CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

20210026 Evaluatie Raadsakkoord Velsen.pdf

Sessies Raadzaal 20 januari 2022, gemeente VelsenBij agendapunt: 21.30 - 23.00 uur Evaluatie raadsakkoord10.294 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Kies politieke thema’s en prioriteer deze Al in het begin van deze bestuursperiode miste men een volgordelijkheid in het raadsakkoord. Het heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat college en raad op elkaar hebben zitten wachten. Het was gewoonweg niet afgesproken wie er het initiatief zou nemen tot beleidsagendering. Daarnaast bleek het op deze manier van werken in het gemeentebestuur ook meer impact te hebben op de procedures van de ambtelijke organisatie. Dat was onderschat. Het advies is dan ook eenvoudig: zorg ervoor dat een raadsakkoord ook een planning en een prioritering bevat. Dit is nadrukkelijk meer dan een bestuurlijke planning: het is een raadskalender. Hiermee plant de raad zijn eigen werk en maakt de organisatie duidelijk ‘waar de raad behoeft aan heeft’. Afstemming met de ambtelijke organisatie is cruciaal. De agenda die een ambtelijke organisatie voert, wordt door andere zaken ingegeven dan politieke. Tijd om deze organisatorische en politieke afwegingen naast elkaar te leggen, is een noodzakelijke investeringen en voorkomt verwarringen. Het zorgt ervoor dat ambtelijk domein ingespeeld raakt op het politieke domein en niet alleen het bestuurlijke en zorgt voor een grotere rolzuiverheid Met een raadskalender stelt de raad (en met input van het college, de secretaris en de grif e, uiteraard) een langetermijnagenda op.

Deze bevat niet alleen zaken waar de raad het over eens is (zoals bij een meer ‘traditioneel’ coalitieakkoord) dat deze beleidsvoornemens moeten woerden uitgewerkt. Het bevat de agenda van de raad zelf. Door de agenda aan het begin vast te stellen, is er een heldere procedure voor het debat. Dit levert ‘geduld’ op in het politieke proces. En kan zo politieke druk, wanneer de meningsverschillen inzichtelijker worden en posities moeten worden bepaald, voor zijn. Dit zijn de zaken waar de raad over afspreekt dat de komende periode het debat erover moet worden gevoerd. Dat zijn de punten waarvan de raad constateert dat er nog politiek debat nodig is voordat een college aan beleidsontwikkeling kan beginnen. Planning en prioritering zijn dus voor de agenda van de raad, niet als opdracht aan het college. Deze thema’s moeten wel worden geprioriteerd. Prioritering betekent dat de raad aangeeft in welke volgorde en met welke beleidsintensiteit deze dossiers worden opgepakt. Daarnaast zal de raad moeten bepalen hoe intensief de raad zelf de beleidsvorming op wil pakken. Wil de

fi

Pagina 33 van 35

fl

Aanbevelingen

raad zelf eerst het kaderstellend debat voeren? Of is een initiatief van het (nieuwe) college voldoende? Tot slot: het is van groot belang dat de raad zich in dit beleidsproces aan de start van de bestuursperiode goed laat ondersteunen. Het beeldvormingsproces en het schrijven zelf kost tijd. Het is goed de belasting en tijdsdruk goed in te schatten, te plannen en de benodigde capaciteit te organiseren.

Geef het college een politieke opdracht mee en stel een pro el op Duaal besturen betekent samenspel tussen raad en college. Deze aanbevelingen in deze overdracht hebben tot doelstelling deze samenwerking te verbeteren. Hoewel ze zonder meer het gevolg zullen hebben dat de raad zijn rol beter in kan vullen, beveelt men aan ook het college in de volgende bestuursperiode een ‘politieke opdracht’ mee te geven. Een ‘zakencollege’ met wethouders zonder partij-achtergrond en in een slechts uitvoerende rol lijkt de raad geen positieve bijdrage aan het werken met het raadsakkoord. Het college heeft daarmee ook een eigen verantwoordelijkheid. Over hoe dat college tot stand moet komen, doet de Wet geen uitspraak2. De wethouders kunnen raadsbreed worden aangezocht, nominaties vanuit een fractie zijn ook mogelijk. Zelfs zou de vorming van het college kunnen volgen uit het sluiten van een traditioneel akkoord tussen fracties naast een raadsbreed akkoord. Hoe het ook ontstaat, het college moet de mogelijkheid zien zelf voorstellen te doen. Deze voorstellen moeten natuurlijk door de raad besproken en getoetst worden, zoals de Gemeentewet vraagt. Net zo goed is het verstandig wanneer het college deze voordrachten doet op basis van door de raad gedragen uitgangspunten. Toch kan het voorkomen dat de raad een door het college voorgesteld voorstel afwijst.

Dat moet het college niet perse als verlies ervaren. Een ‘nee’ door de raad is meestal een voorwaardelijk ‘nee’ of een ‘nee, mits’. Ook de argumenten bij de afwijzing zijn van belang, een ‘nee’ is ook een ‘nee, want’, waar het college én de raad lering uit kunnen trekken. Om deze samenwerking goed te organiseren, doet de nieuwe raad er goed aan om aan het begin van de periode zelf een pro el voor de portefeuillehouders op te stellen. Naast alle andere staat welke competenties er (tenminste) worden verwacht van de wethouder: kennis, ervaring, eigenschappen die passen bij de bestuurlijke rol in het college en om als lid ervan het werk van het dagelijks bestuur uit te voeren. De raad kan in een dergelijk pro el ook schetsen hoe hij de samenwerking tussen raad en college ziet. Het is van belang dat de raad hier als geheel optreed, voor het grip houden op het politiek proces is het zelfs noodzakelijk.

2 Zie ook Is wethouder worden nog wel zo democratisch? John Bijl en Coen Knipping In: Jaarboek VvG 2020

fi

Hoofdstuk 6

fi

fi

Pagina 34 van 35

www.periklesinstituut.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=706383b9-3b04-42af-ba82-e6e9b93b4ff2