Verslag sessie Herijking jeugdhulp 17 juni 2021
Tekst van het document
KORT VERSLAG VAN SESSIE 5 VAN 17 JUNI 2021 Onderwerp Voorzitter Griffie Aanwezige raadsleden Aanwezige steunfractieleden Aanwezige portefeuillehouder Aanwezige ambtenaren / externe deskundigen
Herijking jeugdhulp S. Smeets M. Versteege P. van Deudekom, A.C. Eggermont, M.M. Hillebrink, R.A. van Koten, L.G.Y. Ouderkerken, I.H.J. Sitompul, P. Stam, I.C. Van Turnhout, K. Wolfs, E.H. Zorgdrager-van Laar F. Cornet, M. Gemser M. Steijn N.M. Hermans (ambtenaar) A. Brix (ambtenaar) N. van Houten (ambtenaar) C. Bakker (ambtenaar)
De voorzitter leidt het onderwerp kort in en inventariseert vervolgens wie, aan het eind van de sessie, gebruik wil maken van de rondvraag. De heer Stam wenst een vraag te stellen over de beantwoording van de schriftelijke vragen die hij eerder heeft gesteld. De heer Arnaud Brix (ambtenaar) geeft een presentatie over de herijking van de jeugdhulp. Mevrouw Van Turnhout (GL) geeft aan dat GroenLinks blij is dat ze worden meegenomen in dit moeilijke dossier. Grip krijgen op de jeugdzorg lijkt een onmogelijke opdracht, maar berichten in de presentatie klinken toch hoopvol. Ze zien goede plannen. De inzet om gezinnen te helpen als het nodig is, is van groot belang. Het proces is spannend voor iedereen die werkzaam is in de jeugdzorg. Elke verandering is spannend en niet elke impact is even duidelijk. Financiële prikkels zijn van grote invloed op organisaties. Mevrouw Van Turnhout onttrekt zich niet van de indruk dat een klassenverschil is ontstaan in de jeugdzorg. Klopt het dat er verschil is ontstaan in toegang tot de jeugdzorg? Hoe komt het toch dat zoveel kinderen in de jeugdzorg zitten? De heer Stam (LGV) is benieuwd naar het gat dat dit jaar ontstaat in de begroting. De heer Stam gaat ervan uit dat er ook doelstellingen etc. waren bij het opstellen van de begroting.
In hoeverre kunnen we daarvan op aan? Of krijgen we volgend jaar weer zo’n boodschap? Mevrouw Gemser (PvdA) geeft aan dat goed voor de jeugd in Velsen gezorgd moet worden. Zeker in coronatijd vraagt de jeugdzorg extra aandacht. Hebben we wel voldoende zich op hoe het met onze jeugd gaat? In november werden twee moties aangeboden, motie 36 en 42. Hoezo haken we niet aan bij initiatieven zoals de brandbrief van de wethouder van Barendrecht, mevrouw Roopram? De extra middelen zijn mooi, maar niet genoeg. Wat doen we als gemeente om de tekorten aangevuld te krijgen? En heeft de gemeente ook oog voor de kleine zelfstandigen? De PvdA vindt een breed aanbod aan zorg belangrijk. Er wordt gesproken over wachtlijsten. Zijn die wachtlijsten gespecialiseerd? Ook moet doorstroom naar de
Wet langdurige zorg (WLZ) bevorderd worden, stelt mevrouw Gemser. De heer Stam (LGV) denkt dat door de grote hoeveelheid aanbieders de kosten hoger zullen zijn. Mevrouw Gemser stelt dat een breed aanbod met ook kleine aanbieders goed is, maar je moet zorgen dat het administratief en financieel haalbaar is. Mevrouw Wolfs (VL) hoorde dat de meerjarenbegroting positief is, maar dat de doelstellingen niet gehaald gaan worden. Onze beïnvloedingssfeer is uiteindelijk te beperkt. Er zijn middelen in aantocht om wachtlijsten te beperken. Het besef dat een landelijke lobby voor extra middelen nodig is, is in aantocht. Mevrouw Wolfs sluit zich aan bij de opmerking van mevrouw Gemser over motie 36. Waarom halen we altijd systemen overhoop, terwijl het probleem nog niet opgelost is? Het levert meer problemen op dan het oplost. Wat zijn precies de effecten van corona, de gevolgen daarvan en wachtlijsten? De druk met name in de spoed en crisiszorg, heeft wat Velsen Lokaal betreft bijzondere aandacht. Wat doen we als de overbruggingszorg niet wordt geleverd? We hebben ook onze zorgen over budgetplafonds. Ze zijn nodig maar vormen ook een risico. Middels het verstevigen van de jeugdhulp willen we de instroom beperken.
Wat gebeurt er met motie 42 – dat geen enkele jongere tussen wal en schip mag vallen– als het geld op is? Mevrouw Wolfs deelt de verbazing van mevrouw Gemser over budgetplafonds. In hoeverre werken jeugdzorginstellingen in onze regio systeemgericht en in hoeverre zijn ze bereid hierop in te zetten? En kan je ze hiertoe dwingen en zijn ze hiertoe ingericht? Velsen Lokaal is hier kritisch op. Daarnaast is Velsen Lokaal benieuwd naar de uitwerking, de verwervingsstrategie en het preselectiedocument dat in oktober voorgelegd zal worden. De heer Cornet (CU) dankt voor de toelichting en vindt het goed dat maatregelen ingezet zijn. De budgetplafonds zouden een gelegenheidsmaatregel moeten zijn. Het zou juist moeten gaan over de effectiviteit van de hulpverlening en de uitstroom. Als de hulpverlening effectief is, zal de duur van de zorg moeten gaan afnemen. Hoe wordt dat gesprek nu gevoerd en wie voeren die gesprekken? Leiden de budgetplafonds ook tot het aanbieden aan andere, minder geschikt aanbieders. Wat betreft de normalisatie: wordt ook gekeken naar de ouders die het druk hebben? Bij de inkoop is het sturen op kwaliteit belangrijk. Hoe gaat die regie en het casemanagement? Zorg daarbij voor continuïteit in de vertrouwensrelatie, aldus de heer Cornet. De ChristenUnie erkent het belang van kleine lokale aanbieders.
Op welke wijze wordt geborgd dat ook kleine aanbieders gecontracteerd kunnen worden? De heer Hillebrink (D66V) geeft aan dat preventie D66Velsen erg aanspreekt. D66Velsen vraagt zich af in hoeverre het CJG/GGD de jeugd wel in beeld heeft. De verbinding van preventieve zorg en het specialistisch veld is een wenselijke ontwikkeling. In hoeverre zijn we bezig met het verplaatsen van de zorgvraag en de zorgbudgetten? Wat betreft budgetplafonds: het gevaar dreigt dat het budget aan het eind van het jaar op is en wachtlijsten blijven bestaan. We behoren ook de zorg voor de jeugd te garanderen, stelt de heer Hillebrink. De gevolgen van de coronacrisis voor de jeugdhulp: er wordt meer vraag naar jeugdhulp verwacht. Dit wordt nu al zichtbaar bij aanbieders van complexe casuïstiek bezighouden. D66Velsen vraagt zich af in hoeverre zich dit spanning oplevert met de maatregelen in de pijlers 1 tot en met 4. Een gevaar is dat het aanbod beperkter wordt; daarmee beperk je de keuzemogelijkheden van de cliënten. Wat D66Velsen zouden organisaties eerder
betrokken moeten worden bij een aanbesteding. In hoeverre worden jeugdzorgorganisaties vooraf betrokken? De heer Van Koten (PS) stelt voorop dat de focus moet liggen op wat er in de afgelopen maanden is veranderd. De invloed in beperkt. Welk probleem moeten we nu oplossen: een systeem probleem of een kind-probleem? Een systeemprobleem lossen we niet makkelijk op, stelt de heer Van Koten. Maar zijn er nu werkelijk meer kinderen ziek of is het systeem ziek? Dat moet uit elkaar gehouden worden, stelt de heer Van Koten. Zetten we wel in op allemaal zaken om de instroom te bevorderen? We houden de problemen als de problemen in het systeem niet worden opgelost. Mevrouw Eggermont (CDA) is het op grote lijnen eens met de heer Van Koten. We krijgen veel informatie over de jeugdhulp en dat is goed. Maar soms begint het te duizelen en is de vraag: waar staan we precies? We hebben de bezuinigingsopdracht niet gehaald. Mevrouw Eggermont vraagt zich dan ook af of die opdracht wel haalbaar was. Gezinnen zijn heel erg belangrijk, maar weten ze wel de weg te vinden? Het CDA heeft altijd ingezet op de éénloketfunctie, maar ze zien dat niet helder terug. Achter de moties staat het CDA nog steeds; jammer dat dit niet in deze stukken terug te vinden is. Dyslexie hoort ook echt bij het onderwijs. Opnieuw beginnen met de jaarcontracten, dat kost een hoop energie.
Een kind mag wat betreft het CDA niet buiten spel te komen staan. Mevrouw Ouderkerken (VVD) dankt voor de presentatie. Ze is benieuwd wat de dilemma’s zijn bij de budgetplafonds. Zou er meer bezuinigd moeten worden? De VVD vindt continuïteit van de uitvoering ontzettend belangrijk; we moeten de kinderen blijven helpen met goede hulp. We vinden het heel fijn dat we meegenomen worden in de uitvoering, stelt mevrouw Ouderkerken. Waar het de VVD om gaat is dat de bezuiniging zou komen, en toen niet meer. Gaat de wethouder het nog waar maken? De VVD gaf al aan het zeer ambitieus te vinden. De voorzitter geeft aan dat technische vragen schriftelijk beantwoord kunnen worden. Wethouder Steijn geeft aan dat de gemeente voor een grote opgave staat en geeft aan dat de gemeente wil zorgen dat elk kind passende zorg krijgt. We zien echter ook dat de kosten de pan uit rijzen. Het is altijd goed om na te denken of je je geld wel effectief besteedt. Het moet anders. Dat is financieel ingestoken, maar ook de vraag naar zorg is toegenomen. De vraag lijkt toe te nemen en zwaarder te worden. Daarom heeft het college ingezet op die vier pijlers. Het moet toegankelijker, dat ouders de weg weten te vinden. Het zit ‘m ook in het preventieve veld. Dat is voor het college de belangrijke onderlegger voor de hele operatie die opgezet moet worden. Beide moties, 36 en 42, zijn door het college ondersteund.
Als daar meer berichtgeving over moet komen, zal de wethouder dat meegeven. Wat is je invloed als gemeente? We hebben een taak dat de jeugdigen op een passende manier in de buurt kunnen worden geholpen. We staan nu op het punt om veel gesprekken te voeren met veel jeugdzorgaanbieders. Het klassenverschil, kan iedereen wel de juiste zorg krijgen: dat is pijler twee en het laagdrempelig maken is belangrijk. Het college schat in dat het plaatje nu klopt. Daarbij houdt de wethouder wel de slag om de arm dat ze corona ook niet aan zagen komen: we weten nog niet wat op ons ad komt. Maar zoals het er nu ligt, lijkt het erop dat we dit pad opgaan, stelt de wethouder. Dyslexie, waarom zit dat niet bij het onderwijs? Dat is een wettelijke taak
die bij de zorg hoort. Onderwijs kan daar echter een belangrijke rol in spelen. Wat als het geld op is? Er zijn altijd open einde regelingen; elk kind dat zorg nodig heeft, krijgt die zorg, stelt de wethouder. We zijn altijd in gesprek met de aanbieder wat gedaan kan worden binnen de budgetplafonds. De insteek is dat de budgetplafonds een gezonde prikkel zijn voor jeugdzorgaanbieders om het niet zover te laten komen. Wethouder Dinjens heeft altijd aangegeven dat het een ingewikkelde klus gaat worden, geeft wethouder Steijn aan. De heer Hillebrink (D66V) geeft aan dat D66Velsen zich zorgen maakt over de sturing vanuit de gemeente. De specialistische zorg is namelijk lastig te kaderen en te vatten, stelt de heer Hillebrink. Wethouder Steijn geeft aan dat de budgetplafonds niet op zich staan: het omvat het hele traject. En mocht een aanbieder aan het plafond zitten, gaan we kijken wat nog mogelijk is. Er mag geen kind tussen wal en schip vallen. We hebben de plafonds echter wel als financiële prikkel nodig om te zorgen dat de aanbieders hun stinkende best gaan doen. De heer Hillebrink spreekt zijn zorgen uit over de specialistische zorg, zeker met die budgetplafonds. De wethouder deelt ook de zorg dat kinderen tussen wal een schip vallen en zal deze zorg ook meenemen. De specialistische zorg mag hierdoor niet in de knel komen.
Mevrouw Wolfs (VL) ziet dat ingezet wordt op de vier pijlers, maar wat wordt gedaan als een organisatie niet mee kan werken en niet op kostenbesparing toegerust is? Wethouder Steijn deelt die zorg. Het belang van het kind staat voorop, geeft de wethouder aan. Er wordt gewerkt aan een wegingskader en structuur om die casuïstiek te laten beoordelen. Daar moet iets voor komen, stelt de wethouder. De heer Van Koten vatte alles goed samen, stelt wethouder Steijn. Je moet dan ook een keer een reis maken door het systeem. Dat kan helpen is het herijken van de jeugdhulp. Dat doen we graag samen met de zorgaanbieders. We hopen van harte dat we bij het volgende kwartaal een hoop stappen verder zijn, geeft de wethouder aan. Mevrouw Eggermont mist nog steeds de éénloketfunctie. Wethouder Steijn geeft aan dat het moeilijk te vangen is in één loket. Daarom is het belangrijk dat iedereen in het preventieve veld waar hij of zij kan doorverwijzen. Dat is belangrijker dan één centraal nummer, stelt de wethouder. Wat betreft de bezuinigingen: het duurt langer, maar uiteindelijk gaan we er komen, geeft de wethouder als reactie op mevrouw Ouderkerken. We moeten de instroom van corona van jongeren met zwaardere zorg niet onderschatten. De heer Brix (ambtenaar) geeft aan dat de dilemma’s reeds langsgekomen zijn.
Aanbieders die een klein volume hebben qua kosten in het vorig jaar, dan heeft dat invloed op het budgetplafond van het huidig jaar. Als je een kleine ‘n’ hebt, zit je heel snel aan het budgetplafond. Daarbij is het van belang dat het kind niet tussen wal en schip valt en dat eventueel een uitzondering gemaakt kan worden. Mevrouw Gemser (PvdA) vroeg nog naar de 1,9 miljard euro die naar de gemeenten komt, of dat al is meegenomen. En hoe zit het met de WLZ? En waar zijn de onderdelen pleeghulp en daghulp? De voorzitter constateert dat het technische vragen zijn en dat deze schriftelijk afgedaan kunnen worden. Mevrouw Wolfs (VL) vraagt of pijler 2 niet eigenlijk bij het onderwijs thuis hoort. Wethouder Steijn geeft aan dat wat betreft dyslexie schriftelijk nog uitgebreider op kan worden ingegaan. De
heer Hillebrink (D66V) heeft nog een vraag over de druk op de informele zorg. Wethouder Steijn geeft aan dat ze daar juist naartoe willen door met partners te werken die het hele veld beslaan. Dan kunnen partners zelf gaan schuiven met hun budget. Mevrouw Ouderkerken (VVD) vraagt of het klopt dat de afgesproken bezuinigingen niet waar zullen worden gemaakt. Wethouder Steijn reageert door aan te geven dat de bezuinigingen in 2021 niet gehaald gaan worden, maar uiteindelijk zullen de bezuinigingen wel waargemaakt worden. Wethouder Steijn zegt toe de openstaande vragen schriftelijk te beantwoorden. De voorzitter concludeert dat de openstaande vragen schriftelijk worden beantwoord, dankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de sessie. Toezeggingen: - Over de vragen betreffende dyslexie zal schriftelijk uitgebreider in worden gegaan. - De openstaande vragen zullen schriftelijk worden beantwoord.