CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

005rv+rb Beleidskader Nieuwe Energie.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 19 januari 2022, gemeente VenloBij agendapunt: 5.b: 20.40 - 21.10 uur Beleidskader Nieuwe Energie (RV 2022-5)2.982 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

qnh_zaaknummerqnh_Berichtnummer

Raadsvoorstel

GEMEENTEBESTUUR

raadsnummer 2022

ons kenmerk 1790798

collegevergadering d.d. raadsvergadering d.d. programma portefeuillehouder

5 14-12-2021 26-01-2022 Circulaire en duurzame hoofdstad M. Pollux

team Werken & Bereikbaarheid steller S. Belgers doorkiesnummer +31 615605000 e-mail s.belgers@venlo.nl datum 15-11-2021 bijlage(n) 1 datum verzonden

Onderwerp Beleidskader Nieuwe energie

Advies Vaststellen van het beleidskader ‘Nieuwe energie’ en de daarin geformuleerde ambities (bijlage 1).

Raadsvoorstel

Aanleiding Onder het programma “Venlo Circulaire en Duurzame Hoofdstad” werken we als gemeente aan een nieuwe toekomst en een groen Venlo. Onderdeel van deze opgave is het opwekken van “Nieuwe energie”; duurzame energie uit zon en wind. De basis voor dit beleidskader is gelegd in de Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg 1.0 (registratienummer 1746477 -2021). Met dit Venlose kader gaan we verder in op de gemeentelijke visie ten aanzien van het opwekken van nieuwe energie. Daarbij duiden we hoe we de verbinding zoeken met onze inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties om samen te werken aan de transitie naar duurzaam opgewekte energie. Maar ook hoe we verbinding kunnen maken met andere economische, maatschappelijke en ruimtelijke doelstellingen. We zijn er namelijk van overtuigd dat deze doelstellingen elkaar kunnen versterken. Het doel is niet om zoveel mogelijk windturbines of zonnepanelen te plaatsen, maar te kijken waar dit kan in combinatie met andere functies en waar een juiste inpassing mogelijk is. Acceptatie door de omgeving is daarbij ontzettend belangrijk. Volledig draagvlak is niet altijd haalbaar, maar een omgeving die actief wordt betrokken bij een plan is dat wel.

Vandaar dat het opwekken van duurzame energie een opgave is die we als gemeente samen oppakken met onze inwoners en nieuwe energie-initiatieven niet ontwikkelen zonder hun betrokkenheid.

Beoogd effect Dit kader richt zich op het vinden van een breed gedragen invulling van de lokale en regionale opgave voor het opwekken van energie.

Argumenten 1.1 In het beleidskader Nieuwe energie wordt duidelijk welke koers we de komende twee jaar varen rondom het opwekken van duurzame zonne- en windenergie In het beleidskader zijn beleidsmatige uitgangspunten geformuleerd, waar vanuit de wenselijkheid van nieuwe energie-initiatieven wordt beoordeeld. De uitgangspunten zijn bedoeld om de juiste keuzes te maken als het gaat om de plek voor energieopwekking, de inpassing in het landschap en het meervoudig gebruik van de ruimte. Maar ook andere relevante ruimtelijke en sociale afwegingen zijn meegenomen in de uitgangspunten. Het gaat hierbij onder andere over het realiseren van lokaal eigendom en een betaalbare energietransitie, aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit en het stimuleren van innovaties. 1.2 Dit beleidskader vertaalt de uitgangspunten van de RES naar gemeentelijk ruimtelijk beleid en biedt een handvat om grootschalige initiatieven in Venlo verder te verkennen Als gemeente Venlo kiezen we ervoor om de eerste twee jaar voornamelijk in te zetten op grootschalig verkennen (spoor 1) en kleinschalig stimuleren (spoor 2).

Voor spoor 1 zijn vanuit de RES 1.0 twee potentiegebieden aangewezen om verder te verkennen of het opwekken van duurzame energie daar wenselijk is en kan worden gecombineerd met andere opgaven in dat gebied Deze twee gebieden waar een verdere verkenning wenselijk is, zijn ’t Hanik in Lomm en de Meelderbroek in Belfeld.

2

Raadsvoorstel

1.3 Met dit beleidskader bieden we principes en voorwaarden voor het opwekken van duurzame energie waardoor we de ruimtelijke kwaliteit kunnen beschermen Deze principes richten zich onder meer op het voorkomen van verrommeling en het omgaan met de beschikbare netcapaciteit. Zo is er op dit moment sprake van beperkte netcapaciteit. Dit maakt dat er op de korte termijn niet tot nauwelijks ruimte is voor initiatieven (middel- en grootschalig) die vooralsnog niet zijn benoemd in de RES 1.0. Bovendien is de ruimte in het buitengebied is schaars, waardoor er een noodzaak bestaat om daar zuinig mee om te gaan en verrommeling te voorkomen. Verrommeling kan ontstaan als het landschap overal deels wordt ingekleurd door middelgrote initiatieven (tussen de 2 en 15 hectare). Deze middelgrote initiatieven hebben daarom niet de voorkeur en staan we eerste twee jaar in principe niet toe. Initiatieven blijven echter altijd maatwerk, rekening houdend met de ruimtelijke kwaliteit en het draagvlak vanuit de omgeving. Indien er zich een initiatief aandient, wordt de wenselijkheid daarvan op dat moment afgewogen. 1.4 Door het beleidskader eens in de twee jaar te herzien kan worden bijgestuurd en gebruik worden gemaakt van nieuwe inzichten Het beleidskader wordt net als de RES om de twee jaar herzien.

Op die manier blijven de documenten goed op elkaar afgestemd en blijven we open staan voor ontwikkelingen. Enkele relevante vragen bij de herziening (en evaluatie) zijn in ieder geval: -

Hoe ontwikkelt zich het lokaal eigendom in de gemeente Venlo? Is er sprake van nieuwe technieken die moeten worden opgenomen? Hoe heeft de (samenhang met) de Omgevingswet zich ontwikkeld? Hoe verhouden de uitgangspunten zich tot samenwerking met buurgemeenten?

1.5 Met dit beleidskader betrekken we burgers bij (toekomstige) beleidsbeslissingen Draagvlak en participatie is essentieel als het gaat om het in beeld brengen van kansen en mogelijkheden voor de energietransitie. Daarom zijn we in januari 2021 een interactief proces gestart met belanghebbenden, waarin niet alleen is gesproken over die kansen, maar ook over zorgen en verwachtingen. Ondanks de beperkingen door Corona hebben 73 stakeholders deelgenomen aan dit participatietraject, waarvan 30 zeer actief. Het betrof onder andere leden van de dorps- en wijkraden, energiecoöperatie Samenstroom, ondernemers, agrariërs, ontwikkelaars en vertegenwoordigers van de Klimaatwijkakkoorden (Akkoorden van Morgen). De groep is driemaal digitaal bijeengekomen, waarbij er in groepjes is gediscussieerd aan de hand van de thema’s techniek en infrastructuur, landschap en biodiversiteit, en draagvlak proces & rollen. Tijdens de bijeenkomsten, en ook tussentijds, is er volop gediscussieerd op een daartoe ingericht digitaal platform. Dit proces heeft inzichten opgeleverd die zijn verwerkt in het beleidskader. Participatie is niet alleen van belang geweest tijdens het opstellen van dit beleidskader, maar zal ook meewegen in de hierop volgende trajecten rondom energie-initiatieven. Een voorbeeld hiervan is het burgerforum, waar we de komende jaren mee aan de slag gaan.

Het burgerforum zal in de toekomst worden ingezet om meer inzicht te krijgen in de gewenste ontwikkeling van duurzame energieopwekking in Venlo, waarbij aandacht is voor thema’s als het beoordelen van maatschappelijke meerwaarde, het realiseren van een gedegen landschappelijke inpassing en het mogelijk maken van lokaal eigendom. Het betrekken van burgers bij beleidsbeslissingen kent namelijk veel voordelen, waaronder het opdoen van kennis en ervaring en het verhogen van draagvlak voor nieuwe initiatieven. 1.6 Met dit beleidskader verbinden we het opwekken van duurzame energie aan andere (duurzaamheids-)opgaven en zoeken we naar koppelkansen

3

Raadsvoorstel

Ook voor de andere Venlose duurzaamheidsthema’s zoals Nieuw gebruik (circulariteit) en Nieuwe natuur (klimaatadapdatie) zijn uitgangspunten geformuleerd die in het beleidskader zijn meegewogen. Zo is er aandacht voor het circulair gebruik van grondstoffen en mag het opwekken van duurzame energie niet ten koste gaan van natuur. Voor het warmtevraagstuk heeft de gemeente Venlo de Transitievisie Gebouwde Omgeving opgesteld. Het stimuleren van warmtepompen/bodemenergie behoort daardoor niet tot dit beleidskader. De relatie ertussen is er wel degelijk. Zonne- en windenergie is afhankelijk van weersomstandigheden. Bodem- en aquathermie kan mogelijk een aanvulling zijn als zonne- of windenergie niet kan worden geleverd. Daarnaast zijn energieopwek en de warmtetransitie ook samen van belang in een wijkgerichte aanpak. De ene opgave is een kans om bij bewoners, bedrijven en organisaties ook de andere opgave te adresseren. Daarnaast is er sprake van een directe relatie als het gaat om all-electric oplossingen. Bij de herziening van deze beleidstukken is er aandacht voor deze samenhang. 1.7 Met dit beleidskader bieden we ruimte om initiatieven te beoordelen op kwaliteit Dit beleidskader heeft zowel een stimulerend als een toetsend karakter.

We scheppen weliswaar randvoorwaarden, maar proberen vooral samen met de samenleving en de markt naar oplossingen te zoeken als het gaat over: de ambities voor lokaal eigendom, meervoudig gebruik van de ruimte, de koppeling met andere transities en een zorgvuldige inpassing in het landschap. We kiezen ervoor om zoveel mogelijk aan het begin van een initiatief de dialoog aan te gaan. Hiermee wordt gehandeld in de geest van het 'ja-mits principe' van de Omgevingswet die naar verwachting in 2022 in werking treedt. In plaats van zoveel mogelijk inhoudelijke criteria vooraf mee te geven en hier vervolgens op te toetsen, kiezen we ervoor om meer beleids- en procesmatige uitgangspunten en principes op te stellen, om vervolgens meer de ruimte te hebben om mee te denken over de kwaliteit van initiatieven. 1.8 Met dit beleidskader geven we invulling aan de principes van de zonneladder Conform de zonnelader heeft het plaatsen van zonnepanelen op daken de voorkeur boven grondgebonden energie-initiatieven. Echter, enkel het plaatsen van zonnepanelen op daken is onvoldoende om de volledige energieopgave te realiseren, dus zullen we ook zorgvuldig moeten kijken naar de mogelijkheden voor grondgebonden energie-initiatieven.

Het moet alleen niet zo zijn dat, door een beperkte netcapaciteit, het opwekken van energie op zonnevelden ten koste gaat van de kansen voor energieopwek op (bedrijfs)daken. Binnen de RES Noord- en Midden Limburg werken we daarom aan een afwegingsmethode die op korte termijn inzichtelijk inzicht dient te geven in de daadwerkelijke vraag naar netcapaciteit, ingegeven door beoogde energie-initiatieven in de regio. Op basis daarvan zal met netbeheerder Enexis worden gewerkt aan een gezamenlijke routekaart om te investeren in het elektriciteitsnet. Om dit op een goede manier te kunnen uitvoeren, vindt er momenteel binnen de RES ook een inventarisatie plaats naar het daadwerkelijke potentieel van zon op daken in de regio. Dit gebeurt door te kijken naar wat er al in de pijplijn zit als beoogde projecten, maar ook naar wat de overige potentie is van bedrijfsdaken zonder plannen. Hierbij dient de kanttekening te worden gemaakt dat een concrete berekening altijd bij benadering is omdat exacte cijfers lastig zijn te duiden. Indicatie cijfers Venlo, op basis van RVO (2020): Gerealiseerd vermogen zon op dak Pijplijn vermogen zon op dak Resterende mogelijkheden zon op dak (grootschalig)

TWh in regio 0,15 0,331 0,1

Percentage in de regio 26% 57% 17%

4

TWh in Venlo 0,054 0,165 0,045

Raadsvoorstel

Bij zon op dak maken we onderscheid in kleinschalige opwek op daken (<15 kWp) en grootschalige zon op dak (> 15 kWp). Ten aanzien van kleinschalige zon op dak gaan we ervan uit dat ongeveer 70% van het dakoppervlak geschikt is. Bij grootschalige zon op dak is dit ongeveer 50% van het dakoppervlak. Voor kleinschalige aansluitingen worden vooralsnog geen problemen voorzien. 1.9 De ruimtelijke effecten van dit beleid krijgen een plek in de Omgevingsvisie Op dit moment wordt door het Rijk gewerkt aan de Omgevingswet. Werken in de geest van de Omgevingswet vraagt om een andere manier van werken en organiseren. In dit beleidskader wordt hierop voorgesorteerd. Dit is gedaan door middel van een uitnodigend karakter en via participatie in het voortraject. Het beleidskader moet uiteindelijk worden vertaald in de systematiek en instrumenten van de Omgevingswet. Concreet betekent dit dat de ruimtelijke effecten van dit beleid een plek zullen krijgen in het plan van aanpak voor het Omgevingsplan en de Omgevingsvisie. Dit staat de uitvoering van dit beleidskader niet in de weg. 1.10 Met dit beleidskader wordt de motie monitoring grondkwaliteit beantwoord (1774100) Tijdens de oordeelsvormende vergadering d.d. 16 juni 2021 is door wethouder Pollux toegezegd om te onderzoeken of er onderzoek mogelijk is naar het verschil in grondkwaliteit voor en na de plaatsing van zonnepanelen.

Een van de uitgangspunten in het beleidskader betreft ‘schone grond na afloop van de vergunning’. Hierover geldt het volgende: -

-

Als er sprake is van vervuiling, dan dient de eigenaar van de energie-installatie de sanering van de grond te betalen, volgens het principe de vervuiler betaalt; Een meting van relevante parameters van de bodemconditie zal hiervoor nodig zijn; Binnen de regio Noord- Limburg wordt een onderzoek gestart hoe de kwaliteit van de grond bij projecten met zon op land kan worden gemonitord en slim gebruik kan worden gemaakt van ervaringen van andere gemeenten; Daarnaast kost het tijd om betrouwbare onderzoeksresultaten te generen; eventuele effecten op de bodem vragen vaak om een langdurige periode van monitoring; Het gaat hier over bodemkwaliteit in de breedste zin van het woord; over vervuiling, maar ook over biodiversiteit.

5

Raadsvoorstel

Kanttekeningen 1.1 Voor de realisatie van toekomstige energie-initiatieven zijn we afhankelijk van de (op dit moment beperkte) beschikbare netcapaciteit Voor de twee potentiegebieden voor grootschalige opwek die in dit kader worden benoemd, geldt dat aansluiting op het net kansrijk lijkt, maar dit zal in een nader uit te voeren verkenning verder in beeld moeten worden gebracht, ook rekening houdend met de mogelijke uitbreiding van het elektriciteitsnet in de komende jaren. De afgelopen jaren zijn er diverse grotere initiatieven op bedrijfsdaken ontwikkeld en de komst van het windpark op de Greenport staat gepland. Voor de aansluiting van deze ontwikkeling is net als de andere geplande grootschalige RES-projecten in de regio (zogenaamde pijplijnprojecten) reeds ruimte is gereserveerd op het elektriciteitsnet. Voor nog niet geplande (middel)grote initiatieven is dit niet het geval en lijkt de ruimte beperkt. De beperkte netcapaciteit in onze regio is een vraagstuk dat we niet alleen bekijken op het niveau van een losstaand initiatief, maar waarover we ook voortdurend in gesprek zijn met de netbeheerder en onze regiogemeenten. Deze beperkte capaciteit op het elektriciteitsnet is een landelijk probleem, waarbij samenwerking essentieel is voor het vinden van oplossingen.

Daarom monitoren we landelijke ontwikkelingen, zetten we in op (regionale) kennisdeling en zoeken we samen met onze partners naar mogelijkheden voor netuitbreiding en opslagtechnieken. 1.2 De beleidsmatige uitgangspunten moeten worden vastgelegd in een beleidsregel Het beleidskader beschrijft een weergave van de gewenste ontwikkelingen voor het opwekken van duurzame energie en biedt houvast bij de weging van nieuwe initiatieven. Het biedt daarmee echter nog geen direct juridisch toetsingskader voor aangevraagde omgevingsvergunningen. Om een brug te slaan tussen de beleidsmatige wenselijkheid van initiatieven en de toetsbaarheid en uitvoerbaarheid daarvan in de praktijk worden, na de vaststelling van dit beleidskader, nadere regels vastgelegd in een toetsingskader. Dit zal plaatsvinden in de vorm van een beleidsregel. De bevoegdheid om deze beleidsregel vast te stellen ligt bij het college. 1.3 Gelet op de grote energieopgave is er behoefte aan meer inzicht in de gewenste rol van de gemeente in de energietransitie Recentelijk is er een amendement ingediend om onderzoek te laten verrichten naar de mogelijkheden voor een gemeentelijk warmtebedrijf. In bredere zin zou de gemeentelijke rol in de energietransitie ook in de herziening van dit beleidskader een plek kunnen krijgen, door ook te verkennen welke mogelijkheden er zijn voor een gemeentelijk energiebedrijf.

Rolduidelijkheid en eensgezindheid binnen de gemeentelijke organisatie (ambtenaren, college, raad) helpt om met meer perspectief het gesprek aan te gaan met potentiële partners in toekomstige energieprojecten. Op dit moment is de rol van de gemeente Venlo voornamelijk faciliterend en stimulerend, maar gelet op de grote energieopgaven valt te overwegen om als gemeente in de toekomst ook een samenwerking aan te gaan met private partijen of volledig zelf energieprojecten te exploiteren. (Regionaal) vervolgonderzoek moet de potentie, kansen en risico’s hiervan verder in beeld brengen.

Financiën Het vaststellen van dit beleidskader kent geen directe financiële gevolgen.

6

Raadsvoorstel

Communicatie Nadat het beleidskader is vastgesteld, zullen de uitgangspunten op laagdrempelige wijze worden gecommuniceerd met belanghebbenden, zoals inwoners en bedrijven die zelf hun eigen duurzame energie willen opwekken.

Vervolgprocedure raad Dit beleidskader wordt om de twee jaar herzien. De gemeenteraad zal in dit proces worden geconsulteerd. Daarnaast zal de raad door het college worden geïnformeerd indien er zich vanuit dit beleidskader kansen voordoen voor de verkenning van concrete energieprojecten. Het beleidskader dient namelijk tevens als handvat om de kansen voor grootschalige energieinitiatieven verder te verkennen. Om de haalbaarheid en wenselijkheid van een mogelijke ontwikkeling op hoofdlijnen in kaart te brengen, is het noodzakelijk om eerst de kansen, behoeften, zorgen en belangen op de halen bij relevante belanghebbenden uit het gebied. Over de mogelijkheden voor het verkennen van ‘energieke gebiedsontwikkelingen’ in de potentiegebieden zoals benoemd in het door u vast te stellen beleidskader wordt u in het eerste kwartaal van 2022 verder geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief. Deels komt deze opgave voort uit de Regionale Energiestrategie 1.0 (RES 1.0). De uitgangspunten van de RES 1.0 hebben dan ook als basis gediend voor dit beleidskader. De RES gaat met name over de grootschalige ontwikkelingen. Hiervoor bekijken we in de aangewezen potentiegebieden of en hoe het grootschalig opwekken van energie kan worden gecombineerd met andere opgaven in dat gebied. In dit kader worden deze grootschalige ontwikkelingen aangeduid met 'spoor 1'.

Maar we willen juist ook kleinere lokale initiatieven vanuit de samenleving stimuleren. Het stimuleren van dit soort kleinere initiatieven geldt in dit beleidskader als 'spoor 2'. Uiteraard dragen deze initiatieven ook bij aan de opgave. Het doel van dit beleidskader is meervoudig: 1. Het in beeld brengen van de kansen voor het opwekken van duurzame energie (met daarbij aandacht voor een koppeling met andere transities, meervoudig gebruik van de ruimte, zorgvuldige inpassing in het landschap en het vinden van draagvlak); 2. De uitwerking van ambities voor lokaal eigendom; 3. Een beschrijving van een pakket aan stimuleringsmaatregelen; 4. Het bieden van een kader met principes en voorwaarden, waarmee de Venlose ruimtelijke kwaliteiten worden beschermd.

7

Raadsvoorstel

Burgemeester en wethouders van Venlo de secretaris

de burgemeester

Twan Beurskens

Antoin Scholten

Bijlagen Nr. 1. 2. 3. 4. 5.

Naam Beleidskader Nieuwe energie .. .. .. ..

Datum 15-11-2021 .. .. .. ..

8

Raadsbesluit onderwerp raadsnummer 2022 raadsvergadering d.d.

GEMEENTEBESTUUR Beleidskader Nieuwe energie 5 26-01-2022

team Werken & Bereikbaarheid steller S. Belgers doorkiesnummer +31 615605000 e-mail s.belgers@venlo.nl datum 15-11-2021

De raad van de gemeente Venlo; gelezen het voorstel van het college van 14-12-2021, registratienummer 179078 ; gelet op artikel ; besluit: Vaststellen van het beleidskader ‘Nieuwe energie’ en de daarin geformuleerde ambities (bijlage 1). Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 januari 2022. De griffier

De voorzitter

Geert van Soest

Antoin Scholten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/507/documents/11108