RIB2025.83d Bijlage 4 bij RIB inspraaknota concept ontwerp omgevingsvisie Veenendaal 2040
Tekst van het document
Inspraaknota Concept-ontwerp Omgevingsvisie Veenendaal 2040
Inleiding Op 2 juni 2025 is bekendgemaakt dat het concept-Ontwerp Omgevingsvisie Veenendaal 2040 vanaf 6 juni voor vier weken ter inzage is gelegd. Eenieder heeft in deze periode de mogelijkheid gekregen om een reactie te geven op het concept-ontwerp. Er zijn in deze periode twee participatiebijeenkomsten voor inwoners en andere belanghebbenden geweest op het gemeentehuis, waar het concept-ontwerp is toegelicht. Daarnaast zijn er twee participatiebijeenkomsten geweest voor verschillende organisaties en instanties die belangen (kunnen) hebben in de omgevingsvisie. In juni 2025 is ook het inwonerspanel bevraagd over onderwerpen die verband houden met de omgevingsvisie. Zie bijlage 1 bij deze inspraaknota voor de uitkomsten hiervan. Tijdens de terinzagelegging van het concept-ontwerp zijn 6 inspraakreacties ingediend. Elke inspraakreactie wordt in deze Inspraaknota kort en zakelijk samengevat. Per inspraakreactie is ook aangegeven of en hoe de inspraakreactie is meegenomen in de volgende stap, de Ontwerp Omgevingsvisie Veenendaal 2040.
1
Inspraakreactie 1 Bescherm de laanstructuren rond de Kerkewijk Indiener: Inwoners Veenendaal Samenvatting: Een familie uit Veenendaal vraagt in hun inspraakreactie om expliciete erkenning en bescherming van de historische bomenlanen rond de Kerkewijk. Ze prijzen de aandacht voor groen in de Omgevingsvisie 2040, maar benadrukken dat bestaande laanstructuren met eeuwenoude bomen op particulier terrein onvoldoende beschermd zijn. Deze lanen, vaak ontstaan rond oude houtwallen, vormen ecologisch waardevolle verbindingen tussen het stedelijk gebied en landgoed Prattenburg. De indieners tonen via luchtfoto’s en beschrijvingen hoe deze lanen door de wijken lopen en hoe bomen verdwijnen zonder dat er nieuwe voor in de plaats komen. Ze pleiten voor het herinvoeren van de kapvergunning en het opnemen van deze lanen als waardevolle groenstructuren in de visie. De bomen zijn volgens hen cruciaal voor biodiversiteit, klimaatadaptatie en leefbaarheid. De familie vraagt om beleid dat ook bomen op particulier terrein beschermt, in lijn met landelijke richtlijnen. Hun oproep is om deze groene structuren niet alleen te waarderen, maar ook juridisch te verankeren en actief te behouden. Verwerking: Na vaststelling van de omgevingsvisie werken we als gemeente naar een omgevingsprogramma die dieper ingaat op groen en klimaat.
Dit zal een uitwerking zijn van de strategische keuzes die gemaakt worden in de Omgevingsvisie Veenendaal 2040. In de omgevingsvisie is onder paragraaf 6.3.3. bovendien onderstaande passage opgenomen: We actualiseren het bomenbeleid en verhogen daarmee het aantal, de waarde en de bescherming van bestaande (oude) groenstructuren en oude, waardevolle bomen, op zowel openbaar als particulier terrein. Wij erkennen de ecologische en functionele waarden van deze oude bomen die zowel solitair als in groenstructuren (lanen en houtwallen) voorkomen. Dit zien wij als een belangrijke bijdrage om te komen tot een gezonde en leefbare woon- en werkomgeving.
Inspraakreactie 2 Zorg voor een inclusieve stad voor ouderen Indiener: Stichting Zorggroep Charim Samenvatting: Charim, als grootste aanbieder van ouderenzorg in Veenendaal, reageert op het koersdocument van de Omgevingsvisie met een pleidooi voor meer aandacht voor kwetsbare en minder vitale inwoners. De visie richt zich volgens hen te veel op de vitale burger, terwijl demografische ontwikkelingen zoals vergrijzing en toenemende zorgbehoefte vragen om een bredere invulling van het begrip vitaliteit. Charim benadrukt dat een gezonde stad ook sociaal krachtig moet zijn, met ruimte voor ontmoeting, gemeenschapszin en eigen regie. Ze pleiten voor een inclusieve leefomgeving met passende woningen, voorzieningen en publieke ruimte voor ouderen. Tijdens eerdere participatiebijeenkomsten en overleg met wethouder Stroobosscher heeft Charim hun visie gedeeld, waaronder de proposities “Wonen bij Charim”, “Wonen nabij Charim” en “Langer wonen in de wijk bij Charim”. Ze vragen om structurele verankering van deze thema’s in het uitvoeringsprogramma van de Omgevingsvisie en willen graag actief bijdragen aan de verdere uitwerking. Hun oproep is om samen te werken aan een toekomstbestendig Veenendaal waarin iedereen, ongeacht leeftijd of vitaliteit, goed kan wonen en leven Verwerking: op basis van de inspraakreactie heeft een gesprek plaatsgevonden met Charim.
Op basis van dit gesprek zijn teksten in de omgevingsvisie gewijzigd overeenkomstig de input van Charim. Daarbij gaat het o.a. om het belang van een adequate huisvesting van ouderen en om de zorg voor kwetsbare ouderen in de samenleving.
2
Inspraakreactie 3 Water als fundament van de stad Indiener: Waterschap Vallei en Veluwe Samenvatting: Het waterschap Vallei en Veluwe is positief over de integrale benadering van water en bodem in de concept-Omgevingsvisie. Ze waarderen de ambitie voor een ontsteende stad en een robuust watersysteem. In hun reactie benoemen ze vijf directe waterbelangen: waterveiligheid (verwijzend naar de versteviging van de Grebbedijk), waterbewust gedrag (zoals drinkwaterbesparing en rioolgebruik), het afkoppelen van regenwater van het vuilwaterriool, voorkeur voor bovengrondse waterberging, en het tegengaan van hittestress via waterkwaliteit en vergroening. Daarnaast benoemen ze indirecte waterbelangen zoals de relatie tussen woningbouw, mobiliteit en water. Ze pleiten voor verdichting boven uitbreiding, mits dit ruimte oplevert voor groen en water. Het STOMP-principe wordt genoemd als kansrijke aanpak. Het waterschap vraagt om expliciete samenwerking met de gemeente bij het realiseren van waterbewuste keuzes en benadrukt het belang van strategisch vergroenen, witte en groene daken, en het behoud van grasland. Hun reactie is een oproep om water en bodem leidend te maken in ruimtelijke keuzes, met oog voor duurzaamheid, onderhoudbaarheid en klimaatadaptatie. Verwerking: in de omgevingsvisie wordt in eerste instantie gekozen voor verdichting boven uitbreiding.
Samenwerking tussen gemeente en waterschap wordt expliciet benoemd, onder andere waar het gaat om het tegengaan van verspilling. De oproep tot vergroening wordt zeer uitgebreid benoemd en nader uitgewerkt in diverse hoofdstukken van de omgevingsvisie.
Inspraakreactie 4 Gezondheid als leidraad voor ruimtelijke keuzes Indiener: GGD regio Utrecht Samenvatting: De GGD levert een uitgebreide reactie op de concept-Omgevingsvisie, waarin zij pleiten voor een leefomgeving die gezondheid actief bevordert. Ze benadrukken dat gezondheid niet alleen gaat over zorg, maar ook over luchtkwaliteit, geluid, hittestress, sociale cohesie en mentale gezondheid. De GGD waardeert de aandacht voor thema’s als vergroening, mobiliteit en maatschappelijke voorzieningen, maar ziet kansen om gezondheid nog sterker te verankeren. Ze pleiten voor toepassing van het BOSSprincipe (Bewegen, Ontmoeten, Spelen, Sporten), het Positieve Gezondheid Web en het Schone Lucht Akkoord. Ook wijzen ze op het belang van toegankelijke voorzieningen op loopafstand (15-minutenstad), participatie bij inrichting van de openbare ruimte en aandacht voor kwetsbare groepen tijdens hittegolven. De GGD vraagt om structurele integratie van gezondheid in alle ruimtelijke thema’s, zoals wonen, energie, mobiliteit en economie. Ze doen concrete suggesties voor het puntensysteem, zoals het opnemen van gezondheidscriteria en het borgen van lange termijn groenonderhoud. Hun reactie is een pleidooi voor een stad waarin gezondheid niet een bijzaak is, maar een leidend principe bij alle ruimtelijke keuzes. Verwerking: alle genoemde aspecten komen in de omgevingsvisie expliciet aan de orde.
Zowel waar het gaat om actieve (BOSS) als passieve gezondheid (o.a. schone lucht). Daarnaast wordt het belang van de nabijheid en toegankelijkheid van voorzieningen diverse keren benadrukt. Het puntensysteem zal op basis van de omgevingsvisie opnieuw worden beoordeeld. Daarbij zal worden onderzocht in hoeverre aspecten op het gebied van gezondheid hierin voldoende zijn verankerd.
3
Inspraakreactie 5 Wonen, wijken en realisme: visie van Veenvesters Indiener: Veenvesters Samenvatting: Veenvesters reageert op het concept van de Omgevingsvisie Veenendaal 2040 met een reeks aanbevelingen die voortkomen uit hun ervaring als woningcorporatie. Ze waarderen de ambities van de gemeente, maar pleiten voor realisme en maatwerk. Ten aanzien van parkeren wijzen ze op recente inzichten die aantonen dat parkeernormen voor sociale woningbouw vaak te hoog zijn. Ze adviseren deze normen te herzien voor alle wijken. Wat betreft seniorenhuisvesting pleiten ze voor multifunctionele woningen die geschikt zijn voor meerdere doelgroepen, in plaats van het label “seniorenwoning”. Op het gebied van duurzaamheid vragen ze om stimulering van circulaire toepassingen en het oplossen van knelpunten zoals netcongestie. Veiligheid in de openbare ruimte moet volgens hen primair de verantwoordelijkheid van de gemeente zijn, terwijl bewoners zich richten op hun eigen woning. Veenvesters benadrukt het belang van een integraal afwegingskader in uitvoeringsprogramma’s, waarbij niet op elk thema het maximale wordt nagestreefd, maar wel het best haalbare. Voor aandachtswijken pleiten ze voor samenwerking tussen gemeente en corporatie, spreiding van kwetsbare groepen, betere benutting van bestaand bezit, en ruimte voor nieuwe woonvormen.
Tot slot waarschuwen ze voor de stapeling van bovenwettelijke bouweisen en pleiten ze voor belonende methodieken en het hanteren van landelijke standaarden. Hun reactie is constructief, kritisch en gericht op haalbare oplossingen. Verwerking: in de omgevingsvisie wordt het belang van het spreiden van verschillende woningtypen benoemd met het oog op meer variatie in de woonmilieus. Samenwerking tussen gemeente en corporatie wordt als voorwaarde verondersteld om tot een gecoördineerde aanpak van het woningbouwvraagstuk te kunnen komen. De gemeente erkent dat het stapelen van kostenverhogend kan werken en daarmee de realisatie van woningen kan belemmeren. De STOER principes vanuit het Rijk zien er op toe dat dit wordt voorkomen. Zodra deze principes vastgesteld beleid zijn zal de gemeente beoordelen wat dit betekent voor de eisen die zij stelt aan de woningbouwproductie.
Inspraakreactie 6 Fietsersbond: van papieren plannen naar veilige fietsstad Indiener: Fietsersbond Veenendaal Samenvatting: De Fietsersbond Veenendaal heeft drie inspraakreacties ingediend waarin zij pleiten voor een fundamentele verbetering van de fietsinfrastructuur én voor het juridisch verankeren van fietsbeleid via omgevingswaarden. In hun eerste notitie (“Waar is het slecht dan?”) tonen zij aan de hand van 16 locaties aan dat de kwaliteit van fietspaden in Veenendaal vaak ondermaats is: slechte afwatering, scheefliggende tegels, onduidelijke belijning en onveilige oversteekconstructies komen veelvuldig voor. In de tweede notitie (“Waar is het ondermaats?”) presenteren zij meetgegevens van 18 fietspaden, waaruit blijkt dat geen enkel pad voldoet aan de actuele CROW-richtlijnen voor breedte. Zelfs op aangewezen snelfietsroutes zijn de afmetingen te klein, wat leidt tot onveilige situaties. De bond benadrukt dat fietsers zich hebben aangepast aan deze gebrekkige infrastructuur, maar dat dit niet acceptabel is. In hun derde notitie (“Omgevingswaarden voorzet”) pleiten zij voor het vastleggen van bindende omgevingswaarden voor fietsbeleid. Ze baseren zich op bestaande beleidsdocumenten zoals het GVVP, de Omgevingsvisie 2030, het Raadsakkoord en het OPOR.
Hieruit destilleren ze concrete normen voor netwerkdichtheid, inrichtingseisen, stallingscapaciteit, verkeersveiligheid en het uitbannen van blackspots. De bond stelt dat zonder juridische borging de fietsambities van Veenendaal slechts papieren werkelijkheid blijven. Hun oproep is helder: maak van Veenendaal een veilige, comfortabele en toekomstbestendige fietsstad, met duidelijke normen en structurele investeringen.
4
Verwerking: het belang van een goed fietsnetwerk wordt in de omgevingsvisie op veel plekken benadrukt. Een goed netwerk voor de fietser houdt voorzieningen bereikbaar, voorkomt auto afhankelijkheid en draagt bij aan gezonde en schone mobiliteit. In de omgevingsvisie zijn diverse knelpunten in het fietsnetwerk geïnventariseerd en wordt tevens aangegeven waar in de komende jaren concrete verbeteringen zullen worden doorgevoerd, zowel binnen Veenendaal als met betrekking tot de snelfietsroutes.
Bijlage 1:
Inwonersonderzoek Omgevingsvisie Veenendaal 2040 - juni 2025
5