CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

021bijlage 7 bestemmingsplan Greenport Businesspark bijlagen regels.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 14 april 2021, gemeente VenloBij agendapunt: 3.a: 19.15 - 19.30 uur Bestemmingsplan Greenport Businesspark en beeldkwaliteitsplan Greenport Businesspark (RV 2021-21)10.686 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan

Greenport Business Park

Bestemmingsplan Greenport Business Park

Projectnummer 0452921 Revisie 01 Datum 1-3-2021

Auteur(s) Karst Keijzers Gertjan Leeuw Maaike Winkel-Bootsma

Opdrachtgever Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo BV Villafloraweg 1 5928 SZ Venlo

datum vrijgave beschrijving revisie 1-3-2021 ontwerp

goedkeuring G.J. Leeuw

vrijgave P.F.G.M. Kennes

Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Inhoudsopgave Bijlagen bij de regels

3

Bijlage 1

Staat van Bedrijfsactiviteiten

5

Bijlage 2

Interne saldering NOx

11

Bijlage 3

Memo inrichtingsmaatregelen

13

Bijlage 4

Compensatiegronden

17

Bijlage 5

Ecologisch werkprotocol

19

Bijlage 6

Memo aanpassing ecologisch werkprotocol

51

Bijlagen bij de regels

blad 3 van 52

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

blad 4 van 52

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Bijlage 1

blad 5 van 52

Staat van Bedrijfsactiviteiten

Ruimte - Antea Nederland B.V.

Bijlage 1 Richtafstandenlijsten

GEVAAR

CATEGORIE

VERKEER

VISUEEL

10 10

50 30

10 10

50 D 30

3.1 2

2 G 1 G

1 1

100 50

30 0

50 C 50 C

0 0

100 50

3.2 3.1

1 G 1 G

1 1

100 50 30

0 0 0

100 C 50 C 50

50 R 30 10

100 50 50

3.2 3.1 3.1

2 G 1 G 1 G

2 1 1

50

0

50

10

50

3.1

2 G

1

100 50

10 10

50 30

30 10

100 50

3.2 3.1

1 G 1 G

1 1

50

10

50

50 R

50

3.1

1 G

1

50 50 100

10 10 10

100 C 100 C 100 C

10 10 10

100 100 100

3.2 3.2 3.2

1 G 2 G 2 G

1 2 2

50 50 10

0 0 0

100 C 100 C 30

50 R 50 R 0

100 100 30

3.2 3.2 2

2 G 2 G 1 G

1 2 1

30 100 100

10 30 10

30 C 100 C 100 C

10 30 30

30 100 100

2 3.2 3.2

1 G 2 G 2 G

1 2 2

2 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m²

100

30

50

30

100

3.2

2 G

2

3 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² 5 - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² 6 - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken 0 Koffiebranderijen en theepakkerijen: 2 - theepakkerijen 0 Soep- en soeparomafabrieken: 1 - zonder poederdrogen Vervaardiging van wijn, cider e.d. Mineraalwater- en frisdrankfabrieken - VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels 0 Weven van textiel: 1 - aantal weefgetouwen < 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen -

30 100 30 50

10 30 10 30

30 50 30 10

10 30 R 10 10

30 100 30 50

2 3.2 2 3.1

1 G 2 G 1 G 2 G

1 2 1 2

100

10

30

10

100

3.2

2 G

1

100 10 10

10 0 0

50 30 C 100

10 0 50 R

100 30 100

3.2 2 3.2

2 G 1 G 3 G

2 1 2

10

50

100

30

100

3.2

2 G

1

10 50 10 0

10 0 0 10

100 50 50 50

0 10 10 10

100 50 50 50

3.2 3.1 3.1 3.1

2 G 2 G 1 G 1 G

1 2 1 2

01 016 016 016 03 03 032

0 1 2 0

LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW

0502 0502 15 15 151 151 151

032 032 10, 11 10, 11 101 101 101

1 2 4 5 6

- oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven - visteeltbedrijven

151 152 152 152 1531 1531 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1551 1551 1552 1552 1581 1581 1581 1582 1584

108 102 102 102 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1051 1051 1052 1052 1071 1071 1071 1072 10821

8 0 5 6 0 2 0 1 2 3 0 3 1 2 0 1 2

1584

10821

1584 1584 1584 1585 1586 1586 1589.2 1589.2 1593 t/m 1595 1598 17 17 171 172 172 173 174, 175 176, 177 18

10821 10821 10821 1073 1083 1083 1089 1089 1102 t/m 1104 1107 13 13 131 132 132 133 139 139, 143 14

0

- algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Vis- en schaaldierkwekerijen

VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m² Visverwerkingsbedrijven: - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen - met koolsoorten Zuivelprodukten fabrieken: - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:

B

LUCHT

GELUID

30 30

01 014 014 014 05 05 0502

GROOTSTE AFSTAND

STOF

-

INDICES

GEUR

-

AFSTANDEN IN METERS

BODEM

OMSCHRIJVING

SBI-2008

nummer

SBI-1993

definitief maart 2009

LIJST 1 - ACTIVITEITEN

Bijlage 1 Richtafstandenlijsten

GELUID

GEVAAR

GROOTSTE AFSTAND

CATEGORIE

VERKEER

VISUEEL

BODEM

LUCHT

16 16101 16102 16102 1621 162 162 162902 17 17 1712 1712 172 17212 17212 20 20 2120 2120 22 22 221102 221102 2219 222 222 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 31 31 310 9524 321 322 323 324 32991 32999 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 45, 47 45, 47

-

-

0 2 0 1

VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont

30 10 50

0 10 10

50 30 10

0 10 10

50 30 50

3.1 2 3.1

1 G 2 G 1 G

1 2 1

B

L

VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken

50 50

10 10

30 50

10 10

50 D 50

3.1 3.1

2 G 2 G

2 1

0

50

100

50 R

100

3.2

2 G

2

10 100 0 0 10

30 30 30 30 10

50 100 100 50 30

10 10 0 0 0

50 100 100 50 30

3.1 3.2 3.2 3.1 2

2 G 3 G 2 G 1 G 1 G

1 2 2 1 1

50 30

30 30

50 C 100 C

30 R 30 R

50 100

3.1 3.2

1 G 2 G

2 2

30

30

100 C

30 R

100

3.2

2 G

2

50

10

50

50 R

50

3.1

2 G

1

50 100

10 10

30 50

30 50 R

50 100 D

3.1 3.2

1 G 1 G

1 2

50

30

50

30

50

3.1

2 G

1

VERVAARDIGING VAN MACHINES EN APPARATEN Machine- en apparatenfabrieken incl. reparatie: - p.o. < 2.000 m2

30

30

100

30

100 D

3.2

2 G

1

B

VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. Meubelfabrieken Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen n.e.g.

50 0 30 30 30 30 0 30

50 10 10 10 10 10 30 10

100 10 10 30 50 50 30 50

30 0 10 10 30 30 0 30

100 D 10 30 30 50 50 30 50 D

3.2 1 2 2 3.1 3.1 2 3.1

2 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 P 2 G

2 1 1 2 2 2 1 2

B

BOUWNIJVERHEID Bouwbedrijven algemeen: b.o. > 2.000 m² - bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m² Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m² - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m²

10 10 10 0

30 30 30 10

100 50 50 30

10 10 10 10

100 50 50 30

3.2 3.1 3.1 2

2 G 2 G 2 G 1 G

2 1 1 1

B B B B

HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen Houtconserveringsbedrijven: - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken

- VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN 0 Papier- en kartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken 0 Golfkartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 1 - formulering en afvullen geneesmiddelen - VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF 0 Loopvlakvernieuwingsbedrijven: 1 - vloeropp. < 100 m2 Rubber-artikelenfabrieken 0 Kunststofverwerkende bedrijven: 3 - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen 0 1 1 2

0 1 2 3 -

INDICES

STOF

14 141 141 142, 151 19 15 151 152

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

18 181 182 183 19 19 192 193 20 20 2010.1 2010.2 2010.2 202 203, 204, 205 203, 204, 205 205 21 21 2112 2112 212 2121.2 2121.2 24 24 2442 2442 25 25 2512 2512 2513 252 252 29 29 29 29 36 36 361 361 362 363 364 365 3663.1 3663.2 45 45 45 45 45 45 50 50

OMSCHRIJVING

SBI-2008

nummer

SBI-1993

definitief maart 2009

LIJST 1 - ACTIVITEITEN

HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS

B B

B

B

L

Bijlage 1 Richtafstandenlijsten

CATEGORIE

VERKEER

VISUEEL

BODEM

30 30

0 0

30 30

50 R 10

50 30

3.1 2

3 P 3 P

1 1

B B

0

0 30 10 50 30 10 0 10 10 30 10 10

0 30 10 0 10 0 0 0 10 10 10 10

10 50 30 30 30 30 30 30 30 30 30 30

0 30 R 0 0 50 R 50 R 0 0 0 0 10 10

10 50 30 50 50 50 30 30 30 30 30 30

1 3.1 2 3.1 3.1 3.1 2 2 2 2 2 2

1 P 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G

1 2 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

0 1 2 0 1 2

0 0

10 10

50 30

10 10

50 30

3.1 2

2 G 1 G

2 1

0 0 0

10 10 0

100 50 30

10 0 0

100 50 30

3.2 3.1 2

2 G 2 G 2 G

2 1 1

-

DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN Postorderbedrijven

-

0

0

50

0

50

3.1

2 G

1

LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING Cateringbedrijven

A A B 1 2

10

0

30 C

10

30

2

1 G/P

1

VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren)

0

0

10

0

10

1

2 P

1

DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER Distributiecentra, pak- en koelhuizen Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) Autoparkeerterreinen, parkeergarages Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties) Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Expediteurs, cargadoors (kantoren)

30 0 10 10 0 0

10 0 0 0 0 0

50 C 30 C 30 C 100 C 10 10

50 R 10 0 30 0 0

50 D 30 30 100 10 10 D

3.1 2 2 3.2 1 1

2 G 2 G 3 P 2 G 2 P 1 P

2 1 1 1 1 1

0 0

0 0

30 C 10 C

0 0

30 10

2 1

2 P 1 P

1 1

0 0 0

0 0 0

0 C 0 C 0 C

100 10 10

100 10 10

3.2 1 1

1 P 1 P 1 P

2 2 2

0

0

10

0

10

1

1 P

1

10 10

0 0

30 50

10 10

30 50 D

2 3.1

2 P 2 G

1 1

Benzineservisestations: - met LPG < 1000 m3/jr - zonder LPG GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders Grth in bloemen en planten Grth in huiden, vellen en leder Grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen Grth in vlees, vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen Grth in hout en bouwmaterialen: - algemeen: b.o. > 2000 m² - algemeen: b.o. <= 2000 m² Grth in machines en apparaten: - machines voor de bouwnijverheid - overige Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.

-

POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten A Telecommunicatiebedrijven B0 zendinstallaties: B1 - LG en MG, zendervermogen < 100 kW (bij groter vermogen: onderzoek!) B2 - FM en TV B3 - GSM en UMTS-steunzenders (indien bouwvergunningplichtig) - VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED A Verhuur van en handel in onroerend goed VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE - GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's)

LUCHT

GROOTSTE AFSTAND

77 7711 7712, 7739

GEVAAR

71 711 712

0 2 3 -

INDICES

GELUID

473 473 473 46 46 461 4621 4622 4624 46217, 4631 4632, 4633 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 4673 4673 4673 466 466 466 466, 469 47 47 4791 55 55 562 50, 51 50, 51 50, 51 52 52 52102, 52109 52109 5221 5221 5222 5229 64 53 531, 532 61 61 61 61 61 41, 68 41, 68 41, 68 77

AFSTANDEN IN METERS

STOF

505 505 505 51 51 511 5121 5122 5124 5125, 5131 5132, 5133 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 514 5153 5153 5153 518 518 518 519 52 52 5261 55 55 5552 61, 62 61, 62 61, 62 63 63 6312 6312 6321 6321 6322, 6323 634 64 64 641 642 642 642 642 642 70 70 70 71

OMSCHRIJVING

GEUR

SBI-2008

nummer

SBI-1993

definitief maart 2009

LIJST 1 - ACTIVITEITEN

L

Bijlage 1 Richtafstandenlijsten

VISUEEL

0 10

50 30

10 10

50 D 30 D

3.1 2

2 G 2 G

1 2

COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d. Datacentra

0 0

0 0

10 30 C

0 0

10 30

1 2

1 P 1 P

1 1

SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek

30 0

10 0

30 10

30 R 0

30 10

2 1

1 P 1 P

1 1

0 50

0 10

10 30

0 30

10 D 50 D

1 3.1

2 P 1 P

1 1

0

0

30

0

30

2

2 P

1

0

0

10

0

10

1

1 P

1

B

-

OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING

A Overige zakelijke dienstverlening: kantoren Reinigingsbedrijven voor gebouwen - GEZONDHEIDS- EN WELZIJNSZORG 2 Kinderopvang - DIVERSE ORGANISATIES Bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren)

B

LUCHT

VERKEER

10 10

BODEM

CATEGORIE

Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.

GROOTSTE AFSTAND

GEVAAR

74 747 85 85 853 91 91 9111

GELUID

74

A B -

INDICES

STOF

74

773 772 62 62 62 58, 63 72 72 721 722 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 812 86 86 8891 94 94 941, 942

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

713 714 72 72 72 72 73 73 731 732

OMSCHRIJVING

SBI-2008

nummer

SBI-1993

definitief maart 2009

LIJST 1 - ACTIVITEITEN

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

blad 10 van 52

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Bijlage 2

blad 11 van 52

Interne saldering NOx

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Bijlage 3

blad 13 van 52

Memo inrichtingsmaatregelen

Ruimte - Antea Nederland B.V.

Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo BV T.a.v. mevrouw Geelen Villafloraweg 1 5928 SZ Venlo

Ons kenmerk: 8848.003/LGi/memo-BPW-inrichting-das/versie-D2 Uw kenmerk: -

Betreft: memo inrichtingsmaatregelen das voor bestemmingsplan Greenport Businesspark

Boxmeer, 26 februari 2021 Geachte mevrouw Geelen, Op uw verzoek ontvangt u deze memo met daarin de noodzakelijke inrichtingsmaatregelen die benodigd zijn voor de ontwikkeling van Greenport Business Park te Venlo (voorheen ook wel bekend als Klaver 14), om de functionaliteit van het leefgebied van de das te kunnen borgen. Bij deze memo wordt gebruik gemaakt van het activiteitenplan (8848.003, versie D5, d.d. 20 juli 2020), ontheffing op de Wet natuurbescherming (zaaknummer 2020-21791 d.d. 27 juli 2020) en het ecologisch werkprotocol (8848.004, versie D3, d.d. 27 november 2020). Het plangebied wordt gefaseerd gerealiseerd. Hierbij worden de westelijke en centrale deellocaties eerst ontwikkeld (fase 1), en wordt de oostelijke deellocatie later ontwikkeld (fase 2, zie Figuur 1). Onder Figuur 1 volgt een opsomming van noodzakelijke inrichtingsmaatregelen om de functionaliteit van het gebied te borgen voor de das. Voor vleermuizen zijn tevens maatregelen benodigd, die niet zijn opgenomen in deze memo. Ik verwijs hiervoor naar bovengenoemde activiteitenplan, ontheffing en ecologisch werkprotocol. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groeten, Econsultancy Mevrouw drs. L.E.L. Gijsen Adviseur ecologie

De heer ir. B.H.H. Verdijck Kwaliteitscontroleur

Figuur 1. Fasering van de ontwikkeling van het plangebied. Oranje gearceerde delen worden eerst ontwikkeld (fase 1) waarna het blauw gearceerde deel ontwikkeld wordt (fase 2).

Noodzaak Compensatie optimaal geschikt leefgebied (vernietiging 8,41 ha begraasd en/of gemaaid weiland). Compensatie matig geschikt leefgebied (verlies van 11 ha wisselend agrarisch gebruik, ruigtes en bos) Totaliteit

Fasering Inrichting compensatiegronden

Bereikbaarheid compensatiegronden

Maatregel Aanleg 10,09 ha optimaal geschikt leefgebied (compensatiefactor 120%) Aanleg van 5,5 ha optimaal geschikt leefgebied (compensatiefactor 50%) Aanleg minimaal 15,9 ha optimaal geschikt leefgebied voor de das. Om het leefgebied te optimaliseren wordt 23 ha aangelegd. Compensatiegronden kunnen pas worden ingezet minimaal zes maanden na realisatie De compensatiegronden dienen geschikt foerageerhabitat voor de das te zijn (met name voldoende regenwormen bevatten). Hiervoor dienen de maatregelen zoals beschreven in hoofdstuk 3.4 en 3.5 van het Kennisdocument voor de Das (BIJ12, 2017) gevolgd te worden. Aanleg faunatunnel onder de N295 (realisatie inclusief begeleidende beplanting minimaal zes maanden voorafgaand aan

werkzaamheden fase 2) Aanleg 2 kleine faunatunnels onder de Venrayseweg (realisatie inclusief begeleidende beplanting minimaal drie maanden voorafgaand aan werkzaamheden fase 2) Ontmoediging gebruik dassenpijpen binnen Aanbrengen potentiële burchtlocatie binnen fase 2 compensatiegronden (realisatie inclusief beplanting minimaal zes maanden voor verlies functie dassenpijpen binnen fase 2) Ontmoediging gebruik dassenpijpen binnen Vergraven/ongeschikt maken kan enkel fase 2 plaatsvinden als er geen dassen in de pijpen aanwezig zijn. Vergraven/ongeschikt maken van de dassenpijp vindt plaats in de minst kwetsbare periode van de das (de periode juli-november). Vergraven/ongeschikt maken vindt plaats tussen zonsopgang en zonsondergang, maar niet later dan 19.00 uur.

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Bijlage 4

blad 17 van 52

Compensatiegronden

Ruimte - Antea Nederland B.V.

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

Compensatie Greenport Business Park

( !

( !

( !

( !

( !

24.02.2021

Zoekgebied compensatie das

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

Compensatiegebied (gerealiseerd)

( !

( !

Compensatiegebied (nog te realiseren)

( ! ( !

Dassenburcht (gerealiseerd)

$

( !

Kleinwildtunnel (gerealiseerd)

( !

! ( ! ( ! ( ! ( ! (

! ( ! (

( !

( !

! ( ! (

! ( ! (

( !

! ( ! (

! ( ! (

! ( ! (

! (

Ecoduct (nog te realiseren)

! ( ! ( ! (

Dassengreppel

! (

Boom

( ! ! (

( ! ( !

( !

( ! ( !

! ( ( !

( ! ( !

( !

Agrarisch

( !

( ! ( !

( !

Fruitboom

( !

( !

( !

( !

( ! ( ! ! (

! (

( ! ( !

( !

! (

! (

! (

( !

( !

! (

( !

( !

( !

! ( ! (

! (

( !

! ( ( ! ( !

! ( ! (

( !

! (

Ecoduct (gerealiseerd)

! (

! ( ( ! ( !

( !

! ( ! (

! (

Kleinwildtunnel (nog te realiseren)

( !

( !

L01.01 Poel en klein historisch water

( !

( !

( !

L01.02 Houtwal en houtsingel

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( ! ( !

L01.03 Elzensingel

( ! ( !

L01.05 Knip- of scheerheg

( ! ( ! ( !

L01.09 Hoogstamboomgaard

( ! ( !

( ! ( !

L01.10 Struweelrand

( !

N03.01 Beek en bron

( ! ( !

( !

( ! ( ! ( !

N06.04 Vochtige heide

( ! ( !

( !

( !

N06.05 Zwakgebufferd ven

( ! ! ( ! ( ! ( ! (

( !

! ( ! (

! ( ! (

! ( ! (

! ( ! ( ! ( ! (

( !! (

! ( ! (

N07.01 Droge heide

( ! ( !

! ( ! (

! (

( ! ( !

! (

! (

! (

( !

! (

! (

! ( ( ! ( !

N07.02 Zandverstuiving N10.02 Vochtig hooiland

( ! ( !

( !

! ( ! (

! ( ( ! (! ! (

( !

( !

( !

( !

$

( ! ( !

( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

! ( ( ! ( ! ( !

( !

( ! ( !

N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos (struik)

( !

N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos (kern)

( ! ( ! ( !

( ! ! ( ! ! ( ( ( ! ! ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( !

( !

( ! ( !

( !

N12.05 Kruiden- en faunarijke akker

( ! ! ( ( ( ! ! ( ( ! !

( !

( !

N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland

! ( ( ! ( ( ! !

( !

( ! ( ! ( ! ( !

( ! ( ! ( ( ! ! ( ! ! (

( ! ( !

( ! ( !

( ! ! (

( ! ( ! ( !

( ! ( !

( !

( ! ( !

( ! ( ! ( !

( !

( ! ! ( ( ( ! !

( ( ! ! !! ( ( ( ( ! ! (! ( ( (! ! ( ! ( ! ! ( ! ( ( ! ! ( ! ( ! ( ! ( ! ! ( ! ( ! ! ( ! ( ! ( ( ( ! ! ( ! ! ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ( ! ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ! ( ( ! ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ( ! ! ( ! ( ( ! ( ! ( !

( !

( !

( ! ! ( ( (! !

( ! ! (

( ! ( !

( ! ( !

( !

( !

( ! ( ! ( !

( ! !! ( ((! ! (! (! ! (! ! (( ! (! (( (( (( ( (! ! (! ! (! (! ! (! ! (! ! ( ! ( ! ( (! ! (! (! ! (! ( ! (( ! ( ! (! ( ! (! ! ( ( ! ( ! (! ! (! (! (! ( ! ( ! (! ! (! ! (( ! (! ( (! ( ! ( (! ! (! ! (! (! (! (! (( (! (! ! (! (! (! (! (! (! (( ! ( ! ( ! ( ! ( ! (! (! (( (( (! ! (! (! (! (! (! ! (! ! (! ! ( !

( ! ( ! ( !

( ! ( !

( ! ( !

( ! ( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( !

( ! ( ! ( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( !

( ! (! ! ( (! ! ( !! ( (

( ( ! ! ! ( ! ( (! ! ( (! ! ( (! ! ( !! ( ( (! ! ( !! ( ( (! ! (

( ! ! ( ( ! ( ! ! (! (

( (! (! (! !! (

! ( ( !

( !

( ! ( !

(! ! (

( ! ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ! (

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( !

( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( !

( ( ! ( ! ! ! ! ( ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ( ( ! ! ! ( (

! ( ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ! ! (

( ( ! ( ! ! ! ( ( !

( !

( !

! ( ( !

( ! ( ! ( !

( ! ! ( ( !

( ! ( !

( !

( !

( (! !! (

( (! (! (! !! (( !

( ! ! (

( ! ( ! ( !

( !

( ! ( ! ! ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( !

( ! ! ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ( ( ! ! ( ( ! ! ( ( ! ! ( ( ! ! ( ! ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ( ( ! ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ! ( ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ! ( ! ( ! ( ! ( ( ! ( ! ! ( ( ! ! ( ( ! ! ( ! ( ( ! ! ( ! ( ! ( ( ! ! ( ( ! ! ( ( ! ! ( ! ( ! ( ( ! ! ( ! ( ! ( ( ! ! ( !

( !

( ! ( !

( ! ( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( ! ( ! ! (

( !

( !

( !

( !

( ! ( !

( !

( !

( ! ( !

( ! ! (

( (! !

( ! ( !

ontwerp bestemmingsplan Greenport Business Park Gemeente Venlo Projectnummer 0452921

Bijlage 5

blad 19 van 52

Ecologisch werkprotocol

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ECOLOGISCH WERKPROTOCOL GREENPORT BUSINESS PARK TE VENLO

Rapportage ecologisch werkprotocol Greenport Business Park te Venlo Opdrachtgever

Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo Sint Jansweg 20 5928 RC Venlo

Rapportnummer Versienummer

8848.004 D3

Status

Eindrapportage

Datum

27 november 2020

Vestiging

Brabant Heinz Moormannstraat 1b 5831 AS Boxmeer 088 - 5001600 boxmeer@econsultancy.nl

Opsteller

drs. L.E.L. Gijsen

Paraaf

Kwaliteitscontrole

ir. B.H.H. Verdijck

Paraaf

Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van het Netwerk Groene Bureaus (NGB). Het NGB is een vereniging van ecologische advies- en onderzoeksbureaus en werkt aan de kwaliteit van advisering gericht op natuur, landschap, water, milieu en ruimte en behartigt de belangen van groene adviesbureaus. Het Netwerk hanteert een gedragscode die opdrachtgevers en andere belanghebbenden een basis biedt om de leden aan te spreken op de kwaliteit van hun werk. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving ten aanzien van natuurwetgeving. Het onderzoek betreft een momentopname en geeft een inschatting van de geschiktheid van de onderzoekslocatie voor beschermde soorten. Het incidenteel voorkomen van beschermde soorten is echter nooit met zekerheid te voorspellen. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde onderzoek neemt.

INHOUDSOPGAVE 1

SAMENVATTING ................................................................................................................... 1

2

INLEIDING ............................................................................................................................. 2

3

PLANLOCATIE EN VOORGENOMEN PLANNEN .................................................................. 4 3.1 3.2

4

MAATREGELEN VOOR DE DAS ........................................................................................... 7 4.1 4.2

4.3 4.4 4.5 5

Planlocatie .................................................................................................................... 4 Toekomstig gebruik en voorgenomen ingrepen ............................................................. 6

Beschermde functies van das op en nabij de locatie...................................................... 7 Maatregelen voor de das in de voorbereidende fase ..................................................... 8 4.2.1 Algemeen........................................................................................................ 8 4.2.2 Inrichting compensatiegronden ........................................................................ 8 4.2.3 Aanleg faunatunnel N295 ................................................................................ 9 4.2.4 Aanleg faunatunnel: ongeschikt maken enkele pijpen, duiker blijft behouden . 10 4.2.5 Aanbrengen potentiële burchtlocatie .............................................................. 11 4.2.6 Aanleg faunatunnels onder Venrayseweg ...................................................... 14 4.2.7 Ontmoedigen das binnen planlocatie ............................................................. 14 4.2.8 Ontmoedigen gebruik zeven dassenpijpen binnen planlocatie ....................... 15 Maatregelen voor de das in de realisatiefase............................................................... 15 Maatregelen voor de das in de gebruikersfase ............................................................ 16 Duur van de maatregelen ............................................................................................ 16

MAATREGELEN VOOR VLIEGROUTE DIVERSE VLEERMUISSOORTEN.......................... 17 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5

Beschermde functies van vleermuizen op en nabij de onderzoekslocatie .................... 17 Maatregelen voor de voorbereidingsfase ..................................................................... 17 Maatregelen voor de realisatiefase.............................................................................. 18 Maatregelen voor de gebruikersfase ........................................................................... 18 Duur van de maatregelen ............................................................................................ 18

6

PLANNING MAATREGELEN ................................................................................................ 19

7

ALGEMENE BROEDVOGELS EN ZORGPLICHT ................................................................. 21

8

MONITORING EN BEGELEIDING ........................................................................................ 22

9

LITERATUURLIJST .............................................................................................................. 23

Bijlage 1: Bijlage 2:

compensatiegronden ontwerp kunstburcht

8848.004

1

SAMENVATTING

Econsultancy heeft van Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo opdracht gekregen voor het opstellen van een ecologische werkprotocol ten behoeve van de voorgenomen ingreep ter plaatse van het toekomstige Greenport Business Park te Venlo. Dit ecologisch werkprotocol is gebaseerd op het activiteitenplan (8848.003, d.d. 20 juli 2020, versie D5) en ontheffing op de Wet natuurbescherming met kenmerk 2020-201791 d.d. 27 juli 2020. Het ecologisch werkprotocol is opgesteld voor de das (diverse vluchtpijpen en functioneel leefgebied) en de vliegroute met zijdelings foerageerfunctie voor gewone dwergvleermuis, laatvlieger, gewone grootoorvleermuis en watervleermuis. Naast de soorten die onder de Europese en nationale bescherming van de Wet natuurbescherming vallen, zijn tevens algemene soorten te verwachten/vastgesteld zoals broedvogels en algemeen voorkomende zoogdieren. Voor deze soorten geldt de zorgplicht. Door de voorgenomen ingreep dient de functionaliteit die het projectgebied heeft voor de te verwachten en aangetroffen beschermde soorten, te allen tijde duurzaam behouden te blijven. Door in het ecologisch werkprotocol maatregelen op te nemen omtrent waar en wanneer welke werkzaamheden uitgevoerd kunnen worden, met daarbij de manier van uitvoering, zal de gunstige staat van instandhouding voor deze soorten gegarandeerd kunnen blijven.

De maatregelen voor de das betreffen: • Inrichting compensatiegronden voor de das • Aanleg faunatunnel N295 (lengte circa 125 meter, diameter 50 cm) • Aanleg faunatunnels Venrayseweg (lengte circa 40 meter, diameter 40 cm) • Realisatie kunstburcht in compensatiegronden voor de das • Ontmoedigen das binnen planlocatie middels dassenraster met ontsnappingspoortjes, wildroosters en eventueel werkpoorten • Ongeschikt maken dassenpijpen binnen planlocatie De maatregelen voor de vliegroute van diverse vleermuissoorten betreffen: ▪ De opgaande begroeiing langs de huidige vliegroutes blijven duurzaam en functioneel gehandhaafd met uitzondering van twee toegangswegen in het centrale gedeelte; ▪ De twee toegangswegen dienen een maximale breedte te hebben van 30 meter tussen de stammen van de bomen; ▪ Extra verlichting zal alleen aangelegd worden waar het vanuit (verkeers)veiligheid noodzakelijk is (huidige verlichting blijft bestaan); ▪ Extra verlichting dient niet in lijn geplaatst te worden met de bomenrij die fungeert als vliegroute; ▪ Extra verlichting dient amberkleurig te zijn, maximaal 6 meter hoog, met gerichte en gebundelde lichtstralen d.m.v.

aangepaste armaturen die gericht worden op de weg of industriepercelen, maar niet uitstralen (dus geen strooilicht) naar de vliegroutes; ▪ Er vinden geen werkzaamheden gedurende de schemer- en nachtelijke uren plaats waarbij de verlichting op de vliegroutes zal toenemen. De maatregelen dienen ook na het verlopen van de ontheffing in stand te blijven. De maatregelen zijn verder uitgewerkt en toegelicht in hoofdstuk 4 en 5. De planning is opgenomen in hoofdstuk 6.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 1 van 26

2

INLEIDING

Econsultancy heeft van Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo opdracht gekregen voor het opstellen van een ecologische werkprotocol ten behoeve van de voorgenomen ingreep ter plaatse van het toekomstige Greenport Business Park te Venlo. Het ecologisch werkprotocol is opgesteld naar aanleiding van de conclusies van de quickscan flora en fauna (rapport 8848.001, d.d. 4 februari 2019) en aanvullend ecologisch onderzoek (rapport 8848.002, d.d. 4 november 2019) die door Econsultancy zijn uitgevoerd. Uit het aanvullend ecologisch veldonderzoek dat is uitgevoerd naar aanleiding van de resultaten van de quickscan flora en fauna, blijkt dat op de onderzoekslocatie de in tabel I beschreven beschermde functies heeft voor diverse vleermuissoorten en de das. Tabel 1: Binnen de projectlocatie aanwezige beschermde soorten en functies, gebaseerd op het aanvullend ecologisch onderzoek uitgevoerd door Econsultancy in 2019. Soort Functie Locatie Kritische periode Vastgesteld o.b.v.

Verbodsbepaling Gewone dwerg- Vliegroute Heierkerkweg, April Aanvullend onderArtikel 3.5 vleermuis (PiVenrayseweg en t/m half november zoek conform lid 2 (en 4) pistrellus pipistrelbosrand aan de Vleermuisprotocol lus); zuidzijde van de (VleermuisvakbeLaatvlieger (Epteplanlocatie raad Netwerk Groesicus serotinus); ne Bureaus & ZoogGewone grootdiervereniging, oorvleermuis 2017) (Plecotus auritus); Watervleermuis (Myotis daubentonii) Das (Meles me- Vaste rust en ver- Planlocatie December t/m juni Aanvullend onder- Artikel 3.10 lid 1 les) blijfplaats (hoofdzoek conform kenburcht buiten ondernisdocument (BIJ12, zoekslocatie) en 2017) functioneel leefgebied

Naast de soorten die onder de Europese en nationale bescherming van de Wet natuurbescherming vallen, zijn tevens algemene soorten te verwachten/vastgesteld zoals broedvogels en diverse vlindersoorten. Voor deze soorten geldt de zorgplicht. In dit ecologisch werkprotocol wordt hiermee eveneens rekening gehouden. Op basis van het aanvullend ecologisch onderzoek is een activiteitenplan ter bate van een ontheffingsaanvraag opgesteld (rapport 8848.003, d.d. 20 juli 2020, versie D5). De ecologische begeleiding van de werkzaamheden worden uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming en de verleende ontheffing op deze Wet met kenmerk 2020-201791 d.d. 27 juli 2020. Door de voorgenomen ingreep dient de functionaliteit die het projectgebied heeft voor de te verwachten en aangetroffen beschermde soorten, te allen tijde duurzaam behouden te blijven. Door in het ecologisch werkprotocol maatregelen op te nemen omtrent waar en wanneer welke werkzaamheden uitgevoerd kunnen worden, met daarbij de manier van uitvoering, zal de gunstige staat van instandhouding voor deze soorten gegarandeerd kunnen blijven.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 2 van 26

Het ecologisch werkprotocol is opgesteld en wordt uitgevoerd in het kader van de maatregelen die als voorwaarde zijn gesteld bij de ontheffing. De ontheffing is verleend voor de periode tot en met 1 augustus 2030. Echter, de mitigerende maatregelen dienen ook na het verlopen van deze ontheffing in stand te blijven (conform voorschrift 5). Dit is de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever. Conform voorschrift 26 uit eerder vernoemde ontheffing, dient, indien blijkt dat de in de ontheffing gestelde termijn niet voldoende is om de werkzaamheden waarop de ontheffing betrekking heeft uit te voeren, minimaal 8 weken voor het verstrijken van de ontheffingstermijn, een verzoek tot verlenging worden ingediend. Het is niet waarschijnlijk, maar wel mogelijk, dat op de onderzoekslocatie toch nog andere beschermde soorten dan hierboven genoemd voorkomen en aangetroffen worden. In dat geval is er mogelijk sprake van overtreding van een of meer verbodsbepalingen. Conform voorschrift 4 van de ontheffing dient er dan direct contact opgenomen te worden met Provincie Limburg (contactpersoon mevrouw P.G.W. Janssen-Limpens via pgw.janssen@prvlimburg.nl of via 043-389-9999. Bovendien dient, conform voorschrift 4, er contact met Provincie Limburg te worden opgenomen als er andere handelingen (overtredingen op verbodsbepalingen) worden uitgevoerd dan die in Tabel 1 beschreven zijn.

Conform voorschrift 6 dient de ontheffinghouder (Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo) de start van de werkzaamheden uiterlijk vijf werkdagen voor die tijd digitaal te melden bij Provincie Limburg middels het meldingsformulier op de website. Specifiek voor de voorzieningen voor de das geldt dat de startdatum voor het uitvoeren van de voorzieningen uiterlijk vijf werkdagen voor die tijd digitaal gemeld dienen te worden, alsmede de einddatum (voorschrift 9). Econsultancy is lid van de branchevereniging "Netwerk Groene Bureaus" en werkt volgens de door het Netwerk opgestelde gedragscode en protocollen. Om aan deze gedragscode te kunnen voldoen, dienen de werkzaamheden dusdanig te worden uitgevoerd dat ecologisch gezien er geen schade ontstaat aan aanwezige beschermde soorten en functies. Het ecologisch werkprotocol dient bij de betrokken partijen en de uitvoerende partij bekend te zijn. Tevens dient het ecologisch werkprotocol en de ontheffing met kenmerk 2020-201791 op het werkterrein aanwezig te zijn, en op verzoek te worden getoond aan de daartoe bevoegde toezichthouder of opsporingsambtenaar. Dit is de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever. Voor vragen, opmerkingen of bij calamiteiten kan contact worden opgenomen met één van de ecologen van Econsultancy, telefoonnummer 0485-581818.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 3 van 26

3 3.1

PLANLOCATIE EN VOORGENOMEN PLANNEN Planlocatie

De projectlocatie bevat het toekomstige Greenport Business Park (voorheen ook wel Klaver 14 genoemd), als onderdeel van Greenport Venlo. Op de planlocatie wordt een volledig businesspark ontwikkeld met kleinschalige kavels op maat. De planlocatie (± 27,8 ha) ligt aan de Heierkerkweg, circa 6,5 kilometer ten noordwesten van de kern van Venlo (zie Figuur 1). De planlocatie bestaat uit voormalige akkerpercelen gelegen aan de Heierkerkweg en Venrayseweg, ten zuiden van de Greenportlane (N295). De akkerpercelen worden nu gebruikt als grasland en evenemententerrein. Bovendien bevat de onderzoekslocatie een voetgolfterrein. Echter, de gehele planlocatie is reeds bestemd als bedrijventerrein. De ‘oostelijke deellocatie’ omvat de akkers ten oosten van de Venrayseweg. De ‘westelijke deellocatie’ omvat de weilanden ten westen van de Floriadelaan (oprit naar de N295). De ‘centrale deellocatie’ omvat het overige plangebied: voetgolfterrein en het weiland tussen de Floriadelaan en de Venrayseweg. De noordzijde van de planlocatie wordt begrensd door de N295 waarachter zich bomenteelt en glastuinbouw bevindt. Aan de oostzijde wordt de onderzoekslocatie begrensd door de toerit naar de A73, de zuidzijde wordt begrensd door een bosperceel “De Zaar”. Aan de westzijde vormen de weilanden en bebouwing van Heierkerkweg 8ab de begrenzing van de onderzoekslocatie.

Figuur 1. Topografische ligging van de planlocatie (roodomlijnd).

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 4 van 26

Figuur 2. Luchtfoto van de omlijning van de plantlocatie Greenport Business Park.

In Figuur 2 is een luchtfoto van de planlocatie en de directe omgeving weergegeven. De figuren 3 t/m 8 geven een impressie van de planlocatie, middels foto’s die zijn genomen tijdens een veldbezoek op 3 januari 2019.

Figuur 3. Bomenrij langs de Heierkerkweg, kijkrichting west.

Figuur 5. Evenemtenperceel en grasland aan de noordzijde van de planlocatie (centrale gedeelte).

Figuur 4. Pijp das in talud N295, in het oostelijke gedeelte van de planlocatie.

Figuur 6. Bomenrij langs de Heierkerkweg, kijkrichting oost.

Rapport 8848.004 versie D3

Figuur 7. Houtopstand op het voetbalgolfterrein.

Figuur 8. Voetbalgolfterrein.

Pagina 5 van 26

3.2

Toekomstig gebruik en voorgenomen ingrepen

De initiatiefnemer is voornemens om op de planlocatie een bedrijventerrein te realiseren (wat reeds bestemd is). Onderdeel van dit bedrijventerrein vormt tevens nieuw aan te leggen infrastructuur. Voor een verdere uitwerking van het ruimtelijk kader wordt verwezen naar het activiteitenplan (rapport 8848.003, d.d. 10 februari 2020, versie D4). In Figuur 9 is een visiekaart weergegeven van de voorgenomen plannen. Ten behoeve van de voorgenomen plannen zullen de graslanden verdwijnen en is een gedeelte van een bosschage gekapt. Voor de aanleg van de toegangswegen naar de bedrijventerreinen worden enkele bomen aan de Heierkerkweg gekapt. Bovendien worden enkele dassenpijpen ongeschikt gemaakt.

Figuur 9. Visiekaart van Greenport Business Park (Klaver 14) (bron: Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo, versie 2019-04-11).

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 6 van 26

4 4.1

MAATREGELEN VOOR DE DAS Beschermde functies van das op en nabij de locatie

Binnen de planlocatie liggen circa 7 pijpen, welke de functie van vluchtpijp of bijburcht hebben (zie Figuur 10). De das heeft tevens diverse pijpen ten oosten (circa 15) en ten zuiden en zuidoosten (circa 10) van de planlocatie. Gezien de intensiviteit van gebruik en het aantal pijpen, kan (worstcase) aangenomen worden dat ten oosten van de planlocatie een hoofdburcht van een dassenclan aanwezig is. Vanaf hier wordt deze burcht, die worstcase benaderd wordt als hoofdburcht, gezien de leesbaarheid van de rapportage daarom simpelweg ‘hoofdburcht’ genoemd. Dit is gelijk aan de benaming van de burcht in het activiteitenplan. Vanuit de hoofdburcht zijn een aantal wissels aangetroffen richting diverse foerageergebieden van de das en/of richting andere burchten. De westelijke deellocatie bevat optimaal foerageergebied. De centrale deellocatie met voetgoflterrein en evenementengrasland bevat matig geschikt foerageergebied. De oostelijke deellocatie, De Kuip, bevat optimaal foerageergebied voor de das en de eerder genoemde circa 7 dassenpijpen.

Figuur 10. Vastgestelde pijpen, wissels en indicatie van foerageergebied voor de das.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 7 van 26

4.2

Maatregelen voor de das in de voorbereidende fase

4.2.1 Algemeen Door de voorgenomen plannen gaat er in totaal 8,41 ha optimaal geschikt leefgebied en 11,00 ha matig geschikt leefgebied verloren. Hiervoor dient er in totaal minimaal 15,59 ha optimaal geschikt foerageergebied gecompenseerd te worden, echter zal er voor de zekerheid 23 ha gecompenseerd worden. Hiervan is reeds 5 + 6,5 + 2,1 + 0,5 = 14,1 ha gerealiseerd (zie Figuur 11). De overige 8,9 ha zijn reeds aangewezen en worden op korte termijn gerealiseerd. De inrichting dient aan bepaalde voorwaarden te voldoen, welke hieronder verder zijn uitgewerkt.

Figuur 11. Reeds verworven en gedeeltelijk ingerichte compensatiegronden (6,5+5+0,5+2,1 ha) zijn geel omlijnd en groen gearceerd. De nog in te richten compensatiegronden (enkel 8,9 ha als onderdeel van de 11 ha) zijn geel omlijnd en oranje gearceerd Deze 8,9 dienen nog te worden ingericht. De rode pijlen geven de locaties weer van de grote faunatunnel onder de N295 door, en de twee kleinere faunatunnels onder de Venrayseweg (zie tevens Bijlage 1 voor een vergrote weergave).

4.2.2 Inrichting compensatiegronden Een gedeelte van de compensatiegronden zijn, vooruitlopend op de ontwikkeling van Klaver 14, al gerealiseerd. De compensatiegronden dienen geschikt foerageerhabitat voor de das te zijn (met name voldoende regenwormen bevatten). Maatregelen voor de compensatiegronden zijn o.a.: • Gronden bestaan voor minimaal 12% uit kleine landschapselementen zoals hagen, struiken, poelen, etc (conform Natuurbalans – Limes Divergens (auteur onbekend) 2017); • Beplanting kiezen van inheems plantmateriaal, zoals o.a.: o Beuk - Fagus sylvatica o Fruitbomen (hoogstam) o Hazelaar - Corylus avellana o Hondsroos - Rosa canina o Inlandse vogelkers - Prunus padus o Lijsterbes - Sorbus aucuparia o Mispel - Mespilus germanica o Sleedoorn - Prunus spinosa o Wilde appel - Malus sylvestris Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 8 van 26

• • • • • • • •

•

o Wilde peer - Pyrus pyraster o Zoete kers - Prunus avium Bij de aanleg van fruitboomgaarden is het van belang dat er zo veel mogelijk verspreid over het jaar vruchten beschikbaar zijn. Bovendien dienen de fruitbomen minimaal vijf jaar oud te zijn; Om niet alleen de mantelvegetatie van de (nieuw aan te planten) bossen geschikt te maken voor de das, maar ook de kernvegetatie, dienen hierin bovenstaande soorten verwerkt te worden; Percelen inzaaien met een gras-klavermengsel; Beperken van het gebruik van pesticiden, stikstofmeststoffen en grondontsmettingsmiddelen; Beperken van de grondwaterstandsverlaging; Opbrengen van ruige stalmest; Bloten van grasland; Bij voorkeur 50 procent of meer van het totaal aan grasland moet niet hoger dan 5 centimeter zijn, zodat de dassen voldoende regenwormen kunnen vangen (voorkeur voor beweiding, anders maaien); Er dient voldoende beschutting aanwezig te zijn in de vorm van groepen bosschages, die kunnen dienen als schuilplek. Beschutting is met name nodig langs de doorgaande wegen. Deze eilandjes dienen voldoende ondergroei te hebben, en een doorsnede van minimaal 10 meter te hebben.

4.2.3 Aanleg faunatunnel N295 Om de compensatiegronden beter bereikbaar te maken, dient er een faunatunnel onder de N295 te komen. Voor de das zijn met name het ontbreken van wateroverlast en de toepassing van de juiste geleiding naar de tunnelingang van belang om de tunnel te accepteren en gebruiken. Holbewonende soorten zoals de das worden geacht weinig problemen te hebben met tunnels waarvan ze het uiteinde niet zien (MJPO, 2011; en bovendien gebruikt dezelfde dassenclan ook de tunnels onder de A73 door, welke bij benadering eenzelfde lengte hebben). Voor de aanleg van de faunatunnel onder de N295 gelden de volgende voorwaarden (conform Kennisdocument Das en MJPO, 2011): • Afstemming met Provincie Limburg benodigd; • Geen wateroverlast, de tunnel dient te allen tijde van binnen droog te zijn (heeft betrekking zowel op grondwater als hemelwater); • Begeleidende beplanting aanwezig van inheems plantmateriaal (nog niet aanwezig); • Boren vanuit NW-zijde; • Materiaaldepot voor werkzaamheden aan de NW-zijde; • Minimale doorsnede 50 cm; • Hellingshoek tot maximaal 1 op 3; • Aanbrengen van minimaal 5cm zand in de tunnel (om loopoppervlakte te vergroten) • Realisatie in minst kwetsbare periode (september t/m november, zie hoofdstuk 6); • Bij aanleg tunnel dient de looproute richting het noorden functioneel aanwezig te blijven en dienen er geen werkzaamheden ’s nachts plaats te

vinden (of niet later dan 19:00 uur in het geval het laat donker wordt); • Inlooptalud met een hellingshoek van maximaal 1:4; • Tunnelingangen mogen niet worden verstoord door licht, mensen, huisdieren of vee; • De geleidende rasters dienen goed aan te sluiten op de tunnelingangen enerzijds en overige rasters anderzijds, dusdanig dat een das niet meer op de weg/achterliggend terrein kan komen; • Eigendom en onderhoud dient te worden geborgd (verantwoordelijkheid van de opdrachtgever), zodanig dat de faunatunnels te allen tijde duurzaam functioneel zijn en blijven.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 9 van 26

4.2.4 Aanleg faunatunnel: ongeschikt maken enkele pijpen, duiker blijft behouden Als onderdeel van de looproute van de das vanuit de hoofdburcht naar de foerageergebieden, maakt de das gebruik van een duiker onder de Venrayseweg (zie Figuur 12). De foerageergebieden dienen bereikbaar te blijven, waarvoor maatregelen gelden. Om de faunatunnel onder de N295 te kunnen realiseren, dienen er werkzaamheden plaats te vinden nabij en mogelijk boven twee dassenpijpen. Deze dassenpijpen dienen zorgvuldig ongeschikt gemaakt te worden door de volgende maatregelen: •

• •

• • • •

•

De vluchtpijpen van de das worden in de minst kwetsbare periode (juli t/m november) ongeschikt gemaakt door de pijpen voor driekwart dicht te gooien met zand (onder begeleiding van een ter zake kundige ecoloog); Vervolgens worden enkele cameravallen geplaatst voor tenminste 14 dagen; Indien de pijpen 14 dagen niet meer zijn open gegraven door een das en er geen das op de camera te zien is, mag deze volledig worden ongeschikt worden gemaakt (bijv. middels vergraven of dichtzetten met dassenraster). Dit ongeschikt maken dient te gebeuren binnen 2 dagen na afronding van het camera-onderzoek (onder begeleiding van een ter zake kundige ecoloog); Vergraven/ongeschikt maken van de dassenpijp vindt plaats in de minst kwetsbare periode van de das (de periode juli-november); Vergraven/ongeschikt maken vindt plaats tussen zonsopgang en zonsondergang, maar niet later dan 19.00; Geen extra werkverlichting plaatsen; Mocht tijdens het vergraven/ongeschikt maken toch een das worden aangetroffen dan dienen alle werkzaamheden per direct te worden stilgelegd en dient een plan van aanpak besproken te worden met de ter zake kundige ecoloog. De bestaande duiker onder de Venrayseweg dient beschikbaar te blijven als looproute voor de das, zodat de foerageergebieden bereikbaar blijven. Pas in een later stadium (als o.a.

de faunatunnel onder de N295 gereed is) wordt deze duiker ontoegankelijk gemaakt voor de das.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 10 van 26

Figuur 12. Enkele dassenpijpen die (op termijn en onder ecologische begeleiding) ongeschikt gemaakt dienen te worden. Direct ten oosten van de onderzoekslocatie liggen twee dassenpijpen op het werkterrein voor de realisatie van de faunatunnel onder de N295. Binnen de onderzoekslocatie liggen nog circa vier dassenpijpen, die ten tijde van realisatie Greenport Business Park verwijderd zullen worden. Tevens is de huidige duiker (onderdeel van de looproute van de das) weergegeven. Let op: ter versimpeling zijn enkel de dassenpijpen weergegeven welke verwijderd zullen worden. Bovendien is het werkterrein (geel) indicatief.

4.2.5 Aanbrengen potentiële burchtlocatie Doordat de das ontmoedigd wordt binnen de planlocatie, gaan er zeven dassenpijpen verloren. Om deze rust- en verblijfplaatsen te compenseren wordt er, conform Kennisdocument voor de das (BIJ12, 2017), een grondhoop aangebracht in het compensatiegebied die kan dienen als potentiële burchtlocatie. Voor de realisatie van de grondhoop zijn de volgende voorwaarden van toepassing, welke zijn verwerkt in Figuur 13: • Grond van vergraafbaar zand; • Gereed minimaal 6 maanden voor verlies van de functie van de zeven dassenpijpen; • Te realiseren in rustige omgeving met weinig verstoring van de mens (echter: das is gewend aan verkeer) en nabij de compensatiegronden; • Aanbrengen van een aantal loze buizen (materiaal: gres). • Hoogte kunstburcht afhankelijk van gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG): gresbuizen moeten geplaatst worden op max 0,5 m boven maaiveld en minimaal 1,5m boven GHG; • Minimaal 7 gresbuizen in de kunstburcht aanwezig (naar verwachting 10 gresbuizen); • Buizen gemaakt van gres.

Gres is reukloos (belangrijk voor de acceptatie door dassen) en is milieuvriendelijk; • De gresbuizen (die naar buiten leiden) worden licht hellend aangelegd (minimaal 5º naar buiten toe afwaterend); • De gresbuizen zijn ongeveer 200cm lang en hebben een binnendiameter van 30cm; • Samenstelling zand kunstburcht: kern van scherp zand, omhulsel van aarde; Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 11 van 26

•

Locatie van kunstburcht circa 20-30cm afgraven, daarop scherp zand aanbrengen, dan de afgegraven aarde terug opbrengen.

Na voltooiing dient de kunstburcht beplant te worden met: • onderop meidoorn, sleedoorn en hondsroos of soortgelijk inheems materiaal, liefst met prikkels om honden/kinderen te weren; • bovenop met snelgroeiende beplanting als lijsterbes, hazelaar, elzen, inlandse vogelkers en hondsroos of soortgelijk inheems snelgroeiend materiaal.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 12 van 26

Figuur 13. Schets alternatieve burchtlocatie (bron: Heusschen Copier, tekening 10412-C005-190830 tbv wind Dassenvoorziening (1), d.d. 5 juni 2020). Een vergrote versie van dit figuur is weergegeven in bijlage 1.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 13 van 26

4.2.6 Aanleg faunatunnels onder Venrayseweg De nieuw in te richten en reeds ingerichte compensatiegronden worden gesplitst door de Venrayseweg (zie Figuur 11). Om hier een veilige oversteek te garanderen en de kans van ingebruikname te optimaliseren, dienen er twee faunatunnels aangelegd te worden, inclusief begeleidende beplanting. De doorsnede van deze kleinere faunatunnel dient minimaal 30 centimeter te zijn. Deze faunatunnels dienen te worden gerealiseerd minimaal 3 maanden voor de start van de werkzaamheden in de oostelijke deellocatie. 4.2.7 Ontmoedigen das binnen planlocatie Om enerzijds te voorkomen dat de das verstoord wordt tijdens de werkzaamheden op de planlocatie, en anderzijds de kans op ingebruikname van de tunnel te vergroten, dient de planlocatie afgesloten te worden voor de das.

Voor het ontmoedigen zijn de volgende voorwaarden van toepassing (conform Kennisdocument Das en MJPO, 2011): • De planlocatie dient afgeschermd te worden, minimaal 6 maanden na realisatie van de compensatiegronden, de faunatunnel onder de N295, de faunatunnels onder de Venrayseweg en de kunstburcht; • Planlocatie dient afgeschermd te worden met dassenraster (inclusief ontsnappingspoortjes op maximale afstand van 500 meter van elkaar); • Rasters dienen aan te sluiten op het raster van N295 en de Venrayseweg; • Raster bij viaduct N295-Venrayseweg dient verbeterd te worden; • Rasters bestaan uit verzinkt, gepuntlast casanetgaas; • Rasters komen minimaal 1 meter boven maaiveld uit. Ze zijn minimaal 20 centimeter in de grond ingegraven en onder de grond is nog eens minimaal 30 centimeter brede strook horizontaal ingegraven; • Plaatsing raster zo dicht mogelijk op infrastructuur/ongeschikt leefgebied, zodat er zo veel mogelijk geschikt leefgebied over blijft (echter: let op onderhoud en eigendomsgrenzen); • NB: De exacte locatie voor de aanleg van het dassenraster is afhankelijk van de functionaliteit van het bestaande dassenraster.

Deze dient nog te worden onderzocht, waarvoor een aparte memo zal worden opgesteld; • Indien extra werkpoorten moeten worden aangelegd, dienen hieronder betonnen drempels te worden geplaatst ter voorkoming van erosie/uitspoeling en ondergraving door dassen. De werkpoorten dienen zo te worden aangelegd, dat er geen openingen in de werkpoort zitten die groter zijn dan de maaswijdte van het raster waar ze op aansluiten; • Werkpoorten dienen na gebruik direct te worden gesloten. Eventueel nieuw aan te leggen werkpoorten dienen daarom voorzien te zijn van een degelijke maar eenvoudige sluiting; • Wildroosters bij scherm Heierkerkweg en uitrit N295; • Wildroosters dienen van een dusdanig lengte te zijn dat ze niet passeerbaar zijn voor dassen; • Wildroosters dienen naadloos aan te sluiten op het raster; • Om te voorkomen dat (kleinere) dieren het slachtoffer worden van een wildrooster dienen uitklimvoorzieningen te worden aangebracht, welke te allen tijde functioneel aanwezig moeten zijn en blijven; • Functionaliteit van wildroosters tegen dassen is afhankelijk van de constructie van het wildrooster. Platte staven (op zijn kant) zijn onaantrekkelijker dan ronde en ook de afstand tussen de staven en de onderliggende constructie speelt een belangrijke rol.

Stichting Das en Boom heeft samen met Arfman een wildrooster ontwikkeld, zie o https://www.dasenboom.nl/upload/documenten/arfman_dassenrooster_3.pdf o https://www.dasenboom.nl/upload/documenten/arfman_dassenrooster.pdf. Aanbevolen wordt om deze constructie aan te houden, in overleg kan er onderbouwd van worden afgeweken;

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 14 van 26

• •

•

Rasters dienen goed aan te sluiten op faunatunnels, ontsnappingspoortjes, faunaroosters en/of werkpoorten. Eventuele gaten dienen niet groter te zijn dan de maaswijdte van het raster; Vanuit project 2724.003 (d.d. 15-02-2017) dient de poort op de T-splitsing Venrayseweg-oprit N295 voorzien te worden van een nieuw slot. Dit slot dient voorzien te zijn van een degelijke maar eenvoudige sluiting, waardoor het makkelijk na gebruik kan worden gesloten; Eigendom en onderhoud dient te worden geborgd (verantwoordelijkheid van de opdrachtgever), zodanig dat de rasters, ontsnappingspoortjes, werkpoorten en wildroosters te allen tijde duurzaam functioneel zijn en blijven.

4.2.8 Ontmoedigen gebruik zeven dassenpijpen binnen planlocatie De circa vier dassenpijpen aan de oostzijde van de planlocatie (zie Figuur 12) zijn niet in te passen in het Businesspark Greenport Venlo, en zullen daarom (na verlenen van ontheffing) worden verwijderd. De passieve verplaatsing wordt bewerkstelligd door het hierboven beschreven dassenraster, welke ten oosten van de oprit naar de A73 (scheiding hoofdburcht – planlocatie) geoptimaliseerd wordt. Hierdoor kan de das vanuit de planlocatie nog wel naar de hoofdburcht toe (ontsnappingspoortjes), maar niet meer terug. Voor de passieve verplaatsing zijn een aantal voorwaarden van toepassing: • Het dassenraster inclusief ontsnappingspoortjes dient gereed te zijn; • De alternatieve burchtlocatie (zie hierboven) dient minimaal 6 maanden gereed te zijn; • De compensatiegronden dienen minimaal zes maanden voorafgaand aan het ontmoedigen ingericht te zijn; • De vluchtpijpen van de das worden in de minst kwetsbare periode (juli t/m november) ongeschikt gemaakt door de pijpen voor driekwart dicht te gooien met zand (onder begeleiding van een ter zake kundige ecoloog); • Vervolgens worden enkele cameravallen geplaatst voor tenminste 14 dagen; • Indien de pijpen 14 dagen niet meer zijn open gegraven door een das en er geen das op de camera te zien is, mag deze volledig worden ongeschikt worden gemaakt (bijv.

middels vergraven of dichtzetten met dassenraster). Dit ongeschikt maken dient te gebeuren binnen 2 dagen na afronding van het camera-onderzoek (onder begeleiding van een ter zake kundige ecoloog); • Vergraven/ongeschikt maken van de dassenpijp vindt plaats in de minst kwetsbare periode van de das (de periode juli-november); • Vergraven/ongeschikt maken vindt plaats tussen zonsopgang en zonsondergang, maar niet later dan 19.00; • Geen extra werkverlichting plaatsen; • Mocht tijdens het vergraven/ongeschikt maken toch een das worden aangetroffen dan dienen alle werkzaamheden per direct te worden stilgelegd en dient een plan van aanpak besproken te worden met de ter zake kundige ecoloog. 4.3

Maatregelen voor de das in de realisatiefase

Voor de centrale en westelijke deellocatie geldt dat de werkzaamheden gefaseerd worden opgestart, zie hoofdstuk 6. Voor de oostelijke deellocatie geldt dat, voordat kan worden begonnen met de realisatie alle maatregelen uit de voorbereidende fase zijn afgerond en dienen te functioneren. Hiermee wordt aanwezigheid van de das binnen de planlocatie voorkomen. Tijdens de uitvoerende fase zijn daarom geen extra maatregelen nodig voor de das. Enkel het onderhoud van de aangebrachte kunstwerken (wildroosters, faunatunnels, rasters en ontsnappingspoortjes) verdient aandacht, dusdanig dat de kunstwerken functioneel zijn en blijven.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 15 van 26

4.4

Maatregelen voor de das in de gebruikersfase

In de gebruikersfase verdient het onderhoud van de aangebrachte kunstwerken (wildroosters, faunatunnels, rasters en ontsnappingspoortjes) aandacht, dusdanig dat de kunstwerken functioneel zijn en blijven. 4.5

Duur van de maatregelen

Conform de ontheffing (voorwaarde 5) blijven de permanente compenserende maatregelen van kracht na afloop van de periode van de ontheffing. De compenserende maatregelen moeten dus blijven bestaan.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 16 van 26

5 5.1

MAATREGELEN VOOR VLIEGROUTE DIVERSE VLEERMUISSOORTEN Beschermde functies van vleermuizen op en nabij de onderzoekslocatie

Vleermuizen maken veelal gebruik van lijnvormige (donkere) landschapselementen als houtsingels, beken en lanen om zich te verplaatsen tussen verblijfplaatsen en foerageergebieden. Dergelijke potentiële vliegroutes zijn op de onderzoekslocatie aanwezig en onderzocht. De bomenlaan langs de Heierkerkweg, de Venrayseweg en een gedeelte van de bosrand aan de zuidgrens van de onderzoekslocatie (tot het gebouw van Enexis, zie Figuur 14) vormen een vliegroute voor gewone dwergvleermuizen (circa 5-7 individuen), laatvlieger (2-3 individuen) en watervleermuis (1-3). Bovendien maken gewone grootoorvleermuizen gebruik van de vliegroute langs de Heierkerkweg. Op alle vliegroutes werd tevens foerageeractiviteit vastgesteld, waardoor deze vliegroutes tevens een zijdelingse foerageerfunctie hadden.

Figuur 14. Onderzoeksresultaten diverse vleermuissoorten. De weergegeven vliegroutes bevatten tevens een foerageerfunctie. De weergegeven vliegroute werd gebruikt door gewone dwergvleermuizen (circa 5-7 individuen), laatvlieger (2-3 individuen), watervleermuis (1-3) en de individuen van de kraamkolonie gewone grootoorvleermuizen.

5.2

Maatregelen voor de voorbereidingsfase

Voor de vliegroute van diverse vleermuizen hoeven in de voorbereidingsfase geen extra maatregelen te worden genomen. Uitgangspunt is dat de vliegroute functioneel behouden blijft tijdens de realisatieen gebruikersfase (zie hieronder). Echter, optioneel kan de vliegroute langs de Heierkerkweg en/of de Venrayseweg versterkt worden door de aanplant van (inheemse) bomen.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 17 van 26

5.3

Maatregelen voor de realisatiefase

Om er zorg voor te dragen dat de vleermuizen, die in de huidige situatie gebruik maken van de vliegroute, zo weinig mogelijk worden benadeeld is het van belang dat de aanwezige vliegroute functioneel blijft. Kortom: de huidige vliegroutes dienen functioneel aanwezig te blijven. De maatregelen die hiervoor genomen worden betreffen: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

5.4

De opgaande begroeiing langs de huidige vliegroutes blijven duurzaam en functioneel gehandhaafd met uitzondering van twee toegangswegen in het centrale gedeelte; De twee toegangswegen dienen een maximale breedte te hebben van 30 meter tussen de stammen van de bomen; Extra verlichting zal alleen aangelegd worden waar het vanuit (verkeers)veiligheid noodzakelijk is (huidige verlichting blijft bestaan); Extra verlichting dient niet in lijn geplaatst te worden met de bomenrij die fungeert als vliegroute; Extra verlichting dient amberkleurig te zijn, maximaal 6 meter hoog, met gerichte en gebundelde lichtstralen d.m.v. aangepaste armaturen die gericht worden op de weg of industriepercelen, maar niet uitstralen (dus geen strooilicht) naar de vliegroutes; Er vinden geen werkzaamheden gedurende de schemer- en nachtelijke uren plaats waarbij de verlichting op de vliegroutes zal toenemen. Maatregelen voor de gebruikersfase

Ook in de gebruikersfase dient de vliegroute functioneel behouden zijn en te blijven. Hiervoor dient de verlichting van bedrijven niet uit te schijnen op de vliegroute. Dit kan bewerkstelligd worden door onder andere het gebruik van gerichte en gebundelde lichtstralen (aangepaste armaturen) die gericht worden op de weg of industriepercelen, maar niet uitstralen richting de vliegroute. 5.5

Duur van de maatregelen

Conform de ontheffing (voorwaarde 5) blijven de permanente compenserende maatregelen van kracht na afloop van de periode van de ontheffing. De compenserende maatregelen moeten dus blijven bestaan.

Rapport 8848.004 versie D3

Pagina 18 van 26

6

PLANNING MAATREGELEN

Voor de planning van de werkzaamheden wordt verwezen naar het activiteitenplan (8848.003, d.d. 20 juli 2020) en de ontheffing met kenmerk 2020-201791. Ter verduidelijking is hieronder cursief en in een grijstint nogmaals deze tekst opgenomen. Algemeen Binnen de gehele planlocatie dienen er geen werkzaamheden ’s nachts (of later dan 19:00 uur in geval het laat donker wordt) plaats te vinden. Tussen maart en augustus is broedseizoen en is het opstarten van werkzaamheden niet mogelijk (tenzij de planlocatie broedvogelvrij gehouden kan worden). Verder worden de werkzaamheden binnen de planlocatie gefaseerd opgestart. Voor onderverdeling van centrale, oostelijke en westelijke deellocatie: zie hoofdstuk 2.1. Realisatie faunatunnel onder N295 Voor de realisatie van de faunatunnel onder de N295 worden er werkzaamheden verricht op provinciale gronden. Hierdoor zal er afstemming moeten plaatsvinden tussen Provincie Limburg en het Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo. Na afstemming dient de faunatunnel bij voorkeur buiten de kwetsbare periode van de das (dus in de periode juli t/m november) gerealiseerd te worden. Indien niet mogelijk dienen mogelijk aanvullende maatregelen genomen te worden om buiten de kwetsbare periode te voorkomen dat de vluchtpijpen in het werkgebied in gebruik genomen worden door de das.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/499/documents/10815