Was-wordt lijst (3e wijz)
Tekst van het document
Was-wordt lijst Bijlage bij Verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Velsen 2019 (3e wijziging)
WAS
WORDT
Artikel 2:9, eerste lid, onder d (Begripsbepaling) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)
het in een inrichting in de zin van de
Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;
het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
Artikel 2:15, achtste lid (Exploitatievergunning) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)
De burgemeester verleent op verzoek of
De burgemeester verleent op verzoek of ambtshalve
genoemd in het eerste lid aan openbare
openbare inrichtingen die horecabedrijf zijn als bedoeld
ambtshalve vrijstelling van het verbod inrichtingen die horecabedrijf zijn als
bedoeld in artikel 1 van de Drank- en
Horecawet, indien de openbare inrichting
in de directe omgeving, naar verwachting, geen overlast zal veroorzaken of geen
negatieve invloed zal hebben op de woon-
vrijstelling van het verbod genoemd in het eerste lid aan in artikel 1 van de Alcoholwet, indien de openbare
inrichting in de directe omgeving, naar verwachting,
geen overlast zal veroorzaken of geen negatieve invloed zal hebben op de woon- en leefsituatie en de openbare orde.
en leefsituatie en de openbare orde.
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
Afdeling 6a. Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoeld in de Drank- en Horecawet (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit)
WAS
WORDT
Titel
Titel
Afdeling 6a. Bijzondere bepalingen over
Afdeling 6a. Bijzondere bepalingen over horecabedrijven
horecabedrijven als bedoeld in de Dranken Horecawet
als bedoeld in de Alcoholwet
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
Artikel 2:22, eerste lid (Schenktijden paracommerciële rechtspersonen) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)
In dit artikel wordt onder
In dit artikel wordt onder alcoholhoudende drank en
paracommerciële rechtspersoon verstaan
daaronder wordt verstaan in de Alcoholwet.
alcoholhoudende drank en onder
dat wat daaronder wordt verstaan in de
onder paracommerciële rechtspersoon verstaan dat wat
Drank- en Horecawet.
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
Artikel 2:30a (Verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties) (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit)
WAS 1.
WORDT
Het is verboden op een openbare
1.
plaats of in een voor het publiek
toegankelijk openstaand gebouw
een voor het publiek toegankelijk openstaand gebouw en daarbij behorend erf zichtbaar
en daarbij behorend erf zichtbaar
goederen te dragen, bij zich te hebben of te
goederen te dragen, bij zich te
vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een
hebben of te vervoeren die
organisatie die bij rechterlijke uitspraak of
uiterlijke kenmerken zijn van een
bestuursrechtelijk besluit verboden is verklaard
organisatie die bij rechterlijke
of is ontbonden vanwege een werkzaamheid of
uitspraak of bestuursrechtelijk
2.
besluit verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een
werkzaamheid of doel in strijd 2.
Het is verboden op een openbare plaats of in
3.
met de openbare orde.
Het eerste lid is niet van
doel in strijd met de openbare orde.
Onder het verbod van het eerste lid vallen tevens uiterlijke kenmerken die daarmee een sterke gelijkenis hebben.
Het eerste lid is niet van toepassing voor zover het Wetboek van Strafrecht in het daarin geregelde voorziet.
toepassing voor zover het
Wetboek van Strafrecht in het daarin geregelde voorziet.
Toelichting: Met toevoeging van het tweede lid is ook het voeren van uiterlijke kenmerken die een
sterke gelijkenis vertonen met die van verboden organisaties verboden. Deze toevoeging is voor de gemeente Velsen van belang aangezien er in de IJmond een kern van Hardliners actief is, die wat
betreft de uiterlijke kenmerken een sterke gelijkenis hebben met de Hells Angels. Met toevoeging van het tweede lid mogen ook de symbolen van de MC Hardliners niet langer in het openbaar gedragen worden.
Artikel 2:31, tweede lid (Verboden drankgebruik) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) Het verbod is niet van toepassing op: a. een terras dat behoort bij een
horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Drank- en Horecawet; en
b. een andere plaats dan een
horecabedrijf als bedoeld onder a,
waarvoor een ontheffing geldt krachtens
Het verbod is niet van toepassing op:
a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet; en
b. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld
onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet.
artikel 35 van de Drank- en Horecawet.
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
WAS
WORDT
Artikel 2:31b (Verbod op gevaarlijke voorwerpen) (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit)
Blanco
1.
Het is verboden op door de burgemeester
aangewezen wegen, met inbegrip van daaraan gelegen voor het publiek toegankelijke
gebouwen en terreinen, messen, knuppels,
slagwapens of andere voorwerpen die als wapen 2.
kunnen worden gebruikt, bij zich te hebben.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet
voor wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie en evenmin voor andere
zaken die als wapen kunnen worden gebruikt en die zodanig zijn ingepakt dat deze niet geschikt 3.
zijn voor onmiddellijk gebruik.
Dit artikel is niet van toepassing voor zover in het onderwerp daarvan is voorzien bij of krachtens de Wet wapens en munitie.
Toelichting: Met dit nieuwe artikel heeft de burgmeester de mogelijkheid om gebieden aan te wijzen waar men geen gevaarlijke voorwerpen, anders dan die reeds in de Wet wapens en munitie zijn verboden, bij zich mag dragen.
Artikel 2:44 (Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat) (artikel I, onderdeel E van het wijzigingsbesluit)
Blanco
1.
In dit artikel wordt verstaan onder: a.
Exploitant: natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, indien van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijke persoon, voor wiens rekening en risico de bedrijfsmatige activiteiten worden uitgeoefend;
b.
Beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding over de bedrijfsmatige activiteiten;
WAS
WORDT c.
Bedrijf: de bedrijfsmatige activiteit die plaatsvindt in een voor het publiek toegankelijk gebouw, niet zijnde een seksinrichting, of een daarbij behorend perceel of enig andere ruimte, niet zijnde een woning die als zodanig in gebruik is.
2.
De burgemeester kan gebouwen, gebieden of bedrijfsmatige activiteiten aanwijzen waar(op) het verbod uit het derde lid van toepassing is. Een gebouw of gebied wordt uitsluitend aangewezen als in of rondom dat gebouw dan wel in dat gebied naar het oordeel van de burgemeester de leefbaarheid of de openbare orde en veiligheid onder druk staat. Een aanwijzing van een gebouw of gebied kan zich tot één of meer bedrijfsmatige activiteiten beperken. Een bedrijfsmatige activiteit wordt uitsluitend voor de gehele gemeente aangewezen als naar het oordeel van de burgemeester de leefbaarheid of openbare orde en veiligheid door de bedrijfsmatige activiteit onder druk staat.
3.
Het is verboden om zonder vergunning van de burgemeester een bedrijf uit te oefenen: a.
in een door de burgemeester op grond van het tweede lid aangewezen gebouw of gebied voor door de burgemeester benoemde bedrijfsmatige activiteiten; of
b.
indien de uitoefening van het bedrijf een door de burgemeester op grond van het tweede lid aangewezen bedrijfsmatige activiteit betreft.
4.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:7 kan de burgemeester een vergunning als bedoeld in het derde lid weigeren: a.
in het belang van het voorkomen of beperken van overlast of strafbare feiten;
b.
indien de leefbaarheid in het gebied door de wijze van exploitatie nadelig wordt beïnvloed of dreigt te worden beïnvloed;
WAS
WORDT c.
de exploitant of beheerder in enig opzicht van slecht levensgedrag is;
d.
indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;
e.
indien niet voldaan is aan de bij of krachtens lid vijf en zes gestelde eisen met betrekking tot de aanvraag;
f.
indien er aanwijzingen zijn dat in het bedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;
g.
indien de vestiging of de exploitatie in strijd is met een geldend bestemmingsplan, een geldend ruimtelijk exploitatieplan, een geldende beheersverordening, een geldend voorbereidingsbesluit of de Wet milieubeheer.
5.
De vergunning wordt aangevraagd door de exploitant. Een aanvraag om een vergunning wordt ingediend door gebruikmaking van een door de burgemeester vastgesteld formulier. Bij de aanvraag om een vergunning wordt vermeld voor welke bedrijfsmatige activiteiten de vergunning wordt gevraagd, en worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden overgelegd: a.
de persoonsgegevens en een geldig identiteitsbewijs van de exploitant of beheerder;
b.
het adres en telefoonnummer waar de bedrijfsmatige activiteiten worden uitgeoefend;
c.
het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;
d.
indien van toepassing de verblijftitel van de exploitant of beheerder;
WAS
WORDT e.
een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant of beheerder gerechtigd is om in Nederland arbeid te verrichten;
f.
een document waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is over de ruimte te beschikken waarin het bedrijf wordt gevestigd.
6.
Indien de burgemeester dat nodig acht voor de beoordeling van een aanvraag kan hij verlangen dat aanvullende gegevens worden overgelegd.
7.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:5 kan de burgemeester een vergunning als bedoeld in het derde lid intrekken of wijzigen indien: a.
door het bedrijf de openbare orde wordt aangetast of dreigt te worden aangetast; of
b.
door het bedrijf de leefbaarheid in het gebied door de wijze van de exploitatie nadelig wordt beïnvloed of dreigt te worden beïnvloed; of
c.
de voorwaarden uit de vergunning of de plichten voortvloeiend uit dit artikel niet worden nageleefd; of
d.
de exploitant of beheerder in enig opzicht van slecht levensgedrag is; of
e.
de exploitant of beheerder betrokken is of ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten of strafbare feiten in of vanuit het bedrijf danwel toestaat of gedoogt dat strafbare feiten of activiteiten worden gepleegd waarmee de openbare orde nadelig wordt beïnvloed; of
f.
er strafbare feiten in het bedrijf hebben plaatsgevonden of plaatsvinden; of
g.
er aanwijzingen zijn dat in het bedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of Vreemdelingenwet 2000 bepaalde; of
WAS
WORDT h.
de bedrijfsmatige activiteiten door de exploitant zijn beëindigd danwel sprake is van een gewijzigde exploitatie; of
i.
redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de vergunning vermelde in overeenstemming is; of
j.
de vestiging of de exploitatie in strijd is met een geldend bestemmingsplan, een geldend ruimtelijk exploitatieplan, een geldende beheersverordening, een geldend voorbereidingsbesluit, de Wet milieubeheer of een gebiedsplan.
8.
Indien een bedrijf in strijd met het verbod uit het derde lid van deze bepaling wordt geëxploiteerd of indien een van de situaties als bedoeld in het zevende lid, sub a tot en met i, van toepassing is, kan de burgemeester de sluiting van het bedrijf bevelen.
9.
Het is een ieder verboden een overeenkomstig het achtste lid van deze bepaling gesloten bedrijf te betreden of daarin te verblijven.
10. De sluiting kan door de burgemeester worden opgeheven indien later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven. 11. De exploitant is verplicht elke verandering in de uitoefening van zijn bedrijf waardoor deze niet langer in overeenstemming is met de in de vergunning opgenomen gegevens zo spoedig mogelijk aan de burgemeester te melden. De burgemeester verleent een gewijzigde vergunning, als het bedrijf aan de vereisten voldoet. 12. Het is verboden een bedrijf voor bezoekers geopend te hebben zonder dat de exploitant of beheerder aanwezig is. 13. De exploitant en de beheerder zien erop toe dat in het bedrijf geen strafbare feiten plaatsvinden.
WAS
WORDT 14. In afwijking van het derde lid geldt dit verbod voor de exploitant die op het moment van inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit reeds onder het aanwijzingsbesluit vallende bedrijfsmatige activiteiten verricht, voor die bestaande activiteiten op bestaande locaties eerst drie maanden na inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit of met ingang van inwerkingtreding van het besluit tot weigering of intrekking van een door hem aangevraagde vergunning, voor zover dat eerder is. 15. Op de vergunning als bedoeld in het derde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Toelichting: Met dit nieuwe artikel is er de mogelijkheid om bepaalde gebieden of branches aan te wijzen waarvoor een vergunningplicht gaat gelden. Dit om te kunnen voorkomen dat malafide
ondernemers zich in de gemeente Velsen gaan vestigen. Hoewel er op dit moment geen concrete signalen zijn met betrekking tot een bepaald gebied of een bepaalde branche, wordt het artikel opgenomen om indien nodig snel te kunnen handelen.
Artikel 3:7, eerste lid, onder h, onderdeel 1 (Weigeringsgronden vergunning) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)
bepalingen, gesteld bij of krachtens de
bepalingen, gesteld bij of krachtens de Alcoholwet, de
Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid
vreemdelingen en dit hoofdstuk;
Drank- en Horecawet, de Opiumwet, de vreemdelingen en dit hoofdstuk;
Opiumwet, de Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid
Toelichting: De Drank- en Horecawet is gewijzigd en wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet.
Artikel 6:1 (artikel I, onderdeel D van het wijzigingsbesluit)
WAS
WORDT
Overtreding van het bij of krachtens de
Overtreding van het bij of krachtens de volgende
grond van artikel 1:3 daarbij gegeven
gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft
volgende artikelen bepaalde en de op voorschriften en beperkingen wordt
gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van tweede
categorie: 2:1, 2:7, 2:8, 2:10, 2:13, 2:15, 2:16, 2:17, 2:20, 2:25, 2:26, 2:27, 2:28,
2:29, 2:30a, 2:31a, 2:32, 2:33, 2:35, 2:36, 2:37, 2:43, 3:11, 3:12, 3:5, 3:10, 3:13,
3:14, 4:3, 4:9, 5:2, 5:3, 5:4, 5:5, 5:6, 5:7, 5:8, 5:9, 5:10, 5:11, 5:15, 5:16, 5:17,
artikelen bepaalde en de op grond van artikel 1:3 daarbij met hechtenis van ten hoogste drie maanden of
geldboete van tweede categorie: 2:1, 2:7, 2:8, 2:10,
2:13, 2:15, 2:16, 2:17, 2:20, 2:25, 2:26, 2:27, 2:28,
2:29, 2:30a, 2:31a, 2:31b, 2:32, 2:33, 2:35, 2:36, 2:37, 2:43, 2:44, 3:11, 3:12, 3:5, 3:10, 3:13, 3:14, 4:3, 4:9, 5:2, 5:3, 5:4, 5:5, 5:6, 5:7, 5:8, 5:9, 5:10, 5:11, 5:15, 5:16, 5:17, 5:18, 5:19, 5:20, 5:21, 5:22, 5:23, 5:24, 5:25, 5:26, 5:27, 5:28, 5:30, 5:31 en 5:32.
5:18, 5:19, 5:20, 5:21, 5:22, 5:23, 5:24, 5:25, 5:26, 5:27, 5:28, 5:30, 5:31 en 5:32.
Toelichting: Artikelen 2:31b en 2:44 toegevoegd aan de strafbepaling.