CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - voorstel MRA-transitiecommissie.pdf

Raadsvergadering 29 april 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Reactie op voorstel Transitiecommissie Metropoolregio Amsterdam5.053 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Retouradres: Strawinskylaan 1779, 1077 XX Amsterdam

Datum

9 maart 2021

Behandeld door

Remco Rienties, 06 – 20002447, r.rienties@metropoolregioamsterdam.nl

Onderwerp

Voorstel voor de versteviging van de MRA samenwerking

Geachte raads- en Statenleden en bestuurders in de Metropoolregio Amsterdam, Met groot genoegen sturen wij u het voorstel voor de versterking van onze samenwerking in de Metropoolregio Amsterdam. Een voorstel waarmee wij hopen onze regionale samenwerking meer vanuit gedeelde inhoudelijke ambities en gezamenlijke kracht te kunnen besturen. Een metropoolregio van grote klasse. Dit voorstel is het resultaat van intensieve voorbereiding door de transitiecommissie en overleg tussen de transitiecommissie en de regiegroep. Aanleiding voor het voorstel is de evaluatie uit 2019, de scenariobijeenkomsten die met Ben Verwaayen zijn doorlopen, en een reeks informele gesprekken met bijvoorbeeld vertegenwoordigers van de platforms en partners uit de Amsterdam Economic Board. Na verwerking van alle input hebben de leden van de Regiegroep na een extra bijeenkomst en een schriftelijke ronde de gelegenheid genomen om het voorstel van de transitiecommissie verder aan te scherpen. Eerder hebben wij u over dit proces om te komen tot een voorstel in de brief van 12 januari jl. geïnfomeerd. De transitiecommissie heeft haar best gedaan zorgvuldige formuleringen te kiezen en daarmee recht te doen aan de opvattingen en belangen van de verschillende gesprekspartners.

Uiteindelijk hebben wij keuzes gemaakt waarvan wij veronderstellen dat die zo veel mogelijk aan de wensen van alle MRA-deelnemers tegemoet komen. Voor ons staan draagvlak en transparantie, maar ook daadkracht en resultaatgerichtheid voorop.

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Het is een voorstel om te komen tot een nieuwe sterke Metropoolregio Amsterdam met een sterke democratische controle. Dit voorstel is niet het eind van een traject, maar de start. Het vraagt nog om nadere uitwerking; hier gaan we als transitiecommissie de komende maanden enthousiast mee verder. De komende periode wordt dit voorstel uitgewerkt in Samenwerkinsgafspraken. Voordat we als transitiecommissie deze Samenwerkingsafspraken opstellen vinden we het van groot belang om van alle deelnemers, juist ook van raads- en Statenleden, te horen wat men van het voorstel vindt. We verzoeken de college dan ook om over het voorstel met de raads- of Statenleden het gesprek te voeren in de komende consultatieperiode. We nemen u graag verder mee in het proces van consultatie, Samenwerkingsafspraken en vaststelling, zoals we dat gezamenlijk de komende maanden gaan doorlopen. Dit proces ziet er tot na de zomer als volgt uit: Tot 5 mei 2021 - Consultatie Het voorstel van de transitiecommissie ligt vanaf heden ter bespreking bij alle colleges, raden en Staten.  

U wordt verzocht zich uit te spreken over het voorstel. De reacties kunnen tot 5 mei 2021 worden ingediend. Tevens wordt u vriendelijk verzocht met uw planninng voor de komende maanden rekening te houden met een moment van definitieve goedkeuring van de nog op te stellen Samenwerkingsafspraken. In de komende week benadert de MRA directie uw bestuursadviseurs met de vraag of er behoefte is aan ondersteuning in het door u te doorlopen traject.

Tijdens deze periode is het mogelijk om gebruik te maken van:  Deelregionale (digitale) bijeenkomsten over het voorstel voor raads- en Statenleden met de voorzitter van de MRA en andere leden van de transitiecommissie. U wordt hierover op korte termijn nader geïnfomeerd.  Leden van de transitiecommissie, die op verzoek van colleges, raden of Staten het voorstel kunnen toelichten.  Een op de MRA-website te vinden Q&A over het voorstel en het proces. Uiterlijk medio mei 2021 - Transistiecommissie De commissie bespreekt alle inbreng van colleges, raden en Staten, en verwerkt deze tot het definitieve voorstel voor de Samenwerkingsafspraken.

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Uiterlijk 21 mei 2021 – Extra regiegroep De regiegroep behandelt het voorstel voor de Samenwerkingsafspraken en stelt deze in concept vast. Direct daarna geeft de Regiegroep het voorstel voor de Samenwerkingsafspraken vrij ter behandeling en ter goedkeuring door de colleges, raden en Staten. Tot eind juni - Periode goedkeuring van Samenwerkingsafspraken door colleges, raden en Staten We vragen de colleges, raden en Staten vóór eind juni een bespreking en (zo mogelijk) vaststelling van de Samenwerkingsafspraken in te plannen. Eind juni - Extra Regiegroep De Regiegroep neemt alle reacties op het verzoek van goedkeuring door colleges, raden en Staten in ontvangst en meldt daarna de formele bekrachtiging van de Samenwerkingsafspraken aan alle deelnemers. Na de zomer  De eerste bijeenkomst van de nieuwe MRA raadtafel wordt in september gepland. Dan wordt de nieuwe MRA raadtafel verder geconcretiseerd. Voorbereidingen voor deze eerste bijeenkomst worden direct na medio juni gestart en ondersteund door de MRA directie.  Op een feestelijke (en inhoudelijk interessante) wijze wordt aandacht besteed aan het door alle deelnemers ondertekenen van de nieuwe afspraken. De exacte vorm hiervan hangt af van wat er dan, gegeven Corona, mogelijk is. Aan de basis van een goede samenwerking ligt vertrouwen en elkaar kennen.

We beseffen dat elkaar ontmoeten en elkaar spreken hiervoor ontzettend belangrijk is. Juist in de huidige tijd is dit lastig. Door de maatregelen die tot op de dag van vandaag nodig zijn om het coronavirus te bestrijden, treffen we elkaar inmiddels al bijna een jaar vrijwel uitsluitend digitaal. Dat bemoeilijkt ons aller werk, maar maakt het niet onmogelijk. Uiteraard hopen we dat in de loop van het jaar steeds meer mogelijk wordt, en dat we elkaar ook fysiek weer gaan ontmoeten. We sluiten als transitiecommissie graag aan bij bijeenkomsten die u (al dan niet deelregionaal) organiseert om het voorstel te bespreken, zodat we waar nodig kunnen toelichten welke keuzes we hebben gemaakt en waarom we die hebben gemaakt. Digitaal zolang dat moet, fysiek zodra het weer veilig kan.

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

Tot slot treft u bij als bijlage het persbericht dat gelijktijdig met deze mail naar de media is verzonden. Met vriendelijke groet, De leden van de transitiecommissie, Arthur van Dijk Femke Halsema (voorzitter) Thijs Kroese Gerard Kuipers Leen Verbeek Franc Weerwind Emiel Reiding (secretaris)

Bijlagen:  Voorstel  Persbericht

Strawinskylaan 1779 (WTC, I-toren)

info@metropoolregioamsterdam.nl

1077 XX Amsterdam

www.metropoolregioamsterdam.nl

I De noodzaak van de Metropoolregio Amsterdam

5

10

15

20

25

30

35

Groot Amsterdam is een gebied tussen twee kusten. Je vindt er badplaatsen, parken, veenweidegebieden, recreatieterreinen, zeehavens, historische steden en in het hart ligt een luchthaven. Dat alles wordt omzoomd door suburbane woonmilieus en bedrijventerreinen. Dichte infrastructuur maakt de verbinding tussen al deze plekken mogelijk. Hoewel deze metropoolregio relatief beperkt van omvang is, is het gebied gevarieerd door verschillende landschappen, door de zichtbare geschiedenis, de verschillende woonmilieus, en het contrast tussen dorpse rust en stedelijke drukte. Dat geeft het karakter. De strategische ligging in West-Europa, op een internetknooppunt, aan de Noordzee en goed ontsloten, doet de rest. Dit citaat is afkomstig uit het boek ‘Groot Amsterdam. Metropool in ontwikkeling’ van Theo Baart en schetst de onvermijdelijke en historische verandering van het gebied dat wij samen bewonen en besturen. Dat is in de eerste plaats een economische en maatschappelijke ontwikkeling. Bedrijven als Schiphol en Tata Steel, net als de havens, spannen onzichtbare draden door de gehele regio in werkgelegenheid en economische groei. Met de toename van de internationale handel, de vestiging van internationale bedrijven en de snelle groei van het toerisme, is de regio een pleisterplaats geworden voor expats en internationale bezoekers.

De metropool dijt uit en verstedelijkt, van de IJmond tot en met Lelystad, van Zaanstreek-Waterland tot Amstelland-Meerlanden. Amstelveen wordt meer grootstedelijk en Zaanstad kruipt dichter bij Amsterdam. Plaatsen als Almere, Purmerend, Hoofddorp en Uithoorn verstedelijken verder, niet in de laatste plaats omdat ze plek bieden aan de middengroepen voor wie het wonen in Amsterdam onbetaalbaar wordt. Tegelijk neemt ook de dagelijkse pendel van woon- en werkverkeer toe waardoor wegen en openbaar vervoer intensiever worden gebruikt. Met de groei van het inwonertal, het economische en sociale verkeer, is er grote druk ontstaan op de historische oude kernen, op het landschap en de recreatiegebieden. De wording van een werkelijke metropool is daarmee de afgelopen jaren ook onvermijdelijk een groot bestuurlijk vraagstuk geworden. Voor de keuze voor een nieuw ziekenhuis, een nieuwe hogeschool, de vestigingsplek van een nieuw internationaal bedrijf, de nieuwe huizen en bedrijventerreinen, de aanleg van nieuwe wegen en openbaar vervoersverbindingen, moet

40

aanhoudend overleg plaatsvinden tussen gemeenten (en provincies) en wordt vergaderd in wisselende samenwerkingsverbanden: in de Vervoerregio, in portefeuille-overleggen van bestuurders en tijdens thematische platformbijeenkomsten. In de Amsterdam Economic Board hebben de grote bedrijven en kennisinstellingen zich verzameld om de regio van advies te dienen. Bestuurlijk verenigt de regio zich in de MRA, een soms actief, soms minder actief samenwerkingsverband en overlegorgaan.

45

50

55

60

65

70

In een door de regiegroep van de MRA gevraagde onafhankelijke evaluatie uit 2019 wordt onder de veelzeggende titel Meer richting en resultaat geoordeeld dat de bestuurlijke samenwerking in de regio tekortschiet. Deze is versplinterd en fragmentarisch, het mankeert aan eigenaarschap, leiderschap en daadkracht, waardoor de metropolitane ontwikkeling onvoldoende wordt gestuurd en begeleid. De noodzaak van eendrachtige en sterke regionale sturing is groot, en sinds het uitbreken van de coronapandemie in 2020 enkel groter geworden: 1. In de wereldwijde en Europese economische (en bestuurlijke) ontwikkeling spelen regio’s een steeds belangrijkere rol. In de slag om de vestiging van bedrijven, de toekenning van Europese gelden en in de nationale besluitvorming over bijvoorbeeld grote woningbouwprojecten, nieuwe openbaarvervoersverbindingen, energie- en klimaatmaatregelen en investeringen in natuur en landschap wordt sterker gekeken naar de betekenis ervan voor de regio, dan naar de bijdrage ervan voor de verschillende gemeenten en provincies die er deel van uitmaken; 2.

Met het gegroeide inwonertal, de hausse aan toeristen en het toenemend aantal vervoersbewegingen staat de leefbaarheid van de regio onder druk:  (Inter)nationale vraagstukken ten aanzien van energietransitie, klimaatverandering, verduurzaming van de mobiliteit en voortgaande verstedelijking dienen pregnant beantwoord te worden in de metropoolregio. De dubbele opgave om de kwaliteit van leven van de inwoners te bewaren en te versterken en tegelijkertijd de druk op onze natuurlijke omgeving en ons landschap te verminderen, is per definitie een bovenlokale, regionale aangelegenheid.

75

80

85

3. 90

95

100

105

110

Onze regio heeft daarbij in toenemende mate te maken met een ‘waterbedeffect’ waarbij het polycentrisch evenwicht onder druk komt te staan. Ondanks de bouw van duizenden woningen neemt bijvoorbeeld het aandeel betaalbare woningen in de hele metropool af. In de MRA neemt de segregatie tussen de rijke en arme delen en tussen de kansrijke en kansarme inwoners toe. Mensen met een laag en middeninkomen vertrekken uit Amsterdam omdat zij geen betaalbare woning kunnen vinden. Zij verhuizen naar bijvoorbeeld Hoofddorp, Almere of Purmerend. Ook in andere stedelijke kernen zoals bijvoorbeeld Zaanstad, verdiept de ongelijkheid zich. Juist de evenwichtige opbouw die de regio van oudsher heeft bepaalt in sterke mate het welzijn van haar inwoners en de (internationale) aantrekkingskracht voor bedrijven en bezoekers. De coronapandemie trekt diepe sporen in de metropoolregio. De afgelopen jaren kende de regio de snelste economische en werkgelegenheidsgroei, met de komst van corona is dit omgedraaid in de grootste krimp. Het grote aandeel van economische sectoren zoals toerisme, cultuur, horeca, uitzendbureaus, groothandel en detailhandel in de groei van de afgelopen jaren, blijkt tijdens een pandemie de achilleshiel.

Er is een realistische verwachting dat de regionale economie zich na corona snel herstelt, tegelijkertijd is er noodzaak tot herijking om onze economische veerkracht aanzienlijk te vergroten.

Met de economische, duurzaamheids- en maatschappelijke opgaven waarvoor de metropoolregio staat doemt er ook onmiddellijk een groot bestuurlijk dilemma op. Ons bestuursstelsel kent geen regionaal bestuur naast de (nationale, provinciale en lokale) democratisch gelegitimeerde bestuurslagen, noch bestaat er in de metropoolregio op dit moment de wens om die in het leven te roepen. De aanbeveling in de evaluatie van 2019 (waar een groot aantal lokale en provinciale bestuurders voor zijn geïnterviewd) om de MRA meer doorzettingsmacht en -kracht te geven verhoudt zich slecht tot de eis van democratische verantwoording en transparantie. Anders gezegd, er is behoefte aan sterke regionale sturing maar er is tegelijkertijd weerzin tegen een regionaal orgaan dat zich macht en positie toe-eigent zonder dat het geworteld is in de lokale en provinciale democratie. De wording van een

115

polycentrische metropool vraagt met andere woorden om een evenwichtige ontwikkeling en spreiding van verantwoordelijkheid, om gezamenlijke moed en solidariteit, en onderling bestuurlijk vertrouwen. Samenwerking is vrijwillig maar kan niet vrijblijvend zijn als de metropool voor de eigen inwoners, in Nederland en in internationale vergelijkingen succesvol wil zijn.

II Nieuwe ambitie: een metropool van grote klasse 120 In vervolg op de evaluatie heeft de regiegroep strateeg Ben Verwaayen gevraagd om te helpen een toekomstperspectief voor de metropoolregio te schetsen. Als tweede is hem de vraag voorgelegd hoe de metropoolregio beter kan samenwerken en bestuurlijk effectiever wordt. 125

130

Op basis van scenario’s zijn 32 burgemeesters en 2 Commissarissen door Verwaayen bevraagd over hun toekomstbeeld van de regio. Zij bleken opvallend gelijkgestemd. Vrijwel niemand denkt dat in de regio alles bij het oude kan blijven, even weinig bestuurders denken dat de metropool zich moet toeleggen op maximale economische competitie met andere Europese regio’s. Er is grote waardering voor de historische wording, de grote variatie in stedelijke kernen en landschappelijke schoonheid, de brede welvaart en de spreiding van maatschappelijke kansen, en men beschouwt nabijheid en menselijke maat als een grote kracht.

135

140

145

Dit leidt tot een gezamenlijk gedragen keuze voor de ontwikkeling van de regio tot ‘een metropool van grote klasse’. Dit betekent dat creativiteit, nieuwsgierigheid, internationale openheid en ondernemingszin dragende beginselen zijn bij verdere regionale ontwikkelingen. In de internationale vergelijkingen moet de metropoolregio zich niet in de eerste plaats onderscheiden door zijn rijkdom en economisch groeipotentieel maar door zijn duurzame innovatiekracht, sociale evenwicht en culturele vernieuwing. Het onderscheidend vermogen van de metropoolregio ligt niet in de kwantiteit van bulkproductie en groeicijfers maar in de kwaliteit van zijn beroepsbevolking, het potentieel van zijn jongeren, het ondernemersklimaat waarin startups en innovatie floreren en van de dagelijkse omgeving om te wonen, werken en te recreëren. De historisch gegroeide metropool die een

grote diversiteit en kwaliteit van leven kent bevat met andere woorden ook de opdracht voor de toekomst. 150

155

160

Het voorkeursscenario ‘een metropool van grote klasse’ is de afgelopen tijd op verzoek van de regiegroep van de MRA door de transitiecommissie (door ondergetekenden) geoperationaliseerd. Wat betekent dit voor onze gezamenlijke activiteiten? Waar leggen wij ons op toe en wat willen wij bereiken? Hoe presenteren wij ons in Den Haag, in Europa en internationaal? Wat maakt de regio onderscheidend, allereerst voor onze eigen inwoners en de hier al gevestigde bedrijven en instellingen, maar ook voor nieuwe (internationale) bedrijven, kennis- en kunstinstellingen en maatschappelijke organisaties die overwegen zich in onze regio te vestigen? Op basis van een rondgang langs alle deelnemers van de MRA en enkele leden van de Amsterdam Economic Board stelt de transitiecommissie voor om de ambitie ‘een metropool van grote klasse’ te operationaliseren in drie doelen:

165 1.

2.

3.

De meest inventieve regio van Europa, met de best opgeleide bevolking

Een regio voor iedereen, naar de menselijke maat

Een duurzaam verbonden regio

Creatief ondernemerschap

Tech, Data, Artificial Intelligence

Life sciences & Health

Groene innovatie et cetera

Sociaal evenwichtig

Open & divers

Hoge leefkwaliteit (wonen, landschap, cultuur)

Nabijheid van (publieke) diensten et cetera

Internationaal knooppunt

Systeemsprong haven, OV, luchtvaart, verduurzaming

Digitale hub et cetera

Deze drie doelen bouwen voort op de historische ontwikkeling van de metropoolregio (en sluiten aan bij de actielijnen van de MRA-agenda) maar

170

175

180

185

beperken ook de reikwijdte van bemoeienis door de MRA. Wat lokaal of in de deelregio’s kan, gebeurt ook daar. Door onze gedeelde ambitie te preciseren en te expliciteren vergroten we de herkenbaarheid en de onderscheidende kracht van de MRA. Op dit moment heeft de regio al een heel goede uitgangspositie. Startups, duurzame, creatieve en mediabedrijven zijn sterk vertegenwoordigd, onze internationaal erkende universiteiten en hogescholen bieden het potentieel voor verdere innovatie. De regio vormt een belangrijk internetknooppunt, waar Schiphol, de havens en internationale OV-lijnen onze fysieke, internationale verbinding garanderen. Ondanks de kleine schaal is de variatie in landschappelijkheid en woonmilieus groot en dankzij de kleine schaal zijn publieke voorzieningen (scholen, ziekenhuizen, kunst en cultuur et cetera) altijd nabij. Tegelijkertijd zijn er ernstige belemmeringen om de ambitie een metropool van grote klasse te worden, te verwezenlijken. De arbeidsproductiviteit en participatie nemen nauwelijks toe, er zijn tekorten op de arbeidsmarkt, de mobiliteit staat onder druk en de vraag naar betaalbare woningen stijgt sneller dan het aanbod waardoor de toegankelijkheid van de regio onder druk staat.

In energietransitie, klimaatadaptatie en de omvorming tot een circulaire economie liggen grote kansen voor innovatie en nieuwe welvaart maar deze vergen ook grote aanpassingen van inwoners en overheden.

190

III Nieuwe samenwerking: sterke MRA, sterke democratische controle 195

200

The proof of the pudding is in the eating. De MRA wordt niet morgen opgericht maar bestaat al geruime tijd en functioneert soms beter en soms minder. Er zijn bestuurlijke platforms en portefeuillehouders die elkaar treffen, waar zaken worden gedaan op deelterreinen. Er is een MRA-agenda, een agendacommissie en een regiegroep waar afspraken worden gemaakt over de regionale samenwerking en de voortgang ervan. Uit de evaluatie van 2019 blijkt dat de informele uitwisseling van kennis en ervaring wordt gewaardeerd en er de afgelopen jaren resultaten zijn geboekt waar de MRA-deelnemers trots op zijn: de acquisitie van EMA, afspraken over bedrijventerreinen, gezamenlijke maatregelen om toeristenstromen meer te

205

210

215

220

225

230

235

spreiden, de activiteiten van de Amsterdam Economic Board, verbeteringen in infrastructuur en OV et cetera. Maar er wordt ook geklaagd over bestuurlijke drukte, papierstromen en overleggen die nergens toe leiden. Belangrijker dan dat is dat koers, visie, richting en eendracht worden gemist. Hier doemt het grote bestuurlijke dilemma opnieuw op. De MRA is geen officieel bestuurlijk, democratisch gelegitimeerd orgaan. De besluiten over bijvoorbeeld de begroting en de MRA-agenda liggen (vanzelfsprekend) onverkort bij de Raden en Staten. Deze hebben hun democratische bevoegdheden en beslissingsmacht en bepalen daarmee ook de kaders voor het handelen in de MRA. De MRA is een samenwerkingsverband, opgebouwd vanuit de deelregio’s, dat zijn legitimatie ontleent aan gedeeld enthousiasme, gelijkgestemdheid over de toekomst van de regio, overtuigingskracht en onderling vertrouwen. De gesprekspartners in de evaluatie van 2019 en de scenariobijeenkomsten van Verwaayen spreken ook de hoop en de verwachting uit dat de MRA de komende jaren leiding geeft aan de ontwikkeling van de regio, macht en kracht verzamelt en van grotere betekenis wordt.

Hoe, met andere woorden, ervoor te zorgen dat de MRA betekenisvol wordt voor zijn inwoners, voor de nationale overheid, in Europa en in internationale overleggen en tegelijkertijd de Raden en de Staten zich betrokken en erkend weten in (de aanloop naar) de besluitvorming. Dat vereist vereenvoudiging van het overleg binnen de MRA tot een overzichtelijk aantal organen met een duidelijke positie en opdracht. De bestuurlijke drukte dient verminderd te worden, overleggen moeten heldere besluitvorming dienen en deze dienen bijtijds te kunnen worden voorgelegd aan, en gecontroleerd door Raden en Staten. Tegelijkertijd dient de positie van onze partners beter te worden verankerd in de samenwerking: bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties dienen hun weg gemakkelijk te vinden naar het bestuur van de MRA. Daarvoor versterken we ook de samenwerking met de Amsterdam Economic Board.

Daartoe zijn de volgende richtinggevende principes voor samenwerking geformuleerd:

240

245

* De basis voor de samenwerking in de MRA ligt in de zeven deelregio’s. Zonder sterke deelregio’s geen sterke MRA. In de MRA-platforms en de portefeuillehoudersoverleggen zijn de deelregio’s vertegenwoordigd. Dit vereist ambtelijke en bestuurlijke afstemming en overleg met de Raden in de deelregio’s. Op welke wijze men daaraan invulling geeft wordt in de deelregio’s zelf besloten, waarbij de provincies indien gewenst een actieve, stimulerende rol vervullen. Vanuit de deelregio’s zijn er ook belangrijke relaties met gebieden buiten de MRA (zoals Noord-Holland-Noord, regio’s rond Utrecht, Zwolle en Leiden). * De inhoud staat voorop. Omdat sturing vanuit de MRA steunt op vertrouwen en overtuiging en niet op hiërarchie, committeren de leden zich aan de gedeelde ambitie en doelen;

250

255

260

265

* Draagvlak is onmisbaar aangezien de cruciale besluiten alleen door de democratische organen kunnen worden genomen. Dit betekent geregelde afstemming met deelregio’s, tijdige openbaarmaking van agenda’s, stukken en verslagen via de MRA-website. * In de beperking toont zich de meester. Lang niet alle opgaven lenen zich voor het schaalniveau van de MRA. De MRA is geen rupsje nooit genoeg dat alle regionale kwesties naar zich toetrekt: de activiteiten en voorstellen dienen de centrale ambitie en drie bijbehorende doelen. * De MRA heeft een interne en een externe functie. Dat betekent als eerste de versterking van de onderlinge samenwerking in de regio door te begeesteren, bestuurders en maatschappelijke partners bijeen te brengen en draagvlak te zoeken op gewenste, grote regionale ontwikkelingen. Als tweede betekent dit het vergroten van de bekendheid, het gezag en de overtuigingskracht van de regio bij de eigen inwoners, de nationale overheid, in Europa en op internationale fora.

IV Een heldere, eenvoudige(r) organisatie 270

275

280

285

290

295

Op basis van de evaluatie uit 2019 en het advies van Verwaayen stellen wij een vereenvoudiging en verheldering voor van het samenwerkingsverband MRA. We zetten de agendacommissie en de regiegroep om naar respectievelijk een bestuur en een algemene vergadering en we professionaliseren het huidige MRA Bureau. Vanuit het principe ‘aandacht geeft kracht’ gaat de vergaderfrequentie van bestuur en algemene vergadering omhoog. En we scherpen de verantwoordingslijnen tussen het bestuur van de MRA en de democratisch gekozen organen aan. 1. Bestuur MRA Het bestuur heeft de dagelijkse leiding over de samenwerking in de MRA. Dit vervangt de agendacommissie. Het bewaakt de realisatie van de centrale ambitie, de drie inhoudelijke doelen en de inhoudelijke samenhang ertussen. Het bestuur is het gezicht naar buiten, zij coördineert de lobby in Den Haag en Brussel en zorgt dat er met één mond wordt gesproken. Het bestuur is verantwoordelijk voor het draagvlak voor de te nemen besluiten die ambtelijk worden voorbereid door de directie. In haar werk maakt het bestuur dankbaar gebruik van het werk van de bestuurlijke platforms. Voor advies gaat het bestuur te rade bij de algemene vergadering en daaraan legt zij ook verantwoording af. Alle democratisch te bekrachtigen, bestuurlijke besluiten worden voorgelegd aan de raden en staten. De leden van het bestuur opereren zonder last of ruggespraak.

Het bestuur komt maandelijks bijeen en bestaat uit: - Burgemeester Amsterdam (voorzitter) - CdK Noord-Holland - CdK Flevoland - Per bestuurlijk platform één afgevaardigde; niet zijnde de voorzitter - Directeur MRA (secretaris)

300

305

Voor de eerste samenstelling van het bestuur wordt de burgemeester van Amsterdam aangewezen als formateur. Bij de samenstelling wordt rekening gehouden met geografische verdeling van de portefeuillehouders die vanuit de platforms deel uitmaken van het bestuur. Elke portefeuillehouder zal voor één of twee deelregio’s als linking pin fungeren.

Bij toekomstige wijzigingen in de samenstelling van het bestuur is de AV aan zet. 2. De bestuurlijke platforms

310

315

320

325

330

Op dit moment kent de MRA drie platforms (Economie, Ruimte en Mobiliteit) en 4 portefeuillehoudersoverleggen (PHO’s Duurzaamheid, Wonen, Landschap en Cultuur). De platforms kennen ambtelijke overleggen (AO’s), directeurenoverleggen (DO’s) en bestuurlijke overleggen (BO’s). De platforms zorgen onder andere voor de inhoudelijke voorbereiding van de MRA-inbreng in de samenwerking met het Rijk, zoals bij de Verstedelijkingsstrategie en het MIRT. De platforms hebben een belangrijke positie in de voorbereiding en de uitvoering van de centrale ambitie en de bijbehorende doelen. Aan de platforms wordt gevraagd om bij de toekomstige indeling de drie inhoudelijke doelen te betrekken. Met de nieuwe ambitie zijn er een aantal onderwerpen die om meer bestuurlijke aandacht vragen, maar we willen ook een slanke en doelgerichte organisatie opzetten. Daarom wordt voorgesteld in de overgangsperiode (zie het slot van deze notitie) de verhouding tussen de (huidige) platforms en de PHO’s opnieuw te bezien. Onderwerpen als (groene) innovatie (energie en klimaat), sociaal evenwicht en de menselijke maat (leefbaarheid, onderwijs, arbeidsmarkt en betaalbaar wonen) rechtvaardigen meer bestuurlijke aandacht. Nu zijn er onder de vlag van de MRA zeven inhoudelijke bestuurlijke overleggen.

Ook met de eventuele toevoeging van een vierde platform is er een slimmere indeling mogelijk waarin dit aantal kan worden teruggebracht, terwijl recht wordt gedaan aan de gewenste extra aandacht voor de genoemde onderwerpen. Het toekomstige bestuur gaat daarover in de overgangsperiode het gesprek aan met de portefeuillehouders.

335

340

Elk platform stelt elk jaar, in overleg met het bestuur, een nieuwe inhoudelijke agenda op. Deze worden door het bestuur gebundeld voorgelegd aan de algemene vergadering. De platforms komen bestuurlijk 4 tot 6 keer per jaar bij elkaar. De voorzitters van de platforms worden geleverd door de beide provincies (bij vier platforms ieder 2). Een transparante keuze vooraf, waarvoor om pragmatische, niet om politieke redenen is gekozen. Indien een lid van een platform stopt als bestuurder, dan stelt de betreffende deelregio

een opvolger voor. In de MRA-platforms en de PHO’s zijn alle deelregio’s met minimaal één afgevaardigde vertegenwoordigd. 345 3. Algemene vergadering

350

355

360

De algemene vergadering (AV) is een breed overleg waarin alle MRAdeelnemers zijn vertegenwoordigd: 32 gemeenten, 2 provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Zij legitimeert de bestuurlijke prioriteiten, bekrachtigt de samenstelling van het bestuur en toetst of het bestuur handelt binnen de kaders van de begroting en de MRA Agenda (waarvan de kaders worden vastgesteld door Raden en Staten). Daarmee is de AV het centrale orgaan en bewaakt de identiteit en cultuur van de MRA. De AV vervangt de huidige regiegroep. De deelregio’s stemmen onderling af wie zij (burgemeester(s) en/of wethouder(s)) afvaardigen, dubbeling met een positie in het bestuur is uitgesloten. Het bestuur legt verantwoording af in de AV. De leden van de AV leggen verantwoording af in hun Raden en Staten. De AV komt vier keer per jaar bijeen, of vaker indien de leden dat wensen of als het bestuur daar met redenen omkleed om vraagt. De burgemeester van Almere zit de AV als kwartiermaker voor in de eerste twee jaar. De AV bepaalt daarna zelf hoe het voorzitterschap vorm te geven.

365 4. Raden en staten, én de Raadtafel

370

375

Vanzelfsprekend hebben de Raden en Staten onverkort hun eigen bevoegdheden. Zij nemen besluiten over de begroting en de MRA Agenda. Daarmee bepalen de Raden en Staten de kaders voor het handelen binnen de MRA. In de vernieuwde samenwerking worden de Raden en Staten in een eerder stadium inhoudelijk bij onderwerpen betrokken (bijvoorbeeld door digitale consultatie). Om ervoor te zorgen dat het bestuur genoeg voeling heeft met de democratische vertegenwoordiging in de MRA wordt de positie van de Raadtafel versterkt. Deze zal bestaan uit 1 raadslid per gemeente en 2 statenleden per provincie. Allereerst adviseert de Raadtafel het bestuur en de AV over het proces van besluitvorming en controle. Zij kan gevraagd en ongevraagd advies geven. Daarnaast vervult de Raadtafel ook de rol van

380

385

390

395

400

405

410

ambassadeur. Dit betekent dat de Raadtafel initiatief neemt tot het organiseren van bijeenkomsten voor Raads- en Statenleden, inhoudelijke gesprekken met experts of leden van de Amsterdam Economic Board en daarin wordt ondersteund door de MRA-directie. Als een beslissing grote gevolgen heeft, wordt de formele lijn van wensen en bedenkingen gebruikt. Die loopt via de Raden en Staten, niet via de Raadtafel. De Raadtafel kan wel gevraagd en ongevraagd adviseren deze lijn te doorlopen. De huidige Raadtafel wordt nadrukkelijk betrokken bij de invulling van de versterkte rol. 5. Directie MRA De directie stuurt op uitvoering van de MRA-agenda en de bestuurlijke afspraken over de centrale ambitie en de bijbehorende doelen. Bij het maken van afspraken heeft de directie een agenderende en initiërende rol. Daadkracht in de uitvoering koppelt de directie aan het bijdragen aan draagvlak voor de te nemen besluiten. Daarin heeft de directie een spilfunctie voor betrokken ambtenaren, bestuurders en raads- en statenleden. De directie rapporteert aan het bestuur en krijgt een aanmerkelijk sterkere positie dan het huidige secretariaat dat vooral ondersteunt. Dit betekent dat het ambtelijk apparaat wordt aangepast op basis van een op te stellen profiel voor de bezetting. Een formatie met een vaste kern van ongeveer 30 fte wordt op voorhand redelijk geacht.

In het profiel wordt aangegeven aan welke taken, projecten en programma’s de medewerkers worden gekoppeld. De deelregio’s stellen geschikte kandidaten om niet beschikbaar voor de directie MRA. Zo ontstaat een vaste kern en een flexibele schil die kan meebewegen met de vragen van het bestuur. De mensen die de deelregio’s inzetten werken nu feitelijk meestal al aan opgaven in MRA-verband. We brengen deze nu alleen organisatorisch bij elkaar. Zo hoeven er geen additionele kosten te worden gemaakt. Dit heeft het voordeel dat er een goede afspiegeling in personeel ontstaat, dat de kwaliteit van kandidaten gewaarborgd kan worden en de kosten naar draagkracht binnen de deelregio’s kunnen worden gedeeld.

415

420

425

430

435

440

V Tot slot De verandering die hier wordt voorgesteld zal niet van vandaag op morgen zijn beslag krijgen. Door de coronapandemie en de noodzaak van economisch en maatschappelijk herstel heeft versterking van de MRA wel grote urgentie. In het eerder aan Colleges, Raden en Staten toegestuurde schema is voorzien in definitieve besluitvorming over de centrale ambitie, de drie doelen en het herziene samenwerkingsverband voor de zomer van 2021. Na de consultatie op basis van de nu voorliggende notitie zal de vereenvoudigde organisatie de komende maanden verder worden uitgewerkt in een protocol dat ook voor de zomer wordt voorgelegd. Na de definitieve besluitvorming zal in ieder geval een overgangsperiode van een half jaar (tot eind 2021) nodig zijn om de nieuwe werkwijze te bestendigen. Het bestuur werkt samen met de platforms scenario’s uit hoe de centrale ambitie, de drie doelen en het reguliere werk op basis van de MRAagenda kunnen worden verbonden. Ook wordt nagegaan of de MRA-agenda 2020-2024 aanpassing en aanscherping behoeft. Vertrouwen, gedeeld enthousiasme, begrip voor elkaars wensen en zorgen, en een gezamenlijk gedragen ambitie ontstaan in ontmoeting. Jaarlijks komen we daarom met de gehele MRA bijeen om te praten over de relevante inhoudelijke onderwerpen, bij voorkeur in combinatie met de State of the Region.

We nodigen sprekers uit die de Raads- en Statenleden, bestuurders, ambtenaren en onze maatschappelijke partners inspireren en verleiden nieuwe horizonten te verkennen. Immers, alleen samen brengen wij onze metropoolregio verder. De transitiecommissie,

445

450

Arthur van Dijk Femke Halsema (voorzitter) Thijs Kroese Gerard Kuipers Leen Verbeek Franc Weerwind Emiel Reiding (secretaris)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=17f3722d-fd5d-4d17-a969-4189ce17edc4