Toelichting Bijlage 2 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai en bedrijven Hofgeest VSV
Tekst van het document
Rapport Projectnummer: 337784 Referentienummer: SWNL0251423 Datum: 26-11-2020
Bestemmingsplan Hofgeest VSV in Velsenbroek Akoestisch onderzoek
Definitief
Opdrachtgever: BPD Regio Noord-West Postbus 51262 1007 EG Amsterdam
Sweco De Holle Bilt 22 3732 HM De Bilt Postbus 203 3730 AE De Bilt Nederland
T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl
Sweco Nederland B.V. Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt
Dolf van Onna Adviseur Bouwfysica en Geluid M +31 6 53 82 22 42
Verantwoording Titel
Bestemmingsplan Hofgeest VSV in Velsenbroek
Subtitel
Akoestisch onderzoek
Projectnummer
337784
Referentienummer
SWNL0251423
Revisie
D6
Datum
26-11-2020
Auteur
Dolf van Onna
E-mailadres
dolf.vanonna@sweco.nl
Gecontroleerd door
Willy Slokkers
Paraaf gecontroleerd
Goedgekeurd door
Rob Cornelis
Paraaf goedgekeurd
2 (39)
Inhoudsopgave 1
Inleiding ............................................................................................................. 5
1.1
Aanleiding en doel ............................................................................................... 5
1.2
Leeswijzer ........................................................................................................... 6
2
Wettelijk kader ................................................................................................... 7
2.1
Industrielawaai..................................................................................................... 7
2.1.1
Ruimtelijke ordening ........................................................................................................ 7
2.1.2
Activiteitenbesluit............................................................................................................. 8
2.1.3
Indirecte hinder................................................................................................................ 9
2.2
Wegverkeerslawaai ........................................................................................... 10
2.3
Cumulatief ......................................................................................................... 11
2.4
Gemeentelijk geluidbeleid .................................................................................. 12
3
Uitgangspunten ............................................................................................... 13
3.1
Industrielawaai................................................................................................... 13
3.1.1
Autodemontage M.J. Rutte B.V. ..................................................................................... 13
3.1.2
Rugbyclub The Smugglers ............................................................................................. 14
3.1.3
Dressuurstal Gouda....................................................................................................... 16
3.2
Wegverkeerslawaai ........................................................................................... 17
3.3
Rekenmethode en modellering .......................................................................... 19
3.4
Gebruikte nummering ........................................................................................ 20
4
Resultaten ........................................................................................................ 21
4.1
Industrielawaai................................................................................................... 21
4.1.1
Autodemontage M.J.Rutte B.V. ...................................................................................... 21
4.1.2
Rugbyclub The Smugglers ............................................................................................. 23
4.1.3
Dressuurstal Gouda....................................................................................................... 25
4.2
Wegverkeerslawaai ........................................................................................... 27
4.2.1
Rijkswegen A22/A9/A208............................................................................................... 27
4.2.2
Hofgeesterweg .............................................................................................................. 30
4.2.3
Broekeroog ................................................................................................................... 31
4.2.4
Nieuwe ontsluitingsweg ................................................................................................. 32
4.2.5
Oostlaan ....................................................................................................................... 33
4.2.6
Grote Buitendijk ............................................................................................................. 33
4.2.7
’t Spijk ........................................................................................................................... 34
4.3
Cumulatieve geluidsbelasting............................................................................. 34
5
Conclusie ......................................................................................................... 35
5.1
Industrielawaai................................................................................................... 35
3 (39)
5.1.1
Autodemontage M.J. Rutte B.V. ..................................................................................... 35
5.1.2
Rugbyclub The Smugglers ............................................................................................. 36
5.1.3
Dressuurstal Gouda....................................................................................................... 37
5.1.4
Maatwerkvoorschrift....................................................................................................... 37
5.2
Wegverkeerslawaai ........................................................................................... 37
5.2.1
Rijkswegen.................................................................................................................... 38
5.2.2
Gemeentelijke wegen .................................................................................................... 38
5.2.3
Hogere waarde.............................................................................................................. 38
5.3
Cumulatieve geluidsbelasting............................................................................. 39
Bijlage 1
Situatietekening
Bijlage 2
Invoergegevens industrielawaai
Bijlage 3
Invoergegevens wegverkeerslawaai
Bijlage 4
Rekenresultaten industrielawaai
Bijlage 5
Rekenresultaten wegverkeerslawaai
Bijlage 6
Gecumuleerde geluidsbelastingen
4 (39)
1
Inleiding
1.1 Aanleiding en doel De partijen BPD Ontwikkeling B.V. en CV De Hofgeester gronden namen het initiatief om te komen tot een integrale ontwikkeling van, respectievelijk, de plandelen Hofgeest VSV en Hofgeest West. De gemeente sloot met deze partijen begin 2017 een intentieovereenkomst. De planontwikkeling bestaat uit het verplaatsen van de aanwezige sportaccommodaties en de realisatie van circa 380 woningen. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken is het nodig om een bestemmingsplanprocedure te doorlopen. In het kader van deze procedure heeft BPD Ontwikkeling B.V. aan Sweco Nederland B.V. opdracht verleend voor een akoestisch onderzoek naar de effecten van wegverkeers- en industrielawaai. Dit akoestisch onderzoek heeft alleen betrekking tot het plandeel van BPD Ontwikkeling B.V. genaamd Hofgeest VSV, zie onderstaande figuur.
Hofgeest VSV
Plangebied
Figuur 1-1
Ligging totale plangebied en plandeel Hofgeest VSV (bron: cyclomedia)
In dit rapport zijn de effecten vanwege industrielawaai inzichtelijk gemaakt. Het betreft geluiden veroorzaakt op het terrein van: Autodemontage M.J. Rutte BV gelegen Hofgeesterweg 7 en de Dressuurstal Gouda gelegen aan de Oostlaan 2. Het plangebied ligt ingesloten tussen de A208 en de A22/A9 ten noorden van Velserbroek. Daarnaast wordt het plangebied omsloten door een aantal gemeentelijke wegen. In dit rapport is de geluidsbelasting vanwege alle relevante wegen inzichtelijk gemaakt.
5 (39)
Het plandeel Hofgeest VSV omvat 138 woningen. Voor de ligging van de geplande woningen is gebruik gemaakt van de tekening van MB architecten met de naam ‘1978situatie Hofgeest oost d.d. 06-05-20’. Deze tekening is gegeven in onderstaande figuur en bijlage 1.
Figuur 1-2 Stedebouwkundige plan MB architecten 06-05-2020
1.2 Leeswijzer Ieder hoofdstuk bevat een paragraaf over industrielawaai gevolgd door paragraaf over wegverkeerslawaai. In hoofdstuk 2 wordt het wettelijk kader besproken. Hoofdstuk 3 omschrijft de situatie en de uitgangspunten die zijn gehanteerd voor het onderzoek. In hoofdstuk 4 zijn de rekenresultaten weergegeven. Tot slot worden in hoofdstuk 5 de conclusies gegeven.
6 (39)
2
Wettelijk kader
2.1 Industrielawaai Bij het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dient men met de bestaande situatie rekening te houden. In dit geval is er sprake van bestaande woning- en bedrijven. Het wettelijk kader splitst zich uiteen in een kader met betrekking tot Ruimtelijke Ordening en een Milieukader. Beide aspecten moeten in de bestemmingsplanprocedure onderzocht worden. 2.1.1 Ruimtelijke ordening Voor de ruimtelijke ordening kan in eerste instantie worden uitgegaan van de richtafstanden zoals genoemd in de publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (2009). Op basis van een categorie-indeling van bedrijfstypen worden hierin richtafstanden gegeven voor diverse milieuaspecten, waaronder ‘geluid’. Indien deze in acht worden genomen, kan gesteld worden dat ter plaatse van de nieuw te realiseren woningen sprake is van een (akoestisch gezien) acceptabel woon- en leefklimaat. Bij het stellen van de richtafstanden wordt onderscheid gemaakt in twee gebiedstyperingen, te weten een ‘rustige woonwijk met weinig verkeer’ en een ‘gemengd gebied’. Indien sprake is van een gemengd gebied, kunnen de richtafstanden in algemene zin met één afstandsstap worden gereduceerd. Zie tabel 2-1. Omgevingstype rustige woonwijk Een rustige woonwijk is ingericht volgens het principe van functiescheiding.
Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen, in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties, is weinig verstoring door verkeer. Tabel 2-1
Omgevingstype gemengd gebied Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor, zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd.
Richtafstanden en omgevingstype
Milieucategorie 1 2 3.1 / 3.2 4.1 / 4.2 5.1 / 5.2 / 5.3 6
Richtafstand [m] Rustige woonwijk Gemengd gebied 10 0 30 10 50 / 100 30 / 50 200 / 300 100 / 200 500 / 700 / 1.000 300 / 500 / 700 1.500 1.000
In de direct omgeving liggen twee bedrijven en één sportclub. Het gaat hierbij over Autodemontage Rutte, Dressuurstal Gouda en Rugby Club The Smugglers. Wat betreft het aspect ‘geluid’ wordt voor een autodemontagebedrijf (bruto oppervlakte 1.000 m²) een richtafstand van 100 meter voorgeschreven. De richtafstand tot maneges is 30 meter, deze richtafstand is representatief voor de Dressuurstal Gouda. Voor het bestaande rugbyveld van Rugby Club The Smugglers (veldcomplex met verlichting) is een richtafstand van 50 meter van toepassing. Het betreft hier richtafstanden in een ‘rustige woonwijk’.
7 (39)
De nog aan te leggen sportvelden van VSV en Rugby Club The Smugglers (nieuwe locatie) hebben eveneens een richtafstand van 50 meter. Het plangebied ligt niet binnen de richtafstand van deze nieuw aan te leggen velden. Omdat de Rugbyclub mogelijk pas verhuist na realisatie van de woningen is de geluiduitstraling van de huidige locatie onderzocht. Dit is gedaan omdat de nieuwbouw ligt binnen de 50 meter van deze loactie. Ook ligt het plangebied voor een deel binnen de richtafstand van Autodemontage Rutte en Dressuurstal Gouda ligt. Daarom is ook de geluiduitstraling van deze twee bedrijven nader onderzocht. Onderzoek naar de geluiduitstraling van de nieuwe sportvelden is vanwege de afstand tot het plangebied niet nodig. De weergegeven richtafstanden zijn van toepassing in een ‘rustige woonwijk’. Er dient te worden opgemerkt dat bovengenoemde publicatie geen wetgeving bevat, echter gelet op jurisprudentie wel als ‘harde eis’ kan worden gezien. Echter, uit uitspraken van de Raad van State kan worden geconcludeerd dat mits gemotiveerd afgeweken kan worden van de VNGrichtafstanden. De motivatie kan hierbij bestaan uit het feit dat vergunningvoorschriften wellicht strenger zijn dan de richtafstanden of dat sprake is van een werkelijke geluidsuitstraling die een kortere afstand rechtvaardigt. In het laatste geval dient een en ander met een akoestisch onderzoek te worden onderbouwd.
Hierbij kunnen de toetsingswaarden uit de VNG-publicatie gehanteerd worden, zoals gegeven in tabel 2-2 Tabel 2-2
Geluidsnormen volgens VNG-richtlijnen 7:00 - 19:00 uur 19:00 - 23:00 uur 23:00 - 7:00 uur LAr,LT (rustige woonwijk, weinig verkeer) 45 dB(A) 40 dB(A) 35 dB(A) LAr,LT (gemengd gebied)* 50 dB(A) 45 dB(A) 40 dB(A) LAmax (rustige woonwijk, weinig verkeer) 65 dB(A) 60 dB(A) 55 dB(A) LAmax (gemengd gebied)* 70 dB(A) 65 dB(A) 60 dB(A) * Het plangebied kan vanwege de verscheidenheid in functies, zoals wonen, sporten, bedrijven en diverse wegen (A22, A9 en A208), aangemerkt worden als ‘gemengd gebied’.
2.1.2 Activiteitenbesluit De inrichtingen vallen onder de werkingssfeer van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit). De standaardvoorschriften in het Activiteitenbesluit met betrekking tot geluid zijn omschreven in de artikelen 2.17 tot en met 2.22 en luiden, samengevat, als volgt: Artikel 2.17 1. Voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) en het maximaal geluidsniveau (LAmax), veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige installaties en toestellen, alsmede door de in de inrichting verrichte werkzaamheden en activiteiten en laad- en losactiviteiten voor en in de onmiddellijke nabijheid van de inrichting, geldt dat: a. de niveaus op de in tabel 2-3Tabel 2-3 genoemde plaatsen en tijdstippen niet meer bedragen dan de in die tabel aangegeven waarden; Tabel 2-3
Grenswaarden volgens artikel 2.17 uit het Activiteitenbesluit 7:00 – 19:00 uur 19:00 – 23:00 uur LAr,LT op de gevel van woningen 50 dB(A) 45 dB(A) LAr,LT in in- of aanpandige woning 35 dB(A) 30 dB(A) LAmax op de gevel van woningen 70 dB(A) 65 dB(A) LAmax in in- of aanpandige woning 55 dB(A) 50 dB(A)
23:00 – 7:00 uur 40 dB(A) 25 dB(A) 60 dB(A) 45 dB(A)
8 (39)
b. de in de periode tussen 07.00 en 19.00 uur in tabel 2-3 opgenomen maximale geluidsniveaus (LAmax) niet van toepassing zijn op laad- en losactiviteiten; f. de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft gelden in geluidsgevoelige ruimten en verblijfsruimten. Artikel 2.18 1. Bij het bepalen van de geluidsniveaus, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20, blijft buiten beschouwing: a. het stemgeluid van personen op een onverwarmd en onoverdekt terrein, dat onderdeel is van de inrichting, tenzij dit terrein kan worden aangemerkt als een binnenterrein; b. het stemgeluid van bezoekers op het open terrein van een inrichting voor sport- of recreatieactiviteiten; 2. Bij het bepalen van de geluidsniveaus, bedoeld in artikel 2.17 dan wel 2.20, wordt voor muziekgeluid geen bedrijfsduurcorrectie toegepast. 3. Bij het bepalen van het maximaal geluidsniveau (LAmax), bedoeld in artikel 2.17 blijft buiten beschouwing het geluid als gevolg van: a. het komen en gaan van bezoekers bij inrichtingen waar uitsluitend of in hoofdzaak horeca-, sport- en recreatieactiviteiten plaatsvinden; b. het verrichten in de open lucht van sportactiviteiten of activiteiten die hiermee in nauw verband staan. Artikel 2.19 en 2.19a Artikel 2.19 en 2.19a zijn niet van toepassing voor dit onderzoek. Artikel 2.20 1.
In afwijking van de waarden, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19 en 2.19a, kan het bevoegd gezag bij maatwerkvoorschrift andere waarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) en het maximaal geluidsniveau (LAmax) vaststellen. 2. Het bevoegd gezag kan slechts hogere waarden vaststellen dan de waarden, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19 en 2.19a, indien geluidgevoelige ruimten dan wel verblijfsruimten van gevoelige gebouwen, die zijn gelegen binnen de akoestische invloedssfeer van de inrichting, een etmaalwaarde van maximaal 35 dB(A) wordt gewaarborgd. 3. De in het tweede lid bedoelde etmaalwaarde is niet van toepassing indien de gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen. 4. Het bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen over de plaats waar de waarden, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19 dan wel 2.19a, voor een inrichting gelden. 5. Het bevoegd gezag kan bij maatwerkvoorschrift bepalen welke technische voorzieningen in de inrichting worden aangebracht en welke gedragsregels in acht worden genomen teneinde aan geldende geluidsnormen te voldoen.
2.1.3 Indirecte hinder Voor de beoordeling van indirecte hinder door wegverkeer wordt verwezen naar de circulaire ‘Geluidshinder veroorzaakt door wegverkeer van en naar de inrichting’ van het Ministerie van VROM van 29 februari 1996. Het equivalente geluidsniveau (L Aeq) ten gevolge van indirecte hinder, veroorzaakt door mobiele geluidsbronnen (wegverkeer) op weg naar en/of afkomstig van de inrichting en als zodanig akoestisch herkenbaar, mag op de gevel van woningen van derden bij voorkeur niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde. Hogere waarden zijn slechts onder bepaalde voorwaarden toelaatbaar. De maximale grenswaarde bedraagt 65 dB(A).
9 (39)
2.2 Wegverkeerslawaai De Wet geluidhinder stelt dat alle wegen zoneplichtig zijn, met uitzondering van woonerven en wegen die zijn opgenomen in een 30 km-zone. Iedere zoneplichtige weg heeft volgens artikel 74 Wet geluidhinder (Wgh), afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging van de weg in stedelijk of buitenstedelijk gebied, een zone. De zonebreedtes zijn weergegeven intabel 2-4. Tabel 2-4
Onderzoekszones langs wegen Onderzoekszone
Aantal rijstroken 1 of 2 3 of 4 5 of meer
Binnenstedelijk gebied 200 meter 350 meter 350 meter
Buitenstedelijk gebied 250 meter 400 meter 600 meter
In de directe omgeving van het plangebied liggen de wegen Hofgeesterweg, de Broekeroog, ’t Spijk, de Oostlaan en de Grote Buitendijk. Daarnaast valt het plangebied in de geluidszone van de rijkswegen A22/A9/A208. Volgens de Wet geluidhinder zijn deze wegen zoneringsplichtige wegen. Daarom is het effect van deze wegen onderzocht. Voor woningen gelegen binnen een zone van een weg is in de Wet geluidhinder een ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting op de gevel bepaald van (Lden) 48 dB. Op de gevel van andere geluidgevoelige gebouwen worden bij algemene maatregel van bestuur waarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege een weg. In de Wet geluidhinder wordt onderscheid gemaakt tussen nieuwe en bestaande situaties. Er is sprake van een nieuwe situatie als een bestemmingsplan wordt opgesteld of herzien ten behoeve van de bouw van geluidgevoelige bestemmingen of de aanleg van een weg. De in de Wet genoemde ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting moet dan in ogenschouw genomen worden. Van een bestaande situatie is sprake als de geluidgevoelige bestemmingen al bestonden voor 1 januari 2007 en de geluidsbelasting destijds hoog was. In dit geval is sprake van een nieuwe situatie voor te realiseren woningen langs bestaande wegen. In tabel 2-5 zijn de grenswaarden van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting op de gevel van de woningen gegeven.
Tabel 2-5 Grenswaarden geluidsbelasting nieuw te projecteren woningen Normering Regime nieuwe situaties Ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting 48 dB (art. 82.1) Maximale ontheffing (buitenstedelijk) 53 dB (art. 83.1) Maximale ontheffing (stedelijk) 63 dB (art. 83.2)
Het college van burgemeester en wethouders (B&W) kunnen onder voorwaarden een toelaatbare geluidsbelasting van de gevel toelaten. In dit geval tot maximaal 63 dB voor binnenstedelijke situaties en 53 dB als gevolg van de rijkswegen (A22/A9/A208). Voor rijkswegen geldt per definitie het buitenstedelijke regime. Ontheffing op de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB wordt enkel verleend als maatregelen ter vermindering van de geluidsbelasting onvoldoende doeltreffend blijken te zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van financiële, stedenbouwkundige, verkeerskundige of landschappelijke aard. Indien een hogere waarde wordt toegestaan,
10 (39)
dient aangetoond te worden dat het binnenniveau in verblijfsgebieden van geluidgevoelige bestemmingen niet meer bedraagt dan 33 dB. Voordat getoetst wordt aan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, dient eerst een correctie toegepast te worden op de berekende geluidsbelasting conform artikel 110g van de Wet geluidhinder. De hoogte van deze aftrek wordt bepaald conform artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (hierna: RMG2012). Voor wegen waarvan de representatieve snelheid lager is dan 70 km/uur wordt een correctie toegepast van 5 dB. Voor wegen waar de toegestane maximumsnelheid hoger of gelijk is aan 70 km/uur geldt een aftrek afhankelijk van de berekende geluidsbelasting. Indien de berekende geluidsbelasting 57 dB bedraagt, is de aftrek 4 dB. Bij een geluidsbelasting van 56 dB bedraagt de correctie 3 dB. Bij alle andere waarden bedraagt de correctie 2 dB. 2.3 Cumulatief In de Wet geluidhinder is geregeld dat wanneer Hogere grenswaarden worden verleend, in een aantal gevallen onderzoek dient plaats te vinden naar cumulatie van verschillende grenswaarden. Het betreft hierbij onderzoek dat dient te worden uitgevoerd ter plaatse van de geluidsgevoelige bestemmingen (waarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld) die in meerdere geluidszones in de zin van de Wet geluidhinder gelegen zijn.
Tevens dient er sprake te zijn van overschrijding van de hoogste toelaatbare geluidsbelasting ten gevolge van de betreffende bron in het toekomstig maatgevende jaar. Artikel 110f (Wgh) stelt dat indien er sprake is van bovenstaande, onderzoek naar samenloop vereist is en dat hierbij aangegeven dient te worden op welke wijze hiermee rekening is gehouden bij de te treffen maatregelen. In het zesde lid van artikel 110a wordt aangegeven dat B&W slechts hogere waarden vast kunnen stellen, wanneer de gecumuleerde geluidsbelasting niet leidt tot een naar hun oordeel onacceptabele geluidsbelasting. Opgemerkt wordt dat in de Wet geluidhinder geen grenswaarden voor de gecumuleerde geluidsbelasting worden gegeven, een en ander is derhalve ter beoordeling van het bevoegd gezag. Om toch een uitspraak te kunnen doen over het complete akoestisch woon- en leefklimaat, wordt aansluiting gezocht bij de cumulatiemethode zoals gegeven in Hoofdstuk 2 van bijlage 1 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Deze methode, LCUM, wordt tevens aangehaald in de publicatie ‘Handreiking en saldobenadering geluid’ van de Regiegroep Geluid Limburg. Bij deze cumulatiemethode wordt rekening gehouden met de hinderervaring bij blootstelling aan diverse soorten geluidsbronnen.
Alle relevante bronnen worden omgerekend naar een equivalent geluidsniveau 1 (L*) dat zou worden ervaren, indien veroorzaakt door wegverkeer. Vervolgens worden alle equivalente niveaus energetisch gesommeerd tot LCUM. Beoordeling kan plaatsvinden aan de wettelijke grenswaarden voor wegverkeerslawaai of, na omrekening, aan de grenswaarden voor elke andere bronsoort. Het RMG 2012 merkt hierbij wel op dat de in de Wet geluidhinder gestelde normen gesteld zijn voor toetsing van een bron afzonderlijk en daardoor slechts een vergelijking plaats kan vinden. Letterlijke toepassing van de normen is daarbij niet aan de orde.
1 Bepaling equivalente niveaus:
Railverkeer:
L*RL
= 0.95 x LRL – 1.40
Luchtvaart:
L*LL
= 0.98 x LLL + 7.03
Industrie:
L*IL
= 1.00 x LIL + 1.00
Wegverkeer:
L*VL
= 1.00 x LVL + 0.00
11 (39)
2.4 Gemeentelijk geluidbeleid De gemeente Velsen kent geen gemeentelijk geluidbeleid. Er zijn geen aanvullende eisen met betrekking tot de geluidsbelasting.
12 (39)
3
Uitgangspunten
3.1
Industrielawaai
3.1.1 Autodemontage M.J. Rutte B.V. Omschrijving Op 25 en 28 juni 2019 is een bezoek gebracht aan de inrichting. Tijdens deze bezoeken is met de eigenaar de bedrijfsvoering doorgesproken en zijn aan de maatgevende geluidproducerende activiteiten bronmetingen gedaan met als doel het vaststellen van de geluidproductie van de activiteiten. Op de inrichting worden van maandag tot en met zaterdag van 08.00 tot 19.00 uur auto’s gedemonteerd en kunnen klanten onderdelen kopen. Minder dan twaalfmaal per jaar kan er in de avondperiode (tussen 19.00 en 22.00 uur) activiteiten plaatsvinden. Gedurende een gemiddelde werkdag komen er 10 vrachtwagens, 10 bestelwagens en circa 60 personenauto’s voor het halen en/of bezorgen van goederen (sloopauto’s en autoonderdelen). De personenauto’s worden geparkeerd op terrein dat tegenover de ingang van de inrichting ligt. Dit terrein behoort tot de inrichting maar wordt doorkruist door de openbare weg. Het bedrijf heeft 7 heftrucks waarvan er twee alleen maar in de loods rijden en 5 (diesel) buiten rijden. Twee dagen in de week vinden er activiteiten plaats met een verhoogde geluidsproductie. Op die dagen worden circa 90 auto’s gesloopt en in elkaar gedrukt. Het strippen van auto’s vindt in een loods plaats. De geluidproductie van deze activiteiten zijn zo gering dat er geen geluid naar buiten plaatsvindt.
Op het buitenterrein worden auto’s met een snijbrander, gezaagd en/of knijper in stukken gemaakt. Bij de werkzaamheden wordt gebruik gemaakt van apparatuur die op luchtdruk werken. De compressor die hierbij gebruikt wordt is van een geluidsarm type en staat binnen opgesteld. De motorblokken, velgen en dergelijke worden met behulp van een heftruck in containers gedeponeerd. Volle containers worden met vrachtwagens afgevoerd. Representatieve bedrijfssituatie Voor de inrichting is sprake van een bedrijfssituatie. In tabel 3-1zijn voor een dag met verhoogde geluidactiviteiten de activiteiten in de vorm van bronnen, aantal bewegingen en bedrijfsduur vermeld. Deze zijn in het rekenmodel opgenomen.
13 (39)
Tabel 3-1 Gegevens bronnen representatieve bedrijfssituatie Omschrijving Dagperiode Bronvermogen 07:00 – 19:00 uur Lw dB(A) Lw;max dB(A) Personenauto 60 stuks 86,7 1) Bestelwagens 10 stuks 100,0 1) Zware vrachtwagen 10 stuks 100,0 1) Stationair draaien vrachtwagen 30 minuten 96,7 Dichtslaan autoportier 98,8 Optrekken bestelwagen 94,0 Optrekken vrachtwagen 110,0 Heftruck buitenterrein (5 stuks) 8 uur 106,2 2) 3) 117,3 Rijden shovel 8 uur 100,1 2) 103,0 Uithalen motorblok met shovel 1,5 uur 114,2 2) 119,3 Zagen aan auto 1 uur 107,5 2) 115,5 Platdrukken auto 2 uur 111,6 2) 120,8 Gooien van: • bakonderdelen in container 133,7 • onderdelen in bak 15 min 115,6 2) 120,8 • onderdelen in bak in schuur 15 min 110,6 2) 117,0 Oud ijzer platslaan 3 min 112,7 2) 118,5 Plaatsen/ophalen container 116,9 Muziek via radio 12 uur 113,4 2) Voertuigen op openbare weg Personenauto Bestelwagens Zware vrachtwagen
120 stuks 20 stuks 20 stuks
99,2 104,5 103,8
1)
In het rekenmodel is het aantal met een factor 2 verhoogd. Dit omdat de voertuigen de inrichting verlaten via dezelfde route als dat ze gekomen zijn. 2) Bronvermogen bepaald op basis van metingen ter plaatse 3) Gemeten bronvermogen verhoogd met aantal van 5 bronnen [10log(5)] 7 dB(A)
3.1.2 Rugbyclub The Smugglers Omschrijving Door de voorzitter van de rugbyclub is het gebruik van rugbyclub The Smugglers op Sportpark Hofgeest opgegeven. Het rugbyseizoen loopt van september tot april. Echter de trainingen gaan het gehele jaar door. Er wordt gebruik gemaakt van één sportveld. Aan de zuidoostzijde van dit veld staat het clubhuis met kleedruimten en kantine. Achter het clubhuis ligt een parkeerterrein. Op dinsdag en vrijdag tussen 18:30 en 20:00 uur vinden jeugdtrainingen plaats en tussen 20:00 en 22:00 uur trainen de senioren. Circa driemaal per jaar worden op zaterdag tussen 12:00 en 15:00 uur wedstrijden voor de jeugd georganiseerd. Op zondag tussen 14:00 - 18:00 uur zijn er gemiddeld eenmaal per twee weken wedstrijden voor senioren. Bij trainingen komen voor 19:00 uur circa 10 personenauto’s en na 19:00 uur circa 20. Op wedstrijddagen op zondag kunnen dat er voor 19:00 uur circa 50 zijn. De velden worden een aantal malen per jaar gemaaid en besproeid. Het maaien gebeurt in de dagperiode en duurt circa één uur.
14 (39)
De geluidsproductie veroorzaakt in de kleedkamers is ondergeschikt aan de geluidproductie veroorzaakt door de activiteiten op de velden. De kantine is geopend tot circa twee uur na afloop van de laatste training. Hierbij kan tot circa 0:00 uur muziek ten gehore worden gebracht. Volgens opgave is dit geluidniveau zodanig laag dat de omwonende hiervan geen overlast ondervinden. Tijdens wedstrijddagen kan in de kantine of aan de veldzijde na een wedstrijd rugbyliederen samen met de tegenstander worden gezongen. De deur en ramen aan de zijde van het sportveld kunnen hierbij open staan. In de meeste gevallen zal de muziek dienen als achtergrondmuziek en zal de geluidsproductie niet hoger zijn dan circa 85 dB(A). Op basis van het voorgaande zijn de volgende situaties in beeld gebracht: Situatie 1: Trainingsdag De trainingen vinden plaats op doordeweekse dagen van 18:00 tot 22:00 uur (een uur in de dagperiode en drie uur in de avondperiode) op het veld. Op het veld zijn er gemiddeld vijfentwintig spelers en twee trainers actief. Tijdens de trainingen zijn er weinig of geen toeschouwers aanwezig. In dit onderzoek is ervan uitgegaan dat circa vijfentwintig leden met een auto komen (vijftig voertuigbewegingen), de rest komt lopend of met de fiets. Situatie 2: Wedstrijddag Op zondag wordt een wedstrijden gespeeld. De wedstrijd duurt 2 x 40 minuten.
Bij elke wedstrijd is er een scheidsrechter aanwezig. Bij de wedstrijden is uitgegaan van gemiddeld vijftig toeschouwers per wedstrijd. De toeschouwers staan verspreid langs alle zijden van het veld. Circa vijftig spelers en toeschouwers komen met de auto (honderd voertuigbewegingen) de rest komt lopend of met de fiets. Representatieve bedrijfssituatie Bij het bepalen van de geluidsuitstraling vanwege de inrichting dient te worden uitgegaan van de representatieve bedrijfssituatie. Deze is het beste te beschrijven als de maximale bedrijfssituatie die niet incidenteel voorkomt. De volgende geluidsbronnen zijn te onderschrijden: • gillende/spelende kinderen; • stemgeluid van sporters en trainers op veld; • stemgeluid van publiek; • fluit van scheidsrechter; • muziek uit kantines; • indirecte hinder vanwege komende en vertrekkende auto’s. In tabel 3-2 staan op basis van wat in hoofdstuk 3 is omschreven de van toepassing zijnde geluidbronnen met daarbij aangegeven gehanteerde bronvermogens, aantallen en de bedrijfsduur. Daar de omschreven activiteiten tijdens de opname ter plaatse niet aanwezig waren is uitgegaan van kengetallen die gemeten zijn bij gelijksoortige activiteiten en/of zijn overgenomen uit VDI 3770:2002-04: Emissionskennwerte technischer Schallquellen Sportund Freizeitanlagen.
15 (39)
Tabel 3-2 Bron
Bronnen, voertuigbewegingen en bedrijfsduren Aantal bewegingen/Bedrijfsduur 7:00 – 19:00 u 19:00 – 23:00 u 23:00 – 7:00 u
Bronvermogen
LW in dB(A)
LAr;LT Situatie 1: trainingen Spelersveld
1,0 uur
3,0 u
-
94,3
30 sec (0,008 u)
90 sec (0,025 u)
-
100,0 1)
Kengetal
4,0 uur
-
63,4 2)
Berekend
-
4,0 uur
-
84,5 2)
Berekend
Wedstrijden hoofdveld
1,33 uur
-
-
94,8
Kengetal
Scheidsrechtersfluit
40 sec (0,011 u)
-
-
100,0 1)
Kengetal
Toeschouwers (50 st.)
1,33 uur
-
-
96,8
Kengetal
Uitstraling kantine glasgevel
12,0 uur
-
-
63,4 2)
Berekend
Uitstraling kantine deur
12,0 uur
-
-
64,5 2)
Berekend
Scheidsrechtersfluit Uitstraling kantine glasgevel Uitstraling kantine deur
Kengetal
Situatie 2: wedstrijden
Indirecte hinder personenauto
10 30 92,6 3) Kengetal 100 T.p.v. wedstrijd 92,6 3) Kengetal Bronvermogens overgenomen uit VDI 3770:2002-04. 1) Scheidsrechtersfluit 100 dB(A). Gedurende 1 s per 2 minuten. Maximaal geluidsniveau 118 dB(A). 2) Muziekgeluid in de kantine is 85 dB(A). Voor muziekgeluid is een toeslag van 10 dB gerekend en is geen bedrijfsduurcorrectie toegepast. 3) Voor voertuigen is een rijsnelheid van 30 km/u op de toegangsweg en de parkeerplaats gehanteerd. T.p.v. training
Voor de geluidsuitstraling vanwege muziekgeluid zijn de in Tabel 3-3 de gebruikte correctiewaarden per octaafband voor het standaard A-gewogen popmuziekspectrum genoemd. Bij de toetsing is, alvorens tot een beoordeling over te gaan, de geluidsbelasting ten gevolge van de muziek verhoogd met een zogenoemde strafcorrectie van 10 dB(A). Verder is er geen bedrijfsduurcorrectie toegepast. In tabel 3-3 zijn verder nog de gehanteerde correctiewaarden per octaafband vermeld voor het standaard A-gewogen spectrum van de scheidsrechtersfluit en van stemgeluid. Tabel 3-3
Wegingsfactoren Ci per octaafband (Bron: DGMR Tabellarium)
Popmuziek Scheidsrechtersfluit Stemgeluid
63 -27 -18
125 -14 -56 -10
Octaafband met middenfrequentie 250 500 1.000 2.000 -9 -6 -5 -6 -51 -46 -31 -2 -3 -7 -10 -14
4.000 -10 -4 -
Hz dB dB dB
3.1.3 Dressuurstal Gouda Omschrijving Op 18 oktober 2019 is een bezoek gebracht aan de inrichting. Tijdens dit bezoek is met de eigenaresse de bedrijfsvoering besproken en is een bronmeting gedaan met als doel het vaststellen van de geluidproductie van de activiteiten. De dressuurstal is dagelijks open van 9:00 tot 21:30 uur en in het weekend van 9:00 tot 17:00 uur. Het bedrijf heeft de volgende doelen: • pensionstalling; • training van dressuurpaarden.
16 (39)
Hiervoor vinden de volgende activiteiten plaats, van frequent naar minder relevant: Dagelijks komen er circa 10 klanten waarvan 7 met de auto en 3 met de fiets. De klanten komen verspreid over de dag en avond. ‘s Avonds komen maximaal 3 voertuigen. In de nachtperiode vinden er geen activiteiten plaats. De personenauto’s worden geparkeerd op de verharding rond de inrit van de inrichting. Gemiddeld rijdt één keer per dag een auto met paardentrailer af en aan en één keer per dag een vrachtautobusje. Ook wordt dagelijks in circa 10 minuten het terrein schoongemaakt met een bladblazer. Daarnaast heeft het bedrijf een elektrische heftruck om strobalen over het buitenterrein te verplaatsen. Elke maand komt een vrachtwagen voer en stro brengen en elke tien dagen komt een vrachtwagen mest ophalen. Niet elke week, maar vaker dan 12 keer per jaar komt een busje met de hoefsmid langs. Eén keer per jaar wordt met een trekker de rijbak geëgaliseerd. De naastgelegen stappenmolen is elektrisch aangedreven en maakt nagenoeg geen geluid. Er zijn geen installaties zoals een airco of warmtepomp aanwezig. Tijdens het trainen van paarden wordt geen muziek afgespeeld of met verheven stem gesproken. Representatieve bedrijfssituatie Bij het bepalen van de geluidsuitstraling vanwege de inrichting dient te worden uitgegaan van een representatieve bedrijfssituatie.
Deze is het beste te beschrijven als de maximale bedrijfssituatie die niet incidenteel voorkomt. In tabel 3-4 zijn voor een dag met verhoogde geluidactiviteiten de activiteiten in de vorm van bronnen, aantal bewegingen en bedrijfsduur vermeld. Deze zijn in het rekenmodel opgenomen. Tabel 3-4 Gegevens bronnen representatieve bedrijfssituatie Omschrijving Dagperiode Avondperiode 07:00 – 19:00 u 19:00 – 23:00 u Personenauto 7 stuks 1) 3 stuks 1) Bestelwagens 2 stuks 1) Zware vrachtwagen 1 stuks 1) Stationair draaien vrachtwagen 30 minuten Dichtslaan autoportier Optrekken vrachtwagen Optrekken bestelwagen Elektrische heftruck 30 minuten Bladblazer 10 minuten
Bronvermogen Lw dB(A) Lw;max dB(A) 86,7 100,0 100,0 96,7 98,8 110,0 94,0 88,0 112,4 2) 114,4 2)
Voertuigen op openbare weg Personenauto 14 stuks 6 stuks 92,6 Bestelwagens 4 stuks 101,0 Zware vrachtwagen 2 stuks 103,8 1) In het rekenmodel is het aantal met een factor 2 verhoogd. Dit omdat de voertuigen de inrichting verlaten via dezelfde route als dat ze gekomen zijn. 2) Bronvermogen bepaald op basis van metingen ter plaatse.
3.2 Wegverkeerslawaai De locatie ligt binnen de wettelijk vastgestelde geluidszones van de rijkswegen A22, A9, A208. En ook binnen de geluidszones van de volgende gemeentelijke wegen: • de Hofgeesterweg; • de Broekeroog; • de Oostlaan;
17 (39)
• • •
de Grote Buitendijk; ’t Spijk; de nieuwe wijkontsluitingsweg.
De geluidsbelasting ten gevolge van verkeer over deze wegen is inzichtelijk gemaakt ter plaatse van de nieuwe woningen. In onderstaande figuur zijn de betrokken gemeentelijke wegen en het plangebied weergegeven.
Figuur 3-1
Overzicht onderzochte gemeentelijke wegen en ligging plangebied
Voor de toetsing aan de normen uit de Wet geluidhinder dient uitgegaan te worden van de situatie in het planjaar tien jaar na vaststelling van het bestemmingsplan. Voor dit akoestisch onderzoek is het toetsjaar 2031 gehanteerd. Door de Omgevingsdienst IJmond is een uitsnede uit het geluidmodel aangeleverd. De verkeersgegevens hierin gelden voor het toetsjaar 2030. Voor de rijkswegen is gebruik gemaakt van de brongegevens uit het Geluidregister. De verkeersgeneratie van de beoogde plannen is berekend door Sweco afdeling Mobiliteit voor het jaar 2030. De verkeerscijfers 2030 op de gemeentelijke wegen zijn met een autonome groeipercentage van 1% opgehoogd naar het toetsjaar 2031. In tabel 3-5 zijn de gehanteerde verkeersgegevens samengevat. In bijlage 3 is een nadere toelichting gegeven en is een compleet overzicht opgenomen.
18 (39)
Tabel 3-5 Weg
Gehanteerde verkeersgegevens voor het toetsingsjaar 2031 Intensiteitweekdag Wegdektype [mvt/etm]2
Rijksweg A22 Rijksweg A9 Rijksweg A208 Hofgeesterweg Broekeroog Oosterlaan ‘t Spijk Grote Buitendijk Nieuwe ontsluitingsweg
41.692 52.293 36.465 2.273 7.171 303 3.131 7.272 1.170
ZOAB3 ZOAB ZOAB DAB4 SMA-NL5 DAB DAB SMA-NL5 DAB
Snelheid Km/uur 100 120 100 50 80/50 60 60 60 50
3.3 Rekenmethode en modellering De geluidsbelasting ten gevolge van wegverkeer is berekend conform de Standaard Rekenmethode II uit bijlage 3 van het RMG2012. Hiervoor is gebruik gemaakt van het rekenapplicatie Geomilieu (v 5.20). Voor de nieuwbouwwoningen is uitgegaan van woningen met drie bouwlagen (begane grond, eerste etage en een tweede etage met schuin dak. In het model zijn de volgende waarneemhoogte per verdieping gehanteerd: • begane grond 1,5 meter; • eerste verdieping 4,5 meter; • tweede verdieping 7,5 meter; In het programma is gerekend met een standaard bodemfactor van 1 (akoestisch zacht). Afwijkingen hiervan zijn in het model opgenomen door middel van bodemgebieden. Voor water en wegen is gerekend met een bodemfactor van 0 (akoestisch hard).
2
Per weg zijn er meerdere wegvakken. In de tabel zijn de maximale intensiteit weergegeven.
3
ZOAB = Zeer open asfalt beton (standaard wegdek op rijkswegen)
4
DAB = Dicht Asfalt Beton (referentiewegdek in akoestisch onderzoeken)
19 (39)
3.4 Gebruikte nummering In onderstaande figuur is de voor dit rapport gebruikte nummering van de geplande woningen weergegeven.
Figuur 3-2
Nummering van de geplande woningen (MB Architecten)
20 (39)
4
Resultaten
4.1
Industrielawaai
4.1.1 Autodemontage M.J.Rutte B.V. Bij het autodemontagebedrijf M.J. Rutte B.V. vinden alleen gedurende de dagperiode activiteiten plaats. Daarom is conform de regelgeving alleen op een waarneemhoogte van 1,5 meter ter plaatse van de begane grond getoetst. De waarneempunten op 4,5 meter en 7,5 meter hoogte zijn niet van toepassing gedurende de dagperiode. Resultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveau In figuur 4-1 staan de rekenresultaten van het optredende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr;LT) op de gevels van de maatgevende geplande woningen, veroorzaakt door activiteiten op de terrein van het autodemontagebedrijf. In bijlage 4 staan de rekenresultaten voor alle geplande woningen in het nieuwbouwplan. Op basis van de berekeningen blijkt dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau op de gevels van de maatgevende woning ten hoogste 54 dB(A) bedraagt (waarneemhoogte 1,5 meter). Uit het akoestisch onderzoek volgt dat door de geluidsuitstraling van autodemontagebedrijf M.J. Rutte B.V. het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (L Ar;LT) op de gevels bij 6 geplande woningen hoger is dan 50 dB(A) zoals gesteld in de VNG-publicatie en/of in het Activiteitenbesluit.
Figuur 4-1 Overzicht berekent LAr;LT, in dB(A), op de gevels van de woningen
21 (39)
Bron- en overdrachtsmaatregelen Het geluid wordt voornamelijk veroorzaakt door het rondrijden van de heftrucks, het uithalen van motorblokken en het slopen van de auto’s. Het uitvoeren van bronmaatregelen is wellicht wel mogelijk maar niet wenselijk bij een bestaand bedrijf. Overdrachtsmaatregelen in de vorm van een scherm zijn alleen effectief als deze dicht op de bron staan. Het plaatsen van schermen op het terrein van het autodemontagebedrijf is niet wenselijk omdat dit de bedrijfsvoering belemmert. De mogelijkheid voor toepassing van bronmaatregelen is met de eigenaar van de inrichting besproken. In het gesprek is duidelijk geworden dat de eigenaar geen bronmaatregelen wil nemen en niet beperkt wil worden in de bedrijfsvoering. Ook heeft hij aangegeven geen uitbreidingsplannen te hebben. Aanvragen maatwerkvoorschrift De berekende waarden voldoen niet aan de in het Activiteitenbesluit gestelde grenswaarde van 50 dB(A) in de dagperiode. Indien bron of overdracht maatregelen niet mogelijk of wenselijk zijn dan kan het bevoegd gezag met een maatwerkvoorschrift andere waarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) vaststellen. Maatwerkvoorschriften kunnen opgesteld worden tot een waarde van ten hoogste 55 dB(A). De ten hoogste berekende waarden bedraagt 54 dB(A) kan hierdoor verleend worden.
Zo wordt er ook voor gezorgd dat het bedrijf geen concessies in de bedrijfsvoering moet doen. Immers de bestaande situatie is dan toegestaan. Gelet op de eis uit het Bouwbesluit voor het realiseren van een minimale karakteristieke geluidwering van 20 dB wordt met deze waarde voldaan aan het binnenniveau in de woningen van ten hoogste 35 dB(A) etmaalwaarde. Daarnaast is het goed om de geluidsbelasting in perspectief te plaatsen. De geluidsbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai is maatgevend en hierdoor worden maatregelen getroffen aan de gevel. Zo zal gevelisolatie getroffen worden en worden gevels deels als doof uitgevoerd. Bovendien zal het geluid vanwege de autosloperij grotendeels wegvallen in het achtergrondgeluid. Tevens wordt het geluid door de gevelverbetering niet of nauwelijks hoorbaar in de woningen. Daarnaast hebben vrijwel alle huizen een geluidsluwe zijde, bij de perceelindeling wordt zoveel mogelijk de achtertuin aan deze zijde gelokaliseerd. Ook met het maken van de woningindelingen zal rekening gehouden worden met de geluidluwe zijde. Resultaten maximale geluidsniveaus Uit de berekening blijkt dat de gestelde grenswaarde van ten hoogste 70 dB(A) in de dagperiode wordt overschreden. Het maximale optredende geluidsniveau (L Amax) op de gevels van woningen op de begane grond is ten hoogste 76 dB(A) in de dagperiode.
Dit maximale optredende geluidsniveau heeft in de dagperiode betrekking op een laad- en losactiviteiten, enkel het onderdeel ‘velgenbak legen’. Volgens het Activiteitenbesluit mogen de geluidsniveaus veroorzaakt door dit soort activiteiten in de periode tussen 07.00 en 19.00 uur buiten de beoordeling blijven. In dat geval wordt wel voldaan aan de gesteld grenswaarde. De regel dat laad- en losactiviteiten in de dagperiode buiten beoordeling blijven is wel een overwogen beslissing geweest waarmee rekening is gehouden op een waarborging van een goed woon- en leefklimaat bij woningen. Daarnaast staan de overschrijdingen een goed woon- en leefklimaat niet in de weg vanwege de beperkte tijd dat deze plaats vind, namelijk één keer per week gedurende enkele seconden. Het geluid dat voor de overschrijding zorgt wordt namelijk veroorzaakt door het leeg kiepen van een velgenbak in een grotere container. Het vallende materiaal
22 (39)
maakt dit piekgeluid bij het neerkomen in de bak. Slecht één keer per week vindt dit plaats en dit zorgt voor slechts een geringe overschrijding. Daarom staat dit redelijkerwijs een goed woon- en leef klimaat niet in de weg. Resultaten indirecte hinder Uit de berekening van de indirecte hinder blijkt dat het optredende equivalente geluidsniveau (LAeq), gelegd op de gevels van de geplande woningen 43 dB(A) bedraagt. De gestelde grenswaarde van ten hoogste 50 dB(A) etmaalwaarde wordt hiermee niet overschreden. In bijlage 4 zijn de rekenresultaten voor alle waarneempunten gegeven. 4.1.2 Rugbyclub The Smugglers Bij Rugbyclub The Smugglers vinden gedurende de dagperiode wedstrijden plaats en gedurende de avondperiode trainingen. Gedurende de dagperiode is de waarneemhoogte van 1,5 meter van toepassing. Het effect van de trainingsavond is getoetst op een waarneemhoogte van 4,5 en 7,5 meter hoogte, dit komt overeen met de eerste en tweede verdieping van een woning. Resultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Het optredende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr;LT) op de gevels van de maatgevende geplande woningen, veroorzaakt door activiteiten op de terrein van de rugbyclub is berekend. In bijlage 4 staan rekenresultaten voor alle geplande woningen in het nieuwbouwplan.
De berekening is uitgevoerd voor zowel een wedstrijddag als een trainingsavond (zie respectievelijk figuur 4-2 en 4-3). In bijlage 4 staan rekenresultaten voor alle geplande woningen in het nieuwbouwplan. Het optredende langtijdgemiddelde tijdens een wedstrijddag op waarneemhoogte 1,5 meter bedraagt ten hoogste 36 dB(A). Tijdens een training is deze waarde op een waarneemhoogten van 4,5 en 7,5 meter ten hoogste 43 dB(A). De ten hoogste optredende geluidsbelasting gedurende een wedstrijddag voldoet aan de gestelde grenswaarde van de dagperiode ≤ 50 dB(A). De ten hoogste optredende geluidsbelasting tijdens een trainingsavond voldoet ook aan de grenswaarde van de avondperiode ≤ 45 dB(A).
23 (39)
Figuur 4-2 Wedstrijddag - Overzicht berekent LAr;LT, in dB(A), op de gevels van de woningen
Figuur 4-3 Trainingsavond - Overzicht berekent LAr;LT, in dB(A), op de gevels van de woningen
24 (39)
Resultaten maximale geluidsniveaus De maximale geluidsniveaus worden bepaald door roepende mensen en door het fluiten op een scheidsrechters fluit. Het hoogste optredend geluidsniveau in de dagperiode bedraagt 77 dB(A) bij de bijbehorende waarneemhoogte van 1,5 meter. In de avondperiode bedraagt het maximale geluidsniveau op de beoordelingshoogte van 4,5 meter en 7,5 meter maximaal 76 dB(A). De grenswaarden van 70 dB(A) in de dagperiode en 65 dB(A) in de avondperiode worden beiden overschreden. Echter, wettelijk gezien worden geen eisen gesteld aan de hoogte van het maximale geluidniveau veroorzaakt door: stemgeluiden, activiteiten die in nauw verband staan met sportactiviteiten (zoals een scheidsrechters fluit) en niet versterkte muziek. Indien deze bronnen buiten beschouwing worden gehouden wordt voldaan aan de grenswaarde. Daarnaast staan de overschrijdingen een goed woon- en leefklimaat niet in de weg. Dit vanwege de beperkte tijd dat er hard geroepen word of de scheidsrechter fluit wordt gebruikt. Gelet op de beperkte groei van deze sport in Nederland is het niet aannemelijk dat het sportcomplex in de toekomst veel intensiever gebruikt zal gaan worden. Bovendien wordt de rugbyclub verplaatst waardoor deze niet meer in de nabijheid van de woningen zal liggen.
Het geluid van de rugbyvelden is zekerheidshalve in het onderzoek meegenomen in het geval een scenario ontstaat dat er woningen in Hofgeest in gebruik worden genomen voordat de sportvelden van rugbyclub The Smugglers zijn verplaatst. Dit zal altijd gaan om een tijdelijke situatie. Resultaten indirecte hinder Uit de berekening van de indirecte hinder blijkt dat het optredende equivalente geluidsniveau (LAeq), gelegd op de gevels van de geplande woningen maximaal 39 dB(A) bedraagt. De gestelde grenswaarde van ten hoogste 50 dB(A) etmaalwaarde wordt hiermee niet overschreden. In bijlage 4 zijn de rekenresultaten voor alle waarneempunten gegeven. 4.1.3
Dressuurstal Gouda
Resultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveau In figuur 4-4 staan de rekenresultaten van het optredende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr;LT) op de gevels van de maatgevende geplande woningen. In bijlage 4 staan rekenresultaten voor alle woningen in het nieuwbouwplan. Uit de berekeningen volgt dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau op de gevels van de maatgevende woning ten hoogste 53 dB(A) bedraagt (waarneemhoogte 1,5 m). In de avond- en nachtperiode is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau maximaal 27 dB(A).
25 (39)
Figuur 4-4 Overzicht berekent LAr;LT, in dB(A), op de gevels van de woningen
Uit het akoestisch onderzoek volgt dat door de geluidsuitstraling het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr;LT) op de gevels bij 1 geplande woning hoger is dan 50 dB(A) zoals gesteld in de VNG-publicatie en/of in het Activiteitenbesluit. Bron- en overdrachtsmaatregelen De optredende overschrijding wordt veroorzaakt door het gebruik van een bladblazer, enkel gedurende de dagperiode. Het uitvoeren van bronmaatregelen is wel mogelijk echter niet wenselijk bij een bestaand bedrijf. Overdracht maatregelen in de vorm van een scherm zijn alleen effectief als deze dicht op de bron staan en ononderbroken zijn. Het plaatsen van schermen op het terrein is niet mogelijk vanwege de inrit en niet wenselijk omdat dit de bedrijfsvoering belemmert. Daarnaast wordt de bladblazer slechts 10 minuten per dag gebruikt en is de overschrijding van de grenswaarde zeer beperkt. Het treffen van maatregelen staat niet in verhouding tot deze geringe overlast. Daarnaast staat dit beperkte gebruik een goed woon- en leefklimaat niet in de weg. Eventueel zou de bladblazer vervangen kunnen worden door een stiller exemplaar. Indien deze maatregel niet mogelijk of wenselijk is, kan het bevoegd gezag met een maatwerkvoorschrift een andere waarde voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau vaststellen. Hierdoor hoeft het bedrijf geen concessies in de bedrijfsvoering te doen.
Aanvragen maatwerkvoorschrift De overschrijdingen kunnen ongedaan gemaakt worden door een stillere bladblazer. Maatwerkvoorschriften zijn dan niet nodig. Indien deze maatregel niet mogelijk of wenselijk is kan het bevoegd gezag met een maatwerkvoorschrift een andere waarde voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) vaststellen.
26 (39)
Resultaten maximale geluidsniveaus De maximale geluidsniveaus worden ook voornamelijk bepaald door de bladblazer. Het hoogste optredend geluidsniveau in de dagperiode bedraagt 76 dB(A) bij de bijbehorende waarneemhoogte van 1,5 meter. In de avondperiode bedraagt het maximale geluidsniveau op de beoordelingshoogte van 4,5 meter en 7,5 meter maximaal 64 dB(A). De grenswaarden van 70 dB(A) in de dagperiode wordt overschreden. Het bevoegd gezag kan met een maatwerkvoorschrift ook andere waarden voor het maximaal geluidsniveau (L Amax) vaststellen. Ter onderbouwing kunnen de argumenten uit voorgaande alinea’s worden gebruikt. De grenswaarden van 65 dB(A) in de avondperiode wordt niet overschreden Resultaten indirecte hinder Uit de berekening van de indirecte hinder blijkt dat het optredende equivalente geluidsniveau (LAeq), gelegd op de gevels van de geplande woningen maximaal 41 dB(A) bedraagt. De gestelde grenswaarde van ten hoogste 50 dB(A) etmaalwaarde wordt hiermee niet overschreden. In bijlage 4 zijn de rekenresultaten voor alle waarneempunten gegeven. Aanvullende opmerking Ook wordt het bedrijf niet in zijn bedrijfsvoering bepekt met het oog op uitbreiding. Het terrein is namelijk reeds volgebouwd, een substantiële uitbreiding is daarom geen realistisch scenario. Een kleine uitbreiding zal niet leiden tot grote verschillen.
Het verkeer zal iets toenemen, hiermee neemt de indirecte hinder iets toe. Dit zal echter niet voor een overschrijding zorgen. Daarnaast zal het piekgeluid gelijk blijven. Dit geldt ook voor de geluidsbelasting van de maatgevende bron (de bladblazer). Het bedrijf wordt niet in de (toekomstige) bedrijfsvoering beperkt. 4.2 Wegverkeerslawaai In deze paragraaf is de maximale geluidsbelasting per weg opgenomen en getoetst aan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB uit de Wet geluidhinder. 4.2.1 Rijkswegen A22/A9/A208 De hoogst berekende geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwbouwwoningen ten gevolge van verkeer over de rijkswegen A22/A9/A208 bedraagt maximaal 57 dB inclusief aftrek conform artikel 3.4 uit het RMG2012. Zie figuur 4-5. Bijlage 5 bevat alle rekenresultaten per waarneempunt en verdieping uitgesplitst. Deze waarde is van toepassing na de voorgestelde overdrachtsmaatregel conform het reeds voltooide maatregelonderzoek, opgenomen in de notitie ‘Woningbouwontwikkeling Hofgeest Velserbroek - Akoestische maatregelen A22‘ met referentienummer SWNL0245295 van 18 juni 2019. Een samenvatting van dit onderzoek is in de volgende alinea gegeven.
27 (39)
Figuur 4-5 Toetsingswaarde (Lden) in dB, door verkeer op de rijkswegen, incl. corr. art. 3.4 RMG 2012
Maatregelonderzoek (samenvatting)5 Op de gevels van diverse woningen wordt de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB ten gevolge van verkeer over de rijkswegen overschreden. Op meerdere woningen wordt ook de maximale geluidsbelasting van 53 dB overschreden. Hierdoor is onderzoek naar maatregelen aan de bron, in de overdracht of bij de ontvanger nodig. Een bronmaatregel in de vorm van een geluidreducerend wegdek is niet reëel vanwege de noodzaak omdat een geluidreducerend wegdek over grote afstanden en op meerdere wegen moet worden toegepast. Dit is financieel niet verantwoord en leidt niet tot een afname van de geluidsbelasting op de woningen tot de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB. Voor het nieuwbouwplan is rijksweg A22 de maatgevende geluidbron. Het afschermen van alle drie de rijkswegen is financieel niet verantwoord en praktisch moeilijk uitvoerbaar. In het onderzoek zijn diverse overdrachtsmaatregelen in de vorm van een geluidabsorberend geluidsscherm onderzocht. Geen van de realistische varianten zorgt voor een geluidsbelasting van maximaal 48 dB op alle woningen. Ook de maximale geluidsbelasting van 53 dB wordt niet op alle woningen gehaald. Het toepassen van een geluidsscherm wordt wel aangeraden om de overschrijdingen te reduceren.
Als maatregel wordt voorgesteld een overdrachtsmaatregel in de vorm van een geluidsscherm langs de A22 over een lengte van 720 meter en een hoogte van 2 meter ten opzichte van de weg. Meerdere eerstelijns woningen dienen een dove gevel te krijgen op de begane grond, en/of eerste en/of tweede etage. Waar dit het geval is, is aangegeven met rode stippen in onderstaande figuren, eveneens te vinden in bijlage 5.
5
Het maatregelonderzoek is opgenomen in de notitie ‘Woningbouwontwikkeling Hofgeest Velserbroek -
Akoestische maatregelen A22‘ met kenmerk SWNL0245295 d.d. 18 juni 2019
28 (39)
Figuur 4-6 Begane grond, benodigde dove gevels in rood aangegeven.
Figuur 4-7 Eerste etage, benodigde dove gevels in rood aangegeven.
29 (39)
Figuur 4-8 Tweede etage, benodigde dove gevels in rood aangegeven.
Voor de woningen waar een hogere waarde voor aangevraagd wordt dient aanvullend onderzoek naar de gevelwering uitgevoerd te worden om de binnenwaarde uit het Bouwbesluit 2012 van 33 dB te garanderen. 4.2.2 Hofgeesterweg De hoogst berekende geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwbouwwoningen ten gevolge van verkeer over de Hofgeesterweg bedraagt maximaal 55 dB inclusief aftrek conform artikel 3.4 uit het RMG2012. Zie figuur 4-9. Bijlage 5 bevat alle rekenresultaten per waarneempunt en verdieping uitgesplitst. Op de gevels van diverse woningen wordt de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB ten gevolge van verkeer over de Hofgeesterweg overschreden. Hierdoor is onderzoek naar maatregelen aan de bron, in de overdracht of bij de ontvanger nodig.
30 (39)
Figuur 4-9 Toetsingswaarde (Lden) in dB, door verkeer op de Hofgeesterweg, incl. corr. art. 3.4 RMG 2012
Maatregelonderzoek Een bronmaatregel in de vorm van een geluidsreducerend wegdek is niet reëel vanwege de aanwezigheid van diverse kruisingen en het wringende verkeer wat hierdoor ontstaat. Een bronmaatregel in de vorm van een snelheidsverlaging is eveneens niet reëel omdat er reeds 50 km/uur als wettelijke rijsnelheid is vastgesteld. Verdere verlaging van de snelheid past niet bij de functie van de weg gelegen in het buitengebied. Een overdrachtsmaatregel is vanwege de aanwezigheid van de watergang niet mogelijk vanwege de beperkte ruimte tussen de bron en de ontvanger. Voor de woningen langs de Hofgeesterweg kan een hogere waarde aangevraagd worden aangezien de maximale geluidsbelasting van 63 dB niet wordt overschreden. Voor de woningen waar een hogere waarde voor aangevraagd wordt dient aanvullend onderzoek naar de gevelwering uitgevoerd te worden om de binnenwaarde uit het Bouwbesluit 2012 van 33 dB te garanderen. 4.2.3 Broekeroog De hoogst berekende geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwbouwwoningen ten gevolge van verkeer over de Broekeroog bedraagt maximaal 57 dB inclusief aftrek conform artikel 3.4 uit het RMG2012. Zie figuur 4-10. Bijlage 5 bevat alle rekenresultaten per waarneempunt en verdieping uitgesplitst. Op de gevels van diverse woningen wordt de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB ten gevolge van verkeer over de Broekeroog overschreden.
Hierdoor is onderzoek naar maatregelen aan de bron, in de overdracht of bij de ontvanger nodig.
31 (39)
Figuur 4-10 Toetsingswaarde (Lden) in dB, door verkeer op de Broekeroog, incl. corr. art. 3.4 RMG 2012
Maatregelonderzoek Als bronmaatregel is het verlagen van de rijsnelheid naar 50 km/uur onderzocht omdat voor een aanzienlijk deel ter hoogte van het plangebied deze 80 km/uur is. De snelheidsovergang van 80 km/uur naar 50 km/uur is nu ter hoogte van de kruising met de Hofgeesterweg waar de bebouwde kom begint. Na realisatie van het plan is het verplaatsen van de bebouwde komgrens naar noordwesten (bijvoorbeeld ter hoogte van het Hillogondswegje) een logische optie aangezien daar de compacte bebouwing dan begint. Deze maatregel zorgt voor een reductie van de toetswaarde voornamelijk door een hogere aftrek. Echter, is de geluidsbelasting dan nog altijd hoger dan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB met maximaal 54 dB inclusief aftrek. Een bronmaatregel in de vorm van een geluidsreducerend wegdek is niet reëel vanwege de aanwezigheid van diverse kruisingen en het wringende verkeer wat hierdoor ontstaat. Een overdrachtsmaatregel is vanwege de aanwezigheid van de wijkontsluitingsweg, watergang en een fietspad tussen de bron en de ontvanger niet mogelijk vanwege de beperkte ruimte. Voor de woningen langs de Broekeroog kan een hogere waarde aangevraagd worden aangezien de maximale geluidsbelasting van 63 dB niet wordt overschreden.
Voor de woningen waar een hogere waarde voor aangevraagd wordt dient aanvullend onderzoek naar de gevelwering uitgevoerd te worden om de binnenwaarde uit het Bouwbesluit 2012 van 33 dB te garanderen. 4.2.4 Nieuwe ontsluitingsweg De hoogst berekende geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwbouwwoningen ten gevolge van verkeer over de nieuwe ontsluitingsweg bedraagt maximaal 54 dB inclusief aftrek conform artikel 3.4 uit het RMG2012. Zie figuur 4-11. Bijlage 5 bevat alle rekenresultaten per waarneempunt en verdieping uitgesplitst.
32 (39)
Figuur 4-11 Toetsingswaarde (Lden) in dB, door verkeer op de nieuwe ontsluitingsweg, incl. corr. art. 3.4 RMG 2012
Maatregelonderzoek Op de gevels van diverse woningen wordt de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB ten gevolge van verkeer over de nieuwe ontsluitingsweg overschreden. Hierdoor is onderzoek naar maatregelen aan de bron, in de overdracht of bij de ontvanger nodig. Een bronmaatregel in de vorm van een geluidsreducerend wegdek is niet reëel vanwege de aanwezigheid van diverse kruisingen en het wringende verkeer wat hierdoor ontstaat. Een bronmaatregel in de vorm van een snelheidsverlaging is eveneens niet reëel omdat er reeds 50 km/uur als wettelijke rijsnelheid is vastgesteld. Verdere verlaging van de snelheid past niet bij de functie van de weg gelegen in het buitengebied. Een overdrachtsmaatregel is vanwege de aanwezigheid van de watergang niet mogelijk vanwege de beperkte ruimte tussen de bron en de ontvanger. Voor de woningen langs de nieuwe ontsluitingsweg kan een hogere waarde aangevraagd worden aangezien de maximale geluidsbelasting van 63 dB niet wordt overschreden. Voor de woningen waar een hogere waarde voor aangevraagd wordt dient aanvullend onderzoek naar de gevelwering uitgevoerd te worden om de binnenwaarde uit het Bouwbesluit 2012 van 33 dB te garanderen.