CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

007 RN Bijlage 4. Samenvatting achtergrondstudie landschappelijke inpassing.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 16 juni 2021, gemeente VenloBij agendapunt: 3.c: 20.30 - 21.30 uur Structuur beleidskader nieuwe energie (RN 2021-07)1.014 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvatting: achtergrondstudie landschappelijke inpassing Als achtergronddocument voor het project ‘Beleidskader Nieuwe Energie Venlo’ schreef Wageningen Environmental Research een notitie over landschappelijke inpassing. Deze notitie vormt geen onderdeel van de besluitvorming, maar is vooral bedoeld om betrokkenen verder te informeren. Dit is een samenvatting van die notitie. De volledige notitie kunt u opvragen via s.belgers@venlo.nl Landschappelijke overwegingen Er zijn zorgen met betrekking tot zonne- en windenergie in het landschap. Het landschap is misschien wel het meest gevoelige thema in de discussie over de energietransitie. We produceren er ons voedsel, recreëren en wonen er. Nu moet dat landschap ook nog onze duurzame energie-installaties (zoals zon en wind) gaan faciliteren. Dat is nogal wat. “Eerst de daken vol voordat we goede landouwgronden en cultuurhistorische waardevolle landschappen gaan bezetten” is een veel gehoord geluid. En als er dan toch nog meer nodig is, wat zo langzamerhand voor de meesten wel duidelijk wordt, dan moet meervoudig ruimtegebruik de norm zijn. Groot-, middel- en kleinschaligheid Het RES gebied Nood- en Midden Limburg bestaat uit 15 gemeenten. In de raden is er nadrukkelijk afgesproken om de opgave niet te gaan verdelen om confetti te voorkomen. Het zoeken naar clustering is meegenomen en in de uitwerking van de RES.

Het buitengebied van de gemeente Venlo biedt weinig mogelijkheden voor grootschalige energieopwek. Een reële mogelijkheid voor grootschalige projecten als we de RES volgen, ligt bij de grens bij Beesel, en dan zou het via een samenwerking met die gemeente kunnen gaan. Daarnaast is er nog het windpark Greenport Venlo. Zuinig- en meervoudig ruimtegebruik: de zonneladder Uit een QuickScan naar de ruimtelijke implicaties van de energietransitie over de verschillende RES’sen in ontwikkeling komt naar voren dat zuinig en meervoudig landgebruik de voorkeur heeft. Ook wordt gezocht naar combinaties met andere opgaven zoals: klimaatadaptatie, landbouwtransitie en ambities woningbouw. Voor het zuinig omgaan met de ruimte is de zonneladder ontwikkeld. De kern van de werkwijze is dat zon op landbouwgronden en natuurgebieden zoveel mogelijk wordt vermeden en dat zon op daken en gevels en andere vormen van meervoudig ruimtegebruik in het bebouwde gebied. De zonneladder zal ook in een provinciale omgevingsverordening een plek krijgen. De Limburgse zonneladder is hieronder afgebeeld. Het gaat om de volgorde van: 1. Daken en gevels van gebouwen; 2. Onbenutte terreinen in bebouwd gebied; 3. Gronden in het buitengebied met een andere primaire functie dan landbouw of natuur.

Het te hanteren nee tenzij principe houdt in, dat grondgebonden zonneparken alleen kunnen worden gerealiseerd met een goede onderbouwing. Suggesties richting beleidskader De energietransitie is onafwendbaar. Er vindt een verschuiving plaats van discussie over de noodzaak naar discussie over de vorm om aan de energievraag te voldoen.. In de gemeente Venlo is zeer beperkt ruimte voor grootschalige energie opwek met zonneparken van honderden hectares of windmolens in de grootste categorie. Dat vraagt dus om een strategie waarin kleinschaligheid niet op voorhand wordt uitgesloten. De uitdaging zit in het zoeken naar een combinatie van grootschaligheid en slimme kleinschaligheid die de energieopgave verbindt aan andere maatschappelijke opgaven.

Het clusteren van initiatieven in het buitengebied is van groot belang Dit is mogelijk door heel selectief te zijn met het benoemen van de landschapstypen die ontvankelijk zijn voor initiatieven en door in overleg met de netbeheerder te zorgen voor een locatie van een transportverdeelstation dat ver weg ligt van de landschappelijke en cultuurhistorische waarden die beschermd of beschermingswaardig zijn. Zon- of windenergie in het landschap moet bij voorkeur (meer dan twee) functies combineren Dit vergroot het draagvlak en vergemakkelijkt het realiseren van ruimtelijke kwaliteit. Het zijn namelijk juist de monofunctionele velden met een hek eromheen, in bezit van een anonieme investeerder, die voor vervreemding zorgen. Overweeg in het beleidskader om monofunctionele opwek van energie op landbouwbodems uit te sluiten. De minimale combinatie is zonne-energie opwek met biodiversiteit bevorderende maatregelen, dus altijd een plus voor de biodiversiteit. Let op, want dit is ambitieuzer dan zonne-energie opwek combineren met natuur. Waar mogelijk koppelkansen benutten In de praktijk zijn er nog maar weinig voorbeelden van het benutten van koppelkansen. Een duidelijke koppelkans ligt in het stikstofdossier. En ook bij waterberging liggen er heel duidelijke koppelkansen. Het beleidskader zal permanent open moeten staan voor nieuwe kansen voor meekoppeling.

Hiervoor is altijd afstemming nodig met andere ruimtelijke programma’s, en wellicht is dit het beste te organiseren in het kader van de nieuwe omgevingsvisies. Energieopwek zou de kwaliteit ontvangende landschap moeten kunnen versterken Landschappen veranderen in de tijd. Veranderingen zijn soms onvermijdelijk. Wat dan wel kan is deze verandering zo goed mogelijk begeleiden. De voorbeelden uit de RES laten zien hoe belangrijk de randen van een energielocatie zijn. In het ontwerp moet daar ruimte gereserveerd worden om de aansluiting met het bestaande landschap te realiseren. De praktijk laat zien dat als slechts driekwart van een gebied is bedekt met zonnepanelen, de business case nog volledig overeind blijft. Het is mogelijk om heel specifiek te zijn in het benoemen van landschapstypen waarbinnen opwek zal worden toegestaan Deze keuze voor selectiviteit is veel eenvoudiger dan de ja mits benadering, omdat in het laatste geval men voor elk landschap en voor elke kwetsbaarheid daarin moet nadenken over hoe dat opgevangen kan worden. Als landschapstypen uitgesloten worden, dan kan dat gebeuren op basis van argumenten van draagkracht, en ook van draagvlak. Daarvoor is het handig om de kernkwaliteiten van alle landschappen benoemd te hebben.

Het is aan te raden om van het landschap waar energieopwek gewenst is, de gemiddelde schaal van de percelen vast te stellen als referentiekader voor middelschalige projecten. Toepassing van de zonneladder staat buiten kijf Maar in de praktijk kan deze meer of minder krachtig worden toegepast. Het is belangrijk dat er, op het moment dat er van afgeweken moet worden, voldoende inhoudelijk en procedureel houvast is om een hogere tree goed te motiveren. Effecten op de beleving van het landschap Er zijn tal van maatregelen om de belevingseffecten te minimaliseren. In een open landschap is het belangrijk dat de panelen niet zo hoog geplaatst worden dat men er niet overheen kan kijken. Maar als er sprake is van een combinatie van functie is dat soms onvermijdelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/501/documents/10893