een laag afpompdebiet is geen helder watermonster verkregen. Dit kan van invloed zijn op het analyseresultaat.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
8
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Zintuiglijke waarnemingen grondwater De zintuiglijke waarnemingen bij de watermonstername zijn in de navolgende tabel schematisch weergegeven. Tabel 3.5: zintuiglijke waarnemingen grondwater. peilbuis
bijzonderheden
goed-/slechtlopend
belucht
geen
goedlopend
nee
01
Analyseresultaten verkennend bodemonderzoek
3.3
De verzamelde monsters zijn ter analyse aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven aanleiding aanvullende analyses uit te voeren boven hetgeen voorgeschreven in de gehanteerde strategie (zie paragraaf 3.1). Vanwege het aantreffen van bijmengingen met baksteen in de ondergrond bij boring 02 is een aanvullende analyse ingezet op het standaard NEN pakket. In de navolgende tabel zijn de monsteromschrijvingen en de stoffen waarop de betreffende monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 3.6: monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters. monstercode
boringen
traject (m-mv)*
geanalyseerde
motivatie
parameters** grond MM1
02, 03, 04, 05, 06
0,0 – 0,5
NEN-g
puinhoudende bovengrond
MM2
02
1,0 – 1,5
NEN-g
baksteenhoudende ondergrond
MM3
02, 03, 04, 05
0,15 – 1,2
NEN-g
zintuiglijk schone grond
1
1,8 – 2,8
NEN-gw
grondwater
grondwater 01-1-1 *
het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven;
**
NEN-g: standaardpakket grond (NEN 5740): Zware metalen (9 metalen), PAK, PCB, minerale olie, lutum en organische stof. NEN-gw: Standaardpakket grondwater (NEN 5740): Zware metalen (9 metalen), minerale olie, Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen, Vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen.
MM grondmengmonster.
3.3.1 Toetsingskader Wet bodembescherming (Wbb) De analyseresultaten van de grondmonsters zijn vergeleken met de toetsingstabel 'Streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater' uit de circulaire bodemsanering (Nederlandse Staatscourant, nr.16675, 27 juni 2013). Bij onderhavig onderzoek zijn het organische stof- en lutumgehalte analytisch bepaald en weergegeven op het analysecertificaat. Met behulp van de bodemtype-correctieformules uit de Regeling bodemkwaliteit zijn de meetwaarden van de grond omgerekend naar waarden voor standaardbodem (met een lutum percentage van 25 % en een organische stof percentage van 10 %). Voor de grond wordt de achtergrondwaarde beschouwd als het niveau waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Deze achtergrondwaarden zijn landelijk 19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
9
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
vastgesteld en weergegeven in de Regeling Bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en daarop volgende aanpassingen). Voor het grondwater wordt de streefwaarde beschouwd als het niveau waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De interventiewaarde betreft het niveau waarbij voor zowel de grond als het grondwater sprake kan zijn van risico's voor het milieu en de volksgezondheid. Een sanering van de bodem kan dan noodzakelijk zijn. Indien de resultaten van het verkennend bodemonderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging, kan een nader onderzoek noodzakelijk zijn. In voorliggende rapportage wordt als criterium voor het uitvoeren van nader onderzoek de tussenwaarde gehanteerd. De tussenwaarde voor grond betreft het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde en voor het grondwater het gemiddelde van de streefen interventiewaarde. De aanduiding van de mate van verontreiniging in het rapport is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.7: aanduiding mate van verontreiniging. aanduiding in rapport
betekenis voor grond
betekenis voor grondwater
- = niet verontreinigd
het aangetoond gehalten ligt beneden de achtergrondwaarde
het aangetoond gehalten ligt beneden de streefwaarde
* = licht verontreinigd
het aangetoond gehalten ligt tussen de achtergrondwaarde en tussenwaarde
het aangetoond gehalten ligt tussen de streefwaarde en tussenwaarde
** = matig verontreinigd
het aangetoond gehalten ligt tussen de tussenwaarde en interventiewaarde
het aangetoond gehalten ligt tussen de tussenwaarde en interventiewaarde
*** = sterk verontreinigd
het aangetoond gehalten ligt boven de interventiewaarde
het aangetoond gehalten ligt boven de interventiewaarde
Besluit bodemkwaliteit (Bbk) Om een indicatie te verkrijgen van de hergebruiksmogelijkheden van de grond voor een toepassing als landbodem zijn de analyseresultaten van de grondmonsters aanvullend vergeleken met tabellen 1 en 2 in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en de daaropvolgende wijzigingen). De aanduiding van de milieuhygiënische classificering is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.8: aanduiding bodemkwaliteitsklasse. aanduiding in rapport
betekenis voor grond
achtergrondwaarde/Altijd toepasbaar
grond kan vrij worden toegepast bij elke bodemfunctie en bodemkwaliteit
wonen
grond kan binnen het algemene generieke toetsingskader worden toegepast bij de bodemfuncties en bodemkwaliteiten “Wonen en Industrie”
industrie
grond kan binnen het algemene generieke toetsingskader enkel worden toegepast bij de bodemfunctie en bodemkwaliteit “Industrie”
niet Toepasbaar
grond kan elders niet worden toegepast. Indien deze grond vrijkomt moet deze worden afgevoerd naar een erkend verwerker
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
10
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
3.3.2 Grond De analysecertificaten van de grondmonsters zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond- en interventiewaarden en indicatief volgens het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit. Het resultaat van de toetsing is in bijlage 4 numeriek weergegeven. Een samenvatting hiervan is opgenomen in de navolgende tabel. Tabel 3.9: monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing. monster- boringen
traject
grond-
bijmeng-
code
(m-mv)
soort
ingen
0,0 – 0,5
zand
1,0 – 1,5
zand
*
MM1
02, 03, 04, 05,
1)
resultaat toetsing3)
klasseindeling4)
puin
*: kobalt(5,6), PAK(1,9)
achtergrondwaarde
baksteen
*: kobalt(5,2), kwik(0,13),
wonen
2)
06 MM2
02
PAK(1,9), PCB(0,0064) MM3
02, 03, 04, 05
0,15 – 1,2 zand
-
*: kobalt(6,2)
achtergrondwaarde
MM grondmengmonster; het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject
*
per boring weergegeven; 1)
indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen;
2)
voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 2;
3)
mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s;
4)
betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer en hergebruik van grond;
-
geen bijmengingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden.
3.3.3 Grondwater Het analysecertificaat van het grondwater is opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond- en interventiewaarden. Het resultaat van de toetsing is in bijlage 4 numeriek weergegeven. Een samenvatting hiervan is opgenomen in de navolgende tabel. Tabel 3.10: monsteromschrijving grondwater en resultaat toetsing. monstercode 01-1-1 *
-
= =
peilbuis
resultaat toetsing*
01
-
mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalten in µg/l geen verhoogde gehalten boven de streefwaarden
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
11
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
3.4
Bespreking resultaten verkennend bodemonderzoek
De bovengrond met bijmengingen met puin is licht verontreinigd met kobalt en PAK. In de ondergrond met bijmengingen baksteen worden naast lichte verontreinigingen met kobalt en PAK eveneens lichte verontreinigingen met kwik en PCB aangetroffen. De zintuiglijk schone grond is ten hoogste licht verontreinigd met kobalt. De aangetroffen gehalten zijn dermate laag dat nader onderzoek hiernaar niet noodzakelijk wordt geacht. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond met bijmengingen baksteen beoordeeld als klasse ‘Wonen’. De grond met bijmengingen met puin en de zintuiglijk schone ondergrond worden beoordeeld als klasse ‘achtergrondwaarde’. In het grondwater zijn geen van de onderzochte parameters boven de streefwaarde aangetoond.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
12
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
4
VERKENNEND ASBESTONDERZOEK
4.1
Onderzoeksstrategie verkennend asbestonderzoek
Het verkennend asbestonderzoek wordt uitgevoerd volgens NEN 5707 (december 2017). Voorafgaand aan de werkzaamheden wordt het maaiveld geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Indien asbestverdachte materialen worden aangetroffen, worden deze bemonsterd en ter verificatie aangeboden aan het laboratorium. Op basis van de op dit moment bekende gegevens worden ten behoeve van het onderzoek de in tabel 4.1 weergegeven deellocaties onderscheiden. Tabel 4.1: overzicht locatie deellocatie
omschrijving
V/O
verwachte stoffen
oppervlakte (m²)
A
Helschriksel
V
asbest
844
DL V/O
= =
deellocatie verdachte of onverdachte locatie ten aanzien van bodemverontreiniging
De te volgen strategie is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 4.2: strategie verkennend asbestonderzoek. deellocatie
omschrijving/strategie
Gaten2)
analyses3)
A heterogeen verdachte locatie niet lijnvormig1) 5* 1 x asbest in grond opmerkingen bij de tabel. 1) betreft de strategie voor een verdachte locatie (VED-HE-NL) zoals omschreven in de NEN 5707; 2) de gaten hebben een omvang van 0,3 x 0,3 m. De gaten worden doorgezet tot in de zintuiglijk schone bodem; 3) het aantal materiaalverzamelmonsters wordt bepaald door de hoeveelheid wat in het veld wordt aangetroffen; * van de 5 proefgaten wordt 1 boring doorgezet tot 0,5 meter ongeroerde grond, de maximale diepte van de boringen betreft 2 m-mv.
De grond- en materiaalmonsters worden door een geaccrediteerd laboratorium geanalyseerd. 4.2
Uitvoering verkennend asbestonderzoek
Kwalibo De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 5, 12 december 2013) gecertificeerde vestiging van HMB B.V. te Maasbree. De werkzaamheden worden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 5, 12 december 2013) conform protocol 2018 (versie 3.2, 10 maart 2016) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de navolgende tabel zijn de namen weergegeven van de erkende veldwerker, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk heeft uitgevoerd. Tabel 4.3: erkende veldwerkers HMB B.V. veldwerker(s) datum uitvoering
werkzaamheden
G. Niëns
maaiveldinspectie en graven proefgaten
7 februari 2019
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
13
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
4.2.1 Veldwerk asbestonderzoek Maaiveldinspectie Ten tijde van de visuele inspectie van het maaiveld was de onderzoekslocatie braakliggend. De inspectie-efficiëntie van het terrein, wordt geschat op 90-100%. Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen De boorprofielen zijn weergegeven in bijlage 2. Uit de boorprofielen blijkt dat de vaste bodem op de locatie tot 2,8 m-mv (maximaal verkende diepte) bestaat uit zwak siltig zand met lokaal bijmengingen grind. Bij de uitvoering van het veldwerk is ter plaatse van de boringen/proefgaten 02, 03, 04, 05 en 06 een zwakke tot matige bijmenging met puin in de bovengrond aangetroffen. In de ondergrond van boring 02 worden op een diepte van 1,0 tot 1,5 m-mv bijmengingen met baksteen aangetroffen. Ter plaatse van de overige boringen zijn geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen. Op het maaiveld en in het omhoog gebrachte materiaal zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. 4.2.2 Analyses De monsters zijn volgens navolgende tabel geanalyseerd door Eurofins Omegam te Amsterdam (geaccrediteerd). De resultaten van het veldonderzoek geven geen aanleiding aanvullende analyses uit te voeren boven hetgeen voorgeschreven in de gehanteerde strategie (zie paragraaf 4.1). In onderstaande tabel is de samenstelling van de mengmonsters en de geanalyseerde parameters beschreven.
Tabel 4.4: monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters monstercode
boringen
traject (m-mv)*
geanalyseerde parameters
ASB-1
02 t/m 06
0,0 – 0,7
asbest (in grond)
*
het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven
4.3
Analyseresultaten verkennend asbestonderzoek
4.3.1 Toetsingskader De analyseresultaten van de grondmonsters zijn vergeleken met de toetsingstabel 'Streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater' uit de circulaire bodemsanering (Nederlandse Staatscourant, nr. 16675, 27 juni 2013). De interventiewaarde voor asbest is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. gewogen asbest (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). De te toetsen concentratie aan asbest betreft een optelling van de (omgerekende) gewogen concentratie aan asbest in het asbesthoudende materiaal (fractie >16 mm) en de gewogen concentratie aan asbest in de grond (fractie < 16 mm). De maximale waarde voor hergebruik van grond, baggerspecie en puin(granulaat) die verontreinigd zijn met asbest is weergegeven in de Regeling Bodemkwaliteit en is eveneens vastgesteld op 100 mg/kg d.s. gewogen asbest (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). Het Arbeidsomstandighedenbesluit en het 19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
14
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
Asbestverwijderingsbesluit zijn niet van toepassing op handelingen met materialen met een asbestconcentratie beneden de maximale hergebruikswaarde. In dat geval zijn geen aanvullende maatregelen ten aanzien van asbest vereist bij bewerking of verwerking van de grond/puin. Bij overschrijding van de hergebruikswaarde is sprake van een verontreiniging met asbest en dienen werkzaamheden met de grond/puin onder asbestcondities te worden uitgevoerd. Indien de resultaten van het verkennend onderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde, dient een nader onderzoek plaats te vinden. Conform de NEN 5707 wordt nader onderzoek noodzakelijk geacht indien het gewogen gehalte aan asbest (hoogste gehalte) groter is dan de helft van de hergebruikswaarde. Indien de resultaten van het verkennend bodemonderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dient een nader onderzoek plaats te vinden. Nader onderzoek moet duidelijk maken of het hiervoor geldende criterium wordt overschreden.
Conform de NEN 5897 wordt voor het uitvoeren van nader onderzoek de volgende criteria gehanteerd: voor asbestinspectiegaten (0,3 x 0,3 m) : indien voor een (deel)locatie en bodemlaag het gewogen gehalte aan asbest (hoogste gehalte) groter is dan de helft van de interventiewaarde; voor boringen (diameter < 35 cm) : indien in het opgeboorde materiaal uit minimaal één boring binnen een (deel)locatie asbest wordt aangetroffen. Verder kan nader onderzoek zinvol zijn als op basis van de visuele inspectie van het maaiveld blijkt dat het gehalte aan asbest in de toplaag (bovenste 2 cm) niet overeenkomt met het gehalte in de inspectiegaten. 4.3.2 Analyseresultaten Tijdens de veldwerkzaamheden is in de actuele contactzone in de grove fractie (>20 millimeter) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter verificatie van de fijne fractie (<20 millimeter) zijn grondmengmonsters ter analyse aangeboden. De analysecertificaten zijn weergegeven in bijlage 3. In de navolgende tabel staat het (gewogen) asbestgehalte weergegeven. Tabel 4.5: (gewogen) asbestgehalten in de fijne fractie (gehalten in mg/kg d.s.).
-
analysemonster
proefgaten
traject (m-mv)
ASB-1
02 t/m 06
0,0 – 0,7
(gewogen) asbestgehalte fractie <20 mm (mg/kg d.s.)
(gewogen) asbestgehalte fractie >20 mm (mg/kg d.s.)
totaal (gewogen) asbestgehalte (mg/kg d.s.)
<0,2
-
<0,2
geen asbest aangetroffen in de grove fractie (>20 mm)
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
15
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
4.4
Bespreking resultaten verkennend bodemonderzoek
Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden is het maaiveld geïnspecteerd. Ten tijden van de inspectie was het terrein braakliggend, de efficiëntie van de inspectie is geschat op 90100%. Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal eveneens beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Zowel op het maaiveld als in het uitkomende materiaal zijn, met uitzondering van de bijmengingen puin, zintuiglijk geen asbestverdachte materialen waargenomen. Analytisch is eveneens geen asbest aangetoond. Aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond, kan worden geconcludeerd dat de bodem niet asbesthoudend is.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
16
Verkennend bodemonderzoek (asbest)
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
5.1
Verkennend bodemonderzoek
De bovengrond met bijmengingen met puin is licht verontreinigd met kobalt en PAK. In de ondergrond met bijmengingen baksteen worden naast lichte verontreinigingen met kobalt en PAK eveneens lichte verontreinigingen met kwik en PCB aangetroffen. De zintuiglijk schone grond is ten hoogste licht verontreinigd met kobalt. De aangetroffen gehalten zijn dermate laag dat nader onderzoek hiernaar niet noodzakelijk wordt geacht. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit wordt de grond met bijmengingen baksteen beoordeeld als klasse ‘Wonen’. De grond met bijmengingen met puin en de zintuiglijk schone ondergrond worden beoordeeld als klasse ‘achtergrondwaarde’. In het grondwater zijn geen van de onderzochte parameters boven de streefwaarde aangetoond. 5.2
Verkennend asbestonderzoek
Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden is het maaiveld geïnspecteerd. Ten tijden van de inspectie was het terrein braakliggend, de efficiëntie van de inspectie is geschat op 90100%. Tijdens de graafwerkzaamheden is het uitkomende materiaal eveneens beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Zowel op het maaiveld als in het uitkomende materiaal zijn, met uitzondering van de bijmengingen puin, zintuiglijk geen asbestverdachte materialen waargenomen. Analytisch is eveneens geen asbest aangetoond. Aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond, kan worden geconcludeerd dat de bodem niet asbesthoudend is.
19216701A | Venlo, Helschriksel (ong.)
17
Bijlage | 1 Omgevingsrapportage
Helschriksel (ong.) Venlo Omgevingsrapportage
Pagina 1 van 23
-
29-01-2019
Inhoudsopgave Inleiding Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo Disclaimer Monseigneur Nolensplein, Parkeergarage/Zuidwand Helschriksel 4-6 Blok Bergstraat, Q4 Helschriksel 2 Bij de Zeepzieder 17a HBB: Kwietheuvel 17 Venlo Toelichting per onderwerp
Pagina 2 van 23
-
29-01-2019
Inleiding
In deze omgevingsrapportage leest u de gegevens die afkomstig zijn uit het BodemInformatieSysteem (hierna: BIS) van de gemeente Venlo. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied of perceel. De gegevens bevatten soms fouten of het systeem is soms niet soms volledig gevuld. Daarom is het zeer belangrijk dat u de disclaimer aandachtig doorleest. Het geautomatiseerd gemaakte rapport omvat de volgende onderdelen: 1. Een voorblad met een tekening van het geselecteerde gebied. Als in deze tekening groen gekleurde gebieden staan dan betekent dit dat bodeminformatie in het BIS beschikbaar is. Er is geen bodeminformatie beschikbaar als het gebied niet groen gekleurd is. 2. Inhoudsopgave. 3. Inleiding. 4. Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo. 5. Disclaimer. 6. De bodeminformatie uit het gemeentelijke BIS van het door u geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd. 7. Toelichting per onderwerp op de rapportage. Het is belangrijk dat u de toelichting per onderwerp leest. De toelichting geeft een uitleg over de in de rapportage opgenomen onderwerpen zoals locatie, uitgevoerde onderzoeken en besluiten.
De omgevingsrapportage, die geautomatiseerd wordt gemaakt van een locatie die u zelf aanwijst (middels een perceel of met een contour), geeft: alleen informatie over de locatie (en niet over de locaties in een straal van 25 meter er omheen); alleen informatie uit onderzoeken naar standaard parameters in de bodem, zoals zware metalen, olieproducten en oplosmiddelen. Deze rapportage geeft géén informatie over bijvoorbeeld doorlatendheid of draagkracht van de grond, niet-gesprongen explosieven of mogelijkheden voor koude-warmte-opslag; geen informatie over zogenaamde quick scans naar bodeminformatie (die door met name kabel- en leidingfirma’s zijn gedaan). Alleen als uit zo’n quick scan naar voren kwam dat er toch sprake is van een mogelijke bodemverontreiniging, dan is dit opgenomen in het BIS.
Pagina 3 van 23
-
29-01-2019
Nationaal en gemeentelijk bodembeleid Venlo
Pas als er sprake is van onaanvaardbare risico’s voor onder andere de ‘gezondheid voor de mens’ gaat het bodembeleid in Nederland uit van actieve saneringsplicht. Dit noemen we spoedeisendheid. Door de gemeente Venlo is beoordeeld dat er slechts enkele locaties zijn waarvoor dit aan de orde is. Voor al deze locaties is dit al eerder in een besluit vastgelegd en op wettelijke wijze bekendgemaakt aan eigenaren en omwonenden (volgens de Algemene Wet bestuursrecht). Voor de rest van het grondgebied is door de gemeente Venlo beoordeeld dat er naar verwachting geen sprake is van spoedeisendheid zoals dit is benoemd in de Wet bodembescherming (hierna: Wbb). Deze beoordeling is gedaan op basis van een landelijk vastgestelde systematiek, genaamd FOCUS. De verontreinigingssituatie hoeft niet volledig in beeld te zijn gebracht en de getrokken conclusies zijn niet gebaseerd op een volledige Wbb-beoordeling. De FOCUS-conclusie is door de gemeente Venlo gebruikt om de aanpak van bodemverontreiniging te prioriteren. Op nationaal niveau is afgesproken dat de gemeente alleen sanering van (naar verwachting) spoedeisende gevallen actief volgt en ervoor dient te zorgen dat daadwerkelijk wordt gesaneerd om de spoedeisende risico’s weg te nemen.
Verontreinigingen voor niet spoedeisende gevallen worden door de gemeente dus niet actief gevolgd en er wordt geen actieve aanpak (onderzoek of sanering) geëist. Beleidsmatig wordt dus geaccepteerd dat de bodem niet schoon hoeft te zijn. Gebleken is dat bodemverontreiniging in zijn algemeenheid beperkte en beheersbare risico’s met zich meebrengt. De bereikte afname van risico’s zou zeer beperkt zijn, terwijl de kosten voor het geheel schoonmaken van de bodem in Nederland onverantwoord hoog zouden zijn. Wij registreren de rapporten over bodemverontreiniging wel in ons systeem. Iedereen die bodemgegevens opvraagt wordt op basis daarvan geïnformeerd. En in geval van een (voorgenomen) zogeheten ruimtelijk fysiek initiatief (wijziging bestemming, bouwplannen e.d.) dat via de gemeente loopt (bv. bouwvergunning) en bij graafwerkzaamheden ter plaatse wordt beoordeeld of er voorschriften van toepassing zijn over hoe met de verontreiniging omgegaan dient te worden. Mogelijk zijn er dan verplichtingen. Deze verplichtingen kunnen inhouden: het verrichten van bodemonderzoek en/of het saneren van de bodem. Of voorgaande van toepassing is in de toekomst is afhankelijk van de concrete plannen voor ontwikkeling/gebruik van de locatie. De huidige eigenaar wordt aangesproken op verplichtingen voortvloeiend uit het ontstaan van bodemverontreiniging op zijn / haar perceel.
Aan te bevelen voor een potentiële koper is dan ook om zich voor aankoop van een perceel te (laten) informeren hoe de bodemverontreinigingssituatie is, eventueel na het (laten) uitvoeren van bodemonderzoek. Voor schade veroorzaakt als gevolg van bodemverontreiniging aan een derde is er de mogelijkheid tot privaatrechtelijk aansprakelijk stellen van de veroorzaker. Opgemerkt wordt nog dat de Wbb geen rekening houdt met aansprakelijkheid. Een Wbb-besluit toetst alleen aan de doelstellingen uit de Wbb en houdt geen rekening met andere (private) afwegingen, wel heeft een belanghebbende de mogelijkheid tot bezwaar op een Wbb-besluit.
Pagina 4 van 23
-
29-01-2019
Disclaimer
De bodeminformatie die u in deze rapportage aantreft, is het product van alle informatie die in meer dan 20 jaar door de gemeente Venlo in verschillende systemen is ingevoerd. In eerste instantie voerde de gemeente die bodeminformatie in voor intern gebruik en voor verantwoording naar de landelijke overheid. Sinds 2018 heeft de gemeente alle informatie in één systeem staan, genaamd iBis. Dat gemeentelijk iBis kan door iedereen geraadpleegd worden via het programma iGor (‘or’ is de afkorting voor ‘omgevingsrapportage’, zoals die nu voor u ligt). Mede vanwege de tussentijds wisselende invoerdoelen en -systemen is het onvermijdelijk dat informatie: verouderd is (een bodemonderzoek van 20 jaar oud zegt vrijwel niets over de huidige kwaliteit van de bodem); onvolledig is (de gemeente ontving bijvoorbeeld van een bedrijf wel een onderzoek bij de aanvang van de activiteiten maar nooit van een onderzoek dat werd gedaan na afloop van de activiteiten (terwijl dat bedrijf het onderzoek wel had uitgevoerd)); onjuist is (de informatie hangt bijvoorbeeld aan een locatie die niet goed is ingetekend). Andersom: indien u geen informatie in de rapportage aantreft dan betekent dit niet dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is. Zo kan het zijn dat een bedrijf of een (ver)koper van een perceel op eigen initiatief een bodemonderzoek heeft laten verrichten.
Als dat rapport nooit is ingediend bij de gemeente, om bijvoorbeeld een omgevingsvergunning aan te vragen, dan is dat rapport ook niet opgenomen in het gemeentelijk BIS. In het gemeentelijk BIS is alleen de bij de gemeente Venlo bekende bodeminformatie opgenomen. De gemeente Venlo is daarom niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Er is onvermijdelijk een achterstand (maximaal een paar maanden) in de verwerking van bodemrapporten en -besluiten. Dit heeft onder andere te maken met proceduretijd voor het nemen van besluiten. Met de bodembesluiten worden in het verleden genomen besluiten Wet bodembescherming (hierna: Wbb) bedoeld. De Wbb bevat de voorwaarden die (kunnen) worden verbonden aan het verrichten van handelingen in of op de bodem. In de Wbb komen bescherming en sanering van de bodem aan bod. De gemeente Venlo streeft naar een zo gering mogelijke invoerachterstand vanaf het moment dat bodeminformatie bij de gemeente Venlo binnenkomt. In de inleiding wordt gesproken over een straal van 25 meter (m).
Deze afstand staat in de oude NEN 5725 (2009): ’Bodem Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek.’ Het nu voorliggende rapport gaat alleen over het door u aangewezen perceel - dus zonder een straal van 25 m eromheen - en mag in geen geval beschouwd worden als een volledig vooronderzoek (volksmond: ‘historisch onderzoek’). In de nieuwe NEN 5725 (2017): ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek’ wordt niet gesproken over een straal maar over een ‘afbakening van de onderzoekslocatie’. Deze afbakening dient te gebeuren door een deskundige. Als u als bodemadviesbureau een rapportage genereert dan adviseren wij u om zelf een afbakening te maken, wellicht door een zelf gekozen straal om de bewuste onderzoekslocatie te tekenen. Ook dan geldt dat het gegenereerde rapport in geen geval beschouwd mag worden als een volledig vooronderzoek. Dat zult u zelf moeten (laten) schrijven. Indien u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens, kunt u contact opnemen met het team Bouwen en Milieu van de gemeente Venlo via e-mail info@venlo.nl of telefonisch 14077. Verder vragen wij u om, indien u fouten of onvolkomenheden in de omgevingsrapportage aantreft, deze te melden. Dat kan via hetzelfde algemene emailadres onder vermelding van: ‘Verzoek aanpassing bodeminformatiesysteem Venlo.’
Pagina 5 van 23
-
29-01-2019
Locatie: Monseigneur Nolensplein, Parkeergarage/Zuidwand Locatie Adres
Monseigneur Nolensplein Venlo
Locatiecode
AA098300728
Locatienaam
Monseigneur Nolensplein, Parkeergarage/Zuidwand
Plaats
Venlo
Locatiecode bevoegd gezag WBB
Uitgevoerde onderzoeken Datum
01-08-1995
Type
Naam
Auteur
Historisch onderzoek
Parkeergarage Mgr. Nolensplein te Venlo
Zintuigelijk: n.v.t. Analystisch: n.v.t. Zie Vervolgonderzoek: ja ORANJEWOUD 11GGONG2000B aantekening nader bodemonderzoek locatie uitvoeren Prioriteit: Opmerking:
Parkeergarage Mgr. Nolensplein te Venlo
Zintuigelijk: hoogovenslakken/ stol, Zie puin, Analystisch: PAK, 11GGONG2000C aantekening cyanide, metalen >I locatie Vervolgonderzoek: saneringsplan Prioriteit: Opmerking:
01-09-1995 Nader onderzoek
05-02-1996
Mgr. Orienterend Nolensplein, bodemonderzoek zuidwand
Mgr. Nolensplan (ong), parkeergarage
Sanerings 17-05-2000 evaluatie
02-08-2000
Mgr. Orienterend Nolensplein, bodemonderzoek zuidwand
Referentie
Archief
Conclusie overheid
Zintuigelijk: kolengruis, puin, sintels, slakken Analystisch: bg: pak, ni, Zie cu, zn > s og: ni > s gw: ORANJEWOUD 11GEONG1000A aantekening trichlooretheen, locatie tetrachlooretheen > s Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking: GEMEENTE VENLO
Zintuigelijk: nvt Zie Analystisch: nvt 11GGONG2000A aantekening Vervolgonderzoek: geen locatie Prioriteit: Opmerking:
GRONTMIJ
Zintuigelijk: puin, metaal, bakstenen Zie Analystisch: bg:- og: cu, 11GEONG1000B aantekening hg, ni, zn, pak, min.olie locatie > s gw:Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking:
Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar
Verontreinigende activiteiten Activiteit
Start
Einde
Vervallen
Benoemd
onbekend
9999
9999
Niet van toepassing
Per definitie
Pagina 6 van 23
-
Verontreinigd
Spoed Nee
29-01-2019
Voldoende onderzocht
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten op10zzvd.pdf bbohvn2c.pdf 1pff4gak.pdf 2ukns22i.pdf tjt4bewe.pdf
Besluiten Datum
Besluit
Kenmerk
Status
04-02-1997
besch urgent san binnen 4 jaar
96/61066V
Definitief
05-06-2001
Instemmen uitgevoerde sanering
2001/25439
Definitief
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 7 van 23
-
29-01-2019
Locatie: Helschriksel 4-6 Locatie Adres
Helschriksel 4 5911GS Venlo
Locatiecode
AA098302209
Locatienaam
Helschriksel 4-6
Plaats
Venlo
Locatiecode bevoegd gezag WBB
VE098305604
Uitgevoerde onderzoeken Datum
24-11-2008
Type
Naam
Auteur Referentie
Orienterend Helschriksel HMB bodemonderzoek 4-6 B.V.
Archief
Zintuigelijk: BG: sporen baksteen OG: sporen puin GW: geen bijzonderheden Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: PCB's (som)>S GW: Ba>S; Xylenen>S; 1,2 dichloorethenen (som)>S Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: 11GS0004000A BV/25791 Verhoogde conc. aan Ba in GW wordt gerelateerd aan verhoogde achtergr.conc.. Voor verhoging met xylenen en PCB's (som) in GW en 1,2 dichloorethenen (som) in BG zijn geen oorz./bron. aan het licht gekomen. Conc. is zo laag dat een NO niet noodzakelijk is. zie klapper Peggy
Helschriksel 4, 4a en 6
20-07-2015 Pre-HO
Conclusie overheid
Beschikbare documenten per onderzoek Datum 24-11-2008
Type
Naam
Document
Orienterend bodemonderzoek
Helschriksel 4-6
4xgf53qz.pdf
Verontreinigende activiteiten Activiteit
Start Einde Vervallen
Benoemd
onverdachte activiteit
9999
Per definitie Nee
9999 Niet van toepassing
Verontreinigd Spoed Voldoende onderzocht Nee
Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar
Beschikbare documenten ljic4aix.pdf tf0gkyps.pdf
Besluiten Datum
Besluit
Pagina 8 van 23
Kenmerk
-
29-01-2019
Status
Ja
26-11-2008
BGV
Definitief
Sanering Geen gegevens beschikbaar
Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar
Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar
Pagina 9 van 23
-
29-01-2019
Locatie: Blok Bergstraat, Q4 Locatie Adres
Bergstraat 2 5911GW Venlo
Locatiecode
AA098302298
Locatienaam
Blok Bergstraat, Q4
Plaats
Venlo
Locatiecode bevoegd gezag WBB
VE098305700
Uitgevoerde onderzoeken Datum
09-07-2003
09-07-2003
24-07-2003
30-07-2003
12-08-2003
Type
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek
Naam
Bergstraat 3
Bergstraat 9
Auteur
Referentie
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
Bolwaterstraat Gemeente 23-25/Bergstraat Venlo Dienst 18 Stadsbeheer
Bergstraat 15
Bergstraat 5
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
Archief
Conclusie overheid
BV/21678
Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Analystisch: Nvt. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
BV/21678
Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Analystisch: Nvt. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
BV/21678
Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Analystisch: Nvt. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
11GW0015000A
BV/21678
Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Analystisch: Nvt. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
11GW0005000A
Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Zie Analystisch: Nvt. aantekening Vervolgonderzoek: Geen locatie vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: Zintuigelijk: Geen bijzonderheden. Analystisch: Nvt. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek. Prioriteit: Opmerking:
11GW0003000A
11GW0009000A
11GB0023000A
11-02-2004
Historisch onderzoek
Bergstraat 7
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
11GW0007000A
BV/10910
11-02-2004
Historisch onderzoek
Bergstraat 11
Gemeente Venlo Dienst Stadsbeheer
11GW0011000A
Zintuigelijk: Geen Zie aantekening bijzonderheden. Analystisch: Nvt. locatie
Pagina 10 van 23
-
29-01-2019
Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek. Prioriteit: Opmerking:
Lichtenberg Orienterend 12-16 / 28-06-2004 bodemonderzoek Bolwaterstraat 33
19-04-2005
21-09-2005
23-02-2006
Orienterend Bolwaterstraat bodemonderzoek 3-5
Orienterend Bergstraat 4 bodemonderzoek
Orienterend Bergstraat 8 bodemonderzoek
HMB Groep
HMB Groep
HMB Groep
HMB Groep
Pagina 11 van 23
-
11GX0012000A
Zintuigelijk: BG: plaatselijk sterk en uiterst puinhoudend OG: plaatselijk zwak en uiterst puinhoudend GW: geen bijzonderheden Zie Analystisch: BG: Cd > aantekening achtergrondgrenswaarden locatie oude binnenstad (< BGW-I waarde) OG: geen overschrijdingen GW: Cd, Benzeen > S Vervolgonderzoek: niet noodzakelijk Prioriteit: Opmerking:
11GB0003000A
Zintuigelijk: BG: zwak/matig baksteenhoudend, zwak/matig puinhoudend, zwak kolengruishoudend, sporen kolengruis OG: zwak/matig baksteenhoudend, zwak/matig puinhoudend, Zie zwak kolengruishoudend, aantekening sporen baksteen GW: locatie geen bijzonderheden Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: Cu>S GW: 1,2-dichlooretheen (cis en trans)>S Vervolgonderzoek: geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
11GW0004000A
Zintuigelijk: BG: zwak/sterk betonhoudend materiaal, sporen puin OG: zwak puinhoudend Zie materiaal GW: >5m-mv aantekening Analystisch: BG: Cu>S locatie OG: geen overschrijdingen GW: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
11GW0008000A
Zintuigelijk: BG: matig puinhoudend, uiterst slakhoudend OG: matig puinhoudend GW: geen Zie aantekening bijzonderheden Analystisch: BG: Hg>S; locatie Pb>S; PAK>S OG: Pb>S GW: geen overschrijdingen
29-01-2019
Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: Conc. PB overschrijdt tevens in lichte mate de BGW1-waarde, na toepassen van doelmatigheidstoets blijkt dat het niet doelmatig is om vorengenoemde lichte verontreinging te saneren.
30-05-2006
06-04-2007
Orienterend Bolwaterstraat 1 HMB Groep bodemonderzoek
Orienterend Bergstraat 6 bodemonderzoek
HMB B.V.
Pagina 12 van 23
-
11GB0001000A
Zintuigelijk: BG: zwak/sterk puinhoudend, sporen kolen, zwak baksteenhoudend OG: zwak/matig/sterk puinhoudend, sporen kolen, zwak/matig baksteenhoudend, sporen puin, sporen baksteen Zie GW: geen aantekening bijzonderheden locatie Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: Cu>S; Hg>S GW: Cr>S Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: De verhoogde concentratie Cr in het GW kan gezien worden als verhoogde achtergr.conc.
11GW0006000A
Zintuigelijk: BG: zwak kolengruishoudend, sporen puin, matig puinhoudend OG: zwak kolengruishoudend, zwak/matig puinhoudend GW: geen bijzonderheden Analystisch: BG: pak>S OG: (zint. schoon): geen overschrijdingen OG: (zint. verontr. t.p.v. boring 3): pak>S GW: geen overschrijdingen (gebruik gemaakt van VO Bergstraat 8; HMB-groep, 06-0042-07, 23-02-2006) Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: De onderz.loc bevindt zich binnen de contouren van bbp "oude binnenstad Venlo" en nabij voorm. noord. stadsmuur. Na toetsing
29-01-2019
BV/21447
achtergr.gr.waarden oude bin.stad blijkt dat gehalten Pak niet achtergr.gr.waarden overschrijden, dus geen NO.
05-06-2007
21-03-2008
Historisch onderzoek
Orienterend Bergstraat 1 bodemonderzoek
Historisch 21-05-2008 onderzoek
17-06-2008
13-08-2008
Bolwaterstraat 31
Blok Bergstraat, Q4
Orienterend Blok Bergstraat, bodemonderzoek Q4
Orienterend Helschriksel 62 bodemonderzoek
GEMEENTE VENLO
HMB B.V.
BV/24638
Zintuigelijk: BG: sterk baksteenhoudend OG: matig baksteenhoudend, zwak puinhoudend GW: >5m-mv Analystisch: BG: geen overschrijdingen OG: MO>S; In zint. verontr. OG: Cu>S; Zn>S; MO>S; PAK>S GW: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
11GWONG1000A BV/29272
Zintuigelijk: n.v.t. Analystisch: n.v.t. Vervolgonderzoek: geen Prioriteit: Opmerking:
11GWONG1000B BV/29272
Zintuigelijk: BG en OG: baksteen, puin en kolengruis GW: geen bijzonderheden Analystisch: BG: PAK>S, Cu, Hg, Pb, Zn allen>S, MO>I OG: PAK>S GW: Cr>S; Molybdeen>S Vervolgonderzoek: Ja, Evaluatierapport Prioriteit: Opmerking:
11GS0062000A
Zintuigelijk: BG: zwak puinhoudend, sporen kolen OG: zwak puinhoudend GW: >5m-mv Analystisch: BG en OG (zint. verontr.): Ba>s; Co>S; Cu>S; Hg>S; Pb>S; PAK>S BG en OG (zint. schoon): Co>S GW: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: De lichte verontreinigingen zijn van dusdanige geringe aard dat een NO niet noodzakelijk is.
11GB0031000A
11GW0001000A
GEMEENTE VENLO
HMB B.V.
HMB B.V.
Pagina 13 van 23
BV/22839
Zintuigelijk: n.v.t. Analystisch: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
-
29-01-2019
BV/25412
10-11-2008
Orienterend Bolwaterstraat bodemonderzoek 7-9a
HMB B.V.
11GB0007000A
Bij de Zeepzieder 17a Orienterend 03-04-2009 / Kwietheuvel HMB B.V. bodemonderzoek 17-37 / Helschriksel 32
07-07-2009 Saneringsplan
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20
11GT0017000A
HMB
BV/26000
Zintuigelijk: BG: sporen baksteen, zwak steenhoudend, sporen puin OG: sporen baksteen, zwak steenhoudend GW: geen bijzonderheden Analystisch: OG en OG: geen overschrijdingen GW: geen overschrijdingen Vervolgonderzoek: geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
BV/27273
Zintuigelijk: BG en OG: geen bijzonderheden GW: geen bijzonderheden Analystisch: BG en OG: geen overschrijdingen GW: geen overschrijdingen Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
BV/31351
5-4-13: EF: PVA voor sanering niet ernstig geval met m.o.
13-07-2009
Bolwaterstraat Orienterend 15-21 / HMB B.V. bodemonderzoek Bergstraat 10-12
11GB0015000A
BV/28376
Zintuigelijk: BG: matig puinhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak steenhoudend OG: matig puinhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak steenhoudend, volledig baksteen GW: geen bijzonderheden Analystisch: BG: Pb>AW2000; PAK>AW2000 OG: geen overschrijdingen GW: Ba>S, Mo>S Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: Vanwege aanwezige vloerverwarming zijn t.b.v. het bodemonderzoek enkel 2 boringen verricht. De verhoogde conc. zware metalen in het GW worden geraleteerd aan verhoogde achtergr.conc..
13-07-2009
Orienterend Bergstraat 2 bodemonderzoek
11GW0002000A
BV/29274
Zintuigelijk: BG: zwak baksteenhoudend, zwak
HMB B.V.
Pagina 14 van 23
-
29-01-2019
kolengruishoudend OG: geen bijzonderheden GW: >5m-mv Analystisch: BG: Hg>AW2000; Pb>AW2000 OG: Cu>AW2000 (tevens >MWW); Hg>AW2000 In diepere OG (leemlaag): PCB>AW2000 (marginaal) (tevens >MWW) GW: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: Na doelmatigheidstoets blijkt dat het niet doelmatig is vorengenoemde lichte verhogingen te saneren.
27-07-2009
Orienterend Bolwaterstraat bodemonderzoek 11-13
Verkennend 27-01-2010 onderzoek NEN 5740
Helschriksel 60
HMB B.V.
11GB0011000A
HMB B.V.
Pagina 15 van 23
11GS0060000A
-
29-01-2019
BV/29271
Zintuigelijk: BG: matig/sterk puinhoudend, sporen puin, zwak roesthoudend OG: sporen puin GW: (zie HMB B.V., 08244001A, 10 nov. 2008) Analystisch: BG (puinh.): Pb>AW2000; PAK>AW2000 BG (zint. schoon): Pb>AW2000 GW: n.v.t. (zie HMB B.V., 08244001A, 10 nov. 2008) Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking:
10/2883
Zintuigelijk: BG: matig baksteenhoudend, zwak kalkhoudend, zwak sintelhoudend, matig mergelhoudend OG: matig baksteenhoudend, zwak mergelhoudend GW: >5m-mv Analystisch: BG: Cu, Hg, Pb>AW2000 OG (kelder): geen overschrijdingen BG en OG t.p.v. boring 2: Co, Cu, Hg, Zn, PAK>AW2000; Pb>I (na sep. analyses >AW2000, tevens >MWW) GW: n.v.t. Vervolgonderzoek: Geen vervolgonderzoek Prioriteit: Opmerking: Indien toek. gebruik voorziet in voll. bebouwing en/of verharding van het perceel kunnen deze plannen zonder aanv. san. maatreg.
gerealiseerd worden. Indien op loc. milieu gevoeligere bestem. worden ontwik. zullen san. maatreg. noodz. zijn.
Sanerings evaluatie
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20
BKK Bodemadvies B.V.
10/3652
EF: 5-4-13: 34 m3 oliehoudende grond afgevoerd. Later bleek er toch nog wat olie te zitten. Zie ander rapport van 23-12-11
Sanerings 23-12-2012 evaluatie
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20
BKK Bodemadvies B.V.
10/3652
5/4/13: EF: nog eens 50 m3 grond > S met olie afgevoerd onder MKB.
11-06-2015 Pre-HO
Bolwaterstraat 29
zie klapper Peggy
17-07-2015 Pre-HO
Bolwaterstraat 23, 23a
zie klapper Peggy
20-07-2015 Pre-HO
Bergstraat 14
zie klapper Peggy
23-11-2011
Beschikbare documenten per onderzoek Datum
Type
Naam
Document
10-11-2008 Orienterend bodemonderzoek
Bolwaterstraat 7-9a
4qez0hip.pdf
27-07-2009 Orienterend bodemonderzoek
Bolwaterstraat 11-13
uaotqs3e.pdf
13-07-2009 Orienterend bodemonderzoek
Bolwaterstraat 15-21 / Bergstraat 10-12
rog5ylbz.pdf
05-06-2007 Historisch onderzoek
Bolwaterstraat 31
3lvwqbqf.pdf
27-01-2010 Verkennend onderzoek NEN 5740 Helschriksel 60
52pz4fwe.pdf
13-08-2008 Orienterend bodemonderzoek
Helschriksel 62
t2ihyete.pdf
03-04-2009 Orienterend bodemonderzoek
Bij de Zeepzieder 17a / Kwietheuvel 17-37 / Helschriksel 32 1ldzl12v.pdf
21-05-2008 Historisch onderzoek
Blok Bergstraat, Q4
vfottjme.pdf
17-06-2008 Orienterend bodemonderzoek
Blok Bergstraat, Q4
1srl45mw.pdf
21-03-2008 Orienterend bodemonderzoek
Bergstraat 1
ttnefb05.pdf
13-07-2009 Orienterend bodemonderzoek
Bergstraat 2
vert3xul.pdf
09-07-2003 Historisch onderzoek
Bergstraat 3
lyrgabir.pdf
06-04-2007 Orienterend bodemonderzoek
Bergstraat 6
a2s532bc.pdf
23-11-2011 Sanerings evaluatie
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20
lx1yf5ly.pdf
23-12-2012 Sanerings evaluatie
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20
kf2jjknm.pdf
07-07-2009 Saneringsplan
Helschriksel 36-58 / Kwietheuvel 8-20