BESLISSING OP ADMINISTRATIEF BEROEP
Tekst van het document
'Üi'
Dienst Uitvoering Onderwijs jm Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap > Retouradres Postbus 30205 2500 GE Den Haag Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag
Stichting Islamitisch Basisonderwijs Amsterdam De heer O. Abdelmalek Albardagracht 106 1067 DZ AMSTERDAM
www.duo.nl/zakelijk/oneens-metduo
Contactpersoon mw. mr. E.M. van Mil
T 06 21334999 E eefje.vanmil@duo.nl Onze referentie
BB200204/1 Uw referentie
Datum Betreft
Zaaknummer BB200204
- 3 MEI 2021 Beslissing op administratief beroep
Geacht bestuur, Bij brief van 28 januari 2020 hebt u een verzoek ingediend tot het opnemen van een islamitische basisschool in het plan van scholen voor 2021-2024 van de gemeente Velsen. Op 24 juni 2020 heeft de gemeenteraad van Velsen besloten de door u gevraagde basisschool niet op te nemen in het plan van scholen. Dit besluit is u op 8 juli 2020 toegestuurd. Hiertegen hebt u bij brief van 10 augustus 2020 administratief beroep ingesteld. Bij brief van 30 september 2020 heeft de gemeente Velsen een verweerschrift ingediend. Op 18 november 2020 heeft de hoorzitting plaatsgevonden via een videoverbinding. Van de zijde van uw stichting was de heer O. Abdelmalek aanwezig. Namens de gemeente Velsen waren de heer R. van Veen, mevrouw M. Steijn en de heer W. Kleinbruinink aanwezig. Met deze brief wordt op uw administratief beroep beslist.
N 3
Pagina 1 van 14
Besluit Ik verklaar uw administratief beroep ongegrond, omdat het niet aannemelijk is dat de door u verlangde islamitische basisschool in Velsen zal worden bezocht door het wettelijk vereiste aantal leerlingen. Gronden van uw beroep U voert aan dat de gemeente Velsen in haar overwegingen ten onrechte gebruik maakt van een deelnamepercentage van 88,7%. Het deelnamepercentage is volgens artikel 75 en artikel 76 van de Wet op het primair onderwijs (WPO), gebaseerd op modelprognoses die aan het Programma van Eisen mc-eten voldoen. Een van de uitgangspunten vooreen modelprognose is het deelnamepercentage van 95% dat eventueel verhoogd kan worden, maar niet verlaagd. Voorts merkt u op dat de gemeente artikel 78 van de WPO verkeerd lijkt toe te passen, namelijk om het deelnamepercentage vast te stellen. Dit is volgens u niet de voorgeschreven werkwijze. Ook constateert u dat de gemeente voor de toepassing van artikel 78 van de WPO algemene cijfers gebruikt, terwijl de uitstroom sterk afhankelijk is van de onderwijsrichting en het nabije aanbod van die onderwijsrichting rondom Velsen. U bent het voorts niet eens met het in mindering brengen van 13 leerlingen op het leerlingpotentieel op grond van artikel 78 van de WPO. Deze leerlingen wonen volgens u niet binnen een redelijke afstand van een andere school van dezelfde richting.
Het gaat om leerlingen die in de gemeente Haarlem reeds islamitisch basisonderwijs bezoeken. U stelt dat nu de afstand tussen Velsen en Haarlem 19 kilometer met een reistijd van 20 tot 30 minuten betreft, het begrip redelijke afstand wel erg wordt uitgerekt. U ziet het feit dat ouders hun kinderen vanuit Velsen naar Haarlem op school sturen wel als een teken dat er behoefte is aan een islamitische basisschool in Velsen, maar niet als een reden om aan te nemen dat sprake is van een redelijke afstand. Overigens voert u aan dat de nieuwe school, zelfs met toepassing van het verkeerde deelnamepercentage van 88,7%, nog steeds de stichtingsnorm behaalt, als voornoemde 13 leerlingen dan niet nogmaals van het leerlingpotentieel worden afgetrokken. Tot slot voert u aan dat, hoewel de gemeente aangeeft dat de door u gekozen vergelijkingsgemeente Bergen op Zoom niet op alle punten overeenkomt met Velsen, ook Velsen de gemeente Bergen op Zoom beschouwt als een van de mogelijke vergelijkbare gemeenten.
Pagina 2 van 14
Verweer gemeente Velsen De gemeente merkt op dat uit de Regeling modelprognose primair onderwijs 20131 (hierna: de Regeling modelprognose) voortvloeit dat een lager deelnamepercentage gehanteerd mag worden. De gemeente vindt daarvoor steun in de formulering 'in de regel' waar wordt aangeven dat 95% van de basisgeneratie daadwerkelijk basisonderwijs zal gaan volgen en dat andere gemeenten jaar op jaar een deelnamepercentage van boven de 100% hebben. Dit kan volgens de gemeente alleen tot een gemiddelde van omstreeks 95% leiden, als andere gemeenten structureel minder dan het gemiddelde aan deelname kennen. Volgensde gemeente ligt het deelnamepercentage van Velsen al jaren tussen de 86% en 89%. Het gaat daarbij volgens de gemeente om ongeveer 6% van de leerlingen (tussen de 342 en 382 leerlingen) die om uiteenlopende redenen niet in Velsen naar school gaan, maar naar scholen in de omringende gemeenten. De gemeente geeft voorts aan dat zij artikel 78 van de WPO op juiste wijze toepast en onderbouwt dit met het argument dat zij, gezien de afwijkende deelnamepercentages in Velsen van de afgelopen jaren, juist is uitgegaan van specifieke cijfers die gebaseerd zijn op de werkelijke deelnamepercentages.
Zij merkt nog op dat zij de 13 leerlingen die in Haarlem het islamitisch basisonderwijs bezoeken, niet als dubbeltelling heeft toegepast en als dit al zo zou zijn dat het ophogen van het leerlingpotentieel met 13 leerlingen niet voldoende is om het deelnamepercentage op 95% of dicht daarbij te krijgen. Voorts verwijst de gemeente over het in mindering brengen van 13 leerlingen op grond van artikel 78 van de WPO, naar de rekenmethode die u ook hebt gebruikt in de door Pronexus opgestelde leerlingprognose. Ten aanzien van de door u gestelde redelijke afstand tussen Haarlem en Velsen, voert de gemeente aan dat ouders vrije schoolkeuze hebben. Ook voert de gemeente rog aan dat u in uw prognose wel de 14 leerlingen meeneemt die van buiter Bergen op Zoom het islamitisch basisonderwijs in Bergen op Zoom bezoeken. De gemeente voert aan dat aftrek van deze leerlingen het belangstellingspercentage van de islamitische basisschool in Bergen op Zoom zou verlagen naar 4,73%. Omtrent de vergelijkbaarheid van de gemeente Bergen op Zoom met Velsen, voert de gemeente aan dat er andere gemeenten zijn, te weten Hengelo, Zeist en Heerlen, die beter vergelijkbaar zijn met Velsen dan Bergen op Zoom.
1 Regeling modelprognose primair onderwijs 2013, Stcrt. 2013, 34734
Pagina 3 van 14
De leer!ingdichtheid is in Bergen op Zoom het laagste van alle mogelijke vergelijkingsgemeenten, terwijl het aantal inwoners het dichtst bij Velsen ligt. Daarnaast is er in Zeist en Hengelo, in tegenstelling tot Bergen op Zoom, sprake van een buurgemeente waar al islamitisch basisonderwijs is. Vanuit Zeist volgen bijvoorbeeld 14 leerlingen islamitisch basisonderwijs in een andere gemeente, net als in Velsen. Ook ligt Zeist, net als Velsen, aan de rand van de Randstad. Daarmee is Zeist qua geografische eigenschappen beter vergelijkbaar met Velsen dan Bergen op Zoom. De gemeente voert in zijn algemeenheid aan dat de werkelijke leerlingaantallen van nieuwe scholen ver achterblijven bij de geprognosticeerde leerlingaantallen. De gemeente haalt als voorbeeld aan de nieuwe basisschool De Schoolwerkplaats in Velsen en de nu gesloten islamitische basisschool Elif in Heemskerk. De leerlingaantallen van die laatste school zijn tijdens de vijfjaren na de stichting nooit in de buurt gekomen van het voorspelde aantal en het belangstellingspercentage is volgens de gemeente flink achtergebleven bij de prognose, terwijl het voedingsgebied twee gemeenten besloeg, namelijk Heemskerk en Beverwijk.
Terzijde constateert de gemeente dat er in die tijd maar 7 leerlingen vanuit Velsen naar basisschool Elif zijn geweest en leidt daaruit af dat niet aannemelijk is dat ouders hun kinderen vanuit Heemskerk en Beverwijk islamitisch basisonderwijs laten bezoeken in Velsen. Hoorzitting Tijdens de hoorzitting hebt u aanvullend aangevoerd dat het raadsvoorstel de behoefte in Velsen aan islamitisch basisonderwijs niet uitsluit. Ten aanzien van de vergelijkbare gemeente voert u aan dat Bergen op Zoom als een vergelijkbare gemeente uit de bus kwam en dat het aan u als aanvrager is om de vergelijkbare gemeente te kiezen. Ten aanzien van de islamitische basisschool in Zeist merkt u op dat, nog los van het feit dat Bergen op Zoom reeds vergelijkbaar is, de basisschool daar vorig jaar pas is gestart en dat deze school is gestart met 192 leerlingen en er nu al 285 heeft. De gemeente Velsen herhaalt dat Bergen op Zoom reeds om geografische redenen niet met Velsen vergelijkbaar is. Bergen op Zoom heeft ongeveer 66.000 inwoners en grenst niet aan een grotere gemeente waar reeds islamitisch basisonderwijs is. Velsen heeft daarnaast een veel hogere leerlingdichtheid dan Bergen op Zoom, maar tevens nog geen derde van het aantal inwoners uit een islamitisch herkomstland van Bergen op Zoom.
En omdat Haarlem als grote gemeente naast Velsen ligt, verwacht de gemeente niet dat Velsen een regiofunctie zal hebben zoals Bergen op Zoom die heeft.
Pagina 4 van 14
Hoewel Velsen de gemeente Zeist het beste te vergelijken vindt met Velsen geeft de gemeente aan dat er ook is gekeken naar de andere gemeenten, bijvoorbeeld op leerlingdichtheid. U voert daartegen aan dat Bergen op Zoom en Velsen dezelfde mate van stedelijkheid hebben. Mogelijk zou Zeist beter vergelijkbaar kunnen zijn, maar daar is al veel islamitisch basisonderwijs in de omgeving en omdat leerlingen niet snel voor een kleine gemeente kiezen, zou vergelijking met die gemeente voor uw aanvraag onvoordelig zijn. Geconstateerd wordt dat het aantal moslims in Velsen veel lager is dan in Bergen op Zoom. Specifiek in de groep van 0-15 jaar is het aantal inwoners minder dan de helft van Bergen op Zoom, terwijl volgens vaste jurisprudentie toch van belang is dat de groep kinderen in de doelgroep relevant is. Op de vraag waarom Bergen op Zoom dan vergelijkbaar is met Velsen geeft u aan dat u zich niet alleen wilt focussen op kinderen die ouders hebben die zijn geboren in bepaald lijstje met herkomstlanden. U voert aan dat deze lijst steeds kleiner wordt omdat ouders tegenwoordig veelal in Nederland zijn geboren en moslims als zodanig niet worden geregistreerd. Qua oppervlakte en aantal inwoners is Velsen volgens u goed vergelijkbaar met Bergen op Zoom.
Het is voor u tevens nieuw dat de gemeente tijdens de hoorzitting aangeeft dat Bergen op Zoom niet vergelijkbaar is, omdat dit volgens u in het raadsbesluit niet als zodanig naar voren komt. De gemeente geeft aan dat de gegevens in de tabel in het raadsbesluit over de groep moslims een op een is overgenomen uit de lijst van negen landen zoals u die bij uw prognose hebt aangeleverd. Voorts betoogt de gemeente ten aanzien van het deelnamepercentage dat nergens staat dat dit alleen betrekking heeft op de uitstroom naar het speciaal onderwijs. De gemeente vindt dat het deelnamepercentage deel uitmaakt van de basisgeneratie en bevestigt desgevraagd dat, omdat de basisgeneratie fluctueert, het deelnamepercentage ook fluctueert en ieder jaar anders is. De gemeente merkt op dat in het belangstellingspercentage van Bergen op Zoom leerlingen van buiten Bergen op Zoom zijn meegenomen. De gemeente erkent dat er inderdaad in zekere zin sprake is van een dubbele mindering, als daarna de 13 leerlingen die buiten Velsen naar school gaan nog van het leerlingpotentieel worden afgetrokken en u geeft aan dat deze aftrek wel correct zou zijn als het deelnamepercentage 95% of 98% zou zijn. Aanvullend geeft u aan dat het prognosebureau zelf is uitgegaan van 98% in plaats van 95%.
Pagina 5 van 14
Achteraf hebt u begrepen dat dit niet altijd gebeurt, maar ook indien een deelnamepercentage var 95% zou worden gebruikt, zou u de stichtingsnorm halen. Ten aanzien van ce nu opgeheven basisschool Elif in Heemskerk voert u nog aan dat de geschiedenis van die school niet relevant is voor uw aanvraag. Dat deze school de stichtingsnorm niet heeft gehaald kan hebbengelegen aan de bedrijfsvoering of komen door onderbezetting. Deze zaken hebben geen betrekking op uw aanvraag.
Wettelijk kader Ingevolge artikel 74, eerste lid, van de WPO, kan de bekostiging van een bijzondere school slechts een aanvang nemen, indien zij voorkomt op een voor de gemeente van vestiging vastgesteld plan van nieuwe scholen. Ingevolge artikel 74, tweede lid, van de WPO, stelt de gemeenteraad het plan van nieuwe scholen elk jaar voor 1 augustus vast. Het plan bestrijkt drie achtereenvolgende schooljaren volgende op het jaar van de vaststelling en vermeldt in elk geval welke scholen bij de aanvang van het eerste schooljaar van de planperiode voor bekostiging in aanmerking komen en de reden waarom de overige scholen daarvoor niet in aanmerking komen. Het plan vermeldt verder van elke school de plaats van vestiging en de te verwachten omvang. Op grond van het bepaalde in artikel 76, eerste lid, van de WPO, dient een verzoek om opneming in het plan van scholen vóór 1 februari bij de gemeenteraad te worden ingediend. Het verzoek gaat krachtens artikel 75, tweede lid, WPO vergeze'd van een prognose. De prognose bevat onder meer gegevens omtrent het belangstellingspercentage.
In artikel 76, tweede lid, sub a, van de WPO, is bepaald dat, indien het verzoek betrekking heeft op een school van een richting waarvoor nog geen basisonderwijs binnen de gemeente wordt gegeven, in de prognose wordt uitgegaan van het belangstellingspercentage voor het basisonderwijs van die richting in een vergelijkbare gemeente. Ingevolge artikel 77, eerste lid, van de WPO, neemt de gemeenteraad een bijzondere school in elk geval in het plan op, indien op grond van de bij het verzoek overgelegde gegevens aannemelijk is dat de school binnen 5 jaar vanaf de datum van ingang van de bekostiging en voorts gedurende 15 jaar na die periode van 5 jaar zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de voor de gemeente geldende stichtingsnorm. De stichtngsnorm voor de gemeente Velsen is 255 leerlingen.
Pagina 6 van 14
Op grond van artikel 78 van de WPO worden bij de berekening van het-aantal leerlingen dat een openbare of een bijzondere school zal bezoeken, niet meegeteld leerlingen die wonen binnen redelijke afstand van een openbare school, onderscheidenlijk van een bijzondere school van de desbetreffende richting of richtingen en voor wie op die school plaatsruimte aanwezig is. Indien de gemeenteraad een verzoek tot opneming in het plan van scholen niet heeft ingewilligd, kan de verzoeker ex artikel 80, eerste lid, van de WPO bij de minister beroep instellen. Indien een onherroepelijk geworden beslissing van de ministe' strekt tot het voor bekostiging in aanmerking brengen van de school, neemt de gemeenteraad, ex artikel 80, tweede lid, van de WPO, de school op in het na de onherroepelijk geworden beslissing vast te stellen plan. Op 1 februari 2021 is de Wet Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen in werking getreden en zijn de bovengenoemde bepalingen vervangen door de nieuwe systematiek.
Op grond van het overgangsrecht van artikel 194e, derde lid, van de WPO (nieuw), waarin is bepaald dat op geschillen die in beroep aanhangig zijn of binnen de beroepstermijn dan wel verschoonbaar daarbuiten aanhangig worden gemaakt tegen besluiten die zijn genomen door de minister op grond van het eerste lid of op grond van titel IV, afdeling 2, en daarop berustende bepalingen zoals luidend op de dag voor de inwerkingtreding van de wet Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen, blijven de op die datum geldende rege ingen van toepassing. Overwegingen U hebt een verzoek ingediend tot het opnemen van een islamitische basisschool in het plan van scholen van de gemeente Velsen met als aanvangsdatum van de bekostiging 1 augustus 2021. Het voedingsgebied omvat de gemeente Velsen en de gewenste plaats van vestiging is IJmuiden, in de wijk Zeewijk. De gemeenteraad heeft uw verzoek afgewezen. De gemeenteraad heeft overwogen dat de door u gehanteerde gemeente Bergen op Zoom niet als best vergelijkbare gemeente kan worden aangemerkt en dat het aantal inwoners met een niet-westerse achtergrond fors verschilt. Tijdens de hoorzitting heeft de gemeente dit gespecificeerd naar: niet vergelijkbaar. Wel stelt de gemeente zich op het standpunt dat Zeist, of anders Hengelo of Heerlen, beter vergelijkbaar zijn.
De gemeenteraad acht van belang dat Bergen op Zoom een veel lagere leerlingdichtheid en ook stichtingsnorm heeft dan Velsen. Verder heeft de raad overwogen dat Bergen op Zoom geen grote, directe buurgemeente heeft en Bergen op Zoom niet aan de rand van de Randstad ligt, zoals Zeist en Velsen. Bovendien bezoeken vanuit Zeist 14 leerlingen een islamitische basisschool in een andere gemeente en uit Velsen bezoeken 13 leerlingen de islamitische basisschool in Haarlem.
Pagina 7 van 14
Ten aanzien van de prognose voert de gemeente aan dat in de prognose een te hoog deelnamepercentage wordt gehanteerd. Volgens de gemeente moet dit niet 98% zijn, maar 87,8%, gebaseerd op de constatering dat ongeveer 6% van de basisgeneratie in Velsen niet in Velsen naar school gaat, maar naar scholen in omliggende gemeenten. Daarnaast trekt de gemeente de 13 leerlingen die vanuit Velsen de islamitische basisschool in Haarlem bezoeken af na toepassing van dit lagere deelnamepercentage en belangstellingspercentage. De vraag die in geschil is, is of de gemeenteraad terecht heeft besloten uw verzoek tot opneming in het plan van scholen van een islamitische basisschool af te wijzen. Hierover merk ik het volgende op. De stichtingsnorm in Velsen bedraagt 255. Uit de door u ingediende prognose volgt dat u tussen de 277 leerlingen in 2026 en 287 leerlingen in 2040 verwacht op de door u verlangde school. Allereerst moet de vraag worden beantwoord of de gemeenteraad op goede gronden heeft geoordeeld dat de gemeente Bergen op Zoom geen vergelijkbare gemeente is in de zin van artikel 76, tweede lid, onder a, van de WPO.
In het raadbesluit en het verweerschrift heeft de gemeente er vooral de nadruk op gelegd dat Velsen beter vergelijkbaar is met onder meer Zeist dan met Bergen op Zoom, maar de gemeenteraad heeft ook aangegeven dat het aantal inwoners met een niet-westerse achtergrond in Velsen en Bergen op Zoom fors verschilt. Uit het feit dat de gemeenteraad de gemeente Zeist meer vergelijkbaar acht met Velsen kan worden afgeleid dat de gemeenteraad de gemeente Bergen op Zoom niet vergelijkbaar vindt met Velsen. Dit heeft de gemeente tijdens de hoorzitting bevestigd. Hiervan uitgaande overweeg ik ten aanzien van de vraag of Bergen op Zoom voldoende vergelijkbaar is met Velsen, het volgende. Volgens de Memorie van Toelichting bij de Wet op het basisonderwijs (Tweede Kamer 1992-1993, 23070, nr. 3, p. 21) zijn verschillende factoren van belang als het gaat om de bepaling van een vergelijkbare gemeente, zoals de ligging van de gemeente, de bevolkingssamenstelling en als het een groeigemeente betreft, de gemeente waaruit de desbetreffende bevolking afkomstig is. Andere elementen die bij de vergelijkbaarheid een rol spelen zijn de leerlingdichtheid, het totale aantal inwoners en de plaats waar de gemeente zich bevindt (Tweede Kamer 1992-1993, 23070, nr. 6, p. 40).
Uit de wetsgeschiedenis blijkt voorts dat gestreefd wordt naar een zo groot mogelijke vergelijkbaarheid tussen gemeenten waardoor wordt voorkomen dat de ene gemeente wordt opgezadeld met de toevallige denominatieve verdeling in een andere cemeente (Tweede Kamer 1992-1993, 23070, nr. 13, p. 24). '
Pagina 8 van 14
Uit vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (zie uitspraak inzake Hulst, nr. 200902283, van 18 november 2009) vloeit voort dat de gemeenteraad een zekere ruimte heeft bij de beoordeling van het verzoek tot opneming in het plan van scholen en dat de beoordeling van de vergelijkbaarheid van gemeenten niet is beperkt tot de in de wetsgeschiedenis genoemde criteria. De in de wetsgeschiedenis genoemde criteria moeten worden beschouwd als mogelijk relevante voorbeelden van beoordelingscriteria. De situatie in een concreet geval is bepalend voor de vraag welke beoordelingscriteria voor de vergelijkbaarheid van gemeenten relevant zijn. Uit de vaste jurisprudentie van de Afdeling volgt voorts dat ik bij de beantwoording van de vraag of de gemeente Bergen op Zoom als vergelijkbaar met de gemeente Velsen kan worden aangemerkt, alle argumenten die de gemeenteraad heeft aangevoerd moet meewegen. U hebt in uw verzoek aangegeven waarom u de gemeente Bergen op Zoom vergelijkbaar acht met de gemeente Velsen. De diverse vergelijkingsaspecten zijn in de volgende tabel op een rij gezet. Bergen op Zoom inwoners n.w. allochtonen moslim moslim 0 tot 15 jaar 4 t/m 11-jarigen leerlingdichtheid oppervlakte km2
66.811 10.082 - 15,1% 7.449 - 11,1% 1.674 - 16,8% 5.311
stedelijkheid
2
66
79,96
Velsen 68.348
6.342 - 9,3% 3.382 - 4,9% 735 - 7,1% 5.571 123 45,2 2
Uit bovenstaande tabel blijkt dat het aandeel inwoners met een niet-westerse migratieachtergrond in Bergen op Zoom veel hoger is dan in Velsen. Wat leerlingdichtheid betreft, geldt het omgekeerde. Velsen heeft een veel hogere leerlingdichtheid dan Bergen op Zoom. Het gaat er om of de verschillen dusdanig groot en kenmerkend zijn dat Bergen op Zoom niet als een vergelijkbare gemeente kan worden aangemerkt. Gemeenten hoeven niet in alle opzichten gelijk te zijn, maar wel in relevante opzichten voldoende vergelijkbaar.2 Allereerst constateer ik dat geen enkele gemeente 100% vergelijkbaar is met een andere gemeente. Verschillen zullen er altijd zijn. Het gaat er om of die verschillen dusdanig groot zijn en kenmerkend voor de betreffende gemeente dat er niet kan worden gesproken van een vergelijkbare gemeente in de zin van artikel 76, tweede lid, onder a, van de WPO.
2 Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 augustus 2017, nr. 201604191, r.o. 7.3.
Pagina 9 van 14
Het islamitisch onderwijs heeft basisscholen in 36 gemeenten, waardoor het niet anders kan dan dat er enige verschillen bestaan tussen de gemeente waar de verlangde school is gevraagd en de vergelijkbare gemeente. Dat neemt echter niet weg dat ik alle argumenten die de gemeenteraad van Velsen heeft aangevoerd in dit administratief beroep moet meewegen en daarbij moet beoordelen of de aangegeven verschillen dusdanig groot en kenmerkend zijn dat niet kan worden gesproken van een vergelijkbare gemeente. Wat betreft het aantal inwoners en de mate van stedelijkheid zijn beide gemeenten min of meer vergelijkbaar. Ook het aantal 4 tot en met 11-jarigen is nagenoeg gelijk. Ten aanzien van het aantal niet-westerse allochtonen, leerlingdichtheid en de oppervlakte zijn wel grote verschillen te zien. Leerlingdich theid Een eerste belangrijk verschil is de leerlingdichtheid van beide gemeenten. Velsen heeft een leerlingdichtheid van 123, terwijl de leerlingdichtheid van Bergen op Zoom 66 bedraagt. Bergen, op Zoom is dan ook in oppervlak een meer uitgestrekte gemeente, bij ongeveer hetzelfde aantal leerlingen in de leeftijd van 4 tot en met 11 jaar. Dit verschil hoeft echter niet perse nadelig te zijn.
De hogere leerlingdichtheid in Velsen betekent in feite dat daar in vergelijking met Bergen op Zoom meer kinderen per vierkante kilometer wonen, hetgeen een positieve indicatie voor de belangstelling voor de door u verlangde school zou kunnen zijn. De gemeenteraad heeft bovendien niet gemotiveerd waarom dit verschil in leerlingdichtheid er toe zou leiden dat de door u verlangde school de stichtingsnorm niet zal halen. Het verschil in leerlingdichtheid kan daa'om niet van doorslaggevende betekenis worden geacht. Bevolkingssamenstelling Uit de jurisprudentie volgt voorts dat het aandeel niet-westerse allochtonen een aspect is dat van belang is bij de beoordeling van de vergelijkbaarheid van gemeenten waar het gaat om een nieuwe islamitische basisschool. Uit de jurisprudentie blijkt in dit verband dat de religieuze achtergrond van de groep niet-westerse allochtonen een factor van gewicht is bij het meten van de belangstelling voor islamitisch onderwijs3. Aangezien de religieuze voorkeur van de bevolking als zodanig niet een factor is die wordt geregistreerd, is het niet onredelijk om uit te gaan van herkomstlanden met een islamitische cultuur.
3 Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 10 september 2014, nr. 201402256, r.o. 4.2.
Pagina 10 van 14
Met name de vergelijkbaarheid tussen gemeenten in de bevolkingssamenstelling acht ik dan ook van belang als het gaat om de vraag of een verlangde basisschool zal worden bezocht door het wettelijk vereiste aantal leerlingen4. Bergen op Zoom heeft ruim 10.000 niet-westerse allochtonen en Velsen krap 6.400. Bergen op Zoom heeft meer dan 3.500 niet-westerse allochtonen meer dan Velsen. Dat is de helft van het totale aantal niet-westerse allochtonen in Velsen. Ook als ik kijk naar het aantal niet-westerse allochtonen met een herkomst uit een islamitisch land, dan zie ik grote verschillen. In Bergen op Zoom is dit aantal 7.449 (11,1%) en in Velsen 3.382 (4,9%). Voorts heb ik gekeken naar het aantal basisschoolgaande leerlingen en het aantal basisschoolgaande leerlingen met een herkomst uit een islamitisch land. Op de hierna volgende wijze heb ik deze beoordeeld. In 2019 komt het aantal 4- tot en met 11-jarigen in Velsen uit op 5.571 en in Bergen op Zoom 5.311. Dit zijn in Velsen dus meer leerlingen in die leeftijdscategorie dan in Bergen op Zoom. Ook blijkt uit het rapport dat het totaal aantal leerlingen in Velsen en Bergen op Zoom in de leeftijdscategorie 0 tot 15 jaar vrijwel gelijk is. Voor de 0-15-jarige leerlingen met een herkomst uit een islamitisch land (moslims 0 tot 15) zijn er echter grote verschillen te constateren.
Zo bedraagt het aantal moslims van 0 tot 15 jaar in Velsen 735 (7,1%) tegenover 1.674 (16,8%) voor Bergen op Zoom. Als dan vervolgens het aantal basisschoolgaande leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond uit een islamitisch land wordt berekend, blijken ook daar forse verschillen. Het aantal is in Bergen op Zoom 926 (1.674 moslims 0 tot 15 jaar, gedeeld door 15 en vermenigvuldigd met 8,3) en in Velsen is het aantal 407 (735 moslims 0 tot 15, gedeeld door 15 en vermenigvuldigd met 8,3). Het verschil in aantal basisschoolgaande leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond uit een islamitisch land is 519 leerlingen. Niet alleen in absolute zin bedraagt het aantal basisschoolgaande leerlingen met een islamitische achtergrond in Bergen op Zoom fors meer (519 leerlingen meer) dan in Velsen, maar ook in relatieve zin is de doelgroep in Bergen op Zoom veel groter. Bergen op Zoom heeft immers in absolute zin een (iets) lager aantal leerlingen in de leeftijdscategorieën 4- tot en met 11-jarigen en 0 tot 15 jaar dan Velsen en ook is het aantal inwoners in Bergen op Zoom in absolute zin (iets) lager dan in Velsen. In verhouding heeft Bergen op Zoom dan ook een veel grotere doelgroep van basisschoolgaande leerlingen met een islamitische achtergrond dan Velsen. Ook op dit punt zijn de gemeenten dus niet vergelijkbaar.
4 O.a. de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 10 september 2014, nr. 201402256
Pagina 11 van 14
U hebt aangevoerd dat u verwacht dat de nieuwe school een bredere doelgroep zal aanspreken dan alleen leerlingen waarvan de ouders een herkomst hebben uit de landen die ten grondslag liggen aan de bovengenoemde cijfers. Het gaat dan om de landen Afghanistan, Egypte, Ethiopië, Irak, Iran, Marokko, Pakistan, Somalië en Turkije. Deze lijst vormt echter een geaccepteerd uitgangspunt om de doelgroep in kaart te brengen. Los daarvan merk ik op dat de gebruikte herkomstlanden voortvloeien uit uw eigen prognose en de prognose verder geen blijk geeft van een andere berekening van de doelgroep. Alleen wanneer de cijfers in de prognose daarvan blijk geven, kan worden vastgesteld of aannemelijk is dat een school binnen vijfjaren aan de stichtingsnorm zal kunnen voldoen. Nu u uw standpunt verder niet hebt kunnen onderbouwen, treft uw beroepsgrond geen doel. Ik vind het verschil in bevolkingssamenstelling dusdanig groot en kenmerkend dat niet gesproken kan worden van een vergelijkbare gemeente. Op basis van het hierboven gestelde is de gemeente Bergen op Zoom niet vergelijkbaar met de gemeente Velsen. Ligging en regiofunctie De gemeente voert verder nog aan dat de ligging van Bergen op Zoom beduidend anders is dan de ligging van Velsen.
De gemeente heeft aangevoerd dat Velsen als kleinere gemeente grenst aan Haarlem met ruim 162.549 inwoners, waar reeds een islamitische basisschool is gevestigd die leerlingen trekt uit omringende plaatsen als Velsen. Dit maakt volgens de gemeente dat de gemeente Bergen op Zoom niet vergelijkbaar is met Velsen, omdat Bergen op Zoom niet aan een grotere gemeente grenst waar reeds islamitisch basisonderwijs is. Dat maakt dat de gemeente verwacht dat Velsen niet een regiofunctie zoals Bergen op Zoom zal hebben en kunnen de cijfers over het schoolbezoek in Bergen op Zoom volgens de gemeente niet worden gebruikt voor Velsen. Ook ligt Bergen op Zoom niet aan de rand van de Randstad. De vraag is of er inderdaad sprake is van een dusdanig groot verschil, dat er op dit punt een ongelijkheid van betekenis bestaat. Ieder afzonderlijk kunnen deze verschillen in ligging leiden tot de conclusie dat er ook op ligging tussen de gemeenten Velsen en Bergen op Zoom een ongelijkheid van betekenis bestaat. Zeker nu de doelgroep in Velsen ook kleiner is dan die in Bergen op Zoom. Aan de andere kant ondersteunen de cijfers niet de veronderstelde regiofunctie van Bergen op Zoom. We iswaar grenst Bergen op Zoom niet aan een grote gemeente, zoals Velsen, maar het aantal leerlingen van buiten Bergen op Zoom dat in Bergen op Zoom de islamitische basisschool bezoekt is beperkt.
Dat duidt niet op de aanwezigheid van een regiofunctie van Bergen op Zoom.
Pagina 12 van 14
Het feit dat Haarlem als grote gemeente naast Velsen ligt, lijkt verder ook geen onderscheidend verschil cp te leveren, omdat ook het aantal leerlingen uit Velsen dat in Haarlem de islamitische basisschool bezoekt, beperkt is. Nu daarnaast het voedingsgebied van Velsen beperkt is tot Velsen en u daarmee aangeeft geen leerlingen uit omliggende gebieden te verwachten, lijkt de aanwezigheid van Haarlem in de buurt van Velsen niet van doorslaggevend belang te zijn. Gelet op het bovenstaande ben ik van oordeel dat het door de gemeente aangevoerde verschil in ligging van Velsen ten opzichte van Bergen op Zoom niet dusdanig groot is, da: er op dit punt een ongelijkheid van betekenis bestaat. Conclusie Hierboven heb ik vastgesteld dat het verschil in leerlingdichtheid en ligging tussen Velsen en Bergen op Zoom niet dusdanig groot en kenmerkend is dat niet meer gesproken kan worden van een vergelijkbare gemeente. Daarentegen constateer ik dat het verschil in bevolkingssamenstelling tussen Bergen op Zoom en Velsen wel een dusdanig groot en kenmerkend verschil is, dat alleen hierom al niet meer gesproken kan worden van een vergelijkbare gemeente.
De overeenkomsten en positieve indicaties, waaronder de hogere leerlingdichtheid in Velsen, wegen mijns inziens niet op tegen het verschil in bevolkingssamenstelling, omdat de grootte van de doelgroep uiteindelijk bepaalt hoe groot de belangstelling zal zijn voor de door u verlangde school. Nu die doelgroep blijkens het bovenstaande in Bergen op Zoom veel groter is dan in Velsen, kan niet worden gesteld dat de belangstelling voorde islamitische basisschool in Bergen op Zoom als basis kan dienen voor de prognose voor Velsen. Met de prognose is dan ook niet aannemelijk gemaakt dat de door u verlangde school op basis van die prognose voldoende leerlingen zal trekken. Nu ik van oordeel ben dat de gemeenten Velsen en Bergen op Zoom niet vergelijkbaar zijn, is het administratief beroep reeds daarom ongegrond. De overige gronden van beroep en verweer, wat daar ook van zij, behoeven daarom geen bespreking meer. Wel merk ik nog op dat in uw prognose het jaar 2041 ontbreekt. De gemeente had u derhalve moeten verzoeken de prognose op dit punt aan te vullen. Nu hierboven is vastgesteld dat het beroep reeds ongegrond is ten aanzien van de vergelijkbaarheid van de gemeente Bergen op Zoom met de gemeente Velsen, laat ik dit punt verder buiten beschouwing.
Pagina 13 van 14
Conclusie De gemeenteraad heeft de door u verlangde islamitische basisschool terecht niet opgenomen in het plan van scholen 2021-2024. Uw administratief beroep is ongegrond. Hoogachtend, de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, namens deze, de directeur Onderwijsinstellingen van de Dienst Uitvoering Onderwijs,
mr. N.C.M. Zeijlemaker
U kunt tegen deze beschikking beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroepschrift moet binnen zes weken na de dag waarop de beschikking u is toegezonden, worden gestuurd naar de Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.
Pagina 14 van 14