Toelichting Bijlage 15 Archeologisch bureauonderzoek.pdf
Tekst van het document
Bureauonderzoek Projectnummer: 337784 Referentienummer: SWNL0258254 Datum: 16-03-2020
Plangebieden Hofgeest West, Hofgeest VSV en Sportvelden te Velserbroek, gemeente Velsen Archeologisch bureauonderzoek
SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2231
Definitief
Sweco De Holle Bilt 22 3732 HM De Bilt Postbus 203 3730 AE De Bilt Nederland
T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl
Sweco Nederland B.V.
Geert Overmars
Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt
T +31 88 811 51 98 M +31 6 29 07 52 33
Verantwoording Titel Subtitel
Plangebieden Hofgeest West, Hofgeest VSV en Sportvelden te Velserbroek, gemeente Velsen Archeologisch bureauonderzoek SWECO ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 2231
ISSN-nummer
2468-4813
Projectnummer
337784
Referentienummer
SWNL0258254
Revisie
D1
Datum
16-03-2020
Auteur(s)
Geert Overmars, MA & dr. Jan Jaap Hekman
E-mailadres
janjaap.hekman@sweco.nl
Gecontroleerd door
mr. Wouter Weerheijm, MA (senior KNA Bureauonderzoek archeoloog, actornummer 38767204)
Paraaf gecontroleerd
Goedgekeurd door
Jeroen van Rooij, MA Teammanager
Paraaf goedgekeurd
Sweco voert archeologisch onderzoek uit onder procescertificaat SIKB BRL 4000 ’Archeologie’ (versie 4.1) en de protocollen 4001, 4002, 4003 en 4004. De archeologische werkzaamheden worden uitgevoerd in overeenstemming met de Kwaliteitsnorm van de Nederlandse Archeologie (KNA, versie 4.1).
2 (31)
Administratieve gegevens Uitvoerder
Sweco Nederland B.V.
Provincie Gemeente Plaats Toponiem Kaartbladnummer Kadastrale gegevens Centrum-coördinaten
Noord-Holland Velsen Velserbroek Hofgeest West / Hofgeest VSV 25W Zie bijlage 1. Deelgebied Hofgeest West: 105292; 495225 Deelgebied Hofgeest VSV: 105503; 495374 Deelgebied Sportvelden: 105886; 495043 Deelgebied Hofgeest West: C.V. De Hofgeester Gronden Deelgebieden Hofgeest VSV en Sportvelden: BPD. 4702822100 n.v.t. n.v.t. Ca. 23 ha. Gemeente Velsen Medewerker archeologie: mevr. J. de Bruïne-Groot Geert Overmars (Ma), Jan Jaap Hekman (senior KNA-archeoloog, actornummer 64229705) Mei 2019; februari 2020 Sweco Nederland B.V., vestiging Groningen
Opdrachtgever Onderzoeksmeldingsnummer Archis monumentnummer Archis waarnemingsnummer Oppervlakte plangebied Bevoegde overheid Projectmedewerkers Periode van uitvoering Beheer en plaats van documentatie
3 (31)
Inhoudsopgave Samenvatting ......................................................................................................................... 6 1
Inleiding .................................................................................................................. 8
1.1
Aanleiding van het onderzoek ................................................................................. 8
1.2
Methodiek ................................................................................................................ 8
1.3
Doelstelling en vraagstelling .................................................................................... 9
2
Bureauonderzoek ................................................................................................ 10
2.1
Afbakeningen plangebied, huidig gebruik en toekomstig gebruik ......................... 10
2.1.1
Afbakening plan- en onderzoeksgebied ..............................................................................10
2.1.2
Huidig gebruik van het plangebied ......................................................................................10
2.1.3
Toekomstig gebruik van het plangebied .............................................................................10
2.2
Aardwetenschappelijke kenmerken ....................................................................... 11
2.2.1
Geologie en geomorfologie .................................................................................................11
2.2.2
Bodem.................................................................................................................................13
2.3
Archeologische waarden ....................................................................................... 14
2.3.1
Archeologische verwachtings- en beleidskaart ...................................................................14
2.3.2
Archeologische Monumenten..............................................................................................14
2.3.3
Archis vondstlocaties ..........................................................................................................17
2.3.4
Archis onderzoeksmeldingen ..............................................................................................18
2.3.5
Conclusie archeologische waarden ....................................................................................19
2.4
Historische situatie................................................................................................. 21
2.4.1
Historische kaarten .............................................................................................................21
2.4.2
Huis ’t Spijk .........................................................................................................................21
2.5
Mogelijke bodemverstoringen................................................................................ 22
3
Gespecificeerde verwachting ............................................................................. 25
3.1
Deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV ................................................... 25
3.2
Deelgebied Sportvelden ........................................................................................ 25
4
Conclusie en advies ............................................................................................ 28
4.1
Conclusie ............................................................................................................... 28
4.2
Advies .................................................................................................................... 28
4.2.1
Advies deelgebied Hofgeest West ......................................................................................29
4.2.2
Advies deelgebied Hofgeest VSV .......................................................................................29
4.2.3
Advies deelgebied Sportvelden ...........................................................................................29
4.3
Reactie bevoegd gezag ......................................................................................... 30
Literatuurlijst en gebruikte bronnen .................................................................................. 31 Bijlage 1.
Kadastrale gegevens
Bijlage 2.
Ligging van het plangebied
Bijlage 3.
Inrichtingsplan
4 (31)
Bijlage 4.
Geomorfologische kaart
Bijlage 5.
Actueel Hoogtebestand Nederland
Bijlage 6.
Bodemkaart
Bijlage 7.
Gemeentelijke beleidskaart
Bijlage 8.
Archeologische waardenkaart
Bijlage 9.
Kadastrale minuutplannen 1811-1832
Bijlage 10.
Topografische kaart ca. 1900
Bijlage 11.
Topografische kaart ca. 1960
5 (31)
Samenvatting In opdracht van C.V. De Hofgeester Gronden en BPD heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar het plangebied Hofgeest West en Hofgeest VSV te Velserbroek, gemeente Velsen. Het plangebied bestaat uit drie deelgebieden: Hofgeest West, Hofgeest VSV en Sportvelden. C.V. De Hofgeester Gronden is opdrachtgever voor het onderzoek naar deelgebied Hofgeest West. BPD is opdrachtgever voor het onderzoek naar deelgebied Hofgeest VSV en deelgebied Sportvelden. De aanleiding voor dit onderzoek is de geplande ontwikkeling van 380 nieuwbouwwoningen in de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV, en de geplande verplaatsing van de huidige sportvelden van deelgebied Hofgeest VSV naar het deelgebied Sportvelden. Om deze ontwikkelingen mogelijk te maken is een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk. Conform het gemeentelijk archeologiebeleid dient in het plangebied bij bodemingrepen groter dan 100 m² en dieper dan 40 cm beneden maaiveld een archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. Met de voorgenomen ontwikkeling worden deze vrijstellingsgrenzen overschreden. Het plangebied ligt in het voormalige Oer-IJ estuarium, wat van ca. 3500 jaar geleden tot ca. 2000 jaar geleden actief was. Het Oer-IJ was een rivier die destijds in de omgeving van het plangebied in de Noordzee uitmondde. Rond het begin van de jaartelling slibde het estuarium dicht.
In de periode dat het Oer-IJ estuarium actief was, maar ook in de periode daarna, werd het gebied bewoond en gebruikt door mensen. In de directe omgeving van onderhavig plangebied is een groot aantal archeologische vindplaatsen aanwezig. Binnen 1 km rond het plangebied zijn met name veel vindplaatsen uit de periode IJzertijd – Romeinse tijd aanwezig, waaronder resten van twee militaire forten uit de Romeinse tijd. Daarnaast zijn binnen 1 km rond het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig uit het LaatNeolithicum, Bronstijd, Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Binnen dezelfde straal rond het plangebied bevinden zich twee archeologische rijksmonumenten: een militair fort en een nederzettingsterrein met resten vanaf het Laat Neolithicum tot en met de IJzertijd. Voor de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV geldt een hoge archeologische verwachting voor resten uit de periode Laat-Neolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd kunnen aanwezig zijn in en direct onder de bouwvoor en zijn daarom mogelijk verstoord. Resten uit de periode Laat-Neolithicum tot en met Vroege Middeleeuwen zijn mogelijk in een latere fase afgedekt onder een pakket zand, klei en/of veen en zijn daarom mogelijk goed geconserveerd. Op een deel van het deelgebied Sportvelden is in 2012-2013 een archeologische opgraving uitgevoerd.
Uit dit onderzoek bleek dat archeologische resten op twee niveaus aanwezig zijn in de bodem: resten uit de Romeinse tijd in de top van een laag veraard veen (vanaf ca. 0,5 meter beneden maaiveld) en resten uit de IJzertijd in de top van de afzettingen van het Oer-IJ estuarium. De resten op beide niveaus bestaan uit sporen van off-site activiteiten, zoals akkerbouw, veeteelt en opslag van gewassen. Resten van een nederzetting zijn op deze locatie tijdens het onderzoek in 2012-2013 niet aangetroffen; vermoedelijk bevinden die zich in de directe omgeving van de vindplaats. Voor het deelgebied Sportvelden geldt daarom een hoge archeologische verwachting. Sweco Nederland adviseert in deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek uit te voeren. Voor het deelgebied Sportvelden adviseert Sweco Nederland een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.
6 (31)
Tabel 0-1
Overzicht van archeologische perioden1
Periode
Tijd
Laat-Paleolithicum (Oude Steentijd)
tot
9.000 v.Chr.
Mesolithicum (Midden Steentijd)
9.000 v.Chr.
-
4.900 v.Chr.
Neolithicum (Nieuwe Steentijd)
5.325 v.Chr.
-
1.900 v.Chr.
Bronstijd
1.900 v.Chr.
-
800 v.Chr.
IJzertijd
800 v.Chr.
-
12 v.Chr.
Romeinse Tijd
12 v.Chr.
-
450 n.Chr.
Vroege Middeleeuwen
450
-
1.050 n.Chr.
Late Middeleeuwen
1.050
-
1.500 n.Chr.
Nieuwe Tijd
1.500
-
heden
Tabel 0-2
Indeling van het Kwartair
chronostratigrafie Kwartair
Holoceen
Pleistoceen
jaren geleden Subatlanticum Subboreaal Atlanticum Boreaal Preboreaal Laat Weichselien (ijstijd) Eemien Midden Saalien (ijstijd) Elsterien (ijstijd) Vroeg
1
3.000 5.000 8.000 9.000 10.000 130.000 120.000 130.000 800.000 200.000 400.000 2.400.000
-
heden 3.000 5.000 8.000 9.000 10.000 10.000 120.000 130.000 130.000 315.000 800.000
Bron: Archeologisch Basis Register 1992.
7 (31)
1
Inleiding
1.1 Aanleiding van het onderzoek In opdracht van C.V. De Hofgeester Gronden en BPD heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar het plangebied Hofgeest West en Hofgeest VSV te Velserbroek, gemeente Velsen (zie bijlage 2). Het plangebied bestaat uit drie deelgebieden: Hofgeest West, Hofgeest VSV en Sportvelden. C.V. De Hofgeester Gronden is opdrachtgever voor het onderzoek naar deelgebied Hofgeest West.2 BPD is opdrachtgever voor het onderzoek naar deelgebied Hofgeest VSV en deelgebied Sportvelden.3 De aanleiding voor dit onderzoek is de geplande ontwikkeling van 380 nieuwbouwwoningen in de deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV, en de geplande verplaatsing van de huidige sportvelden in deelgebied Hofgeest VSV naar het deelgebied Sportvelden. Om deze ontwikkelingen mogelijk te maken is een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk. Conform het gemeentelijk archeologiebeleid dient in het plangebied bij bodemingrepen groter dan 100 m² en dieper dan 40 cm beneden maaiveld een archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. Met de voorgenomen ontwikkeling worden deze vrijstellingsgrenzen overschreden. Nadat dit bureauonderzoek was opgesteld en voorgelegd aan de bevoegde overheid (gemeente Velsen) 4 is er een wijziging gekomen in de plangrenzen. Dit onderhavige rapport is een herziene versie van de eerder opgestelde versie.
De wijziging van plangrenzen heeft geen gevolgen voor het opgestelde advies. 1.2 Methodiek Dit rapport betreft een standaardrapport zoals genoemd in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. Het bureauonderzoek is uitgevoerd conform SIKB BRL 4000 protocol 4002 en bestaat uit elf processtappen: 1. Afbakenen plan- en onderzoeksgebied; vaststellen consequenties toekomstig gebruik (LS01) 2. Aanmelden onderzoek bij Archis 3. Vermelden (en toepassen) overheidsbeleid (LS01) 4. Beschrijven huidig gebruik (LS02) 5. Beschrijven historische situatie en mogelijke verstoringen (LS03) 6. Beschrijven mogelijke aanwezigheid bouwhistorische waarden ondergrond (LS02, LS03, LS04) 7. Beschrijven bekende archeologische en aardwetenschappelijke kenmerken (LS04) 8. Opstellen gespecificeerde verwachting en formuleren onderzoeksstrategie (LS05) 9. Opstellen standaardrapport bureauonderzoek (LS06) 10. Aanleveren standaardrapport - afmelden onderzoek in Archis 11. Aanleveren digitale gegevens bij e-depot (DS05) Processtappen 1 tot en met 7 leveren gegevens op basis waarvan de gespecificeerde verwachting (stap 8) wordt opgesteld. Deze stappen worden behandeld in paragraaf 1.1 en hoofdstuk 2. Processtap 9 resulteert in het voorliggende rapport. Processtappen 10 en 11
2
Het onderzoek naar deelgebied Hofgeest West wordt uitgevoerd onder Sweco projectnummer 356206. Het onderzoek naar deelgebieden Hofgeest VSV en Sportvelden wordt uitgevoerd onder Sweco projectnummer 337784. 4 De eerdere versie van dit rapport is op 22-10-2019 voorgelegd aan de bevoegde overheid. 3
8 (31)
hebben betrekking op het openbaar maken van het bureauonderzoek voor derden bij onder meer Archis en het e-Depot. 1.3 Doelstelling en vraagstelling De bodemingrepen die gepaard gaan met de geplande werkzaamheden zullen eventueel aanwezige archeologische resten in de bodem verstoren en/of vernietigen. Derhalve dienen voorafgaand aan die werkzaamheden de archeologische waarden binnen het plangebied in kaart te worden gebracht. Het doel van het bureauonderzoek is inzicht te krijgen in de archeologische waarde van het plangebied. Het onderzoek richt zich op de vraag of er in het plangebied archeologische waarden aangetroffen kunnen worden. Voor het bureauonderzoek zijn de volgende onderzoeksvragen opgesteld: · Zijn mogelijk archeologische waarden in het plangebied aanwezig? · Is het plangebied voldoende onderzocht. Zo nee, welke vorm van nader archeologisch onderzoek wordt geadviseerd?
9 (31)
2
Bureauonderzoek
2.1
Afbakeningen plangebied, huidig gebruik en toekomstig gebruik
2.1.1 Afbakening plan- en onderzoeksgebied Het plangebied ligt in Velserbroek, gemeente Velsen. De exacte locatie van het plangebied wordt weergegeven in bijlage 2. Het onderzoeksgebied betreft een straal van 1 km om het plangebied heen. 2.1.2 Huidig gebruik van het plangebied Deelgebied Hofgeest West bestaat grotendeels uit akker- en grasland en een (voormalige) boomkwekerij. Een klein deel in het zuiden van het deelgebied is bebouwd. Rond de bebouwing is verharding aanwezig. In deelgebied Hofgeest VSV zijn sportvelden, bebouwing een parkeerplaats aanwezig. Deelgebied Sportvelden bestaat momenteel uit grasland. Enkele jaren geleden is in dit deelgebied een aardgastransportleiding aangelegd. Hierdoor zal een deel van de bodem in het deelgebied verstoord zijn. Tijdens de aanleg van de leiding is archeologisch onderzoek uitgevoerd (zie paragraaf 2.3.4). 2.1.3 Toekomstig gebruik van het plangebied In deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV zullen alle aanwezige opstallen worden gesloopt en nieuwbouw worden gerealiseerd. In beide deelgebieden worden in totaal 380 nieuwbouwwoningen gerealiseerd. Tevens worden diverse infrastructurele werken aangelegd, zoals riolering, kabels en leidingen, wegen en watergangen. In deelgebied Sportvelden zullen nieuwe sportvelden, die momenteel nog aanwezig zijn in deelgebied VSV, worden gerealiseerd (zie bijlage 3).
Het inrichtingsplan van de ontwikkelingen is nog niet op alle details ingevuld. De exacte omvang en diepte van de bodemingrepen die gepaard gaan met de ontwikkeling is daarom niet bekend. Naar verwachting wordt de bodem ter hoogte van de te graven bouwkuipen in deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV tot ca. 1,0 meter beneden maaiveld geroerd. Ter hoogte van de nieuwe riolering en watergangen in deze twee deelgebieden is dat ca. 2,0 meter -mv. De inrichting van het deelgebied Sportvelden is in grote lijnen bekend (zie bijlage 3). De diepte van bodemingrepen in het kader van de aanleg van sportvelden en voorzieningen in deelgebied Sportvelden zal variëren per soort ingreep. In het deelgebied Sportvelden zal het bestaande maaiveld tot maximaal 0,3 worden afgegraven en vervolgens opgehoogd met ca. 0,6 m tot 0,6 +NAP. Dat betekent dat het nieuwe maaiveld ca. 0,3 m hoger komt te liggen dan het huidige. Binnen dit deelgebied worden verschillende bodemingrepen uitgevoerd. De bodemingrepen in deelgebied Sportvelden staan hieronder genoemd en worden gerekend vanaf het nieuwe opgehoogde maaiveld: · Bouwput clubgebouw: ca. 0,80 m -mv · Werkschuur fundatie: ca. 0,80 m -mv · Drainage sportvelden: ca. 0,60 m -mv · Cunet hoofdpad: ca. 0,60 m -mv · HWA riolering: ca. 1,00 m -mv · Verbreding middensloot: ca. 1,20 onder waterpeil · Verbreding oevers: ca.
0,30 onder waterpeil · Verlichtingskabels en beregeningsleiding: ca. 0,60 m -mv Concreet betekent dit dat enkele bodemingrepen dieper zullen reiken dan het huidige maaiveld (riolering, verbreding middensloot); de andere meer ondiepe ingrepen blijven
10 (31)
binnen de zone van ophoging (tot maximaal 0,6 m vanaf nieuwe opgehoogde maaiveld) of tot maximaal 0,2 m onder het huidige maaiveld. 2.2 Aardwetenschappelijke kenmerken Om de landschapsgenese in beeld te brengen is gebruik gemaakt van bodemkaarten en geologische en geomorfologische kaarten. Met behulp hiervan worden de bodem en het landschap beschreven. Onderdeel van deze studie vormt een analyse van het Actueel Hoogtebestand Nederland.
Tabel 2-1
Aardwetenschappelijke informatie
Bron
Informatie
Geologie
Deelgebied Hofgeest West: Na1: Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Schoorl / Zandvoort; duin- en strandzand. Deelgebieden Hofgeest VSV en Sportvelden: Na7: Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren / Formatie van Nieuwkoop; zeeklei en -zand met inschakelingen van veen. Alle deelgebieden: 2M72: Vlakte van getij-afzettingen. Deelgebied Hofgeest West: Grotendeels zEZ21: Hoge zwarte enkeerdgronden; kleiner deel pZg21: Beekeerdgronden. Deelgebied Hofgeest VSV: pZg21: Beekeerdgronden. Deelgebied Sportvelden: Grotendeels Mn86Cw: Poldervaaggronden; kleiner deel pMn82C: Leek- en Woudeerdgronden. Deelgebied Hofgeest West: 2,10 m +NAP tot 1,0 m +NAP. Deelgebied Hofgeest VSV: 1,35 m +NAP tot 1,15 m +NAP. Deelgebied Sportvelden: 0,20 m +NAP tot 0,20 m -NAP.
Geomorfologie Bodemkunde
AHN
Onderstaande tekst is deels ontleent aan de fysisch geografische interpretatie van het gebied door M. van Dinter en J.M. Brijker.5 2.2.1 Geologie en geomorfologie Het plangebied is gelegen in het Noord-Hollandse kustgebied, wat gekenmerkt wordt door strandwallen, zeegaten en veengebieden. Rond het einde van de laatste ijstijd (het Weichselien, ca. 10.000 jaar geleden) steeg de zeespiegel en kreeg de Noordzee zoals we deze nu kennen vorm. Vanaf ca. 5.000 jaar geleden nam de zeespiegelstijging af. Door sedimentatie ontstonden rond die tijd de eerste strandwallen in het Nederlandse kustgebied. Door aanhoudende afnemende zeespiegelstijging groeide de kustlijn in westelijke richting. Nieuwe strandwallen ontstonden daarom steeds westelijk van oudere strandwallen. Strandwalafzettingen worden gerekend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Zandvoort. Op en rond de strandwallen ontstonden duinen. Duinafzettingen worden gerekend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Schoorl. Op de hoger gelegen strandwallen en op de duinen binnen het overwegend natte kustgebied kunnen archeologische resten voorkomen vanaf het Neolithicum. Rond 3.500 jaar geleden breekt de rivier het Oer-IJ, een vertakking van de Rijn, door de strandwallen. In eerste instantie gebeurt dat ter hoogte van Heemskerk, maar rond 3.000 jaar geleden werd de monding verlegd naar het gebied rond Castricum.
Onderhavig plangebied is gelegen aan de zuidzijde van de voormalige loop van het Oer-IJ. Rond de monding van de rivier ontstond een estuarium, een gebied waar zoet en zout water elkaar raken en waar de invloed van getijden aanwezig is. Het Oer-IJ estuarium bestond uit verschillende geulen die onder invloed van zee stonden. In en rond de locatie waar in het 5
Zandboer et al. 2016, 94-98.
11 (31)
verleden geulen hebben gestroomd kunnen zandige afzettingen in de bodem voorkomen. Op een iets grotere afstand van de geulen, in de kwelders, werd meer kleiig materiaal afgezet. Zowel de zandige als kleiige afzettingen in het Oer-IJ estuarium kunnen in de bodem van het plangebied voorkomen. Deze afzettingen worden gerekend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer. Het kwelderlandschap in het gebied rond het plangebied werd vanaf de Bronstijd bewoond (zie paragraaf 2.3). Rond het begin van de jaartelling slibde het Oer-IJ estuarium dicht, waardoor de waterafvoer verslechterde (zie figuur 1). Het gevolg was een stijging van de grondwaterspiegel, waardoor veengroei kon plaatsvinden (Formatie van Nieuwkoop). Het kwelderlandschap, en ook delen van de strandwallen en duinen, raakte overgroeid door veen. Gedurende de Romeinse tijd werden delen van het veen door mensen ontwaterd waardoor de top van het veenpakket lokaal veraard werd en delen van het veenlandschap in cultuur werden gebracht (zie paragraaf 2.3.4, onderzoeksmelding 2383930100). Vanaf de Late Middeleeuwen werd het gebied waarin het plangebied is gelegen ontgonnen waardoor de bodem inklonk en lokaal meren ontstonden. Door een reeks aan stormvloeden wat resulteerde in oeverafslag werden meren in de regio steeds groter.
Het Almere, een groot meer wat later de Zuiderzee zou vormen, kreeg meer invloed in het gebied rond het plangebied. Delen van de afzettingen van het Oer-IJ estuarium zullen in dit proces zijn geërodeerd. Door regelmatige overstromingen in het gebied gedurende de Middeleeuwen zijn pakketten klei afgezet. Deze kleiafzettingen staat in het gebied rond het plangebied bekend als het zogenaamde IJe-klei. Deze afzettingen worden gerekend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren. Op de geomorfologische kaart zijn deze afzettingen aangegeven als vlakte van getij-afzettingen (M72; zie bijlage 4).
12 (31)
Figuur 1. Het plangebied ten opzichte van de paleogeografische kaart van rond 100 na Chr. (Vos 2013). Duidelijk is te zien dat het plangebied gedurende de Romeinse Tijd langs het Oer-IJ op de grens lag tussen het veengebied in het oosten en het strandwallenlandschap in het westen. Door verzanding is het Oer-IJ rond 100 na Chr. niet meer in contact met de Noordzee.
2.2.2 Bodem Het plangebied is gelegen in de overgangszone van de strandwallen naar het Oer-IJ estuarium. Deze overgang is goed zichtbaar in de hoogteligging van het plangebied: het noordwesten van het plangebied (deelgebied Hofgeest West) ligt op maximaal 2,1 m +NAP terwijl het zuidoosten van het plangebied (deelgebied Sportvelden) op maximaal 0,2 m +NAP ligt. (zie bijlage 5). In de diepere bodem van het plangebied kunnen daarom zowel kwelderafzettingen (Laagpakket van Wormer) als strand- en duinafzettingen (Laagpakket van Zandvoort / Schoorl) voorkomen. Daarnaast kunnen in de bodem veenlagen voorkomen (Formatie van Nieuwkoop). De top van het bodemprofiel in de lager gelegen delen van het plangebied bestaat vermoedelijk uit een overstromingsafzetting (IJe-klei, Laagpakket van Walcheren). Tijdens een archeologisch onderzoek in 2012-2013 binnen het deelgebied Sportvelden (zie paragraaf 2.3.4) is een dergelijk bodemprofiel gedocumenteerd (zie figuur 2). Op de locatie waar dit profiel is gedocumenteerd, werd in de kwelderafzetting geen invloed waargenomen van de zee. De kwelderafzettingen worden in dit onderzoek daarom beschreven als (zoutloze) komafzettingen. Onder de komafzettingen in dit profiel bevinden zich oudere wadafzettingen.
13 (31)
Uit boringen in het DINOloket blijkt dat de bodemopbouw in het noordwestelijk deel van het plangebied vermoedelijk bestaat uit hoofdzakelijk strand- en duinafzettingen (Laagpakket van Schoorl / Zandvoort).6 In een deel van deelgebied Hofgeest West kunnen volgens de bodemkaart resten worden verwacht van een cultuurlaag (hoge zwarte enkeerdgronden, zEZ21, zie bijlage 6).
Figuur 2. Bodemopbouw in onderhavig deelgebied Sportvelden. Profielfoto door ADC ArcheoProjecten, genomen tijdens het proefsleuvenonderzoek binnen onderhavig deelgebied Sportvelden. Markering op de foto door ADC ArcheoProjecten. Bron: Zandboer et al. 2016, Afb. 8.4.
2.3 Archeologische waarden Om de reeds bekende archeologische waarden in beeld te krijgen, zijn diverse bronnen geraadpleegd, zoals de Archeologische Monumentenkaart, Archis3 en archeologische waarden- en/of beleidskaarten van het betreffende gebied. 2.3.1 Archeologische verwachtings- en beleidskaart De gemeente Velsen heeft in 2017 een eigen archeologiebeleid vastgesteld.7 Onderdeel van het archeologiebeleid is de gemeentelijke beleidskaart (zie bijlage 7). Conform de beleidskaart liggen alle deelgebieden van onderhavig plangebied in een zone aangeduid als categorie 3. Hiervoor geldt een hoge archeologische verwachting voor resten uit uiteenlopende perioden en van diverse complextypen. Voor deze zone geldt de volgende beleidsregel: ”Bij bodemverstorende activiteiten in plangebieden > 100 m² en dieper dan 40 cm -mv dient een waardestellend archeologisch rapport te worden overlegd.”8 Deze grenzen worden met de voorgenomen ontwikkeling overschreden. 2.3.2 Archeologische Monumenten De Archeologische Monumentenkaart (AMK) bevat een overzicht van belangrijke archeologische terreinen in Nederland. Alle drie de deelgebieden van onderhavig plangebied zijn gelegen in AMK-terrein 14909 (zie tabel 2-2). Deelgebied Hofgeest VSV
6
Zie www.dinoloket.nl (geraadpleegd 10-05-2019); onder andere boringen B25A2490, B25A2496, B25A2505, B25A2499. 7 Bosman et al. 2017. 8 Bosman et al. 2017, 16.
14 (31)
grenst tevens aan AMK-terrein 10884. Binnen het onderzoeksgebied, maar buiten het plangebied liggen AMK-terreinen 5845, 14690, 14691, 5844, 14887 en 14907 (zie bijlage 8). AMK-terreinen 5845 en 14887 zijn rijksbeschermd (monumentnummers respectievelijk 515772 en 527214). Tabel 2-2
AMK-terreinen in het onderzoeksgebied
AMK-terrein
Waardering
Omschrijving
14909
Terrein van archeologische waarde
Terrein met sporen van bewoning en resten van complete cultuurlandschappen uit de Prehistorie, Romeinse tijd en historische tijden. Het betreft een uitzonderlijk omvangrijke stapeling van voormalige cultuurlandschappen, genetisch nauw verweven met de geologische en landschappelijke evolutie. Dit bodemarchief, opgebouwd uit Oude en Jonge Duinzanden, veen, zavels en klei (Oer-IJ-estuarium), is kenmerkend en representatief voor de bewoningsgeschiedenis van het West-Nederlandse kustgebied. De veelal hoge kwaliteit (gaafheid) van objecten en structuren is het gevolg van de frequente bedekking en de gestegen grondwaterstand. Een nadere specificatie van de vele tientallen vindplaatsen, met talrijke boerderijfundamenten, wegen, kavelpatronen enzovoorts, is in voorbereiding.
10884
Terrein van zeer hoge archeologische waarde
Terrein met de overblijfselen van het in 1834 gesloopte Huis 't Spijck, voorheen Endelgeest of het Torentje. Hoewel historische bronnen ten aanzien van het huis niet verder terug gaan dan de 14de eeuw, mag gezien de vorm ervan en de vondst van enkele kloostermoppen een stichtingsdatum in de eerste helft van de Middeleeuwen verwacht worden. Het versterkte huis was gelegen op een heuvel omgeven door een gracht. De vorm doet denken aan een mottekasteel, een vorm die niet in tegenspraak is met de genoemde datering. Op het terrein zijn de heuvel en de gracht nog goed herkenbaar. Het terrein levert zowel in wetenschappelijk als cultuurhistorisch opzicht een belang- rijke bijdrage aan de bewoningsgeschiedenis van het gebied en dient derhalve in de huidige vorm behouden te blijven.
14907
Terrein van archeologische waarde
Terrein met sporen van agrarisch gebruik en bewoning. Binnen dit gebied bevinden zich de resten van een voormalig cultuurlandschap, hoogstwaarschijnlijk met bijbehorende nederzetting. Het complex is een karakteristiek voorbeeld van het agrarisch gebruik van naar verhouding hoge, droge landschapsdelen. Gedurende de Brons- en IJzertijd nam het beschikbare areaal sterk af als gevolg van de relatieve stijging van de (grond)waterspiegel.
5845
Rijksmonument (monumentnummer 515772)
Het betreft een terrein waarin de resten van een fort met haven uit de Romeinse tijd. De Romeinse overblijfselen bevinden zich op de oever van de hoofdgeul van het Oer-IJ. De bodemgesteldheid betreft zand, de geomorfologie een oeverwal. De archeologische sporen liggen op 1 a 2 m onder NAP, aflopend in noordelijke richting. In dit terrein liggen de resten verborgen van het havenfort Velsen 2. Rond 40 na Chr. aangelegd en waarschijnlijk in 47 na Chr. weer verlaten. Velsen 2 ligt op 600 m afstand van Velsen 1 (14 voor Chr. -28 na Chr.) Velsen 1 is nagenoeg geheel opgegraven. Het betreft een bijzonder specifiek type vindplaats waarvan er wereldwijd slechts enkele bestaan. Bovendien geeft de relatie met en opvolging van de vindplaats Velsen 1 (fort en haven) een interessante ontwikkeling in
15 (31)
de tijd weer. De vindplaats is informatief voor de Romeinse invloed in het noorden van Nederland. De afdekking met een dik pakket klei heeft gezorgd voor een goede conserveringstoestand van de organische component van de vindplaats. 1970 en 1972, opgraving; 1982; 1996 verkennend onderzoek W. Bosman; 1997 opgraving IPP, Amsterdam. Visuele inspecties: 1999: Aerophoto Eelde Boringen: 2000: DHV en RAAP 2001: RAAP 2002: RAAP voor aanvullende informatie m.b.t. de Romeinse geul zie Soonius 2002 (notities 98 en 200). De beschikking is toegevoegd in Livelink. Onderzoek 2005: begeleiding van slibvangers (cis-code 14043), archeologische lagen zijn niet geraakt. 14690
Terrein van hoge archeologische waarde
Terrein is de tussenzone van twee forten (met havenwerken) welke exemplarisch zijn voor de expansieve fase van het Romeinse Imperium in Germania Inferior. De wetenschappelijke waarde komt voort uit de onmiddellijke nabijheid van de twee militair-strategisch gelokaliseerde castella en wordt versterkt door hun chronologische relatie en zeer beperkte gebruiksduur. De voormalige IJ-geul bezit een hoge potentie wat betreft nautische resten. Hier gelden optimale conserveringsomstandigheden. De waardevermindering als gevolg van de Middeleeuwse erosie tijdens de vorming van het IJ-meer valt grotendeels in het niet bij de grote zeldzaamheid en representativiteit.
14691
Terrein van zeer hoge archeologische waarde
Terrein met sporen van een fort en een havencomplex, exemplarisch voor de expansieve fase van het Romeinse Imperium van Germania Inferior. De wetenschappelijke waarde wordt verder ontleend aan: a) de zeer beperkte gebruiksduur; b) de samenhang met het nabijgelegen en chronologisch vrijwel aansluitende castellum Velsen 2 en c) de optimale conserveringsomstandigheden voor met name in-situ-vondsten. Het terrein bevat de westelijke randzone van het castellum. De waardevermindering als gevolg van de Middeleeuwse erosie bij de vorming van het IJmeer valt grotendeels in het niet bij de grote zeldzaamheid en representativiteit van het complex.
5844
Terrein van zeer hoge archeologische waarde
Terrein met sporen van een fort en havencomplex die exemplarisch zijn voor de expansieve fase van het Romeinse Imperium in Germania Inferior. De wetenschappelijke waarde wordt verder ontleend aan: a) de zeer beperkte gebruiksduur; b) de samenhang met het nabijgelegen en chronologisch vrijwel aansluitende castellum Velsen 2, en c) de optimale conserveringsomstandigheden voor met name in-situ-vondsten. Het terrein maakt deel uit de beperkt onderzochte randzone van het castellum en omvat mogelijk een grafveld. Waardevermindering als gevolg van de Middeleeuwse erosie bij de vorming van het IJmeer valt grotendeels in het niet bij de grote zeldzaamheid en representativiteit van het complex. Literatuur: Morel, 1988; Bosman 1997; Bosman (in voorbereiding). Op het terrein heeft een aanvullend (machinaal) booronderzoek plaats gevonden (Soonius, 2002). De resultaten hiervan onder waarnemingsnummer 139517.
14887
Rijksmonument (monumentnummer 527214)
Binnen dit terrein bevinden zich de goed geconserveerde resten van nederzettingen uit het Laat-Neolithicum tot en met de IJzertijd. Nieuw booronderzoek door Bosman (1999) en Bosman en Pavlovic (1996).
16 (31)
2.3.3 Archis vondstlocaties Binnen deelgebied Sportvelden ligt conform Archis één archeologische vondstlocatie (zaakidentificatie 2777234100). Dit betreft een vondst uit 1972 van handgevormd aardewerk uit de Late IJzertijd tot Vroeg Romeinse tijd. Verder bevinden zich buiten het plangebied (maar binnen het onderzoeksgebied) 40 vondstlocaties (zie tabel 2-3 en bijlage 8). Tabel 2-3
Vondstlocaties in en in de directe omgeving van het plangebied
Zaakidentificatie 2000686100
Type / complex Grondsporen
Datering Neolithicum, Bronstijd, Romeinse Tijd
2000856100
Diverse sporen, akkercomplex
Bronstijd
2136580100
Nederzetting
Late IJzertijd / Romeinse Tijd en Nieuwe Tijd
2321073100
Greppel / sloot
Romeinse Tijd / Nieuwe Tijd
2383922100
Greppel en aardewerk
IJzertijd en Nieuwe Tijd
2383930100
Paalkuilen, keramiek
IJzertijd / Late Middeleeuwen
2777226100
Handgevormd aardewerk
Late IJzertijd / Romeinse Tijd
2777234100
Handgevormd aardewerk
Late IJzertijd / Romeinse Tijd
2777242100
Late IJzertijd / Romeinse Tijd
2777250100
Handgevormd aardewerk, paalkuilen Grafheuvel
2777291100
Onbekend
Laat-Neolithicum / Romeinse Tijd
2792446100
Onbekend
Romeinse Tijd
2792470100
Handgevormd aardewerk
IJzertijd
2792479100
Handgevormd aardewerk
Late IJzertijd
2821087100
Koperen munten
Vroeg Romeinse Tijd
2870765100
Vroege Bronstijd / Late Middeleeuwen
2878388100
Diverse sporen, waaronder graven Aardewerk
2878428100
Gouden sieraad
Vroeg Romeinse Tijd
2878436100
Bronzen munt
Vroeg Romeinse Tijd
2878444100
Aardewerk
Vroeg Romeinse Tijd
2878452100
Aardewerk
Vroeg Romeinse Tijd
2915614100
Dijk
Late Middeleeuwen / Nieuwe Tijd
2915671100
Beerput, tuin
Nieuwe Tijd
2916862100
Muur, gracht
Nieuwe Tijd
2917234100
Ploegsporen
Vroege Middeleeuwen
2946792100
Hofstede
Nieuwe Tijd
2947164100
Diverse sporen, waterput
Late IJzertijd
2947172100
Greppel / sloot, kuil
Midden IJzertijd / Late IJzertijd
2947180100
Greppel / sloot, kuil
Midden IJzertijd / Romeinse Tijd
2947204100
Ploegsporen
Late IJzertijd / Romeinse Tijd
2996145100
Diverse sporen
Neolithicum / Late Middeleeuwen
2996153100
Diverse sporen en vondsten
Laat-Neolithicum
3090655100
Sporen
Vroege Bronstijd / Romeinse Tijd
3090671100
Houtskool
Bronstijd / IJzertijd
Bronstijd
Vroeg Romeinse Tijd
17 (31)
3131908100
Gracht
Late Middeleeuwen / Nieuwe Tijd
3133852100
Steenbakkerij
Late Middeleeuwen
3145865100
Ploegsporen
Midden IJzertijd / Late IJzertijd
3145873100
Aardewerk, sloot
Late IJzertijd / Romeinse Tijd
3160047100
Handgevormd aardewerk
Bronstijd / Vroege IJzertijd
3226346100
Kleipetten
Late Middeleeuwen
2.3.4 Archis onderzoeksmeldingen Binnen deelgebied Sportvelden liggen conform Archis vier archeologische onderzoeksmeldingen (zaakidentificaties 2201777100, 2380844100, 2383922100, 4617157100; vet gedrukt). Verder zijn er binnen het onderzoeksgebied 19 archeologische onderzoeksmeldingen (zie tabel 2-4 en bijlage 8). Tabel 2-4
Onderzoeksmeldingen in en in de directe omgeving van het plangebied
Zaakidentificatie 2000686100
Type onderzoek
archeologisch: opgraving 2000856100 archeologisch: opgraving 2038376100 archeologisch: boring 2039907100
archeologisch: boring
2039915100
archeologisch: boring archeologisch: geofysisch onderzoek
2078033100 2136580100
Geen rapport beschikbaar. Geen rapport beschikbaar.
archeologisch: boring
Booronderzoek door RAAP in 2006. Tijdens het onderzoek zijn twee archeologische niveaus aangetroffen: het bovenste niveau betreft een huisplaats uit de Nieuwe Tijd (1,4 m tot 0,5 m +NAP). Dit niveau bleek door recente bodemingrepen niet meer intact te zijn. Het onderste niveau betreft een nederzettingsterrein uit de Late IJzertijd / Romeinse Tijd (0,5 m tot 0,3 m +NAP). Het onderzoeksgebied grenst direct aan onderhavig plangebied Hofgeest VSV. Een archeologische begeleiding door gemeente Velsen uit 1996. Geen rapport beschikbaar. Archeologisch bureauonderzoek door RAAP in 2010. Op basis van het bureauonderzoek wordt voor het gebied waar onderhavig plangebied in gelegen is, een vervolgonderzoek door middel van een verkennend booronderzoek geadviseerd. Archeologische begeleiding door Vestigia uit 2008. Tijdens dit onderzoek zijn op twee locaties huisplaatsen uit de MiddenBronstijd aangetroffen. Archeologisch proefsleuvenonderzoek door ADC in 2011. Uit het onderzoek is gebleken dat het terrein is ontstaan in een zeer nat milieu, wat ongeschikt was voor menselijke bewoning in het verleden. Tijdens het onderzoek zijn geen archeologische resten aangetroffen. Geen rapport beschikbaar.
archeologisch: boring
Volgend onderzoek op bureauonderzoek 2201777100. Archeologisch booronderzoek door RAAP in 2011-2012. Op basis van de resultaten van het booronderzoek wordt
archeologisch: boring 2164817100 archeologisch: begeleiding 2201777100 archeologisch: bureauonderzoek 2213870100 archeologisch: begeleiding 2321073100
archeologisch: proefputten/proefsleuven 2327579100
Resultaat Opgraving door de Universiteit van Amsterdam in 1985-1986. De locatie van de opgraving is bij benadering. Tijdens het onderzoek zijn nederzettingsresten uit de Bronstijd aangetroffen. Opgraving door de Universiteit van Amsterdam in 1985-1986. De locatie van de opgraving is bij benadering. Tijdens het onderzoek zijn nederzettingsresten uit de Bronstijd aangetroffen. Booronderzoek door RAAP in 2002. Tijdens het onderzoek is een restgeul uit de Romeinse Tijd waargenomen. Geen rapport beschikbaar.
2380844100
18 (31)
2383922100
archeologisch: proefputten/proefsleuven 2383930100
2403442100
archeologisch: proefputten/proefsleuven archeologisch: proefputten/proefsleuven
2419546100
2423871100
archeologisch: boring archeologisch: bureauonderzoek
4546225100
archeologisch: bureauonderzoek 4546233100
archeologisch: boring
4587690100
archeologisch: bureauonderzoek 4617157100
4643700100
archeologisch: bureauonderzoek archeologisch: bureauonderzoek
geadviseerd een vervolgonderzoek door middel van proefsleuven uit te voeren in het gebied waar onderhavig plangebied in is gelegen (catalogusnummer 036). Archeologisch proefsleuvenonderzoek en definitieve opgraving, volgend op booronderzoek 2380844100 door ADC ArcheoProjecten in 2012-2013; vindplaats 36, IJzertijd cluster 1. Binnen onderhavig deelgebied Sportvelden zijn resten uit de IJzertijd waargenomen. De resten bestaan uit (kring)greppels en (paal)kuilen en resten van landbouwactiviteiten en veeteelt. De resten wijzen op off-site activiteiten, behorende bij een nederzetting uit de IJzertijd die mogelijk onder de huidige A9 is gelegen. De vindplaats is goed geconserveerd en is behoudenswaardig. Archeologisch proefsleuvenonderzoek en definitieve opgraving, volgend op booronderzoek 2380844100 door ADC ArcheoProjecten in 2012-2013; vindplaats 37. Op deze locatie zijn enkele paalkuilen, fragmenten aardewerk en vertrapt veen waargenomen. De vindplaats dateert in de IJzertijd en is contemporain met vindplaats 36 (zie hierboven). De vindplaats wordt gekenmerkt door off-site activiteiten. In de directe nabijheid zal een nederzetting uit deze periode aanwezig zijn geweest. Zie 2383930100. Archeologisch bureau- en booronderzoek door Synthegra in 2013. Tijdens het onderzoek zijn geen potentiële archeologische niveaus aangetroffen. Tevens was een deel van het plangebied verstoord.
Geen rapport beschikbaar. Archeologisch bureau- en booronderzoek door Bureau voor Archeologie in 2017. Tijdens het onderzoek zijn cultuurlagen aangetroffen in duinafzettingen in een deel van het plangebied. Gezien het ontbreken van indicatoren, is mogelijk sprake van een akkercomplex. De aard en datering van de cultuurlaag is op basis van dit onderzoek niet bekend. Zie 4546225100. Archeologisch bureauonderzoek door Ivo-B uit 2018. Voor het plangebied geldt een hoge archeologische verwachting voor resten vanaf het Laat-Neolithicum. Het bevoegd gezag heeft op basis van het bureauonderzoek geadviseerd een verkennend booronderzoek uit te voeren. Archeologisch bureauonderzoek door BAAC uit 2018. Voor de delen van het onderzoek gelegen binnen onderhavig onderzoeksgebied (VBR-3 en VBR-4) geldt een lage verwachting voor het Neolithicum, middelhoge verwachting voor de Bronstijd, hoge verwachting voor de IJzertijd / Romeinse Tijd en een middelhoge verwachting voor de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. In het rapport wordt geadviseerd de werkzaamheden archeologisch te begeleiden. Geen rapport beschikbaar.
2.3.5 Conclusie archeologische waarden Het plangebied is gelegen in een onderzoeksgebied waar in de afgelopen jaren 19 archeologische onderzoeken zijn uitgevoerd. Deze onderzoeken en losse vondstmeldingen
19 (31)
hebben geresulteerd in 41 archeologische vindplaatsen binnen het onderzoeksgebied. Tevens is het gehele plangebied gelegen in een AMK-terrein en liggen binnen het onderzoeksgebied maar liefst acht AMK-terreinen, waaronder twee rijksmonumenten. Binnen een straal van 500 meter rond het onderzoeksgebied zijn een aantal vindplaatsen uit het Neolithicum en een groot aantal vindplaatsen uit de Bronstijd bekend, waaronder minstens vijf grafheuvels en diverse huisplattegronden. Ook uit de IJzertijd en Romeinse tijd zijn in de omgeving van het plangebied veel vindplaatsen bekend, waaronder een offerplaats met diverse langwerpige structuren en deposities van bot, aardewerk, gewei en metaal.9 De vindplaatsen binnen het onderzoeksgebied dateren uit de periode Bronstijd tot en met Romeinse tijd en uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd. Er is een opvallend grote hoeveelheid vindplaatsen uit de periode Late IJzertijd en Romeinse tijd. De nadrukkelijke aanwezigheid van resten uit die periode zal onder andere te maken hebben met de aanwezigheid van twee militaire forten in de Vroeg-Romeinse tijd.10 Deze forten, Velsen 1 en Velsen 2 genoemd, liggen ongeveer 1 km ten noorden van onderhavig plangebied aan de oude loop van het Oer-IJ. De locatie met resten van het fort Velsen 2 is aangewezen als archeologisch rijksmonument (monumentnummer 515772).
Beide forten hebben slechts een relatief korte duur bestaan gedurende de eerste eeuw na Chr. De archeologische resten van Velsen 2 zijn waargenomen op een diepte van ca. 1 a 2 m -NAP. Direct ten noorden van deelgebied Hofgeest VSV is tijdens een booronderzoek een potentieel archeologisch niveau aangetroffen dat vermoedelijk dateert in de Late IJzertijd en Romeinse tijd.11 Het niveau ligt op een diepte van 0,5 m tot 0,3 m +NAP (1,2 m tot 1,4 m mv). Binnen het plangebied Sportvelden is in 2012 en 2013 voor de aanleg van een gasleiding een archeologisch proefsleuvenonderzoek en aansluitend een definitieve opgraving uitgevoerd (onderzoeksmelding 2383922100).12 Hieruit is gebleken dat in het onderzoeksgebied archeologische resten aanwezig zijn uit de Romeinse tijd en IJzertijd. De resten uit de Romeinse tijd bestaan uit sporen van off-site activiteiten: het veen in de bodem is betreden door vee en door mensen, zoals blijkt uit o.a. voet- en hoefindrukken in het veen. De top van het veen binnen het plangebied komt voor vanaf ca. 0,5 meter beneden maaiveld (0,7 m -NAP). De resten uit de IJzertijd waren tijdens het onderzoek zichtbaar in de laag onder het veen, op een diepte vanaf ca. 1 meter beneden maaiveld (1,3 m -NAP). De resten bestonden uit een aantal paalkuilen, een greppel, een kringgreppel en aardewerk.
ADC interpreteert de paalkuilen en kringgreppel als onderdelen van structuren van (bij)gebouwtjes waar oogst kon worden opgeslagen. De IJzertijdvindplaats liep vermoedelijk niet verder door richting het zuiden. Direct ten zuiden van onderhavig deelgebied Sportvelden zijn tijdens hetzelfde onderzoek door ADC vergelijkbare sporen en vondsten uit de IJzertijd waargenomen. Ook ten noorden van de autosnelweg A9, ca. 300 meter van onderhavig plangebied, zijn dergelijke resten waargenomen tijdens hetzelfde onderzoek door ADC. De resten suggereren dat het gebied gedurende de IJzertijd was ingericht als akker, waarbij sloten en greppels het land droog hielden en de oogst ter plaatse kon worden opgeslagen.
9
Anoniem 2017. Bosman 2012. 11 De Kruif 2006. 12 Zandboer et al. (eds.) 2016. Zie ook de resultaten van het booronderzoek De Boer/Sprangers/Bosman 2012. 10
20 (31)
2.4 Historische situatie De situatie van het plangebied in de Vroege en Volle Middeleeuwen is niet duidelijk. In de omgeving van het plangebied, maar buiten het onderzoeksgebied, zijn diverse archeologische vondsten bekend uit de Vroege Middeleeuwen.13 Binnen het onderzoeksgebied zijn dergelijke vondsten echter niet aanwezig. De toponiem van het plangebied, Hofgeest, verwijst naar een geest. Hiermee wordt een landstrook bedoeld, vaak gelegen op een strandwal, waarlangs aan beide zijden een pad of weg loopt. De geest werd vooral gebruikt voor akkerbouw. De meeste geesten in de omgeving van het plangebied zijn ontstaan in de Volle en Late Middeleeuwen, vermoedelijk ook de Hofgeest. Het is echter niet uit te sluiten dat de Hofgeest een oorsprong heeft in de Vroege Middeleeuwen.14 2.4.1 Historische kaarten Op de kadastrale minuutplannen uit 1811-1832 is te zien dat alle deelgebieden grotendeels onbebouwd waren (zie bijlage 9). De deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV waren in die periode voornamelijk in gebruik als weiland. Kleinere delen binnen die deelgebieden waren in gebruik als bos en akker. In het meest oostelijke deel van deelgebied Hofgeest VSV, tegenover het Huis ’t Spijk, stond een huis met erf, tuin en boomgaard. Een deel van dat complex ligt binnen onderhavig plangebied. Het is niet bekend in hoeverre nog resten van het huis met erf in de bodem aanwezig zijn.
Het deelgebied Sportvelden, aan weerszijden van de Oostlaan, was in de periode 18111832 in gebruik als weiland en hooiland. In het zuidwestelijke deel van het deelgebied liep de Lange Sloot. Het deelgebied was destijds onbebouwd. Op topografische kaarten uit de late negentiende en vroege twintigste eeuw is te zien dat het noordelijke deel van deelgebied Hofgeest West in gebruik was al akker of tuin (zie bijlage 10). De overige delen van het plangebied was in gebruik als grasland of hooiland. In de jaren ’40 en ’50 van de twintigste eeuw raakt het zuidelijke deel van deelgebied Hofgeest West bebouwd (zie bijlage 11). Deze bebouwing wordt in de jaren ’60 verder uitgebreid. Gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw worden steeds grotere delen van het deelgebied Hofgeest West in gebruik genomen als akker, ten koste van de weilanden in het gebied. In dezelfde periode wordt een boomkwekerij in gebruik genomen binnen plangebied Hofgeest West. In de jaren ’90 wordt de bebouwing in deelgebied Hofgeest West opnieuw uitgebreid. Tevens worden in dezelfde periode sportvelden aangelegd in deelgebied Hofgeest VSV. 2.4.2 Huis ’t Spijk In de omgeving van het plangebied hebben in de Nieuwe Tijd diverse buitenplaatsen gestaan. Eén daarvan lag ca. 120 meter ten oosten van deelgebied Hofgeest VSV en betreft het Huis ’t Spijk.
Het huis heeft een oorsprong in de zestiende eeuw en is gesloopt in 1834. De resten bestaan uit een ronde gracht waarbinnen het voormalige huis heeft gestaan. Daarnaast zijn in het gebied rond de gracht enkele aardwerken, watergangen en historische bebouwing aanwezig die verband houden met Huis ’t Spijk. Het toegangshek uit de zeventiende eeuw is rijksbeschermd (monumentnummer 37061). Het huis heeft mogelijk een laatmiddeleeuwse voorganger met de naam Huis Endelgeest. Over deze voorganger is weinig bekend. De weg in het verlengde van het toegangshek tussen de Oostlaan en de Broekeroog is een onderdeel van de voormalige oprijlaan van Huis ’t Spijk (zie figuur 3). 13 14
Anoniem 2017. Anoniem 2017, 15.
21 (31)
Figuur 3. Kaart van Huis ’t Spijk uit ca. 1728 door Hendrik de Leth uit de publicatie Het zegepralent Kennemerlant. De oprijlaan richting het zuidwesten van het huis is goed te zien. Noord is links.
2.5 Mogelijke bodemverstoringen Een deel van deelgebied Hofgeest West is gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw in gebruik genomen als akker. Waarschijnlijk is op deze locaties de top van de bodem door ploegen verstoord. In hetzelfde plangebied is in recente jaren een boomkwekerij actief geweest. Mogelijk is de bodem ter hoogte van de voormalige boomkwekerij relatief diep verstoord. De exacte omvang en diepte van mogelijke bodemverstoringen in deelgebied Hofgeest West is niet bekend. Deelgebied Hofgeest VSV is in de jaren ’90 van de twintigste eeuw ingericht met sportvelden, inclusief bijbehorende bebouwing en parkeerplaatsen. Mogelijk is onder de voetbalvelden drainering aangelegd en/of is er geëgaliseerd, maar dat is niet zeker. Eventuele drainagebuizen zijn mogelijk op de gangbare diepte van ca. 0,8 meter beneden maaiveld aangelegd. De exacte omvang en diepte van mogelijke bodemverstoringen in deelgebied Hofgeest VSV is niet bekend. In deelgebied Sportvelden is de bodem in een strook parallel aan de autosnelweg A22 verstoord door de aanleg van een aardgastransportleiding in 2014. Op basis van een luchtfoto uit 2014 wordt geschat dat de aanlegsleuf een breedte had van ca. 10 meter (zie figuur 4). Mogelijk heeft de verstoring een groter bereik, gezien de tijdelijke werkwegen langs de sleuf.
De locatie van de sleuf is voorafgaand aan de graafwerkzaamheden reeds archeologisch onderzocht (zie paragraaf 2.3.4).
22 (31)
Op basis van een KLIC melding uit 2015 is bekend dat in de deelgebieden diverse kabels en leidingen liggen (zie figuur 5). In de zone in deelgebied Sportvelden, parallel langs de A22, liggen naast de bovengenoemde aardgastransportleiding diverse andere kabels en leidingen. In het zuidwestelijk deel van deelgebied Sportvelden ligt een hoogspanningsleiding. Deelgebied Hofgeest VSV wordt doorkruist door diverse kabels en leidingen. In deelgebied West liggen conform de KLIC melding uit 2015 relatief weinig kabels en leidingen; enkel in de randzones in het noorden en zuiden van deelgebied Hofgeest West zijn enkele kabels en leidingen aanwezig. De omvang en diepte van bodemverstoringen naar aanleiding van de aanleg van de kabels en leidingen in deze zone van deelgebied Sportvelden is niet exact bekend. Naar verwachting is de bodem in een strook van ca. 50 meter parallel aan de A22 vanaf de noordoostgrens van deelgebied Sportvelden verstoord.
Figuur 4. Het deelgebied Sportvelden ten opzichte van een luchtfoto uit 2014. Het tracé van de aardgastransportleiding is duidelijk herkenbaar (zwarte pijl).
23 (31)
Figuur 5. De kabels en leidingen in het plangebied conform een KLIC melding uit 2015.
24 (31)
3
Gespecificeerde verwachting
De landschappelijke ligging en verwachte bodemopbouw in deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV zijn vergelijkbaar. De ligging en verwachte bodemopbouw in deelgebied Sportvelden wijkt hier naar verwachting van af. Om die reden wordt in dit hoofdstuk onderscheid gemaakt tussen deze gebieden. 3.1 Deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV De natuurlijke bodemopbouw in deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV bestaat naar verwachting voornamelijk uit strand- en duinzand. Het is echter niet uitgesloten dat lokaal in de bodem veenlagen, kwelderafzettingen en overstromingsafzettingen aanwezig zijn. Conform het gemeentelijk beleid geldt voor beide deelgebieden een hoge archeologische verwachting. Sweco Nederland onderschrijft deze hoge verwachting voor archeologische resten in de bodem van beide deelgebieden. Eventuele resten dateren vanaf het Laat Neolithicum t/m de Nieuwe tijd en kunnen bestaan uit nederzettingsresten (kuilen, paalkuilen, waterputten, erfgrenzen, sloten/greppels, en artefacten van onder andere aardewerk, steen, metaal, bot, been, glas) of resten van het gebruik van het gebied als akker, weiland of hooiland (sloten/greppels, hekwerk, structuren voor opslag van oogst en dergelijken).
De toponiem Hofgeest en de kartering van hoge zwarte enkeerdgronden op de bodemkaart doen vermoeden dat (delen van) de deelgebieden gedurende de Middeleeuwen in gebruik waren als akker. Eventuele resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd liggen naar verwachting in en direct onder de bouwvoor. Oudere resten kunnen op een dieper niveau in de bodem aanwezig zijn. Tijdens een booronderzoek in 2006 direct ten noorden van deelgebied Hofgeest VSV is een potentieel archeologisch niveau uit de Late IJzertijd en Romeinse tijd waargenomen op een diepte van 0,5 m tot 0,3 m +NAP (1,2 m tot 1,4 m -mv). Eventuele resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd zijn gezien hun verwachte ondiepe ligging mogelijk verstoord door ontwikkelingen in het gebied gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw. In hoeverre eventuele resten daadwerkelijk verstoord zijn, is niet bekend. Eventuele resten uit de periode Laat Neolithicum tot en met Vroege Middeleeuwen zijn potentieel goed bewaard gebleven. Eventuele resten liggen vermoedelijk dieper in de bodem en zijn daarom afgedekt door latere afzettingen van zand en klei, of zijn mogelijk bedekt door veen. 3.2 Deelgebied Sportvelden De bodem in een zone van ca.
55 meter breed, parallel aan de autosnelweg A22, langs de noordoost grens van het deelgebied is vermoedelijk verstoord door de aanleg van een aantal kabels en leidingen (zie boven figuur 5). Voor deze zone geldt een lage archeologische verwachting. Delen van het deelgebied Sportvelden zijn archeologisch onderzocht in 2012-2013 (zie figuur 6). Over de bodemopbouw en aanwezigheid van archeologische resten in de bodem is daarom al één en ander bekend.
25 (31)
Figuur 6. Deelgebied Sportvelden met ligging eerder uitgevoerde onderzoeken voor de gastransportleiding
Op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek in 2012-2013 is duidelijk dat ook het nog niet onderzochte deel in deelgebied Sportvelden resten aanwezig kunnen zijn uit de Late IJzertijd en Romeinse tijd. De eerder tijdens onderzoek aangetroffen resten suggereren dat het gebied in die periode werd gebruikt voor off-site activiteiten, zoals akkerbouw en weide voor vee. Deze resten bestaan uit sloten/greppels en paalkuilen. Tevens zijn voet- en hoefafdrukken in het veraarde veen waargenomen. De resten zijn waargenomen vanaf 0,5 meter beneden maaiveld en dieper. De kans is groot dat vergelijkbare resten uit dezelfde periode aanwezig zijn in het overige deel van deelgebied Sportvelden. Op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek in 2012-2013 is duidelijk dat ook het nog niet onderzochte deel in deelgebied Sportvelden resten aanwezig kunnen zijn uit de Late IJzertijd en Romeinse tijd. De eerder tijdens onderzoek aangetroffen resten suggereren dat het gebied in die periode werd gebruikt voor off-site activiteiten, zoals akkerbouw en weide voor vee. Deze resten bestaan uit sloten/greppels en paalkuilen. Tevens zijn voet- en hoefafdrukken in het veraarde veen waargenomen. De resten zijn waargenomen vanaf 0,5 meter beneden maaiveld en dieper. De kans is groot dat
26 (31)
vergelijkbare resten uit dezelfde periode aanwezig zijn in het overige deel van deelgebied Sportvelden. Daarom geldt voor deelgebied Sportvelden voor de periode IJzertijd t/m Romeinse tijd een hoge archeologische verwachting voor resten die verband houden met off-site activiteiten. Het is tevens niet uitgesloten dat binnen het deelgebied nederzettingsresten uit deze periode in de ondergrond aanwezig zijn. De hoge archeologische verwachting voor dit deelgebied geldt ook voor de periode Laat Neolithicum, Bronstijd en Vroege Middeleeuwen. Hoewel resten uit deze perioden niet zijn aangetroffen binnen het plangebied, kan de aanwezigheid van resten uit deze perioden ook niet worden uitgesloten. Aangezien het deelgebied gedurende de IJzertijd en Romeinse Tijd in gebruik was door mensen, is het goed mogelijk dat dit ook het geval was in de perioden daarvoor en daarna. Voor de periode Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd geldt een middelhoge archeologische verwachting. Op basis van historische kaarten wordt in dit deelgebied geen historische bebouwing verwachting. Het deelgebied was in deze periode vermoedelijk in gebruik als hooiland.
27 (31)
4
Conclusie en advies
4.1 Conclusie In opdracht van C.V. De Hofgeester Gronden en BPD heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar het plangebied Hofgeest West en Hofgeest VSV te Velserbroek, gemeente Velsen. Het plangebied bestaat uit drie deelgebieden: Hofgeest West, Hofgeest VSV en Sportvelden. Voor alle drie de deelgebieden geldt een hoge archeologische verwachting voor de periode Laat Neolithicum t/m Vroege Middeleeuwen. Voor deelgebieden Hofgeest West en Hofgeest VSV geldt tevens een hoge verwachting voor resten uit de periode Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd. Deze verwachting is gebaseerd op de landschappelijke ligging van het plangebied en de grote hoeveelheid en dichte spreiding van archeologische vindplaatsen en archeologische monumenten binnen het onderzoeksgebied. Uit archeologisch onderzoek uitgevoerd in 2012-2013 in een deel van deelgebied Sportvelden is bekend dat resten van off-site activiteiten zoals akkerbouw, weide en gewasopslag uit de periode IJzertijd – Romeinse tijd aanwezig zijn. De resten zijn aanwezig vanaf ca. 0,5 meter beneden maaiveld. De kans is groot dat dergelijke resten in overige delen van deelgebied Sportvelden ook aanwezig zijn. Tevens is niet uitgesloten dat zich binnen het plangebied nederzettingsresten uit deze periode bevinden.
De exacte omvang en diepte van de bodemingrepen die gepaard gaan met de geplande ontwikkeling in het plangebied zijn nog niet bekend. Ook is de diepteligging van eventuele archeologische niveaus in het grootste deel van het plangebied niet bekend. Toch kan op basis van de verwachte diepte van de geplande bodemingrepen en de bekende diepteligging van archeologische niveaus in de omgeving van het plangebied worden verondersteld dat eventuele archeologische resten in het plangebied door de geplande bodemingrepen worden bedreigd. De onderzoeksvragen kunnen als volgt worden beantwoord: Zijn mogelijk archeologische waarden in het plangebied aanwezig? In delen van deelgebied Sportvelden zijn in 2012-2013 archeologische resten uit de IJzertijd en Romeinse tijd opgegraven. De kans is groot dat vergelijkbare resten aanwezig zijn in de rest van deelgebied Sportvelden. Tevens is de kans groot dat off-site en mogelijk nederzettingsresten uit de periode Laat-Neolithicum t/m Nieuwe tijd aanwezig zijn in het hele plangebied. Is het plangebied voldoende onderzocht. Zo nee, welke vorm van nader archeologisch onderzoek wordt geadviseerd? De voorgenomen ontwikkeling in het plangebied bedreigt eventuele archeologische resten in de ondergrond van het plangebied.
Archeologisch vervolgonderzoek is noodzakelijk om de aanwezigheid en waarde van eventuele resten in het plangebied aan te tonen en eventueel veilig te stellen. Zie paragraaf 4.2 voor het advies. 4.2 Advies Aangezien de ontwikkelingen in onderhavig plangebied worden uitgevoerd in opdracht van verschillende organisaties en als twee verschillende projecten, wordt in onderstaand advies onderscheid gemaakt tussen de verschillende deelgebieden.