CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

010 bijl 1 Financiele actualisatie GRP 2021-2031.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 16 juni 2021, gemeente VenloBij agendapunt: 4.h: 20.05 - 20.35 uur Financiële actualisatie Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) 2021-2031 (RV 2021-10)18.894 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeentelijk rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021-2031 Watersysteem in conditie, voorbereiden op de toekomst

zaak_id bericht_nummer bericht_id ZAAK_ZAAKNUMMER

datum 20-04-2021

Colofon Tekst: • •

Gemeente Venlo TAUW bv

zaak_id bericht_nummer bericht_id ZAAK_ZAAKNUMMER

datum 20-04-2021

Voorwoord Voor u ligt de financiële actualisatie van het Gemeentelijk rioleringsplan Venlo 2021-2031. Deze financiële actualisatie vervangt de exploitatie van het door de gemeenteraad in december 2017 vastgestelde financiële actualisatie GRP 2017-2026. Met het oog op een aantal ontwikkelingen is gekozen om nu na 3 jaar een financiële actualisatie op te stellen. Het betreft met name de ontwikkelingen op het vlak van klimaatadaptatie (mede op basis van de Agenda Groen & Water, de regionale samenwerking in de waterketen en de daartoe op te stellen uitvoeringsagenda’s). Op basis van deze actualisatie wordt de ruimte en het tempo van de ambities inzichtelijk. Daarnaast is de financiële doorvertaling van de basis op orde brengen in het stedelijke (oppervlakte)water volgens het beheerplan groen en water en de meerjarenbegroting 2021-2024 meegenomen. Behoudens de bijstelling op de actualiteiten blijft het in 2014 vastgestelde beleid ongewijzigd. Het GRP 2014-2023 “droge voeten in een gezonde leefomgeving, ambities afgestemd op financiën” kan dan ook als vigerend beleidsplan van kracht blijven met inachtneming van de deze geactualiseerde financiële exploitatie. Oorspronkelijk was op grond van de nota reserves en voorzieningen een herziening van de exploitatie middels een 3 jaarlijkse actualisatie, verplicht.

Bij de opstelling van het de actualisatie in 2017 is dat ook het uitgangspunt geweest. Op grond van de huidige (2018) nota reserves en voorzieningen is een actualisatie om de 5 jaar benodigd. In haar vergadering van 23 september 2020 is de Agenda Groen & Water door de gemeenteraad vastgesteld, waarin de ambities staan in welke mate en binnen welke termijn de gemeente Venlo klimaatbestendig wil worden. Hierbij is gekozen voor scenario C; Waarbij de focus ligt op de prioritaire knelpunten en het inspelen op kansen. Dit betekent actief herinrichten/renoveren openbare ruimte en gebouwen op basis van eerste prioritaire knelpunten uit klimaatscan, burgers actief stimuleren, klimaatadaptatie voorschrijven (voor zover mogelijk). In de voorliggende actualisatie exploitatie GRP zijn hiertoe reserveringen opgenomen, voor zover deze passen binnen de financiële kaders van de gemeentelijke begroting (2021-2024). De toekomst moet uitwijzen in hoeverre hiermee voldoende resultaat wordt behaald. Dit wordt bij de volgende actualisatie van het GRP wederom meegenomen. Momenteel wordt in de samenwerking Waterpanel Noord een Waterketenplan opgesteld, eventuele hieruit komende beleidsmatige aanpassingen worden in een volgende actualisatie meegenomen. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2022 komt de verplichte planvorm van het GRP te vervallen.

Dit is dan ook de laatste actualisatie van het GRP en exploitatie in deze vorm. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet komen hiervoor in de plaats de omgevingsvisie met bijbehorende programma’s en omgevingsplan. Een gemeentelijk riool en waterprogramma zal in de plaats van het GRP gaan komen. In deze financiële actualisatie is nader ingegaan op de nieuwe ontwikkelingen en hoe deze zijn verwerkt in de exploitatie 2021-2031. Met als werktitel Watersysteem in conditie, voorbereiden op de toekomst.

Inhoudsopgave 1 1.1 1.2 1.3

Inleiding.............................................................................................................................. 1 Verband met GRP 2014-2023 ............................................................................................. 1 Beleid GRP 2014-2023........................................................................................................ 1 Actualisatie 2020 ................................................................................................................. 4

2 2.1 2.1.1 2.1.2 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10

Ontwikkelingen 2017 en verder ........................................................................................ 5 Programma’s ....................................................................................................................... 5 Programma Leefbaar Venlo................................................................................................. 5 Programma Circulaire en duurzame hoofdstad ................................................................... 5 Agenda Groen & Water ....................................................................................................... 6 Samenwerking in de waterketen.......................................................................................... 7 Omgevingswet ..................................................................................................................... 8 Ontwikkelingen realisatie en beheer openbare ruimte ......................................................... 9 Leeftijd rioolstelsel ............................................................................................................. 11 Grondwater ........................................................................................................................ 11 Meten en monitoren...........................................................................................................

12 Rekenmodel riolering......................................................................................................... 13 Kader Richtlijn Water (KRW) ............................................................................................. 13

3 3.1 3.2 3.3 3.4

Financiële actualisatie GRP toelichting Financiën ....................................................... 14 Algemeen .......................................................................................................................... 14 Lasten................................................................................................................................ 15 Opbrengsten, toerekening en kostendekking .................................................................... 19 Risicoanalyse .................................................................................................................... 21

4 4.1 4.2 4.3

Voornaamste verschillen met exploitatie 2017 voor de diverse exploitatieonderdelen .......................................................................................................................................... 23 Inkomsten (baten):............................................................................................................. 23 Lasten (kosten) .................................................................................................................. 23 Vergelijking onder de streep .............................................................................................. 25

Bijlage 1

Stand van zaken uitvoeringsprogramma GRP (stand okt. 2020) .................................. 27

Bijlage 2

Toelichting kostenposten exploitatie riolering ............................................................. 30

Bijlage 3

Toelichting baten exploitatie riolering ........................................................................... 33

Bijlage 4

Exploitatie riolen 2020-2031............................................................................................ 34

Bijlage 5

Randvoorwaarden en uitgangspunten kostenberekening en exploitatie ................... 35

Bijlage 6

Beslisboom afkoppelen .................................................................................................. 36

Bijlage 7

Grondwaterparagraaf ...................................................................................................... 38

Bijlage 8

Overzicht gemengde externe overstorten oppervlaktewater ....................................... 42

1

Inleiding

1.1

Verband met GRP 2014-2023

In haar vergadering van 17 december 2014 heeft de gemeenteraad het verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2014-2023 inclusief de exploitatieopzet (kostenraming en prioritering) vastgesteld. In deze tweede (financiële) actualisatie1 is nader ingegaan op de nieuwe ontwikkelingen en hoe deze zijn verwerkt in de nieuwe exploitatie.

1.2

Beleid GRP 2014-2023

In 2014 is GRP 2014-2023 vastgesteld. Vanuit de wet Milieubeheer wordt voorgeschreven dat gemeenten hun rioleringstaken in een plan onderbouwen. Dit plan vormt de basis om op een doelmatige en verantwoorde wijze invulling te geven aan de (verbrede) gemeentelijke rioleringstaken. Deze taken worden volledig bekostigd uit de te heffen rioolheffing. In het GRP zijn een vijftal doelen geformuleerd, waarlangs de afval-, hemel- en grondwatertaken worden omschreven. 1. Doelmatige inzameling van binnen gemeentelijk geproduceerd stedelijk afvalwater. 2. Doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater. 3. Beperken van structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming in het openbaar gemeentelijk gebied. 4. Het transport van het ingezamelde water naar een geschikt lozingspunt/verwerkingspunt; waarbij: • Ongewenste emissies naar oppervlaktewater, bodem, grondwater zoveel mogelijk worden voorkomen. • Zo min mogelijk overlast voor de omgeving wordt veroorzaakt (in de breedste zin van het woord). 5. Doelmatig beheer en nastreven van duurzaamheid. Op basis van de hierboven genoemde doelen is op hoofdlijnen een vertaalslag gemaakt naar de benodigde maatregelen. Daarnaast is in het GRP inzichtelijk gemaakt welke kosten en opbrengsten gemoeid zijn om invulling te geven aan de gestelde doelen en ambities voor de komende periode.

Hierbij is onder meer rekening gehouden met: • Het prioriteren van maatregelen. • Het combineren van werkzaamheden. • Het meeliften met andere projecten, waar mogelijk. • Toetsing van maatregelen op doelmatigheid. • Nieuwe ontwikkelingen. Het beleid uit het GRP 2014-2023 vormt nog steeds een solide basis voor wat betreft de invulling van de gemeentelijke watertaken voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Onderstaand zijn de belangrijkste beleidsuitgangspunten weergegeven, aangescherpt op de ontwikkelingen zoals in hoofdstuk 2 beschreven. Afvalwater: • Alle percelen op gemeentelijk grondgebied moeten worden voorzien van een rioolaansluiting, tenzij het betreffende perceel een provinciale ontheffing heeft of lokale zuivering doelmatiger is. Voor panden op

• •

percelen met een afstand van meer dan 40 m tot de gemeentelijke riolering geldt geen (wettelijke) aansluitplicht. Ten aanzien van lozingen van afvalwater hanteert de gemeente de uitgangspunten conform de wettelijk geldende lozingseisen. Ten aanzien van de kwaliteit moet worden voldaan aan de geldende voorschriften en mag het te lozen water geen negatieve invloed hebben op het functioneren of de levensduur van het gemeentelijk stelsel, dan wel het zuiveringsproces bij de zuivering.

1 eerste financiële actualisatie in 2017

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

1

•

De gemeente streeft ernaar om ongewenste emissies naar oppervlaktewater, bodem en grondwater te beperken. Ook foutieve aansluitingen worden als ongewenste emissies bestempeld.

Hemelwater: • Het scheiden van hemelwater en afvalwater en het afkoppelen van het aangesloten verhard oppervlak van gemengde stelsels ziet de gemeente Venlo als een doelmatige manier om het hydraulisch en milieutechnisch functioneren van de riolering te verbeteren. •

Voor het afkoppelen van verhard oppervlak bij nieuwe ontwikkelingen, (concept) plannen en omgevingsvergunningen, hanteert de gemeente de ‘beslisboom afkoppelen’ zie bijlage 6. Met het oog op de invoering van de Omgevingswet zal deze worden geactualiseerd, waarbij rekening wordt

•

gehouden met de inzichten uit het waterketenplan (zie paragraaf 2.3 en 2.4) Er worden vanuit beheer openbare ruimte alleen (openbare) verhardingen afgekoppeld wanneer de werkzaamheden mee kunnen liften met wegonderhoud, wegreconstructies of gebiedsontwikkelingen en

•

budget beschikbaar is. De bestaande (gemengde) riolering is ontworpen op T=2 (bui 8 conform Leidraad Riolering van stichting RIONED). Voor nieuwe ontwikkelingen, bouwplannen en herinrichtingen geldt voor regenwater een klimaatbestendig ontwerp volgens de ambitie voor klimaatadaptatie uit de vastgestelde Agenda Groen & Water en de (ter vernieuwen) ‘beslisboom afkoppelen’. Voor een klimaatbestendig ontwerp (uitgangspunt T=100) geldt nadrukkelijk dat oplossingen in de (openbare) ruimte moeten worden gezocht, deze oplossingen zijn niet meer in het rioolstelsel zelf te nemen. Het gaat hierbij om de juiste afweging tussen; doelmatigheid, bewustwording bij burgers/bedrijven en zelfredzaamheid. Het handelingsperspectief en de rol van de gemeente wordt nader uitgewerkt in de nog te voeren risicodialogen, zie verder ook paragraaf 2.2, 2.3 en 2.4.

2

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

•

De gemeente hanteert de volgende acceptatieniveaus voor water op straat: Acceptatieniveau Hinder

Omschrijving Kortdurend water op straat van geringe omvang

Overlast

Ernstige hinder (zoals sterk met hemelwater verdund afvalwater op straat of stremming van een hoofdweg) en forse hoeveelheden water op straat

Schade

Kort- of langdurend water op straat van een dusdanige omvang dat er schade aan eigendommen optreedt en/of er essentiële (gebruiks-) functies uitvallen

Voorbeeld

2

Om te voorkomen dat hinder verergert tot overlast of uiteindelijk schade, monitort de gemeente de frequentie van hinder, overlast en schade in relatie tot de neerslag en onderneemt de volgende acties: • Hinder: geen. Vooralsnog wordt er niets gedaan, maar mocht een hinderlijke situatie bekend zijn, wordt hierop voor zover mogelijk geanticipeerd, wanneer andere noodzakelijke werkzaamheden op of nabij •

de locatie in de openbare ruimte worden uitgevoerd. Overlast: indien de overlast ernstiger is dan te verwachten is op basis van de gevallen neerslag, onderzoekt de gemeente welke maatregelen de overlast kunnen beperken. Maatregelen worden alleen

•

uitgevoerd indien investeringen in verhouding staan tot de geconstateerde overlast. Schade: de gemeente onderzoekt de oorzaak en omvang en bepaalt welke maatregelen de (kans op) schade in de toekomst kunnen voorkomen. Hierbij zoekt de gemeente zowel naar oplossingen in openbaar gebied als op particuliere terreinen. Maatregelen zijn gericht op het voorkomen van schade. Maatregelen worden alleen uitgevoerd indien de investeringen in verhouding staan tot de verwachte schade. Wat de gemeente hierin wel en niet doelmatig vindt, wordt nader uitgewerkt in de risicodialogen. Benodigde maatregelen krijgen een hogere prioriteit. Om de periode te overbruggen totdat maatregelen integraal kunnen worden uitgevoerd, kan indien mogelijk ook voor een (relatief eenvoudige en goedkope) tijdelijke maatregel worden gekozen.

2

Het betreft hierbij water op straat als direct gevolg van hevige neerslag dat over maaiveld afstroomt of uit het rioleringsstelsel op

straat komt en dus niet als gevolg van oppervlaktewaterlichamen die buiten hun oevers treden.

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

3

Grondwater: • Meldingen en vragen van burgers in relatie tot grondwater. (grondwaterloket) komen binnen bij het klantencontactcentrum. • •

•

De gemeente heeft een coördinerende rol tussen de (grond)waterbeheerders en de melder. Het structureel afvoeren van grondwater via het gemeentelijk riool naar de Rioolwaterzuivering ziet de gemeente als niet doelmatig. Bij voorkeur wordt het perceel aangepast aan de grondwatersituatie, zodat geen grondwater afgevoerd en getransporteerd hoeft te worden. Voor bronneringswater geldt dat schoon bronneringswater niet op het vuilwaterriool wordt geloosd, maar terug wordt gebracht in de bodem of wordt afgevoerd naar oppervlaktewater, in de praktijk zal dit echter niet altijd (doelmatig) mogelijk zijn.

Zie verder ook paragraaf 2.7 en bijlage 7.

1.3

Actualisatie 2021

In de voorliggende actualisatie zijn de nieuwste ontwikkelingen, zoals beschreven in hoofdstuk 2 verwerkt en vertaald in de financiële consequenties hiervan. Belangrijk onderdeel hiervan is de ambitiekeuze voor wat betreft klimaatadaptatie, zoals is vastgelegd in de Agenda Groen & Water (bij scenario C3). Een reservering voor maatregelen om hier concreet invulling aan te geven, mits gerelateerd aan de gemeentelijke zorgplichten voor stedelijk water, maken onderdeel uit van deze financiële actualisatie. Jaarlijks wordt een uitvoeringsprogramma ter goedkeuring aan het college voorgelegd. Een uitvoeringsprogramma geeft een nadere uitwerking van de exploitatie waarin voor het betreffende jaar concreet is aangegeven welke voorzieningen worden aangelegd, welke onderzoeken worden uitgevoerd en welke instandhoudingsmaatregelen worden getroffen. In overeenstemming met het vastgestelde beleidskader binnen de gemeente Venlo wordt een (financiële) actualisatie van het plan tenminste iedere vijf jaar aan de gemeenteraad voorgelegd. Voor het GRP wordt een financiële actualisatie van iedere vier jaar nagestreefd en voldoet hiermee aan het beleidskader. De actualisatie betreft echter altijd een momentopname, in dit geval gebaseerd op informatie januari 2021.

Nieuwe ontwikkelingen en informatie, zoals bijvoorbeeld de vaststelling van het Waterketenplan NoordLimburg in 2021, kunnen consequenties hebben voor de exploitatie. Waar nodig zal het beleid en/of de exploitatie hierop worden bijgesteld. In bijlage 1 is een overzicht opgenomen van de stand van zaken van het uitvoeringsprogramma GRP (stand februari 2021).

3 Zie verder paragraaf 2.2

4

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

2 Ontwikkelingen 2017 en verder Ten opzichte van het in 2014 vastgestelde GRP en de financiële actualisatie hiervan in 2017, hebben ontwikkelingen plaatsgevonden die leiden tot bijstellen van het beleid en of die effect hebben op de exploitatie. De belangrijkste ontwikkelingen van de afgelopen tijd en voor de toekomst zijn hierna genoemd, deze zijn in de navolgende paragrafen in hoofdlijnen toegelicht: 1. Programma’s • Programma Leefbaar Venlo • Programma Circulaire en duurzame stad, waaronder Klimaatadaptatie 2. Agenda Groen & Water 3. Samenwerking in de waterketen → regionaal waterketenplan 4. Omgevingswet 5. Ontwikkelingen realisatie en beheer openbare ruimte (IVOR, IBOR, Beheerplan groen en water) 6. Leeftijd rioolstelsel 7. Grondwater 8. Meten en monitoren 9. Rekenmodel riolering 10. Kader Richtlijn Water (KRW)

2.1

Programma’s

In de kadernota 2021 zijn zes programma’s benoemd, welke een grote onderlinge inhoudelijke samenhang kennen. Voor het GRP zijn de programma’s ‘Leefbaar Venlo’ en ‘Circulaire en duurzame hoofdstad van belang. In de volgende sub paragrafen is nader op deze programma’s ingegaan.

2.1.1

Programma Leefbaar Venlo

Het programma Leefbaar Venlo richt zich met namen op een schone, hele, veilige en bereikbare stad met goede en voldoende woonruimte voor allen die in Venlo wonen en/of werken. Daarnaast richt het zich op een goede dienstverlening door de lokale overheid. Het programma leefbaar Venlo kent de volgende vijf programmalijnen: 1. Programmalijn Dienstverlening 2. Programmalijn Openbare orde en veiligheid 3. Programmalijn Wonen 4. 5.

Programmalijn Omgeving Programmalijn Bereikbaarheid

Groen en water zijn ook belangrijke onderdelen binnen het Programma Leefbaar Venlo. Voor deze financiële actualisatie is met name de programmalijn Omgeving van belang zie verder ook paragraaf 2.5. De programmalijn is gericht op het op orde brengen en houden van de basiskwaliteit van het beheer van de openbare ruimte, conform de vastgestelde kwaliteit in de vigerende beheerplannen. Hierbij zoekt de gemeente actief naar mogelijkheden om bij maatregelen ten behoeve van het op orde brengen of te houden van de basiskwaliteit van de openbare ruimte of de aanpak van ervaren knelpunten te combineren met de aanpak van andere thema’s zoals bijvoorbeeld klimaatadaptatie.

2.1.2

Programma Circulaire en duurzame hoofdstad

Binnen dit programma draait het om het bereiken van bewustwording en draagvlak voor verduurzaming, met als doel de (nationale) klimaatambities te verwezenlijken. De gemeente zet hierbij in op het in beweging krijgen van de massa, het meedoen en faciliteren en ondersteunen. Hiermee streeft de gemeente naar het leveren van een optimale bijdragen aan zowel de nationale als de eigen ambities en doelstellingen. Door jaarlijks het actieplan te actualiseren wil de gemeente beter aangeven hoe zij de ambities over een tijdvak van tien jaar globaal gaat realiseren. Hiermee brengt de gemeente scherper in beeld wat de opgaven zijn die op de gemeente afkomen de komende jaren en wat die vergen aan capaciteit en financiële middelen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat duurzaam en circulair handelen steeds meer de norm wordt. Dit betekent niet alleen dat duurzaamheid/circulariteit prominenter zal terugkomen in de andere programma’s

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

5

en onderdeel dient te zijn van het dagelijks handelen, maar dat betekent ook dat duurzaamheidsnormen wettelijk vastgelegd gaan worden met als gevolg dat handhaving van deze nieuwe regelgeving opgepakt dient te worden. Deze nieuwe wijze van handelen zal doorwerken in de organisatie en op onderdelen extra inzet en/of capaciteit vragen. Het programma circulaire en duurzame hoofdstad kent de volgende drie programmalijnen: 1. Programmalijn Energietransitie 2. Programmalijn Klimaatadaptatie 3.

Programmalijn Circulariteit

Voor deze financiële actualisatie is met name de programmalijn Klimaatadaptatie van belang zie verder ook onderstaand. Voor programmalijnen Energietransitie en Circulariteit geldt dat hiermee zoveel mogelijk rekening is gehouden met het uitvoeringsprogramma en waar mogelijk wordt gezocht naar integrale meekoppelkansen. klimaatadaptatie In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) 2018 is landelijk de ambitie vastgelegd om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht te zijn. Klimaatadaptatie richt zich op het voorkomen of beperken van de effecten van klimaatverandering. Zomers worden heter en droger, winters juist natter en de kans op extreem weer neemt toe. Vanaf 2020 moet de gemeente klimaatadaptief handelen. Dit betekent dat klimaatbestendigheid en waterrobuust inrichten vaste onderdelen moeten zijn bij ruimtelijke (her)ontwikkelingen, waarbij beleid, uitvoering en beheer moeten hier hand-in-hand gaan. Conform afspreken in het DPRA dient de gemeente vanaf 2050 klimaatbestendig te zijn – dat betekent dat risico’s van weersextremen aanvaardbaar, draagbaar en beheersbaar zijn. Dit vereist de komende jaren grote lokale en regionale ruimtelijke aanpassingen. De gemeente heeft dit vertaald naar een actieve, maar realistische en uitvoerbare strategie, verwoord in de Agenda Groen & Water, zie paragraaf 2.2.

2.2

Agenda Groen & Water

De gemeente Venlo moet klimaatbestendig worden. Om dit te bereiken zijn groen en water essentieel, het is dan ook nodig om ruimte te maken voor groen en water in het stedelijk gebied en hierin te investeren. Om hier invulling aan te geven is de Agenda Groen & Water opgesteld. Met de Agenda Groen & Water verbreedt Venlo de traditionele koers van het groen- en waterbeleid en richt zich meer op functionaliteit, want groen en water dragen bij aan heel veel verschillende doelen. Op basis hiervan heeft de gemeente gekozen voor een multifunctionele groenblauwe basisstructuur, zodat: • De gemeente het kapitaal van groen en water beter kan benutten en versterken • De gemeente (h)erkent de economische waarde van groen en water • Groen en water is het ruimtelijk vastgoed en dat vraagt een goed beheer. In de Agenda Groen & Water zijn 7 agendapunten uitgewerkt. Voor het GRP is met name klimaatadaptatie van belang, dat valt onder agendapunt 2: ‘Stad van de toekomst’. Groen en water zijn noodzakelijk voor een aantrekkelijke duurzame en klimaatbestendige stad. De gemeente wil het groen en water dan ook benutten voor het opvangen van nieuwe vraagstukken zoals klimaatverandering en veranderende behoeften van de maatschappij. Voor klimaatadaptatie zijn in de Agenda groen & Water 4 scenario’s uitgewerkt.

Gekozen is voor scenario C; Actief herinrichten/renoveren openbare ruimte en gebouwen op basis van eerste prioritaire knelpunten uit de klimaatscan, burgers actief stimuleren, klimaatadaptatie voorschrijven (voor zover mogelijk). Uitgangspunt hierbij is dat niets doen geen optie is, echter om alle locaties waar wateroverlast optreedt volgens de stresstesten direct op te lossen is niet betaalbaar. Scenario C zet in op een klimaatbestendige stad, maar kiest voor een realistische en uitvoerbare strategie, waarbij de focus ligt op de prioritaire knelpunten en inspelen op kansen. De prioritaire knelpunten worden bepaald op basis van de klimaatscan, verdere doorrekening en de te voeren risicodialogen. In dit scenario is rekening gehouden met nog nader te bepalen in te brengen financiële middelen op basis van concrete plannen en programma’s. In deze financiële actualisatie van het GRP zijn middelen voor klimaatadaptatiemaatregelen gereserveerd voor zover deze water gerelateerd zijn. Deze zijn gebaseerd op een realistische en uitvoerbare planning van klimaatmaatregelen op basis van scenario C van de Agenda Groen & Water. Dit is ook het uitgangspunt bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie (zie par 2.3). Belangrijk

6

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

vertrekpunt hierbij is dat de gemeente niet alles alleen kan doen, maar dat andere stakeholders zoals bewoners en bedrijven ook aan zet zijn. Een deel van de strategie is dan ook gericht op het vergroten van bewustwording over enerzijds de gevolgen van klimaatverandering met de bijbehorende risico’s, anderzijds over wat perceeleigenaren zelf op eigen terrein kunnen doen.

2.3

Samenwerking in de waterketen

In Waterpanel Noord werken de Noord- en Midden Limburgse gemeenten, het Waterschap Limburg, het zuiveringsbedrijf WBL en het Limburgs drinkwaterbedrijf WML met elkaar samen. De waterketen bestaat uit alle schakels die nodig zijn om water te winnen en uiteindelijk na gebruik en eventueel zuivering weer te lozen in het watersysteem. De basis van deze samenwerking gaat terug naar het Nationaal bestuursakkoord water uit 2011. De samenwerking in de waterketen heeft als doelstellingen om kostenbesparing te realiseren, de dienstverlening en duurzaamheid te vergroten, de kwetsbaarheid van organisaties vanwege personele krapte te verminderen waarbij ook de klantvriendelijkheid hoog in het vaandel staat. In Waterpanel Noord verband wordt gewerkt aan het afstemmen van watertaken om te komen tot integraal waterbeheer. De afgelopen GRP-periode zijn de volgende stappen gezet in de regionale samenwerking: Opstellen Waterketenplan Momenteel wordt binnen Waterpanel Noord (WPN) gewerkt aan een waterketenplan. Het waterketenplan is een ambitiedocument met bijbehorende gezamenlijke beleidsuitgangspunten van de deelnemende gemeenten, het waterschap, het waterschapsbedrijf en de waterleidingmaatschappij Limburg op het gebied van de zorgplichten en wettelijke taken omtrent water en klimaatadaptatie.

Daarnaast wordt het Waterketenplan verder vertaald naar een gezamenlijk meerjarig uitvoeringsprogramma, waarin de gezamenlijke doelen van de partners zijn vertaald naar concrete (meetbare) acties. Het waterketenplan met uitvoeringsplan geeft aan wat de partners willen bereiken met de waterketen en hoe dat de komende jaren te doen. Daarnaast worden gezamenlijke procesafspraken voor de watertoets/klimaattoets opgesteld in de vorm van een handreiking klimaattoets. Naast aandacht voor de procesafspraken dient de handreiking ervoor dat initiatiefnemers bij ontwikkelingen aan de voorkant al nadenken over het nemen van klimaatmaatregelen. Tevens worden de afspraken uit het bestuurlijk convenant ‘samenwerken in de waterketen’ (maart 2016) geëvalueerd om te komen tot een kwaliteitsverbetering van het samenwerkingsverband met als doel afspraken te maken over hoe de komende periode invulling wordt gegeven aan de samenwerking. Uitvoeringsagenda klimaatadaptatie Vanuit de regionale samenwerking wordt parallel aan het waterketenplan de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie Waterpanel Noord opgesteld. Het uitvoeringprogramma geeft invulling aan de eerste gezamenlijke stappen naar een klimaatrobuuste omgeving in 2050. In het uitvoeringsprogramma worden naast de regionale maatregelen ook de lokale maatregelen opgenomen. Het opstellen van een uitvoeringsagenda is een iteratief proces.

Landelijk is bepaald dit om de zes jaar te herhalen. Een uitvoeringsagenda bevat de concrete maatregelen waarmee de gevolgen van klimaatverandering de komende jaren wordt aangepakt. Vanuit WPN wordt samen met de regionale partners gewerkt aan een regionale uitvoeringsagenda. Daarnaast wordt voor iedere gemeente een lokale uitvoeringsagenda opgesteld. Hiervoor worden op basis van de informatie uit de stresstesten risicoanalyses gemaakt. Hierin worden knelpunten bepaald en oplossingsrichtingen voorgesteld. In risicodialogen met de stakeholders worden de risico’s bepaald en strategische keuzes voorgesteld voor te nemen klimaatadaptieve maatregelen. Het streven is om de regionale en lokale uitvoeringsagenda’s in het voorjaar van 2021 bestuurlijk vast te stellen. Uitkomst van de risicodialoog kan zijn dat extra middelen moeten worden opgenomen in de volgende actualisatie van het GRP, de gemeente kan er ook voor kiezen dat de exploitatie kaderstellend is, dan moet het uitvoeringsprogramma hier op worden aangepast. Bovendien mogen wettelijk gezien alleen de water gerelateerde maatregelen uit de GRP-exploitatie worden bekostigd (zie paragraaf 3.3 ). Met water gerelateerde maatregelen wordt bedoeld maatregelen die invulling geven aan de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater.

Voor niet water gerelateerde adaptatie maatregelen zoals bijvoorbeeld het voorkomen van hitte-stress zijn mogelijk aanvullend andere middelen nodig. Sommige maatregelen kunnen zowel een gunstig effect hebben op water als op het voorkomen van hitte-stress. Bijvoorbeeld het omvormen van naar riolering afwaterende verharding naar groen (groen voor grijs).

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

7

Voortzetting stimuleringsregeling afkoppelen hemelwater – onderdeel van ‘Waterklaar4’: De stimuleringsregeling is gericht op het afkoppelen van hemelwater bij particulieren De regeling voorziet in een verdubbeling van de gemeentelijke subsidiebijdrage door het waterschap voor de initiatiefnemer. Eind 2020 heeft een evaluatie van de regeling plaatsgevonden, de resultaten worden meegenomen bij de opzet van een eventueel vervolg na 2021. De lasten gemoeid met deze subsidieregeling en de uitvoering ervan zijn meegenomen in deze actualisatie van het GRP. Gezamenlijk uitvoeringsprogramma Water Panel Noord 2020-2023: In de samenwerking zijn/worden de onderstaande projecten opgepakt: • Project 'Waterklaar' Communicatie (Regionale communicatiecampagne anders omgaan met regenwater, waarvoor de regionale website ‘waterklaar.nl’ is opgezet. • • •

Project 'Samenwerking Gemalenbeheer' Project 'Waterketenplan Limburg Noord Project uitvoeringsagenda klimaat WPN (Follow-up stresstest)

• •

Project 'Grondwatermeetnetten fase 3' Pilot gezamenlijk meetplan Limburg Noord loopt nog (gestart voor 2020)

Deze projecten zullen ook onderdeel zijn van de op te stellen uitvoeringsagenda bij het waterketenplan, deze projecten zijn meegenomen in de exploitatie van het GRP. Daarnaast zijn beperkt middelen gereserveerd voor enkele project verkenningen (initiatief fase projecten) en voor enkele nieuwe projecten die nader worden ingevuld op basis van het waterketenplan.

2.4

Omgevingswet

Door verdere vereenvoudiging van het omgevingsrecht gaan de Wet Milieubeheer en de Waterwet (naar verwachting per 1 januari 2022) op in de Omgevingswet. De Omgevingswet stelt, veel meer dan de traditionele ruimtelijke ordening, de fysieke omgeving centraal. Deze wetswijziging heeft als direct gevolg dat de planverplichting voor het GRP komt te vervallen. De Gemeentewet blijft wel van kracht na invoering van de Omgevingswet. Om de juiste heffing te bepalen is inzicht in de werkzaamheden en planning noodzakelijk. Een rioleringsplan of programma blijft daartoe nodig. Deze actualisatie is een voorbereiding op de overgang naar een riolering en water programma. In de Omgevingswet worden nieuwe instrumenten geïntroduceerd, waaronder de omgevingsvisie, het omgevingsprogramma en het omgevingsplan: • Omgevingsvisie: strategische en langetermijnvisie op de gehele fysieke leefomgeving • Omgevingsprogramma: de gemeente kan in het programma het beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving nader uitwerken. In

•

een programma Water en Riolering kan de gemeente een vervolg geven aan hetgeen nu in het GRP vastgesteld ligt Omgevingsplan: Het omgevingsplan bevat alle regels over de fysieke leefomgeving die de gemeente stelt binnen haar grondgebied, dus ook regels over riolering en stedelijk water. Er zijn ook regels die niet in het omgevingsplan passen, zoals de rioolheffingsverordening en de verordening eenmalig aansluitrecht riolering. Dit betreffen namelijk belastingverordeningen waarvan is bepaald dat deze buiten het omgevingsplan blijven. Voor de implementatie van de Omgevingswet volgt de gemeente de VNG-lijst ‘Minimale acties Omgevingswet voor gemeenten’. Hiervoor heeft de gemeente al een ruimtelijke structuurvisie opgesteld en werkt momenteel aan een pilot voor het opstellen van het omgevingsplan.

De in bijlage 6 opgenomen Afkoppelbeslisboom Gemeente Venlo wordt gezien als beleidsregel ten behoeve van het nog op te stellen omgevingsplan. De beslisboom zal worden geactualiseerd in 2021 op basis van de gekozen ambitie voor klimaatadaptatie in de vastgestelde Agenda Groen en Water, de

4 Waterklaar is een initiatief in Noord-Limburg wat bij moet dragen aan het behalen van de stedelijke wateropgave

en het klimaatbestendig maken van de leefomgeving, door het water vast te houden in de haarvaten van het watersysteem.

8

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

resultaten uit de te voeren risicodialogen en de resultaten uit het waterketenplan in de regionale samenwerking.

2.5

Ontwikkelingen realisatie en beheer openbare ruimte

Integrale Visie Openbare Ruimte (IVOR) Op dit moment heeft de gemeente geen integrale visie op de openbare ruimte, alleen sectorale beleidsvisies. Door onder andere de onderstaande punten is het wenselijk om een IVOR op te stellen: • Het veranderend gebruik en toenemende druk van de openbare ruimte • Samenbrengen en afstemmen van de aspecten over openbare ruimte (waaronder stedelijk water en klimaatadaptatie) uit de diverse beleidsvisies • •

De noodzaak om de functionaliteit van de openbare ruimte beter te benutten en in balans te brengen De inrichting van de openbare ruimte houdt meer rekening met de thema’s van de toekomst zoals gezondheid, ontmoeting en actieve leefstijl

•

Het verbeteren van zowel de interne als externe samenwerking

Het IVOR bevat ambities en richtlijnen voor ontwikkeling en beheer van de openbare ruimte. Hiermee dient het IVOR als kader voor het opstellen van beheer- en meerjarenplannen openbare ruimte en daarmee het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte. De vaststelling van de IVOR is gepland in de eerste helft van 2021. Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2021-2024 (IBOR) Omdat er ambtelijk behoefte is om de beheer- en meerjarenplannen onder een integrale paraplu te brengen, stelt de gemeente een IBOR op. De kaders en ambities uit het IVOR vormen hiervoor de basis. Met het IBOR kan regie gevoerd worden op integraal beheer en daarmee op het gebruik van de openbare ruimte. Het concept IBOR 2021-2024 omschrijft de Venlose beheerstandaard en onderbouwt hoe de beschikbare budgetten hierop worden ingezet. de daarvoor benodigde budgetten voor dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingen. Via de beheerplannen worden eventuele tekorten via de begrotingscyclus ter besluitvorming voorgelegd. Het plan moet ervoor zorgen dat er voldoende middelen beschikbaar zijn om de Venlose openbare ruimte veilig en functioneel te onderhouden, zonder dat kapitaalvernietiging plaatsvindt. De vaststelling van het IBOR is gepland in de tweede helft van 2021. Het IBOR is voor stedelijk water en riolering mede gebaseerd op het GRP.

De GRP budgetten maken geen onderdeel uit van de beheerbudgetten in IBOR, aangezien de exploitatie GRP haar eigen wettelijke grondslag heeft (zie verder hoofdstuk 3). Uitgangspunt is dat conform de uitgangspunten van het IBOR, de uitvoeringsplanning van het GRP tegelijkertijd en integraal wordt afgestemd met de overige beheercomponenten in de openbare ruimte. In het IBOR is ook uitgewerkt hoe we als aanhaking op IVOR en IBOR invulling geven aan participatie bij projecten, waaronder samenwerking, integrale afwegingen, wijkgericht werken, de samenlevingsagenda en uitvoering van Meldingen openbare ruimte. Door de openbare ruimte integraal te benaderen en ook andere (maatschappelijke) ontwikkelingen meer mee te nemen dienen ook beheermaatregelen in de openbare ruimte breder/integraler te worden afgewogen. In sommige gevallen kan synergie worden bereikt wanneer diverse beheermiddelen en middelen voor stedelijke vernieuwing kunnen worden gecombineerd. De noodzaak van veiligheid en bewaken van de ondergrens blijft hierin echter de hoogste prioriteit hebben, zodat uitval en disfunctieneren wordt voorkomen. De rol van de rioolbeheerder verschilt dan telkens: • Keuze relining; rol beheerder stedelijk water • Keuze afkoppelen; rol partner waterketen/ beleidsuitvoerder klimaat adaptatie •

Keuze vervanging; rol beheerder stedelijk water/mederegisseur openbare ruimte

Hieronder enkele voorbeelden: • Maatregelen bij een verouderd riool met gebreken: nu kiezen voor renoveren zonder graafwerk (relinen); weinig overlast, snel en lagere kosten ten opzichte van vervanging. Op een later moment kan daarbij alsnog worden afgekoppeld zonder kapitaalvernietiging, bijvoorbeeld in combinatie met wegonderhoud.

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

9

•

Bij vervanging in combinatie met herinrichting openbare ruimte direct verhard oppervlak afkoppelen, maar direct ook klimaatmaatregelen groen en water (klimaatadaptatie) meenemen, door aanpassing van het wegprofiel op basis van de nieuwe inzichten. Dit kan een onvoorziene hogere of vervroegde bijdrage vanuit het GRP betekenen ten opzichte van renoveren zonder graafwerk.

Beheerplan Groen en Water 2021-2025 In het beheerplan Groen en Water 2021-2025 heeft de gemeente aangegeven wat nodig is om de basis voor groen en (oppervlakte)water op orde te brengen en te houden. Het beheerplan Groen en Water 20212025 beschrijft de minimale basiskwaliteit voor de verschillende beheertype en een concreet actieplan om dit te bereiken. Onder de basis op orde wordt nadrukkelijk ook bedoeld dat groen en water toekomstbestendig moeten zijn. De kosten gerelateerd aan de zorgplichten van het GRP voor de in het beheerplan Groen en Water opgenomen wateronderdelen zijn in deze financiële actualisatie meegenomen. Dit betreffen de onderdelen; waterlopen, watervlaktes, oevers of slootkanten, greppels of droge sloten, waterbodems, wadi’s, groene infiltratie en retentievoorzieningen en (kleine) duikers.

Positionering GRP Het gemeentelijk rioleringsplan is een plan met componenten op tactisch niveau en onderdelen op operationeel niveau. Op operationeel niveau wordt invulling en uitvoering gegeven aan de gemeentelijke waterzorgplichten (afvalwater, regenwater en grondwater) daarbij worden de kaders gevolgd uit de raadsprogramma’s (met name Leefbaar Venlo en Circulaire en duurzame hoofdstad) en diverse beleidsnota’s (Agenda groen en water). De positie van het GRP en haar jaarlijks uitvoeringsprogramma is in het onderstaande schema weergegeven.

G R P

UVP GRP Figuur 2.1 positie GRP en jaarlijks uitvoeringsprogramma

In het GRP zijn gelet op de maatschappelijke ambities vijf doelstellingen opgenomen. Vanuit die doelstellingen zijn in het GRP ook kaders en uitgangspunten omschreven. Voorbeelden hiervan zijn: • Omgang afvalwater in het buitengebied/niet gerioleerd gebied • Invulling hemelwaterzorgplicht • Vereiste regenwaterberging bij nieuwe initiatieven • Afwegingskader maatregelen grondwaterzorgplicht • Aanpak terugdringen vuiluitworp via riooloverstorten naar oppervlaktewater • Wijze van cyclisch beheer op basis van inspecteren, maatregelen bepalen, uitvoeren

10

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

Op basis van het GRP wordt uitvoering gegeven aan de dagelijkse/cyclische beheermaatregelen. Daarnaast worden planmatige maatregelen opgenomen en uitgevoerd op basis van jaarlijkse uitvoeringsplannen.

2.6

Leeftijd rioolstelsel

Iedere 5 jaar wordt op basis van de jaarlijkse inspectieresultaten vrijvervalriolering een prognosematrix uitval geactualiseerd. Aan de hand van de matrix wordt een prognose gemaakt voor de te verwachte uitval van leidingen en putten. De uitval blijft op de korte termijn beperkt, mede door alle instandhoudingsmaatregelen van de afgelopen periode en door de leeftijdsopbouw van het stelsel. Op de lange termijn blijkt op basis van de matrix wel meer uitval op te treden. Het verkregen beeld uit de matrixanalyse is gebruikt voor het bijstellen van de financiële reservering instandhouding. Zodra de komende jaren uit nieuwe inspectieresultaten een significante stijging van schadebeelden hier aanleiding toe geeft, zal hierop worden geanticipeerd bij de eerstvolgende financiële actualisatie. Op deze wijze wordt ‘de vinger aan de pols gehouden’.

2.7

Grondwater

De afgelopen periode zijn er ten aanzien van de grondwaterzorgplicht een drietal onderzoeken uitgevoerd: 1. Onderzoek optimalisatie peilbuisbeheer Venlo: het onderzoek met name gericht om te kijken of een efficiency slag (laaghangend fruit) mogelijk is op de toegepaste werkwijze. 2. Onderzoek naar effecten op het grondwater als gevolg van stedelijke ontwikkeling en klimaat, met name gericht op hoe Venlo invulling geeft aan de grondwaterzorgplicht. 3. Daarnaast neemt Venlo deel aan het, binnen de regionale samenwerking opgepakt onderzoek naar gezamenlijk peilbuisbeheer. De resultaten van deze drie onderzoeken hebben geleid tot een nieuwe invulling van de grondwaterzorgplicht. In bijlage 7 is het beleid opgenomen, figuur 2.1 toont een stroomschema waaruit af valt te lezen wanneer de gemeente wel en niet verantwoordelijk is voor het treffen van grondwatermaatregelen.

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

11

Figuur 2.2 stroomschema grondwatermaatregelen

De gemeente beschikt over een eigen grondwatermeetnet dat niet volledig gebied dekkend is, maar dat de gemeente wel voldoende inzicht verschaft in de grondwaterstand. Hiertoe zijn ca. 45 peilbuizen voorzien van een datalogger die dagelijks (digitaal) kunnen worden uitgelezen. De kosten voor het vervangen, uitbreiden en uitlezen van de peilbuizen zijn meegenomen in deze financiële actualisatie.

2.8

Meten en monitoren

Behalve een grondwatermeetnet wil de gemeente steeds meer aan de riolering gaan meten. Op deze manier ontstaat een groter inzicht in het functioneren van de riolering. Bovendien kan door middel van sturing de berging in het rioolsysteem beter worden benut. Hierdoor kunnen lozingen via de gemeentelijke overstorten naar oppervlaktewater worden gereduceerd. Ook verschaft het meten meer inzicht in het stelselgedrag, op grond waarvan de gemeente met meer inzicht maatregelen kan afwegen. Hierdoor kunnen benodigde investeringen op een meer verantwoorde en doelmatige wijze worden gemaakt. In de financiële actualisatie is rekening gehouden met een uitbreiding op meten en monitoren, zowel qua financiële middelen als qua personele capaciteit.

12

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

2.9

Rekenmodel riolering

De gemeente heeft voor het verkrijgen van inzicht in de gevolgen van de klimaatveranderingen deelgenomen aan de regionaal uitgevoerde stresstesten5. In het rekenmodel dat ten grondslag ligt aan deze stresstesten is echter de invloed van de riolering niet meegenomen. Om deze invloed wel mee te kunnen nemen heeft de gemeente een rekenmodel opgesteld en stresstestberekeningen voor regenwateroverlast uitgevoerd waarin zowel de riolering als de bovengrondse inrichting is opgenomen. Hiertoe is allereerst het rekenmodel van de riolering opnieuw opgebouwd met actuele gegevens (waaronder een nieuwe inventarisatie van afstromend verhard oppervlak). Dit rekenmodel van het rioolstelsel is opgebouwd in de rekensoftware InfoWorks ICM. Dit vernieuwde rioolmodel (model van de ondergrondse infrastructuur) is vervolgens uitgebreid met een maaiveldmodel (model van de bovengrond). Met dit nieuwe integrale rekenmodel kan de gemeente in InfoWorks ICM zogenaamde 1D-2D berekeningen laten uitvoeren, waarbij zowel de riolering als de afstroming over maaiveld wordt doorgerekend. Dit nieuwe model stelt de gemeente in staat om in te zoomen op de uit de stresstest naar voren gekomen gevoelige locaties voor wateroverlast en deze berekeningsresultaten te analyseren. De rekenresultaten vormen input bij afwegingen binnen de risicodialogen.

Daarnaast dient het InfoWorks-ICM-model voor de nadere uitwerking en toetsing van de maatregelen voor het uitvoeringsprogramma.

2.10

Kader Richtlijn Water (KRW)

In 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water in werking getreden. De KRW heeft tot doel de kwaliteit van de oppervlaktewateren en het grondwater in de Europese Unie te beschermen en te verbeteren. In beginsel dient het watersysteem in 2015 kwalitatief (chemisch en ecologisch) op orde te zijn. De KRW biedt onder voorwaarden een mogelijkheid tot fasering (tot 2027). De lozing van rioolwater door overstorten is één van de bronnen die een negatieve invloed hebben op de kwaliteit van het oppervlaktewater. Voor de gemeente Venlo zijn in het verleden in overleg met het waterschap KRW-maatregelen bepaald. Hierbij werd uitgegaan van de volgende richtlijnen: • Voor niet kwetsbare wateren: voldoen aan de basisinspanning • •

Voor kwetsbare wateren: Voor zeer kwetsbare wateren:

voldoen aan T=2 (max. 1 × per 2 jaar overstorten) voldoen aan T=5 ( max. 1 × per 5 jaar overstorten)

Sinds het Bestuursakkoord Water (2011) ligt de focus op doelmatig water(keten)beheer: Doen we de goede dingen en doen we de dingen goed? Dit heeft onder andere geleid dat overgegaan is van een sterk normatief beleid naar een meer effectgerichte benadering. Voor Waterschap Limburg heeft dit geleid tot de redeneerlijn-methode. Het vertrekpunt voor de Redeneerlijn wordt gevormd door een ecologische toetsing van de invloed van riooloverstortingen op de aquatische leefomgeving van het ontvangend oppervlaktewater. De ecologische toets gaat, ten opzichte van bestaande methoden, in op de complexiteit van het ecosysteem en de betreffende interacties. Hierdoor wordt maatwerk per overstortlocatie geboden. Daarnaast staan waterkwaliteitsdoelen centraal en is een doelmatige aanpak met een goede kosten-batenafweging mogelijk. De komende periode gaat de gemeente samen aan de slag met Waterschap Limburg om voor Venlo de redeneerlijn verder uit te werken, voor die overstorten waar tot op heden nog geen maatregelen zijn getroffen. Dit moet leiden tot afspraken tussen waterschap en gemeente over de streefwaarden qua emissie en/of (kosten)efficiënte maatregelen. Het verder afkoppelen van verhard oppervlak heeft sowieso een positief effect op het behalen van de KRW-doelstellingen. De gemeente neemt bij voorkeur bronmaatregelen boven ‘end-of-pipe’ oplossingen.

In de exploitatie zijn voor een aantal overstortlocaties middelen voor afkoppelen gereserveerd. Een overzicht van de overstorten op oppervlaktewater is als bijlage 8 opgenomen.

5

De resultaten zijn in de vorm van een klimaatatlas beschikbaar gesteld via de website van het Waterpanel Noord: https://www.waterklaar.nl/noord/klimaatkaart

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

13

3

Financiële actualisatie GRP toelichting Financiën

3.1

Algemeen

De belangrijkste ontwikkelingen van het waterbeleid voor gemeenten zijn genoemd in het beleidsonderdeel van het verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2014-2023. Het beleid uit het GRP 2014-2023 vormt nog steeds de basis voor wat betreft de invulling van de gemeentelijke watertaken voor afvalwater, hemelwater en grondwater, aangescherpt op de ontwikkelingen zoals in hoofdstuk 2 beschreven. Zoals aangegeven betreft de huidige actualisatie vooral een financiële actualisatie. Bij de beschrijving van de inkomstenkant ter dekking, zijn tevens de consequenties voor de rioolheffing op korte termijn aangegeven, met een doorkijk voor de langere termijn. Belangrijkste uitgangspunt bij het bepalen van de baten is 100% kostendekking. Wettelijk is voorgeschreven dat de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten. Daarnaast is voor het onderdeel rioolheffing ook het streven de lastendruk voor de inwoners en de bedrijven van de gemeente Venlo zo veel mogelijk te beperken en een stijging van de lasten te voorkomen. Op grond van de geactualiseerde exploitatieopzet is voor de periode 2021-2031 een jaarlijkse uitgave van gemiddeld circa € 9.6 miljoen (inclusief geëgaliseerde BTW en overhead) aan riolering gecalculeerd. Hierin is rekening gehouden met de ontwikkelingen zoals benoemd in hoofdstuk 2.

Op basis van het uitgangspunt 100% kostendekkend, zijn inkomsten noodzakelijk van gemiddeld € 9,9 miljoen, rekening houdend met de inzet van de egalisatievoorziening. Vertrekpunt bij de exploitatieopzet is de begroting 2021-2024 waarvan de basis ligt in de kadernota 2021. In de Kadernota 2021 is aangegeven dat: • Voor de resterende duur van de collegeperiode de woonlasten nominaal niet meer worden verhoogd; •

De inkomsten uit de areaaluitbreiding OZB en een aanpassing (verhoging) van het OZB-tarief voor nietwoningen worden ingezet ter dekking van de stabilisatie van de gemiddelde woonlasten voor woningen; Over de periode 2019-2024 bezien, is een van de effecten die herkenbaar zijn in de woonlastendruk dat de rioolheffing in de periode 2020-2021 gelijk blijft en in 2022 verhoogt met 10%. In deze exploitatie GRP is echter een gelijkmatige cumulatieve verhoging opgenomen van gemiddeld 3,5% (€ 6,35 prijspeil 2021) per jaar, gedurende de exploitatieperiode vanaf 2022. Dit is in afwijking van de begroting 2021-2024. Daarnaast vindt een jaarlijkse indexering plaats. Conform de programmabegroting 2021-2024 is voor de indexering van het tarief van 2021 ten opzichte van 2020 gerekend met 0%. Voor 2020 is in de exploitatie gerekend met het volgens de verordening rioolheffing 2020 vastgestelde tarief. In het rekenmodel van de exploitatie is gecalculeerd met constante prijzen en tarieven (prijspeil 2021, met uitzondering van 2020). Afhankelijk van de begrotingsuitgangspunten die jaarlijks bij de kadernota door de raad worden vastgesteld, zullen zowel de prijzen als de tarieven worden geïndexeerd. Om aansluiting bij de realisatie en de begroting te houden, is 2020 op basis van realisatie, als jaar voorafgaand aan de het jaar van vaststelling (2021) ook nog opgenomen in de exploitatie.

De exploitatieopzet voor de komende planperiode is gemaakt om de benodigde baten te berekenen. Het resultaat van deze exploitatierekening wordt meerjarig gemuteerd aan de egalisatievoorziening om zo te voorkomen dat jaarlijkse uitschieters in de uitgaven leiden tot tariefschommelingen.

Prioritering maatregelen Het spreekt voor zich dat niet alle maatregelen in het eerste planjaar kunnen worden uitgevoerd. Bij het inplannen van de maatregelen is zoveel mogelijk rekening gehouden met de haalbaarheid van uitvoering in de geplande jaarschijf en de urgentie van de maatregel. De urgentie wordt mede bepaald door de kosten van de maatregel en het effect (kosten-baten analyse). Bij het terugdringen van de vuiluitworp op oppervlaktewater via de riooloverstorten gaat de aandacht in eerste instantie uit naar de kwetsbare oppervlaktewateren. Op grond van het in paragraaf 2.5 omschreven concept IBOR6 worden ingrepen in de openbare ruimte zoveel mogelijk integraal benaderd. Wanneer kansen, zoals meeliftmogelijkheden met herinrichtingsplannen en wegonderhoud zich voordoen, wordt hierop ingespeeld. Dit kan naast de

6 De vaststelling van IBOR is gepland in de eerste helft van 2021.

14

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

maatregelen vanuit het beheer van de openbare ruimte ook gelden voor ontwikkelplannen. Voor zover deze ontwikkelingsplannen nu al in beeld zijn. Ook het bereiken van synergie bij het uitvoeren van maatregelen geeft aanleiding deze maatregelen eerder in te plannen. Bijvoorbeeld maatregelen ten behoeve van de verbetering van de oppervlaktewaterkwaliteit waarbij de kans op wateroverlast aanzienlijk kan worden verminderd. Jaarlijks worden deze maatregelen uitgewerkt tot een uitvoeringsprogramma GRP (UVP-GRP).

3.2

Lasten

Kostenposten Voor het GRP is het van belang dat voldoende inzicht bestaat in de omvang van de maatregelen die gemoeid zijn met de uitvoering van het beschreven beleid. Een raming van de kosten van deze maatregelen, levert een beeld op van de benodigde middelen die vervolgens kunnen worden vertaald in een kostendekkende rioolheffing. Om de kosten voor de komende planperiode zo goed mogelijk in te schatten, zijn van de op hoofdlijnen beschreven nieuwe maatregelen (watertaken incl. klimaatadaptatie conform Agenda Groen & Water) en de maatregelen voor instandhouding en beheer van het systeem (instandhouding) de kosten bepaald en is een prognose van het uitvoeringsjaar gemaakt. Hiermee wordt inzicht gegeven in welke kosten noodzakelijk zijn voor nieuwe investeringen en instandhouding op jaarbasis. De kosten voor deze maatregelen vormen de voornaamste input voor een exploitatieberekening. Samen met de overige kosten die volgen uit de gestelde beleidsdoelen en relatie hebben met de organisatie van de watertaken, zijn de totale jaarlijkse rioleringskosten bepaald. Een overzicht van de jaarlijkse exploitatie lasten voor de planperiode van dit GRP is weergegeven in figuur 3.1. Figuur 3.1 Lastenontwikkeling incl. (vaste) dotatie voorz. GRP, genivelleerde BTW en overhead excl. mutatie egalisatievoorziening GRP 12.000

10.000

Bedragen in EUR × 1.000

8.000

6.000

4.000

2.000

0 2020

2021

2022

totaal lasten (I t/m VIII)

2023

2024

2025

compensabele BTW genivelleerd (IX)

2026

2027

overhead (XV)

2028

2029

2030

2031

dotatie voorz. GRP

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

15

Voor de bepaling van de lasten in de exploitatie zijn de kosten van de maatregelen verdeeld over de volgende kostenposten. • Communicatie en onderzoek (I). • Reiniging en inspectie (II). • Vaste kosten en overig (III). • Correctief serviceonderhoud (IV). • Reiniging wegen rioleringen (V). • Kapitaallasten (VI). • Kapitaallasten riolering buitengebied (VII). • Lasten heffing en invordering BsGW (VIII). • BTW (IX). • Watertaken (X). • Instandhouding (XI). • Overhead (XV). In bijlage 2 is een toelichting gegeven van de in het GRP gehanteerde onderverdeling van kostenposten. In hoofdstuk 4 is een toelichting van de voornaamste verschillen tussen de oude (2017) en nieuwe exploitatie weergegeven, voor de diverse posten.

Uitvoering werkzaamheden De uitvoering van veruit de meeste maatregelen in het GRP kunnen als planmatig worden aangemerkt. De maatregelen die hieronder vallen, kunnen over het algemeen op basis van een vooraf op te zetten werkomschrijving (bestek) worden uitgewerkt. De uitvoering van deze werkzaamheden wordt uitbesteed. Hierop is het gemeentelijk aanbestedingsbeleid van toepassing. Dit beleid is er op gericht zo concurrerend mogelijke inschrijvingen te verkrijgen met een zo gunstig mogelijke prijs/kwaliteitsverhouding. Ook het correctieve onderhoud wordt op basis van een meerjarig bestek uitgevoerd. Het betreft hier kleinschalige, meest voorkomende, vaak specialistische herstelwerkzaamheden waarbij de snelheid van verhelpen van de storing een rol speelt. De kosten voor instandhouding en watertaken zijn beide als planmatig aan te merken.

Voorziening riolen Uit de voorziening GRP worden de planmatige kostenposten Instandhouding (XI) en Watertaken (X) bekostigd7. Deze posten zijn weergegeven in bijlage 4. De jaarlijkse dotatie volgt uit de exploitatieberekening. Voor de lasten geldt dat deze jaarlijks in de begroting van baten en lasten worden meegenomen. Bij de baten en lasten is de jaarlijkse voeding (dotatie) aan de voorziening GRP als jaarlijks vaste last opgenomen. Door te werken met een jaarlijks vaste dotatie kan de begrotingsdruk constant worden gehouden en worden jaarlijkse schommelingen in de uitgaven voor instandhouding (XI) en watertaken (X) uitgevlakt.

7 Hierbij is rekening gehouden met de richtlijnen van de commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording).

Op basis van deze richtlijnen zijn de kostenposten verdeeld in lasten en onttrekkingen.

16

Gemeentelijk Rioleringsplan Venlo Financiële actualisatie exploitatie GRP 2021 – 2031

Beginstand voorziening In het exploitatiemodel wijkt de beginstand van de voorziening af van de werkelijke stand per 1-1-2020. De beginstand van de voorziening GRP is opnieuw berekend en komt uit op € 7.838.934,-- Bij de jaarrekening 2020 is deze vastgesteld op € 7.588.934,-- (per 01-01-2020). Het verschil is € 250.000,--. Dit verschil is het gevolg van een positief saldo van € 250.000,-- bij de afsluiting van de jaarschijf 2018 bij de jaarrekening 2020. Dit saldo dient ten goede te komen aan het product riolering en is daarom verwerkt via een correctie op de beginstand van de voorziening in de nieuwe exploitatie. In figuur 3.2 is het verloop van de voorziening GRP weergegeven. Een voorziening wordt gerekend tot het vreemd vermogen. Een te hoge stand van de voorziening heeft een negatieve uitwerking op de financiële positie van de gemeente. De hoge beginstand van de voorziening GRP is mede bepaald doordat enkele projecten later worden uitgevoerd dan oorspronkelijk gepland. In de actualisatie is hierop geanticipeerd door een nieuwe prognose op te stellen wanneer de maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd en een ‘correctie dotatie voorziening’ te hanteren om meer te kunnen sturen op de stand van de voorziening. Zie paragraaf 4.2 (toelichting ‘dotatie voorziening’ en ‘overige onderdelen exploitatie’).

Uitgangspunt bij de exploitatieopzet is dat de voorziening aan het eind van de beschouwde exploitatieperiode tot € 0,-- is gedaald.

9.000

8.000

7.000

Bedragen in EUR × 1.000

6.000

5.000

4.000

3.000

2.000

1.000

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

stand voorz. GRP [per 01-01]

figuur 3.2 Voorziening GRP 2020-2031

Dotaties en onttrekkingen aan de egalisatievoorziening De exploitatie GRP is een gesloten circuit, waarvan de inkomsten en uitgaven volgens de exploitatie meerjarig op elkaar aansluiten. Om jaarlijkse schommelingen in het riooltarief te voorkomen is naast de voorziening GRP een egalisatievoorziening GRP ingesteld. Het exploitatieresultaat op de riolen wordt aan deze reserve toegevoegd of onttrokken. De stand (per 01-01-2020) van de egalisatievoorziening (€ 2.820.245,--) is onvoldoende om de heffing de komende jaren stabiel te houden. De egalisatievoorziening wordt in deze exploitatieperiode afgebouwd. Aan het einde van de looptijd loopt deze weer op. Dit geeft ruimte voor mogelijk onvoorziene zaken, zoals genoemd in par 3.4 (risicoanalyse) op te vangen. Tijdens de 4 jaarlijkse actualisaties kan het verloop van de egalisatievoorziening worden bijgesteld. Ook is in deze exploitatie rekening gehouden met een ondergrenswaarde, om onvoorziene tegenvallers uit de egalisatievoorziening te kunnen dekken. Het verloop van totale baten, totale lasten en het verloop van de egalisatievoorziening GRP is gevisualiseerd in de volgende figuren. De mutatie egalisatievoorziening

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/501/documents/10919