CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

007 RN Bijlage 1. Concept structuur beleidskader Nieuwe Energie Venlo.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 16 juni 2021, gemeente VenloBij agendapunt: 3.c: 20.30 - 21.30 uur Structuur beleidskader nieuwe energie (RN 2021-07)2.483 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting op de structuur van het beleidskader Nieuwe Energie in Venlo Inzicht in de concept inhoudsopgave met vraagstukken voor de verdere uitwerking

Inleiding Een voorstel voor de inhoud van het beleidskader is opgesteld aan de hand van uiteenlopende bronnen van informatie. Hieronder wordt uiteengezet hoe er tot deze structuur is gekomen. Daartoe worden eerst de bronnen van informatie in volgorde van belangrijkheid op een rij gezet. Daarna wordt er verantwoording afgelegd voor de structuur van het beoogde beleidskader. Vervolgens is er op basis van de opgehaalde informatie een concept inhoudsopgave opgesteld, waarin enkele dillema’s worden neergelegd. Bronnen van informatie - Proces en procesverslag Nieuwe Energie in Venlo (de uitkomsten van het gesprek met belanghebbenden); - Consultatie van de Raad bij concept RES; voorkeur van de Raad voor lokaal eigendom; - Vergelijkbare beleidskaders van Leudal, Hoogeveen en Hellevoetsluis (+Den Bosch en Wijchen voor werkwijze); - Themabijeenkomst Raad van 24 maart; - Actuele RES rapporten (onder meer over lokaal eigendom en over participatiewaaier); - RVO informatie, onder meer over locaties voor energiecoöperaties; - Workshop landschap en ruimte, met ambtenaren gemeente Venlo; - Onderzoek binnen Wageningen Research naar biodiversiteit en opwek nieuwe energie; - Interviews over de wijk Vastenavondkamp en werkwijze lokaal eigendom. Dit is slechts een globale aanduiding.

Bestudering van deze en ook andere bronnen van informatie hebben geleid tot drie achtergronddocumenten: 1) achtergrondstudie lokaal eigendom, 2) achtergrondstudie landschappelijke inpassing en 3) vergelijking beleidskader andere gemeenten1. Op basis van deze documentatie gaat de Universiteit van Wageningen aan de slag met de verder uitwerking van het Beleidskader Nieuwe Energie Venlo. Structuur van het beleidskader Het voorstel volgt in grote lijnen de structuur van vergelijkbare beoordelingskaders die zijn bekeken. Met name de hoofdstukindeling komt daar uit voort. Verder komt het onderscheid juridisch, landschappelijk planologisch en maatschappelijk in alle beleidskaders terug en is ook onmisbaar om goede afwegingen te maken. 1 De achtergrondstudies zijn door de WUR uitgevoerd als achtergrond document, over de daadwerkelijke

vertaling van deze studies in het beleidskader zijn we als gemeente Venlo nog in gesprek met de WUR, ook de behandeling van dit voorstel draagt bij aan de keuzes die gemaakt zullen worden in het beleidskader. De volledige studies zijn op te vragen bij de ambtelijke vertegenwoordiging van de gemeente Venlo.

1

Het onderdeel planologisch/landschappelijk zal relatief ver uitgewerkt worden, omdat Venlo krap in de ruimte zit. Hier waren veel zorgen over in het proces Nieuwe Energie in Venlo. Zuinig gebruik van de ruimte, een zekere mate van clustering en het bijeen plaatsen van zon en wind zijn belangrijke aandachtspunten voor Venlo. Met deze extra aandacht worden gezorgd dat de Venlose kwaliteiten geen onnodige schade oplopen. Wat dit beleidskader bijzonder maakt is een hoofdstuk over stimulering. Dit hoofdstuk is opgenomen omdat dit deel uitmaakte van de opdracht die de gemeente zichzelf heeft gesteld aan het begin van het proces. De meer of minder ambitieuze invulling van dit hoofdstuk met doelen en maatregelen is een bespreekpunt met de Raad. Het hoofdstuk geeft in belangrijke mate invulling aan het streven om het lokaal eigendom tenminste 50% te laten zijn. Het vastleggen van uitgangspunten, principes en werkwijze in een apart hoofdstuk is bedoeld om zoveel mogelijk transparantie en duidelijkheid te verschaffen over hoe dit kader in praktijk gebracht wordt. De behoefte aan duidelijkheid leeft in sterke mate in de groep actoren van het voorbereidingsproces.

Hier wordt invulling gegeven aan de zorg van de Raad inzake mogelijke vervuiling van de bodem, met het uitgangspunt dat de vervuiler betaalt en dat via verplichte monitoring de kwaliteit van de bodem bij aanvang en bij beëindiging van de vergunning in beeld gebracht moet worden. De werkwijze met een uitvraag, waarbij er door indieners geconcurreerd wordt op plankwaliteit is voortgekomen uit de wensen van de stakeholders in het proces Nieuwe Energie in Venlo, met name van de potentiële initiatiefnemers. Met deze werkwijze wordt aangesloten op die van het Leudal, hetgeen een voordeel biedt van afgestemd zijn binnen de RES regio. De RVO raadt deze werkwijze aan in combinatie met een fase van een anterieure overeenkomst, om de positie van lokale energie coöperaties goed uit de verf te laten komen. Tevens zorgt deze werkwijze volgens de RVO voor veel invloed van de gemeente in de fase waarin initiatieven worden voorbereid. Met die invloed kan worden voorkomen dat investeerders van buitenaf, soms ook energiecowboys genoemd, snel hun slag kunnen slaan. Tweesporenbeleid Als het gaat over de opwek van energie kennen we in de gemeente Venlo twee sporen: Spoor 1) Grootschalige ontwikkelingen zoals benoemd in de Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg (RES NML). Als gemeente Venlo zoeken we hierbij aansluiting bij initiatieven van aangrenzende gemeenten.

Voor de uitwerking van de projecten zoals gedefinieerd onder de RES wordt uiteraard wel rekening gehouden met de uitgangspunten van het Venlose beleidskader; Spoor 2) Daarnaast zien we kansen voor kleinschalige tot middelgrote ontwikkelingen (waarvan de exacte grens nog te bepalen) die ontstaan vanuit de behoefte in de klimaatwijkakkoorden bij dorpen, wijken en buurten, maar ook vanuit instellingen of bedrijven. De focus van het beleidskader ligt hoofdzakelijk op dit tweede spoor. Waarbij procedures voor ontwikkeling, inspraak en participatie worden gekoppeld aan het karakter van een initiatief. Zo biedt een kleinschalig initiatief, ontstaan uit de wijk andere kansen voor 2

eigenaarschap en juridische randvoorwaarden dan een grootschalige gebiedsontwikkeling. Hierover leest u meer in de samenvatting van het achtergrond document dat geschreven is door de WUR ‘’state of the art lokaal eigendom’’. Deze achtergrond documentatie dient puur ter inspiratie en vormt geen onderdeel van het nog nader uit te werken beleidskader.

Doorkijk naar uitvoering In deze fase willen we vooral uitspraken doen over de leidende principes van het beleidskader. Zodra het beleidskader is vastgesteld, gaan we aan de slag met concrete initiatieven. Ook in deze meer uitvoerende fase zijn discussiepunten aan de orde. Er is een bewuste keuze gemaakt om deze niet nu al te agenderen. De afwegingen in deze volgende fase hangen immers voor een groot deel af van de principes en richtingen van het kader. Wel biedt het einde van deze notitie alvast een doorkijk naar de afwegingen die in de uitvoerende fase een rol gaan spelen. Periodiek herzien Een belangrijke conclusie die gaandeweg het proces (met belanghebbenden) is getrokken, is dat het belangrijk is om het beleidskader periodiek te herzien. De energietransitie en de daaraan verbonden technische ontwikkelingen en participatiemogelijkheden zijn nog volop in ontwikkeling. Bovendien zal ook de omgevingswet van ons een bredere blik verwachten dan enkel de opwekking van energie. Een suggestie is om deze herijking parallel te laten lopen aan de tweejaarlijkse herziening van de Regionale energiestrategie (RES). Concept inhoudsopgave Beleidskader Nieuwe Energie Venlo Onderstaand treft u de concept inhoudsopgave op basis waarvan het beleidskader verder zal worden uitgewerkt. De inhoudsopgave bevat enkele discussiepunten die we aan de gemeenteraad willen voorleggen. 1.

Inleiding 1.1 Aanleiding: klimaatakkoord, vertaling RES N+M-Limburg in gemeentelijk beleid 1.2 Doelen en opgave: doelen 2030 en 2050, opgave in grote lijnen schetsen als mogelijke energiemixen 1.3 Participatie in de aanloop van dit kader 1.4 Couleur lokale: Inzicht in de mogelijkheden voor Venlo. Hoe zien deze eruit en welke kansen zijn er voor de verschillende vormen van opwek. Hoe is ook aansluiting bij buurgemeenten mogelijk. 1.5 Leeswijzer 2. Vastgestelde beleidskaders als context (zoveel mogelijk info in een bijlage) 2.1 Inleiding 2.2 Rijksbeleid Wro, Bro en straks Omgevingswet Nationale omgevingsvisie Klimaatakkoord 2.3 Provinciaal beleid 3

2.4

3. 3.1 3.2 3.3

3.4

Omgevingsvisie provincie Limburg Visie ruimte en mobiliteit? Provinciale energie-opgave Noord-Limburg RES Gemeentelijk beleid gemeentelijke duurzaamheidsvisie en milieu nota ruimtelijke kwaliteit/ commissie ruimtelijke kwaliteit die toetst?! Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid Uitgangspunten en sturingsfilosofie Uitgangspunten : geen onnodige versnippering, circulair, lokaal eigendom, plus voor natuur, opleveringscondities na afloop vergunning (vervuiler betaalt). Principes toepassing zonneladder Provincie Limburg, opwek nabij gebruik, clustering met het oog op opslag en transport, energielandschap met optimale landschappelijke inpassing en meervoudig ruimtegebruik boven losstaande initiatieven, profijtplan. Sturingsfilosofie: uitvraag met concurrentie op kwaliteit tussen plannen; kwaliteit wordt bepaald door maatschappelijke meerwaarde, gemeente denkt actief mee, sturen op bottom-up initiatieven, principes minder stringent hanteren bij toenemende maatschappelijke meerwaarde. Positie in de participatiewaaier innemen. Daarnaast dwang toepassen bij nieuwbouw en renovatie zodra de wet dit mogelijk maakt.

Open houding tegenover nieuwe technieken van opwek en opslag, mits bewezen en financieel gezond Discussiepunt 1: Ruimte voor Pilots: De Gemeente Venlo gaat actief aan de slag met een innovatieprogramma voor Living Labs en kijkt daarbij goed naar de mogelijkheden voor derde geldstromen. In deze Living Labs kijkt zij samen met bedrijven en kennisinstellingen naar de mogelijkheden voor nieuwe technieken bij opwek van energie gekoppeld aan omslag en opslag. Voordelen:  Ruimte bieden voor nieuwe technieken die passen bij de schaal van Venlo.  Kansen pakken waarbij geen spraken is belemmeringen door netcapaciteit.  Geeft inzicht in nieuwe mogelijkheden die vervolgens ook meegenomen kunnen worden in de RES. Nadelen/Risico’s:  Mogelijke financiële risico’s. Wat belanghebbenden hierover zeggen:  Hoe meer je de energie lokaal kan houden hoe beter, er zijn al lokale netwerken, de kunst is om verbruik en opwek goed te matchen, door belastingsturing en opslag. Kijk hierbij ook naar de mogelijkheden voor opslag op de lange termijn door bijvoorbeeld waterstof. Maar denk ook aan koppelingen met de transitievisie warmte. (werkgroep Techniek).

4

3.5

Definities

4.

Stimuleringskader

Discussiepunt 2 Aansluiten bij ambities uit de wijk. Met dit beleidskader sluiten we aan bij de ambities vanuit inwoners die zich vertalen in de klimaatwijkakkoorden, maar ook bij initiatieven vanuit het bedrijfsleven of instellingen (initiatieven onder X HA willen dan ook mits de juiste toepassing toestaan). We zetten lokaal eigendom en eigenaarschap voorop in onze ontwikkelingen. Daarmee voorkomen we dat grote ontwikkelaars er met de winst vandoor gaan. Ook bij grootschalige ontwikkelingen vanuit de RES op Venlo’s grondgebied borgen we met ons beleidskader dat lokaal eigendom en draagvlak bij de start van een verkenning al wordt meegenomen, door bij aanvang al met het gebied in gesprek te gaan. Kortom als gemeente Venlo zetten we samen met de energiecoöperatie(s) actief in te op het niveau van de wijk, het dorp of de buurt. We hebben daarbij specifiek ook aandacht voor sociale duurzaamheid, iedereen moet kunnen participeren ( we adviseren over het slim gebruik maken van subsidies, zoals eerder is gedaan in het Op Rozen Model, zie https://www.hieropgewekt.nl/kennisdossiers/lage-inkomens-kunnen-met-op-rozen-model-ookmeedoen-in-lokale-energieprojecten). We verlenen alleen medewerking aan initiatieven waarbij vooraf een plan is opgesteld met omwonenden. Voordelen:  Aansluiten bij de behoefte van de wijk.  Verantwoording ligt in de wijk.  Inzicht op benutten van koppelkansen.

 Meer mogelijkheden tot het geven van financiële prikkels op maat. 

Meer zekerheid tot invulling van minstens 50% lokaal eigendom en streven naar meer.

Nadelen/ risico’s:  Proces kost tijd.  De rol van de gemeente in een grootschalige gebiedsontwikkeling dient goed verankerd te worden.  Het vraagt om een andere rol en werkwijze van de overheid, dan men gewend is. Wat belanghebbenden hierover zeggen:  Elke wijk, buurt of dorp heeft een eigen identiteit. Maatwerk is noodzakelijk. Alleen via participatie en gedeeld eigendom ontstaan er projecten waar de omwonenden zich echt goed bij kunnen voelen (werkgroep Draagvlak)  Ondersteun de lokale initiatieven indien deze voldoen aan de voorwaarden uit het kader (werkgroep Draagvlak)  Bied vanuit de gemeente financieringsmogelijkheden aan waar lokaal gebruik van gemaakt kan worden. Een project kan met behulp hiervan door lokale partijen gerealiseerd worden waardoor ook de revenuen lokaal te verdelen zijn (werkgroep Draagvlak). 5

5. 5.1

Toetsingskader Juridische uitgangspunten en randvoorwaarden (juridisch spoor: juridische kwaliteit)  Participatieverplichting (ook eisen aan ervaring met participatie) 

Bestemmingsplan

Omgevingsvergunning

5.2 Ruimtelijke uitgangspunten en randvoorwaarden (ruimtelijk spoor: ruimtelijke kwaliteit) 5.2.1 Landschappelijke en ruimtelijke criteria  Kader opgesteld in overleg met collega’s landschap en RO 

Uitwerking landschapstypes.

Kansenkaart uit RES voor grootschalige opwek is sturend.

Discussiepunt 3 Ter beschikking stellen van dakoppervlak overheidsgebouwen of oude stortplaatsen voor opwek met participatie van omwonenden. Evenals het ter beschikking stellen van gronden via erfpacht aan de energiecoöperatie(s). Voordelen: 

Werkt drempelverlagend om aan de slag te gaan met de energietransitie.

Het kan ook de energie coöperatie(s) helpen om te starten.

Draagt bij aan het vergroten van het draagvlak onder inwoners.

Nadeel/Risico’s: 

Niet op iedere locatie is evenveel ruimte om dit toe te passen.

Dialoog over opbrengsten is complex. In gesprek over de opbrengsten, wie profiteert de eigenaar van het gebouw, de gebruiker van het gebouw of de omwonende.

Wat belanghebbenden hierover zeggen: 

Benut in eerste instantie grote daken voor de opwek van zonne-energie en breng knelpunten in beeld (werkgroep Techniek). Ook energiecoöperaties hebben behoefte aan inzicht in de mogelijkheden voor verduurzaming van gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed in de gemeente Venlo.

6

5.2.2 Binnenstedelijk gebied (bebouwde kommen)  Vergunningsvrije aanleg en onvergunbare gebieden (bijv. monumentenstatus) 

Benutten van daken (en gevels)

Plaatsing op maaiveld

Plaatsing in tuinen (nb spiegeling)

Bedrijven en bedrijfsterreinen

Sport- en maatschappelijke voorzieningen

5.2.3 Stads- en dorpsranden  Vergunningsvrije aanleg en onvergunbare gebieden (bijvoorbeeld bij beschermd dorpsgezicht) 

Benutten van daken (en gevels)

Bedrijven en bedrijfsterreinen

Sport- en maatschappelijke voorzieningen

Plaatsing op maaiveld (richtlijnen inrichting ivm aanzicht en inpassing)

Functiecombinaties (infrastructuur, sport, recreatie, natuur, glastuinbouw)

5.2.4 Zonne- en windenergie vrij liggend in het buitengebied 

Onvergunbare gebieden

Oppervlaktewater

Functiecombinaties (wateropvang, natuur, land- en tuinbouw), clustering zon en wind (eventueel kleinschalige windturbines)

5.3

Maatschappelijke uitgangspunten en randvoorwaarden (maatschappelijk spoor: proceskwaliteit)  Participatie in de voorbereiding 

Profijtplan

Lokaal eigendom

Maatschappelijke meerwaarde

6. Procedure en procedurele vereisten voor indiening groot- en middelschalige initiatieven 6.1 Openstellingsrondes  procedure begint met oproep beperkt uitgewerkte initiatieven en wordt stapsgewijs opgewerkt naar goed plan

7

6.2

Selectieproces

Discussiepunt 4 Werken met een burgerforum bij advisering van initiatieven (per initiatief wordt een nieuw burgerforum samengesteld). Past binnen het beginsel om aansluiting te zoeken bij het lokale initiatieven en volgt het spoor van kleine ontwikkelingen die ontstaan op het niveau van de wijk of het dorp. Voordelen:  Draagvlak en betrokkenheid van inwoners. Nadelen/Risico’s:  Extra stap in de procedure. Wat belanghebbenden hierover zeggen:  

Steeds meer berichten van initiatieven in de pers, waarbij de burger het nakijken heeft. Grote spelers stappen in zo'n aanvraag proces zonder de omgeving te betrekken. Dat moeten we in Venlo echt goed aftimmeren (werkgroep Draagvlak) Lusten uit een duurzaam energieproject laten landen waar de lasten zijn. Ten goede laten komen van lokale doelen en verenigingen (werkgroep Draagvlak)

6.3 Anterieure overeenkomst In de anterieure overeenkomst kunnen stimuleringsmaatregelen en toetsing in één overzicht worden samengebracht. 6.4 Planvereisten:  Beschrijving van opwek, opslag en distributie 

Draagvlak door participatie (verslag)

Landschappelijk inpassingsplan

Profijtplan

Lokaal eigendom (ten minste 50%)

Beschrijving van maatschappelijke meerwaarde (combinatie van functies, meekoppeling klimaat adaptatie mitigatie, warmtenet etc.)

6.5 6.6

Aansluiting op infrastructuur/netcapaciteit

Nulmeting biodiversiteit en bodemkwaliteit

Uitwerking circulariteit

Indicatie van risico’s bouwconstructie en veiligheid Handhaving Initiatieven waarvoor afstemming binnen de RES regio noodzakelijk is

7. Evaluatie en bijstelling van dit kader Bijlagen 1. procesverslag nieuwe Energie in Venlo 8

2. Uitleg Zonneladder 3. Eventueel: Capaciteit van het net… 4. Bronnen van informatie en inspiratie

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/501/documents/10890