Reactie op Concept MRA-samenwerkingsafspraken - september 2021
Tekst van het document
Reactie op de concept MRA-Samenwerkingsafspraken In het voorjaar van 2021 hebben we onze reactie gegeven op het voorstel van de MRAtransitiecommissie over het vormgeven van de samenwerking van de metropoolregio Amsterdam (MRA). In de nu voorliggende de concept Samenwerkingsafspraken heeft uw transitiecommissie de reacties van alle MRA-deelregio’s proberen te wegen en verwerken. Wij waarderen het dat punten goed zijn overgenomen in de concept Samenwerkingswerkingsafspraken, zoals ‘alle deelregio’s aan tafel bij platform Mobiliteit’, ‘platforms zelf hun voorzitter laten kiezen’ en ‘terughoudend omgaan met thema sociaal in MRA-verband’ door het te houden bij de huidige drie platforms. Hieronder nog een paar punten die wij belangrijk vinden in de definitieve Samenwerkingsafspraken. Concretere afspraken maken over verbinding met raden/staten Het beter betrekken en informeren van raden en staten vinden we met z’n allen een belangrijk punt. In de concept Samenwerkingsafspraken heeft de raadstafel daarvoor een centrale rol, net als de introductie van de voortgangsnota in het voorjaar en de termijnagenda in het najaar. Het is goed dat in de MRA-samenwerkingsafspraken staat dat de raadstafel gevraagd en ongevraagd advies geeft op processen, en dat bestuur en AV zich laten adviseren door de raadstafel.
We kunnen dit punt nog sterker maken door concreter te worden en bijvoorbeeld af te spreken dat standaard een vertegenwoordiger van de raadstafel en het bestuur en de algemene vergadering bij elkaars vergadering als toehoorder aanwezig is. Er zijn zeker nog andere concrete afspraken denkbaar. De raadstafel daar zelf in laten kiezen is hierbij belangrijk. Terughoudend omgaan met vergroting MRA-bureau en -contributie De concept Samenwerkingsafspraken geven aan dat de directie op basis van een vierjaarlijks directieplan dat duidelijk maakt welke inzet nodig is om de MRA-samenwerken mogelijk te maken en de MRA-agenda uit te voeren. Het bestuur komt op basis van dit plan met een voorstel aan de Algemene Vergadering voor hoe deze inzet beschikbaar te stellen. MRA-partijen leveren medewerkers voor deze capaciteit (op basis van verdeelsleutel op deelregio-niveau) ‘om-niet’. Indien geen inzet ‘om-niet’ geleverd kan worden, wordt dit door betreffende partijen gecompenseerd door een aanvullende financiële bijdrage. Als dit betekent dat MRA-deelnemers de facto meer dan de huidige contributie van €1,50 (plus een beetje via indexatie) per inwoner gaan betalen, vinden we dat niet wenselijk. Bedenk ook goed: het ‘om niet’ leveren van medewerkers kost MRA-deelnemers uiteindelijk ook geld/begrotingsruimte. En kleine gemeenten kunnen dit niet betalen.
Wat betreft de financiën/contributie hebben we hetzelfde punt. Momenteel betalen de gemeenten €1,50 (plus een beetje via indexatie) per inwoner. In de concept Samenwerkingsafspraken staat dat de omvang van de totale begroting met het (4-jaarlijks) vaststellen van de MRA-agenda wordt bepaald: “De hoogte van de bijdrage per inwoner wordt telkens voor vier jaar vastgesteld in een Meerjarenbegroting, gelijktijdig bij het vaststellen van de nieuwe MRA Agenda.” Wij vinden dat de contributie ‘de range van €1,50’ (plus een beetje via indexatie) per inwoner niet moet verlaten.