RV_Toestemming treffen GR Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd en informele zienswijze Ontwerpbegroting 2026
Tekst van het document
*629568*
Datum besluitraad: Zaaknummer: Portefeuillehouder: Datum oordeelraad: Datum B en W: Programma begroting: Taakveld:
1 juli 2025 629515 H. Stroeks 10 juni 2025 20 mei 2025 6 6.1
Raadsvoorstel Treffen GR Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd en informele zienswijze op Ontwerpbegroting 2026 Beslispunten De gemeenteraad besluit: 1. Kennis te nemen van de uitgebrachte zienswijzen op de ontwerpGemeenschappelijke Regeling. 2. Kennis te nemen van de conclusies die zijn getrokken naar aanleiding van de zienswijzen. 3. Het college toestemming te verlenen om de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd te treffen. 4. Een zienswijze kenbaar te maken bij de Ontwerpbegroting 2026 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd ten aanzien van financiële beheersbaarheid en sturing. Inleiding Sinds 2018 werken de gemeenten binnen de regio Een 10 voor de Jeugd samen aan de inkoop van specialistische jeugdzorg. Door de landelijke Hervormingsagenda Jeugd en de komende Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg is het noodzakelijk deze samenwerking juridisch te formaliseren in een gemeenschappelijke regeling. De voorgestelde gemeenschappelijke regeling (GR) richt zich op de regionale inkoop van specialistische jeugdzorg en waarborgt een stevige regionale organisatie voor deze zorg. Dit draagt bij aan de continuïteit en kwaliteit van de jeugdzorg voor de meest kwetsbare kinderen en leidt bovendien, door vergroting van het inkoopvolume, tot kostenbesparingen.
In het kader van de totstandkoming van de GR is een zienswijzeprocedure doorlopen in de 11 betrokken gemeenten. Deze procedure heeft drie zienswijzen opgeleverd, met name gericht op financiële grip en kostenbeheersing. De bestuurders vanuit de 11 gemeenten, die straks het bestuur zullen vormen van de GR, hebben de door andere gemeenteraden uitgebrachte zienswijzen besproken en, waar dat nodig werd beoordeeld, verwerkt in de definitieve tekst van de regeling (bijlagen 1 en 3). De raad wordt nu verzocht kennis te nemen van de zienswijzen en de daarop gebaseerde conclusies, en het college toestemming te verlenen om de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd te treffen. Als de raden hun toestemming hebben gegeven geldt dat de nieuwe GR een eigen begroting krijgt. Om vanaf 2026 operationeel te kunnen zijn is een Ontwerpbegroting 2026 opgesteld. In lijn met de in de Wgr beoogde rol van gemeenteraden worden zij, bij gebrek aan een formele procedure, nu in de gelegenheid gesteld om op informele, maar volwaardige wijze, hun zienswijze kenbaar te maken aan het college. Beoogd effect De vorming van een gemeenschappelijke regeling die de regionale inkoop van specialistische jeugdzorg organiseert en een stevige regionale basis en organisatie van deze zorg voor de meest kwetsbare kinderen waarborgt.
Argumenten 1.1 en 2.1 In het oprichtingsdocument is financiële discipline geborgd. Er werden drie zienswijzen kenbaar gemaakt. De kern van de zienswijzen en de wijze waarop deze gewogen zijn door de colleges is weergegeven in bijlage 1. Uit de zienswijzen van drie gemeenteraden blijkt een zorg over de beheersing van kosten en het behoud van financiële grip door gemeenten. Dit naar aanleiding van de lagere bijdragen vanuit het Rijk, waarmee gemeenten kritisch moeten zijn op hun uitgaven. Het college onderschrijft, net als de colleges van de andere 10 gemeenten, dit belang. In de considerans van de regeling is daarom expliciet een extra overweging opgenomen, waarmee financiële discipline geborgd is binnen het oprichtingsdocument. De colleges binnen het bestuur van het openbaar lichaam zullen kritisch zijn op hun uitgaven. Dit uitgangspunt wordt tevens meegenomen in de op te stellen begroting van de GR en de wijze van contracteren van jeugdhulpaanbieders. 3.1 De samenwerking van de 11 gemeenten is al succesvol gebleken. De huidige samenwerking binnen Een 10 voor de Jeugd heeft zich bewezen als een effectieve structuur voor de inkoop van specialistische jeugdzorg. De GR bouwt hierop voort en biedt een juridisch en organisatorisch kader voor verdere optimalisatie. 3.2 Het treffen van de GR volgt uit wettelijke verplichtingen.
De Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg en de Hervormingsagenda Jeugd maken het treffen van een GR verplicht voor de aangewezen jeugdregio’s. De formele toestemming van de gemeenteraden is een noodzakelijke stap daarbij. De toestemming kan slechts onthouden worden bij strijd met het recht of het algemeen belang. 3.3 De wijzigingen na de zienswijzeprocedure zijn technisch van aard. Na de voorlegging van de ontwerp-GR aan de raden zijn enkel technische wijzigingen doorgevoerd welke ook opgenomen zijn in bijlage 1. Deze wijzigingen betreffen vooral redactionele aanpassingen en verduidelijkingen, zonder gevolgen voor de inhoud of governance van de regeling. 4.1 De gehanteerde zienswijzeprocedure voorziet erin dat de raad tijdig betrokken wordt bij de vaststelling van de begroting van de GR. De GR Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd bestaat nog niet en de bepalingen van de Wgr zijn daardoor nog niet van toepassing. De Wgr voorziet ook niet in een procedure om de raad te betrekken bij de vaststelling van een begroting van een GR die formeel nog niet bestaat. Door nu via de colleges de zienswijze(n) van de gemeenteraden te vragen, kunnen de raden en hun zienwijzen toch betrokken worden bij de besluitvorming van het Algemeen bestuur begin januari 2026. De wijze waarop de zienswijzeprocedure is ingericht is toegelicht in bijlage 2.
Hoewel het bestuur van de GR niet verplicht is om de zienswijze over te nemen, vormt deze uiteraard wel een belangrijk bestuurlijk signaal en een instrument voor de raad om invloed uit te oefenen en haar positie binnen het samenwerkingsverband te markeren. Daarmee draagt de raad bij aan het versterken van de democratische legitimatie van de besluitvorming binnen de GR. De zienswijzeprocedure inzake de ontwerpbegroting Een 10 voor de Jeugd heeft géén invloed op het besluit inzake het treffen van de GR zelf.
2/5
4.2 Met de zienswijze wordt de aandacht gevestigd op het belang van financiële beheersbaarheid en sturing binnen de begroting 2026 van de GR. Gezien de lagere bijdragen vanuit het Rijk en toenemende kosten binnen de regionale samenwerking, spitst de ingebrachte zienswijze zich toe op financiële beheersbaarheid en sturing. Daarbij wordt door de gemeente Veldhoven aangesloten op de reeds eerder ingediende zienswijzen door gemeente Nuenen, Son en Breugel en Waalre. Er wordt belang gehecht aan een kritische houding ten opzichte van (aankomende) begrotingen en kostenstijgingen, waarbij in eerste instantie middelen binnen de eigen begroting van Een 10 voor de Jeugd moeten worden gezocht. Tevens wordt via de zienswijze gevraagd om een heldere verantwoording van de gemaakte kosten in relatie tot de gewenste effecten uit het programmaplan en de Hervormingsagenda Jeugd. Kanttekeningen en risico’s 1.1 Indien één van de 11 gemeenteraden besluit geen toestemming te verlenen, leidt dat tot vertraging van het treffen van de GR.
De kern van de zienswijzen en de wijze waarop deze gewogen zijn door de colleges is weergegeven in bijlage 1. Hoewel de zienswijzen zich niet richten op de inhoud van de GR, geven ze een duidelijke boodschap af over kostenbeheersing. Indien een van de 11 gemeenteraden daartoe alsnog besluit geen toestemming te verlenen, leidt dat tot vertraging van het treffen van de GR. Dát er een GR moet komen is, na het van kracht worden van de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg, echter een zekerheid. 1.2 en 2.1 Gemeenteraden uiten in hun zienswijzen zorgen over financiële grip. De zorg die spreekt vanuit de zienswijzen ziet vooral toe op de gevolgen van lagere bijdragen vanuit het Rijk. Door een GR te treffen draagt de gemeente haar eigen zeggenschap over de organisatie van inkoop en de inzet van middelen over aan de GR . Vanuit de positie van de raad geldt echter dat de raad via de zienswijzeprocedure op de begroting juist dichter betrokken wordt dan voorheen. Het is belangrijk te realiseren dat de GR de deelnemende gemeenten door hun inkoopvolume te bundelen juist gelegenheid biedt om te besparen op de kosten van de jeugdzorg die wordt ingekocht. Financiën Het treffen van de GR zelf heeft geen directe financiële consequenties.
Eventuele eenmalige kosten voor de overgang naar een GR worden meegenomen in de afrekening van de huidige samenwerking over het jaar 2025 en zijn naar verwachting beperkt. De kosten van de GR vanaf 2026 worden middels dit voorstel bij de gemeenteraad voorgelegd ter zienswijze. In bijlage 4 is de begroting uitgebreid voor de gehele regio toegelicht. Onderstaand volgt een vertaling voor Veldhoven.
3/5
De bijdrage van gemeente Veldhoven aan Een 10 voor de Jeugd stijgt in 2026 met €190.000 naar in totaal €279.000. Daaraan ligt het volgende ten grondslag: - Het vormen van een Openbaar Lichaam (GR) brengt meer verplichtingen met zich mee dan bij een privaatrechtelijke samenwerking het geval is. De structurele extra kosten stijgen daarmee vanaf 2026 met €22.000. - Daarnaast stijgen de lasten in 2026 naar aanleiding van indexering, kosten bedrijfsvoering om-niet en formatie-uitbreiding. Deze kosten staan los van de GR-vorming. De structurele extra kosten stijgen daarmee vanaf 2026 met €38.000. - Vanaf 2026 is verrekening van personele inzet structureel €130.000 lager doordat de inzet van BIZOB (inkoop) niet meer lokaal wordt betaald door de gemeenten. De personele inzet van BIZOB wordt direct verrekend binnen de GR en doorberekend in de financiële bijdrage per deelnemende gemeente. Dekking Dekking van de bijdrage à €279.000 wordt grotendeels gevonden binnen: - De structureel opgenomen geldelijke bijdrage aan Een 10 voor de Jeugd (€60.000) in de meerjarenbegroting; - Werkplan 21 voor de Jeugd (€8.900): de begroting van werkplan 21 voor de jeugd wordt verlaagd en de werkzaamheden vinden plaats binnen Een 10 voor de Jeugd. - De verrekening BIZOB (PM): binnen onze begroting is in totaal €164.000 gereserveerd ten behoeve van inkoop BIZOB voor het sociaal domein.
Met het treffen van een GR verloopt de verrekening inzet van BIZOB op inkoop jeugd vanaf 2026 via de GR en niet meer lokaal. Gedurende de begrotingsbehandeling is het BIZOB inkoopplan 2026 gereed en kan worden ingeschat hoeveel van deze lokaal gereserveerde middelen in 2026 kunnen worden verrekend met de bijdrage aan de GR. De resterende dekking van kosten wordt meegenomen in de begrotingsbehandeling 2026. Communicatie en samenspraak Na toestemming van de gemeenteraad en de overige 10 gemeenten kan de GR definitief worden aangegaan. De GR wordt dan naar verwachting per 1 januari 2026 van kracht. Voor wat betreft de zienswijzen op de Ontwerpbegroting 2026 geldt dat, zoals ook beschreven in bijlage 2, het college de eventueel te ontvangen zienswijze deelt met het Programmateam Een 10 voor de Jeugd. Vervolgens zullen de colleges, nog vóór de
4/5
eigen begrotingsbehandeling, de raad informeren over de wijze waarop de Ontwerpbegroting 2026 naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen wordt aangepast, voordat deze via het Dagelijks bestuur ter vaststelling aan het Algemeen bestuur wordt voorgelegd. Na 1 januari 2026 worden de ingediende zienswijzen dan alsnog geformaliseerd en volgt namens het Algemeen bestuur een formele gemotiveerde terugkoppeling over hoe deze zijn verwerkt (zoals vereist in artikel 10 lid 6 Wgr). Gelet op de bestuurlijke betrokkenheid in het voorgaande proces mag verwacht worden dat deze formele terugkoppeling gelijk is aan de terugkoppeling die eerder via de colleges werd ontvangen. Het Algemeen bestuur stelt vervolgens begin 2026 de definitieve begroting vast. Uitvoering / planning De GR zal naar verwachting per 1 januari 2026 operationeel zijn en de bij wet aangewezen taken van de colleges gaan uitvoeren. De colleges zeggen dan de samenwerkingsovereenkomst per diezelfde datum op. Tot die tijd blijven de huidige samenwerkingsafspraken gelden. Binnen het Bestuurlijk Platform van de samenwerking zal wethouder Huub Stroeks namens het college van de gemeente Veldhoven daartoe de besluitvorming voorbereiden zodat een definitief besluit gelijktijdig genomen kan worden op het moment dat het college besluit deelnemer te worden in de GR. De samenwerking wordt in elk geval elke vier jaar geëvalueerd.
Het Algemeen bestuur kan besluiten dit (zeker in de beginfase) eerder te doen. Bijlagen 1. Overzicht van uitgebrachte zienswijzen en reactie daarop 2. Toelichting op zienswijzeprocedure 3. Gewijzigd ontwerp-Gemeenschappelijke Regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd 4. Ontwerpbegroting 2026 GR Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd 5. Raadsbesluit Treffen GR Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd en geven van informele zienswijze op Ontwerpbegroting 2026 6. Zienswijze inzake financiële beheersbaarheid en sturing Resultaat van de behandeling in de oordeelsvormende raad Reactie college n.a.v. behandeling in de oordeelsvormende raad
Burgemeester en wethouders van Veldhoven,
J.H.J. Sanders gemeentesecretaris/algemeen directeur
5/5
M.J.A. Delhez burgemeester