CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

E51 Inzet tegen drugsoverlast.pdf

Raadsvergadering 23 september 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Ingekomen stukken14.646 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

»

Wietplanten knippen Meehelpen bij illegale wietplantages, bijvoorbeeld door wietplanten te toppen (snoeien) of te helpen met oogsten. Dit kan plaatsvinden in een context van familie, buurt of (ouders van) vrienden.

» Op de uitkijk staan Om als dealer op tijd te worden gewaarschuwd als er politie of andere ongenode gasten in de buurt zijn, kunnen jongeren die niet opvallen worden ingezet om op uitkijk te staan en alarm te slaan.

4 Betrokkenheid: activiteiten en ontwikkeling In dit hoofdstuk gaan we dieper in op het ‘wat en hoe’: wat zijn de activiteiten van jongeren in de drugscriminaliteit en hoe vinden die plaats? In paragraaf 4.1 kijken we naar eerste stappen die met name minderjarigen zetten in de

» Pony packs vouwen Poederdrugs worden verkocht in kleine envelopjes, ook bekend als pony packs. Jongeren vouwen deze voor de dealer.

» Bewaren van drugspakketjes Dealers willen niet met grote hoeveelheden drugs op straat rondlopen. Jongeren houden namens de dealer drugs bij zich.

drugscriminaliteit. In paragraaf 4.2 zoomen we in op de doorgroei ná die eerste stappen. Tot slot beschrijven we in paragraaf 4.3 factoren die het lastig maken om weer uit de drugscriminaliteit te stappen.

Er zijn ook jongeren voor wie de eerste activiteit het (door)verkopen van drugs onder vrienden of op school is. Het gaat op jonge leeftijd vooral om softdrugs. Een methode die door een respondent werd genoemd en die betrekking had op drugscriminaliteit rond scholen, is dat afnemers een bepaald woord moesten sturen naar een telefoonnummer en dat de dealer dan op de brommer langskomt op school. Daar wordt de softdrugs verder verhandeld.

4.2 Doorgroeien Zoals we in paragraaf 3.4. al beschreven stopt een groot deel van de jongeren, die drugs verkopen onder vrienden of bijvoorbeeld wietplanten knippen als bijverdienste, hier weer mee zodra ze ouder worden. Deze afname komt overeen met de age-crime curve uit de criminologische literatuur. Deze beschrijft dat jongeren die delicten plegen dit vaak doen vanaf hun late kindertijd en pieken tussen hun 15de en 19de levensjaar. Daarna neemt de frequentie van delicten plegen weer af29. Slechts een klein deel volhardt in crimineel gedrag. Dit geldt vooral voor jongeren waar veel risicofactoren op van toepassing zijn. In deze paragraaf kijken we hoe de aard en de schaal van de activiteiten verandert naarmate jongeren ouder worden en langer betrokken zijn bij drugscriminaliteit.

Verandering activiteiten Allereerst zien we dat het soort drugs waar jongeren zich mee bezighouden verandert. Zo blijkt uit een analyse van 86 politieregistraties van drugshandel bij 12 t/m 19-jarigen dat softdrugs vaker plaats maakt voor harddrugs 29 Loeber, R. en D.P. Farrington (2014).

0032

0033

naarmate de leeftijd toeneemt. Van de jongeren in de leeftijd van 12 t/m 16 jaar gaat het bij een kwart van de

georganiseerde criminaliteit schaars zijn. Uit de Monitor Georganiseerde Criminaliteit blijkt dat 75 procent van

gevallen (5 van de 22 geregistreerde jongeren) om harddrugs (cocaïne en XTC). Bij de jongeren in de leeftijd van 17

de leden van criminele samenwerkingsverbanden ouder was dan 30 jaar en dat 19 procent nooit eerder was

t/m 19 jaar is dit aandeel gegroeid tot ruim de helft (38 van de 64 jongeren).

veroordeeld. De criminele carrière van één tot zelfs twee-vijfde deel van de daders, bleek pas op volwassen leeftijd te zijn gestart. De relatief hoge leeftijd in de georganiseerde misdaad is verklaarbaar omdat het tijd kost om

Ten tweede neemt ook de afstand tussen woonplaats van een jongere en de pleegplaats van het drugsdelict (de

voldoende ervaringsdeskundigheid en reputatie op te bouwen30.

actieradius) toe. Dit blijkt ook uit de analyse van politieregistraties: bij 13- t/m 15-jarigen is de gemiddelde actieradius nog 0,88 km, bij 16- t/m 17-jarigen (scooterleeftijd) is de gemiddelde actieradius 7,26 km en bij 18- en 19-jarigen (leeftijd van een autorijbewijs) is de gemiddelde actieradius 12,63 km.

4.3 Stoppen met drugscriminaliteit Eenmaal betrokken bij de drugscriminaliteit, is het niet eenvoudig om hier weer mee te stoppen. We zien in dit

Ten derde kan de aard van de criminele activiteiten veranderen. Zoals we in paragraaf 3.4 al beschreven zijn er jongeren die vanuit de verkoop onder vrienden, actiever worden en een eigen handel opzetten. Of jongeren die

fenomeenonderzoek verschillende factoren terug die het lastig maken. Als eerste zien we dat gewenning aan een bepaalde levensstijl het moeilijk maakt om te stoppen.

vanuit een netwerk steeds actiever worden met de verkoop van drugs. Alhoewel het meestal onbekend is hoe jongeren aan hun drugs komen, schetste een medewerker van de politie het volgende beeld:

”

Er zijn 2 of 3 personen die de distributie doen in de stad. Zij krijgen het weer van

een ‘grotere speler’. De distributeurs verdelen het weer onder verkopers, dit zijn

”

Ik was een bepaalde levensstijl gewend. Per week verdiende ik wel €5000,-.

Toen zag ik nog niet in dat je niets aan dat geld hebt als je het niet gewoon uit kunt geven. Als je [legaal] werkt voor geld, dan heeft geld pas zin.

de jongeren. Deze jongeren kopen drugs op krediet in en dat verkopen ze dan weer. Met de opbrengsten lossen ze hun schulden af bij de distributeur. Wat er

Jongere/Ervaringsdeskundige

overblijft is winst. Dat geven ze weer snel uit aan kleding, viptafels, casino’s.

Ten tweede kan betrokkenheid bij de drugscriminaliteit de perspectieven op een ‘legale’ toekomst verkleinen. Jongeren die uitvallen op school hebben meer risico om af te glijden naar drugscriminaliteit en andersom kan

Politiemedewerker

betrokkenheid bij drugscriminaliteit leiden tot schooluitval. Het niet hebben van een diploma verkleint vervolgens weer de kansen op de arbeidsmarkt. Verschillende ervaringsdeskundige jongeren die we gesproken hebben,

Uit twee interviews (één met politie en één met een jongere) komt naar voren dat jongeren niet alleen betrokken zijn

worstelen hiermee. Dit wordt nog versterkt wanneer jongeren met een strafblad moeite hebben om een Verklaring

bij handel van drugs, maar ook bij de productie van synthetische drugs. We hebben die signalen beperkt gehad. Of

Omtrent Gedrag (VOG) te krijgen.

dit betekent dat dit minder voorkomt of dat respondenten hier geen zicht op hebben, is niet bekend.

”

Er wordt hier door jonge jongens veel syndru geproduceerd. Het is makkelijk

en niet gevaarlijk. Soms op bestelling maar ook voor het buitenland. Als je pillen maakt zorg je dat er materiaal is en markt. Dan maak je een bepaalde hoeveelheid, 10.000 tot 100.000 en dat verkoop je.

Het verkeren in een beperkt crimineel netwerk kan leiden tot verlies van vrienden en verstoorde relaties met ouders en familie, waardoor iemand nog sterker op een netwerk of vriendengroep is aangewezen. Ook het hebben van formele (boetes) en informele schulden (iemand geld verschuldigd zijn) kunnen voor een vicieuze cirkel zorgen waardoor het moeilijk is om er weer uit te stappen.

”

Ik had een vriendengroep waarin we veel drank en drugs gebruikten. Die

vriendenclub heeft geresulteerd in rondje door Noord-Holland om spullen op Jongere/Ervaringsdeskundige

feestjes te verkopen. Die groep is dusdanig hecht geworden dat je er niet meer

Hogerop komen

uit kunt stappen. Maar schulden die ik gemaakt heb, maken het ook moeilijk.

In hoeverre maken jongeren een carrière in de drugscriminaliteit en komen zij steeds hogerop? Een

En mijn sociale omgeving nam steeds meer afstand waardoor ik nog meer op die

politiemedewerker gaf aan dat naarmate jongeren ouder worden, ze ‘hoger in de boom’ terecht komen. In de praktijk betekent dit dat zij zelf minder aan het dealen zijn, maar zich met andere zaken bezighouden (bijvoorbeeld

vrienden aangewezen werd.

distributie). Dit geldt echter lang niet voor iedereen. Sommige blijven enkel als straatdealer actief. Vooral jongeren die gepakt worden krijgen minder vertrouwen van de jongeren hogerop. Het zijn jongeren die het ‘goed doen’

Jongere/Ervaringsdeskundige

die doorgroeien. Deze jongeren beschikken over de relevante contacten (sociaal kapitaal), zijn betrouwbaar of hebben een reputatie. Verschillende respondenten hebben aangegeven dat het vaak intelligentere jongens zijn die ‘hogerop’ komen. Zij zorgen er juist voor dat ze niet opvallen op bijvoorbeeld sociale media of in de wijk. In dit onderzoek hebben we niet onderzocht in hoeverre jongeren in Noord-Holland vanuit het dealen op straat doorstromen richting de georganiseerde criminaliteit. Wel weten we op basis van literatuur dat jongeren in de 30 Bunt, H. G., Van de & Kleemans, E. R. (2007).

0034

0035

Tot slot besteden we hier aandacht aan het aspect van geweld, dreiging en dwang. Naarmate de belangen toenemen ontstaan er vaker conflicten met risico op geweld. Hierbij valt te denken aan het afpakken van elkaars klanten, stelen van drugs en geld en het vereffenen van onderlinge schulden.

”

Wij waren bijna beroofd. Paar man stapten uit een busje en schoten met losse

flodders. Jongere/Ervaringsdeskundige

Daarbij is hulp van buitenaf zoeken vaak bijzonder moeilijk: mensen die praten met de politie (of snitchen) lopen gevaar op wraakacties.

”

De auto van een opgepakte dealer werd in brand gestoken. Dit was bedoeld

als waarschuwing om niet te praten met de politie. Politiemedewerker

Ook zien we dat dreiging en dwang wordt ingezet om mensen betrokken te houden bij de drugscriminaliteit. Zo werd

5 Aanknopingspunten voor interventies

een voorbeeld genoemd van een jongere die zijn huissleutel en paspoort moest afgeven als onderpand voor de drugs. Maar ook het inzetten van geweld.

In dit laatste hoofdstuk gaan we in op aanknopingspunten en aanbevelingen die er zijn voor interventiemogelijkheden (preventief en repressief) om betrokkenheid van jongeren bij drugscriminaliteit terug

”

Jongeren die drugs hebben gekocht of aan het dealen waren en niet op tijd

betaalden aan de dealer moesten vervolgens het dubbele betalen en anders zaten er andere consequenties aan vast. Dan werden ze in elkaar geslagen. Professional Het aspect van dreiging en dwang vindt niet alleen plaats bij jongeren die een rol spelen bij drugsactiviteiten, maar ook bij gebruikers en dan in het bijzonder verslaafden. Een respondent van de politie gaf het voorbeeld dat jonge jongens cocaïne versnijden bij een verslaafde thuis. De verslaafde krijgt drugs in ruil voor het beschikbaar stellen van zijn huis. Ook kwamen we een voorbeeld tegen waarbij een drugsverslaafde verslaafd wordt gehouden. Drugsverslaafden zorgen immers voor een goede afzetmarkt.

”

Een drugsverslaafde die hiermee wilde stoppen kreeg bolletjes door z’n

brievenbus gegooid door dealers. De volgende dag kwamen dealers dan hun geld halen. Hij was nog te kwetsbaar om de verleiding van de bolletjes te weerstaan. Politiemedewerker

te dringen. Deze aanknopingspunten zijn tevens input binnen de tweede pijler van het project Criminele Aanwas voor de inzet van interventies.

0036

5.1 Context van een wicked problem Voordat we dieper ingaan op de aanknopingspunten, beschrijven we in deze paragraaf nog een aantal contextfactoren die maken dat de problematiek niet eenvoudig op te lossen is.

Drugsgebruik als deel van het probleem In de inleiding van dit rapport gaven wij al aan dat het fenomeenonderzoek zich richt op drugscriminaliteit gepleegd door jongeren en niet op drugsgebruik van jongeren. Tegelijkertijd zien we dat normalisatie van het drugsgebruik onder jongeren onderdeel van het probleem is.

0037

5.2 Versterking integrale aanpak Ondanks de contextfactoren die we in 5.1 genoemd hebben, zien we mogelijkheden voor versterking van de integrale aanpak.

Oog voor ‘kleine’ drugscriminaliteit Het aanhouden van dealers voelt met name vanuit de repressieve kant als dweilen met de kraan open. Voor het beperken van criminele aanwas is het belangrijk dat dit wel gebeurt. Een goed voorbeeld in dit kader zien we in Haarlem, waar de Driehoek prioriteit heeft toegekend aan criminele aanwas met het project Geïntensiveerde

Voor de aanknopingspunten voor een aanpak gericht op drugscriminaliteit en de ondermijnende effecten daarvan,

Aanpak Drugscriminaliteit Jeugd. De politie zet in Haarlem actief in op het aanhouden van straatdealers. Daarmee

richten wij ons echter niet op drugsgebruik en de eventuele overlast of verslaving die daar mee gepaard gaat.

is het vrije spel dat straatdealers ervaren rond drugscriminaliteit verminderd. Ketenpartners geven aan dat zij

Hiervoor zien wij eerder een rol weggelegd voor de GGD’s, verslavingszorg zoals Brijder en programma’s zoals In

signalen hebben dat jongeren erover denken om ermee te stoppen of om er niet mee te beginnen, omdat het risico

Control of Lef. Wel zien we kansen om dit soort programma’s breder te trekken en daarbij niet alleen de risico’s van

op een aanhouding te groot is geworden. Voor preventieve partners is het door deze repressieve aanpak makkelijker

gebruik te belichten, maar ook aandacht te hebben voor de risico’s van de criminaliteitskant.

om het gesprek met jongeren te voeren nu er een stok achter de deur is. Repressieve maatregelen alleen zijn echter niet voldoende.

Nederlands drugsbeleid In Nederland vinden we drugscriminaliteit onacceptabel, maar recreatief drugsgebruik in het uitgaansleven

Brede integrale afgestemde aanpak

en op festivals is relatief normaal. Noord-Hollandse jongeren in kwetsbare posities die drugs dealen, voorzien

Jongeren bewegen zich in verschillende contexten: de straat, school, thuis. De aanpak van de problematiek vraagt

in de behoeften van recreatieve drugsgebruikers. Voor verschillende partners voelt de aanpak van jongeren in

niet enkel om partners als politie, OM, Veiligheidshuis en gemeente, maar ook om nauwe samenwerking met

de drugscriminaliteit als dweilen met de kraan open, zolang de maatschappelijke en politieke discussie over de

het jongerenwerk, jeugdhulpverlening, het sociaal domein én het onderwijs. En bovendien ook om het gesprek

normalisatie van drugsgebruik en het bijbehorende Nederlandse gedoogbeleid niet wordt gevoerd.

op gang te brengen met buurtbewoners, ouders en jongeren zelf. Daarbij is een goed samenspel van belang. Bijvoorbeeld doordat buurtbewoners na een actie van de politie, geïnformeerd worden over de actie en hen ook

Daar komt nog bij kijken dat drugscriminaliteit een internationaal fenomeen is. Het is onderhavig aan nationale

wordt opgeroepen een rol hierin te spelen of hen te informeren waar ze kunnen melden. Of bijvoorbeeld dat een

en internationale wet- en regelgeving en een wereldwijd netwerk van vraag en aanbod en er bestaat geen

politieactie naar partners in de wijk, die werken met jongeren, gecommuniceerd wordt zodat zij ook het gesprek

totaaloplossing voor. Zolang er vraag naar is en zolang handel strafbaar is zijn er individuen en groepen die hiermee

hierover kunnen voeren. Of dat als er informatie is dat jongeren op bepaalde scholen vaker betrokken zijn bij

geld verdienen.

drugscriminaliteit, dat op die scholen gerichte preventieve interventies worden ingezet.

Budget, capaciteit en prioriteit Een derde contextfactor die tijdens het fenomeenonderzoek vaak aan bod is gekomen, is de beperkte capaciteit van de verschillende partners. Dit geldt voor repressieve partners, waarover is aangegeven dat er niets gebeurt met straatdealers en dat zij zich hierdoor onaantastbaar voelen, dat de politie te weinig voelsprieten in de wijk heeft, of dat de recherche alleen grote zaken oppakt. Maar ook op preventief vlak horen we dat er te weinig jongerenwerk of tienerwerk is, dat de juiste zorg die aansluit op deze doelgroep niet of te weinig is ingekocht. Kortom: het capaciteitsvraagstuk is voor alle partners die nodig zijn voor een integrale aanpak een probleem. Dit

Banking

vraagt daarom om het aanbrengen van focus en het heel gericht inzetten van een combinatie van repressieve en

Een veelbelovende interventie uit Amerika in wijken waar drugs en geweld lokaal ingebed was, heet ‘banking’.

preventieve interventies. Uiteraard is bestuurlijk commitment hier een belangrijke randvoorwaarde in.

Met banking liet de overheid zien niet alleen repressief op te treden maar ook oog te hebben voor preventie en weerbaarheid van de lokale gemeenschap. Banking houdt, kort gezegd, in dat de politie en justitie een aantal delicten van een verdachte ‘opspaart’ (vandaar de naam ‘banking’) en de dealer in kwestie vervolgens een ‘allesof-niets-optie’ voorlegt. Op die manier treedt de overheid zelf als het ware als ‘dealer’ op (maar dan t.a.v. het toekomstperspectief van deze jongens). Naast ‘banking’ werden onder anderen ook huisbezoeken afgelegd en werd – na pseudokoop – de lijn gevolgd om niet over te gaan tot vervolging. In plaats daarvan schreef de Officier van Justitie persoonlijk een brief aan de dealers. In die brief stond dat er voldoende bewijs was om hen te vervolgen, maar dat daarvan zou worden afgezien mits de jongen in kwestie (onder meer) naar een bijeenkomst zou gaan die voor hem en zijn familieleden was georganiseerd31. 31 Kenedy, D.M. & Wong, S. (2009)

0038

0039

» Sommige jongeren in kwetsbare posities beschikken over een heel beperkt netwerk. De straat is hun

Maatwerk voor jongeren voor wie drugscriminaliteit routine is 32

Ido Weijers heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar veelplegers en hun proces van stoppen met criminaliteit .

belangrijkste netwerk, maar zij beschikken in veel mindere mate over netwerk via sport, ouders, school, vrije tijd of

Hij onderscheidt drie groepen die in een verschillende fase zitten van stoppen. Afhankelijk van de fase

werk. Het is belangrijk om te werken aan het vergroten van hun netwerk. Met het vergroten van hun netwerk kan

waarin een jongere verkeerd en de motivatie die er al dan niet is om te stoppen, ziet Weijers verschillende

ook hun toekomstperspectief vergroot worden. Daarbij is een bredere kijk nodig om wat mogelijkheden zijn met

interventiemogelijkheden. In de persoonsgerichte integrale aanpak is het belangrijk om goed te kijken naar de fase

talenten van jongeren. Voor jongeren die bijvoorbeeld interesse hebben in muziek zijn er naast zelf rappen ook

waarin jongeren zitten en daar de interventies op af te stemmen.

genoeg andere mogelijkheden, zoals het maken van videoclips, merchandise ontwerpen, promotie acties rond een nieuwe release.

» Fase 1) Volharders Omschrijving: De volharder vindt dat er niets mis is met zijn levensstijl en is niet van plan er mee te stoppen. Er is nog geen probleembesef. Vaak gediagnosticeerd met antisociale persoonlijkheidsstoornis.

5.3.2 Vergroten weerbaarheid omgeving jongeren Het is niet alleen van belang om te kijken naar jongeren, zelf, maar zeker ook naar hun omgeving. We maken daarbij een onderscheid tussen het sociale netwerk van jongeren en de professionele omgeving waarin zij verkeren.

Indicatie sanctie:

Hoofdzakelijk repressieve aanpak (afpakken, onvoorwaardelijke detentie)

Indicatie zorg:

Perspectief op hulp bieden, maar hulp vereist inslaan andere weg

» Fase 2) Erkenners

Sociale netwerk Bij het sociale netwerk, is als eerste de rol van ouders belangrijk. Respondenten zien dat op de basisschool de

Omschrijving: De erkenner begint de schaduwkanten van de delinquente levenswijze te erkennen. Ze zijn

betrokkenheid van ouders bij hun kinderen over het algemeen groter is dan op de middelbare school. Vanaf de

bezig met de vraag of ze zullen stoppen of niet. Motieven van spijt, schaamte, rust en familie

middelbare school hebben ouders minder zicht op hun kinderen en met wie zij omgaan. Volgens respondenten is er

spelen daarbij een rol. Ze hebben alleen geen idee hoe ze moeten stoppen.

veel onbekendheid bij ouders over de aanwezigheid van drugs onder jongeren en de online leefwereld van jongeren.

Indicatie sanctie:

Geen taakstraf, wel voorwaardelijke sanctie met intensieve controle

Indicatie zorg:

motiveren voor behandeling en perspectief bieden

» Fase 3) Voorbereiders Omschrijving: Voorbereiders hebben bedenkingen bij hun oude levensstijl en ervaren geen plezier of spanning meer aan het plegen van delicten. Zij hebben concrete stappen gezet als voorbereiding op een ander leven, bijvoorbeeld door opleiding te gaan volgen of werk te zoeken en te breken met criminele vrienden. Indicatie sanctie:

Wel taakstraf en voorwaardelijke sanctie

Indicatie zorg:

therapie en hulp bij school, werk, woonruimte, uitkering en schulden.

Een deel van de ouders vindt het moeilijk om hier het gesprek met hun kinderen over te voeren, zonder direct heel corrigerend op te treden. Dit terwijl betrokkenheid, ondersteuning, openheid, maar ook grenzen stellen belangrijke beschermende factoren zijn in de opvoeding.

Tegelijkertijd zien respondenten ook terug dat ouders soms weinig kritisch zijn naar hun kinderen, als deze met bijvoorbeeld boodschappen thuiskomen terwijl hun kinderen geen werk hebben. Of dat een jongere ineens in dure merkkleding rondloopt, of vaak afwezig is, meerdere telefoons heeft etc. En in sommige gevallen profiteren ouders zelf van de opbrengsten of is de familie zelf betrokken bij criminaliteit. Dit vraagt om een aanpak die niet enkel op het kind gericht is, maar op het hele systeem.

Met betrekking tot ouders zien we de volgende aanknopingspunten:

5.3 Vergroten van weerbaarheid

Bewustwording onder ouders vergroten over signalen dat jongeren in drugscriminaliteit zitten » » Duidelijkheid over waar ouders terecht kunnen als zij vermoeden dat hun kind betrokken is bij

In de gesprekken die we in Noord-Holland gevoerd hebben, is nadrukkelijk ook aandacht geweest voor het preventieve aspect. Wat kan er gedaan worden om te voorkomen dat jongeren betrokken raken bij drugscriminaliteit. We lichten een aantal aanknopingspunten toe.

drugscriminaliteit en ook daadwerkelijk doorpakken op die zorgen

»

Aanpak niet alleen richten op het kind, maar op het hele systeem

In een aantal gesprekken is benoemd dat meisjes vooral profiteren van de opbrengsten van drugscriminaliteit en

5.3.1 Vergroten weerbaarheid jongeren Met betrekking tot jongeren zijn er verschillende mogelijkheden om hun weerbaarheid te vergroten:

» Bewustwording van de risico’s van drugscriminaliteit. De aantrekkingskracht van het snelle geld is groot en

dat het geld dat wordt verdiend, wordt gebruikt om indruk te maken op meisjes. Door daarvan te profiteren wordt bepaald crimineel gedrag ook in stand gehouden. Een aanknopingspunt is om te onderzoeken hoe dat doorbroken kan worden.

jongeren kunnen de gevolgen van hun keuzes nog niet goed overzien. Het is daarom belangrijk om voortdurend

Professionele netwerk

met jongeren het gesprek te voeren over de waarde van geld, maar ook een realistischer beeld te schetsen van

Met betrekking tot het professionele netwerk bedoelen we onder andere de school, de sportvereniging, het

de drugswereld, waarbij stress, geweld, en dwang om de hoek komen kijken. Het is belangrijk om een boodschap

jongerenwerk of buurtsportzorg. Deze omgeving kan een belangrijke signalerende rol spelen dat jongeren dreigen

te vinden die aansluit bij de denkbeelden van jongeren. Voor het voeren van dit gesprek zijn verschillende vormen

af te glijden naar drugscriminaliteit. Daarbij is het ten eerste belangrijk dat zij signalen herkennen. Ten tweede is

mogelijk. Zo zijn er voorlichtingslessen die ingezet kunnen worden op scholen zoals de Escapegame Foute Centen

het van belang dat zij die signalen kunnen melden en het belangrijkste, dat er vervolgens ook opvolging van de

of Leerlingalert.

signalen is. De privacywetgeving wordt door verschillende partijen als belemmering hierin ervaren. Maar er zijn ook voorbeelden waarbij met behulp van lokale convenanten informatie uitgewisseld kan worden.

32 Weijers, I. (2020)

0040

0041

5.4 Aansluiten op de leefwereld van de doelgroep

5.5 Vervolgonderzoek project Criminele Aanwas

Who works

In dit fenomeenonderzoek hebben we de eerste inzichten gepresenteerd over jongeren in de drugscriminaliteit in

Voor effectieve interventies op deze doelgroep is het vaak belangrijker who works in plaats van what works. De

Noord-Holland. Tegelijkertijd blijven er nog verschillende zaken onduidelijk.

manier van benadering en de opstelling van de hulpverlener, jongerenwerker, coach of trainer is van groot belang. Zij moeten goed kunnen aansluiten bij de leefwereld van jongeren in de drugscriminaliteit. In onderstaande tabel benoemen we enkele van die belangrijke elementen33:

ONTMOETING

OMGANG

ONRUST

Jongeren vinden

Een band opbouwen en behouden

Boosheid

• • •

• • •

•

Erop af mentaliteit Echt zijn Normaal benaderen

Straight zijn Oprecht betrokken zijn Bereikbaar en menselijk zijn

Boosheid uit een goede plek

Contact uitbouwen

Aansluiten

Elkaars boosheid begrijpen

•

•

•

•

Gevoel van veiligheid creëren Gelijkwaardige basis contact leggen

• •

Jongere als specialist van zichzelf zien Jongere positief bekrachtigen Eigen woorden vertalen naar taal/logica jongeren

•

Reflecteren op (eigen) boosheid Boosheid rechtvaardig inzetten

De online leefwereld De leefwereld van jongeren speelt zich grotendeels online af. In paragraaf 3.1 schetsten we het belang van de online leefwereld van jongeren en de invloed die het heeft op offline (crimineel) gedrag. Professionals hebben beperkt zicht op en toegang tot deze leefwereld. Daarmee is een groot deel van de leefwereld van jongeren dus afgesloten voor hulpverleners, jongerenwerkers, coaches, scholen, ouders en politie. Om aan te sluiten op de leefwereld van jongeren is het allereerst van belang dat betrokkenen het belang en de impact van de online leefwereld erkennen en dynamiek ervan begrijpen.

33 Wit, de N., Jong, de J.D., Mulder, E. (2019).

In het deelonderzoek Perspectief van jongeren zullen we verschillende thema’s nog verder uitdiepen: De rol van meisjes in drugscriminaliteit » De rol van social media bij drugscriminaliteit » Verschillende profielen van jongeren in de drugscriminaliteit en omvang van die profielen » » De modus operandi hoe gaan jongeren te werk, welke activiteiten worden voornamelijk uitgevoerd, wat verdienen ze, hoe komen ze aan drugs?

» »

Mate waarin netwerken een strategie hebben rondom benadering van jongeren Interventies of initiatieven die jongeren effectief of noodzakelijk vinden

Vanuit het deelonderzoek Netwerkanalyse willen we via actiegericht onderzoek beter zicht krijgen op een aantal lokale netwerken. Daarbij gaat het om de vraag hoe deze netwerken functioneren, wie welke rollen vervullen in deze netwerken, en welke aanknopingspunten er zijn voor effectieve interventies op het netwerk.

Over de resultaten van beide deelonderzoeken zullen we in de loop van het project Criminele Aanwas rapporteren.

0042

Bijlage 1: Methodische verantwoording

0043

» Tops, P. & Tromp, J. (2017, 3 juni). ‘Jongeren geronseld voor prostitutie of drugshandel: hoe criminele bendes grip hebben op scholen in Nederland’. De Volkskrant. Geraadpleegd van Jongeren geronseld voor prostitutie of drugshandel: hoe criminele bendes grip hebben op scholen in Nederland | De Volkskrant

Literatuurlijst

» Bandura, A. (2002). Social cognitive theory in cultural context. Applied Psychology, 51(2), 269-290. » Boer, H. (2019, 28 oktober). ‘Drugscriminelen ronselen jongeren op school: 'Het gebeurt overal'. RTL Nieuws. Geraadpleegd van Drugscriminelen ronselen jongeren op school: 'Het gebeurt overal' | RTL Nieuws

» Bruinsma, M., Ceulen, R. & Spapens, T. (2018). Instromen in ondermijnende misdaad; kennisdocument vroegsignalering (jonge) instromers in criminele netwerken. Tilburg: Tilburg University

» Centraal Bureau voor de Statistiek. (2019). Landelijke Jeugdmonitor jongeren en internetgebruik. » Centrum Kinderhandel Mensenhandel (2020). Dader of slachtoffer? Criminele uitbuiting; verkenning onder Nederlandse scholen.

» Children’s Society, the (2018). Criminal Exploitation: Stages of Recruitment. » Drie, D. van. (2017). Motivatie in de ontwikkeling van desistance: Jongvolwassen veelplegers 15 jaar gevolgd.

» Trimbos Instituut en WODC (2020). Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2020 » Voeten, T. (2021). Drugs: Antwerpen in de greep van Nederlandse syndicaten. Van Halewyck » Weerman, F. (2017). Social media en smartphones als verklaring voor de daling in jeugdcriminaliteit? Justitiële verkenningen, 47(1), 71-87.

» Weerman, F. (2019). Criminaliteit, digitalisering en de online sociale wereld: dezelfde processen in een nieuwe sociale context? Tijdschrift voor Criminologie, 61(4).

» Weijers, I. (2020), ‘Jonge veelplegers en hun worsteling om te stoppen met criminaliteit. Een vierfasenmodel*’. Tijdschrift voor Criminologie 2020(62), 2-3, p. 228-246

» Weijers, I., Ferwerda, H. & Roks, R. ‘Verharding van de jeugdcriminaliteit. Het probleem van de potentiële doorgroeiers’. Nederlands Juristenblad 2021, 1, p. 14-20

» Wit, de N., Jong, de J.D., Mulder, E. (2019). Gewoon Normaal. Het belang van professionele eigenheid in de bejegening van risicojongeren. Brave New Books, Amsterdam.

Universiteit Utrecht: proefschrift.

» Ferwerda, H., Beke, B. & Bervoets E. ‘De onzichtbare invloed van bovenlokale criminele netwerken op de wijk’. Tijdschrift voor de Politie 2017/79, afl. 9/10, p. 6-11

» Garage 2020 (2020). Op zoek naar de uitnodiging – onderzoeksfase. » GGD Amsterdam (2019). Gezondheid in Beeld 19- t/m 64-jarigen: Factsheet Amsterdamse Gezondheidsmonitor 2018.

» GGD Hollands Noorden en Onderzoeksbureau Noord-Holland Noord (2019). Jongvolwassenen Monitor NoordHolland Noord 2019.

» » GGD Hollands Noorden (2017). Jeugdmonitor Emovo 2016/2017, Hoe gaat het met de jongeren in Noord-Holland GGD Kennemerland (2019). Gezondheidsmonitor Jeugd 2019

»

In dit rapport maken we gebruik van twee soorten data. Ten eerste data afkomstig van City Deal Zicht op Ondermijning. Deze data is voor iedereen beschikbaar via www. zichtopondermijning.nl.

Ten tweede hebben we politiedata uit BVH gebruikt. In BVH is een uitdraai gemaakt van de registraties met betrekking tot drugscriminaliteit onder jongeren. Daarbij zijn de volgende selectiecriteria gehanteerd: De volgende maatschappelijke klassen

»

o

F40 Bezit hard-drugs (lijst 1)

Noord?

o

F41 Bezit softdrugs (lijst 2)

Kenedy, D.M. & Wong, S. (2009). The High Point Drug Market Intervention Strategy. Center for Crime Prevention

o

F42 Handel e.d. hard-drugs (lijst 1)

o

F43 Handel e.d. softdrugs (lijst 2)

o

F44 Vervaardigen hard-drugs (lijst 1)

o

F45 Vervaardigen softdrugs (lijst 2)

and Control John Jay College of Criminal Justice

»

Cijfers

Koppen, M.V. van, Geest, V.R. van der & Kleemans, E.R. (2017). Doorgroeiers in de misdaad: de criminele carrières en achtergrondkenmerken van jonge daders van een zwaar delict. Apeldoorn: Politie & Wetenschap; Amsterdam: Vrije Universiteit

» Kruisbergen, E.W., Roks, R.A. & Kleemans, E.R. (2019). Georganiseerde criminaliteit in Nederland: daders verwevenheid en opsporing. Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum

» Landelijk Informatie en Expertise Centrum (LIEC) (2019). Landelijk beeld van ondermijnende criminaliteit. » Loeber, R. en D.P. Farrington (2014). Age-Crime Curve. In: Bruinsma G., Weisburd D. (eds) Encyclopedia of

» Gepleegd door personen die woonachtig zijn in eenheid Noord-Holland » In de leeftijd 12 t/m 23 jaar » In de rol van verdachte » In de periode 2017 t/m 2020

Criminology and Criminal Justice. Springer, New York, NY.

» Lukken, G. (2020, 4 januari). ‘De rafelranden van de jeugd van tegenwoordig: waarom jongeren zich laten

Deze selectie leverde in totaal 1342 registraties van 1046 unieke jongeren op. Op een selectie van 86

verleiden tot ‘bijbaan’ in drugs’. Eindhovens Dagblad. Geraadpleegd van De rafelranden van de jeugd van

politieregistraties die handel van drugs door 12 t/m 19-jarigen betreft, is handmatig nog onderzocht om welk voor

tegenwoordig: waarom jongeren zich laten verleiden tot ‘bijbaan’ in drugs | Ondermijning | ed.nl

drugs het ging, wat de actieradius was en hoe de politie deze feiten op het spoor is gekomen.

» Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Noord-Holland (2018). Regionaal Ondermijningsbeeld NoordHolland

» Roks, R. en Broek, van den J. (2017) #HOUHETSTRAAT: straatcultuur op social media? Tijdschrift over Cultuur en Criminaliteit 7(3).

» Servaas, L., Weerman, F. & Fischer, T. (2021). Risico-, versterkende en beschermende factoren voor crimineel gedrag: Een literatuuronderzoek naar de wetenschappelijke stand van zaken. Rotterdam: Erasmus Universiteit

Interviews met politie In totaal zijn er 13 diepte-interviews afgenomen met in totaal 16 politiemedewerkers. In 8 basisteams zijn interviews gehouden met de Operationeel Expert (OE) Jeugd of de Senior GGP met Jeugd als aandachtsgebied. Daarnaast is nog een teamchef gesproken, een politiekundige, operationeel specialist en 2 respondenten van de Districtsrecherche Zaanstreek Waterland. In de basisteams Den Helder en Haarlemmermeer

0044

zijn geen uitgebreide interviews afgenomen. In Den Helder is met de politie gesproken in het kader van de QuickScan en in Haarlemmermeer heeft de politie deelgenomen aan de focusgroep.

Onderwerpen tijdens de interviews waren:

» lokale verschijningsvormen van jongeren in de drugscriminaliteit » het profiel van deze jongeren » initiatieven die al lopen om dit probleem aan te pakken. QuickScan Ten behoeve van een QuickScan voor het Ministerie van Justitie & Veiligheid hebben we 19 professionals geïnterviewd. De respondenten waren werkzaam in de gemeenten Den Helder, Haarlem, Velsen en Zaanstad. Zij zijn werkzaam bij de gemeente (8 personen), jongerenwerk (4 personen), politie (3 personen), reclassering (1 persoon), Raad voor de Kinderbescherming (1 persoon), jeugdhulpverlening (1 persoon), onderwijs (1 persoon). Belangrijkste onderwerp tijdens de gesprekken was hoe jongeren toetreden tot de drugscriminaliteit. Daarnaast zijn er vragen gesteld om het eventuele effect van Covid-19 op dit fenomeen in beeld te krijgen.

Focusgroepen Een belangrijke bron van informatie voor dit onderzoek zijn digitale focusgroepen die we in de volgende 6 gemeenten gehouden hebben: Alkmaar, Beverwijk, Castricum, Haarlemmermeer, Heerhugowaard en Velsen (kern IJmuiden). Per focusgroep was de AOV-er van de gemeente verantwoordelijk voor de uitnodiging van de deelnemers. Hierbij hebben we ernaar gestreefd om een brede groep professionals uit te nodigen. De samenstelling verschilde per focusgroep, maar vanuit het veiligheidsdomein ging het om medewerkers van de gemeente, handhaving, Openbaar Ministerie, politie, RIEC, Bureau Halt, Zorg- en Veiligheidshuis. Vanuit het zorgdomein ging het om medewerkers vanuit het onderwijs, jongerenwerk, sociaal domein, welzijn, verslavingszorg en sportverenigingen.

DEALEN MET DRUGS

Een verkennend fenomeenonderzoek naar jongeren in de drugscriminaliteit in Noord-Holland

Daarnaast heeft in 1 focusgroep een ervaringsdeskundige deelgenomen en in 5 focusgroepen hebben in totaal 9 jongeren deelgenomen om vanuit hun perspectief meer te vertellen over hoe de wereld van drugscriminaliteit er onder de jongeren uit ziet.

In totaal is in de focusgroepen met 80 professionals gesproken, 1 ervaringsdeskundige en 9 jongeren. Tijdens de focusgroepen kwamen de volgende onderwerpen aan bod:

» Wie de jongeren zijn in de drugscriminaliteit » Op welke manier ze betrokken raken » Wat de verschijningsvormen zijn van jongeren in de drugscriminaliteit » De rol van sociale media » Wat voor mogelijke oplossingen er zijn voor de problematiek. Met behulp van het programma Mentimeter is er een aantal vragen opgesteld, deze zijn per sessie van ongeveer tweeënhalf uur met elkaar besproken.

Diepte-interviews ervaringsdeskundige jongeren In Den Helder, Hollandse Kroon en in Alkmaar zijn nog persoonlijke gesprekken gevoerd met ervaringsdeskundige jongeren en hun jongerenwerker. In totaal zijn daarbij nog 6 jongeren gesproken en 4 jongerenwerkers.

Auteurs Jolien Terpstra en Arjun Swami-Persaud Design Ties de Jong

Info@nh-sv.nl www.nh-sv.nl www.dealenmetdrugs.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=b6e0e294-671a-4187-9766-2680b327ea91