CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

C8 Verantwoording voorzitter Veiligheidsregio Kennemerland aanpak bestrijding covid-19.pdf

Raadsvergadering 28 januari 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Ingekomen stukken17.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aan de gemeenteraden van Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Uitgeest, Velsen en Zandvoort

onderwerp kenmerk datum opsteller

Verantwoording voorzitter Veiligheidsregio Kennemerland aanpak bestrijding covid-19 BvdV/vj/BS 2020 Z 2020-001065 / D 2020-001448 28 december 2020 A van de Velden Geachte heer, mevrouw, Op 10 maart 2020 heb ik als voorzitter van de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) besloten om de crisisorganisatie op te schalen naar GRIP 4 ter bestrijding van het coronavirus. Een aantal dagen later zijn ingrijpende landelijke maatregelen in gang gezet om de verspreiding van het virus te beperken, voldoende zorg te bieden aan besmette personen en economische maatregelen om effecten van de maatregelen te beperken. De coronacrisis is echter een langdurige crisis, waarbij het eind vooralsnog niet in zicht is. Recent zijn strenge maatregelen afgekondigd om het hoofd te bieden aan het oplopend aantal besmettingen en het risico dat dit met zich meebrengt voor de contiguïteit van zorg. Tot 1 december jl. stoelde de aanpak op maatregelen op basis van aanwijzingen van de Minister VWS op basis van de Wet Publieke Gezondheid. Om de democratische legitimiteit van maatregelen beter te borgen is de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 op 1 december in werking getreden. In de wet is ook bepaald dat ik als voorzitter binnen 4 weken na inwerkingtreding van de wet verantwoording afleg over de aanpak tot nu toe.

Deze termijn is complementair aan wat de wet in artikel 40 van de Wet Veiligheidsregio’s al voorschrijft. Deze verantwoording bied ik u bij deze aan. In juni jl. heb ik u al met een tussentijds verslag geïnformeerd over de wijze waarop het virus in onze regio wordt bestreden, dus deze verantwoording zal op onderdelen overlappen met wat eerder met u is gedeeld. Aangetekend wordt dat snelheid waarmee ontwikkelingen zich voltrekken ook kan maken dat wat in het verslag is vastgelegd, alweer is achterhaald of veranderd. Bij het nemen van besluiten was mijn uitgangspunt in deze crisis om wat lokaal kon zo veel mogelijk aan de burgemeesters zelf over te laten. Daarbij is in feite geanticipeerd op hoe de bevoegdheden en verantwoordelijkheden in de nieuwe wet zijn verdeeld. Waar dat niet mogelijk was heb ik besluiten genomen na adviezen en/of overleg met de betrokken burgemeesters. Hiermee zijn de lokale belangen zo goed mogelijk behartigd en ingevuld. Zoals gemeld is het eind van deze crisis helaas nog niet in zicht. Met deze verantwoording voldoe ik aan mijn wettelijke plicht en ben van harte bereid om tussentijds in uw raad aan te schuiven om eventuele vragen over de aanpak van de crisis tot nu toe te beantwoorden. Hoogachtend, de voorzitter van de Veiligheidsregio Kennemerland,

M.H.F. Schuurmans-Wijdeven

Verslag aanpak COVID-19 27 januari -1 december 2020

Haarlem, 28 december 2020

1

Inhoud 1.

Voorwoord................................................................................................................................... 3

2.

Context/beschrijving corona/covid 19 ........................................................................................ 4

3.

Verantwoordelijkheden en afstemming ..................................................................................... 6

4.

Verloop aanpak crisis in Kennemerland ...................................................................................... 7

5.

GGD/GHOR en de zorgpartners................................................................................................. 13

6.

Bevolkingszorg ........................................................................................................................... 23

7

Financiële en bedrijfsmatige aspecten VRK ............................................................................... 25

8.

Afsluitende opmerkingen........................................................................................................... 26

Bijlage 1: Overzicht verantwoordelijkheden bestrijding A-ziekten .......................................................... 27 Bijlage 2: Lijst met bestuurlijke besluiten................................................................................................ 29 Bijlage 3: Bovenregionale coördinatiestructuren tijdens COVID-19 uitbraak .......................................... 36 Bijlage 4: Afkortingenlijst ........................................................................................................................ 42

Leeswijzer De kern van de verantwoording is terug te vinden in de hoofdstukken 4, 5 en 6. Hoofdstuk 4 geeft een algemeen beeld van de aanpak van de crisis van januari tot december. De rol van het BT en Regionaal beraad burgemeesters staat hierin onder andere beschreven. Hoofdstuk 5 geeft een meer specifiek beeld van de aanpak door GHOR en GGD, in samenwerking met het hele zorgveld. Hoofdstuk 6 beschrijft de aanpak van de gemeentelijke crisisorganisatie, die in Kennemerland een groot aantal zaken regionaal heeft opgepakt. De hoofdstukken 2 en 3 geven een toelichting op de context van de crisis en te onderscheiden verantwoordelijkheden. Hoofdstuk 7 gaat in op de financiële gevolgen van de crisis voor de VRK/GGD. De verantwoording eindigt met enige afsluitende opmerkingen.

2

1. Voorwoord Dit verslag is bedoeld om gemeenteraden en andere belangstellenden kennis te laten nemen van de manier waarop in de Veiligheidsregio Kennemerland vanaf 27 januari tot 1 december 2020 invulling is gegeven aan de aanpak van de coronacrisis. Daarmee geef ik invulling aan de wettelijke verplichting om over deze periode verantwoording af te leggen. Deze verplichting is neergelegd in de Wet Tijdelijke Maatregelen, die vanaf 1 december 2020 geldt. Tot 1 december legde de Wet Publieke Gezondheid voor de aanpak van deze epidemie een belangrijke verantwoordelijkheid bij de voorzitter van de Veiligheidsregio. De wetsartikelen die daarop betrekking hadden leidden vele jaren een beetje een slapend bestaan, maar werden door de situatie, die zich aandiende begin dit jaar, wakker geschud. Voor mij en vele anderen een bijzonder gebeuren, die het nodige aanpassingsvermogen hebben gevraagd. Met de inwerkingtreding van de Tijdelijk wet maatregelen is daar een einde aan gekomen en is het ook om die reden goed om deze periode af te sluiten. Een periode, waarin alle betrokken met elkaar de weg hebben moeten vinden in een voor iedereen ongekende situatie.

Dat heb ik niet alleen overgedragen gekregen in woord en beeld, maar heb ik ook mogen ervaren tijdens de diverse werkbezoeken die ik heb afgelegd bij zowel zorgorganisaties, de GGD alsook bij bedrijven die een bijdrage hebben geleverd aan de aanpak en die daar bijzonder door geraakt zijn. Fantastisch hoeveel mensen met hart en ziel bezig zijn geweest zicht en grip te houden op het virus, verspreiding tegen te gaan en kwetsbare mensen te beschermen. En hartverwarmend met hoeveel creativiteit de complexe opgaven zijn aangepakt. Alles met de bedoeling de continuïteit van zorg overeind te houden en het sociaaleconomisch verkeer zijn doorgang te laten krijgen. Terugkijkend ben ik blij met de collegiale bestuurlijke samenwerking, die daarbij in de Veiligheidsregio Kennemerland voorop stond. De bestuurders hebben zich goed geïnformeerd en ondersteund geweten vanuit de GGD- en de veiligheidsregio, die in onze regio in één organisatie zijn belegd. Dat is in deze tijd van de pandemie bijzonder helpend gebleken. De Directeur Publieke Gezondheid heeft een belangrijke verbindingsrol vervuld tussen het veiligheidsdomein en het complexe zorgveld. Hij stond in nauw contact met de acute en niet-acute zorg.

Als deelnemer aan het bestuurlijk crisisoverleg ROAZ (namens de overige vijf GGD’en in Noord-Holland en Flevoland) was hij in staat om de afstemming tussen die disciplines goed vorm te geven. Daarbij kon gebruik worden gemaakt van alle netwerken die de voorliggende jaren zijn gebouwd op de terreinen openbaar bestuur, veiligheid en gezondheid. Al deze elementen hebben ervoor gezorgd dat ik als voorzitter, geadviseerd door het Operationeel Team (OT) en Beleidsteam, mijn verantwoordelijkheid heb kunnen nemen. Bij geen enkel besluit dat ik heb moeten nemen, is door een of meerdere burgemeesters bezwaar aangetekend. ‘On-the-job’ meekijken door het COT, Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement, hielp ook bij het kiezen van de juiste benadering. Op meerdere momenten heeft het bestuur zijn waardering getoond voor alle betrokken medewerkers, diensten en sectoren. Die dankbaarheid spreek ik, mede namens alle burgemeesters in de regio, graag nog eens uit. Het verslag beslaat de hele periode van januari tot 1 december, en is daarmee voor een deel een herhaling van de het verslag van de eerste fase aanpak Covid-19, dat in juni 2020 aan de gemeenteraden is aangeboden. Marianne Schuurmans-Wijdeven Voorzitter Veiligheidsregio Kennemerland

3

2. Context/beschrijving corona/covid 19 Op 27 januari is door de minister van VWS besloten om Covid-19, de ziekte veroorzaakt door het SARS-Cov-2 virus, toe te voegen aan het lijstje met meldingsplichtige A-ziekten. Aannemelijk is dat SARS-CoV-2 in China van dieren is overgegaan op mensen. Het corona SARS-CoV-2 is in China in december 2019 op één plek ontstaan als menselijk virus. Nadien zagen we dat het de wereld overging. In maart begon de ziekte ook in Nederland steeds meer slachtoffers te maken. Op 2 april waren in Kennemerland al 40 mensen overleden waarvan een verband bestond met Covid-19. Het grote risico dat het virus meebracht, gecombineerd met de druk op de zorg waardoor ook andere ziekten en aandoeningen door artsen en ziekenhuizen niet meer goed behandeld kunnen worden, werd de aanleiding voor een grootscheepse landelijke aanpak om het virus te bestrijden. Het risicoprofiel van de Veiligheidsregio Kennemerland, dat in 2018 door het bestuur werd vastgesteld, noemde ‘dreiging infectieziekte uit het buitenland’ een van de negen meest waarschijnlijke crisisscenario’s, met de grootste te verwachten impact op de samenleving. De informatie daarover kwam bij de GGD vandaan, waar de afdeling infectieziektebestrijding alle informatie verzameld over de ontwikkeling van infectieziekten in de wereld, en waar de werkdruk al enige jaren stijgt vanwege de groeiende risico’s.

Zoönosen, dus ziekten die van dieren op mensen overspringen, had men al in het bijzonder in het vizier. De volgende mogelijke impact op de samenleving werd voorzien van zo’n ‘waarschijnlijk crisisscenario’:  Slachtoffers  Kosten  Verstoring dagelijks leven  Sociaalpsychologische impact Helemaal onvoorbereid was de regio dus niet op de crisis die het coronavirus heeft veroorzaakt. Maar de impact is vele malen groter gebleken dan voorstelbaar was. Er zijn in Nederland maatregelen getroffen, die sinds 1940-1945 niet meer nodig zijn geweest. Het coronavirus kent veel slachtoffers doordat niemand antistoffen heeft tegen dit virus. Dit leidde ook tot angst en onzekerheid bij mensen. Het dagelijks leven werd op talloze manieren verstoord. Het begrip voor de getroffen maatregelen varieerde, over het algemeen was er steun maar een beperkte groep uitte zijn twijfels en weerstand, soms op zeer ongewenste manieren. Handhaving en communicatie zijn ingezet om bij te dragen aan het succes van alle noodzakelijke maatregelen. Maar of men nu wel of niet begrip had voor de maatregelen, de impact was hoe dan ook enorm, niet in de laatste plaats voor (kwetsbare) ouderen, ondernemers, zzp’ers en anderen zonder vast arbeidscontract en jongeren. Het virus is nieuw en onvoorspelbaar. De medische sector stond voor grote raadsels en uitdagingen.

Door de onbekendheid met deze nieuwe A-ziekte was ook goede sturing door het Rijk en uitvoering van maatregelen door de regio’s moeilijk. Maatregelen vragen om draagvlak, draagvlak vraagt erom dat mensen ook zien dat er een gedeeld probleem is. Het is passen en meten geweest met maatregelen, met steeds weer veel discussie, zeker na de eerste maanden: kwam een maatregel te vroeg of juist te laat, was er voldoende wetenschappelijk bewijs voor de sluiting voor de ene of de andere sector, werd te veel of juist te weinig op de eigen verantwoordelijkheid van burgers gerekend, deed de overheid wat ze kon of werden er vermijdbare/verwijtbare fouten gemaakt.

4

Om kort te schetsen hoe het virus de inwoners van Kennemerland heeft geraakt hieronder twee grafieken. Vastgestelde COVID-19 gevallen onder inwoners Kennemerland Onderstaande grafiek geeft het aantal COVID-19 gevallen aan onder inwoners uit de regio in de periode 27 februari tot en met 25 november 2020 (in totaal ruim 21.000). Dit geeft overigens geen volledig beeld over het daadwerkelijk aantal besmettingen, omdat tot 1 juni slechts beperkt getest is en omdat niet iedereen met klachten zich laat testen.

400

Aantal nieuwe, bij de GGD gemelde COVID-19 patiënten onder inwoners GGD-regio Kennemerland, per dag (27 feb t/m 30 nov) (bron: open data RIVM)

350 300 250 200 150 100 50

27-feb 6-mrt 14-mrt 22-mrt 30-mrt 7-apr 15-apr 23-apr 1-mei 9-mei 17-mei 25-mei 2-jun 10-jun 18-jun 26-jun 4-jul 12-jul 20-jul 28-jul 5-aug 13-aug 21-aug 29-aug 6-sep 14-sep 22-sep 30-sep 8-okt 16-okt 24-okt 1-nov 9-nov 17-nov 25-nov

0

Aantal vastgestelde COVID-19 overlijdens onder inwoners Kennemerland In onderstaande grafiek is het aantal bij de GGD gemelde overleden COVID-19 patiënten per dag weergegeven in de periode 27 februari t/m 25 november (in totaal waren over deze periode ruim 350 overlijdens te betreuren). Het aantal ligt aan het begin van de crisis waarschijnlijk hoger, omdat destijds nog maar beperkt getest werd op covid-19.

12

Aantal bij de GGD gemelde overleden COVID-19 patiënten onder inwoners GGD-regio Kennemerland, per dag (27 feb t/m 30 nov) (bron: open data RIVM)

10 8 6 4 2

27-feb 6-mrt 14-mrt 22-mrt 30-mrt 7-apr 15-apr 23-apr 1-mei 9-mei 17-mei 25-mei 2-jun 10-jun 18-jun 26-jun 4-jul 12-jul 20-jul 28-jul 5-aug 13-aug 21-aug 29-aug 6-sep 14-sep 22-sep 30-sep 8-okt 16-okt 24-okt 1-nov 9-nov 17-nov 25-nov

0

5

3. Verantwoordelijkheden en afstemming Als gevolg van het besluit om Covid-19 toe te voegen aan het lijstje van A-ziekten, geldt een aantal bijzondere wettelijke maatregelen om verdere verspreiding te voorkomen. In geval van A-ziekten is het bestuur van de Veiligheidsregio verantwoordelijk voor de voorbereiding van de bestrijding van de ziekte en heeft de voorzitter de bevoegdheid een aantal maatregelen te nemen in het kader van de bestrijding, waaronder het afdwingen van isolatie en quarantaine. De minister van VWS geeft leiding aan de bestrijding en kan de voorzitter van de Veiligheidsregio opdragen hoe de bestrijding ter hand te nemen. De uitvoering van de bestrijding is opgedragen aan de GGD, die in de situatie van Kennemerland onderdeel is van de VRK. De minister kan alleen maatregelen opleggen, nadat er een advies is uitgebracht door het Outbreak Management Team (OMT) en een bestuurlijk Afstemmingsoverleg (BAO) heeft plaatsgevonden. In dat overleg participeren naast een afvaardiging van GGD GHOR Nederland, vertegenwoordigers van het Veiligheidsberaad, de VNG en koepelorganisaties in de zorg. De Directeur Publieke Gezondheid (DPG) van Kennemerland schuift met regelmaat aan als er Schiphol gerelateerde onderwerpen aan de orde zijn.

In bijlage 1 is een overzicht opgenomen van de wetsartikelen die betrekking hebben op de verantwoordelijkheden bij de bestrijding van A-ziekten. De aanpak richtte zich in eerste aanleg op het bestrijden van het virus en het indammen van besmettingen en kende verschillende fases. Eerst was het doel om incidentele introductie te voorkomen (de containment- of indamfase), vervolgens was er de mitigatiefase en later lag het accent op het eronder houden van het virus. Om dat effectief vorm en inhoud te laten krijgen maakte het nodig maatregelen te treffen die zich vooral richten op gedrag van burgers en meer in het bijzonder hoe zij met elkaar omgaan en zich bewegen in de samenleving. Om deze gedragsbeïnvloeding, die mensen beperkt, gecoördineerd en afgestemd te laten plaatsvinden, is op 13 maart landelijk besloten om de nationale crisisstructuur in werking te stellen en in het gehele land elke regio op te laten schalen naar GRIP4. Dat betekende ook het activeren van artikel 39 van de Wet veiligheidsregio’s. Daarmee werd een goede bestuurlijke basis gelegd om te doen wat nodig was in de aanpak van de besmettingen en het beheersen van de druk op het zorgsysteem.

6

4. Verloop aanpak crisis in Kennemerland 4.1 Periode januari tot de zomer In januari en februari was de regio al alert op het nieuwe virus dat in Wuhan de eerste slachtoffers maakte, en zich vanuit daar verspreidde over de rest van de wereld. Op 2 maart 2020 kwamen de burgemeesters in de Veiligheidsregio Kennemerland, op initiatief van de voorzitter, voor de eerste keer bij elkaar om met elkaar te praten over de risico’s die het coronavirus ook voor de regio Kennemerland met zich mee zou kunnen brengen. Op 10 maart heeft de voorzitter in een Kern-BT in Kennemerland formeel de GRIP-4 fase afgekondigd. Nederland is toen een fase ingegaan waarin de coronacrisis is bestreden vanuit de nationale crisisstructuur, de maximale crisisopschaling die we in Nederland kennen. De MinisterPresident en de betrokken ministers vormden samen de Ministeriële Commissie Crisisbeheersing (MCCb). Ook twee voorzitters van veiligheidsregio’s waren hierop aangesloten. Alle besluiten van het MCCb werden via ministeriële aanwijzingen neergelegd bij de voorzitters van de veiligheidsregio’s. Er kwam op 15 maart een ‘intelligente lockdown’ waarbij onder andere scholen, sportscholen en horeca gesloten waren, iedereen werd verzocht thuis te werken en vooral thuis te blijven.

Alles met de bedoeling de verspreiding van het virus de halt toe te roepen en het zorgsysteem niet onnodig te belasten en kwetsbaren in de samenleving te beschermen. 4.2 Regionaal Beleidsteam Covid-19 Het Regionaal Beleidsteam Covid-19 (BT Covid-19) in Kennemerland is vanaf 24 maart wekelijks bij elkaar geweest op maandag, alleen in de zomermaanden juni tot en met augustus was er enige ruimte om soms een week over te slaan. In bijlage 2 zijn de besluiten die in het BT zijn genomen weergegeven, waarmee ook een beeld wordt gegeven van het aantal vergaderingen. Van het Kennemerlandse BT Covid-19 maken deel uit: alle burgemeesters, de directeur Veiligheidsregio, de Directeur Publieke Gezondheid, de Coördinerend gemeentesecretaris, de Hoofdofficier van Justitie, de commandant Tactisch Commando van de Koninklijke Marechaussee op Schiphol en de districtschef van Politie. Ook de Commissaris van de Koning en de Dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Rijnland zijn van tijd tot tijd aangeschoven. Van week tot week stemden in het BT de burgemeesters gezamenlijk de noodzakelijke maatregelen af. In principe neemt de voorzitter geen besluiten zonder advies van het BT, tenzij spoed dit vereist. Ook heeft de voorzitter de burgemeesters steeds input gevraagd voor de overleggen van het Veiligheidsberaad, die bijna wekelijks plaatsvonden.

Gezien het grote belang van de BT-vergaderingen waren alle burgemeesters daar ook wekelijks bij aanwezig, en werd bij verhindering voorzien in vervanging door een locoburgemeester. In de vergaderingen van Veiligheidsberaad (VB), het overlegorgaan van de voorzitters van de veiligheidsregio’s, werd bijna wekelijks afgestemd over zaken als inschaling van regio’s, passende maatregelen en de naleving daarvan. Daarbij stond de sturende rol van het Rijk wel voorop, aan de regio’s was de uitvoering. De BT-overleggen hebben, op een enkele uitzondering na, digitaal plaatsgevonden. De overleggen zijn voorbereid in het Operationeel Team (OT) en door bestuursondersteuners van VRK en gemeenten. De DPG heeft wekelijks het situatiebeeld met betrekking tot covid-19 geschetst in een bestuurlijk informatiememo. Met periodieke monitors en updates is het BT van week tot week intensief geïnformeerd over alle aspecten die met de crisis te maken hebben. Hierdoor had het BT zicht op ontwikkelingen binnen de zorg en op de andere kwesties en vragen die speelden bij de hulpdiensten en in de samenleving. Doordat alle burgemeesters deelnamen aan het BT en er een breed aantal thema’s werd besproken heeft het BT een grotere rol kunnen nemen in de aansturing van de crisis dan in menig andere regio. 7

Het BT heeft driemaal fysiek vergaderd, op de momenten dat een intensiever gesprek met elkaar gewenst was over proces, aanpak en scenario’s. 4.3 Zomermaanden Op 1 juli is de nationale crisisstructuur afgeschaald, aangezien deze eigenlijk is bedoeld voor de kortcyclische aanpak van een incident. Er is gekozen voor de instelling van een Ministeriele Commissie COVID-19 (MCC-19) om integraal over de bestrijding en de gevolgen van de COVID-19 pandemie te besluiten. Alle leden van het Kabinet zijn lid van deze commissie en ook het Veiligheidsberaad is vertegenwoordigd. Vanaf juni en verder in juli zijn er steeds meer versoepelingen geweest, omdat de situatie daar aanleiding toe gaf. Scholen gingen weer open, horeca mocht onder voorwaarden weer gasten ontvangen en ook vakanties naar het buitenland konden weer plaatsvinden. Aangezien de situatie per veiligheidsregio sterk verschilde, is in de zomer gekozen voor een meer regionale, in plaats van een landelijke, aanpak. 4.4 Periode 18 augustus – 1 december Aan het eind van de zomer werd duidelijk dat het naleven van de basisregels niet voor iedereen vanzelfsprekend of eenvoudig is. In combinatie met het reizigersverkeer dat weer toenam, leidde dat tot een stijging van het aantal besmettingen. Ook in de Veiligheidsregio Kennemerland.

Op 18 augustus 2020 vond na een periode van relatieve rust een persconferentie plaats van de Minister-President en Minister de Jonge, waarin o.a. werd afgekondigd dat de aantallen bezoekers thuis werden ingeperkt en mensen opgeroepen werden feestjes vooral in de horeca te laten plaatsvinden, waar iedereen een vaste zitplaats tot zijn beschikking moest hebben. De start van het nieuwe studiejaar en de daarbij horende introductie van nieuwe studenten vroeg ook om extra maatregelen Landelijk is een inschalingsmodel ontwikkeld dat aan de hand van bepaalde signaalwaarden (o.a. besmettingen per 100.000 inwoners, ziekenhuisopnames) aangeeft of de situatie in een regio kan worden ingedeeld in de categorie ‘waakzaam’, ‘zorgelijk’, ‘ernstig’ en ‘zeer ernstig’. Half september werd de Veiligheidsregio Kennemerland, samen met een aantal andere regio’s, ingedeeld in de categorie ‘zorgelijk’, omdat inmiddels 7/100.000 inwoners besmet bleken met covid19. Dat leidde er toe dat de in Kennemerland extra maatregelen zijn genomen om het tij te keren. Er is extra ingezet op communicatie richting jongeren, handhaving is geïntensiveerd, met extra aandacht voor de illegale feesten die in buitengebieden plaatsvonden. Gelijktijdig vonden ook landelijke aanscherpingen plaats; horeca moest eerder sluiten, groepsgrootte thuis werd beperkt en sportkantines gingen dicht.

Eind september werd de situatie het overgrote deel van het land ernstig tot zeer ernstig, dit was de gevreesde ‘tweede golf’. Door de toename van het aantal besmettingen en de uitval van zorgpersoneel door ziekte of quarantaine, kwam de zorg wederom onder grote druk te staan. Ook Kennemerland kwam in de categorie ‘zeer ernstig’, gezien het aantal besmettingen per 100.000 inwoners. Er kwamen weer aanwijzingen die voor het hele land gingen gelden, steeds strenger. De aanwijzing van 14 oktober was daarbij bepalend voor de periode van half oktober tot 1 december, met nog eens extra strenge maatregelen in de periode van 3 november – 17 november. Op 1 december eindigde de periode waarin een groot aantal verantwoordelijkheden bij de voorzitter Veiligheidsregio lagen op, en startte het regime van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19.

8

4.5 Noodverordeningen Op iedere aanwijzing van de minister van VWS en J&V is een noodverordening gevolgd. Dit waren er negentien tot 1 december, die alle met een informatiememo aan de gemeenteraden in de regio zijn aangeboden.  17 maart  27 maart  29 april  11 mei  1 juni  15 juni  20 juni  1 juli  15 juli  9 augustus  10 augustus  21 augustus  3 september  20 september  29 september  14 oktober  4 november  9 november (wijziging Tweede Kamer versie 4 november)  18 november Met de noodverordening heeft de voorzitter van de Veiligheidsregio uitvoering gegeven aan de maatregelen genoemd in de aanwijzingen van de ministers. Voor het opstellen van de noodverordening maakte Kennemerland gebruik van de modellen, die door het Veiligheidsberaad aan de veiligheidsregio’s werden aangeboden. Het maken van modelverordeningen was erop gericht de aanwijzing van de minister zo goed mogelijk om te zetten in uitvoerbare en uitlegbare regels. Tegelijk was de intentie ervoor te zorgen dat de regels in Nederland niet per regio zouden verschillen. Kennemerland is van het model dan ook geen enkele keer afgeweken. In een enkel geval bevatten het landelijke format bepalingen die alleen voor specifieke regio’s relevant waren: zo heeft Kennemerland gebruikt gemaakt van een ‘kan’-bepaling over het gebruik van strandhuisjes.

Verder heeft Kennemerland ervoor gezorgd dat de landelijke formats werden aangevuld met onderwerpen die voor Kennemerland van belang waren, zoals meenemen van muziekinstallaties en mondkapjes op luchthavens. De noodverordening is in Kennemerland na de zomer aangevuld met een aantal specifieke besluiten van de voorzitter om pop-up feesten beter te kunnen voorkomen. Na een tijdelijk besluit om geluidsapparatuur te weren op het strand van Bloemendaal in een weekend half augustus, volgde een verbod om geluidsapparatuur aanwezig te hebben in meer natuur- en recreatiegebieden. Ook werd het verboden om ’s nachts te verblijven op een aantal recreatieterreinen die aantrekkelijk bleken voor organisatoren van feesten. De opeenvolging van noodverordeningen en besluiten leidde tot veel werk, soms met veel maatschappelijke reuring. Doordat de besmettingsgraad en daarmee de ministeriële aanwijzingen elkaar snel opvolgden hadden maatregelen soms maar een geringe uitwerking, afgemeten tegen de hoeveelheid energie om de maatregel te treffen. Een voorbeeld hiervan zijn de ontheffingen die op basis van de noodverordening van 3 september konden worden gegeven voor gebouwen van groot regionaal belang. In deze gebouwen zouden dan meer dan 30 mensen samen mogen komen. 9

Er werden uiteindelijk na rijp beraad zeven ontheffingen verleend. Echter, 17 dagen daarna werd op basis van een nieuwe aanwijzing alweer een nieuwe noodverordening noodzakelijk die het verlenen van een dergelijke ontheffing onmogelijk maakte. De norm werd 30 mensen, los van het belang of de omvang van het gebouw. De gehele aanpak van de crisis betekende een grote belasting van alle medewerkers in en om de crisisorganisatie. Vanaf maart is er een voortdurende grote druk geweest op medewerkers. Het bestuur heeft onder andere met een brief aan alle betrokken medewerkers zijn dankbaarheid uitgesproken voor deze inzet. 4.6 Bestuurlijke uitgangspunten van het BT Op 30 maart heeft het BT voor zichzelf vastgelegd met welke uitgangspunten de Veiligheidsregio en de gemeenten de coronacrisis in onze regio tegemoet wilden treden:  Gericht op voorkomen en beperken van besmettingen Coronavirus, conform landelijke richtlijnen. Gericht op ondersteunen maatschappelijke continuïteit, met name medische zorg, hulpdiensten en gemeenten.  Gericht op voorkomen en beperken van ongewenste sociale gevolgen van Coronacrisis, o.a. maatschappelijke onrust, onveilige thuissituatie, ondergraving lokale economie.

 Gericht op terugkeer in een genormaliseerde maatschappelijke situatie  Landelijk/regionaal waar het kan; lokaal als het echt moet  Eenduidig afgestemde communicatie: één overheid, één boodschap  Burgers en bedrijven zijn zelfredzaam en zelf verantwoordelijk; niet-zelfredzamen worden ondersteund. 4.7 Handhaving Op 17 maart is, op aanwijzing van de minister, door de voorzitter ook het besluit genomen de politie en BOA’s van de gemeenten en andere organisaties in de regio de bevoegdheid te geven om toezicht te houden en te handhaven op basis van de noodverordening. Handelen in strijd met de noodverordening is een overtreding waar een boete voor kan worden opgelegd, maar ook een last onder dwangsom. In het BT is met regelmaat gesproken over de handhaving van maatregelen. Daarbij kwam ook de veiligheid van de BOA’s aan de orde, na een aantal ernstige incidenten. De handhavingsafdelingen van de gemeenten zijn nauwer gaan samenwerken, zowel met elkaar als met de politie. De regionale handhavingsaanpak is steeds in het BT afgestemd. Informeren en waarschuwen leidde er over het algemeen toe dat burgers en bedrijven in Kennemerland zich voldoende bewust waren van de regels en van hun verantwoordelijkheden. In enkele gevallen lukte het ondernemers niet om een veilige situatie te creëren.

Dat leidde tot een aantal waarschuwingen, lasten en sluitingen, waarbij de tijdelijke sluiting van de Bazaar in Beverwijk eind augustus de meeste aandacht heeft getrokken. Totaal 1 december:

Totaal tot 6 december:

40 9 9 826 186

formele waarschuwingen door voorzitter lasten onder bestuursdwang sluitingen boetes voor overtreding noodverordening boetes voor overtreding regels mondkapjes

Voor de behandeling van bezwaarschriften tegen handhavingsbesluiten heeft de voorzitter een aparte bezwarencommissie ingesteld. Voor de procesondersteuning van bezwarenprocedures is aangehaakt bij de processen van de gemeente Haarlem. Er zijn tegen zes besluiten bezwaarschriften ontvangen. Niet alle bezwaren zijn al behandeld maar vooralsnog heeft de bezwarencommissie nog geen redenen gezien bezwaren gegrond te achten.

10

4.8 Ontwikkeling naar een regionaal beraad burgemeesters Het BT heeft eerst en vooral aandacht besteed aan de ingrijpende maatschappelijke effecten die voortkwamen uit de opeenvolgende maatregelen. In de eerste periode van de intelligente lockdown, riep het virus veel angst op, er waren ook in het oog springende sterfgevallen in de regio. De maatregelen die getroffen werden grepen ongekend zwaar in op het maatschappelijk leven. De periode werd echter ook gekenmerkt door saamhorigheid, hulpvaardigheid en dankbaarheid voor de inzet van de mensen in de zorg. De zomerperiode bracht een verlaging van het aantal besmettingen en verlichting van de maatregelen. Toen in september/oktober de besmettingen weer begonnen te stijgen en de maatregelen landelijk weer werden aangescherpt, was de maatschappelijke sfeer veranderd. Een deel van de bevolking had geen angst meer voor het virus, of verdroeg het in ieder geval niet om beperkt te worden in vrijheden, zoals de vrijheid om in groepen bij elkaar te komen. Veel jongeren zochten naar wegen om het verbod op groepsvorming te omzeilen. Maar het grote aantal besmettingen dat terug te traceren was naar contact in huiselijke kring leerde dat ook andere leeftijdsgroepen contacten niet meer zo nauwgezet vermeden.

De voorzitter en het BT stonden steeds weer voor de vraag of een bepaalde situatie zich mogelijk leende voor een oplossing, waarbij gelaveerd moest worden tussen begrip voor de situatie van betrokkenen en de noodzaak om maximaal bij te dragen aan het inperken van het verspreiden van het virus. Daarbij diende het BT ook rekening te houden met het feit dat een uitzondering in één situatie onvermijdelijk leidde tot vragen – landelijk of regionaal – over uitzonderingen in een min of meer vergelijkbare situatie. Ook de uitlegbaarheid van maatregelen (en uitzonderingen) was een belangrijk aandachtspunt voor het OT en het BT. Waarbij de aanwijzingen van de minister en landelijke afspraken steeds het uitgangspunt bleven. In het Veiligheidsberaad zijn de maatschappelijke effecten ook steeds naar voren gekomen, waarbij de regio’s ook met elkaar en met de betrokken ministers hebben gesproken over de best mogelijke oplossing voor dilemma’s, binnen de grenzen die de noodzaak tot bestrijding van het virus nu eenmaal meebracht. Met het verdere verloop van de crisis kwam het inzicht dat het BT zich meer zou moeten richten op de zaken die te maken hebben met gezondheidscrisis die het hoofd geboden moet worden, of te wel vraagstukken die verband hielden met (handhaving van) de noodverordeningen.

De hele situatie brengt echter ook allerlei sociaal-maatschappelijke en economische vragen met zich mee. Vragen die binnen gemeenten door de colleges opgepakt worden, en waar de crisisorganisatie qua verantwoordelijkheid los van staat. Om elkaar te informeren, de juiste verbanden te kunnen leggen en waar gewenst te komen tot regionale afstemming, is een apart Burgemeestersberaad opgestart, onder voorzitterschap van burgemeester van Haarlem. Op 2 juni kreeg dit beraad zijn eerste vorm. Begin december is dit overleg omgezet in het Regionaalberaad en uitgebreid met onder andere politie en OM. De gemeentesecretarissen hebben met elkaar een taskforce gevormd om met elkaar te komen tot een goede gemeentelijk aanpak van alles wat met de coronacrisis samenhangt. De bedoeling is te voorkomen dat negen keer het wiel moet worden uitgevonden, en te voorkomen dat burgers klagen over het feit dat in buurgemeenten zaken heel anders zijn geregeld dan in de eigen gemeente. Gemeenteraden zijn geïnformeerd over de aanpak vanaf 1 december, onder andere via een webinar.

11

4.9 Specifieke vraagstukken in Kennemerland De aanwezigheid van Airport Amsterdam Schiphol en de aanwezigheid van een zeehaven hebben tot een aantal specifieke vragen voor de GGD geleid. De voorzitter dient hierin binnen een complex krachtenveld (internationaal, grote belangen e.d.) te opereren en moet omgaan met de realiteit dat Europees/landelijk zaken worden bepaald; besluiten die in de regio niet altijd eenvoudig zijn uit te leggen. Inzicht in het krachtenveld en de nodige diplomatie zijn nodig geweest om rond Schiphol toch een samenhangend beleid te kunnen voeren. De media maakten het daarbij de regio niet gemakkelijk, het geringste geluid van iets wat net even minder verliep werd al snel uitvergroot tot een structurele wantoestand, wat dan weer leidde tot Kamervragen, noodmaatregelen en micromanagement in de figuur van noodmaatregelen vanuit het ministeries. Daarnaast is de Veiligheidsregio Kennemerland een dichtbevolkte regio, die ook nog recreatiemogelijkheden biedt voor de nog dichter bewoonde regio Amsterdam-Amstelland. In het voorjaar was er dan ook veel aandacht nodig om het verkeer naar en het verblijf in de recreatiegebieden (strand, duinen en bossen) in goede banen te leiden. In en na de zomer bleken dergelijke gebieden ook aantrekkelijk voor het organiseren van illegale feesten en zijn extra maatregelen getroffen om dat tegen te gaan.

Een specifiek effect voor de Veiligheidsregio Kennemerland is verder dat een aantal internationaal bekende evenementen geen doorgang kon vinden, met ingrijpende economische gevolgen. Denk aan onder andere de Formule 1-race, Bevrijdingspop en andere grote festivals en Sail 2020. Maar het feit dat ook andere traditionele evenementen en feestjes in de huiselijke kring in de regio niet door konden gaan is minstens zo ingrijpend. Grote en kleine jaarlijkse tradities zijn belangrijke dragers van cultuur in gemeenschappen en verbinden mensen, in families, verenigingen, buurten en gemeenten. Juist dit soort momenten worden door jong en oud gemist. De regio is op enkele momenten geconfronteerd met demonstraties, onder andere van boeren. Het demonstratierecht en de coronamaatregelen staan op gespannen voet met elkaar. De voorzitter heeft waar mogelijk op maat voorzien in ontheffingen voor demonstraties.

12

5. GGD/GHOR en de zorgpartners 5.1 GHOR De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie (GHOR) regisseert en coördineert de samenwerking van de acute zorgpartners, zodat tijdens een crisis goed wordt samengewerkt in de keten en slachtoffers die hulp krijgen die nodig is. Ook tijdens een epidemie/pandemie. De GHOR verbindt de functionele (witte) keten met de algemene keten (crisisorganisatie Veiligheidsregio) door middel van informatievoorziening door netcentrisch werken (LCMS GZ), door het organiseren van een regionaal crisisteam zorg (RCZ) en onderhoudt nauw contact met de zorgpartners in de regio en met de ROAZ bureaus. De laatste jaren is op veel terreinen intensief samengewerkt. Er is gezamenlijk een zorgportaal ingericht, er zijn diverse zorgonderwerpen uitgediept en er is een zorg continuïteitsmodel NoordHolland/Flevoland, escalatiemodel bij winter- en zomerkrapte (voorheen ‘Grip op Griep’) vastgesteld. Directe aanleiding hiervoor was de influenza epidemie van een paar jaar terug, waarin een groot risico werd gezien voor de zorgcontinuïteit. Dat hier met elkaar veel op is geïnvesteerd kwam nu goed van pas, want er was een plan beschikbaar op basis waarvan de dreiging van het COVID-19 virus tegemoet kon worden getreden.

5.1.1 ROAZ Het Rijk heeft elf Regionaal Overleggen Acute Zorg (ROAZ; netwerk rond de traumacentra) een belangrijke rol en verantwoordelijkheid gegeven ten aanzien van de continuïteit van de acute zorg en samenwerking in de keten. Kennemerland is deelnemer van de ROAZ regio Noord-Holland en Flevoland. Dit samenwerkingsverband omspant zes GGD-regio’s, naast Kennemerland ook Flevoland, Gooi- en Vechtstreek, Amsterdam-Amstelland, Noord-Holland-Noord, Zaanstreek-Waterland. Het bestuurlijk crisisoverleg ROAZ is samengesteld uit zorgbestuurders en een Directeur Publieke Gezondheid (DPG) namens de zes regio’s. De DPG van Kennemerland heeft deze rol vanaf maart ingevuld. De ziekenhuizen hebben de regie, daarnaast participeren huisartsen, regionale ambulancevoorzieningen en de GHOR/GGD. Ook zorgverzekeraars zijn aangesloten. Anders dan in de meeste andere regio’s zijn, om de keten te versterken, ook andere zorgaanbieders ingesloten, zoals de Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT); Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) en de Gehandicaptenzorg (GHZ). Hierdoor kon ook de niet-acute zorg meegenomen worden in het maken van keuzes. In het land is dit vaak als voorbeeld genoemd van een adequate aanpak.

In Kennemerland is op tactisch niveau niet alleen met de niet acute partners overleg gevoerd, maar ook met andere organisaties die een rol hebben bij het opvangen van de gevolgen van de pandemie of daardoor bijzonder geraakt worden (maatschappelijke opvang, welzijnsorganisaties, hospices, vluchtelingenwerk, RIBW, apotheken, verloskundigen etc.). Het ROAZ kondigde op 13 maart code rood af, omdat de zorgcontinuïteit in gevaar kwam. Code rood treedt in werking als lokale maatregelen tekortschieten en er noodzaak is voor andere distributie van patiëntenstromen en strategische keuzes moeten worden gemaakt. Het bestuurlijk crisisoverleg kwam vanaf die datum in eerste instantie dagelijks bij elkaar. Na verloop van tijd is de frequentie afgestemd op de gewijzigde omstandigheden.

13

Bij de start zijn de volgende uitgangspunten meegegeven: -

Elke zorginstelling geeft de eigen mogelijkheden en beperkingen aan Samen wordt gezocht naar de beste oplossing De druk wordt samen gedragen Acute zorg gaat voor planbare/electieve zorg

Het ROAZ coördineert capaciteit bevorderende maatregelen, zoals: het voorzien in voldoende beddencapaciteit op de Intensive Care, de klinieken en verpleeghuizen, het verplaatsen van patiënten, cohort verplegen; schrappen van electieve ingrepen, opnamestop, samenwerking rond personeelszorg, andere inzet van personeel (zowel binnen als tussen instellingen), inventarisatie en distributie van apparatuur en persoonlijke beschermingsmiddelen, de belasting van de huisartsen, het testen en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek door de GGD’en en de voorbereiding op een dreigende fase ‘zwart’ (groot aanbod patiënten, onvoldoende opnamecapaciteit, tekort aan personeel en onvoldoende apparatuur en beschermingsmiddelen). In gezamenlijkheid is gezorgd voor het stapsgewijs opschalen van de IC-capaciteit en is op regionaal niveau gezorgd voor voldoende Covid-units in de VVT. Alles met de bedoeling de keten van zorg optimaal te laten functioneren en te dealen met schaarste. Het gevreesde moment dat bepaald moest gaan worden wie er wel of niet op de IC behandeld kon worden, is niet gekomen. Om ervoor te zorgen dat buiten de ziekenhuizen voldoende zorgcapaciteit beschikbaar zou zijn, is door de GHOR een aanvullende zorglocatie voorbereid in een hotel. Door de adequate opschaling in de VVT-sector hoefde deze niet te worden geopend.

Half augustus groeide het aantal covid-19 patiënten in de zorg weer. In combinatie met uitval van personeel door ziekte of quarantaine wordt de druk op de zorg in de loop van de tijd weer hoger. Gekozen is om patiënten te spreiden en de reguliere zorg deels af te schalen, zodat capaciteit beschikbaar blijft voor covid-19 patiënten. In de hele keten wordt op elkaar afgestemd: GGD/GHOR en huisartsen, zorgen voor een beeld over de aantallen besmettingen, covid-units in de VVT-sector worden in gereedheid gebracht en regionale ambulancevoorzieningen passen hun dienstverlening aan. 5.1.2 Persoonlijke beschermingsmiddelen Van meet af aan was er schaarste aan persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM). Dat strekte zich uit van isolatiejassen, spatbrillen tot mondkapjes. Daarnaast was er ook een probleem met beademingsapparatuur, zuurstof en bepaalde typen medicatie. Binnen de ROAZ NoordHolland/Flevoland is direct een knooppunt ingericht om wat er aan middelen beschikbaar was goed te verdelen binnen de acute en niet-acute zorg. De richtlijnen voor het gebruik van PBM zijn steeds aangepast aan de situatie, om bij verdeling een inhoudelijk toetsingskader te hebben. Nadat door landelijk gecoördineerde inkoop meer materiaal beschikbaar kwam, zijn de richtlijnen hierop aangepast, met doelmatigheid en effectiviteit als wegingsfactoren.

De ziekenhuizen organiseerden de verdeling van PBM in de acute sector, voor de verdeling van PBM in de niet acute zorg was GHOR Kennemerland verantwoordelijk. Er is gewerkt aan een kader hoeveel PBM op voorraad moet worden gehouden (ijzeren voorraad) om als de situatie verslechtert, voldoende beschikbaar te hebben. Bij het bepalen van de omvang hiervan is in aanvulling op de RIVM-richtlijn een eigen handreiking gemaakt (onder welke omstandigheden is welke PBM nodig). In ROAZ verband worden de voorraden van persoonlijke beschermingsmiddelen gemonitord. In september is door de GHOR bureaus weer gestart met de inventarisatie van de voorraden in de acute en niet-acute zorg. Het beeld is dat de voorraden op peil zijn gebleven. 14

5.1.3 Verpleging, verzorging en thuiszorg De organisaties op het terrein van verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT) hebben op meerdere vlakken een belangrijke rol gespeeld. Aansluitend op de ziekenhuiszorg vormden zij een belangrijke factor bij het overeind houden van de zorgcontinuïteit. Al kort na de start van de crisis zijn de organisaties opgeschaald en hebben zij bijzondere Covidcapaciteit gerealiseerd. Binnen de organisaties zelf, waardoor besmette bewoners van de instellingen in afzondering konden worden verpleegd. Daarnaast is er ook regionale Covid-19-capaciteit gerealiseerd voor patiënten vanuit huis en ziekenhuis. Dit maakte uitstroom vanuit het ziekenhuis mogelijk, zodat de klinische capaciteit niet overbelast raakte. Deze COVID-19 units functioneerden ook als opvangvoorziening voor mensen die niet thuis in isolatie konden verblijven. De VVTinstellingen, met name verpleeghuizen, zijn in deze hele periode zwaar geraakt door het virus en in de piekperiode was er sprake van soms zeer grote oversterfte. Maar, het grootste deel van de bewoners herstelt van een coronabesmetting. De ‘intelligente lockdown’ waarbij bezoek aan bewoners van de VTT verboden was, heeft daarnaast ook psychisch grote impact gehad op zowel bewoners als familie, als het verplegend personeel. Op 15 juni werd het bezoekverbod opgeheven, na een periode van stapje voor stapje verruimen.

De sector heeft de zomer gebruikt om een opschalingsplan te ontwikkelen. Het nieuwe landelijke testbeleid voor bewoners en personeel maakt dat sneller dan in het voorjaar zicht is op een uitbraak, zodat instellingen gerichter en sneller kunnen anticiperen. Ondanks het prioritair testen van zorgpersoneel ontstond vanaf half september weer een zorgelijk beeld van besmettingen bij personeel en bewoners. De sector was genoodzaakt om een groot pakket aan maatregelen te treffen om besmettingen tegen te gaan. 5.1.4 Bijstand Defensie Er zijn in de verslagperiode 12 verzoeken voor bijstand in ziekenhuis en verpleeg- en verzorgingstehuizen binnen gekomen. Daarvan zijn 10 verzoeken gehonoreerd. Bovenop deze bijstand in de zorg, is ook ondersteuning vanuit Defensie gekregen bij het opbouwen en operationeel laten zijn van de teststraat op Schiphol (asymptomatisch testen) en het uitvoeren van het vliegtuigcontactonderzoek (VCO). In de loop van het jaar heeft Defensie de keuze gemaakt om de beschikbare expertise te concentreren in het Calamiteitenhospitaal in Utrecht, alwaar 52 bedden beschikbaar zijn. Het LCPS wijst deze bedden toe aan een vragen ziekenhuis. Een knelpunt hierbij vormt het terugplaatsen van een patiënt naar de eigen regio. 5. 2 GGD 5.2.1 Testbeleid Het testbeleid is in de loop van de crisis meerdere keren landelijk gewijzigd.

Omdat er schaarste aan testcapaciteit bestond, kon gedurende een langere periode slechts een selectieve groep getest worden. Gelijk met het versoepelen van de landelijke maatregelen, kreeg Kennemerland van het Rijk ook gelegenheid de testcapaciteit uit te breiden. Vooruitlopend op landelijk beleid is op 7 april 2020 in Kennemerland gestart met een aparte teststraat waar zorgpersoneel met klachten met voorrang getest kon worden. Met de heropening van de scholen en kinderdagverblijven is de teststraat op 6 mei 2020 ook opengesteld voor personeel uit deze sectoren. De teststraat is opgezet en uitgevoerd met logistieke ondersteuning van Brandweer Kennemerland. Vanaf 1 juni werd het landelijk voor iedereen met klachten mogelijk zich te laten testen. In Kennemerland in de teststraat in Haarlem of in een mobiele testunit; in bijzondere medische gevallen is er ook mogelijkheid voor een thuistest. 15

In juni lag het aantal geteste mensen nog ruim onder de prognose. Eind juli was sprake van een trendbreuk; steeds meer mensen lieten zich testen. GGD Kennemerland verruimde de openingstijden in de teststraat in Haarlem en startte voorbereiding voor een tweede teststraat, waarbij werd gekozen voor een locatie in Vijfhuizen. De toename aan vraag naar testen ging in augustus niet gelijk op met het landelijk opschalen van de capaciteiten bij de laboratoria. Dat betekende wachttijden voor een testafspraak en soms ongewenst lang wachten op de uitslag. In september is, met ondersteuning van het Rode Kruis, de teststraat in Vijfhuizen (Expo) geopend. Landelijk kwam meer lab capaciteit beschikbaar, waardoor GGD’en de testcapaciteit verder konden opschalen en wachttijden niet meer aan de orde waren. De teststraat in Vijfhuizen groeide in capaciteit en landelijk werden XL-testlocaties ingericht, ook voor sneltesten. De Veiligheidsregio Kennemerland heeft sinds 1 december 2020 een XL-teststraat op Amsterdam Airport Schiphol. Onderstaand een grafiek waarin is aangegeven hoe de testcapaciteit over de gehele periode is opgebouwd.

16

Aantal testen door GGD Kennemerland In onderstaande grafiek is het aantal testen weergegeven dat door de GGD is afgenomen in de periode 27 mei t/m 29 november 2020. Vanaf 1 juni is grootschalig getest door de GGD.

Aantal testen afgenomen op testlocaties van GGD Kennemerland exclusief Schiphol centrum, per dag (27 mei t/m 30 nov) (bron: CoronIT)

2500 2000 1500 1000 500

27-mei 2-jun 8-jun 14-jun 20-jun 26-jun 2-jul 8-jul 14-jul 20-jul 26-jul 1-aug 7-aug 13-aug 19-aug 25-aug 31-aug 6-sep 12-sep 18-sep 24-sep 30-sep 6-okt 12-okt 18-okt 24-okt 30-okt 5-nov 11-nov 17-nov 23-nov 29-nov

0

Tot 1 december zijn bij 116.123 mensen een test afgenomen in de teststraten van GGD Kennemerland (exclusief wat thuis is bemonsterd of door zorginstellingen zelf is getest). Asymptomatisch testen op Schiphol Onder politieke druk heeft GGD Kennemerland, onder stoom en kokend water, op 13 augustus 2020, bij wijze van pilot een teststraat op Schiphol geopend om reizigers zonder klachten (asymptomatisch) uit risicogebieden gratis en vrijwillig een test aan te bieden. Met hulp van Defensie is de teststraat neergezet. RIVM deed onderzoek naar het effect van dit asymptomatisch testen. Gelet op de schaarste aan lab capaciteit is deze teststraat op 12 september gesloten, om de testcapaciteit beschikbaar te stellen voor mensen mét klachten.

Aantal testen afgenomen op testlocatie GGD Kennemerland Schiphol centrum, per dag (voor de periode waarin de testlocatie actief was) (bron: CoronIT) 1200 1000 800 600 400 200

In de periode van 13-8 tot en met 11-9 zijn 17.332 reizigers asymptomatisch getest.

17

11-sep

9-sep

10-sep

8-sep

7-sep

6-sep

5-sep

4-sep

3-sep

2-sep

1-sep

31-aug

30-aug

29-aug

28-aug

27-aug

26-aug

25-aug

24-aug

23-aug

22-aug

21-aug

20-aug

19-aug

18-aug

17-aug

16-aug

15-aug

14-aug

13-aug

0

Positieve testuitslag naar huisarts In het belang van goede patiëntenzorg heeft GGD Kennemerland het administratieve proces ingeregeld om de huisartsen te informeren over de positieve testuitslag van hun patiënten, vooruitlopend op landelijke eenduidige afspraken hierover. Hoewel hier vanuit de regio Kennemerland sterk op is aangedrongen is het nog niet gelukt om te komen tot een geautomatiseerde verwerking van gegevens. 5.2.2.Traceren: bron- en contactopsporing Het doel van contactonderzoek is om contacten van een COVID-19-patiënt te identificeren, hen te informeren en hen te wijzen op maatregelen om verdere verspreiding te voorkomen. GGD Kennemerland heeft het beleid van het RIVM op dit gebied steeds gevolgd. Begin juli was sprake van een beheersbare situatie en kon het BCO volledig worden uitgevoerd, dat wil zeggen dat alle contacten persoonlijk konden worden benaderd. In de zomer kwamen er niet veel positieve meldingen binnen. Na half augustus groeide het aantal besmettingen en werd het werk voor het bron- en contactonderzoek lastiger, het werd drukker en niet iedereen voelde de urgentie van medewerking aan het onderzoek. De groei van meldingen viel ook nog eens in een periode waarin nog veel medewerkers zelf verlof hadden.

In de media kwam het BCO onder een vergrootglas te liggen, en de minister heeft GGD’en de opdracht gegeven met inzet van extra middelen versneld op te schalen. In augustus was sprake van circa 20 meldingen per dag. Begin oktober zat dit aantal op 150-200 per dag en eind oktober op 300 meldingen per dag. Dat aantal is in november weer gedaald, om vervolgens weer te stijgen. Net als andere GGD’en was er noodzaak om bij oplopende aantallen meldingen tijdelijk over te gaan op risicogestuurd bron- en contactonderzoek, waarbij geïnfecteerde patiënten deels ook zelf hun contacten dienden te informeren over de situatie. 5.2.3 Advisering, technische hygiënezorg, infectieziekte preventie Indien bij bedrijven, scholen en dergelijke clusters van besmettingen waren te zien, werd vaak de Deskundige Infectiepreventie van de GGD of adviseurs van de afdeling Technische Hygiënezorg ingezet om de organisaties van advies te dienen. Samen met de instelling werd gekeken het risico op verspreiding van het virus beter voorkomen kon worden. Ziekenhuizen en grote zorginstellingen beschikken vaak zelf over een Deskundige Infectieziektepreventie, met wie door de GGD contact werd gezocht om samen te kijken naar de beste aanpak. Daarnaast diverse bedrijven (supermarkten, sportverenigingen, kinderopvangorganisaties, campings, cateringservice e.d.) bezocht en/of van advies gediend.

Tevens is veel aandacht gegeven aan de noodopvang in Bennebroek en de ingerichte opvang van daklozen in de Beijneshal. Bovendien is een bijdrage geleverd door het geven van voorlichting over het virus, het inrichten van isolatie en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. 5.2.4 Opvang Op het moment dat het coronavirus internationaal een rol ging spelen, is met het oog op de port of entry-functie van de regio (Schiphol en de haven van IJmuiden), direct aandacht besteed aan de vraag of alle noodzakelijke voorbereidingen op de uitbraak van een epidemie getroffen waren. De regio had op dat moment nog niet de beschikking over een quarantainevoorziening conform de richtlijn van het RIVM. Als tijdelijke voorziening zijn eerst units op het terrein van de brandweer in Hoofddorp geplaatst. In het voorjaar heeft de GGD/VRK een opvanglocatie ingericht in Bennebroek. Deze dient voor het opvangen en isoleren van mensen met Covid-19, waar op geen enkele andere manier in opvang voor kan worden voorzien. Er is tot 1 december beperkt gebruik van gemaakt, omdat er meestal andere voorzieningen beschikbaar waren. 18

5.2.5 Publieksvoorlichting (algemeen, klantcontactcentrum) Voor Kennemerland begon de intensieve betrokkenheid van Communicatie met een eerste persvraag op 8 februari over een reizigster die met coronaklachten vanuit Hong Kong naar Nederland wilde vliegen. Vanaf dat moment heeft de informatievoorziening een grote vlucht genomen. Weliswaar is veel informatie over het virus, de crisis, de maatregelen etcetera landelijk gecommuniceerd, maar GGD Kennemerland heeft zelf ook geïnvesteerd in publieksvoorlichting via o.a. social media, de website. Daarnaast is al heel snel na de start van de crisis een callcenter ingericht (later uitgebouwd tot klantcontactcentrum). GGD, gemeenten en partners (VWS, RIVM, GGD GHOR NL en zorgorganisaties) hebben op communicatief vlak regionaal en landelijk niveau samengewerkt. Dagelijks zijn websites ververst, social media berichten gedeeld, is er webcare, en zijn er actieve en passieve perscontacten. Veel aandacht is uitgegaan naar geven van goede informatie over de basis gezondheidsadviezen, het testen en het maken van een afspraak daarvoor, de betekenis van bron- en contactonderzoek, vliegtuigcontactonderzoek, de (uitbreiding) van teststraten, XL-teststraat, tips voor rond de feestdagen.

Er zijn interviews gegeven of gearrangeerd, de minister is op bezoek geweest, pers werd uitgenodigd achter de schermen een kijkje te nemen, en er zijn periodiek columns verschenen van de DPG in huis-aan-huisbladen in de regio. Naast het geven van basisinformatie, heeft de actualiteit in hoge mate de inhoud van de boodschappen bepaald. Ging het niet over de opvang van een gestrande reiziger, het gebrek aan laboratoriumcapaciteit, het asymptomatisch testen op Schiphol, dan wel ging het over drukke stranden of het eindigen van illegale feesten. Het callcenter voorzag inwoners van juiste en gefundeerde informatie over het virus en de ziekte en bood een luisterend oor en psychosociale ondersteuning. Hoewel veel informatie terug te vinden was op de websites van het RIVM en de Rijksoverheid, Rode Kruis en dergelijke, bleek dat mensen behoefte hadden om die ene vraag te stellen die voor hen actueel is, in hún situatie. Ze belden daarvoor hun lokale GGD, dicht bij huis. Door zowel gemeenten als GGD is ook samen een breed palet aan communicatiemiddelen ingezet om aandacht te vragen voor de maatregelen en om organisaties te vragen mee te helpen het virus onder controle te houden. Zo werden medewerkers van het bron- en contactonderzoek, zelf ook meestal studenten, ingezet om voorlichting te geven op middelbare scholen en MBO’s in de regio.

Voorlichting door leeftijdsgenoten bleek goed te helpen bij het overbrengen van de boodschap. Speciale aandacht is er in de communicatie geweest voor kwetsbare ouderen die thuiszorg ontvangen. Er is speciaal een infographic gemaakt, die in begrijpelijke taal informatie en praktische handelingsperspectieven bevat hoe om gaan met corona. Vanuit het land was veel belangstelling voor deze communicatie-aanpak. GGD Kennemerland is verder, samen met een aantal gemeenten in de regio, gestart met de campagne “Ik hou afstand van jou” gestart. 50 procent van de besmettingen ontstaat thuis en 18 % van de besmettingen komt door het ontvangen van bezoek thuis. Doel is met duidelijke boodschappen het aantal besmettingen achter de voordeur terug te dringen.

19

Via de Facebookpagina’s ‘Eritreeërs Gezond’, ‘Syriërs Gezond’ en ‘Farsi Gezond’, communiceert de GGD Kennemerland samen met vrijwilligers met statushouders uit deze gebiedsdelen over gezondheid in het algemeen en corona in het bijzonder. De mensen achter deze facebookpagina’s zijn een ware vraagbaak geworden voor statushouders én huisartsen. Er is behoefte aan veel praktische informatie. Het initiatief ‘Gezond in Nederland voorziet in de behoefte. Vliegtuigcontactonderzoek (VCO) Met BCO te vergelijken is het vliegtuigcontactonderzoek. In geval van een positieve testuitslag bij iemand die in de besmettelijke periode heeft gevlogen, worden andere passagiers geïnformeerd over het risico dat zij mogelijk gelopen hebben. Met het toenemen van het internationale vliegverkeer, is dit proces in juli opgestart. GGD Kennemerland heeft van allerlei samenwerkingspartners zoals de ANWB hulp gekregen om de capaciteit op orde te brengen. Vanaf november heeft GGD Kennemerland deze taak voor alle GGD’en met een luchthaven overgenomen, omdat de GGDorganisatie zowel qua capaciteit en alsook expertise toegerust is om deze bijzondere taak goed uit te voeren voor alle regio’s. Vaccinaties voorbereiden Het doel van het kabinetsbeleid is om de gehele Nederlandse bevolking (18 jaar en ouder) een werkzaam COVID-19-vaccin te kunnen aanbieden.

Op dit moment is bekend dat op 8 januari 2021 gestart gaat worden met de eerste fase van de vaccinatiecampagne. De eerste groep te vaccineren personen bestaat uit de medewerkers van de verpleeghuizen, gehandicaptenzorg, wijkverpleging en WMO-ondersteuning (thuiszorg). Na een zogeheten ‘dry run’ in de regio’s Hart voor Brabant, Rotterdam en Utrecht, volgen op 18 januari de overige regio’s, zodat er op 25 locaties in het land gevaccineerd gaat worden. Het eerste vaccin dat beschikbaar komt is van Pfizer. Er zijn twee prikken nodig en tussen de twee inentingen zit drie weken. Er wordt 7 dagen per week gevaccineerd. Door ruime openingstijden te hanteren kunnen de vaccinaties goed worden gespreid, zodat zorgmedewerkers niet te veel tegelijk uit het werk worden gehaald en daarmee de continuïteit van de zorg onder druk komt te staan. Er komen voor Nederland 507.000 vaccins beschikbaar. Aangezien er twee vaccins voor elke zorgmedewerker nodig zijn, kunnen in deze fase dus ongeveer 250.000 mensen worden gevaccineerd. De verdeling van vaccins over het land vindt plaats op basis van inwonertal en voor Kennemerland betekent dit dat circa 14.000 vaccins beschikbaar komen (338 per/dag). De GGD is volop bezig met de voorbereiding. Er dient een locatie worden ingericht met alles wat daarbij komt kijken (planning personeel, instructie e.d.).

Expertteam Corona De directeur Publieke Gezondheid is verantwoordelijk voor de advisering van het bestuur. Het bestuur heeft geregeld gevraagd daarbij zoveel mogelijk expertises op de achtergrond in te zetten. Daarom is ter ondersteuning een expertteam corona ingericht. Dat bestaat uit o.a. een psychiater, specialist ouderengeneeskunde, gedragswetenschapper, arts infectieziektebestrijding, vertegenwoordiger van cliënten, vertegenwoordiger van het laboratorium, en een huisarts. Het expertteam adviseert over sociaal-medische en gedragsaspecten in de aanpak van deze crisis. Bijvoorbeeld speciale aandacht voor kwetsbare doelgroepen, gericht communicatie, het doorgeven van de testuitslag aan huisartsen, de zorgen om zorgcontinuïteit etc. Het team is vanaf eind augustus wekelijks bijeengekomen.

20

Betrokken medewerkers en nazorg Het personeel van de VRK is breed ingezet bij de crisis: medewerkers van de jeugdgezondheidszorg zijn ingezet bij de teststraat en het bron- en contactonderzoek, crisisfunctionarissen zijn actief geweest. De brandweer heeft het logistieke proces voor de teststraat voor haar rekening genomen en personeel van de brandweer wordt ingezet bij de entryscreening op Schiphol. Daarnaast is personeel van de Ambulancezorg tijdelijk ingezet op de IC afdelingen van ziekenhuizen en werd uit alle hoeken van de organisatie personeel ingezet voor het callcenter GGD. Facilitaire zaken was actief betrokken bij de opvanglocaties. Vastgesteld kan worden dat medewerkers zich uiterst flexibel hebben opgesteld, en iedereen op zijn of haar manier heeft bijgedragen aan de aanpak in Kennemerland. En daarbij moesten veel taken onverminderd of anders worden voortgezet. Het feit dat in het verleden de keuze is gemaakt voor een robuuste hulpverleningsdienst, waarin diverse disciplines zijn belegd, heeft zich in positieve zin uitbetaald. Medewerkers uit de verschillende taakonderdelen kennen elkaar, spreken dezelfde taal en zijn gewend met elkaar samen te werken. De VRK heeft eigen medewerkers ingezet voor nazorg aan collega’s. Vanaf maart jl. zijn tien medewerkers vanuit het cluster Maatschappelijke Zorg gestart met belrondes voor ‘ontladingsgesprekken’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=e7cf652a-fa79-4469-9d60-af9c983c4edc