E9 Resultaten monitoring en cliëntervaringsonderzoek Wmo 2020.pdf
Tekst van het document
GEMEENTE VELSEN
Collegebericht Weeknummer: 44 Datum vergadering
2 november 2021
Ambtenaar
R. Doeleman
Registratienummer
Bb20.0127
Telefoonnr.
0255 567568
Portefeuillehouder(s)
M. Steijn
E-mailadres
rdoeleman@Velsen.nl
S. Dinjens Bijlagen
1
Onderwerp: Resultaten monitoring en cliëntervaringsonderzoek Wmo 2020
Geachte leden van de raad, Jaarlijks informeren wij u over ontwikkelingen in het gebruik van voorzieningen binnen het sociaal domein. Dit doen wij aan de hand van de gegevens uit de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein. Daarnaast informeren wij u elk jaar over de resultaten van het cliëntervaringsonderzoek Wmo. In de bijlage bij dit collegebericht geven wij een uitgebreide toelichting. Hieronder gaan wij in op de belangrijkste resultaten Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein Over 2020 hebben wij aan het CBS gegevens aangeleverd voor de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein. De resultaten hiervan zijn gepubliceerd via de website www.waarstaatjegemeente.nl. In de benchmark vergelijken wij Velsen met gemeenten met de zelfde grootteklasse (50.000-100.000 inwoners). Hieronder staan de belangrijkste bevindingen: Wmo • Het aantal inwoners dat gebruikmaakt van de Wmo-maatwerkvoorzieningen steeg van het eerste half jaar van 2019 tot en met de tweede helft van 2020 met 7%. Deze stijging is onder andere het gevolg van ontwikkelingen als het abonnementstarief, de vergrijzing en het langer zelfstandig wonen. • In Velsen is het aantal indicaties voor vervoersvoorzieningen 60% hoger dan in referentiegemeenten. Daarnaast is het aantal indicaties voor hulp bij het huishouden 7% hoger.
Van andere Wmo-voorzieningen zoals begeleiding en rolstoelen, maken Velsenaren juist minder gebruik dan inwoners van referentiegemeenten. Jeugdhulp • 109 kinderen per 1.000 inwoners maken gebruik van ambulante jeugdhulp, ten opzichte van 98 kinderen per 1.000 inwoners in referentiegemeenten. • Ten opzichte van 2019 zien wij dat de verhouding tussen jeugdhulp zonder verblijf, en andere vormen van jeugdhulp (Jeugdbescherming, jeugdreclassering en jeugdhulp met verblijf) gelijk gebleven. Participatiewet • Ten opzichte 2019 zien wij in 2020 een stijging van het aantal bijstand gerelateerde uitkeringen. In de eerste helft van 2019 hadden 1710 inwoners een bijstandsuitkering, in de tweede helft van 2020 waren dit er 2150. Deze toename is een landelijke ontwikkeling.ateerd).
GEMEENTE VELSEN •
Velsen kent in vergelijking met referentiegemeenten minder bijstandsgerechtigden. In Velsen hebben 39 van de 1000 inwoners (boven de 18 jaar tot aan de AOW-gerechtigde leeftijd) een bijstandsuitkering. In referentiegemeenten zijn dit er 42.
Tevredenheidsonderzoek Uit het jaarlijkse cliëntervaringsonderzoek Wmo blijkt dat Velsenaren in 2020 minder tevreden waren over de kwaliteit van de ondersteuning. 81,2% van de respondenten vindt de zorg/ondersteuning die zij ontvangt van goede kwaliteit. Deze score is 5,1%-punt lager dan in 2019. Ook de tevredenheid over het resultaat van de ondersteuning daalde. In 2020 gaf 82,9% van de respondenten aan dat zij zich “door de ondersteuning beter konden redden”. Deze score is 2.9%-punt lager dan in 2019. Het is niet duidelijk waardoor dit komt. We weten ook niet of de daling corona gerelateerd is. Vanaf 2022 willen we met de andere IJmondgemeenten kijken hoe we het cliëntervaringsonderzoek op een andere manier gaan inrichten. Op die manier verwachten we meer informatie uit het onderzoek te kunnen halen en daardoor de dienstverlening aan onze inwoners te verbeteren. In de bijlage gaan we uitgebreid in op wat wij met de resultaten gaan doen en geven wij een toelichting op de cijfers.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Velsen
GEMEENTE VELSEN
Bijlage: toelichting bij de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein In deze bijlage geven wij een toelichting op de volgende onderdelen uit de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein: 1. De stapeling van voorzieningen; 2. Het gebruik van voorzieningen (Jeugdhulp, Wmo en Participatiewet); 3. De resultaten van het cliëntervaringsonderzoek Wmo. In deze toelichting maken wij een vergelijking tussen Velsen en gemeenten met dezelfde grootteklasse (50.000 - 100.000 inwoners). Tot slot geven wij aan wat wij met de resultaten uit de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein gaan doen.
1. De stapeling van voorzieningen
De Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein maakt het aantal voorzieningen per huishouden inzichtelijk. Wat opvalt is dat Velsense huishoudens in vergelijking tot referentiegemeenten in 2020 relatief vaak gebruikmaken van slechts één, twee en/of drie voorziening. Velsenaren maken ten opzichte van referentiegemeenten evenveel gebruik van 4, 5 of 6 voorzieningen. Met de invoering van het abonnementstarief zijn mensen die vaak al één voorziening hadden, meerdere voorzieningen gaan afnemen.
2. Het gebruik van voorzieningen Jeugd
GEMEENTE VELSEN . In de monitor sociaal domein is niet langer de ontwikkeling van het absolute gebruik van jeugdhulp in de monitor opgenomen. Hiervoor in de plaats geeft de monitor inzicht in of er een verschuiving is van zwaardere zorg naar lichtere zorg (of vice versa). Ten opzichte van 2019 zien wij dat de verhouding tussen jeugdhulp zonder verblijf, en andere vormen van jeugdhulp (Jeugdbescherming, jeugdreclassering en jeugdhulp met verblijf) constant is geweest.
In Velsen maken meer jongeren gebruik van jeugdhulp zonder verblijf ten opzichte van jongeren in referentiegemeenten (>50.000 inwoners). Het aantal jongeren dat gebruikmaakt van jeugdhulp met verblijf, jeugdbescherming en jeugdreclassering is vergelijkbaar met dat van referentiegemeenten (>50.000 inwoners).
Wmo
GEMEENTE VELSEN Bij de taken ambulante begeleiding en dagbesteding (ondersteuning thuis) zien wij een stijging van het aantal inwoners dat gebruikmaakt van deze voorzieningen. In twee jaar tijd (2019 en 2020) zien we een toename van het gebruik van deze voorzieningen met 20%. Vergelijkbaar zien wij dat in twee jaar tijd het aantal inwoners met een indicatie voor hulp bij het huishouden steeg met 30%. Dit heeft dit te maken met het de invoering van het abonnementstarief.
In vergelijking tot de referentiegemeenten zien we dat in Velsen het aantal verstrekkingen
“vervoersvoorzieningen” hoger is. Wij vinden het belangrijk dat de inwoners van Velsen mobiel zijn. Wij zien met name een hoger gebruik van het collectief vervoer ten opzichte van de referentiegemeenten. Dit komt onder andere door minder OV-mogelijkheden in Velsen. Hierdoor is het mogelijk dat we in de genoemde categorie ’hulpmiddelen en diensten’ meer Wmovoorzieningen verstrekken dan de referentiegemeenten. Ook hebben Velsenaren iets vaker hulp bij het huishouden dan inwoners van referentiegemeenten. Aan de andere kant hebben inwoners van Velsen minder vaak een indicatie voor de andere Wmovoorzieningen.
GEMEENTE VELSEN Participatie
Ten opzichte 2019 zien wij in 2020 zien wij een sterke stijging van het aantal bijstand gerelateerde uitkeringen. De toename van het aantal uitkeringen is Corona-gerelateerd.
In Velsen maken minder mensen gebruik van een bijstandsuitkering in vergelijking tot andere gemeenten. Dit komt omdat het banenaanbod in Velsen relatief hoog ligt.
Het aantal inwoners dat gebruikmaakt van een re-integratievoorziening (per duizend inwoners) is in 2020 ten opzichte van 2019 stabiel gebleven.
GEMEENTE VELSEN
In Velsen maken minder mensen gebruik van een re-integratievoorzieningen in vergelijking tot gemeenten van vergelijkbare grootte. Dit komt omdat enerzijds het banenaanbod in Velsen relatief hoog ligt en er anderzijds een relatief grote groep mensen is met een lange afstand tot de arbeidsmarkt waarbij (nog) geen sprake is van een re-integratievoorziening.
3. Resultaten cliëntervaringsonderzoek Wmo In het voorjaar van 2021 lieten wij een cliëntervaringsonderzoek door Zorgfocuz uitvoeren onder Wmo-cliënten (over 2020). De resultaten van dit onderzoek geven inzicht in het contact met de gemeente, de kwaliteit van de ondersteuning en de effecten van de ondersteuning. Het cliëntervaringsonderzoek is uitgezet over 1.000 gebruikers van Wmo-voorzieningen. Met een responspercentage van 39,4% zijn de resultaten representatief. Contact met de gemeente De respondenten waren over het algemeen tevreden met het contact over hun hulpvraag met de gemeente. 83,4% van de cliënten voelen zich serieus genomen. Wat betreft het samen zoeken naar oplossingen zijn zij de cliënten iets minder tevreden dan vorig jaar. Ten opzichte van vorig jaar zijn de respondenten tevredener over de bekendheid van de onafhankelijke cliëntondersteuner. Ook wisten cliënten beter waar zij moesten zijn met hun hulpvraag.
GEMEENTE VELSEN
Kwaliteit van ondersteuning 81,2% van de respondenten vindt de zorg/ondersteuning die zij ontvangt van goede kwaliteit. Deze score is 5,1%-punt lager dan 2019. 82,2% van de respondenten geeft aan dat de ondersteuning past bij hun hulpvraag. Deze score is 3,2%-punt lager dan in 2019.
Resultaat van de ondersteuning Over het algemeen zijn de respondenten tevreden over het resultaat van de ondersteuning. De tevredenheid op de volgende stellingen is licht afgenomen ten opzichte van een jaar geleden : “ door de ondersteuning die ik krijg…”: • “…kan ik beter de dingen doen die ik wil” (daling met 2,3%-punt); • “…kan ik mij beter redden” (daling met 2,9%-punt); • “…heb ik een betere kwaliteit van leven” (daling met 2,9%-punt). Uit dit kwantitatieve onderzoek valt niet te herleiden op welke ondersteuning deze resultaten betrekking hebben.
GEMEENTE VELSEN 4. Wat gaan wij met de resultaten doen? Wmo De resultaten van het CEO 2020 zijn lastig te interpreteren. Het is namelijk niet duidelijk wat de invloed is geweest van de corona-periode op de ervaring van onze cliënten. Het is mogelijk dat bij de diensten (bijv. de voorziening begeleiding) als gevolg van corona alternatieve vormen van ondersteuning zijn geboden. Hierdoor kan de waardering van de kwaliteit omlaag zijn gegaan. Dit kan echter niet opgemaakt worden uit de resultaten, omdat in het onderzoek geen onderscheid is gemaakt op voorziening. De standaard vragenlijst is gebruikt zoals de jaren ervoor. Hierdoor weten we niet waar een stijging of daling van de gemeten cliëntervaring aan toe te schrijven valt. Vanwege nieuwe regelgeving kunnen binnen de ‘nieuwe stijl’ CEO sinds kort de vragen aangepast worden. Onder de nieuwe stijl zitten we niet meer vast aan tien verplichte vragen die we moeten stellen. We willen volgend jaar samen met de andere IJmondgemeenten uitzoeken hoe we het CEO op een andere manier kunnen inrichten. Op die manier verwachten we meer uit het CEO te kunnen halen. Participatiewet We zetten flexibel in op de veranderingen op de arbeidsmarkt.
Mensen met een korte afstand tot de arbeidsmarkt worden zo snel mogelijk richting werk geholpen, daarnaast worden gerichte acties uitgezet op re-integratie van mensen met een lange afstand tot de arbeidsmarkt. Jeugdhulp In Velsen maken kinderen/jongeren in vergelijking tot andere gemeenten meer gebruik van jeugdhulp voorzieningen zonder verblijf. De kosten van de jeugdhulp stijgen in onze gemeente. Daarmee staan we, samen met het jeugdhulpveld, waaronder aanbieders en verwijzers, voor de grote opgave om de kosten van de jeugdhulp om te buigen zonder afbreuk te doen aan de Jeugdwet en kinderen en gezinnen die dat nodig hebben jeugdhulp te bieden. Dit houdt in dat we heldere financiële grenzen stellen aan de inzet op de jeugdhulp in Velsen. We werken aan een ambitieuze en realistische set van maatregelen om kosten te besparen, zonder daarmee te rigoureuze ingrepen te hoeven doen in het jeugdhulp veld. We werken onder andere aan de herijking van de toegang. Hierdoor beperken we de instroom en versterken we de door- en uitstroom van cliënten. Wij zetten bijvoorbeeld ook in op meer praktijkondersteuners jeugd GGZ (POH’s) in huisartsenpraktijken. POH’s hebben kennis van het zorgaanbod én inzicht in de beschikbaarheid van het zorgaanbod, waardoor de juiste zorg sneller kan worden aangeboden. Met deze korte laagdrempelige hulp kunnen jeugdigen regelmatig weer zelfstandig verder.
We zetten in op de jeugdteams op scholen, zodat wij zichtbaar zijn voor leerlingen, ouders en leerkrachten en ook via deze route snel preventieve ondersteuning kunnen in zetten. Ook geven wij verder vorm aan de aanpak van complexe casuïstiek. Dit doen wij door aanbieders te stimuleren om samen met het CJG in een vroegtijdig stadium op zoek te gaan naar oplossing voor complexe casussen (doorbraakberaad) en richten we in de IJmond en ZuidKennemerland een Regionaal Expertise Team (RET) in. Het doel van het RET is het bieden van een goed vindbare plek waar jeugdigen, ouders en professionals worden geholpen met het vinden van oplossingen voor meervoudige complexe hulpvragen en een bijdrage leveren aan een lerend jeugdstelsel door te leren van casuïstiek. We zetten als gemeente in om hulp aan kinderen en jongeren zoveel mogelijk in de eigen omgeving, het eigen gezin, op maat en vroegtijdig aanbieden. Een kind gedijt in veel gevallen het beste in de eigen omgeving. Wel met de juiste hulp en ondersteuning aan het kind en het gezin. Waar veiligheid geborgd is. We zien echter dat het aantal kinderen dat jeugdhulp ontvangt in Velsen onverminderd hoog blijft. De coronacrisis is een extra complicerende factor, waar we als
GEMEENTE VELSEN gemeente terdege rekening mee houden. De toename van problematiek onder jongeren, in aantal en complexiteit, zorgt voor meer druk en vraagt meer inzet van onze partners in het sociaal domein, zowel in het preventieve veld als bij specialistische zorg. Dit is ook een landelijk beeld.