LIS2024 54a Toezichtbrief Veenendaal huisvesting vergunninghouders
Tekst van het document
Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal Postbus 1100 3900 BC VEENENDAAL
ONDERWERP
DATUM DOCUMENTNUMMER
Beoordeling interbestuurlijk toezicht, huisvesting vergunninghouders, tweede helft 2023 26 februari 2024 UTSP-78839798-6395
TELEFOONNUMMER E-MAILADRES
DOMEIN/OPGAVE TEAM
BDO BEI
CONTACTPERSOON
Geachte college, In het kader van interbestuurlijk toezicht beoordelen wij de prestaties van uw gemeente op het gebied van het huisvesten van vergunninghouders. Wij toetsen of uw gemeente voldoet aan de door het ministerie van Justitie en Veiligheid opgelegde halfjaarlijkse taakstelling. In deze taakstelling is vermeld hoeveel vergunninghouders uw gemeente binnen het tweede halfjaar van 2023 gehuisvest moest hebben. Bij het uitvoeren van ons toezicht hanteren wij de interventieladder die landelijk tussen Rijk, IPO en VNG is afgesproken. De interventieladder is te vinden op de website van provincie Utrecht. Deze toezichtbrief heeft betrekking op de huisvesting van vergunninghouders in de afgelopen taakstellingsperiode (2023-2) en informeert u over de nieuwe taakstelling voor de eerste helft van 2024 (2024-1). Bij onze toetsing zijn de cijfers (peildata 1 juli en 1 januari) van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) leidend. Wij gaan er daarbij vanuit dat u eerst de taakstelling van het afgelopen half jaar realiseert en dan, wanneer deze behaald is, uw eventuele achterstand wegwerkt. Onvoldoende vergunninghouders gekoppeld Op 1 oktober 2023 was er sprake van een landelijk koppelingstekort van vergunninghouders. Voor een aantal gemeenten geldt dat zij op die datum te weinig vergunninghouders aan zich gekoppeld hadden om de totaalopgave te kunnen realiseren.
Meer informatie over het koppelingstekort en de gevolgen hiervan voor de toezichtbeoordeling vindt u in de bijlage van deze brief. Bevindingen Voor uw gemeente zijn de cijfers als volgt: Taakstelling 2023-2 Stand van zaken op 1 juli 2023 Taakstelling 2023-2 Extra te huisvesten vergunninghouder in het kader van de herverdeling Utrechtse Heuvelrug (UH)? Totaalopgave: taakstelling 2023-2 incl. eventuele herverdeling UH + stand zoals gemeten op 1 juli 2023 Taakstelling 2023-2 gerealiseerd Realisatie taakstelling 2023-2 in procenten Realisatie totaalopgave 2023-2 in procenten Stand van zaken op 1 januari 2024
4 vergunninghouders achterstand 68 vergunninghouders nee, geen extra vergunninghouder 72 vergunninghouders 73 vergunninghouders 107% 101% 1 vergunninghouder voorsprong
Bij ons toezichtoordeel beschouwen we een tekort aan gekoppelde vergunninghouders als een verschoonbare reden. Daarom hanteren we bij gemeenten waar sprake is van een koppelingstekort het criterium dat zij worden beoordeeld naar het aantal vergunninghouders dat voor hen op 1 oktober beschikbaar was om te huisvesten. Voor de gemeente Veenendaal was er geen sprake van een koppelingstekort op 1 oktober: Aantal beschikbare vergunninghouders op 1 oktober 2023 (inclusief op die datum reeds gehuisveste vergunninghouders): Totaalopgave: taakstelling 2023-2 incl. eventuele herverdeling UH + stand zoals gemeten op 1 juli 2023: Koppelingstekort?
74 vergunninghouders 72 vergunninghouders nee
Beoordeling en vervolg Wij schalen de gemeente Veenendaal in op trede 1 van de interventieladder. Dit is de laagste trede. U krijgt deze beoordeling omdat uw gemeente de eerder opgelopen achterstand op de taakstelling voor het huisvesten van vergunninghouders volledig heeft ingelopen. Langs deze weg spreek ik graag mijn waardering uit voor uw inzet in de afgelopen periode. Omdat uw gemeente ook voor de eerste helft van 2024 voor een grote opgave staat, blijven we uw gemeente monitoren en zullen we ambtelijk contact blijven onderhouden om de voortgang te bespreken. Voor de huidige taakstellingsperiode (2024-1) geldt voor uw gemeente het volgende: Taakstelling 2024-1 Taakstelling 2024-1 Extra te huisvesten vergunninghouder in het kader van de herverdeling Utrechtse Heuvelrug (UH)? Stand van zaken op 1 januari 2024 Totaalopgave: taakstelling 2024-1 incl. eventuele herverdeling UH + stand zoals gemeten op 1 januari 2024
72 vergunninghouders nee, geen extra vergunninghouder 1 vergunninghouder voorsprong 71 vergunninghouders
Opgave Nidos-opvangplekken voor minderjarige vergunninghouders In de vorige toezichtbrief vroegen wij uw aandacht voor de opgave om extra opvangplekken voor minderjarige vergunninghouders te realiseren (de zogenoemde ‘Nidosplekken’) Deze Nidos-opgave is geen wettelijke taak, maar wel een urgente bestuurlijke vraag. Het huisvesten van alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) in de Nidos-opvang wordt primair georganiseerd door het Nidos zelf, telt mee in de taakstelling, en is van essentieel belang om een kwetsbare groep die recht heeft op huisvesting een goede start te geven bij de integratie in onze samenleving. Tijdens de Provinciale Regietafel Utrecht (PRT) van 3 juli 2023 is dan ook door de Utrechtse gemeenten afgesproken dat elke gemeente zich zal inspannen om voor het einde van het jaar minimaal één woning te realiseren voor Nidos-opvang. Daarnaast is bij de publicatie van de taakstelling 2023-2 (de ‘circulaire’) een aparte kolom opgenomen met een vraag vanuit het Rijk om per gemeente plekken aan te bieden ten behoeve van de Nidos-opgave. Voor uw gemeente kwam deze opgave concreet neer op het creëren van 9 plekken voor minderjarige vergunninghouders. Uw gemeente heeft tussen 1 juli 2023 en 1 januari 2024 0 Nidosplekken gerealiseerd. Wel stelt uw gemeente los van deze Nidos-opgave 2 plekken voor minderjarige vluchtelingen bij een gastgezin beschikbaar.
In de publicatie van de taakstelling 2024-1 op 10 november jl. is opnieuw een kolom opgenomen met een vraag per gemeente om plekken aan te bieden ten behoeve van de Nidosopgave. Aan uw gemeente wordt gevraagd om in totaal 15 plekken voor minderjarige vergunninghouders aan te bieden per 1 juli 2024, waarbij reeds bestaande plekken meetellen voor het invullen van de opgave. Het is van groot belang dat wij als regio tegemoet komen aan deze landelijk gestelde vraag. Langs deze weg wil ik u graag nogmaals vragen u maximaal in te zetten om de gevraagde Nidosplekken beschikbaar te stellen.
Tot slot Het komende halfjaar is de individuele opgave voor uw gemeente met 71 vergunninghouders weer groot. Per 1 januari 2024 hanteren wij het Aanvullend beleidskader IBT huisvesting vergunninghouders, zoals vastgesteld door Gedeputeerde Staten op 26 september 2023. Meer informatie hierover vindt u in de bijlage. Vanwege de opgaven voor asielopvang en huisvesting van vergunninghouders en andere doelgroepen wordt er veel van u gevraagd. Wij vragen u om u samen met de corporaties en andere ketenpartners in te zetten om vergunninghouders te blijven huisvesten. Vanaf de volgende beoordeling hanteren wij het Aanvullend beleidskader IBT huisvesting vergunninghouders; zie een verdere toelichting in de bijlage. Voor ondersteuningsvraagstukken rondom asielopvang en huisvesting van vergunninghouders (ook voor Nidosopvang) kunt u contact opnemen met het Kansenmakersteam van de provincie via kansenmaker@provincieutrecht.nl. De provincie denkt vanuit het programma Versnelling Woningbouw graag mee over oplossingen ten behoeve van de algehele huisvestingsopgave, waaronder het stimuleren en ondersteunen van partijen om te komen tot voldoende (sociale) woningbouw, ook voor vergunninghouders. Hiervoor kunt u contact opnemen via versnellingwoningbouw@provincie-utrecht.nl.
Naast toezicht op de huisvesting van vergunninghouders toetsen wij ook uw taakuitvoering op de terreinen omgevingsrecht, informatiebeheer en financiën. Vanwege een ander beoordelingsritme door wettelijke bepalingen ontvangt u hiervan op een ander tijdstip onze toezichtbrieven. Een afschrift van deze brief sturen wij ter kennisgeving aan uw gemeenteraad. Wij publiceren de resultaten van ons toezicht op de IBT-kaart. Voor deze kaart en meer informatie over de IBTwerkwijze kunt u terecht op de website van provincie Utrecht. Deze brief wordt via deze kaart ook openbaar toegankelijk.
Hoogachtend, Gedeputeerde Staten van Utrecht, namens hen,
Gedeputeerde Interbestuurlijk toezicht huisvesting vergunninghouders
Bijlage toezichtbrief huisvesting vergunninghouders tweede helft 2023 Landelijk tekort aan koppelingen In 2012 is landelijk afgesproken dat gemeenten na het moment van vergunningverlening 12 weken de tijd krijgen om huisvesting voor een nieuw gekoppelde vergunninghouder te organiseren en de verhuizing te laten plaatsvinden. Om gemeenten de kans te geven hun taakstellingen te behalen is het dus van belang dat het COA ca. 12 weken vóór het einde van de taakstellingsperiode (gehanteerde peildata: 1 april en 1 oktober) voldoende vergunninghouders aan de gemeenten koppelt. Vanwege grote achterstanden bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) in het behandelen van aanvragen voor verblijfsvergunningen werd in het najaar van 2023 duidelijk dat het niet mogelijk was voor het COA om tijdig voldoende vergunninghouders te koppelen aan gemeenten om hun taakstelling 2023-2 te kunnen behalen. Om te voorkomen dat gemeenten voor een onmogelijke opgave werden gesteld is daarom aan de Landelijke Regietafel besloten de taakstelling 2023-2 tussentijds te verlagen (zie ook de brief van het ministerie van JenV van 10 november jl. met hierin onder meer de publicatie van de taakstelling 2024-1).
Desalniettemin geldt voor een aantal gemeenten dat zij op 1 oktober 2023 nog steeds onvoldoende vergunninghouders aan zich gekoppeld hadden om hun totaalopgave (taakstelling plus of minus eventuele bestaande achterstanden of voorsprong) te kunnen behalen. Omdat voor deze gemeenten de randvoorwaarden ontbraken om de opgave te behalen beschouwen we bij het toezichtoordeel een tekort aan gekoppelde vergunninghouders als een verschoonbare reden. Voor de beoordeling hanteren we bij gemeenten waar sprake is van een koppelingstekort het criterium dat zij worden beoordeeld naar het aantal vergunninghouders dat voor hen op 1 oktober beschikbaar was om te huisvesten. Aanvullend beleidskader IBT huisvesting vergunninghouders en invloed op toezichtbeoordelingen Per 1 januari 2024 hanteren wij voor onze beoordelingen het Aanvullend beleidskader IBT huisvesting vergunninghouders, Dit beleidskader maakt het mogelijk om met betere handvatten en duidelijkere kaders toezicht te houden op deze wettelijke taak. Op deze manier wil de provincie beter en voorspelbaarder toezicht houden, en de provinciebrede inspanningen op deze grote maatschappelijke opgave bevorderen.
Het aanvullend beleidskader kent nieuwe criteria voor toezichtbeoordelingen, waarbij als uitgangspunt geldt dat de gemeente een trede omhoog gaat op de interventieladder wanneer de taakstelling niet wordt behaald (en dus de achterstand op de totaalopgave oploopt). Wij zullen de nieuwe beoordelingscriteria voor het eerst hanteren bij de eerstvolgende beoordeling, over de taakstellingsperiode 2024-1.