RIB2025.96 Regionaal Actieplan Dakloosheid - technische vragen en antwoorden
Tekst van het document
Technische vragen Raadsinformatiebrief Raadsinformatiebrief RIB2025.96
Datum
6 november 2025
Naam fractie
ChristenUnie en ProVeenendaal
Vragen Namens de ChristenUnie en ProVeenendaal hebben wij de volgende (technische) vragen naar aanleiding van de regionale raadsbijeenkomst Regionaal Actieplan Dakloosheid (d.d. 3 november) en RIB 2025.96 regionaal actieplan dakloosheid. In het regionaal actieplan dakloosheid wordt de Ethos-telling genoemd. De vragen gaan over deze telling en het actieplan. 1. Waren bij de gemeente Veenendaal de aantallen daklozen bekend die in de Ethos-telling genoemd worden voor de regio en in het bijzonder voor Veenendaal. Antwoord: De exacte aantallen uit de Ethos-telling waren vooraf niet bekend bij de gemeente. De Ethostelling is juist ook bedoeld om “onzichtbare” dak- en thuislozen in beeld te krijgen. Wel hebben we veel inwoners die onder de eerste drie categorieën van de Ethos-classificatie vallen (mensen in de openbare ruimte, in noodopvang of in tijdelijke opvang) grotendeels in beeld. Vooral de groep die tijdelijk wordt opgevangen is in Veenendaal relatief groot. Hieronder vallen bijvoorbeeld inwoners die verblijven bij Welkom in verband met dakloosheid en bijkomende problematiek. Ook van inwoners die tijdelijk bij familie of vrienden verblijven, is mogelijk wel contact met hulpverlening, bijvoorbeeld via maatschappelijk werk, de Wmo, het CJG of via inkomensondersteuning, maar die contacten zijn niet altijd direct gekoppeld aan de woonsituatie.
De meerwaarde van de Ethos-telling is dat deze vanuit de woonsituatie een vollediger beeld geeft van dak- en thuisloosheid. Daardoor kunnen we, niet alleen lokaal maar vooral regionaal, gezamenlijke afspraken maken over ondersteuning en preventie. 2. Heeft de gemeente concrete gegevens wie de 26 kinderen zijn die genoemd zijn en waar ze verblijven? Worden er concrete acties genomen richting deze kinderen? Zo ja, welke zijn dit? Antwoord: De Ethos-telling is anoniem, waardoor niet bekend is om welke kinderen het precies gaat. Wel weten we dat er geen kinderen zijn gesignaleerd die verblijven in de openbare ruimte of in de noodopvang. Het gaat hier om kinderen die verblijven in opvanglocaties of tijdelijk bij familie of vrienden. Gezinnen met kinderen die tijdelijk verblijven in opvanglocaties, zijn bij ons doorgaans wel in beeld. Wanneer gezinnen tijdelijk bij familie of vrienden verblijven, is dat niet altijd het geval. Als zij geen ondersteuning vragen, komen ze niet vanzelf in beeld. De kracht van de Ethos-telling is dat meerdere organisaties gezamenlijk hebben meegeteld, waardoor ook groepen die normaal minder zichtbaar zijn qua aantal in beeld komen. De resultaten helpen ons om als gemeenten en partners in de regio beter te bepalen waar aandacht en
Technische vragen
ondersteuning nodig zijn, ook voor gezinnen met kinderen. Daarnaast zal naar verwachting volgend jaar de nieuwe Wet versterking regie volkshuisvesting in werking treden. Daarin zijn enkele verplichte urgentiecategorieën opgenomen, waaronder (per aangenomen amendement van de kamer) daklozen gezinnen met minderjarige kinderen. De precieze afbakening zal nog door het Rijk worden bepaald. 3. In de regionale aanpak wordt gesproken over de maatschappelijke opvang van de dak- en thuislozen. Is het mogelijk om de maatschappelijke opvang in de gemeente Veenendaal in de toekomst te laten plaatsvinden? Zo ja, wat is daarvoor nodig? Zo nee, waarom niet? Antwoord: De Ethos-telling laat zien dat dak- en thuislozen een zeer diverse groep vormen, met uiteenlopende achtergronden en ondersteuningsbehoeften. Voor een deel van deze mensen is maatschappelijke opvang niet passend of nodig. Bijvoorbeeld wanneer iemand tijdelijk bij familie verblijft of een andere tijdelijke woonplek heeft zonder complexe problematiek. Er blijft echter ook een groep voor wie tijdelijke (maatschappelijke opvang) wel noodzakelijk is, soms kortdurend en soms langduriger. Deze diverse vormen van opvang (denk aan dagopvang, nachtopvang, 24/7 opvang voor gezinnen, 24/7 opvang voor alleenstaanden) wordt binnen de regio momenteel in Ede georganiseerd onder meer vanwege de benodigde beveiliging, expertise en kosten.
Eerder was dit Amersfoort, met de overstap naar Ede hebben we de opvang zowel fysiek als qua regionale afstemming al een stuk dichterbij georganiseerd. Vanuit oudsher bevindt deze opvang zich vooral in de grotere (centrum)gemeenten, waar ook relatief meer mensen met complexere problematiek verblijven. Daarnaast zijn er in Wageningen een aantal opvangplekken en in Veenendaal twee opvangplekken voor gezinnen. In de Valleiregio verkennen we verder de mogelijkheden voor: • Woonoplossingen vanuit het principe ‘Wonen Eerst’, waarbij huisvesting als basis wordt gezien voor herstel. • Uitbreiding van ‘Housing First’ binnen de Valleiregio, voor mensen die een langere periode dak- en thuisloos zijn. Dit is een product dat we vanuit de regio in Ede en Wageningen aanbieden. • Alternatieve woonvormen (“Anders Wonen”) voor mensen die langdurig geen reguliere woning kunnen betrekken • Kleinschalige opvangvoorzieningen op meerdere plekken in de regio; Omdat de zwaardere problematiek zich vooral in de grotere steden concentreert, is het niet vanzelfsprekend om dergelijke opvang in alle gemeenten aan te bieden. Daarnaast is het vanuit overzicht, expertise en kosten vaak wenselijk om bepaalde vormen van opvang regionaal te organiseren.
In de Valleiregio kijken we binnen het Actieplan Dakloosheid welke gemeente wat kan bieden en wat al beschikbaar is, bijvoorbeeld op het gebied van beschermd wonen en de huisvesting voor verschillende doelgroepen. Voor een eventuele lokale opvanglocatie spelen doelgroepafbakening, de eisen aan de voorziening en benodigde begeleiding en kosten en rol.
2 van 2