CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB2023.61 Raadsinformatiebrief standpunt belastingdienst fiscaliseren parkeergarages (geanonimiseerd)

Raadscommissie 7 september 2023, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Raadsinformatiebrief (RIB2023.61) inzake standpunt belastingdienst fiscaliseren parkeergarages (door diverse fracties)2.561 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF Documentnummer Aan Van

Datum Onderwerp

1

2023/48446 Gemeenteraad College van burgemeester en wethouders 28 juni 2023 standpunt belastingdienst fiscaliseren parkeergarages

Standpunt belastingdienst fiscaliseren parkeergarages Op 14 juni 2023 hebben wij het standpunt van de belastingdienst inzake de fiscalisering van de parkeergarages ontvangen. Ter informatie hebben wij dit standpunt bijgevoegd. Het spreekt voor zich dat wij het standpunt van de belastingdienst betreuren. De komende weken beraden wij ons op dit standpunt en geven wij een eerste reactie aan de belastingdienst. Uiteraard nemen wij u hierin mee.

Raadhuisplein 1 • 3901 GA Veenendaal • Postbus 1100 • 3900 BC Veenendaal Tel. (0318) 538 538 • Fax (0318) 510 414 • www.veenendaal.nl • www.veenendaal.nl/vraag

INGEKOMEN

~~

Belastingdienst

1 I. 1UNI 2013 GEMEENTE VEENE~Y©AAL

Belastingdienst, Postbus 18500, 3501 CM Utrecht

Gemeente Veenendaal T.a.v. de Raadhuisplein 1 3901 GA Veenendaal

ii V OI OV

14 un 2023 / 001010

Grote Ondernemingen Team 4 Orteliuslaan 1000 3528 BD Utrecht Postbus 18500 3501 CM Utrecht belastingdienst.nl Contactpersoon Specialist Omzetbelasting/BCF

belastingdienst.nl

Betreft: Fiscale duiding parkeren in parkeergarages

Datum 9 juni 2023 Datum vaststelling 9 juni 2023

Geachte heer

,

vastgesteid do

In uw schrijven van 2 maart 2022 heeft u namens de gemeente Veenendaal verzocht om een standpunt te verkrijgen met betrekking tot de fiscale duiding van parkeren in parkeergarages in de gemeente Veenendaal (hierna: de gemeente). In een telefonisch onderhoud op 29 juni 2022 heeft u de feitelijke situatie nader toegelicht en op 12 juli heeft 2022 heb ik aanvullende informatie van u ontvangen.l In deze brief treft u mijn standpunt aan.

1. Relevante feiten en omstandigheden 1.1. 1.2.

1.3.

De gemeente is voornemens om haar huidige parkeersysteem te vervangen in het kader van het zogenoemde fiscaliseren van haar parkeerbeleid.z De achtergrond van het gewijzigde parkeerbeleid is dat de gemeente voor al haar betaald parkerenareaal - aan de openbare weg en in de gemeentelijke parkeergarages - een uniforme werkwijze wil invoeren ten behoeve van de klantvriendelijkheid. Dit is in lijn met de wens van de gemeente om de parkeerdruk in omliggende wijken van het centrum weg te nemen en bezoekers te laten parkeren in de parkeergarages waar voldoende capaciteit is ('blik van de straat'). De gemeente zal daartoe op drie locaties (parkeergarages Gemeentehuis, Arie van Hensbergen en Tricotage, hierna zowel tezamen als zelfstandig aangeduid als 'parkeergarage') de slagbomen verwijderen. Er zijn in deze parkeergarage mitsdien geen fysieke barrières meer aanwezig in de vorm van een slagboom.

1 Vragen en antwoorden Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen en het Programma van Eisen Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen (versie 1.0). z Het fiscaliseren houdt in dat de gemeente de heffing van parkeergeld voortaan zal innen op basis van de Parkeerverordening en de Verordening Parkeerbelastingen Veenendaal. Paginanummer 1 van 6

1.4.

De gemeente heeft een nieuw parkeersysteem ontworpen dat werkt aan de hand van cameraregistratie van kentekens bij het inrijden van de parkeergarage. 1.5. Alle openbaar toegankelijke inritten van de parkeergarage worden uitgerust met dit kentekenherkenningssysteem (hierna KTH). Het gedetecteerde kenteken wordt geregistreerd in een database. De kentekendatabase krijgt alleen informatie van het KTH. Bij het uitrijden van de parkeergarage vindt geen controle plaats door cameratoezicht en/of kentekenregistratie. 1.6. De standaardwerking van een parkeergarage met het onderhavige parkeersysteem is als volgt. Bij het inrijden van een auto in de parkeergarage scant een camera altijd het kenteken. Daarmee wordt het kenteken en de begintijd van het parkeren geregistreerd in de kentekendatabase ('kentekenregistratie'). 1.7. Kentekenregistratie in het onderhavige parkeersysteem vindt alleen plaats bij het inrijden van de parkeergarage. Kentekens worden opgeslagen in de kentekendatabase enkel en alleen om de inrijtijd te kunnen bepalen voor de parkeerder en mogen niet langer dan een bepaalde periode in de kentekendatabase aanwezig zijn. 3 1.8. Om de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen heeft de parkeerder een keuze uit één van de volgende manieren: Optie 1: De parkeerder toetst voor vertrek het kenteken van zijn auto in op het touchscreen van de parkeerautomaat.

De parkeerautomaat haalt de inrijtijd op uit de kentekendatabase en rekent de parkeerbelasting uit. De parkeerder betaalt vervolgens voor de werkelijk geparkeerde periode. Optie 2: De parkeerder meldt zich direct na het parkeren aan via een mobiel parkeren provider (bel-parkeren of parkeer-app). 1.9. De betaalgegevens die de parkeerautomaat verzamelt in optie 1, worden direct doorgegeven aan het Nationaal Parkeer Register (hierna "NPR"). Enkel de betaling met behulp van kentekenregistratie in de kentekendatabase wordt doorgeven aan het NPR. Het NPR zelf houdt niet de gegevens uit de kentekendatabase bij. De registratie in de kentekendatabase vormt dus geen basis voor een eventuele boete. 1.10. Bij de uitrit staat geen camera. Als de parkeerder niet betaalt, dan heeft dit geen invloed op de uitrijmogelijkheden. 1.11. De parkeergarages zullen in de avond en nacht gesloten zijn. Parkeerders kunnen wel altijd uitrijden. Zij kunnen via de voetgangersingangen de parkeergarage betreden en - na betaling - uitrijden.° 1.12. Handhaving en controle in deze drie parkeergarages vindt plaats doordat buitengewoon Opsporings Ambtenaren (boa's) met scanauto's rondrijden. De kentekens van de geparkeerde auto's worden periodiek gescand met een scanauto en op enig moment gecontroleerd met de betaalgegevens van het NPR.

Wanneer blijkt dat niet (geheel) is betaald, legt de gemeente een naheffingsaanslag parkeerbelasting op. Op basis van de verordening is de aanslag een vast bedrag (parkeerboete) die niet is gekoppeld aan de inrijtijd of tijdsduur van het parkeren.

Grote Ondernemingen Team 4 Datum 9juni2023

' Na het voldoen van de verschuldigde parkeerbelasting in de parkeerautomaat wordt de transactie vervolgens als parkeerrecht aangeboden aan de (externe) Parkeerrechten Database. Daarbij eindigt gelijktijdig de kentekenregistratie in de kentekendatabase. Zie Programma van Eisen Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen (versie 1.0), eis 71 en eis 75, p. 20-21. ° Programma van Eisen Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen (versie 1.0), p. 10. Paginanummer 2 van 6

Grote Ondernemingen Team 4 Datum 9 juni 2023

2.

Standpunt gemeente

2.1

De gemeente stelt zich op het standpunt dat zij handelt als overheid in de zin van de btw.

2.2

Volgens de gemeente kan zij niet worden aangemerkt als ondernemer op grond van artikel 3 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 (hierna: artikel 3 UB) omdat het parkeersysteem niet wordt gebruikt ter verzekering van betaling. Het kentekenherkenningssysteem wordt alleen bij de inrit toegepast en de kentekenregistratie is een extra service om de kentekeninvoer bij de betaalautomaat te faciliteren en betalingen te vereenvoudigen.

2.3

Parkeerders die gebruik maken van een parkeerapp, zullen niet van deze service gebruikmaken. Dit heeft volgens de gemeente tot gevolg dat de betalingen: - niet één op één gekoppeld zijn aan de kentekenregistratie bij de ingang - niet één op één gekoppeld zijn aan de verblijfsduur.

2.4

De gemeente komt tot de conclusie dat op basis van de onderhavige feiten en omstandigheden handhaving en inning van de parkeergelden op dezelfde voet plaatsvinden als bij het parkeren aan of op de openbare weg (straatparkeren). Hierdoor dient het parkeren in casu fiscaal gezien op dezelfde wijze te worden behandeld waarbij een gemeente als overheid handelt.

2.5

Een en ander betekent volgens de gemeente dat zij kort gezegd: i) geen recht heeft op teruggaaf van voorbelasting op de kosten via de btwaangifte en ii) geen omzetbelasting hoeft af te dragen uit de parkeeropbrengsten. iii) voor de voorbelasting op de kosten recht bestaat op compensatie via het BTW-compensatiefonds (BCF).

3.

]uridisch kader

Voordat ik mijn standpunt weergeef zal ik allereerst ingaan op het toepasselijke wettelijk kader met betrekking tot het gelegenheid geven tot parkeren in de onderhavige parkeergarages. 3.1.1

Artikel 13 van de Btw-Richtlijn bepaalt: "De staat, de regio's, de gewesten, de provincies, de gemeenten en de andere publiekrechtelijke lichamen worden niet als belastingplichtigen aangemerkt voor de werkzaamheden of handelingen die zij als overheid verrichten, ook niet indien zij voor die werkzaamheden of handelingen rechten, heffingen, bijdragen of retributies innen. Wanneer deze lichamen evenwel zodanige werkzaamheden of handelingen verrichten, moeten zij daarvoor als belastingplichtige worden aangemerkt, indien een behandeling als niet-belastingplichtige tot een verstoring van de mededinging van enige betekenis zou leiden. " Paginanummer 3 van 6

Grote Ondernemingen

3.1.2 De tweede alinea is omgezet naar nationaal recht in artikel 7 lid 3 Wet OB: "Bij ministeriële regeling kan worden bepaald, dat publiekrechtelijke lichamen die anders dan als ondernemer, prestaties verrichten welke uit hun aard ook door ondernemers kunnen worden verricht, met betrekking tot die prestaties als ondernemer worden aangemerkt. " 3.1.3

Team 4

Datum 9 juni 2023

Artikel 3 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 (hierna UB) bepaalt: "Publiekrechtelijke lichamen worden als ondernemer aangemerkt met betrekking tot het geven van gelegenheid tot parkeren waarbij een fysieke barrière of een registratie bij de in- of uitrit ter verzekering van de betaling van het parkeergeld dient. "

3.2

In dit kader is ook de nota van toelichting bij het Besluit dat tot aanpassing van de wet leidde van belang. Hierin wordt vermeld: "Deze regeling is bedoeld om te verzekeren dat gemeenten voor het gelegenheid geven tot slagboomparkeren omzetbelasting op aangifte moeten voldoen. Op grond van een recent arrest van de Hoge Raad (...) is het mogelijk dat publiekrechtelijke lichamen bij het gelegenheid geven tot slagboomparkeren ook kunnen optreden als overheid. Dit is het geval als zij bij het verrichten van deze prestaties gebruik maken van overheidsprerogatieven zoals onder andere het opleggen van boetes. Indien als overheid wordt gehandeld, is er in beginsel geen sprake van een met btw belaste prestatie. Met het oog op de concurrentieverstoring is het echter onwenselijk dat publiekrechtelijke lichamen in tegenstelling tot commerciële partijen niet in de omzetbelastingheffing betrokken worden voor het gelegenheid geven tot slagboomparkeren. Door in artikel 3 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 het gelegenheid geven tot slagboomparkeren door publiekrechtelijke lichamen aan te wijzen als prestatie waarvoor deze lichamen optreden als ondernemer, wordt de omzetbelastingheffing over deze prestatie verzekerd.

Deze aanwijzing is mogelijk op grond van artikel 7, derde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 omdat het gelegenheid geven tot slagboomparkeren een prestatie is welke uit haar aard ook door ondernemers kan worden verricht. " 5

3.3

4.

Een en ander is later nog uitgebreid naar parkeren waarbij een registratie bij de in- of uitrit ter verzekering van de betaling dient.

Beoordeling standpunt gemeente — mijn standpunt

4.1

Op basis van de feiten en omstandigheden zoals beschreven en nader toegelicht in onze correspondentie, kom ik tot de volgende beoordeling.

4.2

Ik ben het niet eens met uw standpunt dat de gemeente als overheid optreedt omdat niet zou worden voldaan aan de voorwaarden van artikel 3 UB. Voor de vraag of de gemeente btw verschuldigd is voor het parkeren in de onderhavige parkeergarages moet eerst worden bepaald of de gemeente terzake handelt als ondernemer of als overheid. Als de vaststelling is dat de

5

Besluit van de staatssecretaris van Financiën van 8 maart 2011 (Stcrt. 2011, 4724). Paginanummer 4 van 6

gemeente als overheid handelt dan pas komt artikel 3 UB in beeld. Indien wordt voldaan aan de daar gestelde voorwaarden dan is de gemeente alsnog btw verschuldigd. Omdat tot nu toe de discussie zich heeft beperkt tot de vraag of aan de voorwaarden van 3 UB wordt voldaan begin ik mijn beoordeling hiermee. Als de vaststelling is dat toch al btw verschuldigd is op grond van 3 UB, dan doet het er niet toe of de gemeente wel of niet optreedt als overheid omdat hoe dan ook btw verschuldigd is. Ik ben van mening dat aan de voorwaarden van 3 UB wordt voldaan. Dit licht ik hieronder nader toe. De vraag of de gemeente zonder toepassing van 3 UB zou handelen als overheid of ondernemer is daarmee irrelevant. Hierover neem ik dan ook geen standpunt in. 4.3

Vooropgesteld zij dat doel en strekking van artikel 3 UB is om te voorkomen dat er van ongewenste concurrentieverstoring sprake zou zijn tussen publiekrechtelijke lichamen en commerciële partijen voor het gelegenheid geven tot (slagboom)parkeren.

4.4

Om mogelijke concurrentieverstoring te voorkomen heeft de wetgever bepaald dat een als overheid handelende gemeente alsnog wordt aangemerkt als ondernemer voor de omzetbelasting bij het gelegenheid geven tot parkeren waarbij een fysieke barrière, of een registratie bij de inof uitrit ter verzekering van de betaling van het parkeergeld dient. Hierdoor is omzetbelasting verschuldigd voor het gelegenheid geven tot dergelijk parkeren.

4.5

In casu heeft de gemeente in het kader van de fiscalisering van haar parkeerbeleid bij de parkeergarage de slagbomen verwijderd. Uit de bijlage bij het Programma van Eisen blijkt dat de gemeente bij de uitvoering hiervan bewust heeft willen voorkomen dat er omzetbelasting verschuldigd zou worden. Uit de beschrijving valt af te leiden dat er niet is gekozen voor een'gesloten systeem' maar voor een systeem waarbij alleen registratie door middel van kentekenherkenning bij de inritten zou worden toegepast en betaalmogelijkheden via een mobiele app of bij de parkeerautomaten in de garages zouden plaatsvinden.6

4.6

Uit de feiten en omstandigheden blijkt naar mijn mening echter dat sprake is van het geven van gelegenheid tot parkeren waarbij zich wel degelijk een registratie bij de inrit bevindt die dient ter verzekering van de betaling van het parkeergeld.

4.7

Ten eerste registreert de kentekenherkenning de kentekens bij het inrijden en neemt deze op in de kentekendatabase. Hier gaat een handhavingseffect van uit. De wetenschap dat het kenteken bij binnenrijden steeds wordt geregistreerd en gelogd aan de hand van camerabeelden, zal een reden zijn om te betalen.

4.8

Ten tweede biedt het systeem technisch gezien ook de mogelijkheid om als verzekering van de betaling te dienen. Dat de gemeente feitelijk geen gebruik maakt van die mogelijkheid wil niet zeggen dat het systeem niet kwalificeert als een systeem zoals bedoeld in artikel 3 UB.

Grote Onderneminyen Team 4 Datum 9 juni 2023

6 Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen en het Programma van Eisen Parkeerautomaten en Kentekenherkenning fiscaal betaald parkeren in Parkeervoorzieningen (versie 1.0 april 2022).

Paginanummer 5 van 6

4.9

Ten derde dient het scannen van de auto's bij binnenkomst door de camera niet louter om kentekens te registreren, maar ook om de hoogte van het verschuldigde parkeergeld te bepalen. De gegevens die opgeslagen worden in de kentekendatabase hebben een onmisbare functie in het nauwkeurig en objectief kunnen vaststellen van de verschuldigde parkeerbelasting. De kentekendatabase is ook rechtstreeks gekoppeld aan de parkeerautomaat.

Grote Ondernemingen Team 4 Datum 9 juni 2023

4.10 Tot slot is van 24 uur per dag onbelemmerd in -en uitrijden, geen sprake. Weliswaar ontbreken er slagbomen in de onderhavige parkeergarages, maar in de avond en nacht zijn de parkeergarages gesloten. Parkeerders kunnen dan alleen naar binnen via de voetgangersingangen en pas na betaling de parkeergarage weer uitrijden. Daardoor is in de avonduren sprake van een fysieke barrière zoals bedoeld in artikel 3 UB. 4.11 Op grond van bovengenoemde feiten en omstandigheden kom ik tot de conclusie dat de registratie bij de inrit wordt gebruikt ter verzekering van de betaling van parkeergelden. Om die reden is de gemeente btw verschuldigd uit de parkeergelden. Nu er wordt voldaan aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 3 UB, hoeft niet meer te worden toegekomen aan de vraag of er sprake is van overheidshandelen.

Tot slot Indien u naar aanleiding van deze brief nog vragen heeft, dan kunt u altijd contact met mij opnemen. Hoogachtend, namens de i

.-

-ur

Paginanummer 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12938244/2