CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

E13 Verwervingsstrategie en regiovisie Jeugdhulp Zuid-Kennemerland en IJmond.pdf

Raadsvergadering 27 mei 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Ingekomen stukken3.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GEMEENTE VELSEN

Collegebericht Weeknummer: 20

Datum vergadering

18-5-2021

Ambtenaar

N. van Houten

Zaaknummer

12184-2021

Telefoonnr.

0255 567492

Portefeuillehouder(s)

S.Y. Dinjens

E-mailadres

nhouten@velsen.nl

Bijlagen

1

Onderwerp: Verwervingsstrategie en regiovisie Jeugdhulp Zuid-Kennemerland en IJmond

Geachte leden van de raad,

De huidige overeenkomsten met de jeugdhulpaanbieders lopen af. Daarom zijn de gemeenten in de regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland bezig met de nieuwe verwerving van de jeugdhulp. Hieronder valt de jeugdhulp die nu wordt ingekocht in de aparte percelen: ambulante jeugdhulp, jeugdhulp met verblijf, hoog specialistische jeugdhulp, gezinsbegeleiding/jongvolwassenen, vrijgevestigden en groepspraktijken GGZ en dyslexiezorg (ernstige enkelvoudige). Doel van de nieuwe verwerving is om te komen tot integrale jeugdhulp die zoveel mogelijk in de leefwereld van de jeugdige en het gezin geboden wordt. Het voornemen is om de verantwoordelijkheid voor het tijdig en ononderbroken bieden van op elkaar aansluitende passende hulp bij aanbieders te leggen met wie wij strategisch partnerschap aangaan. In het vorige collegebericht van 29 maart jl. informeerden wij u over het aanpassen van de planning voor de verwerving van de Jeugdhulp voor de regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland. Die aanpassing houdt in dat de huidige contracten vanaf 1 januari 2022 met een jaar worden verlengd en dat we koersen op gunning van de nieuwe verwerving op 1 juli 2023. Deze aangepaste planning geeft aanbieders meer tijd om een integraal aanbod te organiseren en geeft ook meer tijd voor de implementatie.

Daarnaast spraken we in januari tijdens een regionale bijeenkomst en op 18 februari 2021 tijdens een lokale sessie met u over de concept verwervingsstrategie. Met dit collegebericht informeren we u over de manier waarop wij uw input uit deze sessies verwerken in de verwervingsstrategie. Daarnaast informeren we u over het proces om tot een Regiovisie voor IJmond en ZuidKennemerland te komen. Regiovisie Jeugdhulp als uitgangspunt Volgens de landelijke Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) moeten gemeenten gezamenlijk een regiovisie vaststellen. Doel van een dergelijke visie is de transformatiedoelen van de jeugdhulp voor de komende periode vast te leggen als kader voor de samenwerking. Wij vinden het belangrijk dit als regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland samen te doen, als onderlegger voor de gezamenlijke inkoop die we op dit moment voorbereiden. Een eerste concept van de Regiovisie is ondertussen gereed. Idealiter dient de regiovisie als kader voor de verwerving (en dus voor de verwervingsstrategie). De regiovisie wordt door de

GEMEENTE VELSEN gemeenteraad vastgesteld en de verwervingsstrategie door het college. Beide documenten beschrijven wat we willen bereiken. In januari kon u op de verwervingsstrategie input leveren tijdens een regionale sessie en op 18 februari gaf u input mee in de sessie in Velsen. Hoe wij uw input verwerkt hebben, staat in de bijlage onder dit bericht. Deze input dient ook als basis voor de Regiovisie. Het liefst hadden wij in de volgorde eerste de Regiovisie aan u voorgelegd, om vervolgens de verwervingsstrategie in het college vast te stellen. Door de krappe planning en tegelijkertijd de grote noodzaak om tot een nieuwe inkoop te komen, kreeg de uitwerking van de verwervingsstrategie prioriteit. Deze wordt naar verwachting in juni in de colleges vastgesteld. Na het reces wordt de regiovisie aan u voorgelegd ter besluitvorming. Op basis van zowel de regiovisie als de verwervingsstrategie wordt tijdens de dialoogfase (als onderdeel van het verwervingsproces) met aanbieders, CJG en andere samenwerkingspartners en cliëntorganisaties uitgewerkt hoe we de doelen willen bereiken. Deze uitwerking wordt in de contracten opgenomen in inhoudelijke en financiële afspraken. Deze afspraken dienen zowel voor de korte als de lange termijn werkbaar en houdbaar te zijn. Tijdens de dialoogfase zal met deze partners ook worden gesproken over sturing en monitoring van de transformatiedoelen.

Dit zal leiden tot afspraken over de sturing- en besluitvormingsorganisatie op de transformatiedoelen van gemeenten en samenwerkingspartners die wij u in februari 2022 voorleggen ter besluitvorming. Voortgang inkoop jeugdhulp 2022 e.v. In de bijlage vindt u een overzicht waarbij per onderwerp is aangegeven hoe de input van de gemeenteraden is verwerkt in de verwervingsstrategie. Deze dient als basis voor de volgende fasen: Pre-selectiefase In deze fase, die duurt tot september 2021, selecteren we – uit de inschrijvingen - de jeugdhulpaanbieders die integrale jeugdhulp kunnen bieden, die voldoen aan de gestelde eisen en met wie we de dialoogfase ingaan. De wijze waarop de gemeenten jeugdhulpaanbieders selecteren, wordt opgenomen in het pre-selectiedocument. Dialoogfase Vanaf medio oktober 2021 start de dialoogfase, waarbij de regiovisie als basis dient. De gemeenten gaan dan met de geselecteerde strategische partners in dialoog. Ook nodigen we hierbij ervaringsdeskundigen uit: de jeugdigen en hun ouders. In de eerdere participatiesessies speelden zij ook een belangrijke rol. Alleen door in gesprek te gaan én samen te werken kunnen we jeugdhulp elke dag beter maken. In februari 2022 start dan de inschrijffase voor de jeugdhulpaanbieders. De beoordeling, het gunnen en implementeren volgt in de maanden daarna.

Uiterlijk 1 januari 2023 start de dienstverlening en is de aanbesteding van de regionale inkoop jeugdhulp afgerond. Vanzelfsprekend blijven de gemeenten en de strategische partners met elkaar in gesprek, want de vertaling kan in de praktijk per cliënt en hulpvraag verschillen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Velsen

GEMEENTE VELSEN BIJLAGE Onderwerp: Inkoop jeugdhulp 2022 (input op concept verwervingsstrategie jeugdhulp) INLEIDING Verwerking thema’s, vragen, aandachtspunten/zorgen in Verwervingsstrategie jeugdhulp In deze bijlage treft u een uitwerking (op hoofdlijnen) aan van de meest voorkomende thema’s, vragen en aandachtspunten/zorgen zoals deze bij de bespreking van de concept Verwervingsstrategie jeugdhulp zijn geuit door de raden in de gemeenten in Zuid-Kennemerland en IJmond. Het betreft een weergave van de wijze waarop deze thema’s etc. zijn verwerkt in de definitieve verwerkingsstrategie, zoals deze binnenkort voor vaststelling aan de colleges van de gemeenten in Zuid-Kennemerland en IJmond wordt voorgelegd. De dialoogfase Bij diverse thema’s wordt verwezen naar de dialoogfase. De dialoogfase betreft de fase in het proces waarin we samen met de beoogde strategische partners en andere partners in gesprek gaan over een aantal vooraf geformuleerde onderwerpen en de wijze waarop hier in de uitvoering invulling aan zal worden gegeven. Doel is om aan deze onderwerpen samen met de beoogde strategische partners invulling te geven. Deze fase begint nadat de beoogde partners (op basis van het preselectiedocument) zijn geselecteerd. En eindigt met de inschrijving van de beoogde partners. Hierna zal de definitieve gunning plaatsvinden. DE THEMA’S 1.

Jeugdhulp dichtbij in de leefwereld Het belang van het bieden van jeugdhulp in de leefwereld van kinderen, jongeren en hun ouders onderschrijven we volledig. Dit uitgangspunt is nadrukkelijker in de verwervingsstrategie opgenomen. Immers ondersteuning en hulp moeten aansluiten bij het gewone leven én de jeugdige en het gezin hierin versterken. Mocht ondanks alle inzet daarop toch blijken dat een jeugdige (tijdelijk) onverhoopt niet thuis kan blijven wonen, dan is de inzet gericht op het alternatief ‘zo thuis mogelijk’. Dit is bij voorkeur een passende plek dicht bij de ouders en/of de leefwereld van de jeugdige, zodat er verbinding blijft met het eigen sociale netwerk. De wijze waarop we dit de komende jaren samen met de aanbieders gaan realiseren, ‘het hoe’, gaan we samen met de aanbieders en andere partners uitwerken in de dialoogfase van het verwervingsproces. Op deze wijze willen we in partnerschap draagvlak creëren. 2. Normaliseren en de-medicaliseren Het normaliseren en de-medicaliseren van vragen van jeugdigen en hun gezin is één van de belangrijke uitgangspunten in de verwervingsstrategie en één van de beleidsdoelen in de regiovisie op de jeugdhulp1. Hieraan ligt ten grondslag dat we weer meer moeten accepteren dat opvoeden en opgroeien met hobbels gepaard gaat.

Dit gaan we doen door meer uit te gaan van wat jeugdigen en het gezin vanuit hun eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden zelf kunnen. Hierbij kijken we ook nadrukkelijk naar de mogelijkheden van ondersteuning vanuit het eigen sociale netwerk van de jeugdige en het gezin. Als het een jeugdige en zijn ouders niet lukt om zelf, zo mogelijk met inzet vanuit het eigen netwerk, hun problemen op te lossen, dan kan jeugdhulp aanvullend zijn. Daarbij is het van belang dat passende jeugdhulp op het juiste moment wordt ingezet. Er zijn immers problemen die verergeren of onherstelbaar worden als hulpverlening te laat komt.

1 Regiovisie Jeugdhulp: de regiovisie is op dit moment in voorbereiding en zal naar verwachting in

september 2021 voor besluitvorming aan de raden van de gemeenten in de regio’s Zuid-Kennemerland en IJmond worden voorgelegd.

GEMEENTE VELSEN Voor veel van de jeugdigen in de zwaardere jeugdhulp gaat normaliseren en preventie niet om het voorkomen van de inzet van jeugdhulp maar om het voorkomen van erger. Ook hier blijft het uitgangspunt dat aangesloten wordt bij wat de jeugdige en het gezin, samen met het netwerk, wel kunnen. Belangrijk is dat de kracht van de jeugdige, het gezin en het netwerk worden gezien en benut. De toegang speelt hierbij een belangrijke rol. Daarnaast vraagt het ook van hulpverleners en hun organisaties om een kritische en brede blik. Zowel in de verwervingsstrategie als het vervolgproces – de dialoogfase – zal hier meer nadruk op worden gelegd. 3. Tijdigheid en wachttijd Voorop staat dat een kwetsbare jeugdige die acuut jeugdhulp nodig heeft, altijd zo snel mogelijk wordt geholpen. Er is echter niet één termijn te noemen voor alle jeugdhulp. Op sommige jeugdhulp kan (wat) langer gewacht worden. Soms kiezen ouders en jeugdigen ervoor om langer te wachten op een specifiek aanbod. Om de complexiteit van dit onderwerp recht te doen, agenderen we dit onderwerp in de dialoogfase, zodat we dit met alle betrokken partijen kunnen uitwerken en gedragen afspraken hierover kunnen opnemen in de af te sluiten contracten. 4. Keuzevrijheid en klachtafhandeling Keuzevrijheid is voor ons een belangrijk onderwerp.

Daarbij zijn wij van mening dat keuzevrijheid verder gaat dan alleen de keuze uit een aantal jeugdhulpaanbieders (kwantitatief). Belangrijk is dat een keuze gemaakt kan worden voor een aanbieder die de passende jeugdhulp kan bieden én er een match is tussen aanbieder, hulpverlener en jeugdige/gezin (kwalitatief). In samenspraak tussen een jeugdige, gezin en een strategisch partner worden afspraken gemaakt over het best passende aanbod (inclusief de keuze voor aanbieder) bij de vraag. We zijn ons ervan bewust dat de jeugdige of het gezin, bijvoorbeeld vanwege goede ervaringen van anderen, de voorkeur kan hebben voor een niet gecontracteerde jeugdhulpaanbieder. Dit, en de andere aspecten van keuzevrijheid, werken we in de dialoogfase, in samenspraak met aanbieders én (nadrukkelijk ook) met ervaringsdeskundigen/cliënten, nader uit. Afspraken hierover worden vastgelegd in de contracten. Belangrijk is dat er een heldere en toegankelijke klachtenprocedure komt. Binnen de beoogde constructie van deze aanbesteding (het werken met strategische partners) zal het indienen en afhandelen van klachten plaats vinden bij de strategische partner dan wel de hoofaannemer. Voor de jeugdige en de ouders moet duidelijk zijn waar hij/zij terecht kan/kunnen met klachten.

Dit moet bij aanvang van de inzet van hulp duidelijk worden gecommuniceerd met de jeugdige en/of ouders zodat zij niet hoeven te zoeken naar waar ze terecht kunnen met hun klacht. Het gehele proces van klachtindiening tot en met -afhandeling moet toegankelijk, transparant en onafhankelijk zijn. Hierover worden heldere eisen gesteld en vastgelegd in het contract. Tenslotte verwachten we dat door het werken met strategische partners er voor de gemeenten meer overzicht ontstaat over de klachten en de afhandeling daarvan, doordat klachten minder versnipperd (bij minder aanbieders) binnen komen. We verwachten dat dit de kwaliteit van de klachtenprocedure en de afhandeling – en daarmee de kwaliteit van de jeugdhulp - zal vergroten. 5. Lokale toegang De toegang tot de jeugdhulp is lokaal georganiseerd, dicht bij de leefomgeving van de inwoners. We onderschrijven het belang van een goede verbinding tussen de gecontracteerde jeugdhulp en de ondersteuning in de leefomgeving van de jeugdige en het gezin én de rol die de toegang hierbij speelt. Het delen van kennis met, het versterken van de toegang en het beter aansluiten van de jeughulp en/of ondersteuning bij het voorveld, draagt bij aan een doorgaande zorglijn en aan het makkelijker op- en afschalen van jeugdhulp. De verwachting is dat dit op termijn bijdraagt aan het voorkomen of beperken van inzet van (specialistische) jeugdhulp.

GEMEENTE VELSEN Het contracteren en aansturen van gespecialiseerde aanbieders gebeurt (boven)regionaal. Voorkomen moet worden dat hier een onbedoeld schot ontstaat tussen het voorveld en (gespecialiseerde) jeugdhulp. De toegang - het toegangsmanagement - is voor gemeenten een belangrijk sturingsmiddel om enerzijds te zorgen dat zoveel mogelijk direct passende hulp wordt geboden en anderzijds meer grip wordt gekregen op de instroom van jeugdhulp. Naast het CJG/lokale toegang mogen ook de huisarts, medisch specialist, jeugdartsen, de kinderrechter en de gecertificeerde instellingen (wettelijke verwijzers) beslissen over de inzet van jeugdhulp. Dit vraagt goede (samenwerkings)afspraken tussen deze partijen, de beoogde strategische partners en de lokale toegang. Gelet op het belang van de toegang en de rol van de beoogde strategische partners, agenderen we dit onderwerp voor nadere uitwerking in de dialoogfase. 6. Integrale samenwerking onderwijs - jeugdhulp Voor een optimale ontwikkeling en het leren van een jeugdige is een goede opvoed- en leersituatie randvoorwaardelijk. Voor een jeugdige waarbij het ontwikkelen en/of opgroeien wordt verstoord, dienen de te bereiken onderwijs- en jeugdhulpdoelen passend te zijn. Onderwijs en jeugdhulp staan daarom samen voor een optimaal ontwikkelingsperspectief van een jeugdige.

Deze doelen dienen te zijn afgestemd op de individuele situatie en naadloos op elkaar aan te sluiten. Versterken van de onderlinge samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp draagt bij aan de preventie doelstelling om problemen vroegtijdig te signaleren en te voorkomen. In samenspraak met de strategische partners en de onderwijsinstellingen en andere betrokkenen , maken we afspraken over hoe we elkaar kunnen versterken en wie waar van is. 7. Eén integraal perceel en de samenwerking met strategische partners Door in te zetten op het bieden van integrale jeugdhulp, ‘de integraliteitsvereiste’, en het organiseren van de jeugdhulp vanuit één perceel dragen we eraan bij dat vanuit één organisatie aan een jeugdige en het gezin alle jeugdhulp wordt geboden die nodig is om de hulpvraag te beantwoorden. Hiermee voorkomen we dat er schotten ontstaan tussen de verschillende vormen van jeugdhulp en is een doorlopende zorglijn meer gegarandeerd. Het vertrekpunt voor alle jeugdhulp moet de jeugdige en het gezin zijn. Hiermee bedoelen we dat op basis van de problematiek en situatie van de jeugdige en het gezin de best passende ondersteuning en/of jeugdhulp wordt ingezet. De jeugdhulp wordt ingezet in samenspraak met de jeugdige en het gezin én afgestemd met betrokkenen uit het sociale netwerk, school en andere professionals rondom de jeugdige en gezin.

De jeugdhulpaanbieders worden middels deze verwerving medeverantwoordelijk voor de transformatieopgave waarbij zij meer ruimte krijgen om maatwerk te bieden. Ook willen we kijken naar de mogelijkheden voor aanbieders om binnen budgetten de middelen anders te verdelen, bijvoorbeeld tussen verblijf en ambulante ondersteuning. De gemeenten willen in samenspraak met de aanbieders werken aan de transformatie opgave en bepalen hoe om te gaan met de beschikbare budgetten en de bewaking daarvan. Afspraken hierover worden uitgewerkt in de dialoogfase. De (samenwerkingsverbanden van) jeugdhulpaanbieders die zich inschrijven voor de dialoogfase moeten alle jeugdhulp vanuit één perceel integraal kunnen bieden. Het merendeel van de aanbieders zal dit niet alleen kunnen en moet hiervoor een samenwerkingsverband aan gaan met andere partijen. Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden. Aanbieders kunnen zich aanmelden als combinatie of met een hoofd- onderaannemersconstructie. Zij zoeken zelf partners met wie zij de samenwerking aan willen gaan zodat zij alle jeugdhulp integraal kunnen bieden. In de dialoogfase worden afspraken gemaakt over bijvoorbeeld de controle op kwaliteit en marges. Deze afspraken worden vastgelegd in het contract.

GEMEENTE VELSEN 8. Het aantal aanbieders Op deze nieuwe verwerving kunnen (samenwerkingsverbanden van) jeugdhulpaanbieders inschrijven die voldoen aan de eisen die gesteld worden in het préselectiedocument. Het streven is niet per sé het aantal aanbieders te verminderen, maar wel de samenwerking en daarmee integraliteit en de kwaliteit van de jeugdhulp te vergroten. Door de integraliteitseis (het kunnen bieden van alle jeugdhulp) gaan we naar verwachting met een kleiner aantal aanbieders een overeenkomst aan. Dit worden de strategische partners (waaronder meerdere organisaties kunnen vallen). Hiermee wordt het beter mogelijk samen – gemeenten en aanbieders – de verantwoordelijkheid voor de transformatie te nemen, de kosten te beheersen en hierop te sturen. 9. Contractperiode van 9 jaar en evaluatie Met de keuze voor een contractduur van 9 jaar beogen we rust en ruimte te creëren om te transformeren. Door het model en de strategisch partners tijd en daarmee stabiliteit te geven kan vanuit contractzekerheid worden gewerkt aan de beoogde transformatie. Na respectievelijk jaar 3 en jaar 6 vindt een evaluatie plaats op zowel het model als op de prestaties van de individuele gecontracteerde strategische partners. Bij het opstellen van de contracten gaan we de voorwaarden opnemen waaronder de contracten desgewenst tussentijds beëindigd kunnen worden.

In de dialoogfase gaan we deze voorwaarden uit werken. De definitieve contractuele voorwaarden stellen we ná de dialoogfase vast. 10. Bekostiging Elke bekostigingsvorm kent zijn voor- en nadelen en kent eigen prikkels. Perverse prikkels willen we nadrukkelijk voorkomen. De uiteindelijke keuze voor de vorm van bekostigen, willen wij nog niet ‘aan de voorkant’ van de inkoop maken. De verschillende mogelijkheden, en de voors en tegens daarvan, willen wij in gezamenlijkheid met de aanbieders in de dialoogfase verkennen. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten we het draagvlak voor de uiteindelijke bekostigingsvorm. Uitgangspunt hierbij is en blijft dat de gemeenten aan de aanbieders reële tarieven betalen. Dit is ook conform de door de gemeenten (via de VNG) vastgestelde Norm voor Opdrachtgeverschap. Het budget van de gemeenten bepaalt de financiële grenzen. Financiële middelen moeten zoveel als mogelijk naar de daadwerkelijk jeugdhulp gaan. Het is de gezamenlijke uitdaging van de strategische partners en de gemeenten om ervoor te zorgen dat, binnen de financiële kaders, jeugdigen die jeugdhulp nodig hebben dié hulp krijgen die ze nodig hebben. Dit vraagt om innovaties en anders werken van jeugdhulpaanbieders, kortom een transformatie van de jeugdhulp.

Vooraf worden afspraken gemaakt over hoe onnodige instroom kan worden voorkomen, trajecten niet onnodig lang duren en hoe wordt omgegaan met mogelijke toename van het aantal jeugdigen in de jeugdhulp. We maken afspraken over hoe we de kosten beter kunnen beheersen en wat nodig is om die jeugdige die jeugdhulp nodig heeft, tijdig passend jeugdhulp te bieden. Jaarlijks wordt een maximaal budget afgesproken om dit mogelijk te maken. De begroting van de gemeenten bepaalt de hoogte van het budget en de ambitie die haalbaar is. We willen voorkomen dat de administratieve lasten toenemen door controle- en regeldruk. Met onze strategische partners willen we komen tot afspraken die voldoende zekerheid geven als het gaat over rechtmatigheid. 11. Monitoring We onderschrijven het belang dat we periodiek tijdig over de juiste informatie beschikken om de voortgang van de transformatie van de jeugdhulp en de effectiviteit van de inzet te monitoren. Hiervoor gaan we in de dialoogfase samen met de strategisch partners een monitoringsysteem ontwikkelen.

GEMEENTE VELSEN In dit kader maken we afspraken met de aanbieders over de wijze waarop we sturen op de jeugdhulp, zodat de beleidsdoelstellingen worden behaald binnen het financiële kader. De inhoudelijke sturingsuitgangspunten (normaliseren, vindplaatsen versterken, vroegsignalering, jeugdhulp in de leefwereld van de jeugdige, veiligheid voorop, verbinding informele en formele zorg en integraal samenwerken) vormen hiervoor het kader. Samen met de beoogde strategische partners stellen we een aantal Key Performance Indicatoren (KPI’s) op, waarmee we de beleidsdoelstellingen inhoudelijk en financieel op voortgang kunnen monitoren. Ook de monitoring zal uiteindelijk onderdeel zijn van de contractering. 12. Administratieve lasten Het beperken van administratieve lasten zien we als een belangrijk gespreksonderwerp in de dialoogfase. De omvang van de administratieve lasten hangt deels af van de wijze waarop de strategische partners hun administratieve- en werkprocessen inrichten, maar ook nadrukkelijk van de afspraken die wij met de strategische partners maken over de verantwoording, rechtmatigheid, etc. We willen met de beoogde strategische partners in dialoog verkennen hoe we administratieve lasten in dit inkoopmodel zoveel mogelijk kunnen beperken.

Dit doen we door in de dialoogfase samen met de beoogde strategische partners oplossingen te verkennen voor zowel de initiële bekostiging als de monitoring en rapportage over de geleverde jeugdhulp en de maatschappelijke effecten daarvan. De afspraken die we hierover maken, zullen uiteindelijk opgenomen worden in het contract. 13. Vrijgevestigden en kleine aanbieders Vrijgevestigden en andere kleine aanbieders kunnen vaak specifiek maatwerk bieden dichtbij de leefomgeving van de jeugdige, het gezin en het netwerk. Dit aanbod willen we in de uitvoering dan ook graag zoveel mogelijk behouden. Op dit moment hebben we echter ongeveer 90 overeenkomsten met vrijgevestigden en groepspraktijken hetgeen aansturing en samen vormgeven aan de transformatie lastig maakt. Daarom zoeken we voor deze partijen naar een mogelijkheid van aansluiting die recht doet aan enerzijds de beoogde transformatie en anderzijds aan het behoud van dit aanbod in de uitvoering. Vanuit andere regio’s, die qua inkoopindeling een vergelijkbare ontwikkeling doormaken, weten we dat het met name voor (zeer) kleine jeugdhulpaanbieders en vrijgevestigden en groepspraktijken lastig kan zijn aan te sluiten bij samenwerkingen zoals wij deze voor ogen hebben.

Het aanbod dat zij leveren beantwoordt in veel gevallen aan de inhoudelijke uitgangspunten die de gemeenten belangrijk vinden voor het leveren van jeugdhulp en het realiseren van een transformatie. Vrijgevestigden en groepspraktijken zijn meestal ingebed in een lokaal professioneel netwerk: zij zijn onderdeel van grotere multidisciplinaire netwerken, zodat andere disciplines ingezet kunnen worden wanneer nodig. Vrijgevestigden zijn bekend bij het Centrum voor Jeugd en Gezin en/of het lokale team, huisartsen en scholen en onderhouden een professioneel netwerk met andere hulpverleners zoals psychologen, (ortho)pedagogen, psychotherapeuten, psychiaters en leerkrachten en interne begeleiders. Wij zijn van mening dat vrijgevestigden en groepspraktijken een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan thema’s als transformatie, toegang, op- en afschalen, etc. Wij zijn met hen in gesprek over de mogelijkheden die zij zien om mee te doen aan deze verwerving. Het heeft daarbij onze voorkeur dat zij zich verenigd inschrijven op de aanbesteding c.q. het integrale perceel. 14. Rapporten en ervaringen van andere gemeenten Rapporten en adviezen die raken aan deze verwerving zijn bij ons bekend. De bevindingen van het AEF- rapport ‘Stelsel in groei’2 voor nadere kostenbesparing in de jeugdhulp, zijn voor een belangrijk deel verwerkt in de uitgangspunten in onze verwervingsstrategie liggen.

De opbrengsten van het

2 Stelsel in groei; Een onderzoek naar financiële tekorten in de jeugdzorg, A. Hilderink, I. Niessen, e.a.,

AEF; december 2020

GEMEENTE VELSEN onderzoek met betrekking op niet-effectieve maatregelen, nemen de gemeenten mee bij het verder uitwerken van de gespreksthema’s in de dialoogfase. Ook de bevindingen van het theoretische onderzoek van de rekenkamer van de Metropool Amsterdam over taakgerichte bekostiging zijn bekend en worden meegenomen. Daarnaast bezit de projectleiding zelf veel ervaring en kennis over de verschillende modellen die toegepast zijn/worden in de verschillende regio’s. De geleerde lessen vanuit andere regio’s (voor zover deze vergelijkbaar zijn) worden op deze wijze ook meegenomen in deze aanbesteding

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=1d290738-0bb6-44a4-a234-ec6db3edf94a