CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

LIS2026.57 2h TB 7 uitsluitend gericht op m.e.r.-beoordeling (tb7) Geanonimiseerd

Gemeenteraad 26 februari 2026, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Ingekomen stukken755 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijze ontwerp TAM-omgevingsplan Franse Gat deelgebied 3 – uitsluitend gericht op luchtkwaliteitsonderzoek (tb8)Zienswijze ontwerp TAM-omgevingsplan Franse Gat deelgebied 3 – uitsluitend gericht op luchtkwaliteitsonderzoek (tb8)

Geacht college van burgemeester en wethouders van Veenendaal, Ondergetekende, 5.1.2e , bewoner 5.1.2e

, 5.1.2e

Veenendaal,

maakt hierbij, op grond van artikel 16.62 van de Omgevingswet, een zienswijze kenbaar tegen het ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Franse Gat deelgebied 3’ (IMRO-id: NL.IMRO.0345.TAMFranseGat3-ow01), uitsluitend voor zover dit plan is gebaseerd op het luchtkwaliteitsonderzoek ‘Franse Gat fase 3’ (rapport tb8), opgesteld door Sweco Nederland B.V. d.d. 18 juli 2025. Ondergetekende is eigenaar en bewoner binnen en in directe nabijheid van het plangebied en wordt rechtstreeks geraakt door de voorgenomen ontwikkeling.

1. Afbakening van deze zienswijze Deze zienswijze heeft uitsluitend betrekking op: •

het luchtkwaliteitsonderzoek Franse Gat fase 3 (rapport tb8);

•

de toepassing van het NIBM-criterium;

•

de toetsing aan het vereiste van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL);

•

de wijze waarop dit onderzoek is gebruikt ter onderbouwing van het ontwerpomgevingsplan.

Andere milieu- of planaspecten blijven uitdrukkelijk buiten beschouwing.

2. Juridisch kader luchtkwaliteit onder de Omgevingswet Bij de vaststelling van een omgevingsplan moet het bevoegd gezag: •

voldoen aan de Rijksomgevingswaarden voor luchtkwaliteit (Besluit kwaliteit leefomgeving);

•

aantonen dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (ETFAL);

•

een zorgvuldige en gebiedsspecifieke beoordeling uitvoeren.

Het enkele beroep op het criterium “niet in betekenende mate” (NIBM) ontslaat het bevoegd gezag niet van de verplichting om te toetsen of lokaal een goed woon- en leefklimaat wordt gerealiseerd.

3. Onverkorte toepassing NIBM zonder gebiedsspecifieke analyse Het rapport concludeert dat het project NIBM is omdat: “Het aantal te realiseren woningen […] bedraagt maximaal 173. Dit totale aantal valt ruim onder de grens van het NIBM-artikel.” (tb8, par. 3.1) Deze redenering: •

is louter kwantitatief;

•

houdt geen rekening met de feitelijke verkeersafwikkeling;

•

negeert de specifieke stedelijke context van het plangebied.

Het NIBM-regime is bedoeld als vereenvoudiging, niet als automatische vrijstelling van een inhoudelijke beoordeling van lokale effecten.

4. Verkeers- en cumulatie-effecten onvoldoende betrokken Het luchtkwaliteitsonderzoek: •

bevat geen projectspecifieke verkeersberekening;

•

maakt geen onderscheid tussen bouwfase en gebruiksfase;

•

betrekt geen cumulatie met bestaande verkeersdruk op omliggende straten.

Het plangebied ligt in een bestaande woonwijk met: •

smalle straten;

•

bestaande verkeersdruk;

•

nabijgelegen kruispunten en ontsluitingswegen.

Juist in dergelijke situaties kunnen lokale piekconcentraties optreden die niet zichtbaar zijn in algemene achtergrondwaarden.

5. Onvoldoende onderbouwing ETFAL-toets Voor de toetsing aan ETFAL wordt uitsluitend gebruikgemaakt van:

“de kaart van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK)” (tb8, par. 3.2) Hierbij geldt dat: •

CIMLK-gegevens grofmazige achtergrondconcentraties betreffen;

•

deze gegevens niet zijn bedoeld voor perceels- of straatniveau;

•

lokale effecten van extra verkeer en veranderde verkeersstromen niet worden gemodelleerd.

Daarmee is niet aangetoond dat ter plaatse van woningen, tuinen en verblijfsgebieden daadwerkelijk sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

6. Geen toetsing aan gezondheidskundige advieswaarden Het rapport toetst uitsluitend aan de wettelijke grenswaarden, maar: •

betrekt niet de (strengere) WHO-advieswaarden;

•

gaat niet in op gezondheidseffecten bij langdurige blootstelling;

•

maakt geen onderscheid voor gevoelige groepen, zoals kinderen en ouderen.

Hoewel WHO-waarden juridisch niet bindend zijn, volgt uit vaste jurisprudentie dat deze bij de motivering niet zonder reden buiten beschouwing mogen blijven, zeker bij woningbouw.

7. Conclusie “luchtkwaliteit staat niet in de weg” onvoldoende gemotiveerd De conclusie van het rapport luidt: “Het aspect luchtkwaliteit staat niet in de weg voor een positief besluit op het plan.” (tb8, hoofdstuk 4) Deze conclusie: •

is gebaseerd op algemene aannames;

•

mist een gebiedsspecifieke en projectspecifieke analyse;

•

voldoet niet aan de motiveringseisen onder de Omgevingswet.

Daarmee vormt het rapport tb8 geen deugdelijke en dragende onderbouwing voor het ontwerp TAM-omgevingsplan.

8. Strijd met zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel

Door: •

uitsluitend te steunen op NIBM;

•

geen lokale modellering uit te voeren;

•

ETFAL beperkt en abstract toe te passen;

handelt het bevoegd gezag in strijd met: •

het zorgvuldigheidsbeginsel;

•

het motiveringsbeginsel;

•

de vereisten van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

9. Verzoek Ondergetekende verzoekt het college het ontwerp TAM-omgevingsplan niet vast te stellen, althans niet voordat: 1. een gebiedsspecifieke luchtkwaliteitsanalyse is uitgevoerd; 2. verkeersgeneratie en cumulatieve effecten expliciet zijn betrokken; 3. inzichtelijk is gemaakt dat ook op straat- en woningniveau sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; 4. de conclusie juridisch navolgbaar en verifieerbaar is gemotiveerd. Hoogachtend, 5.1.2e 5.1.2e

Veenendaal

Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens definitief geanonimiseerd op grond van: Wet

Artikel

Omschrijving

Pagina's

Wet open overheid

Art. 5.1 lid 2 sub e

De eerbiediging van de persoonlijke levenss feer

1, 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16631976/1