Raadsvoorstel GO BW def
Tekst van het document
GEMEENTE VELSEN
Raadsvoorstel Onderwerp: Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen regio Zuid Kennemerland, IJmond en
Haarlemmermeer Datum collegevergadering
7 december 2021
Ambtenaar
Zaaknummer
141925-2021
Telefoon
Portefeuillehouder(s)
M. Steijn
E-mailadres
R. Doeleman W. Nijhof 0255 567568 rdoeleman@velsen.nl
Voorgesteld raadsbesluit
De raad besluit: het college toestemming te verlenen tot het treffen van de gemeenschappelijke regeling GO Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. Samenvatting
Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen (BW). Beschermd wonen is een voorziening voor iedereen die niet meer zelfstandig kan wonen vanwege psychische en/of psychosociale problematiek. De financiering en de uitvoering hiervan loopt op dit moment nog via de centrumgemeente Haarlem, maar het Rijk heeft de intentie om vanaf 1 januari 2023 deze middelen uit te keren aan alle gemeenten, op basis van een nieuw verdeelmodel. Gemeenten krijgen met deze herverdeling van de middelen meer ruimte om Beschermd Wonen in samenhang met lokale voorzieningen dichtbij hun inwoners te organiseren. Dit versterkt de gewenste beweging van ‘intramuraal’ naar ‘zo thuis mogelijk’ wonen, in de buurt van het eigen sociale netwerk. Vooruitlopend op het nieuwe verdeelmodel zijn gemeenten in een regio vanaf 1 januari 2022 al verplicht samen de beslissingen te nemen over Beschermd Wonen. In onze regio gaat het om de gemeenten Heemskerk, Beverwijk, Velsen, Haarlem, Zandvoort, Bloemendaal, Heemstede en Haarlemmermeer. Om tegemoet te komen aan deze verplichting tot samenwerken wordt het Gemeenschappelijk Orgaan (GO) Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer opgericht. Een Gemeenschappelijke Orgaan is een samenwerkingsverband op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). Binnen de WGR zijn ook andere samenwerkingsvormen mogelijk.
Een GO is geen rechtspersoonlijkheid of gelaagd bestuur. Daarom worden de uitvoerende taken bij één van de deelnemende gemeenten belegd. Uit een vergelijking tussen verschillende samenwerkingsvormen blijkt dat een GO het best aansluit bij de manier waarop we de samenwerking willen inrichten in onze regio. Er is in een GO namelijk voldoende zeggenschap voor afzonderlijke gemeenten, maar ook gezamenlijke verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Daarnaast blijft de samenwerking licht en flexibel. In voorliggende regeling zijn afspraken vastgelegd over 1) sturing, 2) gezamenlijke taken, 3) financiën en 4) overige bepalingen. In deze nota lichten we de belangrijkste afspraken toe.
GEMEENTE VELSEN Het college heeft een besluitvormende bevoegdheid met betrekking tot de intergemeentelijke samenwerking, onder de voorwaarde dat de raad hiervoor toestemming verleent. In een ander raadsvoorstel leggen wij u het regionaal kader “Opvang, wonen en herstel 2022-2027” voor. Het regionaal kader bestaat uit de uitgangspunten op basis waarvan wij ons lokale beleid vormgeven. In de verwervingsstrategie vertalen wij het regionale kader ‘Opvang, Wonen en Herstel 2022 tot en met 2027’ naar de uitvoering. Inleiding
Aanleiding Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen (BW). De financiering loopt nu via de centrumgemeente Haarlem, maar het rijk wil deze middelen vanaf 1 januari 2023 uitkeren aan alle gemeenten. Het doel van deze ‘doordecentralisatie’ is dat gemeenten meer ruimte krijgen om, op basis van hun lokale situatie, zorg op maat en dichtbij voor hun meest kwetsbare inwoners te organiseren. Zodat burgers met een psychische kwetsbaarheid, met passende ondersteuning, zo gewoon mogelijk kunnen wonen in hun eigen omgeving en in de buurt van hun sociale netwerk. De middelen voor BW worden over een periode van 10 jaar geleidelijk (her)verdeeld over alle gemeenten, zodat de noodzakelijke veranderingen geleidelijk en zorgvuldig doorgevoerd kunnen worden. Gedurende deze transitieperiode, maar ook daarna, is regionale samenwerking essentieel en op een aantal punten ook verplicht gesteld door het Rijk. Het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen Vanaf 1 januari 2022 dienen gemeenten in de regio samenwerkingsafspraken over BW te hebben. Om tegemoet te komen aan deze verplichting wordt het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer opgericht.
Dit is het juridische kader voor de samenwerkingsafspraken over beleid, organisatie, inkoop en financiering van regionale BW-voorzieningen en over de toegang tot die voorzieningen. Gemeenschappelijk orgaan Een Gemeenschappelijke Orgaan is een samenwerkingsverband op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). Binnen de WGR zijn ook andere samenwerkingsvormen mogelijk. De bekendste daarvan is het Openbaar Lichaam. Een GO is iets anders dan een Openbaar Lichaam (vaak “gemeenschappelijke regeling” genoemd), zoals de Veiligheidsregio of de GGD. In tegenstelling tot een Openbaar Lichaam heeft een GO geen rechtspersoonlijkheid of gelaagd bestuur. Dit betekent dat er maar één ‘bestuur’ is en dat het GO geen personeel in dienst kan hebben of overeenkomsten af kan sluiten. Dit betekent dat de uitvoerende taken belegd moeten worden bij (een van) de deelnemende gemeenten. Aan het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen wordt deelgenomen door de colleges van de acht gemeenten. Zij worden vertegenwoordigd door hun portefeuillehouders. De uitvoerende taken van het GO worden belegd bij het Uitvoeringsteam Regionale BW (URB), dat in ieder geval de eerste 3 jaren wordt gepositioneerd bij de gemeente Haarlem. Het Gemeenschappelijk Orgaan gaat per 1 januari 2023 in, omdat dat het moment is dat alle gemeenten verantwoordelijk worden voor de nieuwe cliënten BW.
Deze juridische samenwerking ligt nu al ter besluitvorming voor, omdat het Rijk vraagt van alle regio’s om per 2022 een niet vrijblijvende governance te kiezen. In 2022 worden de verschillende onderdelen van het GO, waaronder de uitvoering van de gezamenlijke taken en de gezamenlijke begroting, verder ingevuld. Per 2023 starten we formeel met de samenwerking.
GEMEENTE VELSEN Het voorstel tot oprichting van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer wordt door de 8 gemeenten uit de regio voorgelegd aan college en raad. Het college neemt een besluit over het aangaan van de samenwerking. De colleges kunnen pas overgaan tot het oprichten van het GO na toestemming van de gemeenteraden. De gemeenteraden kunnen deze toestemming alleen weigeren als het GO in strijd is met het recht of het algemeen belang. Uitgangspunten samenwerking Zowel besturing als besluitvorming binnen het GO geschiedt op basis van gelijkwaardigheid. Verder biedt het GO voldoende ruimte voor gemeenten om Beschermd Wonen in aansluiting op het sociaal domein in de eigen gemeente te organiseren. Daarnaast is sprake van solidariteit tussen gemeenten in de regio, omdat de financiële risico’s van regionale voorzieningen worden gedeeld. Door de uitvoering van taken bij het Uitvoeringsteam te beleggen worden de kosten voor de deelnemers zo veel mogelijk beperkt. Een GO blijft bovendien dicht bij de huidige praktijk. Ook nu al worden besluiten over beleid en financiën voorgelegd aan de verantwoordelijke wethouders in het portefeuillehoudersoverleg Sociaal Domein. Formeel hebben de regiogemeenten op dit moment echter geen bestuurlijke positie, met een GO is dit wel geregeld.
In de voorliggende gemeenschappelijke regeling GO Beschermd Wonen Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer is vastgelegd hoe de acht gemeenten in de regio met elkaar willen samenwerken op het gebied van Beschermd Wonen. De afspraken die zijn vastgelegd in het GO zijn onderverdeeld in afspraken over: 1) sturing; 2) gezamenlijke taken; 3) financiële afspraken; 4) overige bepalingen. Hieronder worden de belangrijkste afspraken uit de regeling kort toegelicht. 1) Afspraken over sturing Het GO bestaat uit de portefeuillehouders van de acht deelnemende gemeenten. Een van hen is de voorzitter van het GO. Dit voorzitterschap rouleert. Besluitvorming geschiedt op basis van gelijkwaardigheid. Elk van de deelnemers heeft één stem. De meeste besluiten binnen het GO worden genomen bij gewone meerderheid. Voor besluiten over de begroting en de jaarrekening van het GO is 3/4de meerderheid nodig. Voor een aantal besluiten is unanimiteit vereist, zoals over de nadere invulling van de taken van het GO. In het GO zijn aanvullende bepalingen opgenomen om de positie van de raden te verstevigen. De gemeenteraden ontvangen jaarlijks de kadernota, de ontwerpbegroting en de voorlopige jaarrekening van het GO en kunnen hierop een zienswijze indienen. Het GO is verplicht hierop een reactie te geven.
De uitvoering van de gezamenlijke taken wordt door het GO belegd bij het Uitvoeringsteam Regionale BW-taken (URB). Het Uitvoeringsteam Regionale BW-taken is de eerste drie jaar bij de gemeente Haarlem gepositioneerd. Zo maken we optimaal gebruik van de opgedane kennis en kunde van (de medewerkers van) Haarlem. Om gelijkwaardigheid, verantwoordelijkheid en betrokkenheid van alle gemeenten bij het GO te borgen, streven we naar een representatieve vertegenwoordiging van de gemeenten in zowel ambtelijke overlegtafels als in het Uitvoeringsteam.
GEMEENTE VELSEN 2) Afspraken over de taken van het GO In het GO zijn afspraken vastgelegd over de uitvoering van taken voor de gezamenlijke, regionale BW-voorzieningen. Het gaat onder meer over bedrijfsvoeringstaken, zoals P&C en de organisatie, inkoop en financiering van regionale Beschermd Wonen-voorzieningen en het ondersteunen van de lokale toegang tot BW. Door deze taken bij het GO te beleggen beperken we de administratieve lasten voor aanbieders. Daarnaast is het GO verantwoordelijk voor het opstellen van regionale kaders voor beleid, het organiseren van afstemming tussen gemeenten en het monitoren van en rapporteren over de stand van zaken. Nieuwe cliënten Gemeenten zijn vanaf 2023 zelf verantwoordelijk voor de opbouw van lokale BW-voorzieningen in de eigen gemeente. Ook zijn gemeenten zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van BW voor nieuwe cliënten uit hun gemeente. Om beleidsmatig grote verschillen en/of waterbedeffecten te voorkomen, worden de belangrijkste gezamenlijke uitgangspunten door het GO voor Beschermd Wonen vastgesteld. Dit kader vormt de basis voor het lokale BW-beleid en uitvoeringsprogramma's van de deelnemende gemeenten. De toegang tot regionale en lokale voorzieningen voor Beschermd Wonen wordt vanaf 2023 lokaal georganiseerd, zodat goed aangesloten kan worden bij andere lokale (maatwerk)voorzieningen binnen het sociaal domein.
Desgewenst kan het GO de gemeenten ondersteunen bij de toegang, onder meer door de inzet van een Regionaal Expertise Team (RET). Daarnaast kan het GO, op verzoek, de toegang uitvoeren voor een gemeente. Dit laatste is een zogenoemde ‘plustaak’ waarvoor kosten in rekening worden gebracht bij de betreffende gemeente. ‘Oude’ Cliënten Het GO is tot slot verantwoordelijk voor alle taken voor ‘oude’ of bestaande BW-cliënten. Dit zijn cliënten uit de hele regio die voor 1 januari 2023 een beschikking hebben gekregen voor Beschermd Wonen. Momenteel voert Haarlem als centrumgemeente deze taak namens de gemeenten in de regio uit. Omdat de taken voor de ‘oude’ en de nieuwe cliënten beleidsinhoudelijk, financieel en op uitvoeringsniveau moeilijk van elkaar te scheiden zijn, worden deze taken ook voor de oude cliënten ondergebracht in het GO. Het bijbehorende rijksbudget wordt vanaf 2023 door de gemeente Haarlem overgedragen aan het GO. Daarmee ontstaat duidelijkheid voor alle (samenwerkende) partijen en inwoners en wordt de verantwoordelijkheid voor deze groep nadrukkelijker bij de acht gemeenten gezamenlijk belegd. Nadere uitwerking taken GO De taken zijn in het GO alleen op hoofdlijnen vastgelegd en worden nog nader uitgewerkt in het Besluit Regionale Taakuitvoering Beschermd Wonen. In het GO is bepaald dat deze uitwerking unaniem vastgesteld moet worden. 3.
Financiële samenwerkingsafspraken Iedere gemeente draagt naar rato van het nieuwe verdeelmodel (zie bijlage 3) bij aan de uitvoeringskosten van het GO. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de zorgkosten voor de eigen cliënten (op basis van het woonplaatsbeginsel) en de uitvoeringskosten van de eigen organisatie. Zorgkosten voor de ‘oude’ cliënten worden betaald uit het GO: de gemeente Haarlem draagt de bijbehorende rijksbijdrage vanaf 2023 over aan het GO. Delen van financiële risico’s Om financiële risico’s te beperken en de continuïteit van zorg voor de inwoners in onze gemeente en in de regio als geheel te waarborgen zijn aanvullende afspraken gemaakt. De eerste drie jaar
GEMEENTE VELSEN worden eventuele tekorten en overschotten op de zorgkosten per gemeente onderling verrekend via een vereveningsfonds. Met name voor de eerste jaren is lastig in te schatten of de rijksbijdrage per gemeente voldoende is om de zorgkosten voor de eigen cliënten te dekken. Dit komt door schommelingen in het aantal aanmeldingen per jaar en omdat nog niet bekend is in hoeverre het verdeelmodel aansluit bij de werkelijke situatie in een gemeente. Het budget voor de regio als geheel is naar verwachting wel voldoende. De vereveningsafspraken zorgen ervoor dat het risico voor de afzonderlijke gemeenten zeer laag is. Na 3 jaar wordt het fonds opgeheven, resterende middelen worden verdeeld onder de gemeenten. In 2025 wordt besloten of en in op welke wijze vanaf het vierde jaar verevening plaats vindt. Er is niet gekozen voor een verevening voor onbepaalde tijd om gemeenten. Daarmee geven we gemeenten een prikkel om ‘lichtere’ lokale voorzieningen op te bouwen en in te zetten op preventie. Regionale reserve Beschermd Wonen Het GO beschikt over een eigen reserve om financiële risico’s op te vangen. De reserve wordt gevoed uit (i) de reserve BW van de gemeente Haarlem per 31 december 2022, (ii) vanaf 2023 het overschot op het gezamenlijke historische budget (voor ‘oude’ cliënten) en (iii) het eventuele overschot op de uitvoeringskosten van het GO.
De reserve wordt ingezet voor de dekking van de volgende (mogelijke) tekorten (i) een tekort op het gezamenlijke historisch budget (ii) een tekort op maatschappelijke opvang in resp. 2023, 2024 en 2025 (zie verder) en (iii) incidentele kosten en frictiekosten. Daarnaast wordt jaarlijks een deel van de reserve door het GO beschikbaar gesteld voor een ontwikkel- en innovatiefonds. Partijen kunnen aanspraak maken op een deel van deze middelen door concrete voorstellen in te dienen voor ontwikkeling in het zorgaanbod of innovatie. Hierdoor is geborgd dat, ook bij een tekort op de lokale zorgkosten, voldoende middelen beschikbaar zijn voor investeringen in de opbouw van lokale voorzieningen of in preventie. Jaarlijks stelt het GO bij het opstellen van de begroting het bedrag vast dat beschikbaar is voor het innovatiefonds. Wanneer de reserve van het GO onder een afgesproken minimum komt, zullen alle gemeenten de reserve naar rato van het verdeelmodel aanvullen. We schatten in dat de kans hierop de eerste 3 jaar klein is, omdat we in die jaren nog een aanzienlijk overschot verwachten op het historisch budget. Wanneer de reserve hoger is dan de afgesproken bovengrens dan wordt het overschot uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten. Hiermee wordt voorkomen dat in het GO te veel middelen gereserveerd worden, waar gemeenten niet zelf over kunnen beschikken.
Positionering ‘oude’ cliënten De middelen die de gemeente Haarlem vanaf 2023 ontvangt voor de ’oude’ of bestaande cliënten BW, worden overgedragen naar het GO, waardoor gemeenten gezamenlijk (financieel) verantwoordelijk worden voor de zorg(kosten) voor deze cliënten. Ook het financiële overschot op BW per 31 december 2021 wordt door de gemeente Haarlem overgeheveld naar de reserve van het GO BW. Dekking tekorten Maatschappelijke Opvang De eerste drie jaren wordt het regionaal tekort op het budget voor Maatschappelijke Opvang (MO), evenals de afgelopen jaren, gedekt uit de reserve van het GO BW. Al jaren is sprake van een structureel tekort op het MO-budget, deels als gevolg van landelijke ontwikkelingen. Haarlem ontvangt de middelen voor maatschappelijke opvang van het rijk, maar het betreft een regionale taak en regionale voorzieningen voor inwoners uit de hele regio. Als MOvoorzieningen door een tekort aan middelen komen te vervallen, brengt dat maatschappelijke consequenties en kosten met zich mee voor alle gemeenten. Het is op de lange termijn niet wenselijk dat er een structureel tekort blijft bestaan, te meer omdat het rijk van plan is dit budget
GEMEENTE VELSEN ook door te decentraliseren naar de afzonderlijke gemeenten. Daarom wordt aanvullend afgesproken dat gemeenten samen een plan opstellen om toe te werken naar een situatie per 2026 waarbij passende en goede zorg voor de MO-doelgroep gerealiseerd wordt binnen het budget dat daarvoor beschikbaar gesteld wordt door het rijk. 4. Overige bepalingen De samenwerking is voor onbepaalde tijd. De financiële afspraken hebben een looptijd van drie jaar. Om tegemoet te komen aan alle onzekerheden rondom de doordecentralisatie, vindt in het derde jaar (2025) een evaluatie plaats. Onderdeel van deze evaluatie zijn onder andere de bijdrage van het GO aan de doelen van de doordecentralisatie, de financiële samenwerkingsafspraken, de sturing, de taken van het GO en de positionering van het Uitvoeringsteam (URB). Daarnaast houden we vinger aan de pols door jaarlijks te rapporteren over in ieder geval deze onderwerpen. Uittreding is de eerste vijf jaar niet mogelijk, bij uittreding uit het GO zijn de kosten voor de uittreder.
Beoogd doel en effect van het besluit
De deelnemende gemeenten leggen in de gemeenschappelijke regeling vast hoe zij met elkaar willen samenwerken vanaf het moment dat de middelen voor Beschermd Wonen naar alle gemeenten worden herverdeeld. Om een kwalitatief goed aanbod BW-voorzieningen te (blijven) realiseren voor onze inwoners zijn regionale afspraken nodig over onder meer beleid, inkoop, financiering en toegang tot de (regionale) BW-voorzieningen. Daarnaast hechten we belang aan afspraken over onderlinge (financiële) solidariteit bij de uitvoering van de taken voor Beschermd Wonen, om de continuïteit van zorg voor de inwoners in per gemeente en in de regio als geheel te waarborgen. Argumenten
We kiezen voor een GO, omdat deze vorm het best aansluit bij de manier waarop we de samenwerking willen inrichten in onze regio (zie raadsstuk met zaaknummer 40128-2021). In een GO is er: • Gezamenlijke sturing op beleid en financiën • Gezamenlijke verantwoordelijkheid en betrokkenheid van alle deelnemende gemeenten. • Maximale zeggenschap van alle afzonderlijke gemeenten • Ruimte om de samenwerking zo licht en flexibel mogelijk te houden, niet zwaarder dan nodig.
Alternatieven
Geen. Voor de juridische vorm van een gemeenschappelijk orgaan is breed draagvlak bij de colleges en de gemeenteraden in de regio (raadssessie 20 mei 2021).
Risico’s
Mogelijke (financiële) risico’s zijn: • Er zijn nog onzekerheden rond het objectieve verdeelmodel: doordat het verdeelmodel mogelijk onvoldoende aansluit bij de werkelijkheid, kunnen voor- en nadeelgemeenten ontstaan. Ook is het verdeelmodel nog niet definitief en kan het in theorie nog naar beneden bijgesteld worden. • De middelen voor oude cliënten worden afgebouwd, mogelijk zijn op den duur kunnen de kosten voor deze groep hoger dan de beschikbare (historische) middelen.
GEMEENTE VELSEN •
•
Als cliënten langer verblijven in de (regionale) BW-voorzieningen, of als het aantal cliënten sneller toeneemt dan verwacht, kan dit leiden tot langere wachtlijsten of extra zorgkosten voor gemeenten. Wanneer onvoldoende lokale voorzieningen opgebouwd worden, blijven cliënten aangewezen op de regionale BW-voorzieningen. Dit betekent dat cliënten niet zo thuis en lokaal mogelijk kunnen wonen en ondersteund worden.
Hoe gaan we om met deze risico’s? • Deze ontwikkelingen (financiën en aantal cliënten) zullen door het GO en de individuele gemeenten nauw gemonitord worden. • Om de financiële risico’s op te vangen zijn er voor de eerste drie jaar vereveningsafspraken gemaakt om het risico van de individuele gemeenten te beperken. De verwachting is dat het regionale budget in zijn geheel voldoende is. • Door opbouw van (goedkopere) lokale voorzieningen voor Beschermd Wonen kunnen gemeenten voorkomen dat ze aangewezen blijven op de (duurdere) regionale voorzieningen. En kan voorkomen worden dat de uitstroom stokt. • Door de samenwerkingsafspraken in het GO en door voortdurend af te stemmen met alle partners houden we vinger aan de pols en spelen we in op actuele ontwikkelingen en uitdagingen.
Programma
Programma Vitaal en Sociaal Velsen
Kader
Wet gemeenschappelijke regelingen Wet maatschappelijke ondersteuning 2015
Participatie en inspraak
In februari 2021 zijn alle raden uit de regio met een raadsbrief en in een informatieve bijeenkomst geïnformeerd over de voortgang van de doordecentralisatie. Ook is een bijeenkomst georganiseerd om de Wmo- en Participatieraden in de regio te informeren. In het voorjaar van 2021 hebben de colleges ingestemd met de (verdere) uitwerking van een Gemeenschappelijk Orgaan (GO) Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer (collegevoorstel d.d. 13 april 2021). In november 2021 zijn opnieuw informatieve bijeenkomsten georganiseerd voor de gemeenteraden en de Participatie- en Wmo-raden. Zorgaanbieders en andere (maatschappelijke) partners, zoals welzijnsorganisaties, verslavingszorg en zorgverzekeraars, die betrokken zijn bij BW, zijn regelmatig betrokken bij de (inhoudelijke) uitwerking van de doordecentralisatie. Ook zijn op meerdere momenten ervaringsdeskundigen betrokken, onder meer bij het opstellen van de regionale uitgangspunten voor de doordecentralisatie. Financiële consequenties
In het GO is vastgelegd dat iedere gemeente naar rato van het nieuwe verdeelmodel (zie bijlage 3) bijdraagt aan de uitvoeringskosten van het GO. De hoogte van dit bedrag wordt jaarlijks vastgesteld. Daarnaast is vastgelegd dat gemeenten de eerste 3 jaar de middelen die gemeenten
GEMEENTE VELSEN overhouden op de zorgkosten voor BW storten in het regionale vereveningsfonds. Eventuele tekorten worden gedekt uit dit fonds. De kosten die samenhangen met de uitvoering van de nieuwe taak BW in onze eigen gemeente zijn afhankelijk van de manier waarop we BW vanaf 2023 vormgeven in onze gemeente. Een voorstel wordt in 2022 uitgewerkt en aan u voorgelegd. De verwachting is dat alle kosten gedekt kunnen worden uit de rijksbijdrage BW die we vanaf 2023 ontvangen.
Uitvoering van besluit
Het Gemeenschappelijk Orgaan gaat per 1 januari 2023 in, omdat dat het moment is dat alle gemeenten verantwoordelijk worden voor de nieuwe cliënten BW. Deze juridische samenwerking ligt nu al ter besluitvorming voor, omdat het Rijk vraagt van alle regio’s om per 2022 een niet vrijblijvende governance te kiezen. In 2022 worden de verschillende onderdelen van het GO, waaronder de uitvoering van de gezamenlijke taken en de gezamenlijke begroting, verder ingevuld. Per 2023 starten we formeel met de samenwerking. Het voorstel tot oprichting van het Gemeenschappelijk Orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer wordt door de 8 gemeenten uit de regio voorgelegd aan college en raad. Het college neemt een besluit over het aangaan van de samenwerking. De colleges kunnen pas overgaan tot het oprichten van het GO na toestemming van de gemeenteraden. De gemeenteraden kunnen deze toestemming alleen weigeren als het GO in strijd is met het recht of het algemeen belang. Nadat de gemeenteraden in de regio toestemming hebben verleend, wordt het besluit voor definitieve besluitvorming voorgelegd aan het college.
Bijlagen – onderdeel uitmakend van het besluit
Gemeenschappelijke regeling Beschermd Wonen regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer (bijlage 1).
Bijlagen – bijgevoegd als achtergrondinformatie
• •
Toelichting bij Gemeenschappelijke regeling GO Beschermd Wonen Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer (bijlage 2). Voorlopig Landelijk verdeelmodel Beschermd Wonen vanaf 2023 (bijlage 3).
Burgemeester en wethouders van Velsen, De secretaris,
De burgemeester,
K.M. Radstake
F.C. Dales